CConstaterende datBrummen
Koppel je AI →
Document · PDF

(043) Woonkader Eerbeek

Forum Fysieke Leefomgeving 15 juni 2023, gemeente BrummenBij agendapunt: Woonkader Eerbeek6.417 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

5 alinea's met “plus”: 33 44 53 63 84

408210

Woonkader Eerbeek Hoe om te gaan met de milieuzonering en het toevoegen van woningen in Eerbeek

Gemeente Brummen Mei 2023

0

1

Inhoud Inhoud .......................................................................................................................................................... 2 Hoofdstuk 1. Inleiding .................................................................................................................................. 3 Hoofdstuk 2. Huidig beleid en voorbeelden................................................................................................. 8 Hoofdstuk 3 Scenario’s ............................................................................................................................... 10 Hoofdstuk 5 Voorkeursscenario ................................................................................................................. 22

2

Hoofdstuk 1. Inleiding Aanleiding Eerbeek Loenen 2030 is een programma met als doel de leefbaarheid in Eerbeek te verbeteren. Dit doel wil de gemeente bereiken door het doen van verschillende projecten in de fysieke leefomgeving. Daarbij komt ook de vraag naar voren “Hoe willen we dat Eerbeek zich ruimtelijk ontwikkelt?”. In de structuurvisie van de visie Centrum Eerbeek en Eerbeekse Beek, vast gesteld op 25 november 2021, is de paragraaf 2.3 ‘Ruimte voor Wonen’ nog niet vastgesteld. Dit vroeg nadere uitwerking. De nadere uitwerking is in dit document gedaan. Met dit document wordt de structuurvisie van de visie Centrum Eerbeek en Eerbeekse Beek meer compleet gemaakt. Er is een duidelijke behoefte aan woningen voor verschillende doelgroepen, ook in Eerbeek. Maar in Eerbeek zijn verschillende randvoorwaarden die beperkingen met zich meebrengen. De milieuzonering van de industrie is daar onderdeel van. Daarnaast ben je als gemeente verantwoordelijk voor een goed woon- en leefklimaat. En zijn er veschillende wensen vanuit de stakeholders. Hoe breng je deze in balans met een goede ruimtelijke ordeningsopgave. Een woonkader brengt daar duidelijkheid in. Het woonkader is een middel om tot een goede afweging te komen voor het toevoegen van woningen in Eerbeek binnen de grenzen van het programma Eerbeek Loenen 2030.

Onderwerp Dit document geeft aan waar de gemeente Brummen woningen wil toevoegen. Het gaat niet om wat voor soort woningen of voor welke doelgroep. Het gaat alleen om de vraag waar we wel of niet toestaan woningen toe te voegen in Eerbeek. Gebaseerd op huidige kennis en regelgeving, verwachte toekomstige ontwikkelingen en waarbij een leefbaar woonklimaat voor Eerbeek voorop staat. Het gaat om een afweging te maken, waarbij risico’s in kaart worden gebracht en waarbij vooral gekeken wordt hoe de gemeente om wil gaan met de milieuzonering van de industrie in balans met: • Leefbaarheid in Eerbeek • Algemene gezondheid van de inwoners van Eerbeek • Woningbehoefte die er is • Vestigingsklimaat voor de industrie Geur en geluid is een factor die meespeelt in de kwaltieit van de leefomgeving. Ook de gevolgen daarvan worden steeds meer inzichtelijk, zoals ook onderstaand beschreven. Het is van belang om daar als gemeente op een verantwoorde wijze mee om te gaan in samenhang met andere belangen die spelen in de maatschappij. Geur is een van de factoren die een belangrijke rolt speelt in de kwaliteit van de leefomgeving. Geur afkomstig van bijvoorbeeld industrie, wegverkeer, veehouderij of buren, kan de ervaren kwaliteit van de leefomgeving nadelig beïnvloeden.

Ook kan blootstelling aan geur door slechte luchtkwaliteit of ervaren geurhinder verschillende nadelige effecten op de gezondheid hebben. Zo kan geurhinder ergernis of ongerustheid over de gezondheid veroorzaken. Dit kan leiden tot stress, hoofpijn, misselijkheid, benauwdheid en slapeloosheid. Daarnaast kan geurhinder ongezond gedrag uitlokken, zoals het sluiten van ramen, niet naar buiten gaan of het verstoren van het sociale leven. Uiteindelijk kan geurhinder, middels de bovengenoemde oorzaken, zelfs leiden tot depressieve klachten. (Geurhinder in Gelderland en Overijssel , GGD 2023) Geluid is ook een van de factoren die een belangrijke rolt speelt in de kwaliteit van de leefomgeving. Naast dat geluid kan leiden tot genot, leidt geluid ook direct en indirect tot hinder en gezondheidsklachten. Direct kan geluid invloed hebben op lichaam en geest. Indirect kan geluid leiden tot effecten 3

wanneer het geluid als ongewenst wordt beoordeeld. Geluidhinder wordt beïnvloed door akoestische factoren, zoals geluidniveau in decibels, en non-akoestische factoren, zoals de vermijdbaarheid en voorspelbaarheid van geluid. Geluid kan nadelige effecten op iemands gezondheid hebben. Zo kan men last hebben van slaapverstoring, verstoring van prestatie, verstoring van concentratie, hinder, stress, (psycho)somatische reacties (zoals een verhoogde bloeddruk en toename in stresshormonen), en cardiovasculaire en psychische aandoeningen. Hierbij speelt de individuele beoordeling van het geluid ook een rol in het ervaren van gezondheidsklachten. Ook als mensen geen hinder ervaren van geluid kunnen zij gezondheidsklachten ervaren van geluid. Geluid(hinder) kan de ervaren kwaliteit van de leefomgeving nadelig beïnvloeden. (Geluidhinder in Gelderland en Overijssel, GGD 2023) Beschrijving huidige situatie Er zijn verschillende locaties in Eerbeek in beeld die in aanmerking komen voor het toevoegen van woningen. Per locatie zijn afwegingen te maken. Voor heel Eerbeek geldt dat er sprake is van factoren die elkaar beïnvloeden. De belangrijkste afweging daarbij is de ligging ten opzichte van de geur- en geluidzonering van de Eerbeekse Papierindustrie. Het bestemmingsplan “Eerbeek” beschikt over een onherroepelijke planregeling die deze zonering vastlegt.

Deze zonering is door de Raad van State afgewogen en erkend in 2018. In de basis biedt deze zonering dus een helder kader om een afweging te maken over de geschiktheid van een locatie voor woningbouw. De onderstaande afbeelding laat 3 gebiedsaanduidingen zien. Hieronder is per zone aangegeven wat dit betekent voor het toevoegen van woningen.

Bestemmingsplan Eerbeek (planMER Eerbeek) In het door de gemeenteraad vastgestelde bestemmingsplan Eerbeek en de onderliggende planMER is een integrale afweging gemaakt van de diverse ontwikkelbehoeften in Eerbeek. Op basis van een nuten noodzaakstudie voor woningbouw is de kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwbehoefte geduid 4

en zijn, mede op basis van de ladder voor duurzame verstedelijking, keuzes gemaakt ten aanzien van de woningbouwprogrammering. De ambitie om in het centrum appartementen mogelijk te maken, ten behoeve van de leefbaarheid, passende centrum dorpse woningvoorraad en instandhouding van voorzieningen in de plint is vertaald naar wijzigingsbevoegdheden voor het college om op basis van artikel 6.6.2, 6.6.3 en 7.6.1 van de planregels woningen toe te voegen in combinatie met functies in de plint. Hoewel de woningbehoefte groter is en er veel kansen zijn om de leefbaarheid te versterken en plintfuncties in Eerbeek te ondersteunen, is in de destijds tot stand gekomen totaalafweging de wijzigingsbevoegdheid beperkt tot 5 woningen (appartementen) in de Stuijvenburchstraat en 20 op de locatie Loenenseweg 2 onder de bestemming ‘Centrum-1’, 10 woningen op het Oranje Nassauplein onder de bestemming ‘Centrum-2’ en 12 woningen op het Kerstenterrein. Dit mede gelet op het vinden van een balans in de destijds geconstateerde woningbehoefte van 355 woningen in relatie tot de milieu hygiënische situatie in Eerbeek. De voorwaarden van de wijzigingsbevoegdheid zijn opgenomen in de bijlage bij deze memo. Voor de Stuijvenburchstraat 143 en de Loenenseweg 2 zijn inmiddels 22 woningen onherroepelijk.

Geluid Een van de kaders op basis waarvan een beoordeling van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor het aspect geluid wordt gedaan, betreft de Wet geluidhinder. Alle wijzigingsbevoegdheden behalve de Loenenseweg 2 liggen in de geluidzone van industrieterrein Eerbeek Zuid. Daarom is voor de woningen een hogere grenswaarde benodigd vanwege industrielawaai. Dit kan, zolang deze vallen binnen de maximaal toelaatbare ontheffingswaarde van 55 dB(A) etmaalwaarde. Uit akoestisch onderzoek kunnen technische maatregelen volgen, waarmee kan worden voldaan aan de eisen van het Bouwbesluit. Deze maatregelen worden bij het verlenen van een omgevingsvergunning toegepast en definitief getoetst. Geur Alle wijzigingsbevoegdheden behalve de Loenenseweg 2 (slechts deels) liggen binnen de geurcontour van de papierfabriek van Folding Boxboard Eerbeek. Overeenkomstig het bestemmingsplan ‘Eerbeek’ zijn nieuwe woningen uitsluitend toegestaan, mits hiervoor een omgevingsvergunning wordt verleend om te kunnen afwijken van het bestemmingsplan. Deze vergunning mag alleen worden verleend als technische maatregelen worden getroffen ter beperking van geuroverlast worden getroffen aan het geurgevoelige object. Het realiseren van balansventilatie met een koolstoffilter is hiervoor de methode die wordt toegepast, waarmee binnen een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd.

Deze methode is in de planMER onderbouwd, in het bestemmingsplan ‘Eerbeek’ verankerd en dus afgewogen en goed bevonden door de Raad van State. Een omgevingsvergunning om af te wijken kan dus worden verleend als de desbetreffende woningen worden voorzien van een balansventilatie met een koolstoffilter. Dit wordt ook als voorwaardelijke verplichting juridisch geborgd in wijzigings- en bestemmingsplannen. Voorbeeld huidige situatie en ervaringen Er is een wijzigingbevoegdheid opgenomen in het bestemmingplan. Deze geldt voor het toevoegen van 15 woningen in het centrum. Dit maakt mogelijk dat er een woning in het centrum aan de Stuijvenburchstraat mag worden toegevoegd, deels in de geluidszone en geurzone 2. Mits dit aan allerlei voorwaarden voldoet aan de eis van een goed woon- en leef klimaat. Praktisch houdt dit in dat er filters moeten worden geplaatst, niet alle ramen open kunnen vanwege de geuren dat er dikkere wanden met isolatie aanwezig moeten zijn vanwege geluid. Door lopende projecten en daarbij horende ervaringen en ingediende zienswijze en door de gesprekken die de gemeente doorlopend met de industrie voert, blijkt dat de industrie de zonering anders 5

interpreteert. Daardoor ligt de vraag voor, of het werkbaar en wenselijk is om voor het afwegen van een potentiële woningbouwlocatie alleen uit te gaan van de planologisch juridische kaders. Naast de vraag hoe de industrie in het geval van het toevoegen van woningen binnen de milieuzones reageert, is het de vraag of het voor toekomstige bewoners wel wenselijk is om te wonen in een gebied dat onderhevig is aan de regels van een geur- en/of geluidzonering. Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor een goed en leefbaar woonklimaat. Doel Het doel van het woonkader is te komen tot een beleidsregel hoe om te gaan met het toevoegen van woningen in relatie tot de milieuzonering van de industrie. Dit aan de hand van een scenario onderzoek op basis van duidelijke kaders en afwegingscriteria die helder en transparant zijn voor gemeente Brummen en de stakeholders. Beschrijving proces Belangrijk bij het vaststellen van een kader is om een objectief en transparant proces te doorlopen. Om tot een goede keuze te komen hebben we verschillende scenario’s in beeld gebracht. De scenario’s elk met een ander mogelijk kader moeten gelijk worden beoordeeld om tot een afgewogen en transparante keuze te komen voor één voorkeursscenario. Daarvoor worden de volgende processtappen doorlopen: Processtap 1: Beschrijven van de aanleiding, doel en proces om te komen tot een woonkader. Processtap 2: a.

Het geldend beleid dat van belang is in kaart brengen. Dit geldt voor de volgende beleidsdocumenten. a. Routekaart 2022 b. Woon en zorg visie c. Centrumvisie Eerbeek d. Ligt op groen, structuurvisie gemeente Brummen b. Hoe gaan vergelijkbare gemeenten met de situatie, zoals in Eerbeek, om? c. Het in kaart brengen van de stakeholders. a. In kaart brengen op welke partijen het woonkader van invloed kan zijn. Processtap 3: Het opstellen van drie scenario’s. Elk scenario bevat een ander afwegingskader opgebouwd uit de te hanteren randvoorwaarden. Het is van belang om daar de mogelijke conseqenties van inzichtelijk te maken. Door dit in beeld te brengen en via een helder afwegingskader komen drie duidelijke scenario’s naar voren.

6

Processtap 4: De scenario’s bij de stakeholders neer leggen door middel van een interactieve sessie. Tijdens de interactieve sessie kunnen zij aangeven of zij zich in één van de scenario’s kunnen vinden. En waar en óf zij nog aanvullingen hebben. Processtap 5: Vanuit de scenario’s en de meegegeven randvoorwaarden etc. komen tot een advies voor één voorkeursscenario. Processtap 6: Het advies en woonkader voorleggen aan het college en daaropvolgend aan de raad om zo te komen tot aangenomen beleid. Leeswijzer Het document is opgebouwd uit het beschrijven van de genomen processtappen en de uitkomsten daarvan. Elke processtap is gelijk aan één hoofdstuk. Om tot in het laatste hoofdstuk, processtap 5, te komen tot een beleidsregel die richting geeft aan hoe er omgegaan wordt met het toevoegen van woningen in Eerbeek in relatie met de zonering in de geldende bestemmingsplannen. Processtap 6 staat niet beschreven in dit document.

7

Hoofdstuk 2. Huidig beleid en voorbeelden Het doel van het woonkader is te komen tot een beleidsregel hoe om te gaan met het toevoegen van woningen in relatie tot de milieuzonering van de industrie. Daarbij is het van belang dat het in lijn ligt met andere beleidsdoelen die de gemeente kent. Het moet immers het huidige beleid versterken en verduidelijken. De volgende beleidsdocumenten zijn bekeken. Deze beleidsdocumenten hebben een relatie met wonen of het gebied waar het om gaat. Per beleidsdocument is bekeken wat van belang is voor het doel of het doel raakt. Routekaart 2022: Naast versnelling van woningbouw is het belangrijk dat we sturen op de juiste woning voor de juiste doelgroep op de juiste plek. We willen immers woningen toevoegen die een aanvulling zijn op de bestaande voorraad en bouwen voor doelgroepen waar het hardst woningen voor nodig zijn. Samen met één van onze belangrijkste partners, woningbouwcorporatie Veluwonen, willen we zorgen voor voldoende beschikbare en betaalbare woningen van goede kwaliteit met een duurzaam karakter. Het is van belang dat we helder communiceren over de kaders die we stellen (intern en extern). Woon en zorg visie: Er moet meer duidelijkheid komen over de mogelijkheden om planologisch nieuwe woningen in en om het centrumgebied toe te voegen.

Ligt op groen, structuurvisie gemeente Brummen: In de Structuurvisie Ligt op Groen en meer specifiek de structuurvisie centrumgebied Eerbeek uit 2009 zijn de hoofdambities voor Eerbeek geformuleerd. Deze ambities worden uitgewerkt via het totaalprogramma Ruimte voor Eerbeek. Dit is een programma voor de ontwikkeling van Eerbeek tot een economisch gezond en vitaal dorp. We willen de gevestigde (papier)industrie behouden en tegelijk werken aan een prettig woon- en leefklimaat. Vanuit het concept ontwerp planMER is door het college alternatief 3C van de planMER Eerbeek als voorkeursalternatief gekozen. Dit alternatief voldoet het meeste aan de gewenste balans tussen wonen en werken in Eerbeek en is milieutechnisch haalbaar. In dit alternatief kan mee gewerkt worden aan de wens van de industrie om een logistiek centrum te ontwikkelen op het Burgersterrein. Bovendien kan een groot deel van de ambities op het gebied van wonen gehonoreerd worden. Dit alternatief scoort goed op de bijdrage die het levert aan de doelen voor Vitaal Eerbeek. Het speelt in op 4 het beter faciliteren van de maak(industrie) op Eerbeek Zuid. Daarnaast biedt dit alternatief kansen om de identiteit van Eerbeek als papierdorp te versterken en de stationsomgeving recreatief/cultureel te ontwikkelen, onder voorwaarde dat de opgave op een goede manier wordt verwerkt richting een ontwerpbestemmingsplan.

Met name ruimtelijke kwaliteit en cultuurhistorie zijn hierbij gelet op de uitkomsten van het concept ontwerp planMER aandachtspunten. Dit betreft een ontwerpopgave voor de overgang naar het centrum en een prettige entree van het stationsgebied. Op grond van het uitgevoerde woningbehoefteonderzoek is voor Eerbeek de ideale verdeling 175 woningen in ‘centrumgebied’ en 180 woningen in de ‘rest van het dorp’ (tot 2025). In geen enkel alternatief wordt deze verdeling bereikt. In alternatief 3C wordt uitgegaan van een logistiek centrum op het Burgersterrein en geen woningbouw. Hierdoor zullen er in het centrum geen 175 woningen worden toegevoegd, maar zo’n 115 woningen. Als alternatief voor het Burgersterrein is gekozen voor de Lombok. Nadere invulling van locaties zal onderzocht moeten worden na een verdere uitwerking van het voorkeursalternatief. Hierbij blijven onze grootste prioriteiten, het bebouwen van reeds bestaande gronden zoals transformaties van bestaand vastgoed, overeind. (gemeente Brummen kenmerk INT16.2940)

8

Vergelijking met andere gemeente met gelijke situatie Vanuit bureaustudie is gekeken de situering van de papierindustrie in de kernen Loenen (gemeente Apeldoorn) en Renkum (gemeente Renkum). Daar komt uit naar voren dat de situaties niet te vergelijken zijn met Eerbeek. De papierfabrieken zijn daar anders gesitueerd ten opzichte van woningen en kennen een grotere groene ruimte om het complex heen. Dat maakt ook dat er geen zogenoemd woonkader is gerealiseerd zoals voor Eerbeek bedoeld. Ook schrijven de bestemmingsplannen van genoemde gemeente geen regels voor als het gaat om geluid- en of geurhinder zoals in Eerbeek al wordt gedaan aan de hand van het bestemmingsplan 2018. Vanuit de GGD komen regelmatig rapporten naar voren over eventuele effecten van geur of geluid, zoals ook in de inleiding beschreven. Daarin staat beschreven wat de effecten zijn maar er zijn geen toegepaste regels over afstanden tot bebouwing voor papierindustrie of vergelijkbare industrie beschikbaar anders dan landelijke normen. In het bestemmingsplan 2018 wordt rekening gehouden met deze normen. Stakeholders Dit woonkader gaat over de toekomstige mogelijkheden voor het toevoegen van woningen in het centrum van Eerbeek. Partijen die hier van invloed op zijn of invloed van kunnen ervaren zijn aangemerkt als stakeholders.

De grootste en belangrijkste stakeholders die met het woonkader te maken hebben zijn de woningbouwstichting en de papierindustrie. Woningbouwcoörperatie Veluwonen heeft veel bezit in Eerbeek, ook binnen de milieuzones. De papierindustrie vormt de aanleiding van de milieuzonering. Deze twee belangrijkste stakeholders zijn meegenomen in de totstandkoming van de scenario’s. Het voorkeursscenario wat leidt tot een beleidsregel wordt door de raad vrij gegeven voor procedure. Het geheel wordt voor 4 weken ter inzage gelegd. Via een zienswijze kan iedereen reageren. De mogelijke zienswijze worden meegenomen in het uiteindelijke raadsbesluit door middel van een zienswijzenota.

9

Hoofdstuk 3 Scenario’s Er zijn verschillende locaties in Eerbeek die in aanmerking kunnen komen voor woningbouw. Per locatie zijn afwegingen te maken omdat voor heel Eerbeek geldt, dat er sprake is van factoren die elkaar beïnvloeden. De belangrijkste afweging daarbij is de ligging ten opzichte van de geur- en geluidzonering van de Eerbeekse Papierindustrie. Het bestemmingsplan “Eerbeek” beschikt over een onherroepelijke planregeling die deze zonering vastlegt. Deze zonering is door de Raad van State afgewogen en erkend. In de basis biedt deze zonering een helder kader om een afweging te maken over de geschiktheid van een locatie voor het toevoegen van woningen. In de praktijk blijkt de afweging over de geschiktheid van locaties toch tot discussies te leiden Daardoor ligt de vraag voor, of het werkbaar en wenselijk is om voor het afwegen van een potentiële woningbouwlocatie alleen uit te gaan van de planologisch juridische kaders of dat er verder gekeken moet worden. Met daarbij de belangrijkste vraag of het voor toekomstige bewoners wel wenselijk is om te wonen in een gebied dat onderhevig is aan de regels van een geur- en/of geluidzonering. Om hier afwegingen in te kunnen maken brengen we drie scenario’s in beeld van hoe er omgegaan kan worden met het toevoegen van woningen in balans met een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

Afwegingskader Om een meest objectief beeld te kunnen geven moet de “meetwaarde” bij elk van de drie scenario’s hetzelfde zijn. Het afwegingskader verschilt bij elk van de drie scenario’s. Om die meetwaarde hetzelfde te laten zijn bij de drie verschillende afwegingskaders wordt er gebruik gemaakt van een SWOT analyse. Een SWOT-analyse wordt gebruikt om sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen van een scenario tijdig te kunnen inzien en te kunnen inspelen op de veranderende omgeving. In iedere situatie kun je de onderdelen en vragen van het SWOT-model op een andere manier toepassen. De invulling van een SWOTanalyse is dus afhankelijk van de context. Bij deze SWOT-analyse verandert steeds de context van het toevoegen van woningen gerelateerd aan de milieuzonering uit het bestemmingsplan van 2018. Oftewel wel of geen woningen toevoegen in de milieuzonering. Waarom houden we het bestemmingsplan van 2018 hiervoor aan en gebruiken we deze als basis? Deze is getoetst aan de commissie MER en de Raad van State en biedt daarmee een gedegen juridische basis.

Figuur 1: Voorbeeld van een SWOT Analyse

10

De meetwaarde Zoals in de vorige alinea geschreven is de meetwaarde per scenario hetzelfde. Deze meetwaarden zijn bepaald aan de punten zoals in de inleiding beschreven en slaan op de verantwoordelijkheden of doelen van de gemeente. Het gaat hierbij om: - De leefbaarheid in Eerbeek - Algemene gezondheid van de inwoners van Eerbeek - Woningbehoefte - Vestigingsklimaat voor de industrie - Relatie met belangrijke partners van de gemeente - Gemeentelijke financiën Al deze punten zijn vertaald in meetwaarde. Per scenario krijgt de meetwaarde een afweging in de vorm van een -- (onvoldoende) - (matig) +- (gelijk) + (voldoende) ++ (goed). Door aan het eind de plussen en minnen bij elkaar op te tellen ontstaat er een schikking in de scenario’s. Op deze manier wordt gekeken welk scenario de voorkeur heeft.

Figuur 2: Meetwaarde in beeld gebracht

11

De scenario’s Scenario 1: Voortzetten van de huidige situatie Scenario 1 is het planologisch juridisch kader in combinatie met het nu geldend gemeentelijk beleid. Dit betekent geen woningen toevoegen in geurzone 1. In geluidzone en geurzone 2 mogen woningen worden toegevoegd mits er maatregelen worden genomen. Denk hierbij aan extra isolatie voor geluidsoverlast en filters voor de geur. Deze mogelijkheid kan worden benut via de wijzigingsbevoegdheid van het burgemeester en wethouders, zoals is geregeld in het bestemmingsplan “Eerbeek”. In beeld betekent dit dat er woningen toegevoegd kunnen worden in de blauwe en rode zonering mits er maatregelen worden genomen om binnenshuis mogelijke geluid- en geuroverlast te verminderen. Binnen de gele zone mogen er geen woningen worden toegevoegd. Toekomstbeeld wat ontstaat is dat een maximum van 15 woningen wordt toegevoegd in de geurzone met de wijzigingsbevoegdheid die van kracht is.

Figuur 3: Zoneringskaart Eerbeek

De meetwaarden zijn verdeeld aan de hand van de SWOT Analyse en beoordeeld. Daaruit komt het volgende beeld naar voren.

12

Figuur 4: SWOT analyse scenario 1

De sterktes en kansen van dit scenario zitten in een keuze voor om zoveel mogelijk gronden te gebruiken voor het toevoegen van woningen. Voordeel is dat we de beschikbare capaciteit maximaal kunnen benutten en veel ruimte hebben voor marktinitiatieven. Ook Veluwonen heeft in dit scenario de ruimte om haar voorraad in Oud Eerbeek uit te breiden. Dit gebied ligt grotendeels in geurzone 2, waardoor met het nemen van maatregelen woningen kunnen worden toegevoegd. Nadeel is dat we gaan bouwen op locaties die op bezwaren kunnen stuiten. Ondanks het feit dat planologisch juridisch houdbaar is, is de kans reëel dat hierover zal worden geprocedeerd en er vertragingen ontstaan in de ontwikkeling. Daarnaast geeft het ook meer kans op klachten omdat we in dit scenario meer de randen opzoeken van de milieuzonering. Voor de gemeentelijke gronden die in potentie voor woningbouw benut zouden kunnen worden geeft dit scenario de maximale ruimte. Het Kerstenterrein ligt volledig binnen de geluidzone en geurzone 2 dus de volledige capaciteit zou benut kunnen worden. Ook het oostelijke deel van het Burgersterrein ligt grotendeels in geluidzone 2 en zou dus in potentie volledig benut kunnen worden voor woningbouw.

13

Figuur 5: Meetwaarde scenario 1

Wanneer de plussen en minnen zijn opgeteld komt er 11 keer een min uit en 11 keer een plus uit. Dit brengt het scenario op een waarde van 0. Kijkend naar deze uitkomst ligt dit in de lijn der verwachting. Het gaat door op de lijn die er nu is en daarmee is het logisch dat de waarde 0 is.

Scenario 2: Geen woningen toevoegen binnen de milieuzonering van geur en geluid

Figuur 6: Zoneringskaart Eerbeek scenario 2

14

Scenario 2 is een strengere keuze in hoe om te gaan met het toevoegen van woningen binnen de geldende milieuzonering. Hierbij gaat het om geen woningen toe voegen binnen de milieuzonering. Dit geldt voor geurzone 1, geurzone 2 en de geluidszone. In beeld betekent dit dat er geen woningen toegevoegd kunnen worden in de rode zonering. Wel kan in de rode zonering een woning worden gesloopt en op een andere plek in de rode zonering weer worden neergezet. Het aantal woningen blijft dan gelijk. In de groene zonering kunnen woningen toegevoegd worden mits er geen andere beperkingen gelden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan natuurgebieden of locaties die op grond van ander ruimtelijk beleid niet voor ontwikkeling in aanmerking komen. Het toekomstbeeld wat hierbij ontstaat is dat alleen de bestaande woningen worden verbeterd of gesloopt en herbouwd, binnen de zonering volgens de huidige norm en standaard. Daarmee wordt het woon- en leefklimaat positief beïnvloedt. Het aantal woningen wat er nu staat binnen de zonering blijft het maximale aantal. Immers worden er geen woningen toegevoegd. De meetwaarden zijn verdeeld aan de hand van de SWOT Analyse en beoordeeld. Daaruit komt het volgende beeld naar voren.

Figuur 7: SWOT analyse scenario 2

15

De sterktes en kansen van dit scenario zitten in een meer duidelijke keuze voor een aanvaardbaar woonen leefklimaat. interessant om te zien is dat dit geldt voor de papierindustrie maar ook voor de bewoners van Eerbeek. De keuze is ook overzichtelijker want er is geen ruimte meer voor uitzonderingen. Dit maakt dat de relatie tussen de industrie en gemeente stabieler. Dit geeft ook kansen om te zoeken naar een andere invulling voor potentiële ontwikkellocaties dicht bij en in het centrum, wat de leefbaarheid in het centrum kan vergroten. Nadeel daarbij is dat gebruiksmogelijkheden van gronden worden beperkt en dat het negatieve financiële gevolgen heeft voor de gemeente. Dit geldt voor het Kerstenterrein, hier kan in dit scenario geen bouw van woningen worden toegestaan. Commerciële ruimte, zoals horeca of winkels kunnen eventueel worden toegevoegd. Een andere bedreiging en of zwakte van dit scenario zit in een mogelijke negatief effect op de relatie met Veluwonen. Mogelijke woningbouwlocaties zullen vallen. Ook verdichten binnen de kern wordt op deze manier lastiger wat mogelijk een grotere claim op woningbouw van andere kernen vraagt en of het buitengebied.

Figuur 8: Meetwaarde scenario 2

Wanneer de plussen en minnen zijn opgeteld komt er 12 keer een min uit en 13 keer een plus uit. Dit brengt het scenario op een waarde van +1. Als je kijkt naar de uitkomsten van plussen en minnen zijn deze duidelijker dan in scenario 1. Het geeft meer een uitgesproken keuze weer voor de leefbaarheid. Maar een meer negatief beeld voor de gemeentelijke financiën.

16

Scenario 3: Het wandelend dorp Scenario 3 is een tussenkeuze in hoe om te gaan met het toevoegen van woningen binnen de geldende milieuzonering. Hierbij gaat het om alleen woningen toe te voegen binnen geurzone 2, mits deze verplaatst worden vanuit geurzone 1 en of de geluidszone. In beeld betekent dit dat er geen woningen toegevoegd kunnen worden in de rode zonering. In de oranje zonering kunnen woningen toegevoegd worden mits deze verplaatst worden vanuit geurzone 1. In de groene zonering kunnen woningen toegevoegd worden mits er geen andere beperkingen gelden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan natuurgebieden of locaties die op grond van ander ruimtelijk beleid niet voor ontwikkeling in aanmerking komen. Het verre toekomstbeeld wat hierbij kan ontstaan is dat er meer ruimte ontstaat rondom de papierfabrieken. Waarbij het huidige woningaantal maximaal blijft binnen de gehele zonering (oranje en rode vlakken, zie figuur 9). En het aantal woningen in geurzone 1 en geluidzone wordt geminimaliseerd. De gemeente neemt hierin een faciliterende rol.

Figuur 9: Zoneringskaart Eerbeek scenario 3

De meetwaarde zijn verdeeld aan de hand van de SWOT Analyse en beoordeeld. Daaruit komt het volgende beeld naar voren.

17

Figuur 10: SWOT analyse scenario 3

De sterktes en kansen van dit scenario zitten in een meer duidelijke keuze voor een aanvaardbaar woonen leefklimaat. Interessant om te zien is dat dit geldt voor de papierindustrie maar ook voor de inwoners van Eerbeek. Het vraagt wel meer van initiatiefnemers die woningen willen toevoegen in geurzone 2. Dit maakt de uitvoerbaarheid van dit scenario moeilijker. Ook geeft het kansen om te zoeken naar een andere invulling voor potentiële ontwikkellocaties dicht bij en in het centrum, wat de leefbaarheid in het centrum kan vergroten. Nadeel daarbij is dat gebruiksmogelijkheden van gronden worden beperkt en dat het negatieve financiële gevolgen heeft voor de gemeente. Dit geldt voor het Kerstenterrein. Hier kan in dit scenario geen bouw van woningen worden toegestaan. Commerciële ruimte, zoals horeca of winkels kunnen wel worden toegevoegd. Een andere bedreiging en of zwakte van dit scenario zitten in een mogelijke negatief effect op de relatie met Veluwonen. Omdat mogelijke woningbouwlocaties af zullen vallen. Binnen dit scenario zijn er wel meer mogelijkheden om te verdichten binnen de kern in geurzone 2.

18

Figuur 11: Meetwaarde scenario 3

Wanneer de plussen en minnen zijn opgeteld komt er 11 keer een min uit en 11 keer een plus uit. Dit brengt het scenario op een waarde van 0. Als je kijkt naar de uitkomsten van plussen en minnen zijn deze duidelijker dan in scenario 1. Het geeft meer keuze en richting en daardoor meer accent naar goed op bepaalde meetwaarden. Het gaat daarbij om meetwaarden die vooral voor inwoners goed zijn. Op financiële gevolgen scoort dit scenario onvoldoende, wat in relatie ligt met het benutten van de volledige woningbouw capaciteit. Conclusie De drie scenario’s op een rij laten elk een verschillende uitkomst zien qua toekomstbeeld en gevolgen voor de gemeente en inwoners. Maar alleen kijkend naar de plussen en minnen liggen de scenario’s heel dicht bij elkaar. Scenario 2 scoort het beste met een plus meer dan de andere scenario’s. Scenario 2 laat zien dat gekozen wordt voor leefbaarheid binnen de kern van Eerbeek en het geeft de meest duidelijke richting naar buiten toe. Om te komen tot een voorkeursscenario is het van belang om de scenario’s in een open gesprek met de stakeholders te bespreken. Op deze manier kan per stakeholder een voorkeur in beeld gebracht worden.

19

Hoofdstuk 4 In gesprek met de stakeholders Dit woonkader gaat over de toekomstige mogelijkheden voor het toevoegen van woningen in centrum Eerbeek. Partijen die hierop van invloed zijn of hierdoor beinvloed kunnen worden merken we aan als stakeholders. De grootste en belangrijkste stakeholders die met het woonkader te maken hebben zijn de woningbouwstichting, die veel bezit hebben in Eerbeek in de milieuzones. De andere belangrijke stakeholder is de papierindustrie. Het feit dat de papierindustrie van oudsher in Eerbeek gevestigd is, is immers de reden dat er een milieuzonering is toegepast. Deze stakeholders zijn meegenomen in de totstandkoming van de scenario’s en mogen daarbij een voorkeur aangeven. In afzonderlijke sessies zijn gesprekken gevoerd met de 4 hier nog noemen welke partijen dit waren belangrijkste stakeholders. Deze sessies zijn gevoerd met de directie en of adviseurs van de vier partijen. Vanuit de gemeente zijn de gesprekken gevoerd door de programmamanager/strategisch adviseur, verantwoordelijk wethouder en een beleidsadviseur ruimtelijk ordening. De sessies waren onderdeel van het bestuurlijk overleg wat met alle partijen op structurele basis wordt gevoerd. De sessies kenden de volgende opbouw: -

Aanleiding, zoals beschreven in hoofdstuk 1 Uitleg doel Uitleg huidige situatie Uitleg meet methode – SWOT analyse Uitleg scenario 1 Uitleg scenario 2 Uitleg scenario 3 Vergelijking scenario’s Gesprek over de scenario’s aan de hand van twee vragen: o Welke genoemde afwegingen vinden jullie belangrijk? o Waar gaat jullie voorkeur naar uit?

De belangrijkst uitkomsten daarbij zijn hieronder op een rij gezet. De eerste sessie is gevoerd met Veluwonen. Belangrijkste uitkomsten daarbij waren: -

Helder en duidelijke opbouw van de gegeven analyse en scenario’s. Fijn dat het duidelijkheid geeft waar de gemeente naar toe wilt. De genoemde afwegingen die belangrijk voor Veluwonen zijn, een prettig leef- en woonklimaat, het in balans met elkaar willen leven in Eerbeek. Graag hadden zij eerder een woonkader gehad, met dit soort duidelijkheid, dan hadden zij misschien meer kunnen inspelen op scenario 3. De voorkeur gaat uit naar scenario 2. Dit passen zij ook al toe in de ontwikkeling van Oud Eerbeek. Daar gaan zij geen woningen toevoegen.

De tweede sessie is gevoerd met IKEL. Belangrijkste uitkomsten daarbij waren: -

Heldere opbouw. Goed dat de gemeente een keuze wil maken, dat geeft lijn waar elke partij bij gebaat is. Welke lijn dit is, is meer voor de fabrieken die in de kern liggen. Als industriekern willen zij graag in balans met de omgeving zijn. Waar ieder zijn plek heeft. Er werd geen voorkeur uitgesproken voor één scenario. 20

De derde sessie is gevoerd met Folding Boxboard Eerbeek. Belangrijkste uitkomsten daarbij waren: -

Fijn dat de gemeente hiermee komt. Blijft wel altijd maatwerk. Afwegingen die als belangrijk worden meegegeven is een acceptabel woon- en leefklimaat, en kijk wat daarvoor nodig is. De voorkeur gaat meer naar scenario 2 en of 3. Het is vooral ook het gesprek wat belangrijk blijft en elkaar op de hoogte houden van plannen die in ontwikkeling zijn.

De vierde sessie is gevoerd met Stora Enso. Belangrijkste uitkomsten daarbij waren: -

Duidelijke opbouw. Snap waar de gemeente heen wilt. Goed om een keuze te maken. De fabrieken zitten er, laat deze in goed balans zijn met de omgeving.

Conclusie Luisterend naar de stakeholders was het meest duidelijk wat naar voren kwam, dat er behoefte is aan duidelijkheid in hoe Eerbeek zich ruimtelijk ontwikkelt. Wetende dat de aanwezigheid van de industrie een gegeven is en er steeds meer bekend wordt over de invloed van milieueffecten op het woon- en leefklimaat . Bijzonder om te zien is dat er tijdens de sessie geen nieuw scenario of toevoegingen zijn aangegeven. Dit is wel nadrukkelijk uitgevraagd tijdens de sessies. Daarbij werd aangegeven dat deze scenario’s duidelijk zijn. Concluderend komen twee punten bij alle sessies naar voren. Behoefte aan duidelijkheid inclusief een keuze die goed te volgen is, waarbij een omgeving in balans met industrie en leefbaarheid voorop staat.

21

Hoofdstuk 5 Voorkeursscenario Zoals in de vorige hoofdstukken beschreven, zijn er verschillende manieren om om te gaan met de milieuzonering in relatie tot het toevoegen van woningen. Daarbij zijn de volgende conclusies naar voren gekomen: Vanuit het huidige geldend beleid kwamen onderstaande punten als belangrijkste naar voren: -

-

-

-

We zijn voor de ontwikkeling van Eerbeek tot een economisch gezond en vitaal dorp. We willen de gevestigde (papier)industrie behouden en tegelijk werken aan een prettig woon- en leefklimaat (Ligt op groen, structuurvisie gemeente Brummen, 2008). In het bestemmingsplan ‘Eerbeek’ dat is vastgesteld in 2018 wordt rekening gehouden met de landelijke normen rondom geur en geluid. Deze zijn getoetst aan commissie MER en ook bij de Raad van State via de bestemminsplanprocedure van 2018. Naast versnelling van woningbouw is het belangrijk dat we sturen op de juiste woning voor de juiste doelgroep op de juiste plek. We willen immers woningen toevoegen die een aanvulling zijn op de bestaande voorraad en bouwen voor doelgroepen waar het hardst woningen voor nodig zijn. Samen met één van onze belangrijkste partners, woningbouwcorporatie Veluwonen, willen we zorgen voor voldoende beschikbare en betaalbare woningen van goede kwaliteit met een duurzaam karakter. We communiceren helder over de kaders die we stellen (intern en extern) (Routekaart 2023). Meer duidelijkheid over de mogelijkheden om planologisch nieuwe woningen in en om het centrumgebied toe te voegen (Centrumvisie Eerbeek 2021).

Waar twee punten van belang zijn: -

Wij werken aan een prettig woon- en leefklimaat waar de papierindustrie behouden blijft. Wij zijn een betrouwbare partner en stellen heldere kaders naar binnen en naar buiten.

Deze punten zijn ook meegenomen naar het maken van de SWOT analyse om te komen tot drie scenario’s. Vanuit de SWOT analyse zijn kleine verschillen zichtbaar tussen de scenario’s. Scenario 2 komt hierbij het beste uit de bus met één plus meer dan de andere scenario’s. Dit scenario laat zien dat je kiest voor leefbaarheid binnen de kern van Eerbeek en dit scenario geeft de meest duidelijke richting naar buiten toe. Vanuit de stakeholders kwam het meest duidelijk naar voren dat er behoefte is aan duidelijkheid in hoe Eerbeek ruimtelijk ontwikkelt. Een omgeving in balans met industrie en leefbaarheid staat daarbij voorop. Kijkend naar de vorige punten in relatie tot de scenario’s komen scenario 2 en 3 als voorkeursscenario naar voren. Kijkend naar de meetwaarde en de uitkomsten daarvan zie je dat in deze scenario’s nadrukkelijk de keuze wordt gemaakt voor leefbaarheid. De relatie met de industrie wordt/blijft goed. De ambtelijke adviesgroep heeft na afronding van de gesprekken alle scenario’s doorgelopen en bekeken wat de gevolgen zijn en wat voor ruimtelijke impact dit gaat creëren op de lange termijn. Hierbij wordt duidelijk gesteld dat een goed woon – en leefklimaat voorop staat. Ruimtelijk gezien wordt er gekozen om geen woningen toe te voegen in de milieuzonering. Dit geldt voor scenario 2 en 3.

Door de keuze richting te geven om meer ruimte te willen creëren tussen bewoners en industrie wordt het woon – en leefklimaat in de toekomst beter. Scenario 3 faciliteert hier meer in dan scenario 2. In scenario 3 mogen er woningen worden toegevoegd in milieuzonering 2 mits deze vanuit milieuzonering 1

22

komen en daar worden gesloopt. Op deze manier ontstaat in de verre toekomst mogelijk een (groene) ruimte tussen bewoners en industrie Vanuit deze conclusie wordt het voorkeursscenario, scenario 3. Geen woningen toevoegen binnen de milieuzonering van geur en geluid. Hierbij gaat het om geen woningen toe te voegen binnen de milieuzonering. Het maximaal aantal woningen blijft gelijk nu en in de toekomst. Woningen mogen toegevoegd worden aan milieuzonering 2 mits deze verplaatst worden vanuit milieuzonering 1. Het geeft een duidelijke richting aan de vraag waar wél en waar géén woningen toe te voegen. Hierbij wordt duidelijk gekozen voor een goed woon- en leefklimaat en een positief blijvend vestigingsklimaat voor de papierindustrie. Nadelen zoals eerder aangegeven is dat er boekwaarde op gronden zit die gebaseerd is op woningbouw. Deze gronden kunnen daarvoor niet meer ingezet worden maar nog wel voor commerciële doeleinden waar nu weer ruimte voor ontstaat. Het voorkeurscenario vertaalt in de beleidsregel en dus het woonkader: Aanduidingsomschrijving Ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone – geurzone 1', ‘milieuzone – geurzone 2’ en ‘milieuzone – geluidszone’ zijn de gronden, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met de aanwezigheid van geurhinder veroorzakende inrichtingen.

Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de daar voorkomende bestemmingen, mogen geen nieuwe geurgevoelige objecten van categorie A worden opgericht. Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 30.3.2 voor het bouwen van vervangende nieuwbouw overeenkomstig de daar voorkomende bestemmingen, met dien verstande dat: a. vervangende nieuwbouw alleen is toegestaan indien er technische maatregelen ter beperking van geuroverlast worden getroffen aan het geurgevoelige object. b. Verplaatsing van woningen naar milieuzone 2 is alleen toegestaan indien deze worden gesloopt in milieuzone 1. Vervolgstappen Het kiezen van het uiteindelijke scenario is aan de gemeenteraad aangezien het om een beleidsregel gaat. De beleidsregel wordt na besluitvorming hierover door het college voorgelegd aan de raad om vrij te geven voor inspraak procedure van 4 weken. De zienswijze nota kan eventueel leiden tot aanpassing van de beleidsregel. Na beantwoording van de zienswijze wordt de beleidsregel voorgelegd aan de raad om deze vast te stellen. Vanaf het moment dat de raad instemt met deze beleidsregel wordt er naar gehandeld door de ambtelijke organisatie. Al het beleid wat wordt gemaakt wordt uiteindelijk in het nieuw op te stellen omgevingsplan meegenomen zo ook deze beleidsregel.

De voorlopige planning voor het verwerken van de geldende 23

bestemmingsplannen is gebaseerd op de leeftijd van de huidige bestemmingsplannen. Het omgevingsplan voor Eerbeek wordt naar verwachting in 2027 ontwikkeld. Verworven rechten die tot aan vaststelling van de beleidsregel zijn ontstaan blijven bestaan. Principebesluiten die door het college al zijn besloten worden uitgevoerd op basis van de situatie voor het aannemen van het woonkader.

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12789034/1