CConstaterende datBrummen
Koppel je AI →
Document · PDF

A12 - GGD NOG Brief raden & BW verslag AB-vergadering GGD NOG 10 september 2025 D469196

Besluitvormende raadsvergadering 20 november 2025, gemeente BrummenBij agendapunt: Lijst met ingekomen en verzonden stukken5.380 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten die deelnemen in GGD Noord- en Oost-Gelderland

Kenmerk: Datum: Behandeld door: E-mail: Telefoonnummer: Onderwerp:

JB/AvdK/25-dir.024 25 september 2025 mevr. A. van de Klift a.klift@ggdnog.nl 088 – 44 33 652 verslag vergadering algemeen bestuur GGD NOG

Geachte raden en colleges, Hierbij ontvangt u: • het concept-verslag van de vergadering van het algemeen bestuur van GGD Noord- en Oost Gelderland op 10 september; • de samenvatting van dit verslag. Vergaderstukken algemeen bestuur op website GGD De agenda en stukken voor de vergaderingen van het algemeen bestuur van GGD Noord- en Oost-Gelderland kunt u vinden of opvragen op de website van de GGD (zie Vergaderingen algemeen bestuur GGD 2025 | GGD Noord- en Oost-Gelderland). Publicatie agenda en besluitenlijst dagelijks bestuur In september 2024 is het dagelijks bestuur gestart met het publiceren van de agenda’s en vastgestelde besluitenlijsten van het dagelijks bestuur op de website van GGD Noord- en Oost-Gelderland (zie Vergaderstukken dagelijks bestuur 2024 | GGD Noord- en Oost-Gelderland) Hiermee anticipeert het dagelijks bestuur op verplichtingen die naar verwachting in 2025 in de Wet open overheid worden opgenomen. De openbaarmaking van de besluitenlijsten was ook opgenomen in de wijziging van de Gemeenschappelijke regeling GGD Noord- en Oost-Gelderland die in juli 2024 in werking is getreden. Informatie Met vragen en opmerkingen kunt u terecht bij Annelies van de Klift, directiesecretaris, via a.klift@ggdnog.nl of 088 443 3652. Met vriendelijke groet, namens het dagelijks bestuur,

mevr. drs. J.J. Baardman, directeur Publieke Gezondheid

Postbus 3, 7200 AA Zutphen

088 – 443 30 00

ggd@ggdnog.nl

www.ggdnog.nl

GGD Noord- en Oost-Gelderland is partner in het Centrum voor Jeugd en Gezin

Samenvatting (concept)verslag vergadering algemeen bestuur Datum: 10 september 2025 Locatie: GGD kantoor, Warnsveld

Volgende vergadering: 27 november 2025

1. Opening en vaststelling agenda 2. Presentatie Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) Het algemeen bestuur (AB) heeft in een presentatie een toelichting gekregen over de werkzaamheden van de GHOR, hoe de GHOR georganiseerd is en hoe de GHOR samenwerkt in het publieke gezondheidsdomein.

3. Verslag van de vergadering d.d. 25 juni 2025 Ongewijzigd vastgesteld.

4. Ingekomen stukken en mededelingen a. Het dagelijks bestuur (DB) informeert het AB over het vastgesteld vergaderschema 2026. b. Het DB informeert het AB over de brief en beslisnota van de minister van VWS waarin bevestigd wordt dat er financiële dekking gevonden is voor de eerder aangekondigde bezuiniging op de pandemische paraatheid. c. In de ICAM-procedure is een positief tussenvonnis gewezen. De GGD’en moeten 22 oktober hun verweer indienen voor wat betreft de resteren vorderingen. d. De directeur publieke gezondheid (DPG) heeft mondeling de stand van zaken toegelicht inzake de medisch arrestantenzorg (MAZ). Er is hoger beroep ingesteld waardoor de definitieve gunning weer is uitgesteld en er nog geen planning is wanneer de MAZ kan worden overgedragen. GGD NOG blijft de MAZ uitvoeren. e. De aanbesteding voor de accountantsdiensten is afgerond. De opdracht is gegund aan Verstegen. Het contract met de huidige accountant loopt tot en met 2026.

5. Programmabegroting 2026 Het AB heeft de Programmabegroting 2026 vastgesteld.

6. Bezuinigingsscenario’s GGD NOG Het AB besluit in 2026 niet te bezuinigen op de GGD en de GGD opdracht te geven om gemeenteraden hierover te informeren. Wel wordt het gesprek met de gemeenten voortgezet om, afhankelijk van regionale en landelijke ontwikkelingen, te bezien of bezuinigen op de GGD

voor de jaren 2027 mogelijk en wenselijk is. Hiertoe wordt een procesvoorstel voorbereid dat geagendeerd wordt op het AB van 27 november 2025.

7. Jeugdgezondheidszorg nieuwkomers Tijdens de vorige AB-vergadering is het onderwerp jeugdgezondheidzorg nieuwkomers besproken. Naar aanleiding hiervan zijn meerdere alternatieven uitgewerkt. Het AB besluit om in te stemmen met alternatief 2, inhoudende: a. De kosten voor de Jeugdgezondheidszorg voor Oekraïense kinderen per kwartaal aan de gemeenten in rekening te brengen op basis van de afgesproken bijdrage van € 638,-- per kind voor 2025. Daarna wordt het tarief jaarlijks verhoogd met de index van de programmabegroting. b. De inwonerbijdrage voor JGZ nieuwkomers, zoals vastgesteld in 2019, met ingang van de programmabegroting 2027 aan te passen op basis van het gemiddeld aantal nieuwkomers in 2024 en 2025. c. In 2029 vindt een herbeoordeling van het aantal nieuwkomers dat de basis vormt voor de inwonerbijdrage voor de programmabegroting 2030. d. De kosten voor de Jeugdgezondheidszorg voor nieuwkomers voor de jaren 2025 en 2026 af te rekenen op basis van de daadwerkelijke realisatie, met inachtneming van de hierover gemaakte afspraken.

8. Ontwikkelingen GGD NOG Naar aanleiding van de 1e BURAP wordt het AB door middel van een informatienotitie geïnformeerd over de actuele ontwikkelingen. Eind september wordt het voorlopige resultaat gedeeld.

9. Rondvraag en sluiting Naar aanleiding van een vraag van een AB-lid wordt gesproken over de verhouding van de GGD in relatie tot gemeenten. Het AB geeft het DB opdracht om een voorstel voor te bereiden hoe te komen tot een gedegen analyse van de situatie en de mogelijke vervolgstappen. U kunt de agenda en stukken voor de vergaderingen van het algemeen bestuur van GGD Noord- en Oost-Gelderland vinden of opvragen via de website van de GGD.

Concept - Verslag vergadering Algemeen bestuur Datum:

10-9-2025

Locatie:

GGD-kantoor, Warnsveld

Aanwezig:

J.C. Wikkerink (Aalten), W.A. Wormgoor (Berkelland), G.I. Timmer (Brummen) vanaf punt 5, E.J. Huizinga (Doetinchem, voorzitter), J.W. Simonse (Elburg), S. Hamstra (Ermelo), T.E. Siderius (Hattem), W. van Ommen (Heerde) tot punt 7, W. Gooding (Lochem), J.M. Elskamp (Nunspeet), E.E.M. Dusseldorp (Oost Gelre), M. Bennink (Oude IJsselstreek), J. van den Hoorn (Putten), P. Wormskamp (Voorst), E.S.F. Schepers-Janssen (Winterswijk), J. Bloem (Zutphen). namens GGD Noord- en Oost-Gelderland: J.J. Baardman (directeur publieke gezondheid), R. Schwebke (concerncontroller) en A.H.E. van de Klift (directiesecretaris)

Afwezig:

A.J. Prins (Apeldoorn, voorzitter), H. Puijk (Bronckhorst), G. van den Berg (Epe), M. Reckman (Harderwijk), M. Eleveld (Montferland), E.G. Vos-van de Weg (Oldebroek), M.W. Jaeger (dagelijks bestuur GGD NOG vanuit Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland)

Verzendlijst:

AB-leden, gemeenteraden, ambtenaren publieke gezondheid, managers en adviseurs GGD

Volgende vergadering: 27-11-2025

1. Opening en vaststelling agenda De heer Huizinga vervangt als plaatsvervangend voorzitter mevrouw Prins die afwezig is. De heer Huizinga heet iedereen welkom en opent de vergadering. De heer Huizinga noemt de AB-leden die zich afgemeld hebben. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

2. Presentatie Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) 1

De heer Huizinga heet de heer Robert Fidder en mevrouw Majorie Ancher welkom. De heer Fidder is Hoofd GHOR en mevrouw Ancher is strategisch adviseur bij de GHOR. Zij hebben samen een presentatie voorbereid. De heer Fidder voert het woord en neemt de AB-leden mee in een introductie wat de GHOR inhoudt. Hij licht toe wat de GHOR doet, hoe de GHOR georganiseerd is en hoe de GHOR samenwerkt in het publieke gezondheidsdomein. Voor meer informatie zie PP GHOR AB GGD NOG.pdf. Besproken vragen en opmerkingen: -

Er zijn 25 veiligheidsregio’s en 10 ROAZ-regio’s. In de regio Noord- en Oost-Gelderland hebben we te maken met drie ROAZ-regio’s: Zwolle, Nijmegen en Enschede. De ROAZ-regio’s zijn gekoppeld aan een traumacentrum. Toegelicht wordt dat een traumacentrum een specifiek ziekenhuis is waar traumazorg wordt geleverd.

-

De heer Simonse vraagt op welk moment opgeschaald wordt naar de GHOR. Er zijn 40 criteria die de meldkamer gebruikt om de inzet te bepalen; bijvoorbeeld bij een inzet van drie ambulances of meer of bij een grote brand bij een zorginstelling.

-

Mevrouw Siderius vraagt of de recente situatie in Borculo kwalificeert als grip 3. De heer Fidder geeft aan dat er kaders zijn die betrokken worden bij de afweging. In overleg is daar besloten dat grip 2 passend was. Het verschil tussen grip 2 en grip 3 is wie vanuit het bestuur aan tafel zit. Mevrouw Goodin merkt in het verlengde van mevrouw Siderius op dat het dan nog steeds onduidelijk is voor haar waarom Borculo niet kwalificeert als grip 3. De heer Fidder was niet betrokken dus hij weet niet welke afwegingen meegespeeld hebben.

-

De heer Fidder geeft naar aanleiding van een vraag van mevrouw Elskamp aan dat de GHOR kan sommeren op grond van een wettelijke basis. Voorkeur heeft het echter in goed onderling overleg te besluiten.

-

De heer Bloem vertelt over een concreet voorbeeld waarbij er veel inzet was van onder andere de brandweer en 2 politieauto’s terwijl het om een verstuikte voet ging. Hij vraagt hoe het kan dat er zoveel inzet was bij een relatief klein incident. De heer Fidder geeft aan dat bij de meldkamer beoordeeld wordt aan de hand van inzetcriteria welke inzet nodig is. Als iemand echt niet meer kan bewegen en niet weg kan dan wordt vaak de brandweer ingezet.

-

De heer van Ommen vraagt of hij het goed begrepen heeft dat de GHOR in alle gemeenten de zorginstellingen bezoekt. De heer Fidder kan dat niet bevestigen. De GHOR heeft contact met diverse zorginstellingen. De basis daarvoor zijn de crisis- en zorgplannen. Er wordt een afweging gemaakt en daarbij wordt onder andere gekeken naar de reikwijdte om wel of niet een zorginstelling actief te bezoeken. Soms verloopt het contact ook via brancheverenigingen. Mevrouw Baardman refereert aan de Coronatijd. Toen werd gewerkt met een taskforce waarin elke sector vertegenwoordigd was met enkele afgevaardigden; dus een getrapte vertegenwoordiging.

-

De heer Simonse vraagt naar een verduidelijking van de doorzettingsmacht. Waar moet dan aan gedacht worden? In een crisissituatie zijn er een aantal criteria aan de hand waarvan opdrachten gegeven kunnen worden. Dit kan gaan om het sommeren van het ter 2

beschikking stellen van middelen, bedden of personeel. Mevrouw Baardman licht toe dat dit gebeurd is in de regio NOG tijdens COVID. Toen hebben een aantal zorginstellingen de opdracht gekregen van de voorzitter van de Veiligheidsregio om personeel te leveren voor de bestrijding van COVID. Dit is vastgelegd in de Wet veiligheidsregio’s. De voorzitter van de Veiligheidsregio kan in het geval hij geen gehoor krijgt bij een zorginstelling escaleren via VWS. De inspectie kan dan een maatregel opleggen. -

In antwoord op een vraag van de heer Wikkerink licht de heer Fidder toe dat de samenwerking met Duitsland goed verloopt. Er zijn meerdere convenanten en er wordt samen geoefend.

De heer Huizinga bedankt de heer Fidder en mevrouw Ancher.

3. Verslag van de vergadering d.d. 25 juni 2025 Mevrouw Wormgoor merkt op dat actiepuntenlijst opgeschoond kan worden. De heer Huizinga bevestigt dit en zegt toe dit op te pakken. Het AB stelt het verslag ongewijzigd vast.

4. Ingekomen stukken en mededelingen Mevrouw Baardman licht in aanvulling op de schriftelijke mededeling onder b toe dat VWS incidentele financiering voor de pandemische paraatheid voor de aankomende twee jaar heeft toegezegd. Er moet opnieuw gekeken worden naar de structurele financiering die ook ooit was toegezegd. In aanvulling op de schriftelijke mededelingen doet Mevrouw Baardman de volgende mededelingen: d. Inzake de aanbesteding van de medische arrestantenzorg (MAZ) is hoger beroep ingesteld waardoor de gunning nog steeds niet definitief is. Het is onduidelijk wanneer de aanbesteding afgerond wordt. GGD NOG blijft voorlopig de arrestantenzorg verzorgen in de regio. Pas na de definitieve gunning kan de arrestantenzorg worden overgedragen aan de private partij. De heer Simonse vraagt of dit per 1 januari gaat gebeuren. Dat ligt niet in de lijn der verwachting. Niet alleen moet de uitkomst van de procedure afgewacht worden, maar daarna moet ook nog geïmplementeerd worden in alle regio’s in Nederland. Er is ook nog geen planning. Mevrouw Dusseldorp merkt op dat het signaal is afgegeven om alert te zijn op de rekening voor de gemeenten in het geval de werkdruk te hoog wordt met als gevolg dat reguliere artsen moeten worden ingezet voor de MAZ. Mevrouw Baardman herkent dit. Er lopen nu al mensen weg, dus de GGD is verpleegkundigen aan het werven om het rooster rond te krijgen.

Er is wel een prioritering gemaakt en MAZ staat 3

niet bovenaan. Mevrouw Baardman meldt dat er een motie bij de Tweede Kamer ingediend is om de drie pijlers van de forensische geneeskunde in één hand te houden. e. De uitkomst van de aanbesteding voor een nieuwe accountant is bekend. De opdracht is gegund aan Verstegen. Tot 2027 blijft Stolwijk Kelderman de accountant van GGD NOG. Het AB besluit: 1. de ingekomen stukken en mededelingen a tot en met c voor kennisgeving aan te nemen; 2. kennis te nemen van: d. de toelichting op de stand van zaken van de medische arrestantenzorg: e. de mededeling inzake de uitkomst van de aanbestedingsprocedure voor de accountantsdiensten.

5. Programmabegroting 2026 De heer Schwebke geeft een korte toelichting. Er zijn geen vragen, opmerkingen of aanvullingen. Het AB besluit: 1. Kennis te nemen van de zienswijzen van de gemeenten op de conceptprogrammabegroting 2026 en de reactie van het dagelijks bestuur op deze zienswijzen. 2. De Programmabegroting 2026 vast te stellen.

6. Bezuinigingsscenario’s GGD NOG De heer Huizinga licht het voorstel kort toe. Mevrouw Timmer voegt daar aan toe dat er een zorgvuldige procedure doorlopen is met elkaar. Mevrouw Siderius kan zich vinden in het voorstel maar vraagt zich wel af hoe zich dit verhoudt tot het onderzoek JGZ waarvan de uitkomsten pas in de loop van 2026 bekend zijn. Hoe zit dat in de volgordelijkheid? Hoe zit dit procesmatig in elkaar? De heer Schwebke vertelt dat met de ambtenaren afgesproken is om een procesvoorstel, waarbij ook de ambtenaren betrokken worden, in november aan het AB voor te leggen. Dan moeten we met elkaar kijken hoe we omgaan met het dilemma. De heer Huizinga concludeert dat mevrouw Siderius een terecht punt maakt waar aandacht voor is maar dat de oplossing niet zomaar gevonden is. Er ligt een uitdaging, die gezamenlijk bezien moet worden. De heer Bennink heeft een tekstuele opmerking. Bij punt 1.2. van de oplegnotitie staat dat enkele gemeenten aangegeven hebben wel te willen bezuinigen. Dit is te summier omdat de opvatting breder gedeeld wordt dan de drie gemeenten die in het ambtelijk overleg hun hand hebben opgestoken. Dat blijkt ook uit de bijlagen.

4

Mevrouw Schepers is het eens met de heer Bennink. Zij vindt het nu niet opportuun te bezuinigen, maar zij vraagt wel aandacht voor de uitdaging die gemeenten nog steeds hebben ondanks dat het ravijnjaar opgeschoven is. Mevrouw Schepers vindt het procesvoorstel een goed voorstel maar vraagt uitdrukkelijk aandacht voor de gemeenten die het wel moeten wel kunnen ophoesten op het moment dat er weinig middelen beschikbaar zijn. Mevrouw Elskamp vraagt aandacht voor punt 1.3. Dat gaat over het jeugdgezondheidsdossier. Hierbij hebben de gemeenten op de Noord-Veluwe aangegeven dat bekend was dat de aansluiting 30.000 euro kost waardoor de besparing van 300.000 euro een grote verassing was. Zij verzoekt om in het proces helder te krijgen waar het verschil in zit maar ook dat de gemeenten zelf kunnen checken hoe dit zo heeft kunnen gebeuren. Zij vraagt dit namens alle gemeenten op de NoordVeluwe. Ook merkt zij op dat zij betwijfelt of de titel de lading wel helemaal dekt. Mevrouw Elskamp vraagt daarnaast hoe de gemeenteraden actief geïnformeerd worden over het besluit met betrekking tot de bezuinigingsscenario’s? De heer Huizinga vraagt of mevrouw Elskamp bedoelt of gemeenteraden allemaal op dezelfde manier geïnformeerd moeten worden.

Hij vraagt of het bestuur de GGD opdracht geeft om het besluit om nu niet te bezuinigen maar wel een proces in te gaan, op schrift te stellen en te verzenden aan de gemeenteraden? De heer Schwebke vraagt of deze brief dan namen het DB gestuurd moet worden. De heer van den Hoorn stelt voor de brief namens het AB te versturen. Mevrouw Schepers is voor wat betreft dit specifieke onderwerp niet akkoord dat de brief rechtstreeks naar de griffie wordt gestuurd. De heer Huizinga licht toe dat de gebruikelijke werkwijze is dat de GGD de raden via de griffies rechtstreeks informeert. Hij oppert als oplossing dat de brief van de GGD via de wethouders verspreid wordt. Dit wijkt dan wel af van de gebruikelijke gang van zaken en hij adviseert dit ook niet. De heer van den Hoorn vindt dit ook niet zuiver. Het AB besluit niet te bezuinigen dus het AB moet gezamenlijk de raden informeren. Daarbij kan een gemeente een nadere toelichting geven voor de eigen gemeenteraad. Mevrouw Schepers stemt hier mee in. Het AB besluit om de raden door middel van een brief die opgesteld wordt door de GGD in aanvulling op de notulen van de AB-vergadering, gezamenlijk te informeren over de bezuinigingsscenario’s. Mevrouw Goodin verzoekt om in de planvorming voor de bezuinigingen en de Uitgangpuntennota 2027 ook de ontwikkelingen in het kader van AZWA mee te nemen.

De heer Simonse wil duidelijke afspraken als het gaat over de eerste vraag van mevrouw Elskamp. Er is enige irritatie en veel behoefte aan duidelijkheid over de extra 0. Hij wil graag een toezegging wanneer dit duidelijk wordt en hoe en aan wie hierover gecommuniceerd wordt. Mevrouw Baardman stelt een zelfde proces voor als met het project kengetallen en indicatoren. Bij dit project zijn ambtenaren uit de subregio’s betrokken. Zodat de gemeenten goed betrokken zijn. Zij neemt mee dat de onderbouwing van deze bezuiniging ontbreekt maar zij vindt het ook belangrijk dat geborgd wordt dat dit proces ambtelijk goed loopt. De heer Huizinga vult aan dat dit eventueel ook consequenties voor het hele AB heeft. Dat is de laatste stap die er wel bij hoort. Mevrouw Elskamp benadrukt dat het niet alleen om de onderbouwing van het bedrag gaat maar ook hoe kan het dat het bedrag zonder dat de betreffende gemeenten op de hoogte waren van 30.000 naar 300.000 verhoogd is. Die laatste vraag ligt er ook nog. Mevrouw Baardman bevestigt dat in november het procesvoorstel met de data aan het AB wordt voorgelegd. 5

Het AB besluit met inachtneming van de gemaakte opmerkingen: 1. In 2026 niet te bezuinigen op de GGD. 2. Met gemeenten in gesprek te blijven en, afhankelijk van regionale en landelijke ontwikkelingen, te bezien of bezuinigen op de GGD voor de jaren 2027 en verder mogelijk en wenselijk is.

7. Jeugdgezondheidszorg nieuwkomers De heer Huizinga licht toe dat over het onderwerp jeugdgezondheidszorg nieuwkomers in de vorige AB vergadering gesproken is. Toen is gevraagd om de verschillende alternatieven uit te werken. Voorstel dat nu voorligt is om in te stemmen met alternatief 2. De heer Bennink is akkoord maar heeft nog een aanvulling. In de oplegnotitie staat dat 2024 en 2025 mogelijk niet representatief zijn. Is het een optie om 2022 en 2023 mee te nemen om een langere trend in beeld te brengen? De heer Schwebke geeft aan dat dit niet mogelijk is. Mevrouw Goodin vraagt wat er gaat gebeuren als de aantallen teruglopen. De heer Schwebke wijst op de 20% regel. Als er sprake is van een afwijking groter dan 20% dan komt het DB met een voorstel hoe dit op te lossen. Mevrouw Dusseldorp is het eens met het voorstel. Zij constateert dat het voorstel heel erg financieel is ingestoken. Zij wil meegegeven dat ook goed gekeken moet worden of er niet een ontwikkeling in de zwaarte en complexiteit van de zorgvragen is. Zij roept op om de inhoudelijke monitoring te versterken en de zorgzwaarte van de nieuwkomersgroep expliciet mee te nemen in de evaluatie in 2027 en 2029. Mevrouw Dusseldorp vraagt daarnaast aandacht voor het beleidsmatig integreren van het voorstel met bredere inburgeringsthema’s en jeugdbeleidsthema.

Blijf flexibel richting de toekomst in verband met mogelijke wetswijzigingen. Het AB besluit in te stemmen met alternatief 2, inhoudende: a. De kosten voor de Jeugdgezondheidszorg voor Oekraïense kinderen per kwartaal aan de gemeenten in rekening te brengen op basis van de afgesproken bijdrage van € 638,-- per kind voor 2025. Daarna wordt het tarief jaarlijks verhoogd met de index van de programmabegroting. b. De inwonerbijdrage voor JGZ nieuwkomers, zoals vastgesteld in 2019, met ingang van de programmabegroting 2027 aan te passen op basis van het gemiddeld aantal nieuwkomers in 2024 en 2025. Conform de besluitvorming in 2018 komt het dagelijks bestuur met een dekkings- of compensatievoorstel wanneer sprake is van een afwijking van meer dan 20% van het hierboven vastgestelde aantal.

6

c. In 2029 vindt een herbeoordeling van het aantal nieuwkomers dat de basis vormt voor de inwonerbijdrage voor de programmabegroting 2030. d. De kosten voor de Jeugdgezondheidszorg voor nieuwkomers voor de jaren 2025 en 2026 af te rekenen op basis van de daadwerkelijke realisatie, met inachtneming van de hierover gemaakte afspraken.

8. Ontwikkelingen GGD NOG De heer Huizinga licht toe dat tijdens de vorige AB-vergadering naar aanleiding van de 1e BURAP toegezegd is om het AB te informeren over de ontwikkelingen die spelen. Hier kan het AB kennis van nemen middels de informatienotitie. De heer Schwebke vult aan dat de tabel in de informatienotitie zorgt voor verwarring. De insteek is informeren over de ontwikkelingen en niet om nu al met een verwacht resultaat te komen. De heer Schwebke heeft de ambtenaren toegezegd rond 25 september met een voorlopig resultaat te komen. De heer van den Hoorn doet de suggestie om in de brief aan de raden over de bezuinigingen ook de ontwikkelingen rondom de pandemische paraatheid mee te nemen. De heer Simonse wijst er op dat in de stukken over de pandemische paraatheid verschillende jaren genoemd worden. Het is nu multi-interpretabel. De heer Bennink vraagt of het bedrag dat in het kader van GGD Robuust genoemd wordt niet structureel is opgenomen in de inwonerbijdrage. De heer Schwebke geeft aan dat er naast de structurele verhoging van de inwonerbijdrage ook incidentele middelen gedurende vier jaar zijn verstrekt. Die incidentele middelen vervallen, dus dat moet opgelost worden. De heer Huizinga zegt toe om in het DB te kijken naar een goede vorm om het AB te blijven informeren over alle actuele ontwikkelingen en de financiële consequenties.

Het AB neemt kennis van de ontwikkelingen die invloed hebben op het saldo van 2025 met een indicatie van de bedragen.

9. Rondvraag en sluiting De heer Hamstra refereert aan de ronde die mevrouw Baardman aan het maken is langs gemeenten. Tijdens het gesprek dat hij met haar had zijn een aantal zaken aan de orde geweest die al twee en een half jaar spelen. Dat heeft te maken met dynamieken bijvoorbeeld tussen ambtenaren en de GGD maar ook wel tussen subregio’s. Het raakt aan de positionering van de GGD en hoe verhouden we ons tot elkaar. De heer Hamstra weet niet zo goed hoe hij daarmee om moet gaan. Hij heeft het ook subregionaal besproken en hij vraagt of de andere AB-leden ook signalen bereiken die niet helpend zijn in het proces waar we mee bezig zijn. En als het antwoord ja 7

is, zijn er dan AB-leden die samen met hem willen meedenken om een gesprek of agenda voor te bereiden voor een aankomende AB-vergadering. De heer Hamstra geeft desgevraagd een voorbeeld van een signaal. Bijvoorbeeld de vraag: voelt de GGD als onderdeel van de gemeente? Die vraag komt meermaals terug via de ambtelijke lijn maar ook subregionaal en in gesprek met de GGD. De heer Wormskamp geeft aan dat hij dit niet in deze mate ervaart, wel is het universeel dat men kritisch is op GR’en maar de GGD is geen uniek element en hij herkent ook niet dat men extreem kritisch is ten opzichte van de GGD. Mevrouw Dusseldorp vraagt wat de aanleiding is van de vraag. De heer Hamstra geeft aan dat hij dit in meerdere discussies ziet terugkomen. Mevrouw Baardman herkent het heel erg en hoort het ook terug uit de organisatie dat de GGD niet gezien wordt als onderdeel van de gemeenten. Zij geeft als voorbeelden de IZA/GALA-discussie en gevraagd worden om mee te doen aan een aanbesteding waarbij de GGD gezien wordt als private partij. In onze regio ligt het in tegenstelling tot andere regio’s niet voor de hand dat eerst de GGD wordt benaderd om een publieke taak uit te voeren. In het kader van IZA/GALA worden veel externe adviesbureaus ingeschakeld terwijl in andere regio’s projectleiders door de GGD geleverd worden. In de regio NOG werkt het echt anders dan in andere regio’s.

GGD NOG verhoudt zich daartoe en sluit aan bij de behoefte van de gemeenten. Een gedeelte van de dienstverlening wordt wel subregionaal gedaan maar niet regionaal. Dienstverlening rondom zorg en veiligheid doet GGD NOG wel op de Noord-Veluwe maar niet in andere subregios’s en de ketenaanpakken doet GGD NOG wel in de Achterhoek en MIJOV maar niet op de Noord-Veluwe. GGD NOG probeert zich als expertisecentrum en uitvoeringorganisatie daartoe te verhouden. Gezien de weerbaarheidsdiscussie en de toekomst moet er nagedacht worden over de vraag of de GGD die publieke organisatie en preferred partner is of dat de GGD slechts een partij is waar diensten kunnen worden belegd. Dat is voor de integraliteit van de dienstverlening voor de toekomst essentieel. Wat verwacht de gemeente van de GGD? Dat de GGD zich opstelt als gemeentelijke afdeling of als private partij? De heer Huizinga bedankt de heer Hamstra voor de inbreng. Dit is ook onderwerp van gesprek in het DB. Hij vraagt de heer Hamstra of hij zijn vraag niet als opdracht aan het DB wil meegeven? De heer Huizinga voelt het wel als taak van het DB om met een analyse en voorstel te komen. De heer Hamstra heeft een hekel aan onderstromen daarom heeft hij de vraag ook neergelegd in het AB en hij vond het niet zuiver om het vanuit de subregio via het DB te spelen. Als het DB dit nu oppakt en verder brengt dan is dat echter prima.

Mevrouw Schepers herkent het wel maar dan niet bij de gemeenteraad echter wel bij de ambtelijke stroom. Er zit echter een wederkerigheid in. De verwachting dat gemeenten de GGD zien als een onderdeel van de gemeenten moet ook waargemaakt worden. Er is soms een discrepantie tussen de verwachting en wat er geleverd wordt. Mevrouw Schepers is niet altijd tevreden met wat de 8

GGD levert. En dat ervaren ambtenaren ook. De GGD staat dan op afstand. De invloed is bovendien beperkt omdat het 22 gemeenten zijn die gezamenlijk moeten beslissen. De onderstroom proeft mevrouw Schepers zeker. Mevrouw Goodin herkent het zelf minder, misschien wel omdat ze er aan gewend is. Zij stelt voor dat het DB alle geluiden verzamelt zodat de AB-leden kunnen kijken of zij zich erin herkennen en of iedereen hetzelfde beeld heeft. En van daaruit verder kijken. De heer van den Hoorn constateert dat er misschien ook wel zaken samenkomen. De samenwerking tussen gemeenten is ook een item bij de evaluatie van GGD NOG Robuust en de bestuursagenda. Hij heeft ook de ervaring dat er verschillende stromen zijn waarover ook in het DB regelmatig gesproken wordt. Zeker ook rondom de discussie JGZ. Het is ook wel een worsteling om gezamenlijk hetzelfde doel te bereiken. Bij de presentatie van de GHOR bedacht de heer van den Hoorn hoe belangrijk de rol van de GGD is in de veiligheidsregio. Misschien komt de onderstroom en dat 22 gemeenten veel verwachten van de GGD ook wel voort uit het feit dat de wereld van gemeenten heel anders is dan die van de GGD.

De onderstroom suddert al langer en het is goed om die te benoemen en aan te pakken maar daarnaast stelt hij voor om het grotere vraagstuk te bekijken; hoe kunnen GGD NOG en de gemeenten met al hun eigen uitdagingen bij elkaar gebracht worden zodat zij gezamenlijk goed kunnen functioneren. Daarbij moeten we reëel zijn; waarvoor kan GGD wel of niet worden gebruikt? Hierin moet, zeker in het kader van de weerbaarheidsdiscussie, een keuze gemaakt worden. Mogelijk is dit ook een thema voor de nieuwe bestuursagenda. Het moet een keer aangepakt worden. Mevrouw Elskamp geeft aan dat het begint met een goede analyse. Zij denkt dat het gebeurt bij het preventieve lokale deel. De gemeenten en de GGD hebben daar een opgave. Het gaat niet om de grote diensten. Daar leven geen verschillende beelden. Het zegt iets over het lokale veld. Als gemeenten probeer je wijkgericht zo dicht mogelijk bij de mensen te werken en daar heeft de gemeente allemaal partners voor en dan is de GGD de verre buurman in plaats van de collega op de gang. De heer Wikkerink is blij dat dit op tafel gelegd is. Hij deelt de analyse van mevrouw Baardman. Hij heeft een soort gevoel van onbehagen dat de GGD gezien wordt als een partner die gelijk staat aan een commerciële partij. Hoe komt dan nou? Het college en de raad zijn altijd enthousiast als de GGD een presentatie geeft.

Er zitten verschillende lagen in de samenwerking met de GGD. Het is goed dat eens uit te spreken. Eerder is er al een gesprek geweest en daar kwam niet veel uit. We moeten een methode zien te vinden dat het ongenoegen ook echt gezegd wordt. De heer Wikkerink is er een voorstander van dat het DB de opdracht krijgt van het AB dit goed voor te bereiden. Hij wijst er op dat er ook haast is vanwege de weerbaarheidsdiscussie. Mevrouw Siderius vult aan dat het ook te maken heeft met de omvang van de GGD en de geografische ligging. Haar gemeente neemt diensten af van GGD IJsselland, simpelweg omdat Zwolle maar 10 minuten rijden is. Zij roept op om dit aspect mee te nemen. 9

De heer Bloem geeft aan dat het wat Zutphen betreft helder is dat de GGD een publieke organisatie is. Als er veel gemeenten in een GR zitten dan wordt wellicht ambtelijk een afstand ervaren. Dit moet ook niet groter gemaakt worden dan het is. Hij vindt het wel belangrijk scherp te hebben wat de kerntaken van de GGD zijn. Mevrouw Baardman vindt dat mevrouw Elskamp een mooie opmerking maakte. Zij ziet de tweedeling ook. Over een aantal taken die regionaal geregeld zijn zoals IZB is geen discussie. Het gedoe ontstaat als er lokaal dingen gevraagd worden. En dit is ook de reden waarom GGD NOG voorstander is van integrale JGZ, waarbij mevrouw Baardman benadrukt dat ze niet zegt wie of wat. Integrale JGZ betekent aanwezigheid in de wijken en betrokkenheid van de zorgverleners. Het betekent ook een verdubbeling van het aantal zorgverleners. Er kan dan veel beter aangesloten worden op de lokale netwerken van welzijn, veiligheid, gezondheid en weerbaarheid. Het is ook een keuze voor de GGD als een expertisecentrum die de gemeente adviseert of een GGD die niet alleen expertisecentrum is maar ook uitvoeringorganisaties die ook in het sociaal domein opereert. Als een duidelijke keuze gemaakt wordt dan wordt volgens mevrouw Baardman veel onvrede weggenomen.

Zij benadrukt dat dit een belangrijke discussie is die gevoerd moet worden; niet alleen vanuit het perspectief van de weerbaarheid maar ook vanuit het perspectief de GGD als publieke organisatie. Wat verwacht de gemeente van de GGD? De heer Huizinga concludeert dat er een mooie discussie gevoerd is en dat de taak om dit op te pakken bij het DB ligt. Hij neemt de opbrengsten uit het AB mee naar het DB en aan de hand daarvan zal het DB de vervolgstappen bepalen. Op het volgende AB zal het DB hier op terugkomen, ook voor wat betreft het tempo. Enerzijds is er haast maar dit moet ook zorgvuldig opgepakt worden. De heer Hamstra bedankt voor het gevoerde gesprek. Hij haalt zelf uit de discussie dat het heel fijn is dat het DB het oppakt maar wijst er wel op dat het DB het oor te luisteren moet leggen bij de verschillende gremia en de AB-leden. Als het DB daarna met een voorstel komt dan is het goed afgehecht. De heer Huizinga bedankt iedereen en sluit de vergadering.

Actiepuntenlijst Nr. 2024-11/05 2025-09/01 2025-09/02

Onderwerp

Wie

n.a.v. verzoek uit AB: wijze terugkoppeling naar en uit ROAZ’en AB-leden uitwerken 1.Informeren raden over het besluit van het AB met betrekking tot de bezuinigsscenario’s; 2.procesvoorstel vervolg bezuinigingsscenario’s 2027 en verder Het AB geeft het DB opdracht om een voorstel op te stellen met: 10

Gereed

GGD GGD

Sept 2025/ nov 2025

DB

Nov 2025

Nr.

Onderwerp

Wie

1.analyse van de signalen van onvrede en hoe deze aan te pakken; 2.tijdsplanning hiervoor

11

Gereed

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16162371/1