(093) Regiovisie Samen tegen huiselijk geweld aanpak Veilig Thuis - D445078
Tekst van het document
REGIOVISIE
Samen tegen huiselijk geweld Aanpak geweld in afhankelijkheidsrelaties 2024-2028
Apeldoorn, Brummen, Epe, Elburg, Ermelo, Harderwijk, Hattem, Heerde, Lochem, Nunspeet, Oldebroek, Putten, Voorst, Zutphen
445077
Voorwoord Thuis is bij uitstek de plek waar je veilig moet zijn. Maar helaas zijn er in Nederland veel gezinnen waar sprake is van huiselijk geweld. Met grote gevolgen, soms levenslang. Met elkaar blijven we ons daarom sterk maken om huiselijk geweld eerder in beeld te krijgen en te stoppen. Door er zo vroeg mogelijk bij te zijn proberen we de overdracht van geweld op de volgende generatie te stoppen en de schade te beperken.
Dit doen we door te zorgen dat onze lokale teams goed zijn toegerust om huiselijk geweld te herkennen, bespreekbaar te maken en passende hulpverlening te bieden. Ook zorgen we ervoor dat zij een beroep kunnen doen op experts als de situatie in het gezin niet verbetert of uit de hand dreigt te lopen. Zodat zij zich gesteund weten en toegerust voelen om te handelen. Alleen door domeinoverstijgend samen te werken met het gezin en alle betrokken partijen kunnen we huiselijk geweld aanpakken. Vraagstukken en knelpunten bij huiselijk geweld zijn niet uniek. Elementen uit onze aanpak kunnen dan ook breder worden toegepast. Bijvoorbeeld bij de aanpak van gezinnen met multiproblematiek of bij personen die overlast geven. Denk hierbij aan een grondige analyse van het gezin om onderliggende problemen of risicofactoren in beeld te brengen. En de noodzaak om domeinoverstijgend samen te werken. We zetten ons dan ook in om de inzichten en methodieken van onze aanpak huiselijk geweld breder te benutten. De wethouders van de regiogemeenten, Anja Prins (Apeldoorn) Ingrid Timmer (Brummen) Gert van den Berg (Epe) Anjo Simonse (Elburg) Sarath Hamstra (Ermelo) Maarten Reckman (Harderwijk) Tjitske Siderius (Hattem) William van Ommen (Heerde) Wendy Goodin (Lochem) Jennifer Elskamp (Nunspeet) Liesbeth Vos-Van de Weg (Oldebroek) Jim van den Hoorn (Putten) Peter Wormskamp (Voorst) Jasper Blom (Zutphen)
2
VOORWOORD
Inhoudsopgave Inleiding
Bijlagen 1. Toelichting wettelijk kader
1. De omvang en impact van huiselijk geweld Ernstiger dan je denkt
2. Landelijke ontwikkelingen 3. Samenwerkingspartners: opdrachtgever en financiering 4. Het AVE-model- Bureau HHM
2. Onze aanpak van huiselijk geweld Welke partners zijn erbij betrokken?
3. Waar gaan we voor? Onze ambities, visie en uitgangspunten
4. Hoe doen we dat? Eerder in beeld en beter in gesprek Samenwerken aan veiligheid
5. Hoe betalen we onze ambities? Onze inkomsten en uitgaven 3
5. Terugblik Samen tegen huiselijk geweld 2020-2023
Knop Knop Knop Knop Knop Knop Knop
Inleiding Veel volwassenen en kinderen in Nederland zijn thuis niet veilig. De kans dat iemand te maken krijgt met huiselijk geweld is groter dan de kans op welke andere vorm van geweld dan ook. Huiselijk geweld is in omvang en impact daarmee een van de grootste geweldsvraagstukken van de samenleving. Iedere gemeente is wettelijk verantwoordelijk voor de aanpak van huiselijk geweld. Daarvoor werken de veertien gemeenten in de regio Noord-Veluwe en Midden-IJssel/OostVeluwe met elkaar samen. Zo komt er meer samenhang in de aanpak van huiselijk geweld in onze regio. Ook gaat hierdoor de kwaliteit omhoog van onze opvangvoorzieningen, adviesen meldpunten en ondersteuning.
Terug naar overzichtspagina
Aanpak van huiselijk geweld is een wettelijke verplichting voor gemeenten Ons beleid voor de aanpak van huiselijk geweld vloeit voort uit de Wmo 2015, de Jeugdwet, de Wet Tijdelijk Huisverbod en de Wet Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor de uitvoering hiervan. Daarnaast heeft Nederland twee internationale verdragen geratificeerd: het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind en Verdrag inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld (Verdrag van Istanbul). Ook andere verdragen zoals het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens en het VN Vrouwenverdrag werken direct door in ons rechtsstelsel (zie bijlage 1 Toelichting wettelijk kader). Een nieuwe regiovisie aanpak huiselijk geweld 20242028 Eens per vier jaar stellen de regiogemeenten samen een regiovisie op. Deze regiovisie is de derde in rij. De eerste verscheen onder de titel Transformatieagenda Huiselijk geweld en Kindermishandeling 2016-2019. De tweede Samen tegen huiselijk geweld liep van 20202023. In deze regiovisie voor 2024-2028 beantwoorden we opnieuw de vraag welke keuzes we regionaal maken in onze aanpak van huiselijk geweld. We bouwen hierbij verder op de fundamenten van de vorige regiovisie en de Transformatieagenda. Bij de regiovisie hoort ook een uitvoeringsagenda.
Hierin staat hoe de regiogemeenten de ambities en uitgangspunten uit de regiovisie willen realiseren, zowel regionaal als lokaal.
4
INLEIDING
Waarom een aparte regiovisie aanpak huiselijk geweld? Regelmatig krijgen we de vraag waarom we een aparte visie maken voor de aanpak van huiselijk geweld. We hebben toch al verschillende andere aanpakken op zorg en veiligheid? Het zou inderdaad mooi zijn als dit niet meer nodig was. Dat zou namelijk betekenen dat het ons is gelukt om huiselijk geweld op tijd te signaleren en aan te pakken. Maar zover is het helaas nog niet: de cijfers laten de noodzaak voor een gerichte aanpak zien. Een gezamenlijke regionale koers om huiselijk geweld aan te pakken vergroot onze slagkracht. Door samen op te trekken bereiken we bovendien meer dan wanneer iedere gemeente dit individueel oppakt. Huiselijk geweld doorbreken vraagt actie vanuit verschillende beleidsterreinen. Een goede lokale infrastructuur is dan ook een voorwaarde om huiselijk geweld te verminderen. Met veel aandacht voor opvoed ondersteuning en ouderenbeleid. Dit regelen we in de lokale beleidsplannen.
Terug naar overzichtspagina
Hoe is deze regiovisie tot stand gekomen? Huiselijk geweld en de aanpak daarvan is veelomvattend en er zijn veel partijen bij die aanpak betrokken. We vonden het belangrijk dat al deze betrokkenen bijdragen aan onze nieuwe regiovisie, zodat zij die ook dragen. Hiervoor spraken we lokaal en in regionaal verband met allerlei professionals, ervaringsdeskundigen, cliëntenorganisaties, maatschappelijke organisaties etc. Niet alleen op uitvoerend niveau, maar ook met managers en beleidsmakers. Deze gesprekken gingen over de vraag of we nog steeds de goede dingen doen en of die ook echt helpen voor de mensen om wie het gaat. Alle partijen geven aan dat hun werk op orde is, maar dat in de samenwerking met andere partijen nog verbetering mogelijk is. Een voorbeeld hiervan vindt u in de brief van de cliëntenraad van Moviera (fragment). Voor deze regiovisie hebben we ook de evaluatiegegevens van de vorige regiovisie gebruikt. Meer informatie hierover vindt u in bijlage 5 Terugblik Samen tegen huiselijk geweld 2020-2023.
Fragment brief Cliëntenraad Moviera (29 november 2023) Een deel van de wensen is vervuld: er zijn wijkteams die integraal naar de behoeften van een cliënt en haar/zijn kinderen kunnen kijken. Er is geld vrijgemaakt om ‘Maatje achter de voordeur’ in te zetten in de regio. En er is veel geld vrijgemaakt om meer hulp voor kinderen door hulpverleners en gedragswetenschappers in te kunnen zetten. De samenwerking van Moviera met de scholen in de wijk loopt goed en aan de aansluiting met de kinderopvang wordt hard gewerkt. Ten slotte zijn er in de afgelopen 4 jaar ook successen behaald op financieel gebied: er zijn afspraken gemaakt met de Belastingdienst over de kinderbijslag, het kindgebonden budget en de zorgtoeslag zodat vrouwen in de opvang deze rechtstreeks ontvangen en niet via hun partner. Daar is de cliëntenraad van Moviera de gezamenlijke gemeentes in de regio dankbaar voor! Wat kan er nog beter? Het zou mooi zijn wanneer wijkteams inhoudelijk meer kennis kunnen op doen over huiselijk geweld en de werkwijze van Moviera. En wanneer zij meer het initiatief nemen om cliënten wegwijs te maken in hun (nieuwe) wijk en hen mee kunnen nemen naar een buurthuis waar zij contact kunnen maken met buurtgenoten en waar kinderen kunnen spelen en gewoon kind kunnen zijn. Een brug kunnen vormen tussen de cliënt en haar/zijn kinderen en de wijk waar in zij zijn komen wonen.
5
INLEIDING
HOOFDSTUK 1
De omvang en impact van huiselijk geweld Ernstiger dan je denkt
6
HOOFDSTUK Titel van het hoofdstuk
Terug naar overzichtspagina
Huiselijk geweld is dichterbij dan je denkt. Het is de meest voorkomende vorm van geweld in Nederland. Van de totale Nederlandse bevolking wordt 40% ooit slachtoffer van enige vorm van fysiek, seksueel of psychisch geweld in huiselijke kring. Het is een breed maatschappelijk probleem dat voorkomt in alle lagen van de samenleving. Het is complex en vaak verweven met andere problemen zoals armoede, werkloosheid, alcoholgebruik of andere verslavingen. De impact is groot. Huiselijk geweld kan leiden tot lichamelijke en psychische problemen, soms levenslang. Ook is er grote kans dat het geweld wordt overgedragen op de volgende generatie.
7
Wat verstaan we onder huiselijk geweld? In de regiovisie gebruiken we de term huiselijk geweld. Deze benaming komt namelijk het meest voor en is herkenbare taal voor inwoners. Huiselijk geweld is geweld dat door iemand uit de privékring van het slachtoffer wordt gepleegd. Dit kan zijn: partner of ex-partner, ouder of verzorger, broer of zus, vriend(in), gezins- en familielid en huisvriend(in). Het woord ‘huiselijk’ verwijst dus niet naar de plaats van het geweld – dat kan zowel binnenshuis als buitenshuis– maar naar de relatie tussen pleger en slachtoffer. Geweld in huiselijke kring bestaat uit lichamelijk geweld, psychisch of seksueel geweld, financiële uitbuiting en verwaarlozing.
Onze opdracht is breder geworden De eerste regiovisie richtte zich uitsluitend op huiselijk geweld. Maar onze opdracht is in de loop van de jaren breder geworden. Zorg voor slachtoffers van mensenhandel of seksueel geweld is ook toegevoegd aan ons takenpakket. Eigenlijk is het dus passender om te spreken over geweld in afhankelijkheidsrelaties. Deze term hanteert de overheid vanaf 2011 voor álle vormen van geweld waarbij er een afhankelijkheidsrelatie is tussen slachtoffer en pleger. Dat kan in huiselijke kring zijn, maar ook in een professionele setting en in de vrijwilligerssector. Denk aan seksueel geweld, (seksueel) grensoverschrijdend gedrag en mensenhandel (zie figuur 1).
HOOFDSTUK 1 De omvang en impact van huiselijk geweld
Gezin en familie
Professionals op de werkvloer
Mensenhandel
Figuur 1 Domeinen van geweld in afhankelijkheidsrelaties, prof. dr. Janine Jansen In deze regiovisie spreken we over het gezin. Hiermee bedoelen we alle samenlevingsvormen: gehuwd, ongehuwd samenwonenden, huishoudens met kinderen en huishoudens zonder kinderen. En ook (ex) partners die niet meer in hetzelfde huis wonen. Vormen van huiselijk geweld Huiselijk geweld kan plaatsvinden op allerlei momenten in de levensloop van mensen, te beginnen bij het ongeboren kind. Door de reikwijdte speelt iedereen in de omgeving een rol. Het kan bovendien verschillende vormen aannemen (zie figuur 2). Bij huiselijk geweld richten we ons op alle vormen van geweld in afhankelijkheidsrelaties.
Terug naar overzichtspagina Figuur 2 Vormen van huiselijk geweld
Mensenhandel • Loverboys • Jeugdprostitutie, grooming, sextortion • Seksuele, arbeids- en/of criminele uitbuiting
(Ex) Partnergeweld • Online seksuele intimidatie
Ouder-mishandeling
• Getuige zijn van huiselijk geweld • Conflictscheiding • Lichamelijke, seksuele en/of psychische mishandeling • Stalking
• Geweld van jongeren tegen (een van) hun ouders
Schadelijke praktijken • Vrouwelijke genitale verminking • Huwelijksdwang • Achterlating in land van herkomst • Eerwraak • Gedwongen zelfmoord
Kindermishandeling • Geweld tegen ongeboren kind • Shaken baby syndrome (3-8 mnd)
Ouderenmishandeling
• Seksueel grensoverschrijdend gedrag • Verwaarlozing • Getuige zijn van geweld • Fysiek en emotioneel geweld • Kinderpornografie
8
HOOFDSTUK 1 De omvang en impact van huiselijk geweld
• Financieel misbruik • Ontspoorde mantelzorg • Lichamelijke, seksuele en/of psychische mishandeling
Terug naar overzichtspagina
Hoe ontstaat huiselijk geweld? Huiselijk geweld staat niet op zichzelf. Het is altijd een symptoom van onderliggende oorzaken, de zogenaamde risicofactoren. Bijvoorbeeld armoede, werkeloosheid, psychische problemen of geweld in de jeugd meegemaakt. Daarnaast kent huiselijk geweld verschillende gedaanten. Er bestaat niet één vorm van huiselijk geweld, dus ook niet één aanpak. Ieder gezin is anders en daar moet onze aanpak bij aansluiten. Op hoofdlijnen gaan we uit van vijf gezinsprofielen, die als hulpmiddel zijn ontwikkeld voor de lokale teams. Meer informatie vindt u in figuur 3 Hoe ontstaat huiselijk geweld? Hoe zit het met huiselijk geweld in onze regio? Veel van onze gegevens gaan over landelijke cijfers. Maar hoe zit het in onze regio? Hieronder zetten we wat feiten op een rij. In bijlage 4 Terugblik Samen tegen huiselijk geweld 2020-2023 vindt u meer informatie.
Regionale cijfers over huiselijk geweld 2023 • Veilig Thuis NOG ontving 2.482 meldingen over vermoedens van huiselijk geweld. Kindermishandeling wordt het meest gemeld. 66% van alle meldingen wordt gedaan door de politie.
Belangrijke resultaten van onze aanpak 2020–2023 • Alle lokale teams zijn bekend met de visie Gefaseerd samenwerken voor veiligheid. • We hebben regionale trainingen over de visie georganiseerd voor professionals uit de lokale teams. • De samenwerking tussen Veilig Thuis NOG en de lokale teams is verbeterd. • We hebben een supportgroep en begeleiding voor plegers van huiselijk geweld. • We hebben 7 maatjes met ervaring met huiselijk geweld gekoppeld aan (ex)-cliënten van Moviera. • 8 cliënten van Moviera zijn gestart met een traject naar werk of opleiding. • Het Centrum Seksueel Geweld (CSG) is bekender geworden. • We hebben een bestuurlijke stamtafel Zorg en Veiligheid Noord- en Oost-Gelderland. • We zijn gestart met toekomsttuinen. Hierin wordt geëxperimenteerd met een nieuwe werkwijze en integrale gezinsaanpak 0 – 100 jaar.
• Ongeveer 30% van alle meldingen gaat over gezinnen die al bekend zijn bij Veilig Thuis vanuit een eerdere inmiddels afgesloten melding. • 198 vrouwen met 156 kinderen verbleven in de vrouwenopvang bij Moviera.
9
HOOFDSTUK 1 De omvang en impact van huiselijk geweld
Terug naar overzichtspagina
Hoe ontstaat huiselijk geweld? Gezinsprofielen
intieme terreur tussen partners
Risicofactoren gezin/maatschappij
opvoedstress en gedragsproblemen kind
gezin in hoge mate van stress (vaak met alcoholmisbruik)
complexe conflictscheiding
een/beide partners langdurige zorg nodig
armoede en werkeloosheid
inadequaat opvoedgedrag
omgeving die geweld legitimeert
geweld in jeugd meegemaakt
verstoorde communicatie en/of interactie in gezin
traditionele rollenpatronen
Vormen van huiselijk geweld
lichamelijk geweld
psychisch geweld
eergerelateerd geweld
seksueel geweld
lichamelijke of psychische verwaarlozing
stalking en bedreiging
psychische problemen
‘ik ben de enige die hem begrijpt’
gewenning
alcohol of drugs
financieel misbruik
De meest omvangrijke vormen van geweld in Nederland zijn verwaarlozing, overmatige controle en getuige zijn van geweld.
femicide
Er wordt vaak gedacht dat vrouwen alleen slachtoffer zijn van huiselijk geweld, maar ook mannen kunnen slachtoffer worden van huiselijk geweld.
alleenstaand ouderschap
middelenmisbruik
acute stresssituaties
ongelijke sociaaleconomische status pleger en slachtoffer
Hoe beter in te grijpen bij het ontstaan van huiselijk geweld? werk met gezinsprofielen van VerweyJonker
schaamte, schuldgevoel of angst
victim blaming
lichamelijk letsel: verbergen, bagatelliseren en vage verklaringen psychisch: bijv. depressie, vermoeidheid, flauwvallen of stress gedrag: schrikachtig, maakt weinig oogcontact, verslavingen, zegt afspraken steeds af kinderen: heel druk of heel rustig in de klas, weinig vriendjes, gedragsproblemen, vertonen van raar gedrag of geweld
stel de norm: geweld is niet normaal
Als een slachtoffer weggaat bij de pleger van huiselijk geweld, kan de situatie verergeren. In de meeste gevallen waarin geweld uitmondde in moord (femicide), was de vrouw juist bij haar partner vertrokken. Weggaan kan dus levensgevaarlijk zijn.
10
psychische problemen
Signalen
Waarom ga je dan niet weg?
afhankelijkheid
Risicofactoren individueel
HOOFDSTUK 1 De omvang en impact van huiselijk geweld
gebruik meldcode huiselijk geweld
erken dat er ernstige patronen zijn die niet zomaar weggaan doorbreek en die jaarlijks taboe mannentientallen vrouwen het mishandeling leven kosten
laagdrempelige hulpverlening
voorlichting naar slachtoffers, omstanders en plegers: zoek hulp
pleger: snel jaloers, bazig, grillig, bezitterig, maakt dingen kapot in huis, belooft steeds beterschap Maak gebruik van de signalenkaart op signalenkaart.nl
Maak gebruik van • Signalenkaart.nl • Gezinsprofielen van Verwey-Jonker • Meldcode Huiselijk Geweld • mannenmishandeling.nl • Factsheet intieme terreur • De leden van Valente die vrouwenopvang en ambulante begeleiding bieden Geef de feiten een gezicht: • Lees het verhaal van Femke en van Rosita • Beluister verhalen in de podcast van Blijf Groep • Lees het verhaal van Stefan
Figuur 3 Hoe ontstaat huiselijk geweld? Valente
Terug naar overzichtspagina
We namen deel aan onderzoek naar effect van hulpverlening bij huiselijk geweld Van 2021 tot en met 2023 nam onze regio deel aan het derde onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut onder gezinnen waar sprake is van huiselijk geweld. Er waren 1.362 huishoudens die medewerking verleenden, waarvan 66 uit onze regio. De hoofdvraag van het onderzoek was: “Wat zijn de resultaten van de aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling en van de hulpverleningstrajecten bij die huishoudens of gezinnen die bij Veilig Thuis zijn gemeld?” (Huiselijk geweld: een complex en hardnekkig probleem, september 2023, 3e cohortstudie resultaten en aanpak van partnergeweld en kindermishandeling)
Enkele uitkomsten voor Noord- en Oost-Gelderland:
Zowel volwassenen als kinderen zijn twee keer geïnterviewd in een periode van twee jaar. Er was een 0-meting bij de start en een tweede meting nadat we een jaar hulp hebben ingezet of aangeboden. Zo wordt duidelijk wat de impact is van de geboden hulp op het gevoel van onveiligheid en welzijn bij alle gezinsleden. De uitkomsten geven aan dat huiselijk geweld niet snel volledig op te lossen is. Zelfs niet als er hulp wordt ingezet.
• Het algeheel welzijn van kinderen in onze regio is een stuk lager dan dat van kinderen in de rest van Nederland.
11
• Het partnergeweld neemt af (in dezelfde mate als in de rest van Nederland). • Het percentage gezinnen waar veelvuldig of ernstig geweld plaats vindt daalt van 75% naar 50%. • Het gevoel van veiligheid neemt iets toe. • Het percentage emotioneel onveilige kinderen neemt af van 48,9% naar 24,4%. • Het percentage onveilig gehechte kinderen neemt af. • Het alcoholgebruik tijdens de onderzoeksperiode nam toe.
• De opvoedstress is hoger dan in de rest van Nederlandse gezinnen.
HOOFDSTUK 1 De omvang en impact van huiselijk geweld
Huiselijk geweld is een hardnekkig probleem. De gevolgen zijn groot voor mensen die ermee te maken hebben. Het speelt ook in veel meer gezinnen dan je denkt. We moeten er open over zijn dat dit gebeurt en samen met het gezin aan de slag gaan zodat het geweld stopt. Ben je als kind slachtoffer of getuige van geweld? Dan loop je een grote kans om later in je leven weer slachtoffer te worden of pleger van geweld. We moeten de overdracht naar de volgende generatie dan ook stoppen.
HOOFDSTUK 2
Onze aanpak van huiselijk geweld Welke partners zijn erbij betrokken?
12
HOOFDSTUK Titel van het hoofdstuk
Terug naar overzichtspagina
Geweld in afhankelijkheidsrelaties is een veelvoorkomend verschijnsel en een hardnekkig probleem. We moeten niet alleen hulp bieden aan slachtoffers en plegers, minderjaren en volwassenen, maar het gaat ook om bescherming. Hulp, zorg, welzijn en veiligheid gaan hand in hand. Huiselijk geweld aanpakken kunnen we daarom niet alleen: er zijn veel verschillende organisaties en samenwerkingsverbanden bij betrokken. Zij werken achtereenvolgend of tegelijkertijd aan de zorg voor de cliënt vanuit hun eigen opdracht. Dit hoofdstuk beschrijft in het kort de belangrijkste samenwerkingspartners bij de aanpak van huiselijk geweld. In bijlage 3 staat een overzicht van de opdrachtgevers en financiering.
Onze belangrijkste samenwerkingspartners Lokale teams Elke gemeente kent wijk-/buurtteams waar inwoners eenvoudig advies, hulp en ondersteuning kunnen krijgen. In onze regio is er veel variatie in hoe de lokale teams zijn ingericht. De ene gemeente kent brede wijkteams die er actief op afgaan. In andere gemeenten heeft het wijkteam vooral een rol in de indicatiestelling. Bij sommige wijkteams komen jeugdzorg en Wmo samen, bij andere wijkteams is dit apart georganiseerd. Veilig Thuis Noord Oost Gelderland Veilig Thuis Noord Oost Gelderland (NOG) is het adviesen meldpunt voor iedereen die te maken heeft met (vermoedens) van huiselijk geweld. Voor slachtoffers en plegers, maar ook voor bezorgde omstanders en professionals. Veilig Thuis is 24/7 bereikbaar. Veilig Thuis NOG adviseert burgers en professionals die zich zorgen maken over vermoedens van huiselijk geweld. Na een melding doet Veilig Thuis onderzoek naar het bestaan van huiselijk geweld. Als eerste spreekt Veilig Thuis met de direct betrokkenen: het gezin of de persoon over wie de melding is ontvangen. Deze informatie wordt meegenomen in de veiligheidsbeoordeling en in de afweging over vervolgstappen. Bij Veilig Thuis NOG is het meldpunt Jeugdprostitutie ondergebracht. Verder adviseert Veilig Thuis NOG bij het opleggen van een tijdelijk huisverbod.
13
HOOFDSTUK 2 Onze aanpak van huiselijk geweld
Zorgaanbieders Binnen onze regio zijn veel zorgaanbieders actief die hulp bieden aan mensen die te maken hebben met huiselijk geweld. De hulp is divers. Denk bijvoorbeeld aan traumabehandeling, GGZ-behandeling, verslavingszorg of opvoedondersteuning. Moviera Moviera is als regionale organisatie belast met de vrouwenopvang in de provincies Gelderland en Utrecht. Zij biedt advies, ambulante hulp en een veilig onderdak aan vrouwen en kinderen (en soms ook mannen) die door acute geweldsdreiging of uitbuiting veiligheidsrisico’s lopen. In Gelderland heeft Moviera opvanglocaties in Arnhem, Apeldoorn en Nijmegen. Iriszorg Iriszorg biedt opvangplekken voor plegers die vanwege een tijdelijk huisverbod geen onderkomen hebben. Bijvoorbeeld omdat ze geen eigen netwerk hebben, onvoldoende geld of kampen met verslavingsproblematiek. Zo blijven deze plegers bij de hulpverlening in beeld. Bovendien maken we het voor slachtoffer en pleger laagdrempeliger om hulpverlening te aanvaarden.
Terug naar overzichtspagina
Centrum Seksueel Geweld Het Centrum Seksueel Geweld (CSG) biedt slachtoffers van aanranding of verkrachting 24/7 de hulp die ze nodig hebben. Een team van artsen, verpleegkundigen, politie en andere hulpverleners werkt in het CSG samen om specialistische zorg te verlenen. Alle hulp wordt op één plek geleverd. Zo hoeven slachtoffers hun verhaal maar één keer te vertellen. Het slachtoffer bepaalt zelf of er aangifte wordt gedaan, dit is geen voorwaarde voor hulp. Daarnaast geeft het CSG advies aan alle slachtoffers van seksueel geweld of een nare seksuele ervaring. Ook als dat langer dan zeven dagen geleden is. Raad voor de Kinderbescherming De Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) onderzoekt of het nodig is om ouders te verplichten hulp te accepteren. De kinderrechter kan besluiten om een beschermingsmaatregel op te leggen, zoals kinderen onder toezicht stellen of onder voogdij plaatsen. Is de situatie kritiek? Dan kan de rechter een kind onmiddellijk uit huis plaatsen. Reclassering De reclassering richt zich op gedragsverandering en het voorkomen van recidive bij verdachten en veroordeelden van huiselijk geweld binnen het strafrechtelijk kader. Daders en slachtoffers van huiselijk geweld zijn in veel gevallen langdurig met elkaar verbonden en soms wisselt het dader- en slachtofferschap.
14
HOOFDSTUK 2 Onze aanpak van huiselijk geweld
Daarom wordt heel nauw samengewerkt met de partners uit de zorg- en strafketen. In Oost-Nederland heeft de reclassering een spreekuur huiselijk geweld. Verdachten van huiselijk geweld worden binnen twee weken gesproken. Jeugdbescherming via gecertificeerde instellingen Soms kunnen ouders hun kinderen geen veilige thuisomgeving bieden. Dan is er jeugdbescherming nodig. Deze taak mag alleen worden uitgevoerd door een zogenaamde gecertificeerde instelling (GI). Een GI gaat aan de slag als de kinderrechter een uitspraak heeft gedaan dat een beschermingsmaatregel nodig is (ondertoezichtstelling of voogdij). Samen met het gezin werkt de jeugdbeschermer eraan om de thuissituatie voor het kind te verbeteren. Dit zijn de gecertificeerde instellingen in onze regio: • Jeugdbescherming Gelderland (voor gezinnen met complexe problemen) • William Schrikker Groep (voor jeugdzorg aan kinderen met een beperking of kinderen van ouders met een beperking) • Leger des Heils (voor gezinnen met complexe problemen) • Nidos: voor alleenstaande minderjarige vluchtelingen, asielzoekers en jongeren die in Nederland verblijven zonder asielaanvraag. Terugkeer naar het land van herkomst is een reële optie.
Terug naar overzichtspagina
De rol van Apeldoorn als centrumgemeente Gemeente Apeldoorn is centrumgemeente voor de aanpak van huiselijk geweld in de regio Noord-Veluwe en Midden-IJssel/Oost-Veluwe. Dit betekent dat Apeldoorn verantwoordelijk is om voor de veertien gemeenten in deze regio te zorgen voor: • afstemming en coördinatie van het regionaal beleid • financiering van de regionale voorzieningen (als budgethouder) • één centraal advies- en meldpunt voor huiselijk geweld en kindermishandeling en de daarvoor geldende wettelijke taken uitvoering: Veilig Thuis NOG • opvang en ondersteuning van slachtoffers van huiselijk geweld uitvoering: Moviera • opvang en ondersteuning van slachtoffers van mensenhandel uitvoering: verschillende partijen, o.a. Veilig Thuis NOG, Jeugdbescherming Gelderland en Moviera • zorgcoördinatie van slachtoffers van seksueel geweld uitvoering: CSG Zwolle en CSG Enschede
15
HOOFDSTUK 2 Onze aanpak van huiselijk geweld
Soms is er meer expertise nodig Bij huiselijk geweld zijn veel partijen betrokken. Het is belangrijk dat deze partijen met elkaar overleggen om zo tot een plan van aanpak te komen. Maar soms zijn situaties zo complex dat extra deskundigheid nodig is (bijschalen). Die kunnen we bespreken in een van de volgende tafels. Jeugdbeschermingstafel (JBT) De Jeugdbeschermingstafel (JBT) is een overleg tussen ouders/verzorgers, de jeugdige (mits 12+), betrokken professionals en de Raad voor de Kinderbescherming. Zijn er gezinnen waar zorgen over zijn vanwege huiselijk geweld, de manier van opvoeden of de ontwikkeling van het kind? Dan worden zij uitgenodigd voor een gesprek. Het doel is om te onderzoeken welke mogelijkheden er nog zijn voor vrijwillige hulpverlening. Bij spoed wordt direct contact opgenomen met de Raad voor de Kinderbescherming. Zorg- en Veiligheidshuis In het Zorg- en Veiligheidshuis werken partners uit de straf-, zorg- en bestuurlijke keten samen aan de veiligheid in de regio vanuit één fysieke locatie. Deelnemers zijn Openbaar Ministerie, Politie, Reclasseringsorganisaties, Raad voor de Kinderbescherming, Dienst Justitiële Inrichtingen, Jeugdzorginstellingen, Veilig Thuis, lokale wijkteams en zorgorganisaties, GGZ, woningcorporaties enz.
In het Zorg- en Veiligheidshuis worden complexe casussen besproken met partners vanuit zorg en veiligheid. Het kan gaan om een persoon, een groep of een gezin. Het doel is om samen oplossingen te vinden voor complexe veiligheidsproblemen, om maatschappelijke overlast te beperken en perspectief te bieden aan slachtoffers en daders. Het Zorg- en Veiligheidshuis heeft de regie bij het maken van een plan van aanpak, maar neemt de casus niet over. De afzonderlijke professionals blijven verantwoordelijk voor hun taak in de casus. Regionaal Expertteam Jeugd Lukt het niet om passende zorg voor een jeugdige te vinden? Dan kunnen professionals van het lokale team, zorgaanbieders of ouders een beroep doen op het regionaal expertteam. Hierin zitten verschillende experts aan tafel. Samen met de jeugdige en diens ouders bekijken zij wat een goede oplossing is voor de situatie van de jeugdige.
HOOFDSTUK 3
Waar gaan we voor? Onze ambities, visie en uitgangspunten
16
HOOFDSTUK Titel van het hoofdstuk
Terug naar overzichtspagina
De ambities uit onze vorige regiovisie zijn nog onverkort geldig. Het gaat ons erom huiselijk geweld eerder te signaleren, terug te dringen en te stoppen. Om de schade van het geweld te beperken. En om de cirkel van geweld, de overdracht van generatie op generatie, duurzaam te doorbreken. Onze ambities zijn aangevuld en aangescherpt op basis van de inbreng van alle professionals en onderzoeken.
Dit zijn onze ambities We richten ons op iedereen die betrokken is bij huiselijk geweld: slachtoffers, plegers en omstanders.
“Geweld in relaties en gezinnen is zo oud als de weg naar Rome. Het is de meest voorkomende vorm van geweld, met ernstige gevolgen op korte maar zeker ook op de langere termijn. Kinderen die opgroeien met geweld, verwaarlozing of seksueel misbruik lopen grote kans op ernstige gezondheidsklachten op latere leeftijd. Ook kan het geweld van generatie op generatie doorgaan.”
Zolang niet alle professionals de focus op veiligheid hebben, kan het geweld in huis gewoon doorgaan. Daarom gaan we uit van de visie Gefaseerd Samenwerken voor Veiligheid. Deze regelt eerst de directe veiligheid, daarna werken we aan de risico’s op onveiligheid en tot slot aan herstel.
Bron: Website Verwey-Jonker Instituut. Dit instituut doet wetenschappelijk onderzoek naar onder andere seksueel en huiselijk geweld.
We zetten ons in om: • intergenerationele overdracht van geweld te stoppen; • de schade van geweld te beperken; • laagdrempelige hulp te bieden aan slachtoffers en plegers. Hiervoor kijken we met een brede blik en werken we aan een gezins- en systeemgerichte aanpak. Onze visie: Gefaseerd Samenwerken voor Veiligheid We zorgen ervoor dat alle bij het gezin betrokken professionals samen de focus hebben op veiligheid.
Risicogestuurd
Herstelgericht
Veiligheidsplan Figuur 4 Gefaseerde Ketenzorg Vogtländer en Van Arum
17
HOOFDSTUK 3 Waar gaan we voor?
Eerst zorgen voor directe veiligheid De ouders van Julia (10) en Tom (8) zijn gescheiden. Ook na hun scheiding maken ze continu ruzie: ze schelden elkaar uit en dreigen elkaar af te maken. Dat merken Julia en Tom elke keer als ze van de ene ouder naar de andere gaan. Vader is het nog steeds niet eens met de scheiding. Hij moet vaak huilen als Julia en Tom bij hem zijn. Verder kan hij de alimentatie niet betalen, omdat hij ontslagen is. Moeder is depressief en weet niet hoe ze de kinderen naar school moet krijgen. Julia en Tom willen niet meer naar school. Tom wordt gepest en Julia slaat soms andere kinderen uit haar klas. Die willen daarom niet meer met haar spelen. Als de hulpverlening eindelijk start, is eerste afspraak dat vader en moeder stoppen met ruzie maken waar de kinderen bij zijn. Oma haalt Julia en Tom voorlopig op en brengt ze van het ene huis naar het andere. Vader en moeder spreken af elkaar pas te bellen als de kinderen in bed liggen. Zo zorgen we eerst voor directe veiligheid. Pas als het geweld voor een periode van circa drie maanden is gestopt, kunnen we nadenken over de onderliggende problemen.
Terug naar overzichtspagina
We gaan werken volgens de uitgangspunten van de TOP-3 methodiek Om de visie Gefaseerd Samenwerken voor Veiligheid uitvoering te geven, gaan we werken volgens de uitgangspunten van de TOP-3 methodiek. De uitgangspunten zijn: • vanaf dag 1 samenwerken met alle leden van het gezin; • werken per fase: eerst werken we aan directe veiligheid, daarna aan risicofactoren en tot slot aan herstel; • op basis van een gezamenlijke brede analyse een top 3 plan van prioriteiten opstellen en coördineren. Het resultaat van deze manier van werken is: • Het geeft gezinnen rust dat er in drie stappen wordt gewerkt en dat alle hulpverleners dezelfde boodschap hebben. Zo weten de gezinsleden waar ze aan toe zijn. • Gezinnen voelen zich gezien en gehoord. • De hulp wordt effectiever en efficiënter, omdat niet alles tegelijkertijd gebeurt.
Voor onze ambities zijn sterke lokale teams en integrale samenwerking nodig
Sterke lokale teams We versterken de lokale teams met expertise op huiselijk geweld. Maar vooral met een heldere opdracht en randvoorwaarden om goed te kunnen samenwerken met alle betrokken partijen. Sterke lokale teams zijn een belangrijk speerpunt binnen de Hervormingsagenda Jeugd. Hierover leest u meer in bijlage 2. Het lokale team is het vaste aanspreekpunt voor gezinnen die door hen ondersteund worden, ook bij onveilige situaties. Managers en bestuurders moeten inzien hoe belangrijk het is dat lokale teams voldoende tijd krijgen voor casuïstiek huiselijk geweld. Waar sociaal werkers een grote druk ervaren om zo snel mogelijk zaken af te handelen, gaat het bij huiselijk geweld juist om vertragen. De tijd nemen voor een grondige analyse, alle betrokkenen bij elkaar brengen, een plan maken en dit volgen. “Niet te snel in actie komen en goed onderzoeken wat er echt aan de hand is.”
prof. dr. Majone Steketee, Verwey-Jonker Instituut lezing voor de associatie wijkteams, 16 november 2023
18
HOOFDSTUK 3 Waar gaan we voor?
Integrale samenwerking zorg en veiligheid We blijven het belang van samenwerken uitdragen. We zetten in op commitment van alle betrokken instanties op de samenwerking tussen het zorg- en veiligheidsdomein. Het moet continu helder zijn wie de regie heeft over het vraagstuk van de cliënt. Samenwerking tussen de betrokken partijen is essentieel, maar in de praktijk zeer weerbarstig. Onze maatschappelijke opgave gaat verder dan huiselijk geweld. Veel mensen hebben te maken met een opeenstapeling van persoonlijke problemen zoals psychische klachten, (licht) verstandelijke beperking, verslaving of schulden. Zij lopen een verhoogd risico slachtoffer te worden van misbruik en criminaliteit of veroorzaken zelf overlast. Daderschap en slachtofferschap kunnen door elkaar lopen, net als oorzaken en gevolgen. Zorg en straf komen samen: we willen handhaven of straffen, maar tegelijkertijd ook inzetten op verbetering (toekomstperspectief). Onze hulpverlening moet een samenhangend geheel zijn, met oog voor zowel de zorg als het strafrecht. Dit vraagt om een integrale aanpak op verschillende niveaus: uitvoerend, beleidsmatig, management en bestuurlijk.
Terug naar overzichtspagina
Bestuurlijke Stamtafel Zorg en Veiligheid NOG Als antwoord op de noodzaak tot integrale sturing zijn de 22 gemeenten in Noord- en Oost-Gelderland in 2022 gestart met de bestuurlijke Stamtafel Zorg en veiligheid. Aan de Stamtafel komen vertegenwoordigers op bestuursniveau bijeen vanuit verschillende richtingen: maatschappelijke zorg en begeleiding in het gemeentelijk domein, curatieve (verzekerde) zorg, justitiële veiligheid en openbare orde en veiligheid. De netwerkpartners treffen elkaar vier keer per jaar. Ze bespreken dan strategische vraagstukken die volgen uit landelijke ontwikkelingen of op basis van signalen en knelpunten uit de regionale uitvoeringspraktijk. Bijvoorbeeld: aanpak van mensenhandel, levens loopaanpak en ontwikkeling van een moreel kompas.
Landelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op onze aanpak De rijksoverheid heeft een aantal programma’s opgesteld om de zorg en ondersteuning van slachtoffers van geweld in afhankelijkheidsrelaties te verbeteren. Hieronder volgen de drie belangrijkste, een toelichting staat in bijlage 3. • Hervormingsagenda Jeugd Deze agenda heeft als doel knelpunten in de jeugdzorg structureel aan te pakken. • Toekomstscenario Kind en Gezinsbescherming (programma). Dit is de opvolger van het landelijke programma Geweld Hoort Nergens Thuis (2018-2022). Het toekomstscenario biedt perspectief hoe de jeugdbeschermingsketen er eenvoudiger uit kan zien. Het belang van kind en gezin staan centraal, met één vast gezicht als uitgangspunt. In het toekomstscenario krijgt het lokale team een grotere rol bij gezinnen waar sprake is van huiselijk geweld. • Aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld (nationaal actieprogramma rijksoverheid) Start in 2022. De inzet is een samenleving waarin mensen gelijkwaardig en respectvol met elkaar omgaan en iedereen zich sociaal veilig voelt.
19
HOOFDSTUK 3 Waar gaan we voor?
Regionaal programma: Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming Sinds 2020 werken alle gemeenten in Gelderland intensief samen om binnen de huidige wet- en regelgeving de jeugdbescherming te verbeteren en veiligheid in gezinnen te herstellen. In de Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming zijn acht bouwstenen uitgewerkt. Een daarvan richt zich op bescherming van kinderen en heeft zich in de loop van het project verbreed naar een lokale aanpak voor gezinnen.
HOOFDSTUK 4
Hoe doen we dat? Eerder in beeld en beter in gesprek Samenwerken aan veiligheid
20
HOOFDSTUK Titel van het hoofdstuk
Eerder in beeld en beter in gesprek De aanpak van huiselijk geweld vraagt om een goed ingericht sociaal domein, met kundige uitvoeringsorganisaties. Onze ambities en uitgangspunten hebben we vertaald naar twee thema’s: Eerder in beeld en beter in gesprek & Samenwerken aan veiligheid. In de Uitvoeringsagenda zijn de regionale en lokale acties uitgewerkt die bij deze thema’s horen. Dat is een afzonderlijk document. Als we het geweld eerder in beeld hebben, kunnen we de duur van het geweld verkorten en erger voorkomen. Beter in gesprek betekent dat we de tijd nemen voor analyse. Zo weten we beter hoe we het slachtoffer en diens omgeving het beste kunnen helpen.
We zetten de subsidierelaties met onze kernpartners voort In de loop der jaren is de bekendheid en deskundigheid van onze kernpartners Veilig Thuis NOG, Moviera en het Centrum Seksueel Geweld alleen maar toegenomen. Zonder hen is er geen hulp en ondersteuning voor slachtoffers, professionals en omstanders. In nauwe afstemming met deze organisaties en de andere centrumgemeenten zorgen we voor een duidelijke opdracht. En voor voldoende financiële middelen om deze opdrachten uit te voeren. Van ons budget gaat 90% naar Veilig Thuis NOG, Moviera en Centrum Seksueel Geweld. 21
HOOFDSTUK 4 Hoe doen we dat?
Terug naar overzichtspagina
We hebben meer aandacht voor specifieke doelgroepen Preventie van huiselijk geweld draagt bij aan het stoppen en duurzaam doorbreken van de cirkel van geweld. Preventie van huiselijk geweld kan inspelen op vermindering van problemen zoals schoolverzuim of depressie. Het kan voorkomen dat kleine problemen groter worden en dat gezinnen intensieve hulp nodig hebben. Aan de risicogroepen hieronder geven we meer aandacht. Meer aandacht voor kinderen en jongeren Met name bij kinderen en jongeren kunnen we het beter doen. We moeten kinderen aandacht geven door met hen te praten en ze te screenen. Zo kunnen we waar nodig passende hulp of ondersteuning bieden. Geweld wordt vaak overgedragen naar de volgende generatie. Juist daarom is het essentieel dat kinderen beseffen dat geweld in huis niet gewoon is. Speciaal voor kinderen in de opvang hebben de regiogemeenten vanaf 2021 extra middelen uit de DUVO beschikbaar gesteld. Voordat kinderen in de opvang terechtkomen, hebben ze al veel nare ervaringen gehad. Net als hun moeders (en vaders) hebben ze hulp nodig om te herstellen. Met dit budget zijn gedragswetenschappers en gezinsbegeleiders aangesteld die de kinderen screenen op trauma’s en ondersteuning geven. Hierdoor zijn problemen eerder in beeld en proberen we de overdracht van geweld naar de volgende generatie te stoppen.
Meer aandacht voor mensen met een licht verstandelijke beperking (lvb) Mensen met een verstandelijke beperking vormen de grootste groep die slachtoffer wordt van geweld in afhankelijkheidsrelaties of wordt geronseld voor daderschap. Vanuit onze aanpak zetten we in op bewustwording en signalering bij professionals. En we richten ons op voorlichting op scholen voor speciaal onderwijs. Er moet meer aandacht komen voor kinderen in gezinnen waar partnergeweld en kindermishandeling plaatsvindt. Het opgroeien van kinderen in gewelddadige gezinssituaties heeft een enorme impact op hun gedrag. Veel van deze kinderen zijn zelf zowel fysiek als psychisch gewelddadig naar hun ouders en veel jongeren krijgen als puber te maken met dating geweld. Willen we deze cirkel van geweld doorbreken, dan moeten we deze kinderen leren dat problemen in relaties opgelost kunnen worden door te communiceren en naar elkaar te luisteren en niet door gewelddadig gedrag.
Persbericht Verwey-Jonker Instituut (18-09-2023)
We investeren in een laagdrempelig hulpaanbod voor plegers van huiselijk geweld Een speerpunt in onze aanpak is de intergenerationele overdracht te doorbreken. Hiervoor moeten we een laagdrempelig hulpaanbod hebben voor plegers van geweld. Het is nog niet zo gemakkelijk om dit op te zetten, maar we blijven volhouden.
Terug naar overzichtspagina
Samenwerken aan veiligheid In 2020 begon Moviera met supportgroepen en individuele begeleiding georganiseerd door ervaringsdeskundigen. Het bleek niet eenvoudig om geschikte ervaringsdeskundigen te vinden. Ook het ontbreken van een vervolgaanbod was niet helpend. Sinds 2022 werkt Moviera met een combinatie van ervaringsdeskundigen en professionele hulpverlening. De eerste resultaten zijn voorzichtig positief. Daarom blijven we hierin investeren. We promoten traumasensitief werken Slachtoffers en plegers van huiselijk geweld kampen vaak met traumagerelateerde klachten. Behandeling helpt om de spiraal van geweld te doorbeken. Ook wordt het risico kleiner dat kinderen zelf slachtoffer of juist pleger van huiselijk geweld worden, als ze volwassen zijn. Om meer kennis over traumabehandeling te delen is in 2020 het traumaplatform Drakentemmers opgericht. Eerst alleen in de regio Flevoland, maar inmiddels steunen alle centrumgemeenten Vrouwenopvang via subsidie dit platform. Draken zijn een metafoor voor nachtmerries als gevolg van trauma. Door de draak te temmen bestrijden we de trauma’s. Het platform heeft twee doelen: • een leerlijn voor behandelaren en professionals in het sociaal domein • een plek om gespecialiseerde traumabehandelaren in de regio te vinden We zorgen voor bekendheid van het traumaplatform.
Zodat er meer behandelaren komen en de professionals in het sociaal domein bekend zijn met de noodzaak van traumasensitief werken.
22
HOOFDSTUK 4 Hoe doen we dat?
We werken meer gendersensitief Gendersensitief werken houdt in dat we rekening houden met de maatschappelijke opvattingen over wat we als mannelijk en vrouwelijk beschouwen. Dit zijn de verwachtingen en ideeën van de maatschappij over hoe mannen en vrouwen zich moeten gedragen. Geweld tegen vrouwen, homo’s, en mensen vanuit de lhbtiq+ gemeenschap komt onevenredig veel voor. Tegelijkertijd wordt de man als slachtoffer lang niet altijd herkend en erkend. Daarom is het belangrijk dat we bij de analyse van het gezin rekening houden met de onderliggende machtspatronen vanuit gender.
Huiselijk geweld heeft impact op alle leden van het gezin en staat nooit op zichzelf. Vaak komt het voort uit andere problemen, zoals verslaving of geldzorgen. Voor een effectieve aanpak is integrale samenwerking tussen de verschillende professionals van het gezin nodig. Een betere onderlinge samenwerking is bij de evaluatie benoemd als een van de belangrijkste kansen om onze aanpak te versterken. Dat klinkt eenvoudig, maar dat is het in de praktijk niet. Het vraagt in ieder geval om een gezamenlijke focus op veiligheid voor de gezinnen. Maar ook om begrip over en weer voor elkaars professionele uitgangspunten. Soms is het nodig om je eigen organisatiedoelen los te laten in het belang van het integrale doel voor het gezin of individu. Werken volgens onze visie moet vanzelfsprekend worden We zetten erop in dat het vanzelfsprekend wordt voor professionals om te werken volgens de visie Gefaseerd samenwerken voor veiligheid. Eerst zorgen we voor directe veiligheid. Daarna gaan we pas aan de slag met hulpverlening en ondersteuning. We maken een top 3 van veiligheidsrisico’s om aan te pakken. Daar moeten alle betrokken partijen zich aan houden, het gezin voorop. Dat vraagt afstemming tussen zorg, veiligheid en participatie.
We organiseren dit door zowel de lokale teams als de kernpartners bekend te maken met onze visie en ze te scholen in werken volgens de uitgangspunten van de TOP-3 methodiek. (Zie voor meer uitleg over de TOP-3 methodiek hoofdstuk 3, pagina 18.)
Terug naar overzichtspagina
We versterken onze lokale teams bij de opdracht werken aan veiligheid De ontwikkelingen in het sociaal domein en zorgdomein vragen veel van gemeenten, de gemeentelijke toegang en van de lokale teams. Onder andere de Hervormingsagenda Jeugd en Toekomstscenario Kind en Gezinsbescherming uit hoofdstuk 3. Maar ook andere ontwikkelingen en afspraken hebben invloed op de opdracht aan het lokale team. Zoals het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). We zorgen voor een heldere opdracht. En we maken ons sterk om de benodigde randvoorwaarden te creëren, zoals voldoende tijd voor een goede analyse. Ook maken we lokale teams bewust van de invloed van gender op de gezins- en relatiedynamiek. We gaan in alle gemeenten aan de slag met de Aanpak Voorkomen Escalatie (AVE) We willen voorkomen dat problemen bij huiselijk geweld verder uit de hand lopen. Daarom is het belangrijk om tijdig expertise op- en af te schalen. Het is voor professionals in het sociaal domein en veiligheidsdomein essentieel om te weten in welke situatie ze bij welke experts hulp en ondersteuning kunnen krijgen. Ook moet helder zijn wie contactpersoon voor het gezin is en de regie voert (casusregie). En wie de samenwerking tussen alle betrokken coördineert (procesregie). Zeker als er meerdere professionals bij een gezin betrokken zijn.
Hiervoor heeft bureau HHM het AVE-model ontwikkeld: Aanpak Voorkomen Escalatie. Dit model is gebaseerd op hoe politie, ambulance, brandweer en gemeente samenwerken bij ongevallen en calamiteiten (grip 1, 2, 3 en 4) Veel gemeenten werken hier al mee. Ook in onze regio hebben we hier al ervaring mee opgedaan. We gaan nu in alle gemeenten het AVE-model inrichten (zie bijlage 4). 23
HOOFDSTUK 4 Hoe doen we dat?
We gaan door met ervaring opdoen met de Multidisciplinaire Aanpak MDA++ De Multidisciplinaire Aanpak (MDA++ ) is een werkwijze om meervoudige complexe problematiek aan te pakken binnen gezinnen waar sprake is van langdurig en ernstig huiselijk geweld. Het is feitelijk de laatste mogelijkheid die ons nog openstaat om huiselijk geweld te stoppen bij gezinnen waar het geweld blijft voortduren ondanks hulpverlening. Bij MDA++ wordt de deskundigheid van verschillende specialisten gebundeld: psychosociaal, medisch, forensisch en justitieel. Dit team van deskundigen doet gecoördineerd en gefaseerd onderzoek en biedt opvang na acuut, ernstig (seksueel) geweld. Na de gezamenlijke analyse maakt het team een plan van aanpak om structureel geweld te stoppen. De cliënt en de gezinsleden beslissen mee. Een casusregisseur is vaste contactpersoon. De casusregisseur wordt ondersteund door een procesregisseur, die alle partijen bij elkaar brengt en de gezamenlijke afspraken coördineert. In 2020 zijn we gestart met de voorbereidingen. Eerst hebben we draagvlak gecreëerd bij kernpartners uit het zorg- en strafdomein. Daarna zijn er gezinnen geselecteerd die baat kunnen hebben bij deze aanpak en ook mee willen werken. Vier medewerkers van Veilig Thuis en het Zorg- en Veiligheidshuis zijn opgeleid tot gespreksleider MDA++.
Zij hebben samen met zes gezinnen een veiligheidsplan gemaakt dat moet leiden tot minder geweld in huis. Hoewel het nog te vroeg is om langdurige effecten te meten, zijn de eerste resultaten positief. Gezinnen ervaren de meerwaarde. De werkwijze wordt in het voorjaar van 2024 geëvalueerd en de inzichten worden vertaald naar een vervolgopdracht.
In de toekomsttuinen werken we aan een nieuwe gezinsgerichte aanpak De toekomsttuin is de plek waar alle ontwikkelingen en inzichten benut worden en vertaald naar de uitvoeringspraktijk. Experts van verschillende kernpartners krijgen hier volop ruimte om te experimenteren met de ontwikkeling van een gezinsgerichte aanpak. De experts van Veilig Thuis, Raad voor de Kinderbescherming, Jeugdbescherming Gelderland, de William Schrikker Groep en Moviera werken hierbij samen met het lokale team.
Terug naar overzichtspagina
Drie toekomsttuinen In onze regio krijgt de toekomsttuin vorm in een Veilig Verder Team in Apeldoorn en een regionale poule van expertise in de regio Noord-Veluwe. Het Veilig Verder Team of de regionale poule is beschikbaar voor advies en ondersteuning van lokale teams bij casuïstiek huiselijk geweld. De focus ligt op voorkomen van escalatie van het geweld in het gezin. Naast de toekomsttuinen in Apeldoorn en Noord-Veluwe is er ook een toekomsttuin in Doetinchem. Voor elke toekomsttuin is een andere opzet gekozen, zodat we ontdekken wat de verschillende voor- en nadelen zijn. De toekomsttuinen lopen van 2023 tot en met december 2024. Kennis en ervaring worden gedeeld in regionale ontwikkeltafels Professionals uit de drie toekomsttuinen delen hun opgedane kennis en ervaring met elkaar in regionale bijeenkomsten, de zogenaamde ontwikkeltafels. Hieraan nemen beleidsadviseurs (Jeugd/Wmo) van alle gemeenten deel en op enkele onderdelen alle bij de toekomsttuinen betrokken organisaties. Het doel van de regionale ontwikkeltafels is: • zorgen voor breed draagvlak voor de gewenste verbeteringen.
Dit vraagt dat iedereen goed wordt meegenomen in wat er is ontwikkeld en geleerd in de toekomsttuinen; • voorbereiding op het landelijke toekomstscenario in alle gemeenten van de regio; • samenhang aanbrengen tussen de vele ontwikkelingen, programma’s, agenda’s en scenario’s binnen zorg en veiligheid. 24
HOOFDSTUK Titel van het hoofdstuk
HOOFDSTUK 5
Hoe betalen we onze ambities? Onze inkomsten en uitgaven
25
HOOFDSTUK Titel van het hoofdstuk
Terug naar overzichtspagina
We hebben wettelijke taken en ambities om huiselijk geweld te verminderen. Maar kunnen we die ook betalen? In dit hoofdstuk maken we inzichtelijk welke kosten we maken en hoe de budgetten tot stand komen.
Van welke partijen krijgen we geld? Om onze taken en ambities te betalen maken we gebruik van drie verschillende financiële bronnen: twee van het Rijk en een van de gemeente. Structurele bijdrage Decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang (DUVO) Als centrumgemeente ontvangt Apeldoorn geld van het Rijk via de Decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang (DUVO). Dit is een financiële bijdrage voor de uitvoering van de wettelijke taken bij de aanpak van huiselijk geweld. De gemeente Apeldoorn gaat hiermee een verplichting aan naar de deelnemende gemeenten. De DUVO is namelijk bedoeld voor de regionale aanpak van alle vormen van geweld in afhankelijkheidsrelaties. De DUVO is ooit in het leven geroepen om gemeenten te compenseren voor de kosten die zij maakten om de vrouwenopvang te organiseren. De uitkering is vervolgens een aantal keren verhoogd om nieuwe taken deels te bekostigen. Ook doen we uitnames om landelijke taken te bekostigen, zoals de landelijke organisatie voor de Centra voor Seksueel Geweld, het Landelijk Netwerk Veilig Thuis, het Landelijk Knooppunt Huwelijksdwang en Achterlating en specialistische opvang voor mannen en vrouwen. De DUVO-middelen worden volledig ingezet om deze regiovisie uit te voeren.
Een groot deel van de DUVOmiddelen wordt besteed aan centrale voorzieningen die uitsluitend op regionaal of bovenregionaal niveau te organiseren zijn vanwege specialistische expertise, kosteneffectiviteit en schaalgrootte.
26
HOOFDSTUK 5 Hoe betalen we onze ambities?
De DUVO-middelen worden niet apart geïndexeerd. Wel telt de DUVO mee in het totale bedrag waar indexatie op wordt toegepast. Deze indexatie wordt als onderdeel van het accres toegevoegd aan de Algemene Uitkering. De indexatie van de DUVO komt dus terecht bij alle gemeenten. Incidentele subsidie POK-middelen voor toekomsttuinen Voor de periode 2022 tot en met 2025 ontvangen we jaarlijks € 492.000 zogenaamde POK-middelen als onderdeel van de DUVO. POK-middelen zijn een financiële bijdrage om de dienstverlening aan burgers te verbeteren. De subsidie komt voort uit het rapport van de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK). We gebruiken de POKmiddelen om een gezinsgerichte aanpak te ontwikkelen en regionale veiligheidsteams in de geest van het Toekomstscenario. Gemeentelijk budget De DUVO-middelen zelf zijn onvoldoende om al onze taken te bekostigen. Daarom leggen alle gemeenten in onze regio middelen bij uit eigen lokale Wmoen jeugdbudgetten om de extra taken van Veilig Thuis te financieren. Zoals het meldpunt Loverboys, onderzoek bij tijdelijk huisverbod en de toename van de uitvoeringskosten door de vernieuwde meldcode en monitortaken van Veilig Thuis. Gemeenten betalen op basis van het aantal inwoners.
Terug naar overzichtspagina
Begroting aanpak huiselijk geweld 2024 Wat ontvangen we en wat geven we uit? Apeldoorn ontvangt als centrumgemeente de volgende voorlopige DUVO-bedragen (gebaseerd op de septembercirculaire 2023) en POK-middelen. Structureel DUVO
Incidenteel POK
Totaal
2024
€5.157.829
€492.000
€5.649.829
2025
€5.158.175
€492.000
€5.650.175
2026
€5.158.162
€5.158.162
2027
€5.157.345
€5.157.345
Subsidie Veilig Thuis NOG: € 4.830.840 (59%) Subsidie Moviera: € 2.160.358 (27%)
OK-middelen voor toekomsttuin (incidenteel): € P 492.000 (6%) DUVO-middelen voor activiteiten, projecten en innovaties: € 275.259 (3%) entrum Seksueel Geweld Zwolle Enschede: € C 155.620 (2%) Ambtelijke capaciteit: € 134.026 (2%) Subsidie daderopvang tijdelijk huisverbod, plegeraanpak: € 111.913 (1%)
Schadelijke praktijken (VGV): € 29.757 (0%)
Figuur 5 Prognose DUVO-bedragen 2024-2027 Het is spannend of we de begroting jaarlijks rond kunnen krijgen. Niet alleen vanwege onze ambities, maar ook door de hoge prijsindexaties van de afgelopen jaren en de ontwikkelingen rondom het Toekomstscenario kind en gezinsbescherming.
27
HOOFDSTUK 5 Hoe betalen we onze ambities?
Figuur 6 Begroting aanpak huiselijk geweld 2024
Bijlage 1. Toelichting wettelijk kader 2. Landelijke ontwikkelingen 3. Samenwerkingspartners: opdrachtgever en financiering 4. Het AVE-model - Bureau HHM 5. Terugblik Samen tegen huiselijk geweld 2020-2023
28
HOOFDSTUK Titel van het hoofdstuk
Terug naar overzichtspagina
BIJLAGE 1
Toelichting wettelijk kader
Nationale wetgeving Wat is de rol van gemeenten? Ten aanzien van huiselijk geweld en kindermishandeling, hebben gemeenten op grond van de wet in ieder geval de taak om: • maatregelen te nemen om kindermishandeling te bestrijden (Jeugdwet, artikel 2.6, lid 2). • er zorg voor te dragen dat en toezicht te houden op de naleving van het Besluit verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling • zorg te dragen voor een advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling (Wmo, artikel 4.1.1, lid 1). • beleid te ontwikkelen ter voorkoming en signalering van huiselijk geweld en kindermishandeling • hulp en nazorg te bieden bij geweld in de privésfeer ebsite VNG: Kindermishandeling en huiselijk W geweld
Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015 In de Wmo 2015 staat dat elke burger recht heeft om vrij te zijn van het risico op geweld uit huiselijke kring. Er moet voor iedereen in de thuissituatie – en als dat niet kan, elders – een veilige plek zijn. De Wmo 2015 bevat ook nadrukkelijk de opdracht om huiselijk geweld te voorkomen. Gemeenten hebben daarmee een grotere rol gekregen bij de aanpak van geweld in huiselijke kring. In de Wmo 2015 wordt een brede definitie van (slachtoffers van) geweld in huiselijke kring gehanteerd. Zowel vrouwen als mannen, minderjarigen en ouderen, moeten door alle gemeenten worden beschermd en ondersteund. Verder kent de Wmo 2015 de eis van landelijke toegankelijkheid: een persoon die veilige opvang nodig heeft, kan ook in een andere gemeente terecht. Jeugdwet Met de decentralisatie van de jeugdzorg in 2015 is de verantwoordelijkheid voor de aanpak van kindermishandeling nadrukkelijker dan voorheen bij de gemeenten komen te liggen. Tot 2015 hadden gemeenten vooral taken in de preventie van kindermishandeling. Nu zijn ze verantwoordelijk voor het hele spectrum: signalering, diagnostiek, hulp en behandeling bij kindermishandeling.
Wet Tijdelijk Huisverbod (9 oktober 2008) Volgens de Wet Tijdelijk Huisverbod mag een pleger van huiselijk geweld in beginsel tien dagen zijn of haar woning niet meer in. De pleger mag in die periode ook geen contact opnemen met de partner of de kinderen. Dit tijdelijk verbod geeft een afkoelingsperiode waarbinnen de nodige hulpverlening op gang kan worden gebracht en escalatie kan worden voorkomen. Het huisverbod kan ook worden opgelegd bij kindermishandeling of een ernstig vermoeden daarvan. Een huisverbod wordt opgelegd door de burgemeester via een beschikking en kan worden verlengd tot maximaal vier weken. Een uithuisgeplaatste die zich niet aan het huisverbod houdt, kan maximaal twee jaar gevangenisstraf krijgen of een taakstraf. Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling (1 juli 2013) De Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling legt bij organisaties en zelfstandige professionals de verplichting neer een meldcode te hanteren en de kennis en het gebruik ervan te bevorderen. Het doel van de Wet verplichte meldcode is dat sneller en adequater hulp kan worden geboden bij signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling, zodat het geweld stopt. De wet is binnen de gemeenten van toepassing op ambtenaren die betrokken zijn bij de uitvoering van de Leerplichtwet.
Daarnaast zijn gemeenten verantwoordelijk voor het toezicht op en de handhaving van de meldcode bij organisaties in de kinderopvang, maatschappelijke ondersteuning en jeugdzorg. esluit verplichte meldcode huiselijk geweld en B kindermishandeling
29
BIJLAGE 1 Toelichting wettelijk kader
Terug naar overzichtspagina
Op 1 januari 2019 is de Wet meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling aangepast. Professionals worden verplicht vermoedens van acute of structurele onveiligheid bij Veilig Thuis te melden. Veilig Thuis krijgt hiermee een zogenaamde radarfunctie: onveilige situaties komen eerder en langer op de radar van Veilig Thuis. Huisvestingswet (1 januari 2015) Volgens de Huisvestingswet moeten gemeenten urgentie verlenen aan slachtoffers van geweld die in de opvang verblijven (artikel 12). Als gemeenten een urgentiesysteem hebben, moeten ze slachtoffers van huiselijk geweld voorrang geven. Een aantal gemeenten in onze regio heeft afspraken met de woningcorporaties gemaakt over aantallen urgentiewoningen, ook voor bijzondere doelgroepen (opstap-regeling). Hierdoor is de noodzaak van een huisvestingsverordening vervallen.
Internationale wetgeving Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (20 november 1989) • Ratificering door Nederland op 8 maart 1995. • De Kinderombudsman monitort de naleving door Nederland. • Artikel 19 is specifiek gewijd aan kindermishandeling. Bescherming tegen kindermishandeling: Het kind heeft recht op bescherming tegen alle vormen van lichamelijke en geestelijke mishandeling en verwaarlozing zowel in het gezin als daarbuiten. De overheid neemt maatregelen ter preventie en signalering hiervan en zorgt voor opvang en behandeling. Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld (verdrag van Istanbul) • Ratificering door Nederland op 9 juni 2015. • Doel van het verdrag: een krachtige impuls geven aan het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld. Met de ratificering is Nederland verplicht maatregelen te treffen om geweld te voorkomen, slachtoffers te beschermen en daders te berechten en te bestraffen. Zo wordt geprobeerd het geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld op panEuropees niveau verder terug te dringen. • De verplichtingen die uit het verdrag voortvloeien stemmen overeen met Nederlands beleid voor de aanpak van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld. En met de voorzieningen die daartoe in Nederland zijn getroffen, zoals vastgelegd in de Wmo 2015.