17 - Commissie voor de bezwaarschriften - Jaarverslag van de Commissie voor de bezwaarschriften 2020
Tekst van het document
Commissie bezwaarschriften gemeente Brummen
Jaarverslag 2020
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 1
Inhoudsopgave Voorwoord
3
Inleiding
4
1.
2.
Commissie voor de bezwaarschriften 1.1 Instelling commissie en werkterrein
5
1.2 Samenstelling
5
1.3 Secretariaat
5
1.4 Hoorzittingen en vergaderfrequentie
5
1.5 Taken en werkwijze
5
1.6 Digitaal werken/vergaderapp
7
Bijzonderheden in 2020 2.1 Coronavirus en –maatregelen
3.
8
De resultaten van 2020 3.1 Totaal aantal bezwaarschriften
9
3.2 Categorieën van bezwaarschriften
10
3.3 Categorieën van bezwaarschriften en advisering 3.3.1
Algemeen
12
3.3.2
Werkproces commissie 2020
12
3.3.3
Doorlooptijden
3.3.3.1 Beslis- en adviestermijn algemeen
14
3.3.3.2 Overzicht doorlooptijden 2020
14
3.3.4 4.
Beslissing op bezwaar en beroep
Conclusies en aanbevelingen
17 18
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 2
Voorwoord Aan de raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente Brummen,
2020 was voor iedereen een bewogen jaar. Een jaar waarin het coronavirus ons volledig in de greep had en dat gekenmerkt was door persconferenties, gesloten scholen, horeca die dicht zat en thuiswerken. Veel mensen zullen zich dit jaar waarschijnlijk herinneren als onzeker en zwaar omdat ze zelf met het virus besmet raakten en hiervan moesten herstellen of een dierbare hebben verloren aan corona. Ook de commissie bezwaarschriften moest in 2020 het verlies van een zeer gewaardeerd commissielid betreuren. De heer mr. dr. M. Harmsen is in augustus na een ernstige ziekte overleden. Zijn overlijden heeft ons allemaal diep geraakt. Wij hebben de heer Harmsen leren kennen als een vriendelijke en positieve persoonlijkheid die de commissie door zijn deskundige en pragmatische benadering van zaken enorm heeft versterkt. We zullen hem als een bijzonder mens blijven herinneren. Ondanks de nare omstandigheden waarin we vorig jaar verkeerden, ging het commissiewerk in Brummen toch ‘gewoon’ door. Al met al zijn er slechts twee hoorzittingen in (het voorjaar) 2020 vanwege het coronavirus geannuleerd met instemming van de betreffende bezwaarmakers en konden de overige vergaderingen fysiek plaatsvinden rekening houdend met de geldende coronamaatregelen. Voor u ligt dan ook het jaarverslag 2020 van de commissie voor de bezwaarschriften van de gemeente Brummen.
Net als in de voorgaande jaren willen wij u hiermee inzicht verschaffen in de aard en de omvang van onze werkzaamheden en in de wijze waarop wij onze opgedragen taak uitoefenen. Het jaarverslag is openbaar en bedoeld voor iedere geïnteresseerde in de behandeling van bezwaarschriften. Voor de bestuursorganen van de gemeente Brummen kunnen de conclusies en aanbevelingen van de commissie een bijdrage leveren aan de verbetering van de kwaliteit van de (gemeentelijke) besluitvormingsprocessen. Het jaarverslag heeft hierdoor mede een signaal- en leerfunctie, gericht op de verbetering van met name de juridische kwaliteit van de besluiten. Ook de commissie is op zoek naar mogelijkheden om het bezwaarproces continu te optimaliseren en te bezien wat voor verbetering vatbaar is. Sinds 2019 zijn aan bezwaarmakers daarom enquêtes opgestuurd om de advisering en benadering van bezwaarmakers door de commissie tegen het licht te houden. De respons is zowel in 2019 als in 2020 helaas achtergebleven bij de verwachtingen. Door het beperkte aantal reacties kunnen we geen solide conclusies verbinden aan de ontvangen enquêtes. De indieners van de geretourneerde enquêtes, waren ruimschoots positief over de aanpak en de werkwijze van de commissie.
Zolang we geen andersluidende geluiden vernemen, gaan we er daarom vanuit dat dit het algemene beeld is van bezwaarmakers en zetten we hier tot nader order niet meer op in middels enquêtes. Net als vorig jaar spreekt de commissie haar waardering uit over de vertegenwoordiging tijdens de hoorzittingen. De vertegenwoordigers zijn in nagenoeg alle gevallen goed voorbereid en ter zake kundig. Tot slot wil ik nog kort vooruitblikken naar het nieuwe vergaderjaar. De benoemingsperiode van mevrouw mr. A. Bijlsma, mevrouw mr. M.D. Moeke en mijzelf is met ingang van 1 januari 2021 verlengd met vier jaar, tot en met 31 december 2024. Daarnaast mogen we met ingang van 1 januari 2021 twee nieuwe leden in ons midden verwelkomen. Met de komst van mevrouw mr. G. Paling en de heer mr. D. Pool is de commissie weer volledig bezet. De commissie beschikt in haar geheel over kennis en kunde op gevarieerde rechtsgebieden. Zij kan u zodoende de komende jaren juridisch correct en goed onderbouwd adviseren over ontvangen bezwaarschriften. Ik wens u veel leesplezier met dit jaarverslag. Brummen, 2 maart 2021 Namens de commissie voor de bezwaarschriften, de heer mr. R. Oosterhof voorzitter
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 3
Inleiding Voor u ligt het jaarverslag van de commissie bezwaarschriften van de gemeente Brummen (hierna: de commissie) over het kalenderjaar 2020. Met dit jaarverslag geeft de commissie inzicht in het aantal ingekomen en behandelde bezwaarschriften, de inhoud van de genomen beslissingen, de uitgebrachte adviezen en welke onderwerpen/rechtsgebieden het betreft. Daarmee wordt inzichtelijk gemaakt hoeveel besluiten van de bestuursorganen gemeenteraad, college van burgemeester en wethouders en de burgemeester – ter discussie zijn gesteld door er bezwaar tegen te maken en hoeveel van die besluiten al dan niet stand hielden in bezwaar. Voor dit verslag is uitgegaan van de stand van zaken per 1 januari 2021. Er is gekozen voor een beperkte verslaglegging. Omdat de bezwarenprocedure niet alleen waarborgen biedt voor een zorgvuldige afhandeling van bezwaren, maar daarnaast ook handreikingen biedt om de dienstverlening, regelgeving of beleid van de gemeente te optimaliseren, worden door de commissie ook aanbevelingen gedaan.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 4
1. Commissie voor de bezwaarschriften 1.1 Instelling commissie en werkterrein De basis van het bestaan van de commissie is naast de Algemene wet bestuursrecht (Awb), de Verordening commissie bezwaarschriften en het besluit tot instelling van de commissie. De samenstelling en de werkwijze van de commissie is uitgewerkt in deze verordening. De commissie is samengesteld door externen overeenkomstig de vereisten van artikel 7:13 Awb. De commissieleden zijn geheel onafhankelijk en maken geen deel uit van één van de bestuursorganen van de gemeente Brummen. Evenmin zijn ze werkzaam onder de verantwoordelijkheid van één van deze bestuursorganen. Met uitzondering van bezwaarschriften op het gebied van gemeentelijke belastingen, de Wet waardering onroerende zaken en arbeidsrechtelijke verhoudingen is de commissie bevoegd te adviseren over ieder bezwaarschrift, dat aan de gemeentelijke bestuursorganen is gericht. 1.2 Samenstelling De commissie is een onafhankelijke externe adviescommissie, als bedoeld in artikel 7:13 Awb. Om de onafhankelijkheid en deskundigheid van de commissie te waarborgen, bestaat zij uit bekwame leden, die niet werkzaam en/of woonachtig zijn binnen de gemeente Brummen. De commissie werkt in een wisselende samenstelling bestaande uit een voorzitter en twee leden.
De inzet van de commissieleden is mede afhankelijk van de geagendeerde bezwaarschriften en de aard van de besluiten waartegen de bezwaren zijn gericht. De commissie werkte in 2020 in de volgende samenstelling: de heer mr. R. Oosterhof (voorzitter) mevrouw mr. A. Bijlsma mevrouw mr. M.D. Moeke de heer drs. E. Waterval De heer mr. dr. M. Harmsen kon vanwege zijn ernstige ziekte in 2020 helaas geen actieve commissietaken meer uitoefenen. 1.3 Secretariaat De commissie werd ambtelijk ondersteund door de volgende vaste secretarissen: mevrouw S. Lampe mevrouw mr. J. Vovk Mevrouw A. Peters-Hoekman verzorgde de administratieve ondersteuning van de commissie en het secretariaat. 1.4 Hoorzittingen en vergaderfrequentie De hoorzitting vormt een essentieel onderdeel van de bezwaarschriftenprocedure. Er wordt slechts bij uitzondering afgezien van het horen van een belanghebbende. Er moet dan bijvoorbeeld uit het bezwaarschrift zelf duidelijk blijken dat het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is en dat er redelijkerwijs geen twijfel mogelijk is over deze conclusie. Verder kan het horen ook achterwege blijven indien belanghebbenden hebben verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord. De commissie houdt in principe om de drie weken op een dinsdagavond haar hoorzitting.
Al naar gelang het aanbod van bezwaarschriften kan een extra vergadering worden ingepland of een hoorzitting komen te vervallen. Zowel de commissie als de gemeentelijke organisatie is hierin zoveel mogelijk flexibel. De hoorzittingen zijn openbaar, tenzij het de behandeling van bezwaarschriften in het kader van de Participatiewet, de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Jeugdwet/Verordening Jeugdhulp en overige aanverwante onderwerpen betreft. 1.5 Taken en werkwijze De commissie beoordeelt naar aanleiding van ingediende bezwaren de besluiten van een bestuursorgaan (gemeenteraad, het college van burgemeester en wethouders of van de burgemeester) op rechtmatigheid en doelmatigheid en volgt daarbij de procedure zoals vastgelegd in de Awb en de Verordening commissie bezwaarschriften.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 5
Fase voor de hoorzitting Bezwaarschriften komen na de postregistratie direct terecht bij het secretariaat van de commissie. Hierdoor houdt het secretariaat regie over de afhandeling van de ingediende bezwaarschriften. Het secretariaat brengt de betrokken vakafdeling van het betreffende bestuursorgaan en eventuele derde-belanghebbenden (bijvoorbeeld een vergunninghouder) van de ontvangst van een bezwaarschrift op de hoogte, stelt namens de voorzitter van de commissie een vergaderdatum van de hoorzitting vast, stelt de agenda op en verzoekt de vakafdeling de op de zaak betrekking hebbende stukken aan te leveren. Regelmatig leidt een bezwaarschrift ertoe dat bezwaarmaker en de vakafdeling, voorafgaand aan een eventueel te plannen behandeling door de commissie, (opnieuw) met elkaar in gesprek gaan. Soms kan de kwestie alsnog in goed overleg worden opgelost of wordt het bestreden besluit herzien en wordt het bezwaarschrift vervolgens ingetrokken. De hoorzitting Tijdens de hoorzitting kan de bezwaarmaker het bezwaar nader toelichten, de vertegenwoordiger van het bestuursorgaan kan zijn standpunt verdedigen en er kunnen, afhankelijk van de inhoud van de zaak, ook derdebelanghebbenden worden gehoord. De commissieleden stellen daarnaast vragen over wat wordt besproken en over de stukken in het procesdossier.
De commissie verwacht daarom van de vertegenwoordigers van het bestuursorgaan dat zij hun standpunt ook middels een verweerschrift vastleggen en voorafgaand aan de hoorzitting samen met het procesdossier aan de commissie toesturen. In de verslagperiode gebeurde dit in alle zaken, wat door de commissie op prijs wordt gesteld. Aan het begin van de hoorzitting attendeert de voorzitter de partijen erop dat: de commissieleden niet werkzaam zijn voor of woonachtig zijn in de gemeente Brummen; de commissie het dossier met alle relevante stukken goed heeft bestudeerd en men zich zal beperken tot aanvullingen en/of nieuwe aspecten; de commissie actief gerichte vragen stelt om de kern van de zaak en ieders belangen scherp te krijgen; het verslag van de hoorzitting niet meer schriftelijk wordt uitgebracht maar dat er een audioverslag wordt gemaakt. Op verzoek kan dit audioverslag worden toegestuurd. Indien daartoe aanleiding is, wordt het audioverslag in bepaalde gevallen alsnog schriftelijk uitgewerkt. Partijen worden op basis van gelijkwaardigheid gehoord en krijgen op die manier de gelegenheid om op uiteenlopende standpunten te reageren. Indien een zaak zich er voor leent, stimuleert de commissie partijen om gezamenlijk tot een oplossing te komen. In de praktijk maken bijna alle bezwaarmakers gebruik van de mogelijkheid om te worden gehoord.
Advisering Na de hoorzitting beraadslaagt de commissie in beslotenheid en neemt zij een standpunt in. Vervolgens stelt de secretaris een advies op. Als alle betrokken commissieleden het eens zijn met dit advies wordt dit uitgebracht aan het bestuursorgaan. Bij wijze van hoge uitzondering kan een commissielid een minderheidsstandpunt innemen, dat eveneens kan worden opgenomen in het advies. Dit was in de verslagperiode niet aan de orde. Het bestuursorgaan neemt, op basis van het advies van de commissie, een beslissing op het bezwaarschrift. Het advies van de commissie is niet bindend. Het bestuursorgaan kan van dit advies afwijken, maar moet de afwijking in de beslissing op bezwaar dan uitgebreid motiveren. Het advies van de commissie wordt als bijlage bij de beslissing op het bezwaar aan bezwaarmakers en eventuele andere belanghebbenden verzonden. Na ontvangst van de beslissing op bezwaar, kan de bezwaarmaker er voor kiezen om beroep in te stellen bij de rechtbank. Bezwaarmaker wordt door het bestuursorgaan hier op gewezen in de beslissing op bezwaar.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 6
1.6 Digitaal werken/vergaderapp De commissie werkt sinds een aantal jaren digitaal, sinds 2019 met de vergaderapp Notubox. De commissieleden krijgen hiermee toegang tot de digitale procesdossiers. Zij kunnen op die manier de relevante stukken snel en eenvoudig raadplegen en bewerken. Het vergaderen is hierdoor overzichtelijk en efficiënt met het bijkomend voordeel dat het milieubewust en kostenbesparend is aangezien er minder papier wordt verbruikt. Technisch werkt de vergaderapp Notubox prima en deze bevalt goed.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 7
2. Bijzonderheden in 2020 2.1 Coronavirus en -maatregelen Zoals de voorzitter in zijn voorwoord al heeft geschetst, werd ook het commissiewerk vorig jaar beïnvloed door het coronavirus en de overheidsmaatregelen die getroffen waren om verdere verspreiding van het virus te voorkomen. De commissie heeft twee hoorzittingen in maart en april 2020 in afstemming met het gemeentelijke beleidsteam afgelast vanwege het coronavirus. Dit in overleg en met toestemming van de betreffende bezwaarmakers. Voordat de hoorzittingen voor mei en juni 2020 werden ingepland, heeft het secretariaat telefonisch contact met bezwaarmakers opgenomen om af te stemmen of het inplannen van een fysieke hoorzitting op dat moment mogelijk en wenselijk was. Tijdens de hoorzittingen heeft de commissie naast de algemeen geldende hygiëne- en gezondheidsregels extra maatregelen getroffen om de hoorzittingen goed en gezond te laten verlopen. De hoorzittingen hebben doorgaans plaatsgevonden in de raadzaal, de grootste ruimte in het gemeentehuis en de vergaderplekken zijn na ieder gebruik schoongemaakt. Er hebben zich situaties voorgedaan dat vertegenwoordigers van het college om gezondheidsreden niet fysiek present konden zijn bij de hoorzittingen. In deze gevallen is gebruik gemaakt van MS Teams en konden zij online bij de hoorzittingen aanwezig zijn.
Deze oplossing werkte goed en heeft er mede voor gezorgd dat de inhoudelijke behandeling van de betreffende bezwaarschriften niet werd vertraagd.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 8
3.
De resultaten van 2020
3.1 Totaal aantal bezwaarschriften In dit jaarverslag zijn niet de bezwaarschriften meegenomen die als onderwerp ‘bezwaarschrift’ hebben, maar inhoudelijk een zienswijze of een klacht betreffen. Hoewel de commissie hier formeel een advies over kan geven, is in de gemeente Brummen afgesproken dat dit soort bezwaarschriften direct naar de vakafdeling gaan of naar de klachtencoördinator worden doorgestuurd. De betreffende vakafdeling betrekt deze als zienswijze gelijk bij de besluitvorming. Of de klachtencoördinator handelt de klacht af. Als vooraf niet duidelijk is welke procedure de burger wil volgen, wordt aan hem de keuze voorgelegd. Ondanks het feit dat 2020 vanwege alle corona-omstandigheden roerig was, was het qua bezwaarschriften een relatief rustig jaar zonder in het oog springende zaken. Het aantal ontvangen bezwaarschriften is nagenoeg hetzelfde als in 2019. Een vergelijking met voorafgaande jaren levert het volgende overzicht op.
Aantal ingediende bezwaarschriften
90
2010
70
80
2011
47
70
2012
79
60
2013
49
50
2014
55
40
2015
85
30
2016
72
20
2017
49
2018
64
10
2019
47
2020
46
0 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 9
3.2
Categorieën van bezwaarschriften
In de onderstaande tabel is voor de afgelopen vijf jaar aangegeven, hoeveel van de ingediende bezwaarschriften onder dezelfde regelingen vallen. Hierbij is aansluiting gezocht bij de onderverdeling in de vorige jaarverslagen. aantallen Onderwerp
2016
2017
2018
2019
2020
Wet werk en bijstand (Wwb)
2
Participatiewet (Pw) incl. WerkFit-traject
33
18
24
22
19
Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) Wet inkomensvoorziening oudere of gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ)
5
3
3
3
2
1
1
Minimabeleid
6
4
5
4
2
1
Jeugdwet (Jw)
1
Subsidie/Algemene Subsidie Verordening Brummen (ASV)
1
1
Overige subsidies
1
Verkeersbesluit/Wegenverkeerswet (WVW) Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) (bouw/strijdig gebruik)
1
5
9
11
2
13
Wabo (uitweg) Wabo (kap)
1
Algemene Plaatselijke Verordening Brummen (APV)
2
1
5
6
1
1
1
1
7
6
1
Wet ruimtelijke ordening (Wro)/planschade
7
Handhaving Wabo
3
Handhaving Wet milieubeheer (Wm) Wet openbaarheid van bestuur (Wob)
2
1
1 2
4
1 1
Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)
1 4
1
2
Wet basisregistratie gebouwen (BAG)
1
1
Basisregistratie Personen (BRP)
1
1
Leerlingenvervoer
1
Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs)
1
Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)
2
1
Paspoortwet/Paspoortuitvoeringsbesluit (Ppw/PUN)
1
Steunmaatregelen ivm Corona*
2
Totaal
72
49
64
47
46
* in deze: Tozo (tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers) Continuïteitsbijdrage zorgaanbieders tijdens corona De bezwaarschriften waren in 2020 zeer gevarieerd qua rechtsgebieden. Het accent lag – net als in de voorgaande jaren - op Pw-zaken, gevolgd door handhaving Wabo-zaken en Wabo (bouw / strijdig gebruik). Dat op het gebied van de Pw de meeste bezwaarschriften worden ingediend, is verklaarbaar door het verhoudingsgewijs grote aantal besluiten dat op dit vlak wordt genomen vergeleken met de overige rechtsgebieden.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 10
De bezwaarschriften zijn in 2020 als volgt verdeeld:
2020 Wwb Pw Wmo IOAW IOAZ Minimabeleid Jw ASV 1
1
11
overige subsidies 1
2
WVW 19
6
Wabo (bouw/strijdig gebruik) Wabo (uitweg) Wabo (kap) APV
1
6 1
1 1
2
2
Wro/planschade HH Wabo HH Wm Wob Wbp BAG BRP Leerlingenvervoer Wgs AVG Ppw Steunpakket Corona
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 11
3.3
Categorieën van bezwaarschriften en advisering
3.3.1
Algemeen
De termen gegrond, ongegrond en niet-ontvankelijk worden hieronder kort uitgelegd. Tevens wordt een korte toelichting gegeven op besluiten die naar aanleiding van een bezwaar worden herzien of ingetrokken. Gegrond Als de bezwaren gegrond worden geacht, wordt het bestuursorgaan geadviseerd tegemoet te komen aan de bezwaren en (over het algemeen) geadviseerd om het primaire besluit te herroepen. Ongegrond Er wordt niet tegemoet gekomen aan de bezwaren. Het primaire besluit wordt gehandhaafd, eventueel met aanpassing of aanvulling van de motivering en/of de wettelijke grondslag van het besluit. In dat opzicht is het bezwaar dan weliswaar terecht voorgedragen, maar van een formele gegrondverklaring spreken we pas als het besluit moet worden herroepen. Niet-ontvankelijk Bij het ‘niet-ontvankelijk’ zijn van een bezwaar kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de situatie dat het bezwaarschrift niet binnen de daarvoor gestelde termijn van zes weken is ingediend en er geen (verschoonbare) redenen door de bezwaarmaker zijn aangevoerd die de termijnoverschrijding kunnen rechtvaardigen. Of wanneer iemand op een te grote afstand woont van de activiteit waarvoor vergunning is verleend en om die reden niet als belanghebbende kan worden aangemerkt. Aan een inhoudelijke beoordeling van de bezwaren komt de commissie in deze gevallen dan niet toe.
Primair besluit herzien Het primaire besluit wordt door het bestuursorgaan herzien indien het bestuursorgaan bij de heroverweging van het (aangevochten) besluit tot de conclusie komt dat het besluit onterecht is genomen. Ingetrokken bezwaarschriften Hier gaat het om gevallen waarin het bezwaarschrift door de indiener is ingetrokken, bijvoorbeeld na een gesprek met het bestuursorgaan. Daar waar mogelijk neemt het bestuursorgaan namelijk (informeel) contact op met de bezwaarmaker om de (juridische) situatie uit te leggen of nader toe te lichten om de verdere behandeling van het bezwaar te voorkomen. 3.3.2
Werkproces commissie 2020 (tot en met uitbrengen advies)
In 2020 heeft de commissie elf hoorzittingen gehouden. Hierbij heeft zij 28 bezwaarschriften behandeld, waarvan vier zijn ingekomen in 2019 en 24 in 2020. Naar aanleiding van de in 2020 gehouden hoorzittingen heeft de commissie twintig adviezen uitgebracht aan het college. In zes zaken heeft de commissie tijdens de hoorzitting de behandeling van de bezwaarschriften aangehouden, omdat het college en bezwaarmakers in gesprek wilden gaan om tot een gezamenlijke oplossing te komen. In drie van deze zaken is dat gelukt. De bestreden besluiten zijn naar aanleiding van de gesprekken herzien, waarop de bezwaarmakers hun bezwaren hebben ingetrokken. De overige drie aangehouden bezwaarschriften betreffen één handhavingszaak, waarbij bezwaarmakers in overleg zijn met het college en momenteel de legalisatieprocedure doorlopen. Voor twee bezwaarschriften heeft de hoorzitting in december 2020 plaatsgevonden en is het advies in januari 2021 uitgebracht. Deze twee bezwaarschriften zijn eind 2020 dus nog in de werkvoorraad van de commissie. Daarnaast heeft de commissie in januari 2020 nog twee adviezen uitgebracht in bezwaarzaken waarbij de hoorzitting in december 2019 heeft plaatsgevonden. In één zaak heeft de voorzitter op grond van de bepalingen van de Awb in samenhang met de Verordening commissie bezwaarschriften besloten om het bezwaarschrift zonder te horen af te handelen.
Het advies luidde ‘kennelijk niet-ontvankelijk’ omdat aan het bezwaarschrift geen besluit ten grondslag lag.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 12
De onderstaande tabel geeft inzicht in de aantallen bezwaarschriften die in het jaar 2020 zijn ontvangen en de openstaande werkvoorraad van eerder ontvangen bezwaarschriften. Tevens geeft de tabel uitsluitsel over de advisering door de commissie per rechtsgebied, het aantal herziene en ingetrokken bezwaarschriften en het aantal bezwaarschriften dat op 31 december 2020 nog in behandeling is bij de commissie. INSTROOM bezwaren
Onderwerp
UITSTROOM bezwaren/ADVISERING
vooraad commissie per ingekomen in 01-01-2020 2020
Pw incl. WerkFit-traject
2
19
Wmo
2
2
Jw
1
Minimabeleid Verkeersbesluit/ Wegenverkeerswet (WVW)
2
Wabo (bouw/strijdig gebruik)
10
Wabo (kap)
1 2
1
BAG
1
BRP
1
Leerlingenvervoer
1
Ppw
1
Steunpakket Corona
46
3
4
2
1
3 1 1
3
2
1 1 3
1
1
3
1 1 1 1 1*
2 8
bezwaar ingetrokken
voorraad commissie per 31-12-2020
1 1
6
Handhaving Wm
primair besluit herzien 4
1
6 1
Totaal
advies: ongegrond
1 2
Wabo (uitweg) Handhaving Wabo
advies: gegrond
advies: advies: advies: gedeeltelijk kennelijk nietniet gegrond ontvankelijk ontvankelijk
1 0
19
2
1
1
12
1 7
12
* Bezwaar is ongegrond. Dit laat onverlet dat het besluit niet correct is genomen, omdat er verkeerde rechtsgevolgen aan gekoppeld waren en moest worden herzien.
Toelichting De commissie heeft vastgesteld dat over het algemeen de wettelijke grondslag goed is vermeld in de primaire besluiten. In besluiten op grond van de Participatiewet wordt dit regelmatig achterwege gelaten. Dit is in strijd met artikel 3:47 van de Awb. Hierin wordt bepaald dat in het besluit staat vermeld krachtens welk wettelijk voorschrift het besluit is genomen. De commissie heeft in deze gevallen dan ook geadviseerd om de bezwaarschriften ongegrond te verklaren met de toevoeging ‘onder aanvulling van de wettelijke grondslag’. Vergeleken met voorgaande jaren heeft de commissie deze toevoeging in de verslagperiode echter minder vaak opgemerkt. Zij ziet op dat punt dan ook een positieve ontwikkeling. De commissie heeft in de afgelopen jaarverslagen herhaald om aandacht gevraagd voor een zorgvuldige werkwijze bij het opstellen van besluiten, hoofdzakelijk bij besluiten op grond van de Participatiewet. Op dit punt ziet de commissie een positieve trend. In 2020 heeft zij nagenoeg geen zaken behandeld, waarbij het besluit is genomen namens het college van Apeldoorn in plaats van het college van Brummen. Opvallend was echter dat in de verslagperiode het aantal bezwaarschriften dat rechtstreeks bij de gemeente Apeldoorn is ingediend in plaats van bij het college van Brummen, groter was dan in de afgelopen jaren.
De commissie concludeert hieruit dat voor klanten/bijstandsgerechtigden niet altijd even duidelijk is voor welk onderwerp zij bij welke instantie moeten zijn. De commissie is daarom nog steeds van mening dat het meer duidelijkheid bij de burger kan scheppen als voor besluiten op grond van de Participatiewet briefpapier van de gemeente Brummen wordt gebruikt of waaruit tenminste overduidelijk blijkt dat de gemeente Apeldoorn namens de gemeente Brummen handelt. Dit ook uit het oogpunt van klantvriendelijkheid en zorgvuldigheid. Opmerkelijk in deze verslagperiode zijn de door de commissie tijdens de hoorzittingen aangehouden bezwaarschriften in het kader van de Wmo. Het college is in deze gevallen na de hoorzitting in gesprek gegaan met bezwaarmakers en de mogelijkheden en voorwaarden voor toekenning van voorzieningen zijn (opnieuw) onderzocht. In alle drie gevallen is men gezamenlijk tot een oplossing gekomen. De bestreden besluiten zijn alsnog herzien en bezwaarmakers hebben vervolgens hun bezwaarschriften ingetrokken. Los van het feit dat de commissie het uiteraard positief vindt dat het college en de bezwaarmakers uiteindelijk gezamenlijk tot een oplossing zijn gekomen, beveelt zij het college aan om dit soort onderzoeken en gesprekken al te doen bij de eerste heroverweging naar aanleiding van de bezwaarschriften.
Op die manier is het horen door de commissie wellicht niet nodig wat ten goede komt aan een snellere besluitvorming. De commissie kan zich daarnaast voorstellen dat het aantal bezwaren terug kan worden gebracht door de primaire besluitvorming in bepaalde gevallen nog zorgvuldiger voor te bereiden. Dit kan worden bereikt door diepgaander dossieronderzoek te doen of door voldoende informatie bij de intake- en de keukentafelgesprekken te vergaren over feiten en omstandigheden bij de beoordeling van Wmoaanvragen. Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 13
3.3.3
Doorlooptijden
3.3.3.1 Beslis- en adviestermijn algemeen Doorlooptijden zijn belangrijk, omdat de Awb wettelijke termijnen voorschrijft. Wanneer een bezwaarschriftencommissie is ingesteld moet het bestuursorgaan binnen 12 weken een beslissing op bezwaar nemen, gerekend vanaf de dag na het verstrijken van de bezwaartermijn (artikel 7:10, eerste lid, van de Awb). Omdat deze termijn in het algemeen met een externe bezwarencommissie niet haalbaar is, wordt in Brummen in nagenoeg alle gevallen de beslistermijn op grond van artikel 7:10, derde lid, van de Awb verdaagd met zes weken. Dit geschiedt doorgaans bij de bevestiging van de ontvangst van het bezwaarschrift. Binnen 18 weken moet derhalve op een bezwaarschrift worden beslist. Verder uitstel is alleen mogelijk voor zover de bezwaarmaker daarmee instemt en eventuele andere belanghebbenden daardoor niet in hun belangen kunnen worden geschaad. Dit uitstel kan nuttig zijn indien partijen de mogelijkheid onderzoeken om alsnog tot een oplossing te komen. Volgens vaste jurisprudentie zijn de genoemde termijnen, termijnen van orde. Dat betekent dat het bestuursorgaan ook na afloop van de termijn nog rechtsgeldig op een bezwaarschrift beslist.
Op grond van de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen verbeurt het bestuursorgaan bij het uitblijven van een tijdige beslissing – na een schriftelijke ingebrekestelling door een belanghebbende – een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is. Deze dwangsom kan oplopen tot maximaal € 1.442. Voor het bestuursorgaan is het derhalve van groot belang om tijdig te beslissen op een bezwaarschrift. In 2020 is één keer een dwangsom verbeurd over het volle bedrag. Echter, dit betrof een specifieke zaak, waarbij de rechter in hoger beroep in zijn uitspraak van december 2019 heeft bepaald dat het college een nieuwe beslissing op bezwaar moest nemen. Er zijn in de verslagperiode verder geen dwangsommen verbeurd voor het niet tijdig beslissen op een bezwaar. Wanneer de procedure in verband met een verzuim van de kant van de bezwaarmaker nog niet kan beginnen, bijvoorbeeld omdat het bezwaarschrift niet gemotiveerd of niet ondertekend is, wordt de termijn opgeschort vanaf het moment waarop de bezwaarmaker in de gelegenheid wordt gesteld het gebrek te herstellen. De termijn begint weer te lopen op de dag waarop het herstel door het bestuursorgaan wordt ontvangen of de voor het herstel geboden termijn is verstreken. Het bestuursorgaan is primair verantwoordelijk voor het naleven van de beslistermijnen. De behandelingstermijn bij de commissie telt hierbij echter wel mee.
Het halen van de beslistermijnen is hiermee een gezamenlijke verantwoordelijkheid van het betreffende bestuursorgaan en de commissie. 3.3.3.2 Overzicht doorlooptijden 2020 De volgende tabel geeft een beeld over de doorlooptijden van de bezwaarschriften. Hierbij wordt het gehele proces beschouwd, dit wil zeggen van de ontvangst van het bezwaarschrift tot het nemen van de beslissing op het bezwaar door het bestuursorgaan.
Maand
voorraad commissie per 01-01-2020
Aantal ontvangen bezwaren
Doorlooptijd <12 wkn
Doorlooptijd >12 wkn - <18 wkn
Doorlooptijd >18 wkn
Januari
8
7
3
3
1
Februari
3
2
1
Maart
12
5
1
3
April
4
1
2
1
Mei
4
2
1
1
Juni
4
2
2
Juli
3
Augustus
3
1
September
1
1
Oktober
2
November
3
December
4
Totaal
8
46
1
voorraad commissie per 31-12-2020
31-12-2020 nog geen b.o.b. genomen door het college
3
2 1
1
2 1
2 4
18
9
14
12
1
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 14
Vorenstaande tabel ziet er schematisch als volgt uit:
December
31-12-2020 nog geen b.o.b. genomen door het college
November Oktober
voorraad commissie per 31-12-2020
September
Doorlooptijd >18 wkn
Augustus Juli
Doorlooptijd >12 wkn - <18 wkn
Juni Mei
Doorlooptijd <12 wkn
April Maart
Aantal ontvangen bezwaren
Februari Januari 0
2
4
6
8
10
12
14
voorraad commissie per 01-01-2020
Op jaarbasis 2020 zien de doorlooptijden er als volgt uit: 50 45 40 35 30 25 20 15 10 5 0 Aantal bezwaren ingekomen 2020
Doorlooptijd <12 wkn
Doorlooptijd >12 wkn - < 18 wkn
Doorlooptijd > 18 wkn
voorraad 31-12-2020 commissie nog geen b.o.b. per 31-12-2020 genomen door het college
Uit de bovenstaande tabel is te concluderen dat van de in 2020 ontvangen bezwaarschriften 56% binnen de wettelijke termijnen zijn afgehandeld. Let op: Dit percentage is feitelijk nog iets hoger. Van de bezwaarschriften die op 31-12-2020 in de werkvoorraad van de commissie waren, zal een deel in 2021 ook binnen de wettelijke termijnen worden afgehandeld. Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 15
Een groot deel van de bezwaarschriften werd net zoals in de voorafgaande jaren zonder hoorzitting afgehandeld, omdat het primaire besluit na beoordeling van de vakafdeling werd herzien. De meeste van deze bezwaarschriften werden dan ook ruimschoots binnen de beslistermijn afgerond. Doorlooptijd tussen ontvangst bezwaarschrift en hoorzitting In 2020 duurde het gemiddeld twaalf weken voordat een bezwaarschrift op een hoorzitting van de commissie werd behandeld. Dit is bijna een verdubbeling ten opzichte van 2019 en 2018 waarin de gemiddelde doorlooptijd tussen ontvangst van een bezwaarschrift tot de hoorzitting telkens rond de zes weken was. Helaas is het in 2020 niet gelukt om de positieve trend van de jaren daarvoor door te zetten. De oorzaken hiervoor zijn hoofdzakelijk als volgt. Opmerkelijk was in de verslagperiode dat elf bezwaarschriften in eerste instantie pro forma, dus op nader aan te voeren gronden, werden ingediend. Dat is veel meer dan in voorgaande jaren. In deze zaken lieten bezwaarmakers zich bijstaan door advocaten en heeft het bestuursorgaan op hun verzoek een termijn voor aanlevering van de bezwaargronden geboden. In de regel bedraagt deze termijn vier weken. De beslistermijn voor de beslissing op bezwaar wordt met deze termijn opgeschort en komt daardoor dan ook niet in geding.
De behandeling van de betreffenden bezwaarschriften duurt vanwege deze termijn uiteraard langer. Daarnaast zijn er vaak al gesprekken tussen een bestuursorgaan en bezwaarmaker(s) voordat een zitting gepland kan worden. In de gevallen dat deze gesprekken niet tot het gewenste effect leiden, kan er een behoorlijke vertraging zijn ontstaan, voordat de zaak op een hoorzitting wordt behandeld. In de verslagperiode vallen verder drie zaken op, waarbij het college in het voortraject om reactie en informatie van bezwaarmakers heeft gevraagd om de bezwaarschriften in de heroverweging inhoudelijk te kunnen beoordelen. De reacties duurden in deze gevallen langer dan gebruikelijk hetgeen ook terug te zien is in de doorlooptijden. Ten slotte heeft ook het coronavirus roet in het eten gegooid en invloed gehad op het inplannen van de hoorzittingen. Al met al zijn er slechts twee hoorzittingen in (het voorjaar) 2020 in overleg met het gemeentelijke beleidsteam en met toestemming van de betreffenden bezwaarmakers geannuleerd. Toch zorgde het uitstellen van deze hoorzittingen ervoor dat die drie bezwaarschriften later dan oorspronkelijk gepland door de commissie konden worden behandeld, waardoor de doorlooptijden van deze zaken vertraagd werden met zes dan wel zeven weken. De commissie heeft moeten accepteren dat het voortraject in 2020 aanzienlijk meer tijd kostte dan in de afgelopen jaren.
De hoofdoorzaak voor de vertraging is, zoals hiervoor is toegelicht, het indienen van pro forma bezwaarschriften. Dit behoort wettelijk tot de mogelijkheden van bezwaarmakers. Het college noch de commissie hebben hier invloed op en konden/kunnen de procedure ten aanzien van dat punt dan ook niet versnellen. Doorlooptijd tussen hoorzitting en uitbrengen advies commissie De gemiddelde doorlooptijd, waarbinnen de commissie een advies heeft uitgebracht, was in 2020 ongewijzigd ten opzichte van 2019. Gemiddeld is het advies van de commissie binnen drie weken na de hoorzitting uitgebracht aan het college. Doorlooptijd tussen uitbrengen advies commissie en beslissing op bezwaar Het college heeft in 2020 gemiddeld binnen vier weken na het uitbrengen van het advies door de commissie een beslissing op bezwaar genomen. Vergeleken met 2019 en 2018 is dat een week langer. Hierbij wil de commissie positief opmerken dat het college de beslissingen op bezwaar in het kader van de Participatiewet gemiddeld ruim een week sneller heeft genomen dan gemiddeld in de overige vakgebieden.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 16
3.3.4 Beslissing op bezwaar en beroep De commissie ontvangt graag informatie over de beslissingen op bezwaar en eventuele uitspraken van rechters in (hoger) beroep. Op deze manier houdt zij het overzicht hoe er wordt omgegaan met haar adviezen. In de verslagperiode heeft de commissie deze terugkoppeling veelal niet gehad. Zij vraagt de bestuursorganen daarom nogmaals om aandacht hiervoor. Voor zover bekend, heeft het college in 2020 de adviezen van de commissie in alle zaken overgenomen. De verantwoordelijkheid van de commissie houdt op na het uitbrengen van het advies. Toch vindt zij het van belang om te kijken naar het aantal gerechtelijke procedures, dat wordt ingesteld tegen de beslissing op bezwaar en de uitspraken van de rechter met betrekking tot deze zaken. Onder andere om hier zelf iets van te leren. In het verslagjaar is tegen zaken waarin de commissie in 2020 advies heeft uitgebracht zes keer beroep ingesteld bij de rechtbank Gelderland. Alle beroepszaken lopen nog. Daarnaast zijn in 2020 twee beroepschriften door de rechtbank Gelderland behandeld waarover de commissie in 2019 advies heeft uitgebracht. In één zaak heeft de eiser tijdens de zitting bij de rechtbank het beroep ingetrokken. In de andere zaak heeft de rechter het beroep gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd.
Een derde zaak waarin de commissie in 2019 heeft geadviseerd, is niet inhoudelijk behandeld. De rechtbank heeft dat beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet betaald was. Tevens loopt nog een hogere beroepsprocedure in een sociale zaak waarin de commissie in 2019 heeft geadviseerd. De voorzieningenrechter had met toepassing van artikel 8:86 van de Awb niet alleen uitspraak gedaan op het verzoek om voorlopige voorziening, maar ook op het beroep beslist. Hij heeft het beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en zelf in de zaak voorzien. Tegen deze uitspraak is in 2019 hoger beroep ingesteld door de eiser.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 17
4.
Conclusies en aanbevelingen
In dit jaarverslag wordt naast een totaaloverzicht, een overzicht van aantallen bezwaarschriften en de dicta voor de afgehandelde bezwaarschriften gegeven en wordt ingegaan op de doorlooptijden. Verder wil de commissie haar conclusies en aanbevelingen geven. Deze aanbevelingen zijn bedoeld om het “eindproduct”, de beslissing op bezwaar, zo goed mogelijk te laten zijn. Namelijk zowel juridisch juist, zorgvuldig tot stand gekomen en dienstverlenend naar de bezwaarmakers toe. Samenvatting van conclusies en aanbevelingen: 1. De commissie stelt vast dat de ambtelijke vertegenwoordiging tijdens de hoorzittingen vorig jaar in nagenoeg alle gevallen van een goed niveau was. Over het algemeen zijn de vertegenwoordigers goed voorbereid en ter zake kundig. Zij voelen zich betrokken bij de bezwarenprocedure, lichten toe, denken en bewegen zich waar mogelijk mee. Niettemin raadt de commissie het college aan om nieuwe medewerkers, die geen bestuursrechtelijke achtergrond hebben en het college tijdens bezwaar- of beroepsprocedures gaan vertegenwoordigen, hierin te begeleiden en/of te (laten) scholen. Dit uit het oogpunt van professionaliteit en klantvriendelijkheid. Zowel bezwaarmakers als de commissie, maar vooral de medewerkers zelf zullen hier baat bij hebben. 2.
De aan de commissie beschikbaar gestelde procesdossiers zijn tijdig, compleet, op chronologische volgorde en voorzien van een inventarisatielijst aangeleverd. In deze context wijst de commissie er in het kader van de AVG wederom op dat de overhandigde dossiers alleen informatie mogen bevatten die de commissie voor de behandeling van de bezwaarschriften ook daadwerkelijk nodig heeft. Telefoonnummers, e-mailadressen etc. van privépersonen dienen te worden geanonimiseerd/doorgehaald.
3.
De commissie vraagt aandacht voor een zorgvuldige bekendmaking van verordeningen en beleidsregels. In de verslagperiode waren besluiten in het kader van de Participatiewet deels op verordeningen of beleidsregels gebaseerd die (nog) niet gepubliceerd waren op www.overheid.nl. Daarnaast deden zich situaties voor waarin nieuwe beleidsregels weliswaar waren vastgesteld, maar waarbij vergeten was om de voorgaande regels officieel door een besluit in te trekken.
4.
De kwaliteit van de primaire besluitvorming is over het algemeen goed. De commissie ziet positieve ontwikkelingen voor wat betreft het benoemen van de correcte wettelijke grondslag in de primaire besluiten. Een aandachtspunt blijft een deugdelijke motivering. Dit ten aanzien van zowel een zorgvuldige voorbereiding van besluiten waarbij tot de vaststelling van alle relevante feiten moet worden gekomen als op een voor belanghebbende kenbare motivering die het besluit kan dragen. Zorg ervoor dat besluiten hierbij leesbaar zijn/blijven. De commissie adviseert om na te gaan hoe dat in de werkprocessen kan worden verankerd, zodat de kwaliteit van de besluitvorming steeds beter wordt.
5.
Uit het oogpunt van klantvriendelijkheid is het wenselijk een belanghebbende voorafgaand aan een (belastend/afwijzend) besluit uitleg hierover te geven. Op deze wijze kan in sommige gevallen een bezwarenprocedure worden voorkomen.
6.
Net als in de verslagen van de afgelopen jaren wijst de commissie het college er op dat in het kader van de Participatiewet voor klanten duidelijker moet worden dat de uitvoering hiervan uitbesteed is aan de gemeente Apeldoorn/Activerium Apeldoorn. Dat geldt zowel voor besluiten maar ook voor overige correspondentie. Dit om verwarring te voorkomen en irritatie bij burgers weg te nemen.
7.
In het verlengde hiervan beveelt de commissie het college aan om klanten in het kader van de Participatiewet helder te informeren over de taakverdeling van klantmanagers werk & participatie en (de medewerkers van) het Activerium Apeldoorn. Uit verschillende zaken is gebleken dat niet altijd even inzichtelijk is waar klanten met hun specifieke vragen en problemen terecht kunnen. Daarnaast raadt de commissie het college ook aan om de taken en verantwoordelijkheden van een klantmanager werk & participatie aan klanten duidelijker te maken. Dit om te voorkomen dat er verwachtingen worden geschept die niet waargemaakt kunnen worden. Voor klanten moet helder zijn dat zij verantwoordelijk zijn en blijven voor het nakomen van op hen rustende verplichtingen op grond van de Participatiewet ook al is er een klantmanager ingeschakeld voor de begeleiding.
8.
De commissie vraagt het bestuursorgaan om aandacht voor de beslistermijnen en indien deze niet gehaald worden om deze tijdig aan te houden/te verdagen. Soms moeten bezwaarmakers nog lang wachten op een beslissing op hun bezwaar, terwijl het advies van de commissie al is uitgebracht. Voor bezwaarmakers is het
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 18
van belang om snel duidelijkheid te krijgen. Tijdige besluitvorming draagt bovendien bij aan de indruk van burgers dat hun bezwaar serieus wordt genomen. De commissie hoort graag wat er gedaan wordt met haar conclusies en aanbevelingen. Zij kan hier dan vervolgens rekening mee houden of daar in een volgend verslag expliciet op ingaan.
Jaarverslag commissie bezwaarschriften 2020 19