CConstaterende datBrummen
Koppel je AI →
Document · PDF

(081) Raadsvoorstel Vaststelling Verordening commissie bezwaarschriften 2023

Besluitvormende raadsvergadering 21 september 2023, gemeente BrummenBij agendapunt: Verordening commissie bezwaarschriften1.315 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RaadsVoorstel Ons kenmerk

:

Programma(s)

:

Onderwerp

:

Z088104/D412901 Bestuur en Veiligheid Vaststelling Verordening commissie bezwaarschriften 2023

AAN DE GEMEENTERAAD

Brummen, 22 augustus 2023

Wij stellen voor te besluiten om:

1. de Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Brummen vast te stellen.

Inleiding De gemeente Brummen heeft een onafhankelijke commissie die de raad, het college en de burgemeester adviseert over bewaarschriften tegen genomen besluiten. Vanwege wetstechnische ontwikkelingen, enkele wijzigingen en gewenste aanpassingen is het nodig de huidige verordening te actualiseren. Het gaat daarbij naast een aantal tekstuele aanpassingen en aanpassingen in een (logischere) opbouw om het van toepassing verklaren van de verordening op besluiten van de leerplichtambtenaar, het schrappen van artikel 2, tweede lid, dat onder andere over de behandeling van bezwaarschriften van personeelsleden ging, het herbenoemen van commissieleden en het horen van minderjarigen. Beoogd effect Een actuele verordening zorgt ervoor dat duidelijk is op welke wijze ontvangen bezwaarschriften worden behandeld. Ook is daarmee duidelijk welke bevoegdheden de bezwaarschriftencommissie heeft en hoe er wordt gehoord. Argumenten 1.1 Het college en de burgemeester moeten zelf ook een commissie voor de bezwaarschriften instellen. De bestuursorganen van de gemeente, de raad, het college en de burgemeester, ieder voor zover hun eigen bevoegdheid betreft, dienen de verordening vast te stellen. De raad heeft de verordenende bevoegdheid. Het college en de burgemeester hebben deze bevoegdheid niet, maar nemen het besluit tot instellen van de commissie bezwaarschriften.

Op deze manier is het mogelijk dat één en dezelfde commissie adviseert over bezwaren tegen besluiten van zowel de raad als van het college en de burgemeester. Het college en de burgemeester hebben eerder al besloten om een commissie voor de bezwaarschriften in te stellen, zodat zij de verordening vast kunnen stellen voor hun eigen bevoegdheden. 1.2 Verordening van toepassing op besluiten van de leerplichtambtenaar. De leerplichtambtenaar is een afzonderlijk bestuursorgaan dat besluiten neemt waartegen een bezwaarschrift kan worden ingediend. Op dit moment is de Verordening commissie bezwaarschriften niet van toepassing op bezwaarschriften die worden ingediend bij de leerplichtambtenaar, terwijl dit wel volgt uit de ‘Instructie voor de leerplichtambtenaar en RMC consulent Gemeente Apeldoorn, Brummen en Epe 2023’. Aangezien de Verordening commissie bezwaarschriften niet van toepassing is verklaard op het bestuursorgaan leerplichtambtenaar, is de verordening in overeenstemming te brengen met de instructie. Dat betekent dat ook de leerplichtambtenaar de verordening moet vaststellen voor zover het de eigen bevoegdheid betreft. Op deze manier is het mogelijk dat ook de leerplichtambtenaar zich – net als de raad, het college en de burgemeester - door dezelfde commissie voor de bezwaarschriften laat adviseren over bezwaren tegen zijn besluiten.

Adviseur: S. Lampe

Blz. 1 van 3

De leerplichtambtenaar heeft eerder - op 22 mei 2023 - besloten om een commissie voor de bezwaarschriften in te stellen, zodat hij de verordening vast kan stellen voor zijn eigen bevoegdheden. 1.3 Het schrappen van artikel 2, tweede lid, van de verordening is nodig. In de eerdere versie bepaalde artikel 2, tweede lid, van de verordening dat de commissie niet bevoegd is ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten: a. op grond van een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet onroerende zaken; b. inzake personele aangelegenheden, genomen door het verwerend orgaan ten aanzien van een ambtenaar als bedoeld in artikel 1 Ambtenarenwet. Heffingen op grond van de Wet onroerende zaken, belastingen en retributies betreffen bevoegdheden van de heffings- dan wel invorderingsambtenaar, die aan te merken zijn als zelfstandige bestuursorganen. Aangezien de commissie op grond van artikel 2, eerste lid, van de verordening niet bevoegd is over bezwaarschriften tegen besluiten van deze bestuursorganen te adviezen, is het overbodig de bevoegdheid van de commissie ten aanzien hiervan expliciet uit te sluiten. Met de inwerkingtreding van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) per 1 januari 2020 is deze vorm van rechtsbescherming vervallen, zodat ook sub b van artikel 2, tweede lid, van de verordening kan vervallen.

1.4 De mogelijkheid tot herbenoemen van commissieleden voor (regulier) één maal is nodig gebleken. Met de wijziging van de verordening in 2013 is de zittingsduur van commissieleden gewijzigd in een periode van zes jaar. Tevens is sindsdien herbenoeming in beginsel niet meer mogelijk, maar alleen bij uitzondering in bijzondere gevallen. De praktijk heeft – met name tijdens de coronapandemie – uitgewezen dat het niet praktisch is om geen (reguliere) herbenoemingsmogelijkheid te hebben. Het werkt beperkend en houdt het risico in dat de benoemingsperiode van een aantal commissieleden gelijktijdig eindigt, waardoor de continuïteit en stabiliteit van de werkzaamheden in het geding kunnen komen. Voorgesteld wordt daarom om de zittingsduur van zes jaar aan te houden en de mogelijkheid tot herbenoeming voor een periode van maximaal zes jaar te geven. Dit is een bevoegdheid. Van de mogelijkheid tot herbenoeming kan, maar hoeft geen gebruik te worden gemaakt, net als van de maximaal toegestane herbenoemingsperiode van zes jaar. Het is dus ook mogelijk om een commissielid voor een kortere periode te herbenoemen. Met deze manier van (her)benoemen wordt geacht de stabiliteit van de commissie te waarborgen en gelijktijdig flexibel op (gewijzigde) situaties in te kunnen spelen.

Zodoende wordt ook aan het roulerende systeem vastgehouden, zodat wissel in de samenstelling van de commissie en een frisse/objectieve blik gewaarborgd blijven. Naast de reguliere herbenoeming voor een periode van maximaal zes jaar is het alleen mogelijk om een commissielid bij wijze van uitzondering in geval van bijzondere omstandigheden (nogmaals) te herbenoemen. Deze optie blijft ongewijzigd bestaan. 1.5 Een bepaling over het horen van een jeugdige ontbrak in de verordening. Per 1 januari 2015 zijn alle gemeenten in Nederland verantwoordelijk voor de jeugdhulp. De Jeugdwet is daarvoor aangepast. Dat betekent dat jeugdigen betrokken kunnen zijn bij een bezwaarschrift tegen een besluit van het college dat gebaseerd is op de Jeugdwet en aanverwante wetgeving. Bij bezwaar tegen een jeugdhulpbesluit moeten ook minderjarige kinderen worden gehoord. Het Verdrag inzake de rechten van het kind (IVRK) regelt expliciet het hoorrecht van kinderen. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht moet iedere belanghebbende in de gelegenheid gesteld worden om te worden gehoord, voordat op het bezwaarschrift wordt beslist. Juist de jeugdige zelf is bijna altijd belanghebbende bij een jeugdhulpbesluit. Zijn belangen zijn immers rechtstreeks bij het jeugdhulpbesluit betrokken.

Omdat het horen van een minderjarige specifieke deskundigheid vraagt en zorgvuldig moet gebeuren, is het wenselijk om hiervoor een aparte bepaling in de verordening op te nemen. Artikel 12 is daarom nieuw opgenomen. 1.6 Overige aanpassingen De verordening moet op sommige punten tekstueel aangepast worden. Ook is gebleken dat de volgorde van de artikelen niet helemaal logisch is en dat sommige artikelleden qua logica beter aansluiten bij

/

Blz. 2 van 3

een ander artikel. Daarom is de opbouw van artikel(leden) aangepast. Inhoudelijk is er niets (ingrijpends) veranderd. Kanttekeningen Hoewel het tot nu toe niet is voorgekomen dat minderjarigen gehoord moesten worden en tot nu toe ook geen bezwaren zijn ontvangen tegen besluiten van de leerplichtambtenaar, is het wel wenselijk in de verordening ten aanzien van deze punten een regeling op te nemen. Het ontbreken van dusdanige bepalingen kan tot misverstanden en geschillen of klachten leiden indien een dergelijk geval zich wel voordoet. Per geval zal moeten worden onderzocht welke wijze van horen bij minderjarigen moet worden toegepast. Zonder de wijziging zou de commissie niet bevoegd zijn om te adviseren over bezwaarschriften die bij de leerplichtambtenaar worden ingediend. Burgerparticipatie n.v.t. Advies adviesorganen n.v.t. Communicatie De leden van de commissie voor de bezwaarschriften worden geïnformeerd door verstrekking van de inhoud van de geactualiseerde verordening. Financiële toelichting Dit voorstel heeft geen financiële consequenties. Juridische grondslag Artikel 84 en 149 van de Gemeentewet Artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrechtInkoop en aanbesteding Uitvoering Na vaststelling door de raad wordt de verordening bekendgemaakt door plaatsing in het (digitaal) Gemeenteblad. Bovendien wordt de verordening op www.overheid.nl geplaatst.

Stukken behorende bij besluitvorming: 1. 2.

Concept raadsbesluit D412903 Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Brummen D412916

Burgemeester en wethouders van Brummen,

H. Matser secretaris

/

A.J. van Hedel burgemeester

Blz. 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13075353/3