CConstaterende datBrummen
Koppel je AI →
Document · PDF

063 - Regionaal Ontwerp Beschermd Thuis 2030

Forum Samenleving 20 mei 2021, gemeente BrummenBij agendapunt: Besluiten m.b.t. Beschermd Thuis7.579 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

d353940

Inhoudsopgave Samenvatting ............................................................................................................ 3 Leeswijzer.................................................................................................................. 4 1. inleiding................................................................................................................. 5 Context en aanleiding ............................................................................................................. 6 Opdracht ................................................................................................................................. 8

2. De pijlers van het Ontwerp .................................................................................... 10 Ggz in de wijk ........................................................................................................................ 11 Integrale hersteltrajecten ..................................................................................................... 11 Continuïteit in het aanbod van Beschermd Wonen .............................................................. 12 Ontwikkelpunten .................................................................................................................. 12

3. Randvoorwaarden.................................................................................................15 Groepering naar niveaus van sturing .................................................................................... 16 Strategisch partnerschap ...................................................................................................... 16 Commitment binnen de regio ............................................................................................... 16 Gezamenlijke concrete doelen ............................................................................................. 17 Knoppen: volume, spreiding en instroom ............................................................................. 17

4. Financieel kader ....................................................................................................19 5. Aanbevelingen voor de implementatie...................................................................22 Organisatie van het Ontwerp ................................................................................................ 23 Productontwikkeling ............................................................................................................. 23 Inkoop ................................................................................................................................... 24 Communicatie ....................................................................................................................... 25 Stappen voor 2021 tot en met 2023 ..................................................................................... 26

6. Verantwoording ....................................................................................................27 Bijlagen .................................................................................................................... 29 Bijlage 1: Achtergrondinformatie.......................................................................................... 30 Bijlage 2: Lijst met gebruikte afkortingen ............................................................................. 32

2

Samenvatting De komende jaren vindt een verschuiving plaats op het gebied van Beschermd Wonen. Mensen met een hulpvraag krijgen de zorg steeds meer dicht bij huis. Als het kan blijven ze, met hulp, thuis wonen. We noemen dit Beschermd Thuis. Deze verschuiving heeft financiële gevolgen. Dit valt samen met ‘Ggz in de wijk’, een beweging om geïntegreerde geestelijke gezondheidszorg in de wijk aan te bieden. Apeldoorn, Brummen, Epe, Hattem, Heerde en Voorst vormen samen de regio Oost-Veluwe. Deze regio wil een gevarieerd en compleet zorglandschap van ggz in de wijk aanbieden. Hiervoor is het nodig dat zowel de cliënt als diens omgeving centraal staan in integrale hersteltrajecten. Om voor continuïteit in het aanbod van Beschermd Wonen te kunnen zorgen, is een doorontwikkeling noodzakelijk. Voor dit Regionaal Ontwerp Beschermd Thuis 2030 zijn de volgende drie pijlers vastgesteld: 1. Ggz in de wijk 2. Integrale hersteltrajecten 3. Continuïteit in het aanbod van Beschermd Wonen Elke pijler heeft zijn eigen ontwikkelpunten en moet voldoen aan randvoorwaarden. Dit Ontwerp is een richtinggevend document en geeft daarom ook aanbevelingen hoe het Ontwerp geïmplementeerd kan worden.

3

Leeswijzer In hoofdstuk 1 beschrijven we de context, aanleiding en kaders van dit Ontwerp Beschermd Thuis. Ook lichten we de opdracht toe die de bestuurders van de regio Oost-Veluwe hebben gegeven voor het Ontwerp. Hoofdstuk 2 bespreekt de drie pijlers van het Ontwerp Beschermd Thuis, die als basis dienen en helpen om focus aan te brengen in de te maken keuzes. Ook gaan we in op de ontwikkelpunten bij deze pijlers. In hoofdstuk 3 komen de randvoorwaarden aan de orde die nodig zijn om dit Ontwerp te kunnen realiseren. We bespreken ze op vier verschillende sturingsniveaus. Hoofdstuk 4 gaat in op het financieel kader. In hoofdstuk 5 geven we diverse aanbevelingen hoe dit Ontwerp Beschermd Thuis succesvol geïmplementeerd kan worden. Hoofdstuk 6 vormt de afsluiting van het Ontwerp Beschermd Thuis en wordt het gevolgde proces verantwoord.

4

1. inleiding

5

Context en aanleiding Beschermd Thuis in de regio Oost-Veluwe In de regio Oost-Veluwe werken de gemeenten Apeldoorn, Brummen, Epe, Hattem, Heerde en Voorst samen op het gebied van Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen. De regio staat voor een inclusieve samenleving. Voor de meeste mensen, ook voor degenen die een hulpvraag hebben, is het plezierig om zelfstandig te wonen in een prettige wijk. Daarom wil de regio een gevarieerd zorglandschap van ggz in de wijk aanbieden. Om dit doel te bereiken, hebben de gemeenten gezamenlijk dit Ontwerp Beschermd Thuis opgesteld. De regio voert samen de regionale Transformatie-agenda Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MO/BW) 2016 - 2020 uit. De Transformatie-agenda geeft vorm aan ggz in de wijk door middel van vijf thema’s: 1. Zorginfrastructuur in de wijk 2. Welkom in de woonomgeving 3. Wonen 4. Werk en dagbesteding 5. Financiële mogelijkheden Deze thema’s zijn nader uitgewerkt in de regionale en lokale uitvoeringsplannen.1 In 2016 schaarde de regio zich achter ‘Beschermd Thuis’. Hierin komen de visies samen van de Commissie Dannenberg, de herstelgedachte uit het rapport ‘Over de brug’ en van ‘De juiste zorg op de juiste plek’.2 Beschermd Thuis gaat ervan uit dat we als regiogemeenten ervoor moeten zorgen dat mensen met een psychische kwetsbaarheid zelfstandig kunnen wonen, met een sterk ondersteuningsnetwerk om zich heen.

Voor het thema Beschermd Thuis werken de regiogemeenten samen met de partners van de EPA-Taskforce3 en de Woonagenda. Medio 2019 tekenden de zes gemeenten een regionaal convenant met de afspraak om bij de financiële doordecentralisatie van Beschermd Wonen naar alle gemeenten, vanaf 1 januari 2023, één regionaal budget te hanteren voor regionale cliënten en regionale voorzieningen.

Bewegingen in het zorglandschap Er zijn twee actuele bewegingen die voor een grote verschuiving gaan zorgen in het zorglandschap van Beschermd Thuis: 1. De overgang van een deel van de cliënten Beschermd Wonen van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) naar de Wet langdurige zorg (Wlz) 2. De landelijke herverdeling van het budget Beschermd Wonen

1 In het najaar van 2020 is de Transformatie-agenda MO/BW geëvalueerd en geactualiseerd, in de vorm van een

Regionaal Kaderdocument Beschermd Thuis 2022 - 2030. 2- Commissie Dannenberg, ‘Van beschermd wonen naar een beschermd thuis’ (2015). Geraadpleegd via vng.nl/files/vng/van-beschermd-wonen_20151109.pdf - ‘Over de brug; Plan van aanpak voor de behandeling, begeleiding en ondersteuning bij ernstige psychische aandoeningen’, onder auspiciën van Kenniscentrum Phrenos geschreven door de Projectgroep Plan van aanpak ernstige psychische aandoeningen (2014). Geraadpleegd via kenniscentrumphrenos.nl/kennisproduct/de-brug-pva-epa - Kijk voor meer informatie over De juiste zorg op de juiste plek (JZOJP) op www.dejuistezorgopdejuisteplek.nl. 3

De Taskforce voor Ernstige Psychiatrische Aandoeningen (EPA-Taskforce) is onderdeel van de ggz-inspanningen uit de samenwerkingsovereenkomst met zorgverzekeraar Zilveren Kruis.

6

We lichten deze bewegingen kort toe.

Overgang Wmo naar Wlz Met ingang van 1 januari 2021 is de Wet langdurige zorg (Wlz) gewijzigd. Ook mensen die vanwege een psychische stoornis blijvend behoefte hebben aan permanent toezicht of 24 uur per dag zorg nabij hebben nu toegang tot de Wlz. Hierdoor verschuift in de regio Oost-Veluwe circa 50 procent van de cliënten Beschermd Wonen van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) naar de Wlz. Gevolg hiervan is dat ook circa 50 procent van het huidige regionale budget maatwerkvoorzieningen voor Beschermd Wonen wordt overgeheveld naar de Wlz. De regio Oost-Veluwe heeft er voor gekozen om voor de doorstroom van de Wmo naar de Wlz specifieke onafhankelijke clientondersteuning te contracteren. Hierbij is het uitgangspunt dat de cliënt tijdens het Wmo-traject en het daaropvolgende Wlz-traject ‘hetzelfde gezicht’ behoudt.

Landelijke herverdeling budget Beschermd Wonen Het huidige budget Beschermd Wonen bedraagt ongeveer € 52 miljoen op jaarbasis. Uit dit budget worden diverse regionale uitvoeringskosten, algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen gefinancierd. De uitgave aan maatwerkvoorzieningen bedraagt jaarlijks ongeveer € 44 miljoen. Er zijn gemiddeld 800 cliënten op een maatwerkvoorziening geplaatst. Op jaarbasis zijn dit, inclusief in-, door- en uitstroom, ongeveer 1.020 cliënten. Landelijk is besloten om een objectief verdeelmodel voor Beschermd Wonen in te voeren. Tegelijkertijd wordt het budget herverdeeld naar alle gemeenten. Het objectieve verdeelmodel is begin 2021 gepubliceerd. Op basis van het verdeelmodel en de nu bekende financiële gegevens kan een inschatting worden gemaakt van de gevolgen voor het regionale budget en het aantal plekken voor Beschermd Wonen. Dit lichten we toe in hoofdstuk 4.

Huidige situatie De twee besproken bewegingen gaan het huidige zorglandschap beïnvloeden. In figuur 1 en 2 geven we een beeld van die huidige situatie. De regio Oost-Veluwe heeft historisch een brede groep zorgaanbieders die Beschermd Wonen bieden. We spreken van kleine en middelgrote aanbieders als een organisatie tot negentien cliënten heeft. Vanaf twintig cliënten wordt een aanbieder als groot gedefinieerd. In onze regio zijn 6 grote aanbieders actief en 33 aanbieders in de kleine en middelgrote categorie. Dit is weergegeven in figuur 1. Van de grotere aanbieders heeft een aantal weliswaar veel cliënten, maar is de spreiding in de regio Oost-Veluwe gering. Van de 800 plaatsen voor Beschermd Wonen bevindt driekwart zich in Apeldoorn. Dit is te zien in figuur 2.

7

Figuur 1: Het aantal cliënten verdeeld over de aanbieders

Figuur 2: De verdeling van cliënten per gemeente4

Opdracht De afgelopen jaren is er veel in gang gezet. Desondanks zijn forse integrale keuzes nodig vanwege de terugloop van financiële middelen vanaf 2023. Vooruitlopend op de bekendmaking van de nieuwe verdeling van de middelen koos de regio Oost-Veluwe in februari 2020 voor de ontwikkeling van een gezamenlijk ontwerp Beschermd Thuis 2030. De opdracht luidt als volgt:5 De opdracht is een nieuw ontwerp op te stellen voor het zorglandschap in de komende vijf tot tien jaar, uitgaande van de visie Beschermd Thuis en passend binnen de krappere financiële kaders vanaf 2023. We lichten deze opdracht kort toe.

4 De cliënten van de gemeente Hattem (circa 1 procent) zijn nog niet meegenomen in dit figuur. Hattem heeft zich later

aangesloten bij de regio Oost-Veluwe.. 5 De opdracht voor dit ontwerp is vastgelegd in het Regionaal Project Ontwerp Beschermd Thuis Oost-Veluwe 2030 (februari 2020).

8

Richtinggevend document Het ontwerp is geen blauwdruk, maar een richtinggevend document om de komende jaren het zorglandschap voor Beschermd Thuis verder in te vullen en keuzes te maken. Het ontwerp gaat uit van de vastgestelde visie in de Transformatie-agenda Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen 2016 - 2020. Deze agenda krijgt een vervolg in het Regionaal Kaderdocument Beschermd Thuis 2022 -2030. De visie houdt in dat bewoners met een hulpvraag waar mogelijk thuis wonen en daarbij begeleiding of behandeling krijgen als dat nodig is. Een verwelkomende leefomgeving is daarbij essentieel: iedereen mag er zich welkom voelen. Voor de cliënten die dat nodig hebben, blijft wonen mogelijk binnen een 24-uurs beschermde omgeving.

Passend binnen de nieuwe financiële kaders Het ontwerp moet passen binnen de nieuwe financiële kaders van 2032. De rijksbijdrage voor Beschermd Wonen wordt vanaf 2022 met een ingroeipad van tien jaar voor de regio OostVeluwe afgebouwd tot naar verwachting de helft. Om binnen die kaders te blijven wordt de bovenregionale instroom vanuit de Zorgverzekeringswet en de forensische zorg zo veel mogelijk ontmoedigd. We houden de randvoorwaarden voor een Beschermd Thuis in 2030 in stand en versterken deze als dat nodig is. Daarbij kan worden gedacht aan een veilige plek om te wonen en werk of dagbesteding.

Samen ontwikkelen met de ketenpartners De regio Oost-Veluwe ontwikkelt het Ontwerp Beschermd Thuis samen met de ketenpartners. De zes regiogemeenten zijn zich er zeer van bewust dat zij de beweging ‘Ggz in de wijk’ niet alleen kunnen maken. De gemeenten financieren immers niet alle geldstromen. Bovendien raken de keuzes van de gemeenten de gehele keten van zorg, ondersteuning, wonen, werken en veiligheid. Het is daarom essentieel om gezamenlijk te werken aan de verdere ontwikkeling van het zorglandschap.

9

2. De pijlers van het Ontwerp

10

Dit Regionaal Ontwerp Beschermd Thuis 2030 stoelt op drie pijlers: 1. Ggz in de wijk 2. Integrale hersteltrajecten 3. Continuïteit in het aanbod van Beschermd Wonen Deze pijlers geven samen richting aan de regionale keuzes die vanaf 2021 worden gemaakt. Om Beschermd Thuis kwalitatief te verbeteren is zorginnovatie nodig op inhoud, vorm en organisatie. De pijlers staan hier gezamenlijk borg voor, elk vanuit een andere focus. De pijlers staan in verbinding met het huidige beleid van de gemeenten in de regio: - De uitvoeringsplannen van elke gemeente voor Beschermd Thuis - Het regionale uitvoeringsplan voor Beschermd Thuis - De sluitende aanpak verwarde personen - Het Plan van Aanpak Dak- en Thuisloosheid De pijlers hangen ook samen met de missie van regionale zorgaanbieders en verzekeraar Zilveren Kruis. Zij werken samen in de EPA-Taskforce. In hun Werkprogramma GGZ in de wijk 2019 tot en met 2021 is ‘het vormgeven van goede zorg- en ondersteuningsstructuren in de wijk’ als ambitie vastgesteld. De focus is gericht op ‘het herstel van mensen met psychische problematiek die daardoor kampen met een ontwricht dagelijks leven’. Om vanuit de gedeelde visie met een aanzienlijk geringer Beschermd Wonen-budget een veilig Beschermd Thuis te kunnen bieden aan cliënten, is het van groot belang om deze plannen de komende jaren consequent en gestructureerd door te zetten.

Ook monitoring is essentieel. De drie pijlers moeten een bijdrage leveren om hierbij focus aan te brengen. Deze pijlers zullen we nu nader toelichten.

Ggz in de wijk Zorglandschap dichtbij, gevarieerd en compleet De transformatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis in de wijk loopt al enige jaren. In de komende jaren is te verwachten dat er meer druk op de wijk komt, met minder beschikbare plekken voor Beschermd Wonen in een instelling. Het uitgangspunt moet blijven dat het zorglandschap dichtbij, gevarieerd en compleet is. Mensen met een ondersteunings- of hulpvraag moeten voor begeleiding en behandeling terechtkunnen op wijk- of gemeenteniveau. Om domeinoversteigende zorg te bieden, moeten de begeleiding (Wmo) en behandeling (Zvw) deel uitmaken van dezelfde aanpak. De inclusieve samenleving is hierbij kenmerkend: cliënten moeten welkom zijn in de wijk. Hier hebben we de afgelopen jaren al op ingezet met een reeks van activiteiten en voorlichting. In de komende periode moet deze basis verder worden versterkt.

Integrale hersteltrajecten Client én de omgeving centraal, herstelplan op alle leefgebieden We willen integrale hersteltrajecten bieden aan cliënten. Hierbij staat de cliënt samen met de omgeving centraal op weg naar herstel op álle levensgebieden. Cliënten krijgen ondersteuning in hun eigen leefomgeving. Ze krijgen handvatten om zelf de regie te kunnen voeren over hun eigen leven. De zorg is gericht op herstel. Hierbij zetten we ervaringsdeskundigen, vrijwilligers en buddy’s of maatjes in. Ieder heeft een eigen rol, die aansluit op de hulpvraag van de cliënt. We willen werken op basis van ‘één cliënt, één plan’. Waar nodig wordt dit aangevuld met een

11

regisseur of zorgcoördinator. 6 In het herstelplan gaan we aan de slag met alle leefgebieden: wonen, werk, inkomen, dagbesteding, behandeling en begeleiding zijn op elkaar afgestemd en vormen samen het individuele ondersteuningsplan. Hierbij is ruimte voor op- en afschaling in frequentie en -intensiteit. We leiden toe naar de basisbehoeften werk (re-integratie en schuldenaanpak) en wonen (doelgericht op weg naar zelfstandig wonen). Integrale hersteltrajecten zijn al voor een deel terug te zien in de huidige uitvoering. We zetten de komende periode in op een verdieping en vertalen deze naar de inkoop. In hoofdstuk 5 gaan we hier nader op in bij de aanbevelingen: bij de keuze voor trajectfinanciering in plaats van losse producten en bij het beperken van het aantal zorgaanbieders in het kader van strategisch partnerschap.

Continuïteit in het aanbod van Beschermd Wonen Continuïteit vraagt ook om doorontwikkeling Als de eerste twee pijlers stevig staan, heeft dit positief effect op de continuïteit van het aanbod binnen Beschermd Wonen. Deze derde pijler staat garant voor de blijvende kwaliteit van 24-uurszorg in Beschermd Wonen voor wie dat nodig heeft. Tegelijkertijd is ook innovatie nodig om ook in de toekomst passende ondersteuning te kunnen blijven bieden. We moeten het aanbod voortdurend optimaliseren en differentiëren. Dit moet worden afgestemd op de doelgroep en haar behoefte aan ondersteuning.

Ontwikkelpunten De drie pijlers vragen om doorontwikkeling. We lichten de diverse ontwikkelpunten toe.

Actieve rol voor ervaringsdeskundigen Ervaringsdeskundigen moeten expliciet deel uitmaken van de hersteltrajecten, zowel binnen begeleiding als behandeling. Zij dragen bij aan goede kwalitatieve zorg en ondersteuning van mensen met een hulpvraag. De voorwaarde is dat ervaringsdeskundigen dit werk betaald kunnen doen, in plaats van als vrijwilliger. Ervaringsdeskundigen hebben nadrukkelijk níet de taak kosten te drukken of te helpen wachtlijsten weg te werken.

Cliënten in de wijk Cliënten die (weer) zelfstandig gaan wonen, krijgen vaak te maken met stigma, ongeacht in welke wijk ze gevestigd worden. En dat terwijl zij, net als bewoners zonder hulpvraag, graag zonder stigma willen wonen en meedoen. Daarom hebben cliënten een sterk netwerk nodig wanneer ze (weer) zelfstandig gaan wonen. Ook de verbinding tussen de cliënt en de leefomgeving is belangrijk. Tegelijkertijd kan dit soms ook onrust geven, zowel bij de cliënt als de leefomgeving. Er loopt een aanpak ‘SamenSterkTegenStigma samen met Korak’. Dit is het vervolg op het voorlichtingsprogramma ‘Welkom in de woonomgeving’. Het is van groot belang dat SamenSterkTegenStigma in alle regiogemeenten wordt ingezet.

6 De zorgcoördinator is beschikbaar in alle gemeenten van de regio.

12

Trajectfinanciering in één pakket We willen hulp ambulant en op maat inzetten. Bijvoorbeeld door de inzet van Factteams en door de consultatiefunctie van de ggz. Hiervoor is het nodig dat de trajectfinanciering in één pakket wordt ondergebracht. Financiering vanuit de Wmo en de Zorgverzekeringswet moet onder ditzelfde traject vallen. Zo kunnen we flexibel inzetten op wat nodig is voor de cliënt, met een vast aanspreekpunt binnen de ggz. Hierdoor worden begeleiding en behandeling beter op elkaar afgestemd. Dit past binnen de visie van de Transformatie-agenda, waar gesproken wordt over medisch herstel, maatschappelijk herstel en persoonlijk herstel in evenwicht. Vanzelfsprekend gaan we voor de uitwerking van dit ontwikkelpunt in gesprek met de zorgverzekeraar.

Inzet van e-health Door de inzet van e-health kunnen zorg en ondersteuning steeds dichter bij de cliënt worden gebracht: kort, frequent en slagvaardig. In een aantal regionale gemeenten faciliteren we netwerkzorg al digitaal, met behulp van OZOverbindzorg. Als gevolg van de coronapandemie is e-health bij begeleiding en behandeling in de afgelopen periode al veel meer ingezet dan voorheen. Tegelijkertijd is duidelijk dat e-health niet alles kan vervangen. 7 We willen de ervaringen van het afgelopen jaar verder uitwerken door middel van pilots. De uitkomsten hiervan nemen we mee in toekomstige afspraken.

Werk en dagbesteding De afgelopen jaren is veel in gang gezet bij het thema werk en dagbesteding. Ook voor de schuldenaanpak zijn diverse stappen gezet. We willen deze thema’s de komende periode doorontwikkelen: - Herstelplein Korak uitbreiden naar alle regiogemeenten - Ervaringen met de activeringsprojecten Werkt Mee, IPS en Krachtwerk delen8 - De integrale aanpak versterken binnen de gemeentelijke organisaties, waarbij we vooral aandacht besteden aan de schuldenaanpak, in het bijzonder voor jongeren

Wonen Er is veel spraakverwarring over de begrippen rondom wonen. Daarom zoeken we naar een eenduidig begrippenkader en een manier van ordenen, zodat het wonen een evenwichtig deel wordt van de hersteltrajecten. We sluiten ons aan bij Platform 31 om met het concept ‘woonladder’ in de regio Oost-Veluwe tot een eenduidig beeld te komen. Bij het thema wonen speelt een tekort aan betaalbare woningen voor doorstroming. Ook is er behoefte aan andere vormen van wonen of woningen. Voor dit thema bespreken we drie ontwikkelpunten: 1. Opstapregeling continueren 2. Tussenvormen voor wonen realiseren 3. Specifieke aandacht voor jongeren

7 ICT & Health, ‘Stroomversnelling digitale innovatie door coronacrisis’ (20 april 2020). Geraadpleegd via

www.icthealth.nl/nieuws/stroomversnelling-digitale-innovatie-door-coronacrisis 8 De methode Individuele Plaatsing en Steun (IPS) begeleidt mensen met een ernstige psychische aandoening die

behandeling en/of begeleiding krijgen en aan het werk willen. Krachtwerk is een krachtgericht begeleidingstraject voor mensen in multiprobleemsituaties die in sociaal isolement dreigen te raken. Dit wordt vooral ingezet in de Maatschappelijke Opvang, in de vrouwenopvang en bij de begeleiding en opvang van zwerfjongeren.

13

Opstapregeling continueren Een belangrijke randvoorwaarde om zelfstandig te gaan wonen is de regeling voor opstapwoningen. Alle regionale gemeenten hebben hier met de corporaties afspraken over gemaakt. De regeling helpt cliënten binnen twee jaar zelfstandig te gaan wonen. In 2019 zijn er in de hele regio 87 woningen via de opstapregeling toegewezen aan cliënten uit Beschermd Wonen. Op basis van het regionaal woononderzoek van Companen kunnen we de komende jaren beter bepalen hoeveel woningen met een opstapregeling nodig zijn.

Tussenvormen voor wonen realiseren Tussenvormen zijn alternatieve vormen van zelfstandig wonen: alles wat ligt tussen beschermd wonen en de opstapwoning. De cliënt huurt de woning van een zorgaanbieder of doet dit zelfstandig. Tussenvormen kunnen nieuw gerealiseerd worden, maar zijn ook goed vorm te geven in huidige (overbodige) woonzorglocaties die kleine zelfstandige wooneenheden hebben. Ook kunnen tussenvormen als deel van het geheel worden ingezet, bijvoorbeeld een afdeling van een voormalig verzorgingstehuis of kantoorpand, of verdiepingen binnen jongerenhuisvesting.9 In de komende tijd is het nodig de tussenvormen als deel van de woonladder te concretiseren. Ook moeten ze getoetst worden op financiële haarbaarheid. Geclusterd wonen Een voorbeeld van een tussenvorm is geclusterd wonen. Dit zijn kleinschalige instellingen of een serie woningen bij elkaar in de buurt. Hier hebben cliënten een hoge mate van zelfstandigheid. Het is een vorm van zelfstandig wonen met collectieve aspecten. Door de schaalgrootte is de begeleiding eenvoudiger op- en af te schalen.

Specifieke aandacht voor jongeren van 18 tot 27 jaar Bij de instroom in Beschermd Wonen vormen jongeren een relatief grote groep. In het woononderzoek van Companen wordt hier ook specifiek aandacht voor gevraagd. Bij de ontwikkeling van het thema wonen zijn daarom de volgende aandachtspunten: - Er is meer betaalbare en passende huisvesting nodig voor jongeren die uitstromen uit jeugdhulp met verblijf. - Het product ‘huurbetaling’ moet vaker ingezet worden bij jongeren die financieel nog niet in staat zijn om zelfstandig te wonen. - Er moeten woontussenvormen gerealiseerd worden in samenwerking met partijen die actief zijn in jeugdhulp met verblijf. Hierbij kan gedacht worden aan een mix van tussenvormen (zoals begeleid wonen, kamertrainingscentra en fasehuizen) en goedkope zelfstandige woonruimte (zoals kamers en studio’s), waar nodig met ambulante begeleiding.

9 Zie ook: Companen, ‘Regionale woonopgave Beschermd Wonen’ (november 2020).

14

3. Randvoorwaarden

15

Groepering naar niveaus van sturing Voor dit Regionaal Ontwerp Beschermd Thuis 2030 hebben we diverse randvoorwaarden geformuleerd. De basis hiervoor is de gezamenlijke visie, die bij alle partners in de regio bekend is en doorleefd wordt. We moeten werken vanuit dezelfde doelen, taal, getallen en cijfers. Om zo te kunnen werken, is tijdsinvestering en samenwerking nodig. Ook is inzicht vereist in de cliëntstromen van de Zorgverzekeringswet (Zvw), Wet forensische zorg (Wfz), Wet langdurige zorg (Wlz) en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). In dit hoofdstuk bespreken we de randvoorwaarden voor het Ontwerp. We hebben de voorwaarden gegroepeerd op verschillende niveaus van sturing: 1. Strategisch partnerschap 2. Commitment binnen de regio 3. Gezamenlijke concrete doelen 4. Knoppen: volume, spreiding en instroom

Strategisch partnerschap De gemeenten van de regio Oost-Veluwe werken al enige jaren vrij nauw samen met een kleine groep van grotere regionale partners in de Taskforce Ernstige Psychiatrische Problematiek (EPA-Taskforce). Daarnaast zijn er een aantal kleinere en meer lokaal gerichte partijen die goed aansluiten op het beleid van de gemeenten. Omdat er behoefte is aan meer sturing, is de grote hoeveelheid aan huidige aanbieders een belemmering om ketenregie goed te kunnen organiseren. Er is nauwe samenwerking nodig om als regio succesvol gezamenlijk op te trekken en gezamenlijk te ontwikkelen.

Commitment binnen de regio De regio Oost-Veluwe legt als regievoerder voor Beschermd Thuis de verbinding tussen een breed spectrum aan partners op regionaal niveau. Daarbij kan gedacht worden aan zorgaanbieders, vertegenwoordigers van cliënten, zorgverzekeraars, woningcorporaties en justitie. De gemeenten werken onderling samen op basis van het regionaal convenant uit 2019. De regiogemeenten gaan werken volgens de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO). Dit is een landelijke afspraak van de gemeenten vanaf juni 2020. De NvO heeft betrekking op jeugd en op Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang.10 De NvO voor jeugd heeft een andere status, omdat deze al verder is uitgewerkt dan voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. Voor Maatschappelijke Opvang is doordecentralisatie vooralsnog nog niet aan de orde. Maar omdat er veel beleidsmatige verbinding is met Beschermd Wonen, vallen beide beleidsterreinen onder de werking van de NvO. Met de NvO zeggen gemeenten toe de regionale samenwerking te verbeteren en het opdrachtgeverschap te versterken, met het oog op een goed functionerend zorglandschap. Voor Oost-Veluwe is de NvO voor MO/BW reeds uitgewerkt in het Kaderdocument Beschermd Thuis en het regionale convenant.

10 Bekijk de NvO via vng.nl/sites/default/files/2020-06/5_resolutie_norm_voor_opdrachtgeverschap.pdf

16

Gezamenlijke concrete doelen De overkoepelende doelen van dit Ontwerp zijn geformuleerd in het Regionaal Kaderdocument Beschermd Thuis 2022 - 2030. Dit document is een doorontwikkeling en actualisering van de Transformatie-Agenda Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen 2016 - 2020 en kent een bredere scope. Het nieuwe Kaderdocument gaat in op de concrete doelen, prestaties en meetbare effecten die worden uitgewerkt in regionale en lokale uitvoeringsplannen. De regio Oost-Veluwe verbindt zich aan die doelen.

Knoppen: volume, spreiding en instroom De komende jaren moeten we onze aanpak beheersbaar en bestuurbaar maken. We zoeken een manier om daaraan te werken. We gaan concrete prestaties op volume, spreiding en instroom vertalen naar de gemeentelijke meerjarige programmabegrotingen (MPB’s). Deze drie knoppen lichten we kort toe.

Volume Het totale volume van Beschermd Wonen wordt vanaf 2022 fors afgebouwd. Voor een succesvolle overgang naar het nieuwe Ontwerp Beschermd Thuis zijn daarom de volgende twee zaken van belang.

Kleiner aantal aanbieders Tot op heden wordt gewerkt met een open raamovereenkomst. Door met een kleiner aantal aanbieders te werken, wordt sturing mogelijk gemaakt. Een geringer aantal aanbieders is noodzakelijk om als gemeenten gezamenlijk met zorgaanbieders strategisch partnerschap op te bouwen.

Minimaal volume bepalen We gaan bepalen welk minimaal volume per aanbieder nodig is om op een verantwoorde manier Beschermd Wonen te kunnen bieden. Dit volume hangt samen met de kwaliteitseisen van integrale hersteltrajecten. Deze trajecten worden de komende periode verder ontwikkeld. Voor maatwerk is een zeker volume nodig. Daarbij is diversiteit nodig: van zwaar/intensief naar ondersteunend/op de achtergrond. Ook is aansluiting nodig op de lokale infrastructuur. We houden er rekening mee dat aanbieders intern combinaties kunnen maken met verschillende geldstromen: Wlz, Zvw, Wmo en Wfz.

Spreiding Bij spreiding gaat het om twee niveaus waar cliënten wonen: 1. Spreiding over wijken binnen de gemeente 2. Spreiding van plekken binnen de regio De basis van het regionale convenant is de gezamenlijke verantwoordelijkheid, ongeacht waar cliënten wonen of willen wonen. In de praktijk wonen en verblijven veel cliënten in Apeldoorn. Een meer evenwichtige spreiding is noodzakelijk. Daarvoor zijn de volgende aandachtspunten van belang: - Goede afspraken en samenwerking tussen de regionale en de lokale voorzieningen - Voldoende passende en betaalbare woningen op regionaal en lokaal niveau - Concentratie van de doelgroep voorkomen in specifieke wijken of in de stad Apeldoorn - Regie en overzicht op aanbieders

17

Aan de hand van het regionaal woononderzoek Oost-Veluwe dat in het najaar van 2020 is afgerond kan de regio concreter besluiten in welke mate de regionale spreiding van het woonaanbod mogelijk én wenselijk is. Het onderzoek geeft inzicht in de huidige spreiding van de voorzieningen van Beschermd Wonen. Ook is de huidige en gewenste situatie rondom uitstroommogelijkheden naar zelfstandig wonen in kaart gebracht.

Instroom Het beperken van de instroom moet op verantwoorde wijze gebeuren. Verantwoord naar de cliënt én naar de omgeving. Hiervoor zijn de volgende punten noodzakelijk:

Gezamenlijk achter de opgave staan Binnen de regio Oost-Veluwe moeten we gezamenlijk achter de opgave staan zoals deze is geformuleerd in dit Ontwerp. Dat betekent ook dat er gezamenlijk wordt gezocht naar wat een goede woonplek is voor cliënten die bijvoorbeeld uit langdurige behandeling bij ggz of forensische zorg komen en (nog) niet zelfstandig kunnen wonen. Hierbij is de randvoorwaarde strategisch partnerschap ondersteunend om gezamenlijk achter de opgave te blijven staan.

Bemensing en sturing We hebben voldoende gekwalificeerde bemensing in en goede sturing op de toegang nodig.

Werkbare afspraken Bij de implementatie van het wettelijk woonplaatsbeginsel voor Beschermd Wonen zijn werkbare afspraken nodig over de landelijke toegang en een instemmingsrecht voor de gemeenten. Het is nog niet duidelijk hoe de afspraken hierover de komende jaren landelijk worden ingevuld. De invulling van deze landelijke afspraken kan grote gevolgen hebben voor de beheersbaarheid van de instroom in onze regio.

Verbeterpunt Een verbeterpunt bij de drie toegelichte knoppen is te vinden in de verschillen in monitoring en cijfers die gehanteerd worden bij de partners. Van zorgaanbieders tot corporaties, zorgverzekeraars en gemeenten: er worden op dit moment verschillende cijfers en manieren van monitoring gebruikt. Dit is eveneens een knelpunt bij de lopende onderzoeken: het regionaal woononderzoek, de monitoring van de overgang van Wmo naar Wlz en tot slot het regiobeeld ggz dat samen met zorgverzekeraar Zilveren Kruis ontwikkeld wordt.

18

4. Financieel kader

19

Op 2 februari 2021 is het objectief verdeelmodel Beschermd Wonen gepubliceerd. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) heeft bij de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) advies aangevraagd over het verdeelmodel. Na de advisering door het ROB volgt nog een consultatieronde bij gemeenten voordat het verdeelmodel formeel kan worden vastgesteld. De vaststelling gebeurt waarschijnlijk in de decembercirculaire 2021.

Uitgangspunt voor uitname In het landelijke objectieve verdeelmodel is als uitgangspunt een uitname van 24,64 procent van het budget Beschermd Wonen voor de overgang van cliënten naar de Wet langdurige zorg (Wlz) genomen. Dit doet echter geen recht aan de actuele stand van zaken ten aanzien van de overgang van de Wet maatschappelijke opvang (Wmo) naar de Wlz. Uit de laatste overzichten blijkt dat circa 50 procent van de huidige cliënten van Beschermd Wonen in de regio Oost-Veluwe overgaan naar de Wlz.11 Wij houden daarom rekening met een uitname van 50 procent van het regionale budget voor Beschermd Wonen.

Ontwikkeling van het regionaal budget In de volgende tabel is de ontwikkeling van het regionaal budget Beschermd Wonen tot en met 2032 weergegeven. Hierbij is een uitname van de Wlz van 50 procent het uitgangspunt. Deze uitname is budgetneutraal. Het regionaal budget van bijna 52 miljoen in 2020 neemt af naar ruim 31 miljoen in 2021 als gevolg van die budgetneutrale uitname van de Wlz. Van deze 52 miljoen gaat 21 miljoen af voor de uitname van de WLZ. Dit is 50% van de uitgaven voor maatwerk beschermd wonen. Vervolgens loopt het budget terug naar iets meer dan 18 miljoen in 2032. Dit is het gevolg van het objectieve verdeelmodel. In de tabel is ook te zien hoe het Apeldoorn-historisch budget12 afloopt en de lokale, objectieve budgetten oplopen. Vanaf 2032 is de rijksbijdrage structureel en vindt er geen verder afname meer plaats. Het regionale beleid is er op gericht om ook vanaf 2032 binnen budget te blijven. Dit is onderdeel van de opdracht voor dit Ontwerp. Bedragen x 1000 Gemeentenaam Apeldoorn Brummen Epe Hattem Heerde Voorst

2020

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0

1.018 113 178 59 91 116

4.544 504 795 218 402 518

7.318 812 1.281 346 648 835

9.474 11.112 12.321 13.163 13.725 13.073 12.165 1.051 1.234 1.367 1.462 1.523 1.450 1.350 1.658 1.944 2.155 2.305 2.402 2.287 2.130 450 535 601 654 695 689 672 840 985 1.090 1.166 1.215 1.158 1.077 1.081 1.269 1.405 1.503 1.566 1.491 1.388 8.314

2028

5.165

2029

2.549

2030

375

2031

2032

Apeldoorn historisch

52.738 31.408 31.599 28.735 22.140 16.658 12.101

0

Totaal budget regionaal

52.738 31.408 31.599 30.310 29.121 27.898 26.655 25.393 24.104 22.802 21.501 20.148 18.782

Tabel 1: De ontwikkeling van het regionaal budget tot en met 2032 met als uitgangspunt een uitname van de Wlz van 50 procent

Intentie tot regionaal budget In de regio Oost-Veluwe is door de zes gemeenteraden de intentie uitgesproken om een regionaal budget te vormen voor de bekostiging van regionale voorzieningen en regionale cliënten. Dit hebben de gemeenteraden afgesproken in een convenant voor financiële solidariteit. Regionale voorzieningen zijn bestemd voor inwoners van alle zes gemeenten. Vaak is het vanwege schaalgrootte en/of vereiste expertise niet zinvol om deze voorzieningen

11 In onze oorspronkelijke schatting gingen we uit van 40 procent. 12 Het regionaal budget vóór de doordecentralisatie naar alle gemeenten.

20

0

apart in elke gemeente te organiseren. Regionale cliënten zijn intramuraal wonende cliënten in een instelling voor Beschermd Wonen. Cliënten die zelfstandig in de wijk wonen vallen straks onder de lokale Wmo. Maar er zijn ook cliënten die tijdelijk in een tussenvoorziening wonen of die kleine stappen maken van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis. Het is belangrijk dat we regionaal heldere afspraken maken wat straks onder de regionale financiering valt en wat onder de lokale financiering. In tabel 1 is de volledige beschikbare rijksvergoeding voor Beschermd Wonen opgenomen. Het is echter realistisch te verwachten dat de gemeenten een deel van hun rijksvergoeding overhevelen naar het regionale budget en een deel gebruiken voor de lokale bekostiging van zelfstandig wonende cliënten. Voor de vorming van dit regionaal budget worden daarom nog enkele scenario’s doorgerekend. Wij willen de afbouw de komende jaren zorgvuldig vormgeven met samenwerkingspartners en cliënten.

Verwachting aantal BW-plekken Om binnen budget te blijven verwachten een afbouwopgave van het aantal plekken voor Beschermd Wonen van 190 tot 240 in 2032. Deze inschatting is gebaseerd op: - de gemiddelde kosten per client van beschermd wonen - de nu bekende financiële informatie over de doorstroom van Wmo naar Wlz - de publicatie van februari 2021 van het objectieve verdeelmodel Beschermd Wonen - een inschatting van een nog te vormen regionaal budget voor intramuraal wonende cliënten Dit leidt tot de volgende rekensom: Huidige aantal BW-plekken Doorstroom 50% naar Wlz Resteert: Opgave: Resteert:

800 400 400 190 tot 240 afgebouwd in 2032 210 tot 160 plekken blijven regionaal beschikbaar vanaf 2032

Tabel 2: Verwacht beeld van het aantal BW-plekken in 2032 op basis van het beschikbare budget

Samen in gesprek In de komende periode zullen de gemeenten met elkaar in gesprek gaan om tot een nieuw convenant te komen vanaf 1 januari 2023. Onderdeel van dit nieuwe convenant zijn afspraken over de samenstelling van het nieuwe regionale budget.

21

5. Aanbevelingen voor de implementatie

22

In dit hoofdstuk doen we aanbevelingen voor de implementatie van het Ontwerp Beschermd Thuis 2022 - 2030. We hebben de aanbevelingen geordend in vier categorieën: - Organisatie van het Ontwerp - Productontwikkeling - Inkoop - Communicatie Dit hoofdstuk wordt afgesloten met de aanbevolen stappen voor de komende drie jaar. De afbouw van het budget voor Beschermd Wonen gaat weliswaar over een langere periode, maar de besluiten en koers moeten vooral in deze eerste jaren worden ingezet.

Organisatie van het Ontwerp Strategisch partnerschap Werk aan strategisch partnerschap in de regio, tussen gemeenten en de andere ketenpartners. Een belangrijke randvoorwaarde is hierbij het beperken van het aantal zorgaanbieders. Met een groep die elkaar kent en samenwerkt is commitment op bestuurlijk niveau tussen gemeenten, zorgaanbieders, corporaties en alle andere partijen beter te realiseren. De samenwerking rondom het Ontwerp is vanaf het najaar 2019 in gang gezet en bouwt voort op een langere traditie van samenwerking, zoals binnen de EPA-Taskforce. Deze lijn moet de komende jaren worden doorgezet.

Regionale programmasturing Gedurende minimaal drie jaar moet regionale programmasturing vanuit de regio Oost-Veluwe op het gehele transformatieproces worden georganiseerd. In die periode is het aan te bevelen de programmasturing als regiogemeenten in eigen hand te houden. Er moeten namelijk keuzes gemaakt worden die direct effect hebben voor zorgaanbieders. Een projectleider moet het gesprek namens de regionale gemeenten aan kunnen gaan met de partijen die zorg bieden.

Regionale monitoring Bouw de regionale monitoring uit van de in-, door- en uitstroom voor Beschermd Wonen. Deze monitoring moet zo mogelijk langs een woonladder worden gelegd, of langs een andere vorm waar regionaal voor wordt gekozen.13

Productontwikkeling Tussenvormen van wonen Houd als gemeenten rekening met tussenvormen van wonen in de bestemmingsplannen. Vraag ketenpartners naar hun ervaringen met tussenvormen. Er moet ruimte in de financieringsafspraken zijn om deze tussenvormen goed te kunnen ontwikkelen.

Pilots op het gebied van integraliteit Stimuleer pilots op het gebied van integraliteit waarbij ervaringsdeskundigen worden ingezet bij: - Verschuiving van wonen in een voorziening naar zelfstandige woonvormen met (intensieve) ambulante ondersteuning

13 Het model van de woonladder houdt in dat een cliënt steeds doorverhuist naar een woonvorm met meer

verantwoordelijkheid. Met als eindpunt: een eigen woning.

23

- Participatie in de vorm van dagbesteding en toeleiding naar betaald werk - Alle vormen van e-health.

Businesscase Op basis van ervaringen uit de pilots kan een businesscase van het Ontwerp worden opgebouwd. Neem in de pilots mee welke kosten worden gemaakt voor veiligheid van de cliënt en de leefomgeving.

Inkoop Voldoen aan de drie pijlers Zorg dat de inkoopafspraken vanaf 2022 voldoen aan de drie pijlers van dit Ontwerp: ggz in de wijk, integrale hersteltrajecten en continuïteit Beschermd Wonen. De integrale hersteltrajecten kunnen in principe binnen het huidige raamcontract worden vormgegeven. Het is van belang dat een aanbieder zowel intramurale voorzieningen, tussenvormen van wonen én ambulante begeleiding kan bieden en ook het hersteltraject over alle leefgebieden heen kan coördineren. Dit betekent dat we nieuwe kwaliteitseisen stellen aan de toe te laten aanbieders en wellicht met trajectfinanciering gaan werken.

Kiezen voor beperkte groep aanbieders Zorg dat het mogelijk wordt een beperkte groep aanbieders te kiezen die aansluit bij de drie pijlers. Een richtlijn voor het aantal aanbieders is: - ongeveer zes tot acht middelgrote en grotere aanbieders (met elk circa 25 - 100 cliënten) - aanvullend ongeveer vier tot zes kleinere (lokale) aanbieders (met elk circa 10 - 25 cliënten) De huidige inkoopprocedure met de raamovereenkomst is een open house-aanbesteding. Dat betekent dat tot gunning wordt overgegaan als een aanbieder aan de toelatingseisen voldoet. Het houdt in dat iedere aanbieder die voldoet aan de toelatingseisen de markt kan betreden. Hiermee is beperkt sturing mogelijk op het aantal aanbieders en de kwaliteit die zij leveren. Wijzigen van die systematiek binnen de huidige procedure met raamovereenkomst is niet mogelijk. Bij kleine(re) gemeenten kunnen lokale aanbieders soms juist goed aansluiten bij de lokale vraag. Daarom, en vanwege de behoefte om met strategische partners te kunnen werken, is de mogelijkheid om bepaalde aanbieders te kunnen kiezen nodig.

Onderzoek naar optimalisatie van de raamovereenkomst De zorgregio Midden-IJssel/Oost-Veluwe (MIJ-OV) heeft onderzoek gedaan naar de optimalisatie van de huidige raamovereenkomst door onder andere strategisch partnerschap en differentiatie in de vorm van inkoop. Hierop aansluitend is er binnen de regio Oost-Veluwe een onderzoek uitgevoerd door de regionale projectleider Ontwerp Beschermd Thuis: in hoeverre zijn de doelstellingen van dit Ontwerp te realiseren binnen de huidige raamovereenomst? Dit is gedaan in nauwe samenwerking met de zorgregio MIJ-OV, waarbij de zorgregio ook om juridisch advies is gevraagd. Uit het onderzoek kwamen de volgende twee adviezen:

Nieuwe inkoop starten Om de doelstellingen van het Ontwerp te realiseren moet een nieuwe inkoop voor Beschermd Wonen worden gestart. Die moet op 1 januari 2023 afgerond zijn. Het advies wordt in besluitvorming bij de gemeenten van de regio Oost-Veluwe gebracht. De advisering en

24

besluitvorming valt hiermee dus niet onder de regionale opdracht “optimaliseren van de raamovereenkomst” van de zorgregio MIJ-OV.

Projectleider verantwoordelijk voor inhoudelijke beleidsvoorbereiding Wanneer wordt besloten tot een nieuwe inkoop voor Beschermd Wonen, dan is de projectleider van het Ontwerp verantwoordelijk voor de inhoudelijke beleidsvoorbereiding. De regio Oost-Veluwe kan vervolgens een verzoek doen aan de zorgregio MIJ-OV om de optimalisering of nieuwe aanbesteding uit te voeren.

Communicatie Gezamenlijke taal Werk aan een gezamenlijke taal voor begrippen als ‘hersteltrajecten’ en ‘ggz in de wijk’. Voor een gezamenlijke taal op het gebied van woonvormen is het helpend om samen met Platform31 een woonladder in te vullen.14

Gezamenlijke communicatielijn Spreek een gezamenlijke communicatielijn van gemeenten en partners in het veld af.

Duidelijkheid voor cliënten Geef cliënten zo veel mogelijk duidelijkheid over wat er voor hen verandert. Informeer waar nodig ook de leefomgeving van de cliënt.

14 Het model van de woonladder houdt in dat een cliënt steeds doorverhuist naar een woonvorm met meer

verantwoordelijkheid. Met als eindpunt: een eigen woning.

25

Stappen voor 2021 tot en met 2023 De laatste aanbeveling bestaat uit stappen die de komende drie jaren nodig zijn.

Eerste kwartaal 2021

FASE: VOORBEREIDING IMPLEMENTATIE ONTWERP

Besluitvorming bij de zes gemeenten Parallel aan het besluitvormingstraject: - Het regionaal bestuurlijk overleg (RBO) geeft de projectleider van het Ontwerp een onderzoeksopdracht over de toekomstige inkoop van Beschermd Wonen. Deze bouwt verder op het onderzoekstraject van de zorgregio Midden-IJssel/Oost-Veluwe (MIJ-OV). - Projectgroep en werkgroepen instellen vanuit het regionaal ambtelijk overleg (RAO) voor de komende jaren. - Opstarten pilots c.q. inventarisaties: - Verschuiving ‘wonen in voorziening’ naar intensieve ambulante producten - Participatie in de vorm van dagbesteding en toeleiding naar betaald werk. - Alle vormen van e-health

Tweede en derde kwartaal 2021

FASE: START IMPLEMENTATIE ONTWERP

- Aanbesteding voorbereiden en opstarten in samenwerking met de Regio MIJ/OV en daarbij de eerste ervaringen van de pilots meenemen - Op basis van de pilotervaringen de drie pijlers van dit Ontwerp verder invullen - Samenwerking strategische partners verder vormgeven - Voorstel en besluit RBO over de eerste afbouw van Beschermd Wonen in 2023

2022

FASE: IMPLEMENTATIE ONTWERP IN GANG

- Aanbesteding in samenwerking met de Regio MIJ/OV gerealiseerd - Pilots evalueren en de ervaringen benutten voor het finetunen van de inkoop - Voorstel en besluit RBO over afbouw Beschermd Wonen vanaf 2023

2023

FASE: IMPLEMENTATIE ONTWERP IN GANG (vervolg)

- Eerste afbouw Beschermd Wonen - Nieuwe inkoop Beschermd Wonen - De stappen van de implementatie van het Ontwerp actualiseren

26

6. Verantwoording

27

Dit Regionaal Ontwerp Beschermd Thuis is opgesteld in opdracht van de gemeenten die samen de regio Oost-Veluwe vormen: Apeldoorn, Brummen, Epe, Hattem, Heerde en Voorst.

Proces We hebben het Ontwerp ontwikkeld in gesprek met cliënten, corporaties, zorgaanbieders, zorgverzekeraar en de zes regionale gemeenten. We maakten gebruik van een doorsnee van de totale groep van partners in het veld. Dit waren ongeveer veertig mensen, die met veel inzet hebben meegedacht. In november 2019 startten we met het verkennen van de vraagstukken. Dit gebeurde interactief in zowel grotere als kleine bijeenkomsten en in reguliere vergaderingen. De uitkomsten van de verkenning resulteerden in een plan van aanpak. Het plan om te komen tot dit Ontwerp is eind februari 2020 vastgesteld door het Regionaal Bestuurlijk Overleg Oost-Veluwe. Vervolgens zijn we begonnen met de uitwerking. Bijna gelijktijdig brak de coronapandemie uit. Daarom hebben we voor de uitwerking met name gebruikgemaakt van telefonische interviews, digitale werksessies en een webinar. Ook was er een enkele fysieke bijeenkomst. Het ontwerp is steeds besproken op regionaal ambtelijk en bestuurlijk niveau en ook met de EPA-Taskforce.

28

Bijlagen

29

Bijlage 1: Achtergrondinformatie Transformatie-agenda Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen 2016 – 2020 Deze agenda is te raadplegen via de volgende link: apeldoorn.begroting-2021.nl/assets/docs/p7d1transformatie-agendaMOBW20162019.pdf De volgende presentatie geeft achtergrondinformatie over de agenda: docplayer.nl/50907302-Transformatie-agenda-maatschappelijke-opvang-en-beschermdwonen-in-de-regio-oost-veluwe-apeldoorn-brummen-epe-heerde-en-voorst-en-vanaf-2020hattem.html

Aanpak regio Oost-Veluwe In het artikel ‘De voortvarende aanpak van de regio Apeldoorn’ van de VNG uit 2017 is meer te lezen over de aanpak van de regio Oost-Veluwe. Het artikel is te lezen via vng.nl/files/vng/devoortvarende-aanpak-van-de-regio_20171103.pdf

Rapport van de Commissie Dannenberg Het rapport ‘Van beschermd wonen naar een beschermd thuis’ uit 2015 is te raadplegen via vng.nl/files/vng/van-beschermd-wonen_20151109.pdf

De juiste zorg op de juiste plek Kijk voor meer informatie over De juiste zorg op de juiste plek (JZOJP) op www.dejuistezorgopdejuisteplek.nl.

Over de brug Het rapport ‘Over de brug; Plan van aanpak voor de behandeling, begeleiding en ondersteuning bij ernstige psychische aandoeningen’ uit 2014 is onder auspiciën van Kenniscentrum Phrenos geschreven door de Projectgroep Plan van aanpak ernstige psychische aandoeningen. Het rapport is te raadplegen via kenniscentrumphrenos.nl/kennisproduct/debrug-pva-epa/

Openstelling Wlz voor ggz-cliënten In ‘Openstelling voor ggz-cliënten: financiële gevolgen gemeenten’ geeft de VNG een overzicht van de financiële gevolgen van de overgang van cliënten van de Wmo naar de Wlz. Bekijk het overzicht via vng.nl/artikelen/openstelling-wlz-voor-ggz-clienten-financiele-gevolgengemeenten

Voorbeeld financiële regeling In het VNG-artikel ‘Gemeenschappelijke regeling is als trouwen in gemeenschap van goederen’ uit 2018 wordt ingegaan op de financiële afspraken voor Beschermd Wonen in de regio Gooi en Vechtstreek. Lees het artikel via vng.nl/sites/default/files/gemeenschappelijke-regeling-is-als_20180911.pdf

Advies over doordecentralisatie De VNG heeft een expertiseteam ingesteld om advies te geven over de beoogde doorcentralisatie van Maatschappelijke Opvang, Beschermd Wonen en Begeleiding. Het advies is in 2019 verschenen en te raadplegen via vng.nl/files/vng/brieven/2019/attachments/bijlage_1_-_advies_expertiseteam_mobwbg.pdf

30

Norm voor Opdrachtgeverschap De VNG heeft in 2020 een resolutie opgesteld waarmee leden instemmen met een Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO). Hiermee nemen gemeenten hun verantwoordelijkheid om regionale samenwerking en het opdrachtgeverschap te versterken, met het oog op een goed functionerend zorglandschap. Ook regio Oost-Veluwe gaat hiermee werken. Bekijk de NvO via vng.nl/sites/default/files/2020-06/5_resolutie_norm_voor_opdrachtgeverschap.pdf

Veerkracht in het corporatiebezit In opdracht van branchevereniging van woningcorporaties Aedes werd de leefbaarheid in wijken onderzocht. Uit de tweede meting blijkt dat de problemen in de kwetsbare wijken verder toenemen. Veel buurten staan op het punt te veranderen in probleemgebieden als nu niet wordt ingegrepen, zo blijkt uit de rapportage 'Veerkracht in het corporatiebezit' uit 2020. Bekijk het rapport via vng.nl/sites/default/files/2020-05/veerkracht-in-het-corporatiebezit.pdf

Zorginnovatie 1. Eelco Blokker is oprichter van het Sociaal Hospitaal. Hij roept woningcorporaties op om

soepeler om te gaan met kwetsbare huurders. De bestuursvoorzitter van het Amsterdamse Rochdale, Hester van Buren, reageert. Luister hun gesprek in het NPO Radio 1-programma Spraakmakers: www.nporadio1.nl/spraakmakers/onderwerpen/49359-2020-01-15-eelke-blokker-enhester-van-buren-over-sociaal-hospitaal 2. Hoe denken cliënten Beschermd Wonen over weer gaan wonen in de wijk? Dit onderzoekt Nienke Boesveldt, onderzoeker aan de Universiteit Utrecht. Ze sprak hierover met ervaringsdeskundigen in een leerbijeenkomst. Lees het verslag van de bijeenkomst: www.movisie.nl/artikel/hoe-denken-clienten-beschermd-wonen-over-weer-gaan-wonen-wijk

31

Bijlage 2: Lijst met gebruikte afkortingen

EPA

Ernstige Psychiatrische Aandoeningen

Ggz:

Geestelijke gezondheidszorg

IPS:

Individuele Plaatsing en Steun

MIJ-OV

Midden-IJssel/Oost-Veluwe, zorgregio

MO/BW Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen MPB:

Meerjarige programmabegroting

RAO

Regionaal ambtelijk overleg

RBO

Regionaal bestuurlijk overleg

VNG

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

Wfz

Wet forensische zorg

Wlz

Wet langdurige zorg

Wmo

Wet maatschappelijke ondersteuning

Zvw

Zorgverzekeringswet

32

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10049847/1