(126) Overzicht verwerking adviezen college en raad n.a.v. concept rapport IHP
Tekst van het document
Kenmerk
: Z074346/D419244
Onderwerp
: overzicht verwerking adviezen college en raad n.a.v. concept rapport IHP
Advies
verwerkt op pagina 7 en 44
1.
Verzoek om een goed en volledig investeringsoverzicht te maken en die te scheiden van eenmalige kosten. Dus investeringsoverzicht vervangen door het woord overzicht te verwachten kosten.
2.
Verzoek om een overzicht ontvangen waarin de reserveringen en de investeringen voor de komende 40 jaar in kaart zijn gebracht. Daarmee kan worden vastgesteld of reserveringen en investeringen in evenwicht zijn.
57
3.
Integraal huisvestingsplan is inclusief de omgeving schoolvriendelijk maken, zoals een zogenaamde schoolzone.
43
4.
Het college wordt geadviseerd om de lopende samenwerkingen met het werkveld te handhaven en te blijven onderhouden, gezien de waardevolle bijdrage van deze samenwerking. Het voortzetten van deze samenwerking zal ons inziens helpen om toekomstige opgaven en doelstellingen samen aan te gaan en bespreekbaar/inzichtelijker te maken.
45
Reden niet verwerkt of nadere informatie over de vraag Het meerjareninvesteringsplan IHP uit het conceptrapport is gehandhaafd, maar heet nu “Overzicht te verwachten kosten”. Op pagina 44 is hierbij duidelijker uitgelegd dat het om zowel eenmalige kosten als investeringskosten gaat. Ook is duidelijker aangegeven welke kosten voor schoolbesturen zijn en welke voor de gemeente. Als bijlage IV is een meerjaren investerings- en reserveringsoverzicht opgenomen. Zie punt 2 Als bijlage IV is een meerjaren investeringsen reserveringsoverzicht toegevoegd.
Integraal is nu opgenomen dat we bij nieuwbouw een opslagpercentage op de investeringskosten hanteren van 25% voor tijdelijke huisvesting, grondkosten, locatie gebonden kosten (zoals schoolvriendelijke omgeving) sloopkosten en asbestsanering, interne kosten voor gemeente/schoolbestuur, kosten voor organisatorische ondersteuning (bouwheerschap), inrichtingskosten, verhuiskosten, etc. Dit noemen we de locatie gebonden- en project specifieke kosten. De exacte kosten van deze posten wordt nader uitgewerkt tijdens de haalbaarheidsstudies. Dit percentage is overgenomen van de gemeente Voorst, die hier nader onderzoek naar heeft laten doen tijdens hun IHP traject. Bij aanbevelingen onder het kopje “dynamisch document” is nadrukkelijker het belang van samenwerking omschreven. Schoolbesturen hebben tijdens het OOGO dit belang ook onderstreept en zijn heel blij met deze intensieve gezamenlijk aanpak.
Blz. 1 van 4
5.
Aan het college wordt geadviseerd om alert te zijn op (actuele) ontwikkelingen en trends binnen het werkgebied gedurende de looptijd van het plan. Door proactief in te spelen op veranderingen geloven we erin dat we ons gemeentelijk beleid en onze beslissingen beter kunnen afstemmen op de behoeften en uitdagingen van onze scholengemeenschap, waardoor we effectiever kunnen opereren en de belangen van onze inwoners optimaal kunnen behartigen.
45
Zie bij punt 4. Hieronder vallen nieuwe ontwikkelingen en trends ook.
6.
Het is essentieel dat de gemeenteraad benadrukt en actief ondersteunt dat de financiële middelen die jaarlijks worden ontvangen van het Rijk met betrekking tot onderwijshuisvesting op een verantwoorde wijze worden aangewend en verstandig worden gereserveerd voor toekomstige behoeften binnen de lokale onderwijshuisvesting en daarbij niet worden ingezet binnen andere domeinen. D66 adviseert het college dit standpunt krachtig uit te dragen en hieraan vast te houden.
57
Om het meerjaren investesterings- en reserveringsoverzicht op te stellen (zie punt 2) is berekend welke middelen er voor onderhuisvesting worden ontvangen. Hier zijn de investeringslasten van de huidige schoolgebouwen afgetrokken. Het restant wordt vanaf nu in ieder geval toegevoegd aan de reserve voor toekomstige huisvestingsuitgaven.
7.
Let op wat centraal moet staan: De ambitie ‘geen enkel kind Brummen uit, tenzij’ of de behoefte van individuele kinderen. • Bij inclusief onderwijs zijn leerkrachten nodig met expertise om problematiek bij kinderen te herkennen. Onderzoek of er voldoende aanbod is aan deze leerkrachten. • Kijk naar de haalbaarheid om inclusief onderwijs te realiseren. Verkiezen ouders/verzorgers Brummen boven het speciaal onderwijs dat buiten de gemeente aangeboden wordt. • Hou rekening met kinderen die er niet bij gebaat zijn om op een school in Brummen geplaatst te zijn. Er zijn kinderen die zich juist meer thuis voelen in een omgeving met gelijkgestemden.
4, 11
Hoewel met “Geen kind Brummen uit, tenzij….” uiteraard bedoeld werd dat er naar de individuele behoefte van het kind gekeken wordt is de tekst hier aangepast naar: “Geen kind Brummen uit, tenzij dit niet anders kan (de route naar speciaal onderwijs waar dit gewenst is, blijft beschikbaar).”
8.
Er wordt 1,1 miljoen euro uitgetrokken om e.e.a. te realiseren. Oormerk dit geld en ga gefaseerd aan de slag.
12
Toegevoegd is de komende jaren en het woord geoormerkt.
9.
Er wordt 1,1 miljoen euro beschikbaar gesteld om de school gebouwen in de kernen Brummen en Eerbeek inclusiever te maken. Voor de scholen in Empe, Hall en Leuvenheim wordt hierover niet gesproken. Ons advies is om ook voor deze scholen
12
In de kernen Brummen en Eerbeek is verwijderd. Archipel geeft aan dat de scholen in de kleine kernen al meer bieden dan het normale basisniveau dat scholen moeten hebben. Net als bij de andere scholen zal ook bij de kleine kernen gekeken wordt of het inclusievere onderwijs dat ze
Z074346/D419244
In paragraaf 2.3 is hier ook een kleine aanpassing gedaan in de omschrijving. Ter nadere uitleg: Iedere school heeft al een bepaald basisniveau. Samen, met ook het samenwerkingsverband en de expertise uit het speciaal onderwijs zal gekeken worden naar de mogelijkheden om niet elke, maar meer behoeften en ondersteuningsvragen van kinderen in het regulier onderwijs te kunnen bieden.
Blz. 2 van 4
in de kleine kernen de gebouwen geschikt voor inclusief onderwijs te maken.
willen gaan bieden mogelijk huisvestingsaanpassingen vereist.
10.
Aandacht voor gelijkwaardig partnerschap: onderwijshuisvesting is een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor schoolbesturen en gemeenten. Het IHP is een middel invulling te geven aan deze verantwoordelijkheid. Partnerschap is een voorwaarde voor deze gezamenlijke opgave waarbij het gezamenlijk belang centraal moet staan (de kinderen in onze gemeente).
45
Zie punten 4 en 5.
11.
Juridische borging/convenant: het ontwikkelen/resultaat van een IHP is intensief traject en vraagt veel van alle betrokkenen. Aandacht voor adequate/ondubbelzinnige juridische borging is essentieel.
8
Zoals op pagina 8 benoemd is het huidige IHP Brummen een gentlement’s agreement. We anticiperen hier op de wettelijke verplichting die er vanaf 2025 komt. We zullen de juridische wettelijke borging t.z.t. onderzoeken. Voor nu hanteren we de juridische borging vanuit de Verordening Huisvestingsvoorzieningen Brummen en kennen te maken investeringen per schoolbestuur altijd toe met een beschikking, waarin de huidige wettelijke voorwaarden staan opgenomen.
12.
(Blijven) betrekken van de achterban: voor blijvende draagkracht voor het beleid en de plannen is het belangrijk om de achterban te blijven betrekken en/of te informeren.
13.
Het IHP ademt inhoudelijke ambitie uit en dat is mooi! Echter, realiteit is ook de huidige werkdruk in het onderwijs. Aandacht voor de vraag “hoe dan” gaan we dit ambitieuze IHP implementeren.
14.
In een meerjarige planning is het altijd lastig om een prognose te doen. Leiden de plannen voor nieuwbouw in de gemeente Brummen daadwerkelijk tot het voorspelde aantal leerlingen? En gaan deze kinderen dan ook daadwerkelijk naar een school dicht in de buurt of kiezen ouders voor een andere school om welke reden dan ook.
Z074346/D419244
Schoolbesturen zijn wettelijk verplicht zelf hun achterban te betrekken. Als gemeente hebben we in dit traject gemeend er goed aan te doen samen met Archipel de dorpsraden in de kleine kernen te informeren en spreken. De dorpsraden in de grote kernen zijn alleen uitgenodigd voor de themabijeenkomsten. 4
Dit beleidsrijke IHP is een ambitieus plan, waarin niet alleen geïnvesteerd wordt in onderwijshuisvesting, maar ook in gezamenlijke ontwikkeling van activiteiten die helpen de dagelijkse praktijk van de leerkrachten te ondersteunen. Daarom zijn schoolbesturen ook van mening dat het voortvarend oppakken van de diverse onderwerpen wel van belang is. Iedereen binnen het onderwijs ziet daar het belang van in. In onderling overleg stellen we gezamenlijk de prioriteiten vast. Een leerlingenprognose is altijd moeilijk op te stellen. Er zijn wettelijke regels voor die we hanteren. Bij iedere nieuwe ontwikkeling qua woningbouw is aan te raden een nieuwe prognose op te stellen. Het soort woning dat gebouwd wordt is bekend. Maar zo lang je niet weet wie de huizen gaat bewonen en welk soort woningen deze mensen mogelijk in onze gemeente achterlaten voor nieuwe
Blz. 3 van 4
15.
Ons advies is om bij daadwerkelijke plannen voor nieuwbouw ook meteen de gevolgen voor voorzieningen en onderwijs te bekijken.
bewoners, is het onmogelijk in te schatten hoeveel (toekomstige) leerlingen er bij zullen zitten. Ook is niet in te schatten voor welke school de ouders kiezen. Een prognose, hoe vaak je die ook opstelt blijft een prognose waarbij we gezamenlijk met de scholen moeten kijken of er bijgestuurd moet worden.
Er wordt een kwartiermaker aangetrokken om de Rijke Schooldag vorm te geven. Deze Rijke Schooldag is bedoeld voor scholen met een achterstand en daarbij wordt een norm aangegeven. Voordat we gaan investeren lijkt het ons zinnig om te bekijken of scholen in Brummen daarvoor in aanmerking komen. Vallen onze scholen in categorie A of B.
Er is onderzocht dat onze scholen te klein zijn om voor subsidie in aanmerking te komen. Echter je mag ook scholen samenvoegen om aan de juiste aantallen te komen. Het aanstellen van een kwartiermaker biedt dus juist kansen die iedere school afzonderlijk op dit moment nog niet heeft.
Z074346/D419244
Blz. 4 van 4