CConstaterende datBrummen
Koppel je AI →
Document · PDF

(151) Raadsvoorstel Adviesnota bezwaren Grondstrategie 2020-2030 en verder

Besluitvormende raadsvergadering 21 september 2023, gemeente BrummenBij agendapunt: Bezwaar Grondstrategie804 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RaadsVoorstel Ons kenmerk

:

Programma(s)

:

Onderwerp

:

Z085547/D415632 Fysieke leefomgeving Adviesnota bezwaren Grondstrategie 2020-2030 en verder

AAN DE GEMEENTERAAD

Brummen, 29 augustus 2023

Wij stellen voor te besluiten om:

1. de bezwaarschriften ontvangen op 20 april 2023 respectievelijk 1 mei 2023, gericht tegen het besluit van de gemeenteraad (hierna ook raad) van 14 april 2023 over de gemeentelijke grondstrategie 2020-2030 en verder, niet-ontvankelijk te verklaren, zoals geadviseerd door de commissie voor de bezwaarschriften.

Inleiding Op 14 april 2023 heeft de raad besloten om kennis te nemen van het collegebesluit over de gemeentelijke grondstrategie 2020-2030 en verder, waarbij de eerdere ambitie om in die periode circa 900 woningen te bouwen is bijgesteld naar circa 1.250 woningen voor deze planperiode. Tegen dit besluit is door de bezwaarmakers op 20 april 2023 respectievelijk op 1 mei 2023 bezwaar aangetekend. De bezwaarschriften zijn vervolgend doorgestuurd naar de commissie voor bezwaarschriften (hierna ook commissie) voor advies. De commissie heeft vervolgens op 17 juli 2023 advies uitgebracht. Beoogd effect Voldoen aan de wettelijke verplichting om een beslissing op bezwaar te nemen en daarmee duidelijkheid te geven aan de bezwaarmakers. Argumenten 1.1 De bezwaren voldoen niet aan de ontvankelijkheidsvereisten. Allereerst dient te worden nagegaan of bezwaarmakers in hun bezwaren kunnen worden ontvangen, gelet op de aard van het raadsbesluit waartegen zij opkomen. Op grond van artikel 8:1 in samenhang gelezen met artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) dient een bezwaarschrift gericht te zijn tegen een besluit. Ter beoordeling staat of het raadsbesluit aangemerkt kan worden als een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. De commissie overweegt ten aanzien hiervan als volgt.

Artikel 1:3, eerste lid, van de Awb bepaalt dat onder een besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. Van een rechtshandeling is sprake indien een handeling gericht is op enig rechtsgevolg. Een rechtshandeling is publiekrechtelijk indien het bestuursorgaan de bevoegdheid daartoe ontleent aan een speciaal voor het openbaar bestuur bij of krachtens de wet geschapen bevoegdheid. Het is de commissie niet gebleken dat het raadsbesluit gericht is op ‘enig rechtsgevolg’. Hiervan is sprake als een beslissing beoogt dat er een verandering optreedt in de wereld van het recht. Daarvan is volgens vaste rechtspraak van de Afdeling Bestuursrecht van de Raad van State sprake als “zij erop is gericht een bevoegdheid, recht of verplichting voor één of meer anderen te doen ontstaan of teniet te doen, dan wel de juridische status van een persoon of zaak vast te stellen”. Naar mening van de commissie is dit in deze zaak niet het geval. Door het raadsbesluit treedt geen verandering op in bestaande rechten, verplichtingen of bevoegdheden van een of meer personen en/of rechtssubjecten. Evenmin wordt de juridische status van een persoon en/of object veranderd of een recht(subject) in het leven geroepen.

Ook worden door het genomen raadsbesluit geen zekere rechten, verplichtingen, bevoegdheden of status(sen) bindend vastgesteld. Door te besluiten de eerdere ambitie om ca. 900 woningen te bouwen bij te stellen naar ca. 1.250 woningen, heeft de raad hooguit een inten-

Adviseur: P. Klumper

Blz. 1 van 2

tie uitgesproken. Hieruit is geen bindende verplichting ontstaan, om het bijgestelde aantal daadwerkelijk te bouwen. Evenmin kunnen hieruit rechten op de genoemde aantallen aan worden ontleend. Conclusie uit het vorenstaande is dat het raadsbesluit niet gericht is op enig rechtsgevolg en daarom geen besluit is in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. Uit het vorenstaande volgt dat, nu er geen besluit is genomen in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb, op voet van artikel 8:1 in samenhang gelezen met artikel 7:1, eerste lid, van de Awb geen beroep en daarmee ook geen bezwaar open staat. De bezwaarschriften zijn zodoende kennelijk nietontvankelijk. Gezien de niet-ontvankelijkheid van de bezwaarschriften komt de commissie niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van de bezwaarschriften. Kanttekeningen Geen Burgerparticipatie Niet van toepassing Advies adviesorganen Op 17 juli 2023 heeft de commissie advies uitgebracht. Het advies is als bijlage bijgevoegd. Communicatie De bezwaarmakers 1 en 2 worden schriftelijk op de hoogte gebracht van de beslissing op het bezwaar. Financiële toelichting Niet van toepassing Juridische grondslag Hoofdstuk 1, 4, 6, 7 en 8 Algemene wet bestuursrecht. Inkoop en aanbesteding Niet van toepassing Uitvoering Versturen van de brieven beslissing op bezwaar naar de bewaarmakers. Stukken behorende bij besluitvorming: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

7.

Concept raadsbesluit (D415637) Concept beslissing op bezwaar 1 (D415702); Concept beslissing op bezwaar 2 (D415703 Bezwaarschrift bezwaarmaker 1 (D415621); Bezwaarschrift bezwaarmaker 2 (D408249); Advies commissie voor de bezwaarschriften ((D415618); Raadsbesluit grondstrategie 2020-2030 d.d. 14 april 2023 (D415623).

burgemeester en wethouders van Brummen,

H. Matser secretaris

/

A.J. van Hedel burgemeester

Blz. 2 van 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13088650/3