CConstaterende datBrummen
Koppel je AI →
Document · PDF

(081) Raadsvoorstel Beslissing op bezwaar tegen besluit over de gemeentelijke grondstrategie - D442281

Besluitvormende raadsvergadering 5 september 2024, gemeente BrummenBij agendapunt: Beslissing op bezwaarschrift tegen raadsbesluit van 13 april 2023 over de gemeentelijke grondstrategie 2020-20301.059 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RaadsVoorstel Ons kenmerk

:

Programma(s)

:

Onderwerp

:

Z102505/D442281 Fysieke leefomgeving Beslissing op bezwaar tegen besluit over de gemeentelijke grondstrategie 2020-2030 en verder

AAN DE GEMEENTERAAD

Brummen, 27 augustus 2024

Wij stellen voor te besluiten om:

1. Het bezwaarschrift tegen het besluit van 14 april 2023 over de gemeentelijke grondstrategie 20202030 en verder, kennelijk niet-ontvankelijk te verklaren en om de gevraagde proceskostenvergoeding af te wijzen, conform brief met kenmerk D442269. 2. Kennis te nemen van het collegebesluit D442282.

Inleiding Op 17 april 2023 is het bezwaarschrift gedateerd 14 april 2023 bij de gemeente ingekomen. Het bezwaarschrift is gericht tegen het raadsbesluit van 13 april 2023 over de gemeentelijke grondstrategie 2020-2030 en verder, waarbij de eerdere ambitie om in die planperiode ca. 900 woningen te bouwen is bijgesteld naar ca. 1.250 woningen in dezelfde planperiode. Door ons onbekende redenen is het bezwaarschrift niet herkend en daarom ook niet op tijd in behandeling genomen. Ook de ingebrekestelling die is ingediend door bezwaarmakers is niet in behandeling genomen, waarna betrokkenen beroep hebben ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op hun bezwaarschrift. De rechter heeft in die zaak een dwangsom aan de gemeenteraad opgelegd. Pas na een tweede beroepschrift dat is ingesteld tegen het niet tijdig beslissen, is het bezwaarschrift in beeld gekomen.

Beoogd effect Voldoen aan de wettelijke verplichting op een beslissing op bezwaar te nemen en daarmee duidelijkheid te geven aan de bezwaarmakers.

Argumenten 1.1 Er is geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht genomen Het eerste beslispunt van het raadsbesluit van 13 april 2023 is niet gericht op enig rechtsgevolg en is daarom geen besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) . Indien er geen besluit is genomen in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb, kan er op grond van artikel 8:1 in samenhang gelezen met artikel 7:1, eerste lid, van de Awb geen beroep en daarmee ook geen bezwaar ingediend worden. 1.2 De bezwaarden zijn geen belanghebbende in de zin van de Awb Alleen een belanghebbende kan (met succes) bezwaar maken tegen een besluit. Dat blijkt uit artikel 8:1 in samenhang gelezen met artikel 7:1 van de Awb. Om als belanghebbende aangemerkt te kunnen worden moet er bij natuurlijke personen sprake zijn van een voldoende objectief en actueel, eigen, persoonlijk belang dat de betrokkene in voldoende mate onderscheidt van anderen. En dat belang moet bovendien rechtstreeks geraakt worden door het bestreden besluit. Daar is in dit geval geen sprake van. 1.3 De tijdelijke geheimhouding is van rechtswege vervallen Uit dossieronderzoek blijkt dat de raad de opgelegde tijdelijke geheimhouding op 23 maart 2023 had kunnen bekrachtigen. Nu dat niet is gebeurd, is de tijdelijke geheimhouding op 23 maart 2023 komen te

Adviseur: M. Finkers

Blz. 1 van 3

vervallen. Daardoor is het procesbelang van bezwaarmakers vervallen en is het bezwaarschrift -ook als bezwaarmakers wel belanghebbende zouden zijn geweest - om die reden kennelijk niet-ontvankelijk. 1.4 Het horen van bezwaarmakers is niet nodig bij een kennelijk niet-ontvankelijk bezwaar Omdat het bezwaarschrift kennelijk niet-ontvankelijk is, is afgezien van het houden van een hoorzitting. 1.5 Bezwaarden hebben geen recht op proceskostenvergoeding Proceskostenvergoeding is alleen aan de orde als het primaire besluit wordt herroepen, het besluit onrechtmatig is en er sprake is van verwijtbaarheid bij het bestuursorgaan. Bij (kennelijke) niet ontvankelijkheid wordt het primaire besluit in stand gelaten, zodat vergoeding van de proceskosten niet aan de orde is. 2.1 De eerder opgelegde geheimhouding is van rechtswege vervallen Uit dossieronderzoek blijkt dat uw besluit van 14 februari 2023 op dezelfde dag aan de raad is overgelegd. De raad had de opgelegde geheimhouding op 23 maart 2023 kunnen bekrachtigen, omdat alle raadsleden aanwezig waren tijdens die vergadering. Door het niet tijdig bekrachtigen van de geheimhouding is de tijdelijke geheimhouding van rechtswege vervallen op 23 maart 2023. Tot 1 april 2023 gold een andere procedure voor geheimhouding en was bekrachtiging door de raad in de eerstvolgende raadsvergadering een vereiste.

2.2 Het opleggen van geheimhouding is noodzakelijk vanwege de verschillende belangen van de gemeente en/of derden Het opleggen van geheimhouding is noodzakelijk om de financiële en economische belangen van de gemeente (en mogelijk andere partijen) te waarborgen ex artikel 5.1 van de Wet open overheid. Verder is dit besluit ook noodzakelijk om onevenredige benadeling van de gemeente (en mogelijk andere partijen) te voorkomen.

Kanttekeningen 1.1 Er is nog een ander bezwaarschrift van bezwaarmakers in behandeling Bezwaarmakers hebben bij ons via een Woo-verzoek documenten opgevraagd. Tegen de gedeeltelijke toekenning van hun verzoek hebben zij een bezwaarschrift ingediend. Bij de op dat bezwaar te nemen beslissing moet ook een beslispunt en een overweging worden opgenomen over het al dan niet verstrekken van het geheime document D393883. Een Woo-verzoek wordt namelijk aangemerkt als een verzoek om de geheimhouding op te heffen. Omdat het geheime document met de raad wordt gedeeld, gaat de raad over het verzoek om de geheimhouding op te heffen. Dat wordt afzonderlijk aan de raad voorgelegd.

Burgerparticipatie Niet van toepassing.

Advies adviesorganen De commissie voor de bezwaarschriften heeft op 20 augustus 2024 advies uitgebracht. Het advies is als bijlage bijgevoegd.

Communicatie Na het raadsbesluit worden bezwaarmakers schriftelijk op de hoogte gebracht van de beslissing op bezwaar. De commissie ontvangt een kopie van de beslissing op bezwaar.

Financiële toelichting De rechtbank heeft het beroep van betrokkenen tegen het niet tijdig beslissen op hun bezwaarschrift gegrond verklaard en bepaald dat voor elke dag dat de raad na 2 september 2024 een besluit neemt een dwangsom moet betalen. Het gaat om een dwangsom van € 250 per dag, met een maximum van € 37.500.

Z102505/D442281

Blz. 2 van 3

Het bedrag kan ten laste worden gebracht van fcl 607201 (algemene juridische ondersteuning).

Juridische grondslag Hoofdstukken 1, 4, 6, 7 en 8 van de Algemene wet bestuursrecht; Artikel 87 Gemeentewet; De Wet open overheid.

Inkoop en aanbesteding Niet van toepassing. Uitvoering Na het raadsbesluit wordt de beslissing op bezwaar naar de bezwaarmakers verzonden.

Stukken behorende bij besluitvorming: 1. 2. 3. 4. 5.

Concept raadsbesluit D442303; Advies bezwaarschriftencommissie D442268; Verweerschrift met bijlagen (D438454) Beslissing op bezwaar D442269; Collegebesluit D442282 (inclusief bijlage D393883/GEHEIM).

Burgemeester en wethouders van Brummen,

H. Matser secretaris

Z102505/D442281

G.J.M. van Rumund burgemeester (wnd.)

Blz. 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14458683/2