20211111 5 rv Belastingverordeningen Bronckhorst 2022.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Datum
: 11 november 2021
Kenmerk
: Z125513/Raad-00669
Portefeuillehouder
: W.W. Buunk
Onderwerp
: Belastingverordeningen 2022 Bronckhorst
Geachte leden van de gemeenteraad, Voorstel 1. De volgende verordeningen vast te stellen: 1.1 onroerendezaakbelastingen Bronckhorst 2022; 1.2 forensenbelasting Bronckhorst 2022; 1.3 toeristenbelasting Bronckhorst 2022; 1.4 afvalstoffenheffing Bronckhorst 2022; 1.5 rioolheffing Bronckhorst 2022; 1.6 begraafrechten Bronckhorst 2022; 1.7 legesverordening Bronckhorst 2022; 1.8 kwijtschelding gemeentelijke belastingen Bronckhorst 2022; 2. De onderbouwing voor de tarieven van de onroerendezaakbelastingen en de kostenonderbouwing voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing en leges voor 2022 vast te stellen Inleiding Op grond van rijksbeleid en het gemeentelijk begrotingsbeleid stelt u de tarieven voor de gemeentelijke belastingen en heffingen vast in het jaar voorafgaande aan het nieuwe belastingjaar. Voor het komende jaar is er 1 belangrijk onderwerp te noemen, namelijk de nieuwe inrichting van de WOZ-beschikking voor de ozb-aanslag. Bij de WOZ-bepaling wordt niet meer gerekend met een inhoudsmaat (m3), maar een oppervlaktemaat (m2). In dit voorstel komen de verschillende belastingen en heffingen (bij de argumenten) aan bod. Voor de afvalstoffenheffing, begraafrechten, rioolheffing en de leges ziet u de wettelijke financiële onderbouwingen van de tarieven als bijlagen bij dit raadsvoorstel opgenomen. De onderbouwingen maken deel uit van uw raadsbesluit (beslispunt 2).
We volgen met de verordeningen uw besluiten over de Programmabegroting 2022-2025 Alle veranderingen staan in de Programmabegroting 2022-2025, paragraaf Lokale heffingen (2.2.1). Daarin worden ook alle belastingen en heffingen uitgelegd (hoe, wat en waarom). De tarieven in de bijgaande verordeningen volgen de uitgangspunten en geraamde opbrengsten uit die programmabegroting, namelijk: • We leggen niet meer lasten bij de inwoners neer dan aantoonbaar noodzakelijk is. • De uitvoeringskosten voor belastingen berekenen we door aan de producten waarvoor we die kosten maken. • De lastenverlaging bij rioolheffing zetten we voor 80% in voor verhoging van de ozbopbrengst.
•
We gaan bij de opbrengsten (bijvoorbeeld ozb) of tarieven (bijvoorbeeld leges omgevingsvergunning) uit van jaarlijkse indexering. Voor 2022 is dit 1,6%.
Voor de verordeningen reclamebelasting zijn er andere besluiten We leggen u geen aanpassing voor over de 2 verordeningen reclamebelasting. De deelnemende ondernemers gaan over een wijziging in de verordening of tarieven 2022, niet de gemeente. Vanuit de (ontvangende) stichtingen (ondernemingsfondsen Hengelo, Vorden en Zelhem en Industriekring Zelhem) is geen verzoek gekomen voor een inflatiecorrectie. Afstemming De bevoegdheden voor de waardering, heffing en invordering zijn voor Bronckhorst overgedragen naar het Gemeentelijk Belastingkantoor Twente (GBTwente). De directeur van GBTwente is de heffingsambtenaar van Bronckhorst. Hij heeft de verordeningen binnen zijn organisatie laten opstellen en ze zijn besproken met de medewerkers die verantwoordelijk zijn voor de inhoud en bedragen achter de afzonderlijke heffingen en rechten. Daarnaast is een financiële check op de tariefstelling uitgevoerd en een juridische check op de verordeningen. Tot slot zijn de (model)verordeningen getoetst aan wet- en regelgeving door de belastingsectie van de VNG. Beoogd effect Vaststelling van actuele belastingverordeningen om van burgers en bedrijven belastingen te kunnen heffen.
Argumenten 1.1.1 We schetsen de inflatiecorrectie bij de onroerendezaakbelastingen (ozb) Door de inflatiecorrectie stijgt de ozb-opbrengst met € 129.000, waarvan € 89.000 eigenaren en € 40.000 vanuit bedrijven (eigenaren € 25.000 en gebruikers € 15.000). Voor lastenverlichting bij maatschappelijke organisaties bestaat vanaf 2018 een Compensatieregeling ozb maatschappelijke objecten. We gebruiken hiervoor geen facultatieve vrijstelling in de ozb-verordening vanwege de financiële risico’s. In de opbrengst zit een bedrag van € 105.000 voor de kosten van no cure no pay bedrijven bij bezwaarschriften over de ozb-waarde (was € 95.000). 1.1.2 We hebben de afgesproken verhoging van de ozb-opbrengst doorgevoerd In de Perspectiefnota 2022-2025 hebben we vastgelegd dat we tegenover de verlaging voor rioolheffing een verhoging van de ozb-opbrengst doorvoeren (€ 360.000) zonder dat de woonlasten voor de inwoner zou stijgen. Die verhoging hebben we doorgevoerd bij de opbrengst voor eigenaren woningen (€ 316.000) en voor de gebruikers niet-woningen (€ 44.000). 1.1.3 Vanaf 2022 kent de aanslag een andere WOZ-berekening Voor de belastingronde 2022 krijgen we te maken met de uitkomsten van de wettelijke omzetting van de meetparameter m3 naar m2. Dit project is door GBTwente in de periode 2020-2021 afgerond in nauwe samenwerking met Bronckhorst.
We verwachten hieruit een grotere bezwarenstroom omdat dit nieuw is voor de belastingbetalers. De aanslagrondes bij andere gemeenten van GBTwente laten zien dat dit oploopt naar 25% meer bezwaren. We hebben hiervoor ruimte in het projectbudget. 1.1.4 Ieder jaar leggen we uit hoe het bedrag voor ozb op de aanslag tot stand komt De berekening van de ozb-percentages (verdeelmaatstaf), die over de woningwaarde (heffingsgrondslag) worden toegepast in de jaarlijkse aanslag gemeentelijke belastingen, steunt op 2 parameters: 1. De inflatie (1,6%) wordt berekend over de gerealiseerde ozb-opbrengst per ozbgroep tijdens het aanslagjaar (2021) voor het begrotingsjaar (2022) in juni. De
groepen zijn eigenaren woningen, eigenaren niet-woningen en gebruikers nietwoningen. Deze actualisering heeft effect op de parameter ozb-opbrengst. 2. Bij de tariefbepaling (september voor begrotingsjaar 2022) wordt van de WOZwaarden de gerealiseerde areaaluitbreiding en waardeontwikkeling (2021) per ozbgroep meegenomen (+15,2% woningen en +1,1% niet-woningen). Deze actualisering heeft effect op de parameter WOZ-waarde. De deling parameter ozb-opbrengst van groep / parameter WOZ-waarde per ozb-groep geeft het tarief. Hier ontstaat dan het hefboomeffect beschreven in de paragraaf lokale heffingen. Door de stijgende woningprijzen (+15,2%) en daarmee hogere WOZ-waarden, daalt het woningtarief voor woningen (verdeelmaatstaf). Door de stijgende WOZ-waarden van nietwoningen (+1,1%) dalen ook de ozb-tarieven voor niet-woningen (verdeelmaatstaf). De wijziging van de verdeelmaatstaf (tarief) maakt dat we de begrote ozb-gemeenteopbrengst voor woningen en niet-woningen kunnen realiseren. De uitwerking van de ozb-tarieven staat in bijlage 1 en in bijlage 2 bij dit voorstel. Dat er geen daling zichtbaar wordt bij gebruikers niet-woningen, heeft te maken met de extra ozb-opbrengst van € 360.000 (6% stijging). Tarieven OZB
2022
2021
Eigenaar woning
0,1051 %
(0,1132 %) van de WOZ-waarde
Eigenaar niet-woning
0,2040 %
(0,2074 %) van de WOZ-waarde
Gebruiker niet-woning
0,1588 %
(0,1541 %) van de WOZ-waarde
Totaal niet-woning
0,3628 %
(0,3615 %) van de WOZ-waarde
1.2 Ontwikkelingen forensenbelasting Over deze belasting zijn geen bijzonderheden te melden. Het tarief is afhankelijk van de waarde van de woning in het economisch verkeer zoals die geldt voor de ozb. In de tarieven is rekening gehouden de waardeontwikkeling van recreatiewoningen (+10,7%). Door de waardeontwikkeling zijn de tarieven lager dan in 2021. Hiermee realiseren we in 2022 de begrote opbrengst. Tarief forensenbelasting (waarde x € 1.000)
2022
2021
< 100
€ 216
€ 238
100 – 200
€ 247
€ 273
200 – 250
€ 277
€ 306
250 – 300
€ 310
€ 343
300 – 350
€ 340
€ 375
350 – 400
€ 371
€ 410
> 400
€ 404
€ 446
1.3 Ontwikkelingen toeristenbelasting We voeren de inflatiecorrectie bij de toeristenbelasting telkens met een jaar vertraging door om verblijfsbieders de gelegenheid te bieden de tariefsaanpassing in de kostprijsberekening en hun mailingen mee te nemen. In de verordening is vastgelegd dat we tarieven steeds afronden op € 0,05. De tarieven voor 2022 (vanuit indexering voor het jaar 2021 met 1,8%) hebben we vastgelegd bij de vaststelling van de verordening toeristenbelasting 2021. De tarieven die we verhogen met het inflatiepercentage van 1,6% worden de tarieven voor 2023.
Tarief toeristenbelasting Overnachting accommodatie Overnachting kampeeronderkomen/ groepsaccommodatie Toegepaste indexering
2023 1,30 0,80
2022 1,30 0,75
2021 1,25 0,75
1,6%
1,8%
2,4%
1.4.1 Ontwikkelingen afvalstoffenheffing De jaren van achterblijvende inkomsten hebben we achter ons gelaten. De uitdaging blijft om de kosten te verminderen. Zowel vanuit ons doel om de afvalstromen te verkleinen als om de steeds stijgende kosten van Circulus Berkel B.V. op te vangen. Tarief afvalstoffenheffing Vastrecht Restafval (zak) GFT (container 140L) PMD (container 240L) Zorgcontainer (container 140L)
2022 209,88 2,09 1,60 1,60 12,31
2021 206,60 2,06 1,57 1,57 12,31
De kostenonderbouwing horend bij de afvalstoffenheffing staat in bijlage 3 bij dit raadsvoorstel. 1.4.2 De afvalstoffenheffing kent een plafond voor kwijtschelding Het jaarlijkse bedrag ramen we op gemiddeld € 247,50 voor 2022, uitgaande van lediging van 18 stortingen in een ondergrondse container. In 2021 was dat € 243,68. Voor dat bedrag is kwijtschelding mogelijk wanneer de aanvrager aan de voorwaarden voor kwijtschelding voldoet. Uiteraard is daarnaast kwijtschelding voor andere jaarlijkse heffingen (rioolrecht en ozb) mogelijk. De inwoner kan kwijtschelding aanvragen voor de aanslag van het huidige belastingjaar, ook al heeft hij de aanslag al betaald. In dat geval krijgt hij (als hij in aanmerking komt) kwijtschelding voor de gehele aanslag (dus ook voor de al betaalde delen). 1.5.1 Ontwikkelingen rioolheffing De lasten zijn gebaseerd op het Afvalwaterketenplan Olburgen (AWPO) 2018-022. De kosten zitten vooral in het daadwerkelijk nakomen van onze gemeentelijke watertaken op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater. Zo passen we wegen en straten zo aan dat het hemelwater bij hevige regenval enige tijd op straat kan worden geborgen en vertraagd kan afvloeien. Dit voorkomt overbelasting van het stelsel bij piekbelasting. Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) geeft ons de mogelijkheid om in de tariefberekening te sparen voor vervangingsinvesteringen.
In de voorziening zit het gespaarde bedrag. 1.5.2 We maken een nieuw 'Watertakenplan' In 2022 vernieuwen we het 'Watertakenplan'. Vooruitlopend hierop hadden we voor het traject 'Bronckhorst financieel gezond houden' de kostenstructuur laten doorrekenen. Hiervoor is een voorstel in de Perspectiefnota 2022-2025 uitgewerkt en in deze programmabegroting uitgevoerd (zie bij argument 1.5.3). 1.5.3 We hebben de afgesproken verlaging van de rioolheffing doorgevoerd In de afgelopen jaren is het spaarbedrag sneller gegroeid dan verwacht. Deze extra groei is ontstaan doordat we telkens kijken of vervangingen wel direct noodzakelijk zijn en of die niet nog iets doorgeschoven kunnen worden. Wordt het gereserveerde geld niet gebruikt, dan wordt dit ingezet voor versnelde afschrijving van lopende vervangingsinvesteringen. Daarnaast is de rente op de activa lager dan waarmee in 2017 rekening werd gehouden.
De ontstane voordelen (€ 450.000) zetten we in voor een verlaging van de rioolheffing volgens besluit in de Programmabegroting 2022-2025 met € 27 per aansluiting (9,5%). Door de indexering met 1,6% komt de verlaging uit op 22,80. Tarief rioolheffing per perceel
2022
2021
€ 264,60
€ 287,40
De kostenonderbouwing horend bij de rioolheffing staat in bijlage 4 bij dit raadsvoorstel. 1.5.4 We geven subsidie vanuit het rioolrecht In het Waterketenplan is opgenomen dat voor 2050 30% van het verharde oppervlak, waarvan nu nog het regenwater wordt geloosd op het gemengde riool, afgekoppeld wordt. Het gaat voor meer dan de helft om particulier terrein. Daarom stellen we een afkoppelsubsidie beschikbaar voor bewoners en bedrijven. 1.6 Ontwikkelingen begraafrechten In de programmabegroting 2021-2024 (paragraaf Lokale heffingen) is vastgelegd dat we de kostendekkendheid voor begraafrechten loslaten. Vanaf 2021 is de kostendekkendheid voor begraafplaatsen 2021 minimaal 50%. We accepteren de bestaande kostensituatie. We doen geen onderzoeken naar efficiënter gebruik van begraafplaatsen omdat we dan de emotiebeleving op de begraafplaatsen aantasten. Wanneer de opbrengst van begraven en begraafplaatsonderhoud minimaal 50% van de jaarlijkse kosten dekt, vinden we dat prima. De kostenonderbouwing horend bij de rioolheffing staat in bijlage 5 bij dit raadsvoorstel. 1.7 Ontwikkelingen leges Van verschillende diensten dekken we de lasten uit de legesopbrengsten volgens de uitgangspunten in de programmabegroting 2022-2025 (1,8% voor inflatie).
Voor leges waarvoor vastgestelde rijkstarieven gelden, sluiten we aan bij die tarieven (reisdocumenten, rijbewijs, akten burgerlijke stand, kansspelen). De kostenonderbouwing horend bij de legesverordening staat in bijlage 6 bij dit raadsvoorstel en geeft de verplichte uitwerking van de lasten en baten, verdeeld over de verschillende producten waaraan we de kosten en inkomsten toerekenen. Hoe die toerekening tot stand komt via de zogenoemde kruissubsidiëring staat in de eerdergenoemde paragraaf lokale heffing (gebonden heffingen). De milieuvergunning kan niet met de belastingverordeningen 2022 worden vastgesteld De Omgevingswet zou 1 januari 2022 ingevoerd worden. Dat is uitgesteld naar juli 2022. In de Perspectiefnota 2022-2025 staat dat we vanaf 2022 leges voor milieuvergunningen heffen (€ 50.000). Dit gaat niet door en hebben we opgevangen vanuit het invoeringsbudget Omgevingswet. De invoering van leges milieuvergunningen verschuift naar 2023. Kanttekeningen 1.1 Wet WOZ in relatie tot de tarieven onroerendezaakbelastingen De waardering in het kader van de Wet WOZ, als grondslag voor de aanslagen onroerendezaakbelastingen, is nog niet helemaal afgerond. Dit is ieder jaar zo bij de tariefsvoorstellen. Dit betekent dat er aannames zijn gedaan voor die objecten die nog niet van een nieuwe waarde zijn voorzien.
Bij die objecten is gerekend met de gemiddelde waarde mutatie (zie argument 1.1.4). Dit kan gevolgen hebben voor de daadwerkelijk te realiseren ozb-opbrengsten in 2022. Bij de tariefvoorstellen voor het jaar daarop (2023) nemen we de afwijkingen weer mee bij de bepaling van de ozb-opbrengstraming (2023).
1.2 Afwijkingen bevestigen de regel We wijken hier en daar af van de toepassing van de inflatiecorrectie. Dit in verband met wettelijk vastgestelde tarieven of afrondingen in de tariefstelling. Dit geldt vooral voor de bedragen in de verordening Toeristenbelasting en in de bij de Legesverordening behorende tarieventabel. Voor kleine legesbedragen geeft inflatiecorrectie niet ieder jaar een verhoging, pas na een aantal jaren van verhogingen. De effecten treden ieder jaar op en vormen geen probleem voor de gemeentelijke begroting. 1.3 Geen besluit over de tarieven voor 1 januari 2022 Wanneer de verordeningen niet tijdig worden vastgesteld door de raad, blijven de belastingverordeningen 2022 in stand. Kosten, baten en dekking De tariefsaanpassingen hebben we verwerkt in de Programmabegroting 2022–2025 Bronckhorst. Ze geven, na opname van alle WOZ-objecten in de opbrengst, het volgende beeld: Opbrengsten belastingen en rechten Forensenbelasting Onroerendezaak belastingen eigenaren woningen Onroerendezaak belastingen eigenaren niet-woningen Onroerendezaak belastingen gebruik ers niet-woningen Onroerendezaakbelastingen totaal Reclamebelasting Toeristenbelasting Afvalstoffenheffing Begraafrechten Rioolheffing woningen Rioolheffing niet-woningen Rioolheffing totaal Leges titel 1: Algemeen Leges titel 2: Fysiek e leefomgeving Leges titel 3: Europese dienstenrichtlijn Leges totaal
Werkelijk Begroot 2021 Begroot 2022 2020 68 65 65 5.108 5.250 5.668 1.636 1.601 1.591 952 924 975 7.696 7.775 8.235 143 125 125 246 260 260 2.629 4.679 3.734 135 137 139 4.145 4.272 3.929 447 468 431 4.592 4.740 4.360 398 399 348 986 1.281 1.302 0 0 0 1.375 1.680 1.650 16.884 19.461 18.567
bedrag x € 1.000
De hogere ozb-opbrengstraming (€ 360.0000) ziet u terug bij de ozb woningen en ozb gebruikers niet woningen. Daartegenover daalt voor die 2 groepen het rioolrecht (€ 450.000), zodat de gemiddelde woonlasten voor een inwoner niet stijgen. Het verschil in opbrengst bij de afvalstoffenheffing komt doordat de raming 2021 volgt uit de Programmabegroting 2021. Daarin was het nieuwe afvalplan nog geen feit. Meer hierover staat in de paragraaf Lokale heffingen in de Programmabegroting 2022-2025 Bronckhorst. De kleine afwijking bij ozb niet woningen (€ 37.000 V) volgt uit de opname van alle WOZ-objecten door GBTwente in de realisatie 2021. Uitvoering De communicatie naar de inwoners loopt via GBTwente en doen we zelf via publicatie in Contact en op de website. Inwoners en bedrijven kunnen met hun belastingvragen terecht bij GBTwente via telefoon, email en website van GBTwente of door (op afspraak) langs te komen op het gemeentehuis.
GBTwente verzendt de aanslagen gemeentelijke belastingen in februari 2022. De belastingplichtigen kunnen hiertegen een bezwaarschrift indienen. Dit laat de belastingplicht intact, maar kan op een later moment leiden tot een aanpassing van de aanslag. Evaluatie De belastingverordeningen kennen geen evaluatiemoment. We beperken het aantal aanpassingen tot eenmaal per jaar, namelijk bij de jaarlijkse tariefsvoorstellen. De wijzigingen door hogere regelgeving zijn al geldend vanaf moment van inwerkingtreding. Wanneer we een nieuwe belastingsoort of een aanpassing vanuit beleidswijzigingen willen, leggen we op dat moment de bijbehorende verordening aan de raad voor.
Hengelo (Gld), 5 oktober 2021 Burgemeester en wethouders van Bronckhorst, de secretaris, de burgemeester, Bart Drewes Marianne Besselink Bijlagen Ontwerp raadsbesluit; Diverse belastingverordeningen 2022; Diverse bijlagen over onderbouwingen belastingtarieven onroerendezaakbelastingen (bijlage 1), afvalstoffenheffing (bijlage 3), rioolheffing (bijlage 4), begraafrechten (bijlage 5) en leges (bijlage 6); Overzicht gemiddelde lokale lasten 2022 met lastenvergelijking 2020 – 2021 (bijlage 2).