(083) Bijlagen bij de planmotivering
Tekst van het document
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
3
AERIUS-berekening Vosstraat 23-23a, Hall Definitief
HOOFDSTUK 2
VOORGENOMEN ONTWIKKELING
In de huidige situatie heeft het plangebied een agrarische functie. De agrarische bedrijfsactiviteiten zijn gestopt. Het voornemen is om de gronden van de Vosstraat 23 te wijzigen naar een reguliere bedrijfsfunctie en de gronden van de Vosstraat 23a te wijzigen naar een reguliere woonfunctie. In de beoogde situatie vinden de volgende activiteiten plaats in het plangebied: •
•
Vosstraat 23 o Gebouw A: Woning; o Gebouw B: Gebouw voor medische zorg voor paarden en honden (chiropractie). De behandeling dient om de motoriek van het skelet van dieren te verbeteren. In het gebouw wordt maximaal 5 keer per jaar een workshop gegeven aan therapeuten en eigenaren van dieren (maximaal 20 mensen per workshop); o Gebouw C: Bijgebouw voor het hobbymatig houden van 4 paarden; o Gebouw D: Paardrijbak; o Op het terrein is voldoende ruimte voor 10 parkeerplaatsen; Vosstraat 23a o Gebouw A: Woning met inpandige garage; o Gebouw B: Bijgebouw (hobbyruimte/opslag/werkplaats).
Voor het voornemen vinden geen bouwwerkzaamheden plaats of andere grootschalige veranderingen. Onderstaande afbeelding is een luchtfoto van het erf in het plangebied (rood kader) met daarin de verschillende gebouwen aangegeven. De gebouwen bij de Vosstraat 23 hebben blauwe letters, de gebouwen bij de Vosstraat 23a hebben groene letters.
Afbeelding 2.1
Luchtfoto plangebied (Bron: PDOK bewerkt)
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
4
AERIUS-berekening Vosstraat 23-23a, Hall Definitief
HOOFDSTUK 3 3.1
UITGANGSPUNTEN
Algemeen
Het plangebied ligt op circa 67 meter afstand van het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000-gebied, namelijk ‘Landgoederen Brummen’. Andere dichtbijgelegen Natura 2000-gebieden zijn ‘Rijntakken’ op circa 3,7 kilometer en ‘Veluwe’ op circa 4,1 kilometer afstand. Daarnaast zijn in het Natura 2000-gebied ‘Landgoederen Brummen’ hexagonen aanwezig met een hersteldoel. Het dichtstbijzijnde hexagoon met een hersteldoel ligt op circa 3,5 kilometer afstand van het plangebied. Om de stikstofdepositie van het voornemen op Natura 2000-gebieden te bepalen zijn twee berekeningen gemaakt, namelijk: een berekening van de stikstofdepositie als gevolg van de gebruiksfase en een verschilberekening met de referentiesituatie. Bij het voornemen vinden geen bouwwerkzaamheden plaats, waardoor er geen sprake is van een aanlegfase. Hierna worden de uitgangspunten toegelicht.
3.2
Gebruiksfase
3.2.1
Bronnen van stikstofuitstoot
In hoofdstuk 2 zijn de activiteiten in het plangebied uitgelicht. Op basis van deze activiteiten zijn de volgende eventueel stikstof uitstotende bronnen aan te wijzen: 1. 2. 3. 4.
Gasverbruik van gebouwen; Verkeersgeneratie; Emissie koude start gebruiksverkeer; Hobbymatig houden van paarden.
Hieronder worden deze bronnen verder toegelicht. 3.2.2
Gasverbruik
De woningen zijn en blijven op het gas aangesloten. Bij de berekening van de stikstofemissie als gevolg van het gasverbruik zijn de onderstaande uitgangspunten gebruikt: • • • •
Een emissiegrenswaarde van 70 mg/Nm3 bij droog rookgas en bij 3% zuurstof;1 1 m3 aardgas zorgt bij het verbranden voor 9 m3 rookgasdebiet; 2 Om te kunnen rekenen met de emissiegrenswaarde is de zuurstof overmaat als volgt gecorrigeerd: 21/(21-3)=1,16667; Gemiddeld gasverbruik vrijstaande woning gemeente Brummen: 1.820 m3. 3
De formule voor het berekenen van de NOx emissie van is als volgt: gasverbruik * 9 * 1,16667 * 70 * 10-6 = emissie NOx in kg/jaar. In voorliggend geval komen de emissies neer op 1,34 NOx kg/jaar. In dit geval gaat het om twee woningen, dus is deze emissie ook twee keer in de AERIUS-Calculator gemodelleerd. Naast de bovenstaande NOx emissies, is de emissiehoogte van invloed op de rekenresultaten. Conform het rapport ‘Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024’ is voor de emissiehoogte het volgende aangehouden: hanteer in AERIUS voor de uitstoothoogte de hoogte van het emissiepunt ten opzichte van het maaiveld. De uitstoothoogte is ongeveer 5,5 meter voor de Vosstraat 23 en 6,4 meter voor de Vosstraat 23a4.
1 2 3 4
Besluit activiteiten leefomgeving paragraaf 4.126 BIJ12, Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024, pagina 33 CBS Statline, Energieverbruik particuliere woningen; woningtype, wijken en buurten, 2022: gemeente Bronckhorst 3D BAG Viewer en PDOK
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
5
AERIUS-berekening Vosstraat 23-23a, Hall Definitief Voor de warmte-inhoud is aangesloten op de standaard waarden uit de AERIUS-Calculator voor de sector ‘wonen’. Naast de woningen is ook gebouw B (zie afbeelding 2.1) op het gas aangesloten, ten behoeve van vloerverwarming. Voor het gasverbruik is worst-case uitgegaan van het gemiddeld gasverbruik van een vrijstaande woning in de gemeente Brummen. Voor het overige is dezelfde formule gebruikt als hierboven beschreven om tot de NOx emissie te komen, namelijk 1,34 kg/jaar. Voor de uitstoothoogte is de hoogte van de schuur aangehouden: 5,0 meter 5 en voor de warmte-inhoud is aangesloten op de standaard waarden uit de AERIUS-Calculator voor de sector ‘landbouw – vuurhaarden, overig’. 3.2.3
Verkeersgeneratie
Het gebruik van de woningen en het bedrijf brengt een bepaald aantal verkeersbewegingen met zich mee. Dit heeft stikstofuitstoot tot gevolg. Het aantal verkeersbewegingen als gevolg van het project heeft dan ook invloed op de AERIUS-berekening en moet in ogenschouw worden genomen. Om het aantal verkeersbewegingen te bepalen is gebruik gemaakt van de publicatie ‘Parkeerkencijfers 2024, basis voor parkeernormering’, publicatie 744 (augustus 2024). De volgende uitgangspunten zijn gehanteerd: • • •
Verstedelijkingsgraad: niet stedelijk6; Stedelijke zone: buitengebied; Functie: koop, huis, vrijstaand. Voor de verkeergeneratie voor de andere gebouwen is informatie opgevraagd bij initiatiefnemers. Gemiddeld komen er 10 auto’s per week, dit is omgerekend 2,86 bewegingen per etmaal.
In de publicatie van de CROW is de verkeersgeneratie per functie uiteengezet. Daarnaast wordt hierin een minimaal en maximaal aantal verkeersbewegingen voor de functies aangegeven. In voorliggend geval is van het gemiddelde uitgegaan. Op basis van de vorenstaande uitgangspunten ontstaat qua verkeersgeneratie als gevolg van het project het volgende beeld: Functie
Verkeersgeneratie
Aantal wooneenheden
Totale verkeersgeneratie
Koop, huis, vrijstaand
8,2
2
16,4
Overige gebouwen
-
-
2,86
Totaal (naar boven afgerond)
19,26
De totale verkeersgeneratie in de gebruiksfase komt neer op afgerond 20 verkeersbewegingen per weekdagetmaal. In verband met het ophalen van vuilnis, veegwagens en het leveren van goederen voor de woningen is rekening gehouden met 0,02 vrachtwagenbewegingen per woning. Dit komt overeen met tabel A6 in de publicatie van het CROW. Dit komt neer op 0,02*2= 0,04 vrachtwagenbewegingen per etmaal. Voor de andere activiteiten is geen sprake van zware verkeersbewegingen. In voorliggend geval wordt er, gezien de ligging van het projectgebied, vanuit gegaan dat het gebruiksverkeer de locatie bereikt en verlaat via de Vosstraat. De route splitst in twee delen, na circa 300 meter wordt gesteld dat het gebruiksverkeer op snelheid is gekomen en qua rij- en stopgedrag niet langer te onderscheiden is van het overige wegverkeer. Daarnaast maakt het gebruiksverkeer op de Vosstraat slechts enkele procenten uit van het totale wegverkeer.
5 6
3D BAG Viewer CBS Statline, Gebieden in Nederland 2024: gemeente Bronckhorst
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
6
AERIUS-berekening Vosstraat 23-23a, Hall Definitief De totale verkeersgeneratie is gelijkmatig verdeeld over beide routes: 10 lichte en 0,02 zware verkeersbewegingen. 3.2.4
Emissie koude start gebruiksverkeer
In de AERIUS-Calculator is per 1 oktober 2024 het verkeer opgesplitst in rijdend verkeer en opstartend verkeer. De emissie van voertuigen met een koude motor zijn bij het opstarten tijdelijk veel groter. In onderzoek van TNO is naar voren gekomen dat binnen de periode van 1 minuut de voertuigen nog niet of nauwelijks van hun startlocatie zijn vertrokken. De emissie van de koude start vindt hoofdzakelijk plaats rondom de startlocatie van het voertuig en niet op de wegen met doorgaand verkeer. Na ongeveer 2 uur stilstand (zonder draaiende motor) is de motor weer koud. Dit is van belang voor het toekennen van emissie op locaties waar voertuigen tijdelijk stilstaan, zoals parkeerplaatsen. Om het aantal koude starts te bepalen zijn onderstaande uitgangspunten gebruikt: • •
Licht verkeer: het aantal verkeersbewegingen is door twee gedeeld om tot het aantal voertuigen te komen. Voor elk voertuig wordt uitgegaan van een koude start (worst-case); Zwaar verkeer: de voertuigen staan niet langer dan 2 uur stil, geen koude start.
Dit leidt tot het volgende aantal koude starts: 10 koude starts voor licht verkeer. De emissie is in de AERIUSCalculator als oppervlaktebron ingevoerd. 3.2.5
Emissie paarden
In gebouw C (zie afbeelding 2.1) worden in de beoogde situatie hobbymatig 4 paarden gehouden. De NH3 emissie van de paarden is in onderstaande tabel weergegeven: Dieren
RAV-code
Emissie NH3 per dier (kg/jaar)
Aantal dieren
Emissie NH3 totaal (kg/jaar)
Volwassen paarden
K 1.100
5
4
20
Totale emissie dieren
20
De emissie is als puntbron in de AERIUS-Calculator gemodelleerd. Voor de uitstoothoogte is de hoogte van gebouw C aangehouden: 5,0 meter 7. 3.2.6 Resultaten Uit de rekenresultaten blijkt dat er in de voorgenomen ontwikkeling sprake is van een depositie hoger dan 0,00 mol/ha/jr., namelijk ten hoogste 2,39 mol/ha/jr. De depositie is berekend op de Natura 2000-gebieden ‘Landgoederen Brummen’, ‘Veluwe’ en ‘Rijntakken’. Er is geen sprake van een depositie hoger dan 0,00 mol/ha/jr. op hexagonen met een hersteldoel in het Natura 2000-gebied ‘Landgoederen Brummen’. In afbeelding 3.1 zijn de resultaten weergegeven. In bijlage 1 zijn de rekenresultaten toegevoegd.
7
3D BAG Viewer
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
7
AERIUS-berekening Vosstraat 23-23a, Hall Definitief
Afbeelding 3.1
Rekenresultaten gebruiksfase (Bron: AERIUS-calculator)
3.3
Intern salderen
3.3.1
Regels intern salderen
Uit de resultaten van de gebruiksfase blijkt dat er sprake is van een depositie van ten hoogste 2,36 mol/ha/jr. Wanneer dit het geval is, dient te worden vastgesteld of intern salderen tot de mogelijkheden behoort. Hierbij wordt gekeken naar de referentiesituatie. Intern salderen wordt gedefinieerd als het salderen binnen de begrenzing van één project of locatie. Bij een wijziging van het omgevingsplan is de referentiesituatie de huidige planologische en feitelijke situatie vooraf aan de vaststelling van de wijziging. Het plangebied ligt in het tijdelijk deel van het omgevingsplan van de gemeente Brummen binnen de begrenzing van het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2008’. De gronden hebben een agrarische bestemming. Vanwege de wijziging van het omgevingsplan verdwijnt de agrarische functie en het bijbehorende bouwvlak. 3.3.2
Bronnen van stikstofuitstoot
Bij het intern salderen kunnen de stikstof uitstotende bronnen uit de referentiesituatie worden ingezet tegenover de stikstof uitstotende bronnen uit de aanlegfase en/of gebruiksfase. In deze berekening wordt een verschilberekening gemaakt tussen de referentiesituatie en de gebruiksfase. In de referentiesituatie is sprake van de volgende bronnen die stikstof uitstoten: •
Wnb vergunning voor het houden van dieren;
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
8
AERIUS-berekening Vosstraat 23-23a, Hall Definitief • • •
Gasverbruik; Verkeersgeneratie; Emissie koude start gebruiksverkeer.
In het geval van het gasverbruik, de verkeersgeneratie en de emissie koude start vindt geen verandering plaats tussen de referentiesituatie en de gebruiksfase. Voor de bijbehorende uitgangspunten en invoer wordt verwezen naar paragraaf 3.2.2 en paragraaf 3.2.3. 3.3.3
Vergunde dieren
Op basis van de verleende Wnb vergunning dd. september 2014 zijn de volgende dieren en aantallen toegestaan: Dieren
RAV-code
Emissie NH3 per dier (kg/jaar)
Aantal dieren
Emissie NH3 totaal (kg/jaar)
Volwassen paarden
K 1.100
5
35
175
Paarden in opfok
K 2.100
2,1
25
52,5
Overig rundvee
A 7.100
6,2
10
62
Totale emissie dieren
289,5
De mogelijkheden van het agrarische bedrijf ten aanzien van dieren leiden binnen het plangebied tot een NH3 emissie van 289,5 kg/jr. Echter blijkt uit informatie van initiatiefnemers dat in de praktijk 4 paarden worden gehouden. De latente ruimte uit de Wnb vergunning mag niet worden ingezet voor intern salderen 8. Daarom is slechts gerekend met 4 volwassen paarden (K 1.100).
3.3.4 Resultaten Uit de rekenresultaten van de salderingsberekening met de gebruiksfase blijkt dat per saldo geen sprake is van een toename hoger dan 0,00 mol/ha/jr. Er is ook geen sprake van depositie hoger dan 0,00 mol/ha/jr. op hexagonen met een hersteldoel. De resultaten zijn opgenomen in bijlage 2.
8
BIJ12, Handreiking intern en extern salderen, pagina 12
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
9
AERIUS-berekening Vosstraat 23-23a, Hall Definitief
HOOFDSTUK 4
RESULTATEN & CONCLUSIE
Uit de AERIUS-berekening blijkt dat in de gebruiksfase van de voorgenomen ontwikkeling sprake is van rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/jr. (zie bijlage 1). Er is geen sprake van een depositie hoger dan 0,00 mol/ha/jr. op hexagonen met een hersteldoel. Echter blijkt, zoals eerder vermeld, dat als gevolg van de aanwezige N-emissie veroorzakende activiteit reeds sprake is van stikstofdepositie. Deze depositie vervalt, zoals eerder vermeld, permanent als gevolg van het voornemen. Wanneer de depositie als gevolg van de gebruiksfase tegenover de depositie als gevolg van de aanwezige activiteit wordt gezet (intern salderen) is per saldo geen sprake van rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/jr. Hiermee is geen sprake van een stikstofdepositie met significant negatief effect op Natura 2000-gebieden. Voor de bijbehorende salderingsberekening wordt verwezen naar bijlage 2. Geconcludeerd wordt dat voor de gebruiksfase van het voornemen per saldo geen sprake is van rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/jr. Er is daarmee geen sprake van een stikstofdepositie met significant negatief effect op Natura 2000-gebieden. De voortoets voor het plan voldoet, ten aanzien van de effecten van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden aan artikel 10.24, lid 1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
10
AERIUS-berekening Vosstraat 23-23a, Hall Definitief
BIJLAGEN BIJ DE STIKSTOFBEREKENING Bijlage 1
Rekenresultaten gebruiksfase
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
11
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met stikstofgevoelige habitattypen en/of leefgebieden, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstofdepositie.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de of .
handleidingen op onze website
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
BJZ.nu Vosstraat 23-23a, 6964 BA Hall Vosstraat 23-23a, Hall Gebruiksfase
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RNp6TUfqBej2 25 november 2024, 15:42 OwN2000-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
2024
20,2 kg/j
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebruiksfase - Beoogd Gebruiksfase - Beoogd
Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RNp6TUfqBej2 (25 november 2024)
2,39 mol/ha/j 578,41 ha 0,00 ha 2,39 mol/ha/j -
Emissie NH₃
4607962
Emissie NOₓ
5,6 kg/j
Gebied
Landgoederen Brummen
2/7