CConstaterende datBrummen
Koppel je AI →
Document · PDF

(052) Rekenkamerrapport Regiostedendriehoek Brummen

Forum Fysieke Leefomgeving 16 mei 2024, gemeente BrummenBij agendapunt: Rapport Rekenkameronderzoek Brummen Regio Stedendriehoek (informerend)31.469 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

37 / 54

goed mogelijk om te reflecteren op de ambities die moeten worden gerealiseerd. Het is dus niet aantoonbaar gemaakt dat met de programma’s en activiteiten de doelstellingen op koers liggen om gerealiseerd te worden en dat daarmee de realisatie van de ambitie op koers ligt. Daarmee is aan de eerste en de tweede norm niet voldaan. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat er niets wordt gerealiseerd. Zo worden er middelen en subsidies naar de regio gehaald, is er een woondeal gesloten en worden resultaten geboekt op de doelen van de RES en de Regio Deal. Er wordt daarnaast gewerkt aan nieuwe instrumenten om te monitoren, maar hoe deze nieuwe instrumenten gaan bijdragen aan inzicht in doelrealisatie is op dit moment nog niet te zeggen. Wel wordt de monitoring breed erkend als aandachtspunt. Norm 3. De doelrealisatie vindt plaats binnen de vastgestelde budgetten. Eventuele afwijkingen worden duidelijk onderbouwd. Aangezien de doelrealisatie niet aantoonbaar is gemaakt, is het daardoor ook lastig te zeggen of deze plaatsvindt binnen de gestelde budgetten. Daarom is in deze toetsing gekeken naar de uitvoering. Vanuit de jaarrekening komt naar voren dat er geen grote afwijkingen zijn van projecten die meer budget vragen dan verwacht.

In plaats daarvan is vooral te zien dat budgetten worden doorgeschoven naar opvolgende jaren of er is onderbesteding doordat projecten anders uitpakken dan eerder gedacht. Een overschrijding van de vastgestelde budgetten is dus niet te zien. Daarmee is aan de derde norm geheel voldaan. In de accountantscontrole van de jaarrekening van de regio 2022 zijn geen tekortkomingen geconstateerd en geen specifieke aandachtspunten geformuleerd. Kanttekening daarbij wel is dat een onderschrijding kan betekenen dat het niet lukt om projecten binnen planning uit te voeren, waardoor de projecten en de budgetten doorgeschoven moeten worden naar andere jaren. Norm 4. Raden, colleges, ambtelijke organisaties en samenwerkingspartners (ondernemers en onderwijs) zien de meerwaarde van de samenwerking in Regio Stedendriehoek. Betreffende de meerwaarde wordt deze zeker door de betrokken partijen gezien. Vooral in de laatste jaren met de ontwikkeling van de werkorganisatie en de nieuwe strategische agenda. Men geeft aan dat de ambtelijke en bestuurlijke samenwerking een meerwaarde is – zoals de korte lijnen of het kunnen delen van kennis. Het is niet te zien dat men zich wil terugtrekken uit de samenwerking. Alle betrokkenen geven aan de samenwerking belangrijk te vinden en te willen investeren in de samenwerking. Dit beeld is wel verschillend onder raadsleden.

De ene ziet meer meerwaarde in de samenwerking dan de ander. Dit komt vooral doordat raadsleden minder een beeld hebben van wat er concreet speelt, gebeurt en wordt gerealiseerd in de regio. Dit sluit aan op andere betrokkenen, die weinig concrete voorbeelden van meerwaarde zien. Deze wordt nog vooral gezien in het binnenhalen van externe budgetten en subsidies – de Regio Deal wordt vaak genoemd – en in de lobbyfunctie die de regio kan vervullen voor de betrokken gemeenten. Daar speelt de Stedendriehoek wel een belangrijke rol in, die gemeenten wellicht niet zelf – zo efficiënt of doeltreffend – kunnen vervullen. Men is nog wel terughoudend. Zo wordt benoemd dat de meerwaarde zich vooral moet gaan laten zien in de toekomst. Ook wordt benoemd dat de meerwaarde nog zichtbaarder moet worden gemaakt, met concrete voorbeelden voor ondernemers, onderwijspartners en vooral ook inwoners. Wat gebeurt er in de regio? Wat levert dat op voor de gemeente en de inwoners? Waar worden de budgetten precies aan besteed? Men ziet dus meerwaarde, maar dit moet zichtbaarder en concreter worden gemaakt om de samenwerking verder te verstevigen en legitimiteit te geven richting de raden en de inwoners. Daarmee is aan de vierde norm gedeeltelijk voldaan.

38 / 54

5. Conclusies en aanbevelingen In dit hoofdstuk presenteren wij de hoofdconclusie (hoofdboodschap) van dit onderzoek (§5.1). De deelvragen worden in de volgende paragraaf beantwoord aan de hand van deelconclusies (§5.2.) en zijn gekoppeld aan de toetsing op de normen. Tot slot worden op basis van de conclusies aanbevelingen geformuleerd; kritische randvoorwaarden voor het verder versterken van de doelrealisatie (§5.3.).

5.1. Hoofdconclusie De regio heeft de laatste jaren belangrijke stappen voorwaarts gezet. De governance is verduidelijkt. De samenwerkingsagenda wordt meer gedragen door de deelnemende gemeenten en is een stuk realistischer. De mogelijkheid om de raden meer in positie te brengen met de regionale adviescommissie wordt opgepakt. Er wordt geïnvesteerd in de werkorganisatie zodat regionale opgaven voortvarender kunnen worden opgepakt. En door de samenwerking komt de woondeal tot stand, wordt met de Regio Deal geld in de regio geïnvesteerd en worden concrete projecten verspreid over de regio uitgevoerd. De regionale samenwerking in de Stedendriehoek wordt doeltreffender en doelmatiger. Maar is nog niet doeltreffend en doelmatig genoeg. Wat dat betreft is de samenwerking volop in ontwikkeling en moeten in de toekomst de vruchten daarvan zichtbaar en geplukt worden. Een belangrijke aandachtspunt in de verdere ontwikkeling is het bouwen aan een gezamenlijk regioverhaal dat iedereen kent, herkent en vertelt. Een gezamenlijk verhaal is nodig om de gemeenschappelijke doelen en acties verder aan te scherpen en verder te concretiseren, tot een scherp en uitvoerbaar uitvoeringsprogramma. Het verhaal moet ook als onderlegger dienen voor toekomstige planontwikkeling, bijvoorbeeld op het vlak van wonen en economische structuurversterking.

Het is een feit dat deelnemende gemeenten ook samenwerken in andere regio’s en dat de regio verspreid is over twee provincies. Dat kan op onderdelen de samenwerking bemoeilijken, maar is op korte en middellange termijn niet aan te passen. Dit is een gegeven waarmee in de Stedendriehoek pragmatisch wordt omgegaan. Men geeft elkaar de ruimte en expliciteert wat op welke regiotafels wordt gedaan. Het strategisch gesprek over hoe de verwevenheid met andere regio’s kan worden benut, vindt nog beperkt plaats. In het regioverhaal verdient dit een plek. De Stedendriehoek is niet alleen een regio waarin stad en land op een vanzelfsprekende manier in balans (kunnen) worden gebracht. Het is/kan ook de verbindende schakel in Oost-Nederland zijn. Verder is het daadwerkelijk vormgeven van de raadsadviescommissie van belang om de raden meer te betrekken bij de regio. De adviescommissie moet een inhoudelijke schakel worden tussen de regio en de afzonderlijke raden. Voorkomen moet worden dat het een tafel wordt waaraan de leden alleen periodiek worden bijgepraat. De commissie moet benut worden om vroegtijdig mee te denken over ontwikkelingen, wat deze ontwikkelingen betekenen voor de raden en hoe de raden daarbij betrokken kunnen worden. Dat vraagt ook voldoende handelingsvrijheid voor de leden van de raadsadviescommissie.

Handelingsvrijheid om ook namens hun eigen raad te spreken en mee te denken. Dat vraagt vertrouwen. Vertrouwen van de rest van de raad in hun vertegenwoordiging, en vertrouwen van de raden dat in de raadadviescommissie de goede dingen gebeuren en worden besproken. Zonder daarbij – uiteraard – de

39 / 54

besluitvorming in de eigen raad aan te tasten. Eigen besluitvorming dient het uitgangspunt te blijven, ook wanneer wordt gewerkt met een raadsadviescommissie die meedenkt en mede de regio vormgeeft. Tevens moeten de investeringen in de werkorganisatie zich gaan uitbetalen in een duidelijke programmatische sturing op de regionale opgaven. Dit vergt regionale inzet, maar ook verbinding en samenwerking met de afzonderlijke ambtelijke organisaties van de gemeenten. Daarvoor dient de samenwerking en de programmateams/werkgroepen adequaat te zijn. Daar moet de ambtelijke samenwerking vorm krijgen en moeten werkafspraken worden gemaakt. Het overleg van gemeentesecretarissen vervullen in de coulissen een belangrijke rol bij het op gang houden en krijgen van deze ambtelijke samenwerking. Eveneens is de governance in opzet zichtbaar verbeterd met een eenduidige aansturing en governance. Er is geen sturing meer vanuit de board én vanuit de GR. Dat maakt het mogelijk en noodzakelijk om te investeren in het betrekken en versterken van ondernemersnetwerken. Deze netwerken en de verbinding daarmee moeten op lokaal niveau op orde zijn zodat je dat op regionaal niveau kunt verbinden. De organisatiegraad van deze ondernemerswerken en de betrokkenheid daarvan bij de regio zijn momenteel nog niet op orde.

Ten slotte, de investeringen – niet alleen in geld – in de Stedendriehoek moeten zich ook gaan vertalen in resultaten. Al zijn dit resultaten die niet per se te duiden zijn per gemeente. Concreet de meerwaarde bepalen voor specifiek Apeldoorn of Deventer, bijvoorbeeld, is niet makkelijk. De resultaten en meerwaarde zijn vaak regionaal, zoals de woondeal of het regio-arrangement. Dat maakt dat raadsleden het soms lastig vinden om goed te duiden wat de meerwaarde is van de regio, omdat toch vaak naar de meerwaarde voor de eigen gemeente wordt gekeken. Terwijl er wel degelijk meerwaarde wordt gerealiseerd. Deze meerwaarde moet niet alleen worden gerealiseerd, maar zeker ook zichtbaar worden gemaakt voor zowel raadsleden, inwoners, ondernemers als maatschappelijke organisaties.. Het tonen van de meerwaarde van de regionale samenwerking verstevigt het fundament voor de samenwerking bij de raden en in de samenleving. Daarbij is het van belang dat men verder kijkt dan alleen de meerwaarde voor de eigen gemeente. Niet alle projecten zullen evenveel meerwaarde hebben voor álle deelnemers. Dat betekent niet dat die projecten niet moeten worden uitgevoerd, maar dat het dus ook van belang is en vruchtbaar kan zijn om projecten te ondersteunen die vooral elders in de regio meerwaarde hebben.

En samenwerking betekent verder kijken dan de eigen grenzen: meerwaarde in een gemeente realiseren betekent meerwaarde voor de gehele regio.

5.2. Deelconclusies Waarom wordt er samengewerkt? Binnen de samenwerking en de gemeenten wordt breed erkend dat samenwerking nu en in de toekomst van belang is. Gemeente-overstijgende vraagstukken en vraagstukken vanuit het Rijk en de provincie maken dat samenwerking noodzakelijk is en blijft. De samenwerking in de Stedendriehoek heeft vorm gekregen middels een strategische agenda. De meest recente agenda maakt een slag in de concreetheid van de ambities, en is realistischer, ten opzichte van de vorige agenda. Maar er zijn nog stappen nodig om de agenda goed richting te laten geven aan de samenwerking. Dat zit vooral in het ontbreken van regionale verhaal. Dit is gegroeid, maar wordt nog niet breed gedragen en verteld. Dit maakt dat er nog beperkt een concrete stip aan de horizon is waar men in de samenwerking naar toe wil werken, en waar men zich volledig aan kan committeren. Een lastig punt daarin is de binding die gemeenten ook hebben met andere regio’s waar activiteiten plaatsvinden.

40 / 54

Het ontbreken van dit regionale verhaal en de stip aan de horizon maken ook dat de raden beperkt beeld hebben bij de regio en de ambities die hierin worden nagestreefd. Hetzelfde geldt voor de ondernemers en de onderwijspartijen waarmee wordt samengewerkt. Hoe wordt er samengewerkt? Vanaf januari 2024 wordt gewerkt met een nieuwe organisatiestructuur, met één werkorganisatie. Dit is een wijziging ten opzichte van de eerdere structuur, waarbij de regio werd aangestuurd door zowel het dagelijks bestuur als de Strategische Board. Dit was een situatie die werd gezien als onlogisch, lastig uit te leggen en niet slagvaardig. Op papier lijkt de nieuwe structuur daar verandering in te kunnen brengen. Met de nieuwe structuur van de Strategische Board – dat een adviserende rol krijgt – wordt gehoopt op een betere vertegenwoordiging van de ondernemers en onderwijspartijen in de samenwerking. Al moeten de voordelen van het werken in de nieuwe structuur in de praktijk nog blijken. Aandachtspunt daarin blijft de capaciteit, zowel mensen als middelen. Vooral ook bij de gemeenten. Ook de betrokkenheid van de raden gaat veranderen. Met de wijziging in de Wgr wordt een raadsadviescommissie ingesteld om de raden eerder en meer te betrekken bij de regio. Deze commissie moet nog verder vorm gaan krijgen. Zo is nog niet inzichtelijk of de commissie een adviserende of meer informerende rol krijgt.

Een meer adviserende rol zou de raden meer in positie brengen om de kaderstellende en controlerende rol in te vullen, maar vraagt een goede organisatie en voldoende handelingsvrijheid voor de deelnemende raadsleden. Wat levert de samenwerking op? Voorop staat dat geen van de deelnemers uit de samenwerking wil stappen; men ziet de meerwaarde van het samenwerken. Vooral gelet op de rol die de regio moet pakken richting provincie en Rijk, en de lobbyfunctie die de regio kan vervullen. Wel wordt de verdere meerwaarde van de regio nu op papier niet goed zichtbaar gemaakt. Monitoring gebeurt op activiteitenniveau, dus het is lastig om te bepalen of de ambities en doelen worden gerealiseerd. Daarmee is niet inzichtelijk wat er in de regio wordt gedaan. Gelet op de grote ambities uit de vorige agenda, zijn deelnemers het er wel over eens dat daar in ieder geval weinig van is gerealiseerd. Al betekent dat zeker niet dat er ook niets wordt gedaan. De Regio Deal, de innovatiecoöperatie of de woondeal zijn resultaten die op regionaal niveau worden geboekt. Voor raadsleden zijn deze resultaten – ook door de beperkte monitoring – niet goed zichtbaar. Zij vinden het lastig om te zeggen wat de meerwaarde is, waardoor de regio ook wordt beleefd als een ‘ver van mijn bed’-show.

Zij gaan dan ook vooral op zoek naar meerwaarde voor hun eigen gemeente: wat wordt er in mijn gemeente gedaan en wat merken mijn inwoners daarvan? Doordat de resultaten nu nog vooral regionaal zijn, is de vertaling naar de lokale meerwaarde lastig te maken. Het is dan ook de wens – ook vanuit de regio – om meer verhalend te rapporteren over meerwaarde, ook richting de inwoners. In dat kader wordt dit jaar gewerkt aan nieuwe monitoringsinstrumenten.

5.3. Aanbevelingen Aanbeveling 1. Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – vorm te geven aan het regioverhaal. De Regio Stedendriehoek heeft de potentie om op te treden als verbindende schakel in Oost-Nederland. Wat daarvoor nodig is, is een gedragen en gedeeld regioverhaal. Waar willen we heen met de regio? Wat is onze stip op de horizon? En wat betekent dat voor prioritering van activiteiten of projecten? Dit verhaal moet worden ontwikkeld, en vervolgens eenduidig worden uitgedragen. Door bestuurders, maar zeker ook door raadsleden. De regio zet stappen om te komen tot het regioverhaal, maar moet dit nog verder ontwikkelen. Geef daarom als raad opdracht aan het college om deze

41 / 54

ontwikkeling verder door te zetten, en borg daarbij dat er ook aandacht wordt besteed aan de verbinding met andere samenwerkingsverbanden en andere regio’s als Twente, Zwolle en de Achterhoek. Gebruik dit regioverhaal om de gemeenschappelijke doelen en acties verder aan te scherpen tot een meer concreet, uitvoerbaar en controleerbaar programma van activiteiten. Leg dit programma vervolgens voor aan de gemeenteraden. Aanbeveling 2. Ga als raad de samenwerking aan met andere raden om te zorgen dat de raadsadviescommissie de goede vorm krijgt. De raadsadviescommissie kan een goed middel zijn om de raden eerder en aan de voorkant te betrekken. Vanuit de nieuwe Wgr heeft de raad hier mogelijkheden toe gekregen. Wel is het noodzakelijk dat de raadsadviescommissie goed vorm krijgt. Niet alleen als afstemming of om informatie te delen, maar ook in een adviserende rol. De deelnemende raadsleden kunnen bijvoorbeeld namens hun eigen raad meedenken over kaders en adviseren over projecten en prioritering ten behoeve van het uitvoeringsprogramma. En hun raad informeren over wat er gebeurt binnen de regio, aanvullend op de informatievoorziening vanuit het college en de regio zelf. Immers, een adviescommissie is geen vervanging voor de formele informatievoorziening. Waarbij wel duidelijk moet worden gemaakt dat de raadsadviescommissie niet gaat over inhoudelijke aspecten.

Er worden dan ook geen besluiten genomen. Immers, een adviescommissie is ook geen vervanging voor de besluitvorming in de eigen gemeente en de eigen raad. De leden van de raadsadviescommissie dienen wel mandaat te krijgen vanuit hun raad om mee te denken over de informatievoorziening. De raadsadviescommissie kan ook meedenken over passende betrokkenheid van de raden bij verschillende trajecten. Immers, betrokkenheid bij een concreet project als de fietssnelweg zal anders zijn dan betrokkenheid bij een traject als het regioarrangement. Maak vanuit de raadsadviescommissie afspraken met het dagelijks bestuur over de gewenste betrokkenheid van de raden bij de verschillende trajecten die worden ontplooid in de regio. Borg daarbij wel dat de raadsadviescommissie niet in een te operationele rol vervalt. Zorg er daarnaast voor dat de raadsadviescommissie goed wordt ondersteund vanuit de griffies en de ambtelijke apparaten van de verschillende gemeenten. Denk over het bovenstaande samen als raden na, actief, aanvullend op het traject wat reeds loopt voor de totstandkoming van de adviescommissie. Aanbeveling 3. Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – de programmatische sturing door te ontwikkelen. Borg daarbij dat de werkorganisatie niet te veel op afstand komt te staan van de ambtelijke organisaties van de gemeenten.

De wijze waarop de uitvoeringsagenda programmatisch is aangevlogen is passend voor de activiteiten en projecten die worden uitgevoerd. Maar deze sturing moet wel verder worden doorontwikkeld. Het moet duidelijk zijn hoe de verschillende overleggen zich tot elkaar verhouden en wat ervoor nodig is om deze overleggen goed vorm te geven. Denk aan het inbouwen van voldoende tijd om de portefeuillehouders te informeren, of het afspreken van termijnen voor het aanleveren van stukken. Daarnaast moet de verbinding tussen de regio-organisatie en de verschillende ambtelijke organisaties goed zijn. Er moet daarbij worden voorkomen dat de regio teveel op afstand komt te staan van de gemeenten, doordat meer taken door de regio worden opgepakt. Het is en blijft van belang dat de ambtelijke organisaties goed blijven aangehaakt bij wat er gebeurt in de regio, en wat dat betekent voor de desbetreffende gemeente. Met de ontwikkeling naar één werkorganisatie wordt hierin een stap gezet, maar borg dat deze ontwikkeling ook wordt doorgezet. Maak daarover werkafspraken binnen de programmateams. Borg daarnaast in de samenwerking dat de gemeentesecretarissen goed blijven aangehaakt. Dit is nodig voor de schakelfunctie tussen de ambtelijke organisatie en het bestuur. Ook hebben de gemeentesecretarissen goed beeld van hun eigen organisatie, bijvoorbeeld in

42 / 54

knelpunten die ontstaan in uitvoering en capaciteit en de effecten hiervan op de realisatie van de regionale projecten. In het gemeentesecretarisoverleg kan worden besproken hoe de regio een rol kan spelen in het oplossen van deze knelpunten. Aanbeveling 4. Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – te werken aan het betrekken van ondernemers bij de samenwerking. Met de nieuwe structuur van de Strategische Board is de hoop – en de verwachting – dat ondernemers sterker worden aangehaakt bij de samenwerking en actief onderdeel worden van de Board. En dat ondernemers meer de meerwaarde gaan zien van samenwerking in de regio. Met het sterker aanhaken van ondernemers kunnen ook hun netwerken beter worden benut. Ondernemers hebben brede netwerken, zowel lokaal als in de regio. De ondernemers die onderdeel uitmaken van dit netwerk kunnen bijdragen aan het uitvoeren van de regionale doelen en ambities, maar zijn nog niet direct in de samenwerking vertegenwoordigd. Zij kunnen worden bereikt via ondernemers die wél onderdeel uitmaken van de Board. Werk als colleges dan ook samen aan het benutten en versterken van deze netwerken zodat de regionale doelen en ambities op een meer slagvaardige en efficiënte wijze kunnen worden bereikt. Aanbeveling 5.

Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – resultaten en meerwaarde voelbaar en zichtbaar te maken en uit te dragen. De monitoring van de regio laat nu nog te wensen over. Successen en resultaten worden beperkt gemonitord en te beperkt zichtbaar gemaakt. Daardoor staat de regio teveel op afstand van de raden, en daarmee ook van inwoners. Geef als raad opdracht aan het college om de ingezette ontwikkeling van monitoringsinstrumenten door te zetten en om daarmee resultaten en meerwaarde zichtbaar te maken. Laat herkenbaar terugkomen wat de bijdrage is van de regio aan projecten en tot welke resultaten dit leidt. Maak daarbij voor de projecten die niet voor elke gemeente direct van nut zijn toch zichtbaar waarom het project van meerwaarde is voor de gehele regio. Resultaten zijn namelijk niet altijd te duiden op het niveau van de individuele gemeenten. Het bepalen van de projecten waaraan wordt gewerkt zou ook niet afhankelijk moeten zijn van de vraag of het resultaat oplevert voor élke gemeenten, maar van de vraag welke meerwaarde het project heeft voor de hele regio. Deze meerwaarde moet vervolgens wel zichtbaar worden gemaakt voor de raadsleden en inwoners. Borg dat de resultaten en meerwaarde vervolgens ook worden uitgedragen middels een communicatieplan.

Een versterkte monitoring en communicatie laat echter onverlet dat de primaire verantwoordelijkheid voor informatievoorziening over de regio – zowel kaderstellend als controlerend – blijft liggen bij de eigen colleges en komt niet bij de regio te liggen. Het is van belang dat over de gewenste informatievoorziening duidelijke afspraken worden gemaakt tussen de raad en het college. Aanbeveling 6. Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – een plan van aanpak te maken voor het opvolgen van de aanbevelingen en hierover periodiek terug te koppelen. Het college is – namens de raden – verantwoordelijk voor de Regio Stedendriehoek. En daarmee voor het opvolgen van bovenstaande aanbevelingen, in de eigen gemeenten en in de regio. Geef als raad opdracht aan het college om in Stedendriehoek-verband met de andere colleges te bespreken hoe opvolging wordt gegeven aan de aanbevelingen in dit rapport. Borg daarbij dat het college ingaat op de verschillende verantwoordelijkheden en de termijn die benodigd is om de aanbevelingen op te kunnen volgen. Geef daarbij als raad opdracht aan het college om deze plannen te vatten in een plan van aanpak. Leg dit plan van aanpak voor aan de gemeenteraden, en te zijner tijd de formele raadsadviescommissie. Informeer de raadsadviescommissie periodiek over de voortgang van het plan.

Borg daarbij ook dat de regio over twee jaar opnieuw wordt geëvalueerd. Op dat moment is de nieuwe werkorganisatie van kracht, is de raadsadviescommissie gevormd en wordt uitvoering gegeven aan de nieuwe strategische agenda. Evalueer daarom over twee jaar of de werkorganisatie, raadsadviescommissie en strategische

43 / 54

agenda hebben geleid tot de beoogde verbeteringen die ten grondslag lagen aan de verandering van de governance en de nieuwe Wgr.

44 / 54

Bijlage I | Overzicht van geïnterviewde personen

Interviews Apeldoorn Bestuursadviseur Concernstrateeg Gemeentesecretaris Burgemeester Wethouder economie, brede welvaart en veiligheid Brummen Gemeentesecretaris Manager strategie advies financiën Programmamanager klimaat en duurzaamheid Wethouder Onderwijs, Jeugd, Wonen, Gezondheidszorg, Wmo, Welzijn, Bibliotheek, Laaggeletterdheid Wethouder Financiën, Grondexploitaties, Openbare Ruimte, Afval en circulariteit, Economische Zaken, Eerbeek Loenen 2030, Ruimte voor Eerbeek. Centrumplan Brummen Wethouder Ruimtelijke Ordening, Omgevingswet, Mobiliteit, Biodiversiteit, Duurzaamheid & Klimaat Burgemeester Deventer Adviseur public affairs Regiemanager Wethouder Regionale Samenwerking Burgemeester Epe Strateeg ruimte Bestuursadviseur Wethouder Ruimte, Wonen en Verkeer Wethouder Energietransitie Wethouder Regionale Samenwerking Burgemeester Heerde Regionaal strateeg Gemeentesecretaris Burgemeester Lochem Beleidsmedewerker milieu

45 / 54

Afdelingshoofd ruimte Gemeentesecretaris Wethouder Economie, Recreatie en toerisme, Mobiliteit, Bestuurlijke vernieuwing Burgemeester Voorst Senior vakgroep ruimte Senior vakgroep juridische administratieve ondersteuning en veiligheid en handhaving Burgemeester Zutphen Bestuursadviseur Financieel adviseur Gemeentesecretaris Wethouder cultuur, erfgoed en culturele evenementen, verkeer, natuur en klimaat, water, openbare ruimte, bedrijfsvoering, dienstverlening en ICT, vakonderwijs en arbeidsmarkt Wethouder werk, inkomen en armoedebestrijding, financiën en inkoop, inclusiviteit, wijkregie en energietransitie Ondernemers Zelfstandig ondernemer en hoofd Apeldoorns Business Collectief Directeur Ondernemershuis Deventer Directeur Hollander Techniek Onderwijs Hoofd onderwijs Aventus Relatiemanager Aventus Programmamanager veiligheid en digitalisering Saxion Bestuurslid Wittenborg Directeur Saxion Staf Projectsecretaris RES Bestuursadviseur Manager bedrijfsvoering Secretaris Case: AGRO Innovatie Coöperatie Programmamanager Projectleider circulair bouwen Case: woondeal Planontwikkelaar gemeente Voorst Beleidsmedewerker wonen gemeente Voorst Programmamanager wonen Adviseur wonen gemeente Apeldoorn Beleidsadviseur wonen gemeente Zutphen

46 / 54

Raadssessies Apeldoorn 6 raadsleden/fractievertegenwoordigers Brummen 7 raadsleden Deventer 8 raadsleden Epe 13 raadsleden/fractievolgers Heerde 4 raadsleden/steunfractieleden Lochem 3 raadsleden Voorst 7 raadsleden/fractievertegenwoordigers Zutphen 2 raadsleden

47 / 54

Bijlage II | Overzicht van projecten en activiteiten62 Programma slimme groene verstedelijking Doel: 24.000 nieuwe woningen en verduurzamen bestaande wijken Activiteiten: • Sluiten we een woondeal met het Rijk. • Monitoren we de voortgang van nieuwbouw bij gemeenten. • Zorgen we voor passende woonruimte voor (tijdelijke) arbeidsmigranten en andere doelgroepen. • Werken gemeenten, woningcorporaties en ondernemers aan impactvol circulair aanbesteden en circulair bouwen • Voeren we een gebiedsgerichte aanpak voor nieuwe en bestaande wijken om energietransitie en klimaatadaptatie te realiseren. • Onderzoeken we de effecten van klimaat en groen op de gezondheid in de steden. • Experimenteren we met de toepassing van nieuwe grondstoffen en lokale en/of biobased producten. • Maken we afspraken met lokale bouwers over klimaatadaptief, natuurinclusief en circulair bouwen. • Passen gemeenten mobiliteitsoplossingen toe volgens het STOMP-principe1. • Onderzoeken we actief financieringsmogelijkheden via het investeringsplatform Stedendriehoek om bovenstaande doelen te realiseren. • Denken we samen met de provincies Gelderland en Overijssel na hoe het eigendom en de exploitatie van publieke warmtenetten het beste kan worden georganiseerd. • Stimuleren we de verduurzaming van bedrijven en maatschappelijk vastgoed.

Doel: versterken stationsgebieden Activiteiten: • Versterken we de ontwikkeling van De Kien in Deventer en de Spoorzone in Apeldoorn, waaronder het Centrum voor Veiligheid en Digitalisering. • Bieden we ontwikkelruimte aan onze regionale onderwijspartijen. • Versterken we in de regio de interactie tussen studenten, docenten, onderzoekers en het bedrijfsleven ten behoeve van onze regionale opgaven. • Stimuleren we impactvol ondernemen door startups en scale-ups te ondersteunen. • Realiseren we voldoende studenten- of jongerenhuisvesting via het regionale woningbouwprogramma. • Zetten we in op een goede bereikbaarheid: een versnelling van de Berlijn-trein, het goederenvervoer zo snel mogelijk van het bestaande tracé af en het intensiveren van het personenvervoer op de bestaande spoorlijn door onze regio. • Creëren we een lerend district rondom de Kien en het Centrum voor Veiligheid en Digitalisering ten behoeve van maatschappelijke opgaven die samen komen in de leefomgeving. Doel: goede bereikbaarheid voor inwoners en bedrijven Activiteiten: • Verkennen we opties voor bovenlokale deelmobiliteit. • Zetten we in op een betere doorstroming op de A1-corridor (deel Apeldoorn-Barneveld) en een Bus Rapid Transit A50 (Zwolle-Apeldoorn-Arnhem).

62

Uitvoeringsagenda 2023-2030.

48 / 54

• • •

• • •

Ontwikkelen we een gevarieerd stelsel van mobiliteitshubs. Ontwikkelen we een fietsvisie met hoogwaardige regionale fietsroutes. Lobbyen we voor meer personenvervoer over de bestaande spoorlijnen in onze regio: bevorderen personenvervoer Oost-West corridor, noord-zuid-corridor (verdubbelen spoor Olst-Deventer) en verplaatsen van goederenvervoer. Stimuleren we het gebruik van waterstof voor zowel particulieren als vrachtverkeer. De A50 verbindt onze regio met de buitenring van steden rondom de Randstad van Eindhoven/Den Bosch, Nijmegen/Arnhem en Zwolle. Wij steunen verbetering van deze buitenring en richten ons speciaal op het deel Zwolle-Apeldoorn-Arnhem. Wij werken aan de uitvoering van ons Position Paper, de aanleg van een goede fietsverbinding Apeldoorn-Zwolle en lobby voor structurele verbetering aan weg en spoor.

Programma vitaal landelijk gebied Doel: gezond en robuust water- en bodemsysteem Activiteiten: • Werken we samen met onze achterbannen aan een gezond en robuust water- en bodemsysteem. • Maken we een gebiedsgerichte vertaling van het Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG). Voor Deventer loopt dit via het PPLG Overijssel (Gebiedstafel Salland). • Brengen we in beeld hoe klimaat, water en bodem sturend zijn in de ruimtelijke inrichting van het landelijk gebied. • Maken we ‘massa’ van lokale initiatieven die gericht zijn op gezonde bodem en klimaatadaptatie. • Zoeken we naar verdien-, en bedrijfsmodellen rondom bodem- en watersystemen. We bieden experimenteerruimte en pilots. Doel: leefbaar landelijk gebied Activiteiten: • Realiseren we voor jongeren een betaalbaar woningaanbod in onze dorpen en zetten we in op geschikt woningaanbod voor ouderen om langer zelfstandig wonen in de dorpen mogelijk te maken. • Bieden we ruimte voor alternatieve invullingen van leeggekomen agrarisch vastgoed. • Verkennen we hoe we de bereikbaarheid van onze kernen op peil houden. • Zetten we in op het behoud van (streek)buslijnen en beschikbaarheid van het OV en op een samenhangend netwerk van recreatieve verbindingen in de regio. Doel: hoge landschappelijke kwaliteit Activiteiten: • Brengen we het watersysteem en het huidige en gewenste landschappelijke netwerk in beeld.

• Inventariseren we de gewenste verbindingszones vanuit de gemeentes voor versterking van de groenblauwe dooradering. • Stemmen we regionaal af bij afwegingen met een grote (ruimtelijke) impact op het landelijk gebied. • Werken we samen aan gemeente overstijgende landschapsverbetering en versterken van de biodiversiteit, zoals brongebied Grote Wetering (IJsselvallei) en A1 miljoen bomen. • Zoeken we als regio actief naar koppelkansen voor landschapsversterking bij de opgaven die er liggen. Doel: perspectief voor agrarisch ondernemerschap Activiteiten: • Ondersteunen we ondernemers via de Innovatie Coöperatie bij het realiseren van innovatieve ideeën die bijdragen aan toekomstbestendige bedrijfsmodellen en natuurinclusieve bedrijfsvoering.

49 / 54

• •

• •

• • •

Organiseren we een loketfunctie voor agrariërs en bedrijven uit de agrofood keten voor vraagstukken aangaande de landbouwtransitie. Ontwikkelen we prototypes van toekomstbestendige bedrijfsmodellen die bijdragen aan de transitie van de landbouw. We denken hierbij onder andere aan extensivering, duurzame toepassing en teelt van eiwit, biobased bouwmaterialen en neventakken zoals zorg, energie, lokaal voedsel, recreatie, agro-toerisme. Vertalen we de ontwikkelde prototypes en rollen we deze uitrollen naar de praktijk. Hierbij faciliteren wij kennisdeling en begeleiding door experts in de vorm van agrarische studiegroepen en kennisnetwerken. Versterken we de natuurinclusieve bedrijfsvoering in een robuust landschap door inzet van scholing over een gezonde bodem en natuurinclusieve landbouw, versterken we het netwerk en de ondersteuning van samenwerkingsverbanden. Stimuleren we de overstap naar kringlooplandbouw en doorgroei naar biologische landbouw. Ondersteunen we de realisatie van een agritechniekhub waarbij de loonwerk- en mechanisatiebedrijven een belangrijke rol krijgen in de agrarische transitie en ontwikkeling van het buitengebied. Leveren we input voor het uitvoeringsprogramma van de provincie Gelderland onder het VLGG (vitaal landelijk gebied Gelderland) en het PPLG (Provinciaal Programma Landelijk Gebied) via diverse opgavetafels: Veluwe, Achterhoek en West Overijssel.

Dit samen nemen we tevens mee in ons regioarrangement.

Doel: duurzaam voedselsysteem Activiteiten: • Zetten we in op consumentenbewustwording rondom korte voedselketens. • Versterken we het netwerk van korte ketenproducenten en afnemers. • Werken we aan het vergroten van aantal (onbemande) verkooppunten voor lokale producten. • Werken we aan projecten gericht op de eiwittransitie (zowel voor dierlijk veevoer als humane consumptie). • Stimuleren we initiatieven waarin consumentleden zich verbinden aan het afnemen van de producten van één of meerdere boeren of producenten. • Stimuleren we het gebruik van lokale producten in de institutionele markt (ziekenhuizen, instellingen) en in de bedrijfscatering bij overheden en bedrijven, onder meer door bewustwording en ondersteuning bij aanbestedingstrajecten.

Programma regionale economie van de toekomst Doel: ruimte voor werk door uitbreiding van bedrijventerreinen Activiteiten: • Ontwikkelen we de regionale visie ‘Ruimte voor Werk’. • Stellen we een bedrijvenprognose 2030-2040 op met daarin de kwalitatieve en kwantitatieve vraag naar ruimte voor bedrijven. • Maken we afspraken over de uitbreiding van bedrijventerreinen in 2030, met een doorkijk naar 2040. Doel: toekomstbestendige bedrijventerreinen en werklocaties Activiteiten: • Verkennen we in 2023 op welke bedrijventerreinen het realiseren van parkmanagement kansrijk is om een impuls te geven aan het verduurzamen van bedrijventerreinen. • Faciliteren en ondersteunen we bedrijventerreinen met het ontwikkelen van smart energy hubs (decentrale opwek, opslag en distributie van energie) en bouwen daarin een kennispositie op, ook als het gaat om de gemeentelijke rolneming in dergelijke decentrale energiesystemen • Helpen we bedrijventerreinen met verduurzaming, herstructurering, revitalisering en beveiliging.

50 / 54

• •

Vergroten we de organisatiegraad en participatiegraad van bedrijventerreinen en werklocaties. Voeren we lobby voor capaciteitsvergroting en verzwaring van het (energie)netwerk.

Doel: een veerkrachtige arbeidsmarkt Activiteiten: • Ontwikkelen we in 2023 met onze achterbannen een human capital agenda voor groei in groene en digitale vaardigheden die onze economie versterken. • Leveren we in 2023 actieplannen op voor impactvol ondernemen, groene en digitale groei, zodat bedrijven en beroepsbevolking inzicht krijgen in de behoefte aan kennis en innovatie. • Bieden we een podium aan het regionale bedrijfsleven om met kansrijke activiteiten jonge mensen te binden en te boeien. • Stimuleren we het creëren van extra stage-, leerwerken ervaringsplekken voor het opleiden van studenten beroepsonderwijs, zowel binnen bedrijven als in techniekhubs of fieldlabs. • Faciliteren we de groei van intersectorale mobiliteit en het versterken van posities op de arbeidsmarkt. • Ondersteunen we de vorming van specifieke leergemeenschappen waarin bedrijven, werkenden, studenten en kennisinstellingen samen oplossingen ontwikkelen voor de uitdagingen van de toekomst • Wij stimuleren dat inwoners en bedrijven weten waar ze terecht kunnen voor vragen over een leven lang ontwikkelen door regionaal aan te sluiten bij lobby. • Steunen we de lobby voor ruimte in capaciteit en regelgeving voor de onderwijsinstellingen om zich in te kunnen zetten voor de regio.

Doel: logistiek ecosysteem A1/IJssel Activiteiten: • Bouwen we verder aan een regionaal netwerk van bedrijven, overheid en onderwijs voor de aanpak van opgaven die op de logistiek afkomen. • Leveren we in 2023 een actieplan op om de logistieke arbeidsmarkt te versterken. • Voeren we een pre-verkenning uit voor het verlengen van de Prins Bernardsluis Deventer voor een Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport. • Faciliteren we de realisatie van clean energy hubs voor logistiek • Zorgen we voor de inzet van een logistiek kennismakelaars, die ondernemers en hun samenwerkingsverbanden ondersteunt bij het toepassen van slimme en schone logistieke oplossingen. • Zetten we samenwerking binnen Port of Logistics Overijssel voort. • Lobbyen we bij het Rijk met betrokken partijen voor: o Aanpak IJsselbruggen Zutphen. o Verbeteren havens en kades in Lochem. o Verbeteren bereikbaarheid havens Deventer en Zutphen. o Vervanging Prins Bernardsluis Deventer. o Verkennen we de haalbaarheid van een derde IJsselbrug bij Zutphen bij bedrijventerrein De Mars. De derde IJsselbrug richt zich op een betere regionale doorstroming van het verkeer, het beter verbinden van de verschillende provinciale wegen rondom Zutphen, de leefbaarheid van de woonomgeving en de economische versterking van de regio.

Doel: kweekplaatsen voor groene, digitale en impactvolle groei in het MKB Activiteiten: • Werken de gemeenten Apeldoorn en Deventer samen aan het uitbouwen van een regionale mkbondersteuningsinfrastructuur.

51 / 54

• • • • • • • •

Verkennen we in 2023 de behoeften en mogelijkheden om enkele plaatselijke stimuleringspilots (bijvoorbeeld Cybersmart, Digismart en SDGsmart) te ontsluiten voor ondernemers in de gehele regio. Stimuleren we dat ondernemers meedoen rondom hubs, fieldlabs etc. gericht op digitalisering en verduurzaming. Helpen we bedrijven met het implementeren van slimme en schone mobiliteit. Stimuleren we deelname van bedrijven aan acties die bijdragen aan verduurzaming van woon-werkverkeer en werk-werkverkeer. Lobbyen we voor een versterkte rol van steden en regio’s om samen met onze achterban het mkb te kunnen versterken. Helpen we bedrijven om circulaire bedrijfsvoering te implementeren. Stimuleren en ondersteunen we ondernemers die werk willen maken van de Sustainable Development Goals en het professionaliseren van hun verdienmodel op het gebied van impact ondernemen met startup en scaleup programma’s en makelaars met mandaat.

52 / 54

Bijlage III | Korte beschrijving cases 1. De Innovatie Coöperatie De Innovatie Coöperatie ondersteunt agrariërs en andere MKB-ondernemers uit de agrofoodsector bij het realiseren van hun innovatieve ideeën. Het doel van het project is om te werken aan een groeiende economie, een aantrekkelijke werkomgeving voor jong talent en een fraai, schoon en biodivers buitengebied. Hiervoor wordt directe ondersteuning geboden via de inzet van innovatiemakelaars, het organiseren van inspiratie en het bouwen van relevante en ondersteunende netwerken. Hiermee geeft dit project gericht mede invulling aan de actielijn ‘Groene Groei’ van de Regiodeal.63 De deelnemende gemeenten zijn Lochem, Apeldoorn, Zutphen, Voorst, Brummen, Heerde en Epe. De Innovatie Coöperatie is een juridisch zelfstandig orgaan met een eigen bestuur en functioneert daarmee zelfstandig.

Met dit project worden de volgende resultaten nagestreefd: - De Innovatie Coöperatie functioneert als regionale organisatie gericht op het aanjagen en ondersteunen van duurzame en economische ideeën en het faciliteren van agrariërs en mkb-ondernemers bij het realiseren van hun duurzame economische ambities - Minimaal 60 ondernemers zijn ondersteund bij het realiseren van hun innovatieve ideeën - Minimaal 200 ondernemers en stakeholders geïnspireerd en geactiveerd - Minimaal 10 netwerkpartners zijn aangesloten bij De Innovatie Coöperatie en er is een functionerende innovatieraad.

2. Woondeal Met de provincie Gelderland zijn op basis van het provinciaal bod van 29 september 2022 afspraken gemaakt over het Gelderse aandeel in de nationale opgaven. Deze afspraken zijn ondertekend op 13 oktober 2022. Het gaat daarbij om de realisatie van totaal 100.000 woningen in de periode tot en met 2030, waarvan minimaal 60% betaalbaar inclusief minimaal 28% sociale huurwoningen. Aan deze aantallen zijn randvoorwaarden verbonden op het vlak van investeringen in bereikbaarheid, dekking van onrendabele toppen, ambtelijke capaciteit en stikstofruimte. In de regionale woondeal wordt een doorvertaling naar gemeenten gemaakt van deze afspraken tussen Rijk en provincie. De gemeenten zetten zich, in samenwerking met corporaties en marktpartijen, in voor de realisatie van de opgave. Het gaat in de regio Stedendriehoek (exclusief gemeente Deventer) om de realisatie van in totaal 17.000 huizen in de periode tot en met 2030 als bijdrage aan de provinciale en nationale opgave, waarvan 70% betaalbaar en inclusief minimaal 30% sociale huurwoningen.64

63

Projectaanvraag – De Innovatie Coöperatie, april 2021

64

Regionale woondeal 2022 - 2030

53 / 54

TwynstraGudde adviseert overheid en bedrijfsleven op veel van de grote en urgente thema’s van deze tijd. Denk aan veiligheid, diversiteit, digitalisering, mobiliteit, duurzaamheid, energie, financiën en gezondheid. We bieden onze opdrachtgevers unieke, werkbare oplossingen en brengen complexe projecten en programma’s tot een goed einde. Iets creëren van blijvende waarde, daar gaan we voor. Daardoor hebben we een directe impact op (toekomstige) maatschappelijke en economische ontwikkelingen. En dus een grote impact op morgen.

Beelden per gemeente - Brummen Financiën 2024

Financiële bijdrage, op basis van inwoneraantal december 2022 (CBS) 2025 2026

2027

Bijdrage: € 8,75 per inwoner

Bijdrage: € 9,21 per inwoner

Bijdrage: € 9,69 per inwoner

Bijdrage: € 10,19 per inwoner

€ 182.839

€ 192.350

€ 202.361

€ 212.897

Meerwaarde Ambtelijke organisatie

Bestuurlijk

Gemeenteraad

De geïnterviewde medewerkers van

De geïnterviewde bestuursleden zien

De geïnterviewde raadsleden zien

de

meerwaarde in het kunnen gebruik

meerwaarde in het regionaal kunnen

meerwaarde op een aantal vlakken,

maken van elkaars kennis en

oppakken

zoals het in de regio kunnen bouwen

netwerk en het kunnen binnenhalen

overstijgende opgaven en het daarbij

aan een netwerk om zo met de

van subsidies. Daarnaast zien zij

kunnen

andere

gemeenten

concrete meerwaarde in het

gemeente

opgaven

te kunnen oppakken. Er

realiseren van de Woondeal en de

Daarnaast zien zij meerwaarde in het

RES.

versterken van de lobbykracht, het

wordt

ambtelijke organisatie zien

meerwaarde

ingewikkelde gezien

in

van verdelen

gemeentewat

wordt

in

welke

opgepakt.

concrete resultaten als het realiseren

realiseren van schaalvoordelen en

van de Regiodeal en de RES.

dat er geleerd kan worden van andere gemeenten.

Belangrijkste lessen volgens betrokkenen Wat moet er vooral worden behouden? Betrokkenen benoemen een samenwerkingscultuur met goede energie om gezamenlijk regionale vraagstukken op te pakken. Ook de betrokkenheid van de raadsleden bij bijeenkomsten die door de regio worden georganiseerd is iets wat behouden moet blijven. Daarnaast wordt de Raadsadviescommissie genoemd als een positieve ontwikkeling om de raden ook in het vervolg goed aangehaakt te houden. Wat moet er vooral worden veranderd? Als verbeterpunt wordt genoemd dat de regio zijn zichtbaarheid moet vergroten, door bijvoorbeeld meer concrete resultaten uit te dragen. Daarnaast wordt genoemd dat een goed uitgewerkte, gezamenlijke ruimtelijke visie/strategie ontbreekt. Verder wordt als aandachtspunt genoemd dat binnen de samenwerking in de regio er voldoende oog moet zijn voor de positie van de kleinere gemeenten.

BIJLAGE 2 INFORMATIEBLAD VOOR DE RAAD VAN BRUMMEN In aanvulling op het onderzoek dat door TwynstraGudde is uitgevoerd heeft de Rekenkamercommissie nog naar twee extra onderwerpen gekeken: 1. De nieuwe (ontwerp) regeling 2. Specifieke informatie voor de gemeenteraad van Brummen

1. De nieuwe (ontwerp) regeling van de GR Regio Stedendriehoek Mogelijkheid om doelstelling te verruimen of veranderen De Regio Stedendriehoek is een openbaar lichaam volgens de Wet Gemeenschappelijke Regelingen (WGR). Dit is de zwaarste vorm van samenwerking. Volgens de WGR (art. 30) worden er bevoegdheden van regeling en bestuur van de besturen van gemeentes overgedragen (gedelegeerd) aan het bestuur (AB) van het openbaar lichaam. Deze bevoegdheden zijn omschreven in hoofdstuk II van de ontwerp-regeling: Doelstelling, belangen, taken en bevoegdheden. Er is geen apart artikel over wettelijke bevoegdheden, maar er worden wel degelijk bevoegdheden overgedragen. Zonder een overdracht van taken/bevoegdheden zou de regio als openbaar lichaam ook niet zoveel zin hebben. De overdracht van de bevoegdheden is beperkt tot de doelstelling (artikel 3): ‘het behartigen van de gemeenschappelijke en regionale belangen van de gemeenten …..’. De belangen zijn omschreven in artikel 4. Hier is ten opzichte van de oude (bestaande) regeling een regel aan toegevoegd: ‘De realisatie van regionale ambities en maatschappelijke opgaven…’1 De doelstelling van een Openbaar lichaam kan niet veranderd worden. Dan moet er een nieuwe GR komen. In deze nieuwe tekst wordt het veranderen van de doelstelling indirect geregeld: n.l. door het vaststellen van ‘regionale ambities en maatschappelijke opgaven’.

Deze ambities en opgaven zijn vastgelegd in de GR zelf (de ‘belangen’), maar in b.v. de strategische agenda of de uitvoeringsagenda kunnen zij relatief eenvoudig aangepast worden. Er kunnen aldus wijzigingen in de ‘scope’ van de GR optreden zonder dat er een nieuwe gemeenschappelijke regeling hoeft te komen. Voor een meerjarige strategische visie zal er wel een voorhangprocedure in de gemeenteraden nodig zijn. Verbreding van de ‘scope’.

1

Vervolgens is deze zeer brede omschrijving van het belang weer beperkt tot de oude (bestaande) tekst waarin belangen omschreven worden als: a. verbreden van het innovatieve vermogen van de regionale economie ….. b. vergroting van de sociale betrokkenheid ….. c. verbetering van de externe en interne bereikbaarheid……. d. Versterking van de kwaliteit van de leefomgeving…. Het behartigen van de belangen omvat onder meer (ongewijzigde tekst): a. De bevordering van overleg met en tussen gemeenten….. b. De bevordering van gemeenschappelijke standpuntbepaling ….. c. Het voeren van overleg met provinciale en rijksoverheid ….. d. Het geven van voorlichting…..

1

Verandering van de doelstelling of ‘verbreding van de scope’ treedt ook op door de eisen of vragen die vanuit de provincie of het rijk aan de Regio Stedendriehoek gevraagd worden. Voorbeelden hiervan zijn de RES, woondeal, regio-arrangement. De RES is in een aparte organisatie en aparte financiering ondergebracht. De woondeal is via de GR geregeld. Het is nog niet zeker hoe het Gelderse regioarrangement geregeld gaat worden. Budgetrecht van gemeenteraden Het verbreden van de ‘scope’ is ook zichtbaar in de regio-deals. De regio-deal 2020 is opgesteld door een aparte stuurgroep, met een aparte verantwoordelijkheid voor deze regiodeal, en een aparte kassier. De regio-deal 2024 is opgesteld door de Regio Stedendriehoek en onder de verantwoordelijkheid van de GR ingediend. Er komt een apart beheerd budget onder verantwoordelijkheid van de GR. Opmerkelijk genoeg stelt de aanvraag dat de besluitvorming bij het DB van de GR ligt (p. 9) In een GR ligt de besluitvorming altijd bij het AB. De regio-deal haalt geld voor de GR binnen, maar er is altijd een eis van cofinanciering. Deze zal in meer of mindere mate door de gemeenten opgebracht moeten worden. Volgens de GR zijn gemeenten verplicht de verplichtingen die voortkomen uit de GR in hun begroting op te nemen. Via de GR wordt dus het budgetrecht van de gemeenteraad beïnvloed.

Ten eerste via deelname aan de GR zelf, en ten tweede door de eisen van cofinanciering die voortkomen uit activiteiten van de GR, zoals de regio-deal 2024. Ook de woondeal kan indirect het budgetrecht van de gemeenteraad beïnvloeden. Samenvatting van bevoegdheden volgens de nieuwe regeling van de GR Regio Stedendriehoek Bevoegdheden van het - beslissingen van het AB voorbereiden en uitvoeren DB - instellen adviescommissies - aanwijzen secretaris, regels vaststellen over de ambtelijke organisatie - ambtenaren benoemen/ontslaan - privaatrechtelijke handelingen (muv oprichten rechtspersonen) - rechtszaken voeren - mogelijkheid tot het machtigen van één lid van het DB - aanwijzen voorzitter Bevoegdheden van het - aanwijzen DB-leden AB - vaststellen begroting en jaarrekening - vaststellen Reglement van Orde - instellen adviescommissies - instellen bestuurscommissie (na wensen en bedenkingen van raden) - instellen gemeenschappelijke adviescommissie (na voorhangprocedure) - vaststellen meerjarige kadernota, meerjarige strategische visie, liquidatieplan (na voorhangprocedure) - vaststellen participatienota - evaluatie van de regeling na 4 jaar Bevoegdheden van de - aanwijzen AB-lid gemeenteraden - raadslid afvaardigen naar de raadsadviescommissie (indien deze er is) - zienswijzes indienen op • ontwerpbegroting • een meerjarige kadernota • een meerjarige strategische visie •

voortgangsrapportages • liquidatieplan

2

2. Specifieke informatie voor de gemeenteraad van Brummen Regio Stedendriehoek in de Raad van Brummen 2021-2023, inclusief (recente) nog voorliggende besluiten. Datum 16 november 2023 12 oktober 2023

Titel van stuk/besluit Memo informele raadscommissie stedendriehoek Wijziging gemeenschappelijke regeling Regio Stedendriehoek

5 oktober 2023

Raadsinformatiebrief ruimtelijk regioverhaal, bijlage en reactie op zienswijzen begroting 2024 Regio Stedendriehoek D417145 Jaarstukken 2022 en begroting Regio Stedendriehoek 2024 Reactie zienswijze Brummen gewijzigde begroting 2023 Regio Stedendriehoek Gewijzigde begroting 2023 Regio Stedendriehoek Aanwijzen leden regioraad gemeenschappelijke regeling Regio Stedendriehoek

29 juni 2023

26 jan 2023 15 september 2022

23 juni 2022

29 juni 2021 24 juni 2021

Status Forum TKN

(Financiële) inhoud

Hamerstuk (kennisgenomen zonder zienswijze) Forum TKN

Kennisgenomen TKN

Zienswijze Aangenomen

Jaarstukken 2021 en concept begroting 2023 Regio Stedendriehoek Motie vreemd aan de orde van de dag: adviesraden gemeenschappelijke regelingen Jaarstukken 2021 gemeente Brummen Jaarrekening 2020

Aangenomen

Jaarstukken 2020 en concept begroting 2022 GR Regio Stedendriehoek

Aangenomen/ hamerstuk

Burgemeester A.J. van Hedel en wethouder S. van de Graaf aangewezen als lid van de regioraad

Toezegging

Vastgesteld Vastgesteld

Bijdrage aan regio bedraagt ruim €1 ton/jaar Bijdrage aan regio bedraagt ruim €1 ton/jaar

Verantwoording vindt plaats via de reguliere jaarstukken-cyclus van de gemeente. Daarnaast worden ook de jaarstukken van de GR ter kennisname voorgelegd. Buiten de raadsvergaderingen om zijn er vele brieven en mededelingen die aan de raadsleden wordt gedaan, en een enkele presentatie, ook in het Forum.

3

Regiodeal Er zijn twee regiodeals: 1.

Regiodeal Cleantechregio 2020 (partijen zowel WGR Stedendriehoek als Stichting strategische board stedendriehoek) afgesloten in 2020 met het rijk. In totaal € 15 miljoen publieke cofinanciering uit de regio en €7,5 miljoen door het rijk. De gemeente Brummen draagt €1,2 miljoen bij. De gemeente participeert in elk geval in twee projecten: Eerbeek-Loenen en toekomstige bedrijventerreinen. Het is niet duidelijk in welke projecten de gemeente nog meer participeert.

Deze voortgangsrapportage is niet aangeboden aan de raad (voortgangsrapportage). De financiën van deze regio-deal 2020 loopt niet via de Regio Stedendriehoek maar via een kassier. De kassier is de gemeente Apeldoorn. De besluitvorming in de gemeenteraad: 16 februari 2023 College B & W TKN raadsbrief ondertekening SOK EerbeekLoenen 2030

Provincie zet o.a. in op regiodeal

26 januari 2023

Gewijzigde begroting 2023 Regio Stedendriehoek

Mededeling: openstaande punten nav Forum

20 oktober 2022

Programma begroting 20232026 Brummen

Vastgesteld

€2,5 miljoen beschikbaar vanuit het rijk voor Eerbeek Loenen-2030 Regiodeal: cofinanciering toekomstige bedrijventerreinen

Partijen zullen nadere afspraken maken over de inzet van de externe financiering Daarnaast in afgelopen 10 jaar zo’n 9,5 ton ontvangen.

2. Regiodeal Stedendriehoek 2024 De aanvraag is recent ingediend bij het rijk (Aanvraag Regiodeal Stedendriehoek). Deze behelsd ruim € 150 miljoen euro, waarvan € 40 miljoen door het rijk en € 40 miljoen door de regiogemeentes (en €38 miljoen door de provincies?). Dit voorstel aan het Rijk is niet aangeboden aan de raad. Voor zover bekend is het ook nog niet ondertekend door het Rijk. In de programmabegroting 2024-2027 wordt in de tekst melding gemaakt van de regiodeal. Uit de onderwerpen blijkt dat het om de regiodeal 2024 gaat: 9 november 2023

Programmabegroting Vastgesteld 2024-2027 Brummen

RES Regionale energie-strategie 4

Regiodeal: slimme groene verstedelijking, Regionale economie van de toekomst, vitaal landelijk gebied (p.22)

De regiodeal wordt genoemd onder Programma 2 Fysieke Leefomgeving. Er is geen financiële specificatie.

De RES is een nationaal programma en de regio’s zijn door het rijk bepaald. Deventer behoort tot een andere RES-regio. De financiering gebeurt buiten de stedendriehoek om. De besluitvorming in de raad: 21 september 2023 Voortgangsrapportage RES 16 december 2021 Vaststellen RES 1.0 Cleantechregio 16 september 2021 RES 1.0 Kennisname en tekstvoorstellen en wensen en bedenkingen

TKN Vastgesteld Kennisname

Woondeal In oktober 2022 zijn voor de periode tot en met 2030 woningbouwafspraken gemaakt tussen de minister voor VRO en provincies, o.b.v. het Programma Woningbouw. Deze programmeringsafspraken worden door provincies, samen met gemeenten, uitgewerkt in regioverband naar 37 regionale woondeals. Het College heeft in september 2022 aan de provincie Gelderland de ambitie uitgesproken om te streven naar de realisatie van 1.250 woningen tot en met 2030. Dit aantal is ook opgenomen in de regionale woondeal die ondertekend is op 8 maart 2023 door de colleges van burgemeester en wethouders, het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland en de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. De woondeal is getekend voordat de raad de routekaart heeft kunnen vaststellen. De gemeente Deventer neemt niet deel aan deze woondeal. https://regiostedendriehoek.nl/wpcontent/uploads/2023/06/Woondeal_Regio_Stedendriehoek_DEF_verkleinde_versie.pdf Besluitvorming in de raad: 29 juni 2023 Versnelling woningbouw routekaart

Vastgesteld

De gemeente realiseert 1250 woningen Op korte termijn wordt de woondeal ondertekend Woondeal genoemd in lopende projecten Regio Stedendriehoek

23 maart 2023

Regionale raadsbrief

TKN

12 januari 2023

Openstaande vragen Forum

TKN

1 september 2022 B & W TKN/hamerstuk Raadsinformatiebrief woonbeleid routekaart Woningbouw

5

Vanaf 2023 tot 2030 nog 1050 woningen

Personele invulling (per 15 november 2023) Het bestuur van Regio Stedendriehoek bestaat uit de Regioraad en het Dagelijks Bestuur. In de Regioraad zitten zestien leden en acht plaatsvervangende leden (twee leden per gemeente) die door de gemeenteraden worden aangewezen. Het Dagelijks Bestuur (aangewezen door de Regioraad) bestaat uit acht leden: elke gemeente is vertegenwoordigd. Dagelijks bestuur (per 15 november 2023) Burgemeester Brummen Van Hedel Burgemeester Deventer König

Burgemeester Epe Burgemeester Lochem Burgemeester Voorst Wethouder Zutphen

Horn Van ‘t Erve Jorritsma Boswinkel

Burgemeester Heerde Wethouder Apeldoorn

Prinsen Messerschmidt

Financiën, personeel en organisatie Voorzitter, externe betrekkingen, communicatie en lobby, bereikbaarheid, investeringsplatform Gebiedsontwikkeling Digitalisering Landbouw Vice-voorzitter, Wonen, uitvoeringsagenda, betrokkenheid raden Bestuurlijk opdrachtgever, brede verstedelijkingsstrategie

Voor de gemeente Brummen zitten burgemeester Van Hedel en wethouder De Graaf in de regioraad. Er komt waarschijnlijk een raadsadviescommissie. In de informele raadscommissie die er nu is hebben de gemeenteraadsleden Jonathan Vondeling en Daniella Magermans zitting.

Strategische Board (per 15 november 2023) De functie van de strategische board was die van een triple-helix samenwerking: overheid, bedrijfsleven, opleidingen o.a. om innovatie in een regio te bevorderen. Het was een stichting. Over 2021 en 2022 zijn geen jaarverslagen beschikbaar op de website. (Raadpleging 16 december 2016). Sinds juni 2023 is het een netwerk, maar de stichting bestaat ook nog. De voorzitter is de burgemeester van Apeldoorn, Heerts. Er is een kerngroep van 20 leden en daarnaast een groep van 30 themaleden. Deze zitten daar op persoonlijke titel of namens een bedrijf of school en zijn dus geen vertegenwoordiger van b.v. VNO-NCW, KvK of een scholenkoepel. Mevrouw Els Holsappel, energiecoöperatie Brummen, is één van de thema-leden.

Regioarrangement De provincie Gelderland wil werken vanuit de dynamiek en het karakter van de 7 Gelderse regio’s. De 7 Gelderse gemeenten van de Regio Stedendriehoek vormen één van die regio’s. Op regioniveau leggen provincie en gemeenten in regioarrangementen vast wat de agenda en afspraken zijn rondom deze opgaven. Later gevolgd door afspraken voor de realisatie hiervan, in de vorm van gebiedsprogramma’s (hoofdlijnen regioarrangementen provincie Gelderland). De gemeente Deventer is hier dus geen onderdeel van. Het zogenoemde ‘regioverhaal’ gaat blijkens onderstaand stuk over het regio-arrangement en is dus van de provincie Gelderland. https://brummen.raadsinformatie.nl/document/13191889/2#search=%22regioverhaal%22

6

Overzicht projecten Brummen in de regionale samenwerking Op verschillende plaatsen worden verschillende projecten genoemd in verband met regionale samenwerking. Het is niet altijd duidelijk of die wel/niet onderdeel zijn van de GR Regio Stedendriehoek. Project/programma ‘De belangen voor de gemeente Brummen in de regionale samenwerking liggen concreet in de actuele ontwikkelingen in Eerbeek. Onderzoek naar bodemwarmte, hergebruik van warmte uit productieprocessen en een duurzamere papierindustrie.’ SOK Eerbeek-Loenen Ruimtelijk Regioverhaal

bron Jaarstukken 2022 (Brummen)

Wel/niet in de GR GR

Raadsbrief 16 febr. 2023 Forum 5 oktober 2023

Slimme groene verstedelijking

Programmabegroting 20242027 Idem

Regio deal (2020?) Regio-arrangement Provincie Regio deal (2024)

Smart Energy Grid Eerbeek/Regionale economie Vitaal landelijk gebied Woondeal Door deelname aan de Regio Stedendriehoek is er een Regiodeal met het Rijk tot stand gekomen waarbij € 2,5 miljoen vanuit het Rijk beschikbaar is voor co-financiering van projecten binnen Eerbeek-Loenen 2030. Daarnaast hebben we in de afgelopen tien jaar in totaal zo’n € 9,5 ton ontvangen voor projecten als: - Toekomstbestendige bedrijventerreinen - Vitale kern Eerbeek - Mobiliteit en verkeer - Leefbaarheid wijken - Actief burgerschap - Participatie kwetsbare groepen - Kwaliteitsimpuls BrummenBronckhorst. Zonder uitputtend te willen zijn kunt u denken bij de projecten die in onze gemeente lopen of relevant zijn voor onze gemeente: - Regionale Energiestrategie - Regionale Woondeal - Ruimtelijke puzzel (wonen, natuur, energie, landbouw, economie) - Regiodeal tbv Eeerbeek - Lobby mbt voorkeursvariant goederencorridor NO Europa

Regio-deal (2024)

Idem Zie bovenstaand p.5 Openstaande vragen uit Fora en Raad d.d. 12 januari 2023, beschikbaar vóór raad d.d. 26 januari 2023.

Regio-deal (2024) GR/provincie/rijk Regio-deal (2020)

Idem

GR

Idem

GR (aldus de beantwoording door het College) Volgens de Rekenkamer vallen de volgende onderwerpen strikt genomen niet onder de GR: RES Regionale Woondeal Ruimtelijke puzzel Regiodeal

7

-

Aanpak voedsel- en landbouwtransitie en landschap Programma bedrijventerreinen Werken aan schone mobiliteit Samenwerking in Strategische Board Regionale uitvoeringsagenda

8

BIJLAGE - 3

Gemeenschappelijke Regeling Regio Stedendriehoek

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14150238/1