A2 - GGD NOG - Reactie dagelijks bestuur op zienswijzen raden op concept-Programmabegroting 2026 D467663
Tekst van het document
Als de indexatie van de GGD toch hoger is dan de indexatie van het Gemeentefonds, dan is het verzoek aan de GGD NOG om voor het verschil proactief met besparingsmogelijkheden te komen. De door de GGD gehanteerde indexeringssystematiek, zoals door het algemeen bestuur vastgesteld in november 2019, gaat uit van de kosten, gebaseerd op de CPB-indexcijfers; de systematiek van de gemeenten is gebaseerd op inkomsten. Wij hebben het algemeen bestuur toegezegd dat wij, in het geval van een substantieel afwijkende indexering, scenario’s met mogelijke bezuinigingsmaatregelen aan het algemeen bestuur voorleggen. Zoals hierboven ook al aangegeven worden in 2025 scenario’s voor mogelijke bezuinigingen voor 2026 onderzocht.
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
6
Indicatoren Veel gemeenten (Apeldoorn, Berkelland, Brummen, Elburg, Epe, Ermelo, Harderwijk, Hattem, Heerde, Montferland, Nunspeet, Oldebroek, Oude IJsselstreek, Winterswijk en Zutphen) hebben behoefte aan indicatoren om de inzet van de GGD inzichtelijk te kunnen maken en om de Bestuursagenda te monitoren en evalueren. De raden verwachten dan ook dat de GGD in de programmabegroting 2026 voor de onderwerpen van de Bestuursagenda indicatoren heeft opgenomen. Vanuit deze behoefte hebben wij in deze concept-Programmabegroting beleidsindicatoren opgenomen die aansluiten bij de Bestuursagenda 2023-2027. Verder start de GGD een project met twee trajecten om te komen tot meer gezamenlijk inzicht. Het eerste traject betreft het beter ontsluiten van al beschikbare kengetallen en gaat vervolgens door met het ontwikkelen van kengetallen per productgroep, zoals benoemd in de Producten- en dienstencatalogus. Het tweede traject omvat het gezamenlijk ontwikkelen van outcome-indicatoren die kunnen helpen bij beleidskeuzes. Verder wijzen wij op het vernieuwde Kompas Volksgezondheid van de GGD, waarin een grote hoeveelheid gezondheidsinformatie is opgenomen. Meer samenwerking tussen GGD-regio’s De raden van Berkelland, Doetinchem, Elburg, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk vragen de GGD om nadrukkelijk de samenwerking te zoeken met andere GGD regio's.
Te denken valt aan datagericht werken en ook het verkennen van de mogelijkheden van toepassing van Artificial Intelligence (Al) binnen de Publieke Gezondheid. Uiteraard hebben de mogelijkheden voor verdere samenwerking met andere GGD’en zeker onze aandacht. Dit gebeurt ook al rondom monitoring en datagericht werken. Op verschillende terreinen binnen de bedrijfsvoering werken wij intensief samen met andere GGD’en in Het Servicecentrum. En op de taakgebieden binnen het programma Algemene Gezondheidszorg vindt overleg en samenwerking plaats met de GGD’en in Oost-Nederland. Focus op mentale gezondheid bij jeugd Een aantal gemeenten (Berkelland, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek, Winterswijk) vindt dat de resultaten van de producten en diensten op regionaal en lokaal niveau rondom ‘mentale gezondheid’ nog niet goed inzichtelijk zijn. Het verzoek is om eerst het gebruik van de huidige diensten en producten voor mentale gezondheid in kaart te brengen en deze vervolgens (nog) beter op de vraag van inwoners en maatschappelijke partners aan te laten sluiten. In de Producten- en Dienstencatalogus van de GGD, die te vinden is op de website van de GGD en gebaseerd is op de productgroepen van de GGD, staat een overzicht van onze producten en diensten; ook van die producten die een relatie hebben met mentale gezondheid bij de jeugd.
Producten die specifiek op mentale gezondheid betrekking hebben zijn bijvoorbeeld de Workshop Veerkracht in klas 3 of 4 VO, themagerichte trainingen en workshops binnen de Gezonde School en diverse leefstijlcampagnes. Daarnaast ontwikkelen wij momenteel, samen met gemeenten en ketenpartners, aanvullende dienstverlening ter voorkoming van suïcide. Dit jaar gaan wij aan de slag met het ontwikkelen van kengetallen, waardoor zicht ontstaat op bijvoorbeeld het gebruik van en de klanttevredenheid over onze producten en diensten.
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
7
Wij stimuleren hierin zoveel mogelijk het vraaggericht werken en sluiten daarbij aan bij de vraag van inwoners en maatschappelijke partners, onder meer via onze Gezonde School-adviseurs. Informeren over meerkosten GGD De GGD wordt verzocht eerder contact op te nemen met gemeenten als zich situaties voordoen die leiden tot meerkosten (Berkelland, Elburg, Montferland, Nunspeet, Oude IJsselstreek, Winterswijk). Wanneer duidelijk is dat er in afwijking van de begroting meerkosten voor alle gemeenten aankomen, maken we dat via de bestuursrapportage inzichtelijk en, waar eerder nodig, via de lijn van het algemeen bestuur kenbaar. In het geval deze meerkosten betrekking hebben op een specifieke gemeente (bijvoorbeeld bij kosten voor huisvesting van de Jeugdgezondheidszorg in die gemeente), nemen wij zo snel mogelijk rechtstreeks contact op met de betreffende gemeente. Wij onderschrijven het belang om dit tijdig te doen. Taken GALA en IZA De raden van Elburg, Ermelo, Harderwijk, Nunspeet en Oldebroek hebben behoefte aan meer duidelijkheid over welke taken de GGD voor het GALA en IZA vanuit de inwonerbijdrage uitvoert en welke vanuit eventuele plustaken of extra opdrachten. De reguliere taken van de GGD dragen bij aan het bevorderen van de gezondheid van de inwoners; en daarmee ook aan de primaire doelstellingen van IZA en GALA.
Onze producten- en dienstencatalogus geeft inzicht in de taken die wij vanuit de inwonerbijdrage uitvoeren. In het project gericht op het ontwikkelen van kengetallen en indicatoren, beogen wij de relatie tussen de doelstellingen van de akkoorden en onze inzet meer zichtbaar te maken. Aanvullende opdrachten in het kader van IZA en GALA worden niet via de inwonerbijdrage gefinancierd; deze worden merendeels bekostigd uit de daarvoor bedoelde specifieke uitkeringen. Raadsadviescommissie De raden van Brummen, Elburg, Ermelo en Oldebroek zien het belang van het instellen van een raadsadviescommissie en verzoeken de GGD deze zo spoedig mogelijk in te stellen. De gemeente Berkelland verzoekt de GGD geen gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen. We nemen kennis van de reactie van de gemeente Berkelland. Nu niet alle 22 gemeenten instemmen, maar er verder wel een breed gedragen wens is voor het instellen van een raadsadviescommissie, gaan wij - in navolging van de VNOG - bezien welke mogelijkheden er zijn een informele adviescommissie in het leven te roepen. Overige zienswijzen De raden van de gemeenten hebben op meer onderwerpen een zienswijze ingediend. Per onderwerp betreft dit minder dan vijf raden.
De onderwerpen van deze zienswijzen zijn: - Toegevoegde waarde zienswijzeprocedure Uitgangspuntennota - Evaluatie Bestuursagenda - Externe subsidies - Evaluatie GGD NOG Robuust - Voortgang acties uit de zienswijzen - Communicatie naar raden - Financiën nieuwkomers
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
8
-
Accent in de basisdienstverlening op gezondheidsbevordering en voorlichtingscampagnes kleinschalige vaccinatielocaties Bij visievorming de inhoud voorop en niet de organisatievorm Aanleveren data Beschrijven verdere stappen bestuurlijke ontwikkelingen.
Deze zienswijzen en onze reactie daarop zijn, zoals vermeld, terug te vinden in bijlage B van deze concept-Programmabegroting.
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
9
3. Tijdsplanning
Jaarrekening 2024
Uitgangspuntennota 2026
Wanneer
Wie
20 november 2024
Uitgangspuntennota 2026 bespreken.
Algemeen bestuur GGD1
27 november 2024
Uitgangspuntennota 2026 naar raden zenden met verzoek om een zienswijze.
Dagelijks bestuur GGD
1 december 2024 – 1 maart 2025
Zienswijzen op Uitgangspuntennota 2026 indienen
Gemeenten
10 april 2025
Vaststellen Jaarrekening 2024 en ter informatie aan de raden zenden.
AB GGD
10 april 2025 15 april 2025 tot 8 juli 2025 Programmabegroting 2026
Wat
Vóór 10 september 2025 10 september 2025
Februari 2026
Concept-Programmabegroting 2026 bespreken. Concept-Programmabegroting 2026 aan de raden toezenden.
AB GGD DB GGD
Zienswijzen op conceptGemeenten Programmabegroting 2025 indienen. Raden informeren over oordeel dagelijks bestuur over de zienswijzen. Beslissen over vaststelling Programmabegroting 2026. Beslissen over: - actualisering van inhoudelijke speerpunten 2026 - actualisering van financiële cijfers (op basis productenraming) en Staat van activa (voorgenomen investeringen), beide zonder gevolg voor inwonerbijdragen.
DB GGD AB GGD
AB GGD
1 Het algemeen bestuur (AB) van GGD NOG bestaat uit de wethouders volksgezondheid van de 22
deelnemende gemeenten. Het AB kiest uit zijn midden een dagelijks bestuur (DB). Hierin hebben zes wethouders zitting en één burgemeester (namens het DB van Veiligheidsregio NOG, met in beide besturen de portefeuille geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio - GHOR). Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
10
4. Kerngegevens begroting 2026 Werkgebied GGD Noord- en Oost-Gelderland
Deelnemende gemeenten en inwoneraantallen 31-12-2024 Aantal deelnemende gemeenten
22
Totaal aantal inwoners
848.475
Midden-IJssel / Oost-Veluwe
Noord-Veluwe
Achterhoek
Elburg Ermelo Harderwijk Nunspeet Oldebroek Putten
23.903 28.127 50.070 29.390 24.426 24.953
Apeldoorn Brummen Epe Hattem Heerde Lochem Voorst Zutphen
168.563 21.394 33.469 12.744 19.305 34.314 25.567 49.038
Aalten Berkelland Bronckhorst Doetinchem Montferland Oost Gelre Oude IJsselstreek Winterswijk
27.471 43.922 36.007 60.051 36.994 30.048 39.502 29.217
totaal aantal gemeenten
180.869 6
totaal aantal gemeenten
364.394 8
totaal aantal gemeenten
303.212 8
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
11
Personeelsbestand per 31-12-2024 in vaste dienst
in tijdelijke dienst
Uitzendkrachten
251 196
92 54
46 n.v.t
Aantal medewerkers Aantal fte’s
totaal 389 250
Totaal lasten en baten begroting 2026 Lasten
€ 30.067.000
Baten
€ 30.092.000
Verdeling totale lasten over programma’s 2026 (x 1.000)
€ 7.367 € 9.883
Jeugd gezondheid zorg Algemene Gezondheid zorg Kennis en Expertise Inwoner-bijdrage en organisatie projecten Overhead
€ 263 € 2.164 € 10.390
Verdeling totale lasten 2026 (x 1.000) € 3.742
€ 1.943
Indirecte Kosten Personeelslasten Overige lasten
€ 24.382
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
12
Verdeling baten 2026 (x 1.000)
€ 12.288 Overige baten Inwonerbijdrage € 17.807
Verplichte beleidsindicatoren Beleidsindicatoren taakveld Bestuur en ondersteuning Indicator Formatie per 1000 inwoners Bezetting per 1000 inwoners Apparaatkosten per inwoner Externe inhuur als % van de loonsom en kosten inhuur Overhead in % van de totale kosten
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
kengetal 0,29 0,29 6,70 2,1% 32,9%
13
BESLUIT
Het algemeen bestuur van GGD Noord- en Oost-Gelderland;
BESLUIT:
de Programmabegroting 2026 van GGD Noord- en Oost-Gelderland vast te stellen.
Aldus besloten in de openbare vergadering van 10 september 2025
drs. J.J. Baardman, directeur publieke gezondheid
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
A.J. Prins, voorzitter
14
BELEIDSBEGROTING 5. Bestuurlijke en beleidsmatige kaders In dit hoofdstuk beschrijven wij de taken van de GGD en gaan wij in op de belangrijkste inhoudelijke ontwikkelingen, die wij ook noemden in de Uitgangspuntennota 2026.
5.1.
Gemeentelijke organisatie voor publieke gezondheid
De taken van de gemeenten en de GGD op het terrein van de publieke gezondheidszorg staan in de Wet publieke gezondheid (Wpg). Ook laten gemeenten andere taken door de GGD uitvoeren. Dit zijn taken die aansluiten bij de kerntaken en de deskundigheid van de GGD. De 22 colleges van B en W hebben hun samenwerkingsafspraken vastgelegd in een gemeenschappelijke regeling.
5.2.
Indeling GGD-taken
Gemeenten willen weten welke invloed zij hebben op GGD-taken en hoe zij hierop kunnen sturen. GGD NOG onderscheidt daarom zijn taken volgens het ABCD-model:
A. wettelijke GGD-taken Taken van gemeenten die zij wettelijk verplicht laten uitvoeren door de GGD.
B. wettelijke gemeentelijke taken Taken die de gemeenten op basis van een wet moeten uitvoeren en die de GGD in hun opdracht kan uitvoeren. Daarbij is er een onderscheid in: - B1-taken: taken die vastliggen in de gemeenschappelijke regeling (zoals de Jeugdgezondheidszorg), en - B2-taken: taken die de GGD uitvoert op basis van subsidiëring en/of een dienstverleningsovereenkomst (bijvoorbeeld activiteiten voor maatschappelijke zorg, toezicht Wmo of lijkschouw).
C. autonome gemeentelijke taken Zelfstandige taken van gemeenten die de GGD kan uitvoeren in hun opdracht.
D. externe taken Taken die de GGD uitvoert in opdracht van derden, zoals rijksoverheid, politie en burgers, in aansluiting op de kerntaken van de GGD. In de programma’s onderscheiden wij steeds deze vier soorten taken. Meer informatie hierover en de mate van (beleids)invloed van gemeenten op de dienstverlening vindt u in onderstaand schema.
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
15
5.3.
Bestuurlijke kaders
Bezuinigingsopgave In het algemeen bestuur van de GGD is vanuit verschillende gemeenten het signaal afgegeven om met voorstellen te komen die bijdragen aan oplossingen voor de bezuinigingsopgave van de gemeenten in het ravijnjaar 2026, zodat het AB keuzes kan maken. Hiervoor willen wij als DB een duidelijke opdracht voor de GGD-organisatie formuleren. Daartoe gaan wij scenario’s opstellen voor de taken die uit de inwonerbijdrage worden bekostigd met als financieel kader: 1. de nul-situatie; 2. een bezuiniging die het verschil tussen de index van het Gemeentefonds (3,6%) en die van de GGD (4,57%) compenseert; 3. een bezuiniging die de index de GGD geheel compenseert (4,57%). Daarbij vinden wij het belangrijk dat In de voorstellen rekening wordt gehouden met andere (financiële) uitdagingen, zoals ook verwoord in de Uitgangspuntennota 2026. Dit betreft: 1. de rechtstreekse bezuinigingen op GGD-taken (pandemische paraatheid en infectieziektebestrijding, seksuele gezondheid, IZA/GALA-opdrachten); 2. mogelijke meerkosten bij uitvoering van het gewijzigde Rijksvaccinatieprogramma en huisvesting jeugdgezondheidszorg; 3. de samenhang met de bestuursopdracht naar een toekomstbestendige inrichting van jeugdgezondheidszorg in onze regio; 4. doorwerking van bezuinigingen op de overhead, en het effect op de robuustheid van de organisatie. Een en ander wordt momenteel in kaart gebracht.
Vooruitlopend op de uitkomsten hiervan worden in deze programmabegroting geen voorstellen gedaan met financiële gevolgen, anders dan op basis van de afgesproken indexering. Eventueel worden aanpassingen in de begroting meegenomen in de 1e begrotingswijziging, die in november 2025 aan het AB wordt voorgelegd. Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
16
De financiële informatie uit de Uitgangspuntennota 2026 is verder verwerkt in hoofdstuk 13. Onderzoek toekomstbestendige Jeugdgezondheidszorg De uitvoering van de jeugdgezondheidszorg in de regio Noord- en Oost Gelderland is de afgelopen 25 jaar regelmatig onderzocht en besproken. De omstandigheden zijn anno 2025 zodanig dat opnieuw een gesprek over jeugdgezondheidszorg (JGZ) nodig is. Daarbij gaat het o.a. om de veranderde landelijke (kwaliteits-)richtlijnen voor uitvoering van JGZ en het dringende verzoek van gemeenten om besparingen te zoeken binnen het domein publieke gezondheid. Het is van belang dat de GGD robuust genoeg is om de rol als publieke organisatie in een veranderende wereld te kunnen blijven vervullen. Voor wat betreft de Jeugdgezondheidszorg betreft dit enerzijds de verbinding met andere publieke taken, zoals infectieziektebestrijding, publieke gezondheidszorg voor asielzoekers, onderzoek, gezondheidsbevordering en kinderopvang en anderzijds om direct en doortastend te kunnen handelen in crisissituaties. Het algemeen bestuur heeft daarom in februari 2025 besloten een onafhankelijk onderzoek te starten naar een toekomstbestendige Jeugdgezondheidszorg in Noord- en Oost-Gelderland. De gemeenten zijn opdrachtgever voor dit onderzoek. De resultaten van dit onderzoek worden medio 2025 verwacht.
Daarna kunnen gemeenten hun conclusies aan dit onderzoek verbinden en tot verdere besluitvorming komen.
5.4.
Beleidsmatige ontwikkelingen
Op 27 november 2024 stuurden wij de Uitgangspuntennota 2026 naar de gemeenten. Hierin staan de voor 2026 meest relevante inhoudelijke ontwikkelingen genoemd. Hieronder staat een verkorte weergave van de belangrijkste elementen uit deze Uitgangspuntennota die van belang zijn voor de koers van de GGD. Voor een uitgebreidere beschrijving van deze ontwikkelingen verwijzen wij naar de Uitgangspuntennota 2026. 5.4.1. Bestuursagenda 2023-2027 Het in 2022 aangetreden bestuur heeft de Bestuursagenda 2023-2027 opgesteld. De Bestuursagenda bevat de thema’s, waarmee gemeenten en GGD deze bestuursperiode aan de slag gaan.
Vergroten van gelijke kansen op gezondheid voor iedereen Mentale gezondheid Gezonde leefstijl Gezonde fysieke en sociale leefomgeving
Gemeenten en GGD werken aan de vertaling van die thema’s naar concrete afspraken en acties. Dit gebeurt in de drie subregio’s binnen de regio NOG. 5.4.2. GGD NOG Robuust De samenwerking binnen Het Service Centrum (HSC) heeft HSC tot een kwaliteitsverbetering in de bedrijfsvoering geleid en er wordt gekeken naar verdere efficiencyslagen. Daarnaast zijn voor de verdere ontwikkeling van de organisatie thema’s als de HKZ-certificering op het terrein van kwaliteit en informatieveiligheid (NEN 7510) van belang.
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
17
5.4.3. Uitdagingen voor gemeenten en GGD blijven Onderstaand beschrijven wij enkele algemene ontwikkelingen die van belang zijn voor de toekomstige koers voor GGD NOG. Veranderingen in maatschappij en publiek domein Er zijn reële digitale en andere dreigingen voor aantasting en uitval van publieke voorzieningen, zoals telecommunicatie, energie en water. Dit raakt ook de gezondheid en de veiligheid van de inwoners van onze regio. Daarnaast zien we dat de samenleving complexer en dynamischer is geworden. Inwoners zien de overheid als een belangrijke steunpilaar, maar ervaren ook vaak een steeds grotere afstand tussen hen en de overheid. De overheid moet aansluiten op brede netwerken met private en publieke partijen en daarbij zichtbaar en bereikbaar zijn. Veerkracht van de samenleving en weerbaarheid van inwoners worden steeds belangrijker. Om nu en in de toekomst te kunnen voldoen aan de verwachtingen van de samenleving is een stevig bouwwerk voor publieke dienstverlening noodzakelijk. Beweging van zorg naar gezondheid Het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) hebben een extra impuls gegeven aan de beweging van zorg naar gezondheid. In de praktijk blijkt de uitvoering van de akkoorden echter weerbarstig. Een groot deel van de middelen komt terecht in de zorg, terwijl de rol van gemeenten en het sociaal domein te weinig aan bod komen.
Ook is het beleid van het nieuwe kabinet nog onduidelijk als het gaat om extra inzet op preventie en gezondheidsbevordering. Effecten bezuinigingen rijk Het in juli 2024 aangetreden kabinet kondigt forse bezuinigingen aan op de uitvoering van het Gezond en Actief Leven Akkoord, de rijksbudgetten voor gezondheidsbeleid en de ingezette intensiveringen voor de pandemische paraatheid. Dit lijkt niet in lijn met de ambities van het kabinet om preventie centraal te stellen en Nederland gezonder te maken. Het is daarom onzeker of de resultaten van de GGD op het terrein van de preventieve zorg voor nieuwkomers, de uitvoering van de gezondheidsakkoorden IZA/GALA en de versterking van de infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid kunnen worden geborgd en een vervolg kunnen krijgen. Op deze laatste bezuiniging gaan wij hieronder nog wat uitgebreider in dan in de Uitgangspuntennota. Bezuinigingen infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid Het kabinet bezuinigt op de infectieziektebestrijding en meer specifiek op het programma Pandemische Paraatheid. Deze bezuinigingen lopen in de periode 2025 – 2028 op tot structureel € 300 miljoen landelijk.
Dit heeft grote gevolgen op de ontwikkelingen die door de GGD’en in gang zijn gezet, zoals de versterking van de GGD’en op het terrein van de infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid en het realiseren van een flexibele en opschaalbare zorg bij grootschalige infectieziektenuitbraken. Daarnaast noemt de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding infectieziekten een actueel dreigingsthema voor Nederland. Daarom wordt ook landelijk vanuit Crisisbeheersing gepleit voor het versterken van de weerbaarheid van de samenleving tegen crises, waaronder pandemieën.
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
18
Voor GGD NOG betekent dit een bezuiniging van in totaal ongeveer € 1,3 miljoen. Dat betekent dat de sinds de coronapandemie opgebouwde capaciteit weer moet worden afgebouwd. Daarmee gaat kennis en kunde verloren en kunnen wij niet adequaat reageren op nieuwe infectieziektedreigingen. Ook belemmeren de bezuinigingen de ontwikkeling van een goed werkend informatievoorzieningssysteem, dat essentieel is voor de infectieziektebestrijding. Het is een grote uitdaging voor de GGD om deze bezuinigingen op te vangen, waarbij een goede kwaliteit van de infectieziektebestrijding in stand blijft. 5.4.4. Perspectieven GGD De GGD is gevraagd om een toekomstperspectief voor de GGD te schetsen op de (middel-)lange termijn. Daarbij gaat het om: verdere samenwerking met de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG), met het oog op ‘ravijnjaar’ 2026 besparingen te zoeken waar mogelijk, en de landelijke verschuivingen rondom jeugdgezondheid (Landelijk professioneel kader, terugval vaccinatiegraad, wijziging Rijksvaccinatieprogramma). Wij zijn in gesprek met betrokken partijen om oplossingsrichtingen te verkennen en uit te werken. Dit lichten wij hieronder toe. Korte termijn Op korte termijn ligt de vraag op tafel hoe de GGD kan helpen om de financiële druk op gemeenten in het ‘ravijnjaar’ 2026 te verlichten.
Eerder in dit hoofdstuk bij de bestuurlijke kaders zijn wij daar nader op ingegaan (zie 5.3). Middellange termijn Op de middellange termijn komt de vraag aan de orde naar de organisatie van de jeugdgezondheidszorg. Het algemeen bestuur heeft besloten een onafhankelijk onderzoek te starten naar een toekomstbestendige Jeugdgezondheidszorg in Noord- en Oost-Gelderland. De gemeenten zijn opdrachtgever voor dit onderzoek. De resultaten van dit onderzoek worden medio 2025 verwacht. Lange termijn Op de langere termijn zien wij versterking van de publieke dienstverlening in de regio als thema. Verandering in risico’s rondom veiligheid en gezondheid maken dat voorbereiding op grootschalige en langdurige crisisaanpak nodig is. Dit brengt een groter beroep op weerbaarheid van inwoners met zich mee. Dit vraagt om een gezamenlijke aanpak met publieke veiligheid en het sociaal domein. Om de weerbaarheid van inwoners en de samenhang met het sociaal domein te versterken is nabijheid en zichtbaarheid van publieke voorzieningen in de woonkernen en wijken van groot belang. Het gesprek hierover gaan wij voeren in het algemeen bestuur en in de drie subregio’s, in samenhang met de thema’s op de korte en middellange termijn. 5.4.5.
Inhoudelijke ontwikkelingen rond de GGD In de Uitgangspuntennota 2026 beschreven wij enkele specifieke ontwikkelingen die van belang zijn voor de begroting 2026 of anderszins bestuurlijk relevant zijn. Wij noemen hier de volgende: Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
19
Wijzigingen Rijksvaccinatieprogramma Met ingang van 2025 past het rijk het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) aan. Dit vraagt extra inspanningen van de uitvoerders. De grootste uitdaging is het realiseren van kleinschalige vaccinatielocaties. Het RIVM stelt in zijn richtlijn dat de voorkeur uitgaat naar individuele momenten van contact of anders zo kleinschalig mogelijk ingerichte groepsvaccinaties. De GGD beschikt echter niet over een netwerk van kleinschalige locaties. Wij verwachten daarom meerkosten. Het Rijk houdt hiermee in de bekostiging geen rekening mee, omdat wordt uitgegaan van de meest voorkomende situatie van integrale jeugdgezondheidszorg. De GGD onderzoekt de uitvoeringsopties en financiële gevolgen bij de nieuwe opzet van het RVP. Huisvesting jeugdgezondheid Steeds vaker geven scholen aan geen geschikte ruimte te hebben voor de medewerkers jeugdgezondheid van de GGD. Vaak moeten de JG-medewerkers uitwijken naar andere locaties. Naast een budgetoverschrijding, belemmert dit een efficiënte uitvoering van de jeugdgezondheidszorg voor 4-18-jarigen en leidt dit tot onwenselijke arbeidsomstandigheden. Bovendien is het beleid dat de GGD kosteloos gebruik kan maken van ruimte in scholen en andere openbare gebouwen voor de uitvoering van de jeugdgezondheidszorg.
Wij willen in het GGD-bestuur de situatie en oplossingen bespreken en vervolgens een gezamenlijke beleidslijn bepalen. Afhankelijk van de uitkomst kunnen er financiële effecten zijn. Forensische Geneeskunde De vijf GGD’en in Oost-Nederland werken intensief samen om de dienstverlening voor de forensische geneeskunde (lijkschouw, forensisch medisch onderzoek en medische arrestantenzorg) op peil te houden. Aanleiding hiervoor is met name de schaarste aan forensisch artsen. De drie onderdelen van de forensische geneeskunde zijn professioneel en organisatorisch nauw verweven. De GGD’en versterken de continuïteit en kwaliteit met organisatorische maatregelen en taakdifferentiatie. De politie heeft een aanbesteding gedaan van de taak medische arrestantenzorg. Na herhaald uitstel is op 3 maart 2025 meegedeeld dat de opdracht is gegund aan een particulier bedrijf en niet aan de vijf GGD’en. Wij vrezen negatieve gevolgen voor de kwaliteit en continuïteit van de forensische geneeskunde in Oost-Nederland. Wij brengen de gevolgen in kaart voor de uitvoering van de andere twee onderdelen, lijkschouw en forensisch medisch onderzoek. Het risico bestaat dat de kosten van de gemeenten voor de lijkschouw omhoog gaan. Voor de lange termijn blijven wij streven integrale uitvoering van de forensische geneeskunde als publieke taak van de GGD’en.
Taakuitbreiding lijkschouwer De regering wil vanaf 2026 de regels rond het overlijden aanpassen en aanvullen. Dit omvat onder meer een uitbreiding van de werkzaamheden en bevoegdheden van de gemeentelijk schouwartsen (nu nog: lijkschouwers), die werken vanuit de GGD. Wij volgen de ontwikkelingen. Het streven is dat de nieuwe Wet bestemming lichamen van overledenen per 1 januari 2026 de huidige Wet op de lijkbezorging vervangt. Dit gaat gepaard met een overheveling van structureel ca. € 3,23 miljoen per jaar naar het gemeentefonds voor de extra inzet van de gemeentelijk schouwarts en extra onderzoek.
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
20
Wij volgen de ontwikkelingen en inventariseren de gevolgen van de voorgestelde taakuitbreiding. Zodra er meer duidelijkheid is, bekijken wij hoe de bekostiging het best kan plaatsvinden. Korting op gelden seksuele gezondheid De GGD verleent soa-zorg aan hoogrisico-groepen, seksualiteitshulpverlening aan jongeren onder de 25 jaar (ook wel Sense genoemd) en de activiteiten voor de PrEP-zorg (medische begeleiding bij preventieve hiv-medicatie voor mensen die een hoog risico lopen). Het ministerie van VWS en het RIVM bekostigen dit via de regeling Aanvullende seksuele gezondheidszorg (ASG). Vanaf 2015 is er voor deze regeling een financieel plafond (in plaats van de ‘open einde’ regeling). Ook is het toegangsbeleid aangescherpt. Het kabinet heeft nu een korting aangekondigd van 10% vanaf 2026, net als bij andere specifieke uitkeringen. Ook gaan de ASG-middelen mogelijk over naar het Gemeentefonds. Wij vinden dit een zorgelijke ontwikkeling, met name met het oog op kwetsbare doelgroepen, bijvoorbeeld jongeren. Zodra er meer duidelijkheid over de besluitvorming is, infomeren wij het algemeen bestuur en komen wij zo nodig met een voorstel. Indicatoren voor inzet GGD Enkele gemeenteraden hebben aangedrongen op ‘indicatoren’ voor de Bestuursagenda 2023-2027 GGD NOG en de inzet van de GGD bij de uitvoering van IZA/GALA. Dit pakken wij samen met de gemeenten op, met o.a.
als doel dat er in de Programmabegroting 2026 indicatoren komen als basis voor het gesprek over de realisering van de speerpunten. In deze programmabegroting zijn enkele indicatoren opgenomen die aansluiten bij de Bestuursagenda. Zoals eerder gemeld, werken wij aan doorontwikkeling van de begin 2024 gepubliceerde Productenen Dienstencatalogus | GGD Noord- en Oost-Gelderland (ggdnog.nl). Aan de PDC willen wij een set input- en output-indicatoren of kengetallen toevoegen. Deze moeten een beeld geven van de diensten die de GGD verzorgt voor de inwoners en de gemeenten. Vervolgens willen wij tot een selectie van outcome-indicatoren komen die worden gebruikt voor monitoring van de uitvoering van de Bestuursagenda 2023-2027 en speerpunten uit de programmabegroting. Dit is een groeitraject, waarbij samenwerking met gemeenten en andere partners in het netwerk nodig is. Gemeenschappelijke raadsadviescommissie Wij werken actief mee aan de totstandkoming van een raadsadviescommissie voor de GGD. Daarbij merken wij wel op dat de eerste verantwoordelijkheid hiervoor bij de raden en de raadsgriffiers ligt. Wij sluiten aan bij het bestaande initiatief van de VNOG en het ambtelijk overleg hierover met raadsgriffiers uit de regio NOG. De financiële gevolgen kunnen we nu nog niet aangeven.
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
21
6. Beleidsindicatoren Om gemeenten te ondersteunen, is het noodzakelijk om inzichtelijke en meetbare outcomeindicatoren te ontwikkelen die trends in (mentale) gezondheid inzichtelijk maken. Het meten en monitoren van de gezondheid van inwoners is essentieel om beleidsinterventies te evalueren en te verbeteren. De GGD wil, samen met gemeenten: - Een set kengetallen ontwikkelen. Deze kengetallen geven weer welke activiteiten de GGD inzet en welk absolute prestaties geleverd zijn. - Outcome-indicatoren ontwikkelen. Hiermee wordt de (gedeeltelijke) impact gemeten van de activiteiten van de GGD. De outcome geeft weer hoe het gesteld is met de gezondheid van inwoners. In dit proces wordt een koppeling gelegd met de Producten- en Dienstencatalogus, het Kompas Volksgezondheid en de Bestuursagenda. In de loop van 2025 worden de eerste resultaten zichtbaar, maar daarmee stopt het niet. De ontwikkeling van kengetallen en indicatoren die aansluiten bij de behoefte van de gemeenten en de veranderende ontwikkelingen zullen aandacht blijven vragen. Gelet op de fasering van het project kunnen de eerste resultaten hiervan niet verwerkt worden in de (concept-)Programmabegroting 2026. In aansluiting op eerdere jaren nemen wij echter wel enkele indicatoren op die aansluiten bij de Bestuursagenda.
Wij moeten ons realiseren dat deze indicatoren ook beperkingen in zich dragen vanwege de frequentie van de beschikbaarheid van resultaten en de betrokkenheid van diverse actoren hierbij, waardoor het behalen of niet-behalen van resultaten niet toe te schrijven is aan de inspanningen van een individuele actor. Resultaten niet ieder jaar gemeten Gegevens over gezondheid verkrijgen wij voor een belangrijk deel uit de gezondheidsmonitors. Deze monitors vinden slechts een keer per vier jaar plaats. Daarom zijn niet ieder jaar actuele cijfers over de gezondheid op specifieke onderdelen beschikbaar. Aan de andere kant zijn effecten van preventie vaak ook pas op langere termijn zichtbaar en zijn over het algemeen per jaar geen grote verschillen te verwachten. Het is vooral belangrijk te onderkennen dat de Bestuursagenda en de daaruit afgeleide beleidsindicatoren richting geven aan de langetermijndoelen en de inzet van de gemeenten en de GGD. In een verantwoording kan aangegeven worden welke inzet op deze terreinen gepleegd is. Gezamenlijke inspanning met gemeenten en samenwerkingspartners Het dilemma van het gebruik van indicatoren die aansluiten bij de Bestuursagenda is dat lokaal beleid, beleid van ketenpartners en andere, niet-beïnvloedbare omstandigheden gevolgen hebben voor het behalen van de indicatoren.
Meer en meer zijn de activiteiten van de GGD ingebed in lokale en regionale samenwerkingsverbanden.
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
22
De uitkomsten van de beleidsindicatoren in dit hoofdstuk worden daarom in beperkte mate bepaald door de inspanningen van de GGD. Ook de inspanningen van gemeenten en samenwerkingspartners en autonome ontwikkelingen spelen een rol.
Beleidsindicatoren Hieronder staan enkele beleidsindicatoren voor de Programmabegroting. De percentages die genoemd worden bij de beleidsindicatoren betreffen cijfers voor de regio Noord- en OostGelderland. Het zijn beleidsindicatoren die geïnspireerd zijn op de Bestuursagenda 2023 – 2027. De prioriteiten in deze Bestuursagenda zijn: - Vergroten van gelijke kansen op gezondheid voor iedereen - Mentale gezondheid - Gezonde leefstijl - Gezonde fysieke en sociale leefomgeving Deze prioriteiten geven richting aan de inzet van de GGD. De activiteiten van de GGD weerspiegelen deze ambities. Zoals aangegeven zijn de resultaten mede afhankelijk van onder meer landelijk en lokaal beleid en van de inzet van andere partners.
Prioriteit: Vergroten van gelijke kansen op gezondheid voor iedereen Indicator: Percentage 2e- en 4e-klassers dat hun gezondheid als goed of zeer goed ervaart Trend: Vmbo Resultaat
2019 85%
2021 83%
2023 79%
Havo/Vwo Resultaat
2019 89%
2021 83%
2023 83%
Beoogd doel: Het percentage 2e- en 4- klassers van Vmbo in Noord- en Oost-Gelderland dat hun gezondheid als goed of zeer goed ervaart is 80% (2023 79%). Het percentage 2e - en 4e-klassers van Havo/Vwo in Noord- en Oost-Gelderland dat hun gezondheid als goed of zeer goed ervaart is 83% (2023 83%).
Toelichting: Volgens de VTV 2024 blijft het percentage mensen dat zijn of haar gezondheid als goed of zeer goed ervaart redelijk stabiel tussen 2022 en 2050. Wij streven naar een kleine toename bij Vmbo en een stabilisatie van de ervaren gezondheid bij Havo/Vwo. De verschillen tussen Vmbo en Havo/Vwo worden in ieder geval niet groter. In 2026 vindt de volgende Gezondheidsmonitor Jeugd plaats. De resultaten komen in het voorjaar van 2027 beschikbaar Bron: Gezondheidsmonitor Jeugd
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
23
Indicator: Percentage volwassenen en ouderen dat hun gezondheid als goed of zeer goed ervaart Trend: Lage SEP Resultaat
2016 67%
2020 70%
Beoogd doel: Het percentage volwassenen en ouderen met een lage Sociaal Economische Positie (SEP) dat hun gezondheid als goed of zeer goed ervaart is 60% (2022: 58%). Het percentage volwassenen en ouderen met een midden of hoge SEP dat hun gezondheid als goed of zeer goed ervaart is 80% (2022: 78%).
2022 58%
Midden / 2016 2020 2022 hoge SEP Resultaat 82% 84% 78% Toelichting: Een lichte verbetering na afname van het percentage wordt als realistisch gezien. Volgens de VTV 2024 blijft het percentage mensen dat zijn of haar gezondheid als goed of zeer goed ervaart redelijk stabiel tussen 2022 en 2050. Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen, GGD’en, CBS en RIVM)
Indicator: Vaccinatiegraad Trend: Vaccinatiegraad DKTP gerevaccineerd 10 jaar BMR volledig (10 jaar)
2019
2024
Resultaat
90,4%
84,5%
Resultaat
90,3%
85,3%
Beoogd doel: De dalende trend van de vaccinatiegraad onder schoolkinderen is omgezet naar een lichte stijging in 2024 van 84,5% (DKTP) en 85,3% (BMR), naar 87% (DKTP) en 88% (BMR).
Toelichting: Tussen 2019 en 2024 is de vaccinatiegraad van vaccinaties binnen het Rijksvaccinatieprogramma in de regio Noord- en Oost-Gelderland, net als landelijk, gedaald. In 2024 zien we dat deze daling doorzet bij kinderen in de basisschoolleeftijd en adolescenten, maar in de jongere leeftijdsgroepen lijkt deze te stabiliseren. We streven naar een lichte verbetering. Bron: StatLine - Rijksvaccinatieprogramma; soort vaccinatie, regio (indeling 2024)
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
24
Prioriteit: Mentale gezondheid Indicator: Kinderen die in de categorie ‘normaal’ scoren op het terrein van de psychosociale gezondheid Trend:
Resultaat
2017 88%
2021 89%
Beoogd doel: Het percentage kinderen in Noord- en Oost-Gelderland dat in de categorie ‘normaal’ scoort op het terrein van de psychosociale gezondheid is 90% (2021: 89%)
Toelichting: Hoewel we bij de Kindermonitor geen toename zagen in psychosociale problematiek tussen 2017 en 2021, was het tussen 2013 en 2017 wel fors toegenomen. Het lijkt realistisch om te kiezen voor een lichte verbetering en dus voor een percentage van 90%. Bron: Kindermonitor
Indicator: Jongeren dat in de categorie ‘normaal’ scoren op het terrein van de psychosociale gezondheid Trend:
Resultaat
2019 nb
2021 73%
2023 73%
Beoogd doel: Het percentage jongeren in Noord- en OostGelderland dat in de categorie ‘normaal’ scoort op het terrein van de psychosociale gezondheid is 75% (2023: 73%).
Toelichting: Het aandeel jongeren met psychische problemen neemt de laatste jaren, en met name sinds corona, toe. In 2023 zagen we een stabilisering. We streven naar een verbetering van de resultaten na de coronacrisis. De eerstvolgende resultaten komen voorjaar 2027 beschikbaar. (NB In 2019 werd psychosociale gezondheid op een andere manier berekend.) Bron: Jeugdmonitor
Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
25
Indicator: Jongvolwassenen met angstige of depressieve gevoelens Trend: Resultaat
2019 63%
2022 81%
2024 79%
Beoogd doel: Het percentage jongvolwassenen in Noord- en OostGelderland dat angstige of depressieve gevoelens heeft is 77% (2023: 79%).
Toelichting: Het aandeel jongvolwassenen met psychische problemen is tussen 2019 en 2022 fors toegenomen. Sinds 2022 is er een lichte daling. We streven naar een verdere verbetering.. Bron: Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen
Indicator: Volwassenen en ouderen met een laag of matig risico op een angststoornis of een depressie Trend: Resultaat
2016 95%
2020 94%
2022 92%
Beoogd doel: Het percentage volwassenen en ouderen in Noord- en Oost-Gelderland dat geen, een laag of matig risico heeft op een angststoornis of een depressie is 92% (2022: 92%).
Toelichting: Het aandeel volwassenen en ouderen met psychische problemen neemt de laatste jaren toe. We streven naar een stabilisatie. Bron: Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen, GGD’en, CBS en RIVM
Prioriteit: Gezonde fysieke en sociale leefomgeving Vanuit de overtuiging dat een gezonde leefomgeving van cruciaal belang is voor de inwoners van de regio, wil de GGD multidisciplinair samenwerken op het gebied van gezondheid en omgeving. Het streven is daarom om zichtbaar en bereikbaar te zijn voor de vragen die de gemeenten in de regio daarover hebben.
Indicator: Adviesverzoeken vanuit gemeenten over gezondheidseffecten in het ruimtelijk beleid. Trend: Beoogd doel: Het team Medische Milieukunde ontving Het streven is dat door gemeenten minimaal 90 in 2024 72 adviesverzoeken vanuit adviesaanvragen aan de GGD worden gesteld. gemeenten over gezondheidseffecten in het ruimtelijk beleid. Toelichting: De GGD wil nog beter in beeld zijn bij gemeenten rondom advisering over vraagstukken rondom gezondheid en ruimtelijk beleid, bijvoorbeeld rondom de Omgevingswet. Bron: Eigen registratie Programmabegroting GGD NOG 2026 - concept
26