(153) De Participatievisie 2024-2028 vast te stellen D434284
Tekst van het document
434284
Participatie visie
Inhoud
Participatievisie 2024 -2028 Voorwoord
3
1. Inleiding
4
2. Participatie: zo doen wij dat!
6
3. Participatie: wat en waarom
7
4. Wettelijk kader
8
5. Uitgangspunten participatie
10
6. Betrokken partijen en hun rollen
19
Slot
21
Voorwoord
Participatievisie | 3
1. Inleiding Aanleiding Als gemeente willen we graag samenwerken met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Om wonen, werken en recreëren in de gemeente (nog) fijner te maken. Dat doen we natuurlijk al, maar we zien ruimte voor verbetering. Zeker nu er zoveel grote maatschappelijke opgaven zijn, die veel van de gemeente en haar inwoners vragen. Denk bijvoorbeeld aan het behoud van voorzieningen in de verschillende kernen, goede bereikbaarheid, de energietransitie, vluchtelingenopvang, centrumontwikkelingen en de wooncrisis. Het is daarom belangrijk dat inwoners en anderen weten op welke manieren ze invloed kunnen uitoefenen op gemeentebeleid, plannen of werkzaamheden van de gemeente. En hoe gemeente Brummen initiatieven vanuit de samenleving kan ondersteunen. De rol die alle betrokken partijen hierin krijgen en nemen moet voor iedereen duidelijk zijn. Voor inwoners, ondernemers en andere organisaties. Maar ook voor de gemeentelijke organisatie zelf. Dit vormde aanleiding voor het opstellen van een nieuw beleidskader voor participatie. Het belang daarvan wordt nog versterkt doordat enkele wettelijke ontwikkelingen vragen om een duidelijke en meer planmatige aanpak van participatie door de gemeente. Dit zijn vooral het wetsvoorstel Versterking participatie op decentraal niveau en de Omgevingswet die op 1 januari 2024 van kracht werd.
Participatievisie | 4
Doel Als gemeente willen we de samenwerking met inwoners, ondernemers en maat schappelijke organisaties versterken. We geloven in de kracht van de samenleving. Daarom is het belangrijk dat we goede mogelijkheden voor participatie bieden. En dat we participatie inbedden in de voorbereiding, planning en uitvoering van werkzaamheden. Maar ook in beleidsen planvorming en bij evaluaties. Deze participatievisie laat zien waar we als gemeente voor staan als het gaat om de samenwerking tussen gemeente en gemeenschap. De visie geeft daarmee richting aan onze participatietrajecten. Al blijft participatie in de kern altijd maatwerk.
Aanpak Met deze Participatievisie borduren we voort op de eerdere gemeentelijke beleidskaders voor participatie ‘Samen beter’ (2010), ‘Wij werken voor Brummen’ (2016) en de ‘Participatiewijzer’ (2018). Met deze visie geven we opvolging aan het advies uit de evaluatie van de Participatiewijzer in 2020, om scherp te krijgen wat de Brummense principes zijn als het gaat om participatie. De wijk- en dorpsraden, de Maatschappelijke Adviesraad (MAR) en de raadswerkgroep Participatie en gebiedsgericht werken hebben inbreng gegeven. Daarnaast hebben we een enquête en straatinterviews onder inwoners gehouden. Ook is er een enquête onder medewerkers van de gemeente afgenomen. Dit alles heeft waardevolle inzichten opgeleverd.
Participatievisie | 5
2. Participatie: zo doen wij dat! In de gemeente Brummen hanteren we de volgende zes uitgangspunten voor participatie:
A.
B.
C.
Iedereen die wil participeren kán participeren!
In participatietrajecten werken we gestructureerd volgens vaste stappen
We betrekken belanghebbenden vroegtijdig bij gemeenteplannen
D.
E.
F.
We zijn duidelijk over invloed én uitkomsten
We leren van ervaringen en verbeteren daarmee de aanpak van participatie
Heldere communicatie over participatie is voor ons vanzelfsprekend
De uitgangspunten worden in deze Participatievisie verder toegelicht.
Participatievisie | 6
3. Participatie: wat en waarom Wat is participatie?
Participatie gaat over meedenken en meedoen. Over gemeente en inwoners of organisaties die samenwerken. Dat werkt twee kanten uit: het gaat over initiatieven van de gemeente waaraan inwoners en organisaties kunnen meedoen. En over initiatieven uit de samenleving, waar de gemeente aan mee kan doen. Het gaat hier niet om participatie in de zin van de Participatiewet. Die wet heeft betrekking op iedereen die kan werken maar het op de arbeidsmarkt zonder ondersteuning niet redt. Participatie in die context betekent deelname aan de arbeidsmarkt.
Waarom participatie? In zijn algemeenheid heeft participatie als doel om alle verschillende perspectieven en belangen bij een vraagstuk in beeld te brengen, zodat een goede belangenafweging gemaakt kan worden. Maar per participatietraject kunnen ook specifieke doelen gesteld worden, zoals: • tot een beter plan of besluit komen; • een zorgvuldig besluitvormingsproces doorlopen; • de eigen kracht van de gemeenschap versterken; • betrokkenheid of vertrouwen tussen inwoners en overheid vergroten.
En verschillende andere doelen zijn denkbaar. Eind 2023 hebben we een enquête gehouden onder inwoners. Daaruit kwam naar voren dat de meerderheid van de deelnemers het (heel) belangrijk vindt dat de gemeente inwoners betrekt bij het bedenken en uitvoeren van plannen. De meest genoemde reden om als inwoner betrokken te zijn bij gemeenteplannen is dat men de eigen buurt wil verbeteren. Gevolgd door de wens om de belangen van de buurt te bewaken. Deelnemers aan de enquête zijn van mening dat participatie bijdraagt aan meer draagvlak voor plannen en meer vertrouwen in de gemeente. Het vergroten van draagvlak voor plannen kan inderdaad een effect zijn van participatie. Zo kan goede participatie ervoor zorgen dat het aantal zienswijzen en beroepen na besluitvorming sterk gereduceerd wordt en daarmee het planproces van voor tot achter soepeler en sneller verloopt. Maar een belangrijke kanttekening daarbij is dat niet iedereen het altijd eens kan en hoeft te zijn met besluiten die worden genomen. Er spelen namelijk vaak tegenstrijdige maatschappelijke en particuliere belangen. Participatie heeft dan niet tot doel mensen van gedachten te laten veranderen of op een ander standpunt te sturen. Participatie zetten we in dergelijke situaties in om die belangen te onderscheiden en zorgvuldig tegen elkaar af te wegen.
En voor het creëren van begrip en respect voor elkaars belangen en standpunten.
Participatievisie | 7
4. Wettelijk kader Betrokkenheid van inwoners en andere belanghebbenden bij gemeentelijk beleid is op verschillende manieren geregeld. De zogenoemde Inspraakverordening stelt inwoners in staat om een zienswijze te geven over een beleidsvoornemen. Ook is er een Verordening Burgerinitiatief in Brummen. Op basis van die verordening kunnen inwoners, onder bepaalde voorwaarden, een onderwerp op de agenda van de vergadering van de gemeenteraad plaatsen. Wetten in het sociaal domein verplichten gemeenten om actief invulling te geven aan burgerparticipatie. Daarbij kan het gaan om cliëntenparticipatie. Dat houdt in dat cliënten worden betrokken bij beleid, werkwijzen of ontwikkelingen in de zorg-, hulp- en dienstverlening waar zij een beroep op doen. De Maatschappelijke Adviesraad (MAR) is onderdeel van de manier waarop participatie in het sociaal domein is ingericht. Vanuit de Rijksoverheid wordt gewerkt aan de invoering van de Wet Versterking participatie op decentraal niveau. Het vroegtijdig betrekken van inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden wordt hiermee nog beter wettelijk verankerd. Een andere recente ontwikkeling is dat op 1 januari 2024 de Omgevingswet van kracht is geworden. Deze wet bevat ook bepalingen over participatie. Beide wetten worden hieronder toegelicht.
Wetsvoorstel Versterking participatie op decentraal niveau Het gemeentebestuur wordt met deze wet verplicht haar inwoners en belanghebbenden niet alleen in staat te stellen om te participeren bij de totstandkoming van gemeentebeleid en plannen, maar ook om hen te betrekken bij de uitvoering en evaluatie van beleid. Dat wordt, nadat de wet is aangenomen, vastgelegd in een gemeentelijke Participatieverordening. Daarmee moet duidelijker worden hoe de gemeente ruimte biedt aan participatie. Deze Participatievisie legt al de basis daarvoor. In de verordening moet ook opgenomen worden hoe de gemeente omgaat met het uitdaagrecht. Dat is een specifieke vorm van participatie waarbij bewoners de gemeente uitdagen om de uitvoering van een taak over te nemen, omdat zij dat beter of goedkoper denken te kunnen doen. Het gaat dan bijvoorbeeld om het beheer of onderhoud van een park of buurthuis.
Participatievisie | 8
Omgevingswet De Omgevingswet bevat bepalingen over de ruimte waarin mensen wonen, werken en ontspannen. Deze nieuwe wet voegt oude wetten samen en bevat regels voor wat er buiten te zien, ruiken en horen is. De wet bevat ook regels voor participatie. Gemeenten en andere overheden moeten omwonenden, bedrijven en organisaties betrekken bij het opstellen van plannen voor de omgeving. In de definitieve plannen moet staan welke omwonenden, bedrijven en organisaties om hulp of advies zijn gevraagd. En wat het resultaat daarvan is. De gemeenteraad heeft in een beleidsregel vastgelegd welke procedure hierbij gevolgd moet worden. Ook inwoners, ondernemers of anderen die een omgevingsvergunning aanvragen moeten volgens de Omgevingswet aangeven of zij omwonenden hebben betrokken bij hun plannen.
Participatievisie | 9
5. Uitgangspunten participatie Hieronder gaan we nader in op de zes uitgangspunten die we hanteren voor participatie. Daarbij is steeds aangegeven of het gaat om het betrekken van de samenleving bij plannen, beleid of ingrepen van de gemeente of om gemeentelijke betrokkenheid bij initiatieven uit de samenleving.
Uitgangspunt A: Iedereen die wíl participeren kán participeren Als gemeente willen we ernaar streven om alle inwoners te bereiken en betrekken, om alle perspectieven en belangen in beeld te krijgen. In de praktijk zien we dat een relatief kleine groep inwoners en ondernemers vaak aanwezig is bij participatiemomenten en actief betrokken is bij planvorming. Maar een groot deel van de samenleving doet niet vanzelfsprekend mee en is voor de gemeente moeilijk bereikbaar. We zijn natuurlijk blij met de betrokkenheid van de actieve groep participanten, maar de samenstelling van deze groep is niet altijd representatief voor de samenleving van gemeente Brummen. Daarom vinden wij het belangrijk ook de zogenoemde ‘stille meerderheid’ zo goed mogelijk te bereiken. Hoewel niet iedereen wil participeren, is het voor de versterking van de democratie noodzakelijk dat zo veel mogelijk mensen in elk geval kúnnen participeren. Als gemeente willen we extra inzet plegen om ook die groepen te bereiken en te betrekken die niet vanzelfsprekend meedoen, om participatie echt inclusief te maken. Zodat iedereen die wíl participeren ook kán participeren.
Voorbeelden uit de Brummense praktijk Participatie is niet nieuw in de gemeente Brummen. Inwoners en andere belanghebbenden worden op verschillende manieren betrokken bij beleid, plannen en werkzaamheden van de gemeente. Enkele voorbeelden zijn: • Om inwoners te kunnen bevragen over bepaalde thema’s beschikken we als gemeente sinds 2014 over het inwonerspanel BrummenSpreekt. In januari 2024 zijn ongeveer 1250 mensen bij het panel ingeschreven. Vragenlijsten worden online aangeboden, maar panelleden zonder computer(vaardigheden) krijgen een papieren versie toegestuurd. • Bij ruimtelijke ontwikkelingen of thema’s in het sociaal domein organiseren we vaak één of meerdere bijeenkomsten, waar belanghebbenden en geïnteresseerden informatie ontvangen, vragen kunnen stellen, zorgen kunnen delen en ideeën kunnen inbrengen. • Vanaf 2023 stelt de gemeente Brummen elk jaar een kinderburgemeester aan, die de stem van
kinderen beter moet laten doorklinken bij de politiek. • Als gemeente ontwikkelen we een gebiedsgerichte aanpak, waarmee we in 2023 en 2024 experimenteren. Dat betekent dat we samenwerken met inwoners, partners en maatschappelijke organisaties om de leefbaarheid in een buurt te verbeteren. Participatie neemt vanzelfsprekend een centrale rol in bij een gebiedsgerichte werkwijze. We maken gebruik van verschillende instrumenten en methoden, met als doel een zo representatief mogelijke groep inwoners uit een buurt te spreken. We gaan langs de deur bij mensen, organiseren bijeenkomsten op straat en zoeken ingangen via verenigingen en maatschappelijke organisaties.
Participatievisie | 10
Als er sprake is van grote ontwikkelingen, kan participatie structureler of langduriger worden ingericht. Enkele voorbeelden: • Er is een klankbordgroep met deelnemers uit de samenleving voor de ontwikkelingen rondom Eerbeek-Loenen 2030. Die kijkt, op zowel ambtelijk als bestuurlijk niveau, op vertrouwelijke basis kritisch mee naar de inrichting van participatie in de verschillende fasen van de projecten binnen het programma. • Er is ook een klankbordgroep toerisme, die meedenkt over ontwikkelingen in het kader van toerisme en recreatie. Deze bestaat uit vertegenwoordigers van onder meer enkele dorpsraden, centrum ondernemersverenigingen én ondernemersvertegenwoordiging van niches in de toerisme- en recreatiesector. • Bij de eerste tenderprocedure voor de realisatie van zonnevelden in 2022 zijn omgevingsadviesraden aangesteld. Daarin namen zowel omwonenden van beoogde locaties als inhoudelijke experts deel. In de verschillende stadia van het proces dachten de omgevingsadviesraden mee en brachten advies uit over de realisatie van de zonnevelden. • Bij het proces om te komen tot een omgevingsvisie werken we met het zogenoemde O-LAB. Dat is een burgerklankbordgroep bestaande uit inwoners die zoveel mogelijk een afspiegeling vormen van de inwoners van de gemeente.
Een Brummense instrumentenmix De hierboven genoemde (en andere al toegepaste) vormen van participatie willen we, als lerende organisatie, verder verbeteren. Daarnaast willen we nieuwe instrumenten voor participatie verkennen. Het voornaamste doel daarbij is om een bredere groep inwoners te bereiken. En daarmee de verbinding tussen gemeente en inwoners te versterken. Daarom zoeken we naar een goede balans in fysieke en digitale instrumenten. En naar verschillende communicatievormen, van inwoners die schriftelijke inbreng kunnen geven, tot groepssessies en dialoog. Bij de keuze van een instrument zijn de vraag- en doelstelling van de participatie altijd leidend. En zeker bij grotere participatietrajecten streven we naar een goede mix van instrumenten die past bij Brummen en waarmee we een zo divers mogelijke groep aanspreken.
Participatievisie | 11 2
Zie Visie gebiedsgericht werken, 2024.
Uitgangspunt B: In participatietrajecten werken we gestructureerd volgens vaste stappen Medewerkers van de gemeente die een participatie traject opzetten doen dat door vaste stappen te volgen. Aan de hand van een aantal te beantwoorden vragen wordt een onderbouwde keuze gemaakt voor een passende participatieaanpak. Voor aanvang van elk project, plan of maatregel wordt de afweging gemaakt of er wel of geen participatie georganiseerd wordt. Het streven is om participatie zoveel mogelijk toe te passen. Vervolgens wordt de participatie in de planning opgenomen. De projectleider stemt dat af met de adviseurs gebiedsgericht werken en participatie. Er wordt een participatieaanpak opgesteld, aan de hand van de volgende vragen:
1. Wat zijn doel, context en tijdspad van het project/maatregel/verandering? 2. Wat zijn de redenen voor en doel van participatie in dit project/maatregel/ verandering? 3. Wie kunnen participeren? Wat is hun rol en wat zijn hun belangen? 4. Wat is de ruimte voor invloed? Welk participatieniveau is op welke (groep van) participanten van toepassing? En welke bestuursstijl vloeit daaruit voort?
5. Welke participatie-instrumenten worden ingezet? 6. Hoe en wanneer worden wijk- en dorpsraden en/of de MAR betrokken? 7. Welke communicatiemiddelen worden ingezet voor welke doelgroepen? Op welk moment? Worden middelen ingezet voor specifieke, moeilijk bereikbare doelgroepen? 8. Hoeveel tijd, geld en capaciteit is nodig en is dit beschikbaar? 9. Hoe, wanneer en met wie wordt het participatietraject geëvalueerd?
Voor het beantwoorden van deze vragen kunnen mede werkers gebruik maken van een toolbox met instrumenten. Deze is momenteel in ontwikkeling. De gekozen aanpak wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de portefeuillehouder, stuurgroep en/of het college. In het geval van beleid, projecten of maatregelen die op de Lange Termijn Agenda (LTA) staan, wordt het participatieplan ook ter kennis gebracht aan de gemeenteraad. Medewerkers kunnen bij het voorbereiden en uitvoeren van een participatietraject advies vragen aan de adviseurs gebiedsgericht werken en participatie. Bij aanvang van elk participatietraject wordt duidelijk gemaakt aan deelnemers wat de ruimte voor invloed is. Zo snel mogelijk na het participatiemoment wordt teruggekoppeld wat er met de inbreng van deelnemers is gedaan. Grotere participatietrajecten worden altijd geëvalueerd.
Participatievisie | 12
Uitgangspunt C: We betrekken belanghebbenden vroegtijdig bij gemeenteplannen We informeren belanghebbenden over beleid, plannen of werkzaamheden van de gemeente en betrekken hen daarbij. Dit doen we in een vroeg stadium.
Mate van invloed: de participatieladder Een participatieladder geeft verschillende niveaus (tredes) van participatie weer. Gemeente Brummen hanteert de participatieladder van Partners & Pröpper, die de relatie laat zien tussen participatieniveaus en bestuursstijlen. Elke bestuursstijl creëert een bepaalde ruimte voor deelnemers aan een participatietraject om nieuwe ideeën of aanpassingen op plannen in te brengen. Hoe hoger de trede, hoe groter de inhoudelijke openheid van het bestuur en hoe groter de invloed die participanten kunnen uitoefenen. Bij elk participatiemoment moet bedacht worden wat de best passende trede op de participatieladder is. Hoger op de ladder is daarbij niet noodzakelijk beter. Wat goed en zinvol is hangt af van de situatie. Doorgaans geldt dat, hoe hoger op de ladder, hoe minder mensen betrokken (willen) zijn. Omdat het participatieproces complexer wordt en meer inzet en verantwoordelijkheid vraagt van participanten. Gemeente Brummen kiest ervoor om, waar mogelijk, in te zetten op het vroegtijdig betrekken van belanghebbenden (minimaal de trede ‘participatieve bestuursstijl’, met de rol ‘adviseur beginspraak’ voor de participant). Hiervan wordt alleen afgeweken als er specifieke, goed onderbouwde redenen voor zijn.
De onderste twee tredes (Geen rol en Toeschouwer) beschouwen we niet als vormen van participatie. Daarbij is tenslotte geen rol weggelegd voor de samenleving.
Informeren, niet betrekken Natuurlijk zijn er ook voorbeelden te bedenken waarbij inwoners, ondernemers en organisaties niet of op een laat moment worden betrokken. Denk daarbij aan de volgende situaties: • als een plan of maatregel voortvloeit uit vastgesteld beleid/wetgeving/noodzaak en er maar één manier is om dat uit te voeren; • als er sprake is van een hoog-urgente of noodsituatie die om acuut handelen vraagt; • wanneer het gaat om een vertrouwelijke zaak; • als het gaat om zaken die zo weinig invloed hebben op het leven van inwoners dat participatie geen toegevoegde waarde heeft. In dergelijke gevallen is het uiteraard wel van belang dat de samenleving goed wordt geïnformeerd over ontwikkelingen.
Participatievisie | 13
Vorm van participatie (rol van participant)
Bestuursstijl (rol van bestuur)
Initiatiefnemer Beleidseigenaar Bevoegd gezag
Faciliterende stijl
Samenwerkingspartner
Samenlevende stijl
Medebeslisser
Delegerende stijl
Adviseur beginspraak
Participatieve stijl
Adviseur eindspraak
Consultatieve stijl
Toeschouwer Ontvanger informatie Informant
Open autoritaire stijl
Geen rol
Gesloten autoritaire stijl
naar Partners en Pröpper (2009)
Toenemende inhoudelijke openheid
Toenemende invloed participant
Participatieladder
Participatievisie | 14
Uitgangspunt D: We zijn duidelijk over invloed én uitkomsten Zorgvuldige en transparante participatie betekent dat we als gemeente duidelijk zijn over wat met de inbreng van deelnemers in een participatietraject wordt gedaan. Dat geldt aan de voorkant: in een participatieaanpak staat welke trede op de participatieladder is gekozen en waarom. En hoe de gemeente omgaat met de ingebrachte ideeën en adviezen. Achteraf zijn we als gemeente duidelijk over wat er met de inbreng is gedaan en hoe deze in de plannen is meegenomen. Of we leggen uit waarom de inbreng niet of gedeeltelijk in de plannen is verwerkt.
Uitgangspunt E: We leren van ervaringen en verbeteren daarmee de aanpak van participatie De gemeente Brummen is een lerende organisatie. Dat wil zeggen een organisatie die voortdurend blijft leren en zichzelf blijft verbeteren. Dit betekent dat we altijd op zoek zijn naar nieuwe kennis en inzichten, en deze inzichten vervolgens toepassen om de prestaties en processen te verbeteren.
Daar waar het gaat om grotere participatieprojecten en -trajecten, vindt de evaluatie ook plaats in samen spraak met partnerorganisaties en worden ook (vertegenwoordigers van) inwoners (participanten) betrokken. Ook hier is sprake van maatwerk in de evaluatie.
Dat is zeker ook van toepassing als het gaat om participatie. Om dit vorm te geven gaan we participatietrajecten volgens een vaste aanpak evalueren. Een standaardwerkwijze is dat ervaringen en bevindingen door medewerkers onderling worden besproken. Om op een positieve manier samen te leren en te verbeteren.
De bewaking van een goed evaluatieproces ligt bij de adviseurs gebiedsgericht werken en participatie. Daarnaast zorgen zij ervoor dat de leereffecten breed gedeeld worden. Via de gebruikelijke Planning & Control-cyclus wordt ook de gemeenteraad hiervan periodiek op de hoogte gebracht.
Het belang hiervan wordt bevestigd door de uitkomsten van de enquête die we hebben uitgezet onder inwoners. Daaruit blijkt dat veel mensen niet weten wat gedaan wordt met de ideeën die ze aandragen voor plannen, beleid of andere werkzaamheden van de gemeente.
Participatievisie | 15
Uitgangspunt F: Heldere communicatie over participatie is voor ons vanzelfsprekend Uit de enquête onder inwoners blijkt dat veel mensen niet weten hoe ze hun mening kunnen geven over beleid en plannen van de gemeente. En als het gaat om eigen initiatieven van inwoners, dan zeggen veel mensen niet te weten waar ze bij de gemeente terecht kunnen voor advies of ondersteuning. We werken er daarom aan om alle informatie over de manieren waarop inwoners en andere belanghebbenden invloed kunnen hebben op plannen en beleid op één plek op de gemeentewebsite bij elkaar te brengen. Ook met behulp van een overzichtelijke (actuele) flyer proberen we inwoners op weg te helpen.
Initiatieven uit de samenleving Voor inwoners moet duidelijk zijn waar ze terecht kunnen als ze behoefte hebben aan advies of ondersteuning bij een eigen initiatief. We zijn blij met de vele inwoners, ondernemers en organisaties in Brummen die zich inspannen om hun leefomgeving op de een of andere manier te verbeteren. Er zijn allerlei initiatieven, die vaak buiten de gemeente om gaan. Inwoners komen zelf in actie, of doen dat samen met organisaties als SWB, Veluwonen of buurtverenigingen. Wanneer ideeën of activiteiten impact hebben op de leefomgeving, dan kan of moet de gemeente daar een rol bij spelen. Het gaat om heel uiteenlopende initiatieven. Het is voor zowel inwoners als gemeente een uitdaging om hier steeds op een goede manier mee om te gaan en de juiste keuzes te maken (maatwerk).
De deelnemers aan de enquête die we in 2023 onder inwoners hebben uitgezet verlangen in de eerste plaats inhoudelijke ondersteuning van de gemeente bij maatschappelijke initiatieven. Bijvoorbeeld advies bij het indienen van een subsidieaanvraag. Of praktische ondersteuning, bijvoorbeeld door een ruimte beschikbaar te stellen. Uit de enquête blijkt dat de rol die de gemeente vervult bij het ondersteunen van initiatieven volgens de deelnemers aan het onderzoek niet altijd voldoet. Een gebrek aan ondersteuning van de gemeente was voor een deel van hen een reden om hun initiatief (nog) niet te verwezenlijken. En het lijkt voor veel mensen niet altijd duidelijk te zijn waar ze bij de gemeente terecht kunnen als ze ondersteuning willen vragen bij een initiatief. Om dit te verbeteren komt er één aanspreekpunt voor maatschappelijke initiatieven (de adviseurs gebiedsgericht werken en participatie). Initiatiefnemers krijgen altijd de gelegenheid om in gesprek te gaan met een medewerker van de gemeente. Dan kijken we of het initiatief binnen de bestaande beleidskaders past en welke ondersteuning nodig een mogelijk is. Indien nodig leggen we verbindingen met andere initiatienemers of partners zoals Stichting Welzijn Brummen of de provincie. We streven naar een snelle afhandeling zonder zware procedures.
Participatievisie | 16
Financiële ondersteuning voor initiatieven is soms mogelijk. Bijvoorbeeld vanuit de subsidieregeling evenementen of incidentele subsidies. Als een initiatief effectief bijdraagt aan onze gemeentelijke beleidsdoelstellingen, kunnen we kijken of (mede) financiering mogelijk is vanuit reguliere budgetten. Daarnaast ondersteunen we maatschappelijke partnerorganisaties, zoals Stichting Welzijn Brummen en de Culturele Stichting, die initiatieven uit de samenleving kunnen bijstaan.
Participatie bij ruimtelijke initiatieven door derden De Omgevingswet verplicht initiatiefnemers om bij de aanvraag van een omgevingsvergunning aan te geven of zij omwonenden hebben betrokken bij hun plannen. Daarbij kan het gaan om een inwoner die een dakkapel wil plaatsen, maar ook om een projectontwikkelaar die appartementen wil realiseren of een ondernemer die haar bedrijfspand wil uitbouwen. Het is voor inwoners, ondernemers en organisaties meestal niet verplicht om omwonenden te betrekken bij ruimtelijke plannen. Maar als gemeente moedigen we initiatiefnemers aan om dat wel te doen. Als je de omgeving vroegtijdig betrekt, levert dat namelijk vaak betere plannen op. Bovendien kan het voorkómen dat in een later stadium bezwaren worden ingediend.
De gemeenteraad kan gevallen aanwijzen waarin participatie wel verplicht is. Het gaat dan om grotere activiteiten die niet binnen het omgevingsplan passen en waarvoor een vergunning nodig is. Op www. brummen.nl/omgevingswet bieden we initiatienemers een stappenplan aan dat zij kunnen gebruiken om de omgeving te betrekken bij de plannen.
Uitdaagrecht Het uitdaagrecht stelt inwoners in staat de gemeente ‘uit te dagen’ om een gemeentelijke taak (deels) over te nemen als ze denken die taak beter of goedkoper te kunnen uitvoeren. Bijvoorbeeld het onderhoud in een park, natuurontwikkeling of welzijnstaken. Steeds meer gemeenten experimenteren met het overdragen van taken aan inwoners. We gaan verkennen op welke manier we in Brummen invulling geven aan het uitdaagrecht. Dit wordt vastgelegd in de participatieverordening. Die wordt opgesteld zodra de wet Versterking participatie op decentraal niveau wordt aangenomen.
Participatie = communicatie Zeg je participatie, dan zeg je communicatie. Open, actieve communicatie staat aan de basis van geslaagde participatie. Heldere, tijdige, transparante en inclusieve communicatie, in de verschillende stadia van een participatieproces, vormt daarom een belangrijk aandachtspunt binnen het participatiebeleid. De enquête onder inwoners laat zien dat we dit kunnen verbeteren.
Participatievisie | 17
Op de eerste plaats zetten we in op het overzichtelijk aanbieden van algemene informatie over participatie. Over alle manieren waarop inwoners invloed kunnen uitoefenen, kunnen meedenken en meedoen met gemeentelijk beleid en plannen. Over de manier waarop zij met de gemeente in gesprek kunnen over een initiatief dat zij zelf hebben. En daarnaast door communicatie een vast onderdeel te maken in elk participatieplan.
In de zoektocht naar steeds weer een passende communicatieopzet, spelen de uitgangspunten uit het communicatiebeleidskader (vastgesteld door de gemeenteraad in september 2019) een cruciale rol. Sleutelbegrippen zijn Klantgericht en toegankelijk/begrijpelijk, Eigentijds en proactief, Open en transparant, Duurzaam en kleinschalig en Samenwerkingsgericht.
Daarnaast speelt tijdige, begrijpelijke en actuele informatie tijdens een specifiek participatieproces een grote rol. Als dit goed is georganiseerd dan weet een betrokken inwoner, vereniging of organisatie hoe het project verloopt, wanneer er wat verwacht wordt of wat er met de uitkomsten is of wordt gedaan. In een participatieaanpak wordt vastgelegd hoe, wanneer en met wie er gecommuniceerd wordt. Een speciale uitdaging is om mensen te bereiken die we nu nog onvoldoende bereiken. Het uitgangspunt is: iedereen die wíl participeren moet kúnnen participeren. En dat begint ermee dat informatie van de gemeente zoveel mogelijk inwoners bereikt. Dit betekent dat we ons gaan inzetten om de bestaande communicatiekanalen nog beter in te zetten om ook deze groepen inwoners te bereiken. Waar nodig gaan we in specifieke situaties op zoek naar nieuwe communicatiekanalen of communicatievormen. Dit doen we op basis van een analyse van de te bereiken doelgroep.
Participatievisie | 18
6. Betrokken partijen en hun rollen Bij participatie zijn verschillende partijen betrokken. Denk aan inwoners, ondernemers, verenigingen, adviesraden en maatschappelijke organisaties. Van de kant van de gemeente gaat het om de gemeenteraad, het college van burgemeester en wethouders en de ambtelijke organisatie. Hieronder lichten we dat verder toe.
Samenleving Inwoners, ondernemers of maatschappelijke organisaties kunnen worden uitgenodigd mee te doen aan een participatietraject. Of ze kunnen zelf met ideeën en initiatieven komen waarbij zij de gemeente vragen om mee te doen of te ondersteunen. De initiatiefnemer van een ruimtelijke ontwikkeling wordt aangemoedigd om zelf participatie te organiseren. En is dan verantwoordelijke en procesbegeleider van het participatietraject.
Wijk- en dorpsraden De zes wijk- en dorpsraden zijn officiële adviesraden van de gemeente. Ze bestaan uit betrokken inwoners die de gemeente adviseren over gemeentelijk beleid en plannen. Wijk- en dorpsraden organiseren en faciliteren daarnaast ook allerlei initiatieven vanuit de samenleving.
Maatschappelijke Adviesraad (MAR)
De wijk- en dorpsraden verschillen sterk van karakter, in de rol en taken die ze voor zichzelf zien. Voor de gemeente vormen de wijk- en dorpsraden een vaste gesprekspartner als het gaat om plannen en beleid in hun dorp of gebied. In de komende jaren willen gemeente en wijk- en dorpsraden de onderlinge samenwerking meer gaan structureren, op een manier die past bij de individuele wijk- en dorpsraad.
De Maatschappelijke Adviesraad (MAR) is een onafhankelijk adviesorgaan, dat is ingesteld door de gemeente om de inwoners te vertegenwoordigen die gebruik maken van een sociale voorziening. Gemeenten zijn verplicht om een adviesraad van inwoners in te stellen op de terreinen zorg, jeugd en participatie. De MAR kan gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen aan de gemeente over plannen en (voorgenomen) beleid op deze terreinen.
Voedselbos Brummen, ontwikkeld met en onderhouden door bewoners
Participatievisie | 19
College Gemeenteraad De gemeenteraad heeft drie kerntaken: kaderstelling, volksvertegenwoordiging en controle. Elk van die rollen kan van toepassing zijn bij participatie.
Kaderstellende rol De gemeenteraad stelt de Participatievisie vast. Deze visie wordt – op basis van tussentijdse evaluaties – periodiek geëvalueerd. Op basis hiervan kan de gemeenteraad een eventueel besluit nemen om aanpassingen in het beleid, in de participatievisie door te voeren. De raad wordt vroegtijdig door het college geïnformeerd over aankomende participatietrajecten. Dit gebeurt onder andere via de Lange Termijn Agenda (LTA). De raad kan ervoor kiezen het college een kader mee te geven voor specifieke participatietrajecten, dat wil zeggen voorwaarden stellen voor vorm of aanpak van participatie bij een specifieke casus of beleidsopgave.
Volksvertegenwoordigende rol Een belangrijk uitgangspunt is dat iedereen die wil participeren ook kan participeren. Dat vraagt om een inclusieve werkwijze. Indien de raad als volksvertegenwoordigend orgaan van mening is dat aangekondigde participatietrajecten niet aan alle belanghebbenden actief ruimte bieden om deel te nemen aan het proces, kan de raad sturen op een andere aanpak.
Controlerende rol De raad ziet erop toe dat het participatieproces goed verloopt. Dat kan bijvoorbeeld door als toehoorder aanwezig te zijn bij bijeenkomsten. Raadsleden hebben doorgaans geen inhoudelijke rol bij participatieactiviteiten. Na afloop kan de raad controleren of het participatieproces goed en volgens afspraak is uitgevoerd. En of de belangenafweging goed en voldoende transparant is gemaakt.
Het onderwerp van de participatie bepaalt welke bestuurder als portefeuillehouder verantwoordelijk is voor het opstarten van een participatietraject. Deze vervult een belangrijke rol bij het opstellen van de participatieaanpak. In een college- of raadsvoorstel geven burgemeester en wethouders aan of, en zo ja op welke manier belanghebbenden worden of zijn betrokken bij beleid of plannen.
Wijkwethouder Naast inhoudelijke portefeuilles heeft elke wethouder ook een bepaald gebied onder zijn of haar hoede. Als zogenoemde wijkwethouder kan een bestuurder een wat meer intensieve betrokkenheid tonen bij participatietrajecten, ook als dat buiten de eigen portefeuilles valt. Zo is de wijkwethouder het eerste bestuurlijke aanspreekpunt voor wijk- en dorpsraden als het gaat om participatietrajecten in het bewuste gebied. De wijkwethouder kan hierdoor een signaalfunctie vervullen en deze signalen doorsluizen naar de inhoudelijk verantwoordelijke bestuurder.
Burgemeester De burgemeester heeft in algemene zin ook bemoeienis bij participatie. Hij of zij moet, volgens artikel 170 van de Gemeentewet, toezien op de kwaliteit van procedures op het vlak van inwonerparticipatie.
Participatievisie | 20
Slot De gemeente Brummen wil zich samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisatie inspannen om de gemeente een nog fijnere plek te maken om te wonen, werken, leren en recreëren. Met deze nieuwe Participatievisie willen we stappen zetten om die samenwerking tussen gemeente en gemeenschap te verbeteren en versterken. Dat vraagt om inzet, begrip en een lerende houding van beide kanten.
Maakplaats The Villa in Brummen
Participatievisie | 21
Verwijzingen a. Evaluatie Participatiewijzer b. Bevindingen onderzoek inwoners c. Bevindingen enquête medewerkers gemeente Brummen d. Communicatiebeleidskader 2019
Participatievisie | 22
Brummen, juni 2022 | D433745 Foto’s: gemeente Brummen, Peter Lous en foto p9 DroneFilm Z. Tekst: gemeente Brummen Vormgeving: Hilarius Creatieve reclamemakers
Participatie visie