(122) Wensen en bedenkingen B&W bij initiatiefvoorstel kleinschalige asielopvang en vervolgstappen
Tekst van het document
Aantal AZC bij 4% 350 4224 5720 1606 6706
Appendix: tabel met data Plaats Aantal A-L AZC Aerdenhout 20 Alkmaar 150 Alphen ad Rijn 400 Apeldoorn 600 Baarn 153 Balk 300 Barendrecht 50 Beetsterzwaag 20 Berg en Dal 60 Bergschenhoek 300 Berkel-Enschot 148 Blaricum 250 Bodegraven 100 Burgum 600 Capelle ad IJssel 100 De Meern 16 Diever 50 Dronten 1000 Druten 100
Aantal Relatieve inwoners bijdrage 4865 0,41% 92675 0,16% 74790 0,53% 141255 0,42% 23780 0,64% 4255 7,05% 47890 0,10% 3685 0,54% 2440 2,46% 19275 1,56% 13855 1,07% 12724 1,96% 19690 0,51% 9960 6,02% 67925 0,15% 21965 0,07% 2850 1,75% 27690 3,61% 12940 0,77%
Huidig aantal 550 600 740 2047
Plaats M-Z Markelo Meppel Middelharnis Nieuwegein Nunspeet Oegstgeest Oirschot Oosterbeek Oosterwolde Papendrecht Purmerend Rekken Ridderkerk Rijsbergen Rijswijk Schiedam Serooskerke St.-Oedenrode Sittard
Aantal AZC 75 192 150 200 100 175 150 100 190 50 80 44 92 190 350 66 30 48 30
Aantal inwoners 7300 31000 7720 65971 21095 25948 13555 11410 9825 32260 82635 1305 39505 6870 59642 80210 1870 18530 37490
Relatieve bijdrage 1,03% 0,62% 1,94% 0,30% 0,47% 0,67% 1,11% 0,88% 1,93% 0,15% 0,10% 3,37% 0,23% 2,77% 0,59% 0,08% 1,60% 0,26% 0,08%
19
Duivendrecht Echt Eelde Eemnes Enschede Epe Etten-Leur Geldrop Goes Gorinchem Gouda Goutum Haaksbergen Haastrecht Hardenberg Harderwijk Harlingen Heemstede Hellevoetsluis Helmond Hendr-Ido-Amb Hilversum Holten Hoogeveen Huizen Katwijk KrimpenadIJssel Leeuwarden Liessel Lochem
30 420 80 32 550 268 250 54 450 150 246 110 34 80 750 800 160 16 140 50 200 174 225 1000 200 610 140 350 30 65
5265 14810 7090 9600 134295 15670 42450 29245 29370 38305 75310 3360 18395 4345 20285 44450 15200 27593 39680 89335 32689 92390 9595 41200 39925 43302 29793 95890 3220 13880
0,57% 2,84% 1,13% 0,33% 0,41% 1,71% 0,59% 0,18% 1,53% 0,39% 0,33% 3,27% 0,18% 1,84% 3,70% 1,80% 1,05% 0,06% 0,35% 0,06% 0,61% 0,19% 2,34% 2,43% 0,50% 1,41% 0,47% 0,37% 0,93% 0,47%
Sneek Spijkenisse Stellendam Tiel Uden Uithuizen Veendam Veenhuizen Veldhoven Velp Venlo Venray Vianen Vledder Vlissingen Vries Wassenaar Wierden Winschoten Winsum Winterswijk Zeewolde Zeist Zevenaar Zevenbergen Zierikzee Zoetermeer Zutphen Zwijndrecht
600 80 120 40 200 250 100 43 300 130 600 350 100 140 575 28 930 56 180 250 500 600 400 100 200 250 630 740 300
34105 72830 3590 40645 37325 5520 21670 1280 46827 18280 69440 29295 16670 2005 44620 4125 27100 13620 17985 7525 23840 23899 56895 26640 14655 12015 126610 40150 40960
1,76% 0,11% 3,34% 0,10% 0,54% 4,53% 0,46% 3,36% 0,64% 0,71% 0,86% 1,19% 0,60% 6,98% 1,29% 0,68% 3,43% 0,41% 1,00% 3,32% 2,10% 2,51% 0,70% 0,38% 1,36% 2,08% 0,50% 1,84% 0,73%
20
Bijlage 3: relatief aandeel asielzoekers per gemeente in het verdeelbesluit Voor deze analyse is gekeken naar het geldende verdeelbesluit.28 Hierbij is vergeleken wat een gemiddeld percentage aan asielzoekers is om op te vangen volgens het verdeelbesluit. Dit bleek 0,63% (95%-BI: 0,52-0,74%). Een opvang van 350 asielzoekers zou voor de gemeente Brummen een aandeel betekenen van 1,64%. Voor de andere locaties die boven het betrouwbaarheidsinterval liggen (en dus statistisch ‘outliers’ zijn), is gekeken of hier een verklaring voor was. In verreweg het grootste deel van de gevallen sloot het verdeelbesluit aan bij de al bestaande situatie. In een geval waren er kaders door de Raad, in een ander geval bleef de uitvoering rondom het verdeelbesluit (180 i.p.v. 160). In geen van deze gevallen met een hoog aandeel asielzoekers werd het aantal verelfvoudigd ten opzichte van het verdeelbesluit zoals het college van plan is.
Gemeente Brummen Harderwijk Wageningen Zutphen Winterswijk Oude IJsselstreek Arnhem Ede Epe West Maas en Waal Lochem Aalten Montferland Heumen Buren Voorst Putten Nijkerk Scherpenzeel Overbetuwe Oost Gelre Hattem Lingewaard Culemborg Wijchen Elburg Oldebroek Rheden Ermelo Nunspeet Neder-Betuwe Zaltbommel 28
Totaal te Inwoners huisvesten gemeente 350 21.286 800 50.070 21.394 650 42.802 740 49.038 400 29.217 500 39.502 2068 169.302 330 33.469 276 33.469 159 20.601 250 34.314 200 27.741 250 36.994 105 16.866 174 27.976 156 25.567 152 24.953 278 45.725 64 10.541 297 48.943 182 30.048 77 12.744 284 47.655 176 30.293 243 41.833 138 23.903 141 24.426 250 43.785 160 28.127 167 29.390 145 25.800 168 30.396
Relatief aandeel 1,64% 1,60% 1,52% 1,5% 1,4% 1,3% 1,2% 1,0% 0,8% 0,8% 0,7% 0,7% 0,7% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6% 0,6%
Opmerkingen Sluit aan bij bestaande situatie. Sluit aan bij bestaande situatie. Sluit aan bij bestaande situatie. Sluit aan bij bestaande situatie. Via kaders door Raad. Sluit aan bij bestaande situatie. Sluit aan bij bestaande situatie. Sluit aan bij bestaande situatie. Aantal blijft rond verdeelbesluit
Verdeelbesluit Gelderland
21
Westervoort Apeldoorn Zevenaar Renkum Doesburg Bronckhorst Nijmegen Berkelland Beuningen Druten Tiel West Betuwe Doetinchem Maasdriel Barneveld Berg en Dal Heerde Rozendaal Gemiddelde:
80 881 227 150 51 160 832 180 80 57 120 150 100 40 0 0 0 0
15.202 168.563 45.212 31.498 11.120 36.007 188.891 43.922 26.742 19.748 42.590 53.263 60.051 26.288 63.160 35.556 19.305 1.836
0,5% 0,5% 0,5% 0,5% 0,5% 0,4% 0,4% 0,4% 0,3% 0,3% 0,3% 0,3% 0,2% 0,2% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,63%
95%-BI: 0,52-0,74%
22
Bijlage 4: vergelijkingen met andere gemeenten qua aantallen en voorzieningen Gemeente
Wanneer Aantal
Brummen
Nu
350
(% t.o.v. aantal inw. kern waar AZC komt/is) 4%
Alphen Rijn29
ad 11-2023
400
0,3%
Relatie aantal t.o.v. verdeelbesl. Meer (10x zoveel) Minder
Procedure
Wensen en bedenkingen Kader door Raad, hierna wensen en bedenkingen (3x Toetsingskader, waarbinnen raadsvoorstel
Procedure Zorg vergelijkbaarheid ontzorgd met Brummen
Onderwijs ontzorgd
Beveiligin g ontzorgd
Niet, want proces Ja binnen bestaand kader
Ja
Ja
Niet, want Ja raadsvoorstel
Onbekend
Ja
Barneveld30
06-2023
300
0,8%
Meer zoveel)
Hellendoorn31
03-2024
200
0,8%
Conform
Toetsingskader 32 , waarbinnen wensen en bedenkingen
Niet want proces Ja binnen bestaand kader. Aantal beslist door Raad
Ja
Ja
Hollands Kroon33
Nu
255
6,7%
Conform
Wensen en Niet, aantal cf Ja bedenkingen verdeelbesluit
Ja
Ja
Opmerkingen
Nieuwbouw, wordt in 2027 in gebruik genomen.
Was tijdelijke noodopvang van 1jr met 100 plekken.
29
https://alphenaandenrijn.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/71bb6542-d7b6-44e2-94e8-2c86a6cef515?documentId=a17212c7-78d7-46b5-8d7322434598b3e6&agendaItemId=7ffd08dd-e802-4d14-b296-6c6021db5594 30 https://barneveld.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/ba7de186-9178-436d-9a22-6732dbc5cea4?documentId=d4b427f9-7810-48bb-bfb2eaf1aee275eb&agendaItemId=57e9c48e-9695-492e-a514-b1b247bbd2ba 31 https://web.archive.org/web/20250114004046/https://www.hellendoorn.nl/opvang-asielzoekers-en-vluchtelingen/veelgestelde-vragen-over-het-azc/ 32 https://www.hellendoorn.nl/wp-content/uploads/2024/03/Toetsingskader-locatie-asielopvang-gemeente-Hellendoorn-en-Raadsbesluit.pdf 33 https://www.hollandskroon.nl/ontwikkelingen/woon-en-opvanglocaties/vragen-en-antwoorden-informatiebijeenkomsten-woon-en-opvanglocaties/
23
Gemeente
Wanneer Aantal
Krimpenerwa ard34
06-2023
80
(% t.o.v. aantal inw. kern waar AZC komt/is) 1,8%
Renkum
09-2024
115
1%
RijssenHolten35
07-2023
250
2,6%
Rijswijk36
08-2024
350
0,6%
Relatie aantal Procedure t.o.v. verdeelbesl. Conform Toetsingskader, (AMV) waarbinnen collegebesluit Minder Wensen en bedenkingen Conform raadsvoorstel + wensen en bedenkingen Conform raadsvoorstel
Wijchen
09-2024
300
0.8%
Conform
Zwolle37
06-2025
400
0,3%
Minder
Procedure Zorg vergelijkbaarheid ontzorgd met Brummen Niet, want binnen Ja toetsingskader
Onderwijs ontzorgd
Niet, verlenging Ja bestaande ovk. Niet want Ja raadsvoorstel.
Nee
Niet, want Ja raadsvoorstel Wensen en Niet, aantal cf Ja bedenkingen verdeelbesluit Toetsingskader Niet want Ja 38 , waarbinnen raadsvoorstel. raadsvoorstel
Beveiligin g ontzorgd
Opmerkingen
Ja – via ISK Ja Gouda Ja
Ja – via Ja Palet Almelo Nee Ja Onbekend
Ja
Ja
Onbekend
Kader vanuit Raad nu ontw.
Voor 5 jaar
34
https://krimpenerwaard.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Index/31e28da7-cff0-415c-886d-dede2e620cf2 https://www.rijssen-holten.nl/wp-content/uploads/2024/03/Bestuursovereenkomst-AZC-Rijssen-Holten-ondertekend.pdf 36 https://rijswijk.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/View/7671a956-5561-45ad-a39e-0b52eeffc402 37 https://zwolle.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/b72b9cb6-3df0-49d9-bcfb-34d11164713b?documentId=5c4dcccc-559d-43e4-a401883d852e9e2b&agendaItemId=21c85b12-9ad7-4604-8aa4-01e14e031004 38 https://zwolle.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/View/297eaa55-0c69-4b98-a08e-9279dddb3dbc 35
24
Bijlage 5: analyse van de druk op de lokale gezondheidszorg bij verschillende aantallen asielzoekers Volgens het college wordt bij 350 asielzoekers de huisartsenzorg volledig ‘ontzorgd’. In de ANW-uren zullen asielzoekers bij spoed echter alsnog aanspraak maken op de lokale huisartsenpost. In deze analyse is gekeken hoe de huisartsenzorg ingericht wordt bij een aantal van 350 asielzoekers in Brummen en bij een aantal van 119 asielzoekers. Voor wat betreft de huisartsenzorg zullen zorgzoekenden bij een AZC van onder de 300 personen ofwel zorg in Brummen ontvangen, ofwel aangewezen zijn op het azc te Zutphen (als dependance). Voor de ANW-uren zou dit wel een druk op de lokale huisartsenzorg betekenen volgens de wethouder. De vraag is echter hoe groot deze druk is. In de ANW-uren wordt de huisartsenzorg voorzien door de huisartsenposten (HAP). Van de HAP Zutphen zijn helaas geen cijfers bekend, maar wel van de HAP Almelo. Er is geen reden om aan te nemen dat dit beeld anders is. In 2023 waren er 29.074 fysieke patiëntcontacten voor 213.000 inwoners. Omgerekend naar een AZC van 350 inwoners zijn dit 47 fysieke patiëntcontacten op jaarbasis, bij 119 inwoners zijn dit er afgerond 15. Dit is op een totale populatie van een huisartsenpost verwaarloosbaar. Telefonische hulpvragen worden door de organisatie GezondheidsZorg Asielzoekers zelf afgedaan via hun praktijklijn.
Levensbedreigende situaties gaan, zoals voor heel Nederland gebruikelijk, via 112. Hierbij moet worden opgemerkt dat de populatie in een AZC relatief gezien jonger (en dus gezonder) dan de algehele populatie. Het valt dus te verwachten dat het aantal consulten in de praktijk lager zal liggen. De daadwerkelijke druk op de lokale huisartsenzorg in de ANW-uren – zoals de wethouder noemt – is dus op z’n minst zeer discutabel. De ‘volledige ontzorging’ in de daguren zal naar verwachting bestaan uit enkele uren verpleegkundig spreekuur per week. Tevens worden azc’s met lagere aantallen volledig ontzorgd door COA. De facto lijkt er op het gebied van gezondheidszorg weinig verschil tussen 350 of 119 asielzoekers. Om deze cijfers overzichtelijk te maken zijn ze hieronder weergegeven in een tabel.
Daguren Te verwachten fysieke consulten (incl. visites) in de ANW-uren (ten laste voor HAP)
350 asielzoekers 5,25 u/w verpleegkundig spreekuur
119 asielzoekers Afhankelijk afspraken COA
47
16
25
Gemeente Brummen
GEMEENTERAAD van BRUMMEN M OTI E VREEMD Datum raadsvergadering: 18 september 2025 Agendapunt: Vreemd aan de orde van de dag De volgende partijen dienen dit voorstel in:
LOKAAL
. Veldkamp
BRUMMEN
C.J. Wijnhoven-Kleihorst
an Lenthe
We stellen vast dat: • er een initiatiefvoorstel is ingediend met betrekking tot kleinschalige opvang als alternatief voor een groot AZC. We hebben nagedacht over en houden rekening met: • het college 4 weken de tijd heeft om wensen en bedenkingen in te brengen, • de raad zich daarna nog moet uitspreken over dit voorstel. We vinden dat: • het wenselijk is dat het college geen onomkeerbare of beleidsmatige stappen onderneemt voordat de raad een standpunt heeft ingenomen. We spreken uit dat: • het college vanaf heden geen onomkeerbare stappen of beleidsuitvoering onderneemt ten aanzien van een azc voor 350 asielzoekers, totdat de gemeenteraad een besluit heeft genomen over het initiatiefvoorstel. En gaat over tot de orde van de dag.
Gemeente Brummen Besluit raad
X Motie aangenomen 0 Motie verworpen 0 Motie ingetrokken
G.J.M van Rumund, v orzi i er
Kenmerk
: Z104682/D469635
Onderwerp
: Wensen en bedenkingen bij initiatiefvoorstel kleinschalige asielopvang
Samenvatting In reactie op het initiatiefvoorstel van VVD, CDA en Lokaal Belang om af te zien van de voorgenomen opvanglocatie op de Michaelshoeve (350 plekken voor 30 jaar) en in plaats daarvan een kleinschaliger variant te realiseren (119 plekken voor 5 jaar), brengt het college zijn wensen en bedenkingen onder de aandacht. Het college stelt dat het voorstel kwalitatief, juridisch, financieel, voor wat betreft de beschikbaarheid van locaties en bestuurlijk niet verantwoord is: • Kwalitatief: De kwaliteit van opvang is bepalend voor leefbaarheid. Een kleinschalig azc zonder COA-betrokkenheid brengt grotere risico’s met zich mee voor de omgeving. • Juridisch: Brummen heeft zich eerder gecommitteerd aan de taakstelling van 350 plekken. Het is onzeker of een koerswijziging juridisch houdbaar is. • Financieel: Het voorstel kent een structureel tekort van ruim €2,5 miljoen waarvoor geen dekking is opgenomen. Dit leidt tot ingrijpende bezuinigingen op gemeentelijke voorzieningen. • Beschikbaarheid locaties: Uit eerder onderzoek is gebleken dat er geen geschikte locaties zijn in de gemeente voor kleinschalige opvang. De beschikbaarheid van de Michaelshoeve wordt met het verstrijken van de tijd onzekerder en bij een onherroepelijk besluit voor de opvang van 350 asielzoekers is deze locatie de enige optie.
• Bestuurlijk: Het voorstel ondermijnt regionale afspraken, schaadt het vertrouwen van bestuurlijke partners zoals provincie, regiogemeenten en COA en tast de geloofwaardigheid van de gemeente aan. Het college concludeert dat het oorspronkelijke plan voor 350 opvangplekken op de Michaelshoeve het meest verantwoord is, zowel qua schaal, draagkracht als maatschappelijke opdracht. Deze koers is juridisch verankerd en bestuurlijk gedragen. Het initiatiefvoorstel van VVD, CDA en Lokaal Belang Op 18 september 2025 hebben de fracties van VVD, CDA en Lokaal Belang het initiatiefvoorstel ‘Kleinschalige opvang voor een groot AZC’ ingediend (Z104682/D468989). Het voorstel aan de raad luidt (p11): 1. af te zien van medewerking aan de realisatie van een grootschalig azc binnen de gemeentegrenzen; 2. het college op te dragen om in overleg met het COA en betrokken partijen een plan op te stellen voor de realisatie van een opvangvoorziening voor maximaal 119 asielzoekers, in eerste instantie voor de duur van maximaal vijf jaar, met een eventuele verlenging; 3. te borgen dat de locatiekeuze, inrichting en begeleiding van de opvang plaatsvinden in nauw overleg met omwonenden en maatschappelijke organisaties; 4. het college op te dragen zo snel als mogelijk het plan voor deze kleinschalige opvangvoorziening aan de raad voor te leggen, zodat dit kan worden meegenomen in het overleg met het COA.
Volgens het ‘Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Brummen 2023’ (artikel 36), kan het college binnen vier weken nadat het ter kennis is
Blz. 1 van 10
gesteld van een voorstel schriftelijk wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis van de raad brengen. In dit document zetten wij onze wensen en bedenkingen uiteen. Onze wensen en bedenkingen vallen uiteen in de volgende categorieën: 1. 2. 3. 4. 5.
Kwalitatief Juridisch Financieel Beschikbaarheid locaties Bestuurlijk
Verdieping Ad. 1. Kwaliteit Een kleiner azc van 119 personen heeft gevolgen voor de faciliteiten en ondersteuning die het COA gaat bieden. Dit kan impact hebben op de kwaliteit van de opvanglocatie. En dat kan gevolgen hebben voor de risico’s die inwoners hebben aangegeven in het rapport van Bureau Beke. We gaan hieronder in op mogelijke gevolgen voor de kwaliteit. Onvoldoende ervaring met kleinschalige opvang Kleinschalige opvang is een relatief nieuw concept binnen het Nederlandse asielbeleid, waardoor er geen gedeeld referentiekader of uitgewerkte aanpak beschikbaar is. Door de beperkte praktijkervaring is het lastig te voorspellen welke inzet, middelen en samenwerking deze vorm van opvang vraagt. Omdat er geen beproefd model beschikbaar is om op terug te vallen, brengt dit onzekerheid met zich mee over de uitvoerbaarheid en vergroot het de kans op kwaliteitsverlies, inefficiëntie en miscommunicatie tussen betrokken partijen. Gemeente als initiatiefnemer en beheerder Bij kleinschalige opvang verschuift de rol van de gemeente van faciliterend naar uitvoerend. De gemeente wordt initiatiefnemer, organisator én beheerder van de opvanglocatie. Dit betekent dat wij verantwoordelijk worden voor het dagelijks functioneren van de locatie, het oplossen van incidenten, het aansturen van betrokken partijen en het onderhouden van contact met bewoners en omwonenden.
Voor een kleine gemeente is dit een ingrijpende taakverschuiving die leidt tot bestuurlijke en operationele druk, met risico’s op bestuurlijke kwetsbaarheid en reputatieschade bij incidenten. Continuïteit versus schaalgrootte Een kleinschalige opvanglocatie met 119 bewoners, zoals voorgesteld in het initiatiefvoorstel, is kwetsbaar in de continuïteit van de uitvoering. Deze kwetsbaarheid raakt niet alleen de operationele kant, maar heeft ook directe gevolgen voor de rust en stabiliteit op en rondom de locatie, evenals voor de financiële haalbaarheid. Voor een kleine gemeente als Brummen betekent de invulling van noodzakelijke functies dat we te maken krijgen met inefficiëntie in de gemeentelijke organisatie die nodig is voor de opvang van 119 asielzoekers. Diverse functies zullen slechts gedeeltelijk bezet zijn, terwijl we vanwege de krapte op de arbeidsmarkt genoodzaakt zijn om voor een beperkt aantal uren toch een ruimer contract aan te bieden om überhaupt geschikte kandidaten te vinden. Dit leidt tot inefficiëntie en verhoogde kosten.
Z104682/D469635
Blz. 2 van 10
Daarbij komt dat we bij uitval, vakantie of andere vormen van afwezigheid direct vervanging moeten organiseren. In een kleine organisatie is er weinig tot geen ruimte om op te schalen of taken intern op te vangen. Er is geen vangnet van collega’s die tijdelijk kunnen bijspringen, waardoor de continuïteit van zorg, begeleiding en toezicht onder druk komt te staan. Deze structurele kwetsbaarheid kan leiden tot onrust onder bewoners, verminderde sociale veiligheid en een verhoogde druk op gemeentelijke diensten. Financieel gezien brengt dit risico’s met zich mee die moeilijk te beheersen zijn binnen de reguliere begroting. Beveiliging versus begeleiding Bij een kleine asielopvanglocatie is doorgaans wel een vorm van beveiliging georganiseerd. Dit is evenwel niet hetzelfde als begeleiding. Bij de inrichting van een azc-locatie is het van cruciaal belang om het onderscheid tussen beveiliging en begeleiding helder te benoemen. Deze twee functies vervullen namelijk fundamenteel verschillende rollen, met elk hun eigen impact op de rust en veiligheid binnen én rondom de opvanglocatie. Beveiliging op azc-locaties — zoals georganiseerd door het COA bij locaties met meer dan 100 bewoners — is primair gericht op fysieke aanwezigheid en toegangscontrole.
In de praktijk vervult de beveiliging een portier functie: toezicht houden bij de ingang, het signaleren van opvallende situaties, en het aanspreken van bewoners bij directe incidenten. Beveiligers zijn doorgaans niet inhoudelijk betrokken bij de bewoners, kennen hun achtergrond niet, en zijn niet getraind om psychosociale spanningen te herkennen of te begeleiden. Begeleiding daarentegen is gericht op het opbouwen van relaties met bewoners, het bieden van dagelijkse structuur, het herkennen van spanningen en het voorkomen van escalaties. Begeleiders zijn aanwezig op de locatie, kennen de bewoners persoonlijk, en kunnen anticiperen op gedrag dat mogelijk tot onrust leidt. Zij vormen het sociale vangnet dat rust en stabiliteit creëert. Niet alleen binnen de opvang, maar ook in de directe omgeving. Bij kleinschalige opvanglocaties, zoals een dependance met 119 bewoners, is deze begeleiding niet permanent aanwezig. Zoals u al schetste in het initiatiefvoorstel zijn bewoners dan aangewezen op de begeleiding vanuit een hoofdlocatie, wat betekent dat er minder toezicht is, minder kennis van de bewoners en minder directe interventiemogelijkheden. Dit vergroot de kans op spanningen, misverstanden en incidenten, die niet tijdig worden gesignaleerd of opgelost.
Voor de omgeving (buurtbewoners, scholen, ondernemers) betekent dit een verhoogd risico op overlast en een verminderde beleving van veiligheid. Waar begeleiding rust brengt en verbinding creëert, kan het ontbreken ervan leiden tot afstand, wantrouwen en maatschappelijke frictie. Voor een kleine gemeente als Brummen is dit risico extra groot. De schaalgrootte maakt het lastig om functies robuust te organiseren. Zoals eerder benoemd, leidt dit tot snijverlies: functies worden slechts gedeeltelijk ingevuld, terwijl contractueel vaak een ruimere inzet nodig is om überhaupt personeel te vinden. Bij ziekte, vakantie of andere afwezigheid is directe vervanging noodzakelijk, zonder dat collega’s kunnen bijspringen. De continuïteit van begeleiding en toezicht komt daarmee structureel onder druk te staan. Kortom: beveiliging is geen vervanging voor begeleiding. Het ontbreken van structurele, relationele begeleiding op een kleinschalige locatie vergroot de kwetsbaarheid van de opvang en heeft directe gevolgen voor de rust en veiligheid in de omgeving. Hoge organisatorische belasting voor gemeente en COA Het realiseren van kleinschalige opvang vergt intensieve afstemming en maatwerk tussen gemeente en COA. Anders dan bij reguliere azc’s, waar het COA de regie voert, komt bij Z104682/D469635
Blz. 3 van 10
kleinschalige opvang een groot deel van de verantwoordelijkheid bij de gemeente te liggen. Denk aan het organiseren van dagbesteding, zorgstructuur, veiligheid, vervoer en maatschappelijke begeleiding. Dit vraagt om een ambtelijke organisatie die flexibel, deskundig en ruim bemand is. Kleine gemeenten zoals Brummen zijn hierop niet ingericht. Zonder extra capaciteit en expertise dreigt overbelasting van het ambtelijk apparaat, met risico op fouten, vertragingen en onvoldoende borging van kwaliteit. Bij een dependance is er geen permanente begeleiding op locatie. Bewoners zijn aangewezen op ondersteuning vanuit een hoofdlocatie, wat betekent dat er minder toezicht is, minder persoonlijke betrokkenheid en minder kennis van individuele bewoners. Dit vergroot de kans op psychosociale problematiek, verveling en spanningen tussen bewoners. Zonder directe begeleiding is het moeilijk om tijdig in te grijpen bij signalen van onrust, wat kan leiden tot overlast voor de omgeving en een verslechtering van het leefklimaat op de locatie. De eerstelijnszorg in Brummen — huisartsen, tandartsen, fysiotherapeuten — zit aan haar maximale capaciteit. Er is geen ruimte om extra zorgvraag vanuit een azc op te vangen.
Dit betekent dat bewoners mogelijk geen toegang krijgen tot noodzakelijke zorg, wat leidt tot medische risico’s, verergering van klachten en verhoogde druk op spoedeisende hulp in de regio. Daarnaast kan dit leiden tot spanningen tussen bewoners en zorgverleners, en tot onrust in de lokale gemeenschap. Meer vervoersbewegingen: Zwaardere belasting openbaarvervoer Kleinschalige opvang brengt extra vervoersbehoefte met zich mee: bewoners moeten naar medische afspraken, onderwijs, dagbesteding en andere voorzieningen buiten de locatie. In Brummen is het openbaar vervoer beperkt en het doelgroepenvervoer kampt met een ernstig personeelstekort. Hierdoor is het niet mogelijk om deze vervoersvraag adequaat op te vangen. Dit leidt tot frustratie bij bewoners, verhoogde druk op gemeentelijke diensten en een risico op uitval van essentiële afspraken en begeleidingstrajecten. Ad. 2. Juridisch Van belang is dat de gemeente eerder bezwaar heeft gemaakt tegen de oorspronkelijke, onjuiste taakstelling van 31 opvangplekken, met het uitdrukkelijke verzoek deze te corrigeren naar 350. Daarnaast is in een later ingediende ambtelijke zienswijze het aantal opvangplekken bevestigd, maar voor de goede orde nog de voorgestelde realisatiedatum ter discussie gesteld. De juridische situatie is helder. Het besluit op dit bezwaar is aangekondigd voor eind oktober 2025.
Hierin wordt uitgegaan van een taakstelling van 350 opvangplekken. Na het verlopen van de beroepstermijn is dit besluit onherroepelijk en ontstaat voor Brummen de verplichting om 350 asielopvangplekken te realiseren. Het wijzigen van standpunt na eerdere expliciete verzoeken en zienswijzen kan worden opgevat als inconsistent beleid, wat het vertrouwen van zowel de uitvoerende instanties als andere betrokken partijen kan schaden. In uw initiatiefvoorstel gaat u in op de bevoegdheidsvraag1. Het college heeft zich steeds de vraag gesteld waar de bevoegdheden van het dagelijks en algemeen bestuur liggen. Wij zijn daarbij niet over één nacht ijs gegaan en hebben bijvoorbeeld begin 2025 nog naar aanleiding van vragen vanuit uw raad advies ingewonnen bij PelsRijcken2. Het is uiteindelijk niet aan de gemeenteraad of het 1 2
Bijlage 1 van het initiatiefvoorstel D453598
Z104682/D469635
Blz. 4 van 10
college om te bepalen wat juridisch juist is; die bevoegdheid ligt bij de rechter. Indien er blijvend verschil van inzicht bestaat, biedt een gerechtelijke procedure de aangewezen weg om helderheid te creëren voor alle betrokken partijen. Ad. 3 Financieel U vraagt in uw initiatiefvoorstel om een azc van maximaal 119 personen voor een periode van 5 jaar, eventueel met verlenging. We gaan hierin op de financiële gevolgen die dit met zich meebrengt. Graag verwijzen wij voor de financiële onderbouwing naar eerder verzonden beantwoording3i van vragen. Ondanks dat het uitgangspunt is dat opvang kostenneutraal moet zijn voor een gemeente, heeft een eerdere berekening aangetoond dat kleinschalige opvang resulteert in een financieel nadeel van ruim €307.000 per jaar. Voor de volledigheid hebben we de actualiteit van deze antwoorden laten toetsen. Daaruit mogen we opmaken dat de inhoud nog steeds actueel is. Voorbereidingskosten Voor het project op de Michaelshoeve zijn voorbereidingskosten gemaakt. Deze bedroegen tot het moment van indiening van het initiatiefvoorstel €186.000,-. Wanneer deze locatie doorgang vindt worden deze kosten vergoed met een anterieure overeenkomst met het COA of vanuit de leges. Wanneer de locatie geen doorgang kan vinden, komen deze kosten volledig voor rekening van de gemeente Brummen.
Jeugdzorg Zoals bekend zijn de kosten voor (intensieve) jeugdzorg hoog en moeilijk te beheersen. Ook asielkinderen kunnen behoefte hebben aan jeugdzorg en de gemeente is hiervoor verantwoordelijk. De kosten voor jeugdzorg voor asielkinderen betekenen een aanzienlijk risico voor de gemeente. Binnen de kaders van de concept Bestuursovereenkomst voor 350 asielzoekers op de Michaelshoeve zijn afspraken gemaakt met COA en het ministerie om deze risico’s weg te nemen. Doordat we voor langere tijd en met een grotere opvangcapaciteit een substantieel deel van de landelijke opgave op ons nemen, ontstaat er bij het COA meer bereidheid om maatwerkafspraken te maken dan wanneer het om korter durende opvang voor een kleiner aantal gaat. De garantstelling van het ministerie is specifiek verstrekt voor het scenario waarin de gemeente Brummen gedurende 30 jaar opvang biedt aan 350 asielzoekers. Deze toezegging is onzeker bij de opvang van 119 asielzoekers. De gemeente zal in deze situatie moeten vertrouwen op een nog vast te stellen regeling die artikel 8 van het faciliteitenbesluit gaat vervangen. Dat geldt ook voor de opout regeling zoals beschreven in art. 7 van de concept Bestuursovereenkomst.
Indien deze aangepaste situatie leidt tot een aanzienlijke financiële belasting voor de gemeente, ontbreekt zowel de zekerheid van financiële dekking als de mogelijkheid om verdere financiële schade te voorkomen via een opt-outregeling. Aanloopkosten organisatie Opvang van 119 personen, met name voor een periode van vijf jaar, betekent dat de ondersteuning vanuit het COA beperkt zal zijn. Dit maakt dat de gemeente Brummen zelf verantwoordelijk wordt voor de organisatie van het beheer en de begeleiding. Hierover is eerder gecommuniceerd in brieven aan de raad, onder andere in reactie op vragen van de VVD.
3
453415 en 454261 en 457476
Z104682/D469635
Blz. 5 van 10
Het opzetten van een dergelijke organisatie vergt aanzienlijke inspanningen. De kosten hiervoor worden voorzichtig geraamd op € 430.000 (eenmalig). Aanloopkosten fysiek traject Daarnaast brengt de fysieke ontwikkeling van een kleinschalige opvanglocatie eveneens substantiële aanloopkosten met zich mee. Hierbij valt te denken aan een (nieuw) proces van locatiekeuze, verwerving, ontwikkeling enzovoort. Het ontwikkelen van een kleine locatie is daarbij overigens niet substantieel goedkoper dan van een grotere. De kosten voor de gemeente hiervan worden begroot op € 430.000. De totale aanloopkosten voor een kleiner azc bedragen daarmee € 860.000. Als deze kosten verdeeld moeten worden over een kleiner aantal bewoners (119 in plaats van 350), kan geen verantwoorde businesscase worden opgeleverd. Wanneer de gemeente Brummen zelfstandig de opvang van 119 vluchtelingen organiseert, levert dit geen leges op. Er staan dus geen inkomsten tegenover de genoemde aanloopkosten van € 860.000. Naast deze aanloopkosten draagt de gemeente ook jaarlijks de exploitatiekosten. Het jaarlijkse exploitatietekort wordt geraamd op € 307.000, zoals vermeld in de raadsbrief van 15 april jl. Over een periode van vijf jaar komt dit neer op ruim € 1,5 miljoen.
Inclusief de aanloopkosten en de reeds gemaakte kosten voor de Michaelshoeve, bedragen de totale financiële gevolgen voor de gemeente van het ingediende initiatiefvoorstel circa € 2,5 miljoen. De dekking hiervoor ontbreekt in het initiatiefvoorstel. Gelet op de financiële situatie van onze gemeente vinden wij dit onverantwoord. Ad. 4. Beschikbaarheid locaties Uit eerder onderzoek is gebleken dat er geen geschikte locaties zijn in de gemeente voor kleinschalige opvang. Indien de gemeente Brummen een onherroepelijke opdracht ontvangt voor het huisvesten van 350 asielzoekers binnen haar grenzen, is de locatie Michaelshoeve de enige beschikbare optie. Het COA heeft afspraken met de verkopende partij, die medio oktober aflopen. Uitstel van besluitvorming brengt het risico met zich mee dat deze locatie niet langer beschikbaar is voor aankoop. In dat geval beschikt de gemeente niet over een alternatief, waardoor zij haar verplichting niet kan nakomen en te maken krijgt met ministeriële handhaving. Het college acht het daarom van groot belang om binnen korte termijn tot besluitvorming te komen, zodat de gemeente zelf regie houdt over de uitvoering van haar taakstelling. Ad.
5 Bestuurlijk Om de opgave voor asielopvang binnen de provincie effectief en gecoördineerd te laten verlopen (ook in relatie tot de opgaven rondom de opvang van Oekraïense ontheemden en de huisvesting van statushouders) vindt overleg plaats aan de Provinciale Regietafel (PRT) en de subregionale PRTs. In het geval van Brummen gaat het dan om de PRT Stedendriehoek. Zoals hierboven beschreven, is de indicatieve verdeling in het kader van de Spreidingswet het vertrekpunt voor het bestuurlijk gesprek in de regio over de wijze waarop gemeenten samen invulling geven aan de provinciale opgave voor asielopvang. Over het proces in de regio berichtten wij u eerder, onder meer in onze brief van 18 februari 20254 .
4
D453598
Z104682/D469635
Blz. 6 van 10
Begin 2024 werd bekend dat COA in gesprek was met de eigenaar van de Michaelshoeve over de koop van het landgoed, met als doel een azc van 300 tot 350 opvangplekken te realiseren. Ons college heeft daarop ook aan onze bestuurlijke partners in de regio bekendgemaakt dat wij positief staan tegenover deze ontwikkeling en in afwachting waren van de uitkomst van de gesprekken. Op basis van de voortgang van de gesprekken tussen de eigenaar van de Michaelshoeve en het COA op dat moment, heeft het college in oktober 2024 de Brummense deelbijdrage aan de asielopvang in de provincie vastgesteld op 350, met de verwachting om deze te realiseren op de Michaelshoeve. De deelbijdragen van de Gelderse gemeenten zijn de basis van het provinciaal plan voor de realisatie van asielopvang. U bent hierover met de raadsinformatiebrief van 7 oktober 2024 geïnformeerd5. Op basis van de provinciale plannen maakte op vrijdag 20 december 2024 minister Faber haar Verdeelbesluit bekend. Binnen de Regio Stedendriehoek, alsook bij andere gemeenten en de Provincie, is kennisgenomen van dit besluit. Wij hebben u via onze raadsbrief van 14 januari 6 hiervan op de hoogte gebracht, en van het overleg dat hierover nog binnen de regio en provincie ging plaatsvinden. Ook gaven wij (nogmaals) aan dat COA voornemens was om in Brummen een asiellocatie voor 350 plekken te ontwikkelen.
Het Verdeelbesluit van de minister heeft in de regio en provincie voor verbazing gezorgd, omdat het op onnavolgbare wijze afweek van het ingediende provinciale plan. Daarmee doorkruiste de minister een zorgvuldig doorlopen proces binnen de provincie en de subregio’s. De opmerkingen en bezwaren zijn namens de Gelderse colleges van B&W verwoord in een brief van de Commissaris van de Koning aan minister Faber van 23 januari 2025. Zoals aangekondigd in onze brief van 28 januari 20257, hebben wij ook als gemeente bezwaar gemaakt tegen het Verdeelbesluit van minister Faber. Belangrijk om hierbij op te merken is dat het college tot februari 2025 geen signalen heeft ontvangen vanuit de raad die erop duidden dat er een wens leefde om aan het college nadere kaders mee te geven voor de wijze waarop Brummen zijn opgave voor asielopvang diende te realiseren, of de wijze waarop hierover het gesprek wordt gevoerd binnen de regio. Ook de VVDfractie, die vanaf februari 2025 bij verschillende gelegenheden kritiek of bedenkingen uitte bij het proces, heeft tot 11 september jongstleden geen interventies gedaan die het doel hadden om vanuit de raad tot kaders te komen. De door uw raad vastgestelde en gecommuniceerde wijze8 waarlangs u wilde komen tot wensen en bedenkingen op de concept bestuursovereenkomst, ging uit van een besluit van uw raad over wensen en bedenkingen op 18 september 2025.
Sinds februari 2024 volgt ons college in de regio een consistente lijn in de gesprekken met onze bestuurlijke partners. Deze lijn komt overeen met hetgeen wij uw raad en de samenleving sinds februari 2024 consequent aangegeven, namelijk dat wij positief staan tegenover de realisatie van maximaal 350 asielopvangplekken op de Michaelshoeve. Concreet heeft zich dit geuit in de Brummense deelbijdrage aan het Plan van Aanpak Asielopvang Gelderland en de gezamenlijke inspanningen van provincie en onze gemeente om bezwaar te maken tegen het onnavolgbare Verdeelbesluit van toenmalig minister Faber.
5 6
D444956 D451396
7
D452096
8
Gemeente Brummen: Asielopvang Michaelshoeve
Z104682/D469635
Blz. 7 van 10
Vanuit de bestuurlijke gesprekken, de toegezegde Brummense deelbijdrage aan de provinciale asielopgave en het bezwaar tegen het Verdeelbesluit, is bij onze bestuurlijke partners het gerechtvaardigde vertrouwen ontstaan dat Brummen zorg draagt voor 350 asielopvangplekken op de Michaelshoeve. In dat kader hebben andere gemeenten al verantwoordelijkheid genomen door noodopvang en aanvullende voorzieningen op zich te nemen. Het is nu aan Brummen om diezelfde verantwoordelijkheid te tonen en het uitgesproken vertrouwen daadwerkelijk gestand te doen. Uw raad is medebestuurder van de gemeente. In dat verband is het uw rol om aan het college desgewenst bestuurlijke kaders mee te geven. Het initiatiefvoorstel dat op 18 september 2025 is ingediend en uitgaat van 119 opvangplekken voor 5 of 10 jaar, beoogt om in deze fase van het proces dergelijke kaders mee te geven. Daarmee doorkruist het voorstel een proces van bestuurlijke afstemming dat al vanaf februari 2024 loopt in de regio en de provincie, en waarmee Brummen zich gecommitteerd heeft aan bestuurlijke partners zoals regiogemeenten, de provincie en het COA. Dit schaadt het opgebouwde vertrouwen in de regio. Conclusies Kwaliteit In het initiatiefvoorstel wordt kwantitatief gesuggereerd dat een toename van het aantal asielzoekers leidt tot een toename van overlast.
Het college benadrukt echter dat niet de aantallen, maar de kwaliteit van de opvang bepalend is voor de leefbaarheid in de omgeving. Factoren zoals ervaring, vast en goed ingewerkt personeel, deskundigheid, kwetsbaarheid binnen die bezetting, begeleiding, reisbewegingen en de leefbaarheid op de opvanglocatie zelf, zijn volgens het college kwalitatief minder goed geborgd wanneer deze niet door het COA worden georganiseerd en uitgevoerd. Vanuit dat perspectief acht het college een kleinschalig azc, zonder directe betrokkenheid van het COA, risicovoller voor de omgeving. Juridisch De juridische situatie is gecompliceerd. Op dit moment is het aangepast Verdeelbesluit waarin wordt uitgegaan van 350 bewoners nog niet genomen. Het is daarom nog niet onherroepelijk. Er is na publicatie van het besluit nog een termijn van 6 weken om beroep aan te tekenen. Wanneer na het verstrijken van deze termijn, danwel het afwijzen van een eventueel beroep, het Verdeelbesluit onherroepelijk wordt, ontstaat voor de gemeente Brummen de verplichting om 350 asielopvangplekken te realiseren. Financieel 1. Het staken van het plan rondom de Michaelshoeve betekent dat we een verlies moeten nemen van €186.000, waarin voor het initiatiefvoorstel geen dekking is opgenomen 2.
De aanloopkosten van een asielopvanglocatie van 119 plekken bedragen €860.000, waarvoor in het initiatiefvoorstel geen dekking is opgenomen 3. Bij een asielopvanglocatie van 119 plekken is een jaarlijks exploitatietekort voor de gemeente te verwachten van €307.000. Over de door de indieners aangegeven looptijd van 5 jaar telt dit op tot €1.535.000, waarvoor in het initiatiefvoorstel geen dekking is opgenomen. 4. Alles bij elkaar kost het initiatiefvoorstel €2.581.000, waarvoor geen dekking is opgenomen 5. Er moet voor dit bedrag dekking gevonden worden in de gemeentelijke begroting. Dat gaat niet zonder ingrepen in beleid of bezuinigingen op gemeentelijke voorzieningen en dienstverlening. Deze ingrepen hebben maatschappelijke gevolgen 6. Het Rijk en COA zijn voor een (veel) kleiner azc voor een veel kortere looptijd, niet bereid om dezelfde financiële garanties te geven als voor het plan van opvang bij de Michaelshoeve.
Z104682/D469635
Blz. 8 van 10
Dit betekent dat de gemeente aanzienlijke risico’s loopt voor bijvoorbeeld de kosten voor jeugdhulp voor asielkinderen. Beschikbaarheid locaties Uit eerder onderzoek is gebleken dat er geen geschikte locaties zijn in de gemeente voor kleinschalige opvang. De beschikbaarheid van de Michaelshoeve wordt met het verstrijken van de tijd onzekerder en bij een onherroepelijk besluit voor de opvang van 350 asielzoekers is deze locatie de enige optie. Bestuurlijk Indien uw raad het initiatiefvoorstel aanneemt, doorkruist u als medebestuurder van de gemeente een proces van bestuurlijke afstemming dat al vanaf februari 2024 loopt in de regio en de provincie, en waarmee Brummen zich gecommitteerd heeft aan bestuurlijke partners zoals regiogemeenten, de provincie en het COA. Dit schaadt het opgebouwde vertrouwen in de regio. Eindconclusie met betrekking tot het initiatiefvoorstel We hebben begrip voor de fracties die het initiatiefvoorstel indienden, en zeker ook voor de inwoners en ondernemers die hun zorgen uiten. Dat is een teken van betrokkenheid — en dat waarderen we echt. Maar we vragen ook begrip voor het standpunt van het college. We nemen deze beslissing niet lichtvaardig. We doen dat met de overtuiging dat dit de enige manier is om onze verantwoordelijkheid te nemen én onze gemeente bestuurlijk, financieel en maatschappelijk stabiel te houden.
Op basis van de hierboven geschetste overwegingen acht het college het niet verantwoord om te kiezen voor een opvanglocatie met een capaciteit van 119 bewoners voor 5 jaar. Het college is van mening dat de eerder ingeslagen koers, gericht op de realisatie van duurzame opvang voor 350 asielzoekers voor 30 jaar op de Michaelshoeve, het best aansluit bij de schaal en draagkracht van de gemeente Brummen. Deze keuze is gebaseerd op een integrale afweging van de beschikbare ambtelijke capaciteit, de financiële consequenties, de kwaliteit van opvang en de beschikbaarheid van de beoogde locatie die onder deze voorwaarden geborgd kan worden. Daarmee wordt invulling gegeven aan zowel de bestuurlijke verantwoordelijkheid als de maatschappelijke opdracht die op dit vraagstuk rust.
Z104682/D469635
Blz. 9 van 10
Inhoudelijke correcties op het initiatiefvoorstel Het initiatiefvoorstel bevat een uitgebreide verzameling statistische gegevens en onderbouwingen. Wij waarderen de inspanning die is geleverd bij het opstellen van dit document. Tegelijkertijd vinden wij het belangrijk om enkele fundamentele uitgangspunten te benoemen en daarop onze bestuurlijke visie te geven. Wij constateren echter dat het voorstel op enkele essentiële punten tekortschiet. Zo ontbreekt een inhoudelijke reflectie op de rol van het COA als professionele uitvoeringsorganisatie. Ook ontbreekt een analyse van de gevolgen voor de gemeentelijke organisatie bij alternatieve scenario’s. Verder missen wij een beschouwing op de langetermijneffecten voor de leefbaarheid en sociale cohesie in de directe omgeving van de opvanglocatie. Dat de gemeente Brummen meer opvang biedt dan het aantal dat voortvloeit uit de spreidingswet, is geen toevalligheid, maar een bewuste beleidskeuze. In dat licht is het zoeken naar een procentuele afwijking ten opzichte van landelijke gemiddelden niet relevant. Deze cijfers zullen rekenkundig kloppen, Maar geven geen inzicht in de achterliggende motivatie voor dit aantal. Vergelijkingen met theoretische modellen of landelijke gemiddelden doen onvoldoende recht aan de lokale realiteit waarin het gemeentebestuur opereert.
Ter illustratie verwijst het college naar het azc in Zutphen, waar 740 opvangplekken zijn gerealiseerd in directe nabijheid van de wijk Noordveen. Een wijk met ongeveer 5.000 inwoners. Deze situatie heeft bewezen goed te functioneren. Zulke voorbeelden zijn geen uitzondering, maar eerder representatief voor de wijze waarop opvanglocaties in Nederland kunnen worden ingepast. Juist daarom is het van belang om bij de beoordeling van draagkracht te kijken naar de directe omgeving van een opvanglocatie, en niet naar abstracte gemiddelden. Vergelijkingen met grotere steden zijn in dit kader niet misplaatst, maar noodzakelijk om te bepalen wat lokaal haalbaar en verantwoord is. Het aantal van 350 bewoners is met zorg gekozen. Bij dit aantal committeert het COA zich aan het volledige beheer van de locatie, waarbij de gemeente een faciliterende rol vervult. Bij een lager aantal vervalt een deel van deze inzet: voorzieningen worden afgebouwd, de leefomgeving verliest aan kwaliteit en de verkeersbewegingen nemen toe doordat bewoners voor basisvoorzieningen afhankelijk worden van andere locaties. Een lager aantal bewoners legt bovendien een onevenredige druk op de gemeentelijke organisatie, die niet beschikt over de benodigde expertise, ervaring en financiële middelen om zelfstandig een kwalitatief hoogwaardige opvang te realiseren.
Het college is dan ook van mening dat een lager aantal niet bijdraagt aan de leefbaarheid, en dat het gekozen aantal van 350 juist borg staat voor een stabiele, goed georganiseerde en maatschappelijk verantwoorde opvang. Om die reden acht het college een louter statistische benadering van dit vraagstuk onvoldoende. De opvang van asielzoekers vraagt om context, maatwerk en bestuurlijke verantwoordelijkheid. Juist die elementen mist het college in het initiatiefvoorstel. i
Z104682/D469635
Blz. 10 van 10