CConstaterende datBrummen
Koppel je AI →
Document · PDF

(071) Raadsvoorstel Grondstrategie, vestigen Wvg

Besluitvormende raadsvergadering 13 april 2023, gemeente BrummenBij agendapunt: Grondstrategie, vestigen Wvg1.943 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RaadsVoorstel Ons kenmerk

:

Programma(s)

:

Onderwerp

:

Z078146/D401160 Fysieke leefomgeving Grondstrategie, vestigen Wvg

AAN DE GEMEENTERAAD

Brummen, 14 februari 2023

Wij stellen voor te besluiten om:

1. Ingevolge artikel 5 van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg), de percelen gelegen aan gelegen aan de LR Beijnenlaan-Hazenberg te Brummen, gronden gelegen aan de Oude EerbeeksewegHammelerweg te Brummen en gronden gelegen aan de Metelerkampweg te Leuvenheim, zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende en daarvan deel uitmakende en als zodanig gewaarmerkte kaart/tekening (D401164) en de bijbehorende en daarvan deel uitmakende perceellijst (D401166), vermeldende de kadastrale aanduiding van de in de aanwijzing opgenomen percelen, de grootte alsmede de naam en vestigingsplaats van de eigenaar, één en ander volgens de registers van het kadaster d.d 4 februari 2023, aan te wijzen als gronden waarop de artikelen 10 tot en met 15, 24 en artikel 26 van de Wvg van toepassing zijn, met de aantekening dat deze percelen niet eerder bij een besluit tot (voorlopige) aanwijzing betrokken zijn geweest; 2. Dit besluit tot aanwijzing vervalt van rechtswege drie jaar na dagtekening van het besluit, of zoveel eerder als een structuurvisie of bestemmingsplan wordt vastgesteld, om die reden voornemens te zijn om over te gaan om de onder 1. begrepen gronden op te nemen in een nog vast te stellen structuurvisie; 3. Toepassing te geven aan artikel 7 van de Wvg door het raadsbesluit voor een ieder ter inzage te leggen.

Deze ter inzage legging bekend te maken in het Gemeenteblad, in de plaatselijke krant BrummensNieuws (gemeentelijke pagina’s GemeenteThuis) en op de website van de gemeente Brummen en de betrokken grondeigenaren en zakelijk gerechtigden bij aangetekende brief in kennis te stellen van de (betekenis van de) aanwijzing. 4. Bij de besluitvorming eventueel ingediende zienswijzen te betrekken; 5. Burgemeester en wethouders te machtigen alle in het kader van de Wet voorkeursrecht gemeenten noodzakelijke handelingen te verrichten (of te laten verrichten) zoals onder meer het doen vertegenwoordigen van de raad in bezwaar- en beroepschriftprocedures en/of overige rechtsgedingen.

Inleiding Op basis van B&W-voorstel D392893 is besloten tot een actiever grondbeleid, is ingestemd met een prioritering van kansrijke ontwikkellocaties en per voorkeurslocatie wordt gestart met vervolgstappen (in lijn met de bijlage D393883/GEHEIM). Het nu voorliggende voorstel is een directe uitvoering van dat B&W-besluit. Beoogd effect Door het vestigen van een voorkeursrecht verkrijgt de gemeente een betere positie om tot realisatie van het gemeentelijke woningbouwprogramma te komen. Argumenten 1.1 Meer regie op realisatie gemeentelijke woningbouwprogramma door vestigen Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) Het vestigen van een voorkeursrecht is een middel om een eerste recht op koop af te dwingen en daarmee een instrument om het eigendom te verwerven. Een voorkeursrecht geeft geen verplichting (voor de gemeente) om tot aankoop van gronden (met bijbehorende opstallen) over te gaan, maar creeert wel de mogelijkheid daartoe. Met het vestigen van een voorkeursrecht kan de gemeente de regie / positie in het verwervingsproces zekerstellen: de gemeente krijgt het eerste recht van koop en daarmee kan worden voorkomen dat marktpartijen strategische grondposities innemen en wordt ongewenste

Adviseur: M. Romeijn

Blz. 1 van 4

speculatie voorkomen. Het vestigen van het voorkeursrecht heeft tot gevolg dat eigenaren eerst de gemeente in staat moeten stellen de gronden aan te kopen vóór tot vervreemding aan andere partijen kan worden overgegaan. Uitzonderingen hierop vormen situaties zoals beschreven in artikel 10 Wvg. Met het voorkomen van ongewenste speculatie wordt prijsopdrijving van tegen elkaar opbiedende marktpartijen voorkomen. Prijsopdrijving heeft een nadelig effect op de planeconomische haalbaarheid van woningbouw. Het vestigen van het voorkeursrecht kan de prijsopdrijving voorkomen of in ieder geval afremmen. De rechtbank kan er ten finale aan te pas komen om uiteindelijk de prijs te bepalen. 1.2 Beoogde bestemming De Wvg kan in principe uitsluitend worden toegepast in situaties waar een gewijzigde bestemming is voorzien. Voor de aan te wijzen gronden is daar ook sprake van: de nieuwe bestemming wordt Woongebied (met alle daarbij behorende openbare voorzieningen), terwijl de huidige bestemming veelal Agrarisch met landschapswaarden of Water is (eea zoals vermeld op de bijgevoegde perceellijst D401166). 2.1 Verlengen aanwijzing Een aanwijzing op basis van de Wvg door de gemeenteraad geldt in principe voor maximaal 3 jaar, binnen die termijn moet de gemeenteraad een structuurvisie of een bestemmingsplan vastgesteld hebben om de geldigheid van de aanwijzing te verlengen.

In het proces naar een integrale gebiedsontwikkeling gericht op woningbouw is het opstellen en laten vaststellen van een structuurvisie een eerstvolgende (logische) stap. 3.1 Bekendmaking volgens de wettelijke vereisten Het zorgvuldig communiceren en bekendmaken van Wvg-besluiten is essentieel. Hiermee wordt voldaan aan de wettelijke vereisten en het moment van bekend maken is bepalend voor het moment van inwerkingtreding. 4.1 Zienswijzen dienen te worden betrokken bij raadsbehandeling Voorafgaand aan de raadsbehandeling is de gelegenheid geboden tot het indienen van zienswijzen gedurende een periode van 4 weken (van 17 februari 2023 tot en met 16 maart 2023). Eventueel ingediende zienswijzen worden in eerste instantie voorzien van een reactie door het college van B&W en worden vervolgens via de Griffie aan de gemeenteraad ter kennis gesteld om betrokken te kunnen worden bij de besluitvorming op basis van dit voorstel. 5.1 Efficiënte procesgang Tegen een aanwijzingsbesluit kan bezwaar en beroep worden ingediend. Ingeval daar gebruik wordt gemaakt is het college van B&W gemandateerd om de gemeenteraad te vertegenwoordigen tijdens deze procedures. Kanttekeningen Het vestigen van een voorkeursrecht op grond van de Wvg kan door eigenaren ervaren worden als een ingrijpend instrument vanuit de overheid.

Anderzijds is de eigenaar niet verplicht daadwerkelijk tot verkoop over te gaan, maar als de eigenaar wil verkopen heeft de gemeente wel een voorrangspositie. Het is belangrijk in een vroeg stadium de betrokken eigenaren goed te informeren over de werking van de Wvg. Vanuit de wettelijke verplichtingen worden diverse formele bekendmakingen gepubliceerd, maar de eigenaren (en zakelijk gerechtigden) worden ook schriftelijk geïnformeerd en direct aangeboden een persoonlijk gesprek in te plannen. Burgerparticipatie Niet van toepassing Advies adviesorganen Niet van toepassing

/

Blz. 2 van 4

Communicatie Zie Uitvoering Financiële toelichting Het vestigen van een voorkeursrecht heeft geen directe financiële consequenties. Juridische grondslag Wet voorkeursrecht gemeenten Algemene wet bestuursrecht Inkoop en aanbesteding Niet van toepassing Uitvoering Van voorlopige aanwijzing naar een definitieve aanwijzing Het aanwijzen van gronden als bedoeld in artikel 2 Wvg begint met een voorlopige aanwijzing door het college van B&W (op grond van artikel 6 Wvg). Gelet op artikel 4:11 onder c van de Awb is het niet noodzakelijk om toepassing te geven aan inspraak. De argumentatie hiervoor is de vereiste spoed en/of dat het doel alleen bereikt kan worden als belanghebbenden niet van te voren in kennis worden gesteld. Het B&W-besluit tot voorlopige aanwijzing heeft een maximale geldigheidsduur van drie maanden en daarna vervalt het van rechtswege. Binnen deze drie maanden dient de gemeenteraad een zogenaamd 'bestendigingsbesluit' te nemen en daarmee wordt een voorkeursrecht gevestigd met een geldigheidsduur 3 jaar en na die periode van 3 jaar vervalt het van rechtswege, tenzij binnen die periode een structuurvisie of bestemmingsplan is vastgesteld. Met het vervolgens vaststellen van een structuurvisie wordt de geldigheidsduur van het voorkeursrecht weer verlengd met drie jaar (artikel 4 Wvg).

Binnen die termijn van drie jaar dient een bestemmingsplan te worden vastgesteld en met een vaststellingsbesluit van het bestemmingsplan wordt de geldigheid van het voorkeursrecht vervolgens meer verlengd met een periode van tien jaar. Uitgaande van een 'bestendigingsbesluit' door de gemeenteraad krijgt het voorkeursrecht een geldigheidsduur van drie jaar. In die periode treedt naar alle waarschijnlijkheid de nieuwe Omgevingswet in werking. Er is dan sprake van gelijkstelling van lopende voorkeursrechten op basis van de Wvg met de nieuwe voorkeursrechten uit de Omgevingswet. Inhoudelijk en qua tijdsperioden zijn die gelijk aan elkaar. B&W-besluit tot voorlopige aanwijzing: bezwaar Tegen het besluit tot voorlopige aanwijzing (door het college van B&W) kunnen belanghebbenden op grond van de Awb binnen zes weken na bekendmaking een bezwaarschrift indienen bij het college van B&W. Toepassing wordt gegeven aan artikel 7 van de Wvg door het B&W-besluit (inhoudende een besluit tot voorlopige aanwijzing) voor een ieder ter inzage te leggen. Deze terinzagelegging bekend te maken in het Gemeenteblad (www.officielebekendmakingen.nl) en op de website van de gemeente. De betrokken belanghebbenden worden bij aangetekende brief in kennis gesteld van deze aanwijzing Dit collegebesluit treedt in werking daags na bekendmaking in het Gemeenteblad.

Raadsvoorstel om te komen tot een definitieve aanwijzing: zienswijze Ter voorbereiding op het raadsbesluit worden de stukken voor een periode van 4 weken ter inzage gelegd. Belanghebbenden kunnen gedurende die termijn een zienswijze indienen. De stukken die ter inzage worden gelegd zijn: het collegebesluit, het ontwerp-raadsvoorstel en het concept-raadsbesluit (met bijbehorende bijlagen). In reactie op ingekomen zienswijzen wordt een zienswijzennota opgesteld dat bij het raadsvoorstel wordt gevoegd. Rekening houdend met deze vereisten wordt de volgende planning aangehouden: - Di 14 februari 2023: B&W-besluit (voorlopig aanwijzing Wvg)

/

Blz. 3 van 4

- Do 16 februari 2023: Bekendmaking (Gemeenteblad + GemeenteThuis + website + aangetekende brieven) - Do 16 februari 2023: Informeren gemeenteraad (besloten) - Vr 17 februari 2023: Inwerkingtreding èn aanvang reactietermijnen: - Bezwaren (ivm voorlopige aanwijzing), periode van 6 weken t/m 30 maart 2023 - Zienswijzen (ivm voorgenomen raadsbesluit tot definitieve aanwijzing), periode van 4 weken t/m 16 maart 2023 - Di 28 maart 2023: B&W-besluit (raadsvoorstel + zienswijzennota) - Do 6 april 2023: Forum* - Do 20 april 2023: Raadsbehandeling (definitieve aanwijzing)* - Eind april 2023: Bekendmaking (Gemeenteblad + website + aangetekende brieven) - Eind april 2023: Aanvang geldigheidstermijn van 3 jaar * Het 1e B&W-besluit wordt genomen op 14 februari 2023 en dat betekent dat de gemeenteraad uiterlijk per 13 mei 2023 tot de definitieve aanwijzing moet hebben besloten. De zienswijzentermijn loopt van 17 februari 2023 t/m 16 maart 2023 en vervolgens moet een zienswijzennota opgesteld kunnen worden. Dan is de eerstvolgende B&W-behandeling mogelijk op 28 maart 2023. Voor een forum- en raadsbehandeling in april 2023 is normaal gesproken een tijdige aanlevering voor het Presidium op 22 maart 2023 gewenst, maar gezien de hiervoor genoemde data is een kortere aanlevertijd noodzakelijk.

Uitgaande van een raadsbesluit op 20 april 2023 verkrijgt de aanwijzing een definitieve status met een geldigheidsduur tot april 2026. Vervolgens moet voor april 2026 een structuurvisie of bestemmingsplan worden vastgesteld om de werking te verlengen. De totale werkingsduur kan maximaal tot april 2039 duren: - April 2023: Raadsbesluit vestigen Wvg - uiterlijk april 2026: Raadsbesluit vaststellen structuurvisie - uiterlijk april 2029: Raadsbesluit vaststellen bestemmingsplan - uiterlijk april 2039: Einde maximale werkingsduur Vervallen van het voorkeursrecht Neemt de gemeenteraad niet binnen de gestelde termijn van drie maanden een bestendigingsbesluit, dan vervalt het voorkeursrecht en mag de gemeente gedurende een periode van 2 jaar niet opnieuw een voorkeursrecht vestigen. Ook kan het voorkeursrecht komen te vervallen vanwege een gerechtelijke uitspraak (bezwaar/beroep) of ingeval de geldigheidsduur is verstreken zonder een noodzakelijk opvolgend besluit (structuurvisie of bestemmingsplan), dan is de verkopende partij drie jaar lang vrij om de gronden ter verkopen aan wie men wil. Onderhandelingen om tot aankoop over te gaan Het voorkeursrecht verplicht eigenaren om de gronden eerst aan te bieden aan de gemeente. Na een aanbod kan de gemeente in onderhandeling treden met de verkopende partij over voorwaarden.

Ingeval geen overeenstemming wordt bereikt kan de verkopende partij de gemeente verzoeken om de rechtbank een oordeel te laten geven over de prijs. De eigenaar krijgt in principe een reële marktwaarde en voor de waardebepaling dient rekening te worden gehouden met de artikelen 40b tot en met 40f van de Onteigeningswet. Stukken behorende bij besluitvorming: 1. 2. 3.

D401162: concept-raadsbesluit D401164: kadastrale kaart D401166: perceellijst

Burgemeester en wethouders van Brummen,

H.A.J. van de Vliert secretaris (wnd)

/

A.J. van Hedel burgemeester

Blz. 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12557116/2