N 05022026 Auditcommissie
Tekst van het document
NOTULEN VAN DE VERGADERING VAN DE AUDITCOMMISSIE VAN HET BREDAAS BERAAD van 5 februari 2026 Voorzitter:
de heer H. Jansen
Griffier/secretaris:
de heer R. Wiersma de heer M. Renders
(Burger-)raadsleden:
mevrouw L. van Kelle mevrouw I. Verdaasdonk mevrouw M. Peereboom de heer P. Jong de heer I. Gesink de heer I. Dienjes de heer S. Vos
Rekenkamer:
de heer S. Oostlander
BDO accountants:
de heer M. Steehouwer
Corporatie Laurentius:
de heer T. Teeuwen (agendapunt 9)
Ambtel. ondersteuning:
mevrouw S. van den Berg de heer C. Kuijpers mevrouw S. ter Bekke (agendapunt 9) mevrouw M. Dörr (agendapunt 9)
Vastgesteld in de vergadering van
, voorzitter
, griffier
Notulen auditcommissie d.d. 5 februari 2026 Pagina 1
1. Opening De voorzitter geeft voorafgaand aan de vergadering de gelegenheid om de notulen van de besloten vergadering van 4 december 2025 te lezen. Afmeldingen zijn ontvangen van de heer Van Woudenberg (FvD) en wethouder Kranenborg. 2. Vaststellen agenda De voorzitter constateert dat de commissie akkoord gaat met de voorgestelde agenda. 3. Mededelingen a. Kennismaking met de heer Renders De voorzitter deelt mee dat de heer Wiersma op 13 maart met pensioen gaat en vraagt zijn opvolger, de heer Renders, zich kort voor te stellen. De heer Renders: ik ben Martijn Renders, 48 jaar. Oorspronkelijk kom ik uit Eindhoven. Na een jaar of 20 ben ik in Breda gaan studeren en ben daar mijn huidige vrouw tegengekomen. Die woonde in Hank en zo ben ik in Hank terechtgekomen. Ik ben getrouwd, heb twee zoons, die inmiddels 19 en 20 jaar oud zijn. Ik heb bedrijfseconomie gestudeerd in Breda en heb 18 jaar bij verschillende gemeenten gewerkt, in diverse financiële functies, oorspronkelijk vanuit het ruimtelijk domein en daarna concernfinanciën. Het opstellen van kadernota’s, begrotingen en het begeleiden van dat soort trajecten, zoals die hier ook regelmatig aan bod komen. De laatste 3,5 jaar heb ik voor een commerciële partij gewerkt, die applicaties maakt voor onder andere het gemeentefonds, voor de BUIG en participatiebudgetten.
Daar heb ik vrijwel alle gemeenten in Nederland begeleid op het gebied van financiële verhoudingen. Daar heb ik ook een netwerk opgebouwd binnen de VNG en het openbaar bestuur. Dat soort zaken komt hier heel mooi samen dus ik hoop jullie daarin te kunnen gaan ondersteunen de komende periode. De voorzitter wenst de heer Renders veel succes met zijn nieuwe baan bij de griffie in Breda. b. Mededelingen van de wethouder De voorzitter geeft aan dat de wethouder geen mededelingen heeft meegegeven. c. Update rekenkamer De heer Oostlander is sinds 18 december voorzitter van de rekenkamer Breda, na een gesprek met een aantal leden van deze commissie en de benoeming door de raad. Hij is werkzaam bij een IT-organisatie en het rekenkamerwerk is een soort hobby. Hij is voorzitter van de rekenkamer in de gemeente Amersfoort geweest en is dat in de gemeente Dordrecht. Daarnaast is hij voorzitter van de branchevereniging van rekenkamers. Hij vindt het leuk om van een belangrijke gemeente als Breda voorzitter van de rekenkamer te zijn. Het is een gemeente waar veel speelt en waar professionaliteit in de raad wordt gecombineerd met elkaar wat gunnen en met elkaar verantwoordelijkheid voelen voor deze stad. De resultaten van het Doe-mee-onderzoek worden binnenkort opgeleverd. Dat is een samenwerking van alle rekenkamers in Nederland en gaat over onderbesteding of onderuitputting.
Er blijft geld over, wat je kunt toevoegen aan je reserves. Dat onttrekt zich dan eigenlijk aan controle door de raad. De resultaten komen eind deze maand beschikbaar en moeten dan nog door de hoor- en wederhoorcirkel en kunnen pas in de nieuwe samenstelling hier besproken worden. Er loopt ook een onderzoek naar algoritmes. Dat gaat over hoe de gemeente Breda digitale ondersteuning gebruikt en of daar een zorgvuldige afweging wordt gemaakt. Een heel simpel voorbeeld is de postcode, die zegt iets over iemands identiteit. Het is goed om je ervan bewust te zijn dat algoritmes in alle digitale ondersteuning zitten. Dat is de bron van de toeslagenaffaire geweest. De rekenkamer hoopt dat onderzoek nog voor de zomer aan te kunnen bieden. Voor het onderzoek naar het woningbouwbeleid is vorige week een sessie geweest met de betreffende commissie in de raad. Ook dat onderzoek moet rond de zomer komen. Deze rekenkamer is zich aan het beraden op nieuwe onderzoeken, waarvoor gebruik wordt gemaakt van een groslijst. De heer Oostlander heeft aangegeven liever wat planmatiger te willen werken, bijvoorbeeld met een jaarplanning of een meerjarenplanning. Daardoor wordt het voorspelbaarder voor de raad. Het behalen van de planning wordt echter door externe factoren beïnvloed, bijvoorbeeld hoe snel het college informatie aanlevert.
De heer Oostlander wil iedere maand bij de vergadering van de auditcommissie aansluiten en kijkt uit naar een goede samenwerking. d. Mededelingen van de griffie Die zijn er op dit moment niet. 4. Ingekomen stukken Er zijn vandaag geen ingekomen stukken. 5. Notulen van 4 december 2025 Mevrouw Verdaasdonk vraagt zich af of de wethouders aanwezig waren bij het besloten deel van de vergadering, zij kan dat niet uit de notulen halen maar zag dat de wethouders bij de opening niet aanwezig waren. Zij is ook benieuwd waar deze notulen blijven en of de geheimhouding na een bepaalde tijd opgeheven wordt. De voorzitter antwoordt dat de notulen opgeborgen worden bij de gewone notulen. De geheimhouding wordt opgeheven nadat de raad, als bevoegd orgaan, hiertoe besluit. Notulen auditcommissie d.d. 5 februari 2026 Pagina 2
De notulen worden ongewijzigd vastgesteld, met dank aan de notuliste. 6. Aandachts- en actiepuntenlijst en jaarplan De heer Vos merkt op dat dit overzicht niet lekker leesbaar is en het lijkt hem wel goed dat de volgende auditcommissie stilstaat bij de status van dit overzicht. De voorzitter zal de overdracht naar de nieuwe voorzitter doen en zal deze opmerking daarbij meenemen. Het overzicht wordt bij deze ongewijzigd vastgesteld. 7. Plan van aanpak programma 1 De voorzitter geeft aan dat dit over programma 1 in de begroting gaat en de verdere verbetering van de begroting 2027. Er was iets misgegaan bij de afspraken rondom de sessie van de klankbordgroep met de ambtelijke organisatie, waardoor mevrouw Van Kelle als enig lid van de auditcommissie aanwezig was. Mevrouw Van Kelle geeft aan dat het voorstel, zoals bij de agenda gevoegd, haar goedkeuring heeft. Er is de afgelopen anderhalf jaar uitgebreid gesproken hoe we de begroting prettiger leesbaard en beter toegankelijk kunnen maken, binnen het redelijke en uitvoerbare voor de ambtelijke organisatie. Programma 1 is aangepast in de afgelopen begroting. De auditcommissie is eerder tot de conclusie gekomen dat het merendeel van de aanpassingen goed is. De klankbordgroep is met de ambtelijke organisatie in gesprek gegaan over de doorontwikkeling en de verbeterpuntjes. De ambtelijke organisatie kan die vrij makkelijk overnemen.
Er is voorgesteld om met de aanpassing van de overige programma’s niet te wachten tot programma 1 perfect is. Het lukt niet om de hele begroting 2027 aangepast te krijgen daarom worden de programma’s 4 en 5 aangepast. Er is ook gesproken over de indicatoren, die sluiten niet altijd aan bij de tekst. Daarover is afgesproken de reguliere herijking te doen en anderzijds te kijken hoe de aansluiting bij programma 1 verbeterd kan worden. Het voorstel is om hierover nog voor de verkiezingen in gesprek te gaan met de experts van programma 1 in de raad, zodat de nieuwe raad zich daar niet meteen mee bezig hoeft te houden. Mevrouw Van den Berg geeft aan dat voorgesteld wordt om programma 4 (Basis op orde) en 5 (Organisatie en Financiën) op te pakken richting de begroting 2027. Deze zijn redelijk steady en minder afhankelijk van de afspraken in het bestuursakkoord dan programma 2 en 3. Daarin wordt wel gekeken naar wat concreter en helderder taalgebruik. De herijking en de aanpassing van de indicatoren komen later naar de auditcommissie. Mevrouw Van Kelle geeft aan dat de ambtelijke organisatie contact op zal nemen met de griffie om het overleg met de experts uit de raad te regelen. De heer Jong vraagt wat er gedaan wordt aan de wens van de raad voor betere leesbaarheid.
Mevrouw Van den Berg antwoordt dat de ambtelijke organisatie probeert met Copilot de teksten leesbaarder te maken en te zorgen dat ze voldoen aan de schrijfwijzer. De heer Gesink voegt toe dat ook de raad aan zet is om na te denken over het beleid en het vormgeven van de indicatoren. De heer Gesink heeft aangegeven dat er per mail wel is gecommuniceerd over het niet doorgaan van de klankbordgroep en dat er door deelnemers van de klankbordgroep wel per mail input is gegeven of kon worden gegeven. Mevrouw Van Kelle geeft aan dat voor programma 2 en 3 het reguliere herijkingstraject wordt gevolgd, waarbij indicatoren die niet wettelijk verplicht zijn afgevoerd of aangepast kunnen worden. De autonomie en slagkracht van de raad zijn geborgd. De voorzitter geeft aan dat in mei of juni in de nieuwe auditcommissie verslag van de voortgang wordt gedaan. De voorzitter schorst de vergadering voor de maaltijd. SCHORSING De voorzitter heropent de vergadering. 8. Evaluatie auditcommissie en overdrachtsdocument De voorzitter heeft met de griffie een overdrachtsdocument samengesteld en stelt voor om alle fracties langs te gaan of zij opmerkingen of aanvullingen hebben. Deze worden, zonder censuur, toegevoegd aan het document, wat dan zonder hoor of wederhoor aan de nieuwe auditcommissie overgedragen wordt. Mevrouw Van Kelle vraagt wat de status is van dit document.
De voorzitter antwoordt dat het document geschreven is door de griffie en geaccordeerd door hem. Een aantal dingen, die eigenlijk nog zouden moeten gebeuren om de auditcommissie meer body te geven, zijn overgenomen uit het overdrachtsdocument van vier jaar geleden. De leden van de huidige auditcommissie kunnen aangeven wat ze wel en niet onderschrijven. Het document zal ook wel meegenomen worden bij de coalitieonderhandelingen. Het is meer een advies van de huidige commissie aan de nieuwe commissie. De heer Wiersma en de voorzitter hebben ook bij de auditcommissie van andere gemeenten gekeken en daar enkele punten voor Breda uitgehaald. Mevrouw Peereboom vraagt of het nog wel mogelijk is om dingen aan te passen zodat het een document van heel de auditcommissie is. De voorzitter antwoordt dat dit document een voorzet is. De heer Gesink vindt het groeimodel in het stuk mooi. Wij variëren nu zo’n beetje langs alle niveaus. Zijn fractie vond een voorzitter vanuit de grootste oppositiepartij wat beperkend maar steunt wel het idee erachter dat Notulen auditcommissie d.d. 5 februari 2026 Pagina 3
voorzitters vanuit de oppositie tegendruk kunnen geven. Uit het midden van de oppositie kiezen is wat minder beperkend. PvdD had twijfels bij deelname op basis van deskundigheid en motivatie. Wanneer is iemand voldoende gemotiveerd of deskundig? Daarnaast zijn er twijfels bij het weghalen van de standaard livestream. Wellicht is het beter de vergadering openbaar te houden met een besloten voorbereiding vooraf. Een goede suggestie is om meer op de p&c-producten te richten om de focus goed vast te houden. De heer Wiersma geeft aan dat niet streamen te maken heeft met het voorbeeld van de gemeente Utrecht, die een supergoed functionerende auditcommissie heeft. Daar zitten ambtenaren en de accountant direct aan tafel. Er wordt daar niet gestreamd zodat zij vrijuit kunnen praten. De heer Gesink denkt dat een besloten voorbereiding goed kan helpen om de leden van de auditcommissie goed in hun kracht te krijgen. De heer Jong vraagt of potentiële leden niet gewaarschuwd moeten worden dat het niet meevalt om grip te krijgen op deze materie. Het is best een zware klus. De voorzitter geeft aan dat daarom voorgesteld wordt een speciaal opleidingsprogramma te faciliteren. De heer Jong vult aan dat kennis van de gemeentelijke organisatie ook nodig is. Mevrouw Peereboom vindt dat er best wel wat politieke suggesties in het stuk staan.
Iedereen moet recht hebben om lid te worden van de auditcommissie, het hoeft geen select clubje te zijn. Voor de voorzitter is het belangrijk om aan de hand van een profiel te kijken wie daarvoor het meest geschikt is, dus niet perse iemand uit de oppositie of coalitie. De wethouder is adviseur en geen lid van de auditcommissie. Het is de rol van de voorzitter om te zorgen dat het apolitiek blijft. De VVD is er voorstander van om de vergaderingen openbaar te houden. Het opleidingsprogramma is een goed idee maar zorg dan wel dat een neutraal persoon uitleg geeft, bijvoorbeeld de externe accountant. De heer Vos vindt het minder relevant of de voorzitter van de oppositie of de coalitie is, of van een grote of kleine partij. Het gaat erom dat die persoon er ook hard voor wil lopen. Het is aan de nieuwe commissie om daarover te besluiten. Het is goed als elke fractie kan deelnemen. Door te werken met subcommissies of klankbordgroepen ontlast je de kleinere partijen. Het uitgangspunt is dat ambtenaren vrij moeten kunnen praten en een nuttige rol hebben als adviseur. De vraag is of de knip daar een goede oplossing voor is. Transparantie is belangrijk maar misschien is het mogelijk om een traject op te zetten op welke momenten en bij welke onderwerpen ambtelijke ondersteuning meer op prijs wordt gesteld. Hij onderschrijft de focus op de reguliere BOB-cyclus en de p&c-producten.
Een opleidingsprogramma is een heel goed idee maar de nieuwe auditcommissie moet snel kunnen starten. Mevrouw Van Kelle vindt dat de voorzitter inderdaad op basis van een profiel gekozen moet worden. Alle fracties moeten de mogelijkheid hebben om in de auditcommissie plaats te nemen. De deelname van de wethouder is de afgelopen periode nuttig gebleken dus zij kan als adviseur aansluiten. Je zou ook vertraging op kunnen lopen als je na de vergadering naar de wethouder moet. Het is wel belangrijk om de livestream te behouden. Als er een keer verdieping nodig is, is er altijd nog de mogelijkheid om in een kleiner comité met de ambtelijke organisatie van gedachten te wisselen. De knip kan nuttig zijn om vrij te sparren met adviseurs. Zij is in principe voor de agendering zoals voorgesteld. Laat de commissie zich tot de kerntaken beperken maar er niet een hard kader omheen zetten en kijken wat handig is om de raad niet te belasten door apolitieke zaken in de BOB-cyclus te doen. Het opleidingsprogramma is een goed idee. Mevrouw Verdaasdonk vindt het raar als we zeggen dat de commissie apolitiek is en dan een voorzitter uit de oppositie kiezen. Nu doet iemand uit de coalitie het voorzitterschap prima. Het zal straks toch best een puzzel zijn welke partijen welke posities in al die verschillende commissies en werkgroepen gaan doen.
Voor de deelname zou het misschien beter zijn te kijken naar hoe de agendacommissie zich heeft ontwikkeld, compacter maar wel afgewogen. Er hoeft niet perse iemand van iedere partij in de auditcommissie maar wel maximaal een per fractie. Vaste deelname van de wethouder zou alleen logisch zijn als we de knip invoeren en de knip is op zich wel interessant als je terugdenkt aan de aanbesteding van de nieuwe accountant. Het zou zonde zijn om de extra plus, waardoor we voor BDO hebben gekozen, niet te benutten. Beperken tot de financiën en cyclische producten zou betekenen dat we het niet meer hebben over de FG, de rekenkamer en de ombudsman en andere dingen. Waar kan dat dan apolitiek besproken worden? Daar een werkgroep voor inrichten lijkt ook niet wenselijk. Met een meerjarig opleidingsplan voor een raadslidmaatschap van vier jaar leg je de lat misschien te hoog. Met behulp van BDO en de ambtelijke ondersteuning zou dat traject korter moeten kunnen. Het is juist verfrissend als iemand een van onze eigen p&c-producten toelicht in plaats van een externe. De heer Dienjes vindt dat het voorzitterschap vooral gedragen moet worden door de commissie zelf en op basis van de ambitie van mensen en niet perse vanuit coalitie of oppositie. Notulen auditcommissie d.d. 5 februari 2026 Pagina 4
Bij deelname op basis van deskundigheid en motivatie moet er wel voldoende binding zijn met de raad en een structurele terugkoppeling naar alle fracties. Besloten bijeenkomsten zouden uitsluitend ingezet moeten worden bij technisch of vertrouwelijk overleg en de conclusies en adviezen moeten openbaar vastgelegd worden. Bij een knip moet vooraf vastgelegd worden wat het doel van beide delen is, wat openbaar is en hoe wordt gerapporteerd aan de auditcommissie en de raad. De agendering zou iets concreter kunnen zijn. Een meerjarig opleidingstraject is een beetje raar maar een spoedcursus is zeker goed en dan concreet op de financiële cycli. De auditcommissie moet bij adviezen ook kijken naar uitvoerbaarheid in relatie tot capaciteit en wat de effecten zijn voor inwoners. De heer Kuijpers (namens het college) geeft aan dat het bijzonder zou zijn als de grootste oppositiepartij de voorzitter van een apolitiek orgaan moet leveren. Mevrouw Van Kelle vindt het fijn als het college reflecteert maar in dit soort zaken is het college geen partij. Zij vraagt of de vertegenwoordiger van het college zich wil beperken tot de deelname van het college. De heer Kuijpers antwoordt dat gevraagd was te reflecteren op het geheel maar hij zal zich beperken tot de punten waar het college wel inbreng zou moeten leveren. Het college wil helpen bij de ontwikkeling van de auditcommissie.
Het college verwacht een goede gesprekspartner op het gewenste niveau. Dat vereist een bepaalde expertise op financieel-technische onderwerpen. Het college is erbij gebaat dat er kennis en kunde aanwezig is bij de leden van de auditcommissie. Over de deelname van de wethouder is voldoende gezegd. Het college ondersteunt dat omdat in de verordening is omschreven dat de wethouder als adviseur aanwezig is bij de vergaderingen. Dat draagt bij aan een goede voorbereiding op de stukken die aan de raad voorgelegd worden. De heer Wiersma merkt op dat in de verordening staat dat de wethouder altijd uitgenodigd wordt maar de positie is niet duidelijk beschreven. Dat zou nog verhelderd kunnen worden. De heer Kuijpers denkt, op basis van verordeningen van andere gemeenten, dat een wethouder nooit lid is van de auditcommissie maar het staat niet expliciet in de verordening. De knip die wordt voorgesteld is ingewikkeld voor de ambtelijke ondersteuning. Een ondersteuner kan namens het college deelnemen aan de besprekingen maar de raad kan ook ambtelijke bijstand vragen. Dan zou een ambtenaar in de voorbereiding ambtelijke bijstand verlenen en in de vergadering namens het college aan het woord zijn. De heer Gesink merkt op dat ambtenaren in de opsomming niet als adviseur worden genoemd.
Spreekt het college zich daarover uit? De heer Kuijpers antwoordt dat er wordt verwezen naar het voorbeeld van Utrecht, daar is een deel van de vergadering met ambtelijke aanwezigen en politieke aanwezigen. Daar ontstaat een spanningsveld, ben je er dan namens het college of in de rol van ambtelijke bijstand? Dat moet wel duidelijk zijn. De verordening is helder wat betreft de agendering. Dat er de laatste tijd andere onderwerpen op zijn geplaatst, verstoort mogelijk de agenda. Voor de opleiding adviseert het college maximaal gebruik te maken van alle expertise en deskundigheid in de ambtelijke organisatie. Het moet geen vierjarig programma zijn, dan verandert de samenstelling weer. Er zou wel een keuze gemaakt moeten worden welke onderwerpen besproken moeten worden om tot een goede besluitvorming te komen. De heer Gesink voelt een spanningsveld met het vorige punt. Moet die bijscholing dan met een camera erbij plaatsvinden? De heer Kuijpers ziet dat spanningsveld niet. De ambtenaren kunnen heel goed aangeven hoe de organisatie invulling geeft aan bijvoorbeeld het risicomanagement. Dat is vastgelegd in beleidsnota’s en andere stukken. Een extern expert kan een theoretisch verhaal vertellen. Mevrouw Verdaasdonk vindt dit ambtelijke bijstand, wat op zich helemaal prima is. Wie kan beter uitleggen hoe het op het stadskantoor werkt dan de mensen die dat werk doen.
De voorzitter denkt ook dat een aantal mensen uit het stadskantoor heel goed apolitiek kunnen vertellen hoe een gemeentebegroting opgesteld wordt. Het gaat niet om de keuzes die in de begroting gemaakt worden, dat is politiek. De accountant (M. Steehouwer, BDO) vindt het belangrijk dat de kennis en kunde in de auditcommissie op orde is en ziet daarin wel een rol voor BDO. Hij ziet dat zelf als ieder jaar bijpunten van de actualiteiten maar je moet ook een kickstart doen om de nieuwe auditcommissie meteen op vlieghoogte te brengen. Jaarlijks onderhoud kan bijdragen aan het debat en een goede besluitvorming ondersteunen. In de meeste auditcommissies waar hij als accountant zit, is nooit een wethouder of alleen op uitnodiging. De accountant is meer voor de nuance en de context en het duiden van onbenoemde risico’s of effecten van voorliggende keuzes. Hoe vrijer je dat kan doen, hoe beter. Bij punt 4 is het belangrijk om goed te definiëren wat er wel en niet terugkomt in de auditcommissie. Bijvoorbeeld in Dordrecht wordt de monitor grote projecten besproken, dat is bij uitstek een onderwerp voor de auditcommissie, als voorbereiding op het debat in de raad. Wat niet in het stuk staat is hoe de auditcommissie terugkoppelt aan de hele raad. Dat hangt samen met de bemensing van de auditcommissie. Notulen auditcommissie d.d. 5 februari 2026 Pagina 5
De heer Vos vraagt zich af wat nu de conclusie is. Er ligt een stuk voor, daar zijn verschillende meningen over en er zijn suggesties gedaan. Hoe gaan we verder? Het was goed geweest als dit gesprek eerder had plaatsgevonden, bijvoorbeeld in een klankbordgroep. Sturen we nu niet iets de wereld in wat geen status heeft? De voorzitter merkt op dat het aan hem is om af te concluderen en stelt het volgende voor. De op- en aanmerkingen worden, daar waar de meningen niet uiteenlopen, aangepast in het document. Dit deel van de notulen wordt bij het document gevoegd zodat iedereen de opmerkingen kan lezen. Het is natuurlijk de intentie dat de leden de eerste 4-5 maanden een goede opleiding krijgen. Die nuance zal aangebracht worden. Mevrouw Reinders van de gemeente Utrecht kan uitgenodigd worden om hun model hier te komen toelichten. Dan wordt ook de voorgestelde knip duidelijker. De heer Vos merkt op dat je wel van goede huize moet komen om straks te zeggen dat je het niet eens bent met het aangepaste document. Hij voelt zich er niet helemaal senang bij en vindt dat het al of niet uitnodigen van mevrouw Reinders van Utrecht aan de nieuwe auditcommissie is. De voorzitter zal het uitnodigen van mevrouw Reinders als suggestie opnemen. Het document wordt aangepast aan de grootste gemene deler hier.
De notulen worden er aangehangen zodat je expliciet kan zien wat iedereen heeft aanbevolen. De heer Jong wil nog aanvullen dat het beeld ontstaat dat je onderhand een financieel expert moet zijn om deel te kunnen nemen aan de auditcommissie. Het is niet perse nodig dat je echt financieel deskundig bent om deel te kunnen nemen aan de auditcommissie maar dat je gezond boerenverstand hebt. De voorzitter merkt op dat affiniteit met financiën het belangrijkste is. Mevrouw van Kelle vindt het goed dat de notulen bijgevoegd worden en vraagt om er duidelijk bij te zetten dat dit adviezen zijn vanuit de vorige auditcommissie en daaraan verkort toe te voegen wat de twijfels zijn. De voorzitter denkt dat het wel gaat lukken om het document op deze manier aan te passen. 9. Aanpak motie Inzichtelijke indicatoren deel 1 en herijking indicatoren De voorzitter geeft aan dat dit punt op de agenda is gekomen naar aanleiding van een aangenomen motie over inzichtelijke indicatoren, met name over de woningbouw. Mevrouw Ter Bekke is senior beleidsadviseur Wonen en zal met de heer Teeuwen, portefeuillemanager bij Corporatie Laurentius en voorzitter van de werkgroep Beschikbaar Betaalbaar van de alliantie, de indicatoren 64, 65 en 66 toelichten.
Dit zijn drie indicatoren die gaan over het aantal zelfstandige huurwoningen in de goedkope prijsklasse, de betaalbare prijsklasse en de bereikbare prijsklasse. Dit is lastig te monitoren omdat er vanuit de landelijke wet- en regelgeving jaarlijks huurgrenzen wijzigen en begrippen veranderen. Het streefhuurbeleid van de corporaties heeft effect op de indicatoren. Dat maakt vergelijking over de jaren lastig en interpretaties zonder context moeilijk. De streefwaardes zijn binnen de alliantieafspraken nog niet bepaald. De Wet Versterking regie volkshuisvesting heeft daar een duidelijke invloed op. Daardoor zie je in het dashboard rare knikken ontstaan. De heer Teeuwen vult aan dat gemeenten en corporaties afspraken maken over de volumes die de corporaties leveren aan sociale huurwoningen, verdeeld naar prijsklassen. In het huursegment 2025 is weergegeven waar allemaal rekening mee gehouden moet worden. Binnen het sociale deel kennen we goedkoop, betaalbaar en bereikbaar. Daarnaast zijn er op basis van de wet nog twee andere segmenten, middenhuur en vrije huur. De segmenten worden gescheiden door huurgrenzen, de kwaliteitskortingsgrens, de betaalbaarheidsgrenzen voor de huurtoeslag en de laaghuurgrens, die voorheen de liberalisatiegrens werd genoemd. De middenhuurgrens wordt ook grotendeels gereguleerd. Bij elke grens hoort een inkomen zodat corporaties passend kunnen toewijzen.
De corporaties staan onder invloed van landelijke politieke beslissingen, waardoor sturen minder makkelijk wordt. Twee duidelijke voorbeelden daarvan zijn de huurverlaging/huurbevriezing in 2021 en een tweede huurverlaging in 2023. Dat zien we terug in het plaatje waarin de huurontwikkeling van de afgelopen jaren wordt getoond. In dat plaatje is ook zichtbaar gemaakt dat de inflatie en de cao-loonontwikkeling harder is toegenomen dan de huurontwikkeling bij de woningcorporaties. Mevrouw Verdaasdonk vraagt of dit de huurontwikkeling in Nederland of in Breda is. De heer Teeuwen heeft het plaatje overgenomen van EDES en heeft bij de landelijke ontwikkeling de cijfers van Laurentius gezet. De lijnen van Alwel en Wonen Breburg zullen zich redelijk rondom de oranje lijn bewegen. De heer Gesink vraagt wat voor effect de ingrijpende wijziging van de huurtoeslag dit jaar heeft. Als de huurprijzen omhoog gaan, wordt dat misschien door de huurtoeslag weer teruggevloeid. Dat lijkt heel relevant voor de prijsstelling. De heer Teeuwen antwoordt dat het beleid van de corporaties erop gericht is geweest om voldoende volumes te hebben in het goedkope en betaalbare huursegment want die worden begrensd door de aftoppingsgrens huurtoeslag. Die grens zorgde er in het verleden voor dat mensen tot die grens recht hadden op huurtoeslag.
Door de verlaging van de leeftijdsgrens voor huurtoeslag van 23 naar 21 jaar wordt de kwaliteitskortingsgrens minder belangrijk voor corporaties om op te sturen. Mevrouw Verdaasdonk merkt op dat je de servicekosten niet meer kan meenemen in de huurtoeslag. Hierdoor zijn mensen met appartementen meer geld kwijt aan hun huur dan tevoren. De heer Teeuwen antwoordt dat het klopt dat de subsidiabele servicekosten wegvallen maar tegelijkertijd zijn er andere dingen in de huurtoeslag gewijzigd, waardoor er een soort van compenserende werking vanuit gaat. De grote mutaties de afgelopen jaren in de prijssegmenten worden vooral verklaard door de eenmalige huurverlagingen, die verplicht doorgevoerd moesten worden. Jaarlijks worden de huurgrenzen geïndexeerd en er zijn verschillende indexeringen gehanteerd voor de verschillende prijsklassen. Door de huuraanpassing per 1 juli Notulen auditcommissie d.d. 5 februari 2026 Pagina 6
gaan woningen soms over de huurgrens en krijg je verschuivingen in de aantallen naar prijssegment. In 2024 zien we een heel lage indexatie van de lagere huurklassen en een vrije forse in het bereikbare huursegment. Die hebben ervoor gezorgd dat in dat jaar veel woningen zijn doorgeschoten naar een hogere prijsklasse. Dat wil niet zeggen dat het beleid van de corporaties is om die woningen daadwerkelijk in die prijsklasse te willen verhuren. Als de huur wordt opgezegd en de woning opnieuw wordt aangeboden, zakt zo’n woning weer terug naar de prijsklasse waar die eigenlijk voor bedoeld was. De heer Jong vraagt wat er gebeurt als iemand die een goedkope woning heeft 2x of 3x modaal gaat verdienen. De heer Teeuwen antwoordt dat de corporaties het recht hebben om een inkomensafhankelijke huurverhoging te vragen als iemand een forse inkomensstijging doormaakt. Dat hebben de corporaties in de afgelopen jaren heel beperkt gedaan maar het ligt in de lijn der verwachting dat van die mogelijkheid meer gebruik gemaakt zal worden. Mevrouw Verdaasdonk merkt op dat het nu wel gebruikt wordt in Breda. Het kan alleen nooit meer naar beneden als iemand minder gaat verdienen. De heer Teeuwen antwoordt dat mensen altijd het recht hebben om een huurverlaging te vragen en dan zal er opnieuw een toets plaatsvinden op basis van inkomensgegevens.
Mevrouw Dörr geeft aan dat de bedoeling van deze toelichting is om aan te geven dat het ingewikkeld is om het beleid goed te vatten in een indicator. We hebben een herijkingsproces voor alle 107 indicatoren in de Bredase indicatorenset. Die wordt in april in de auditcommissie besproken. Deze drie indicatoren worden daar ook in meegenomen. Voor een indicator is het handig als je een aantal jaar een vaste basis hebt met data, zodat je hem goed kan volgen. Voor deze woonindicatoren is meer duiding en toelichting nodig. Op dit moment is de organisatie bezig om de realisatiewaarde te bepalen voor de indicatoren die in de jaarrekening 2025 staan. Heel specifiek voor deze indicatoren wordt in april voorgesteld om niet deze drie los te pakken maar het totaal. Dan hebben we de wisselingen tussen de onderlinge grenzen al ondervangen. Tegelijkertijd kunnen we kijken wat we nog meer kunnen doen op basis van de alliantieafspraken. Er staan drie voorstellen op een sheet: de monitor sociale voorraad, een aanvullend herijkingstraject voor de woonindicatoren en met de woordvoerders Wonen in de nieuwe raad een keer in het woonbeleid duiken en in de 5-6 woonindicatoren, waarvan deze er drie zijn. De heer Wiersma merkt op dat dit in één sessie zou kunnen met het onderzoek naar het woonbeleid waar de rekenkamer op dit moment mee bezig is.
Mevrouw Verdaasdonk merkt op dat de bedoeling van de motie was om zicht te krijgen op de betaalbaarheid van de sociale huurwoningen van de drie corporaties. Door de jaren heen konden we zien dat de corporaties steeds duurder de woningen verhuurden die onder sociale huur vielen. Nu zijn die drie indicatoren weggevallen en zien we hier allerlei voorstellen maar niet een voorstel, waarmee we kunnen blijven monitoren wat er gebeurt met die verschillende huurprijzen vanuit de wooncorporaties. De heer Vos denkt dat de opdracht goed is uitgevoerd maar mevrouw Verdaasdonk heeft de motie geschreven. Mevrouw Verdaasdonk merkt op dat het in het laatste dictum zit, er waren altijd drie categorieën, goedkoop, betaalbaar en bereikbaar. Het gaat erom hoeveel sociale woningen naar middenhuur zijn overgegaan, hoeveel naar de vrije sector en terug maar binnen de sociale huur zien we ook verschillende grootte in woningen. De heer Gesink vond het op zich een goed idee om alle drie categorieën ook samen te zien en tegelijkertijd kun je ook de drie indicatoren behouden. Misschien was voorheen het inwonersaantal in Breda meer constant maar nu zien we een grote groei. Als je naar procentuele aantallen kijkt in plaats van absoluut, zie je wellicht dat het aanbod gelijk blijft of achteruit gaat in plaats van meebeweegt met de groei.
Is het dan niet een nog betere indicator om die relatief te normeren aan het aantal inwoners, in lijn met de 30-40-30-verdeling? De voorzitter merkt op dat dat een voorstel voor een andere indicator is en vraagt of dat mogelijk is. De heer Teeuwen denkt dat dat zeker mogelijk is en de partijen in alliantieverband willen ook dat gedetailleerd beeld hebben. Daarvoor moet de opgave die we regionaal hebben nog vertaald worden naar de gemeente Breda. Dan kan ook rekening gehouden worden met de bevolkingsontwikkeling. De corporaties laten ook regelmatig woningmarktonderzoek uitvoeren en zullen die als bouwsteen gebruiken. Dan kan aangeven worden hoe de bestaande voorraad zich ontwikkelt maar ook wat de lange termijn doelstelling is en wat dat betekent voor de aantallen die we nodig hebben. Mevrouw Verdaasdonk merkt op dat je op Waar staat uw gemeente gewoon kunt inzien welk percentage huurwoningen we hebben in Breda en dat is inderdaad lager dan in 2010. Dat heeft de rekenkamer ook een keer uitgezocht en dat staat in het segregatierapport. Hoeveel meer gaan we nog onderzoeken voordat we weer gewoon indicatoren hebben zodat we bij de begroting 2027 kunnen zien hoe het staat met de sociale huurvoorraad in Breda? De voorzitter heeft begrepen dat de alliantieafspraken rond zijn voor de begroting 2027 en om een en ander te laten zien in de jaarrekening 2026.
Hij concludeert dat we binnen nu en driekwart jaar de gegevens boven tafel moeten hebben. Hij dankt mevrouw Ter Bekke, de heer Teeuwen en mevrouw Dörr voor de heldere toelichting en denkt dat dit in de begroting 2027 verwoord kan worden zoals de motie vraagt. 10. Rondvraag en sluiting De voorzitter bedankt de heer Wiersma, die de auditcommissie de afgelopen 5-6 jaar heeft bijgestaan en ondersteund. Hij gaat met pensioen en heeft waarschijnlijk zijn volgende reis al geboekt. Hij houdt van wandelen Notulen auditcommissie d.d. 5 februari 2026 Pagina 7
en uitdagingen en daarom leek het gepast om hem een cadeaubon te geven van Bever Sport, als dank voor zijn jarenlange activiteiten voor de auditcommissie. Rene, het ga je goed in ik denk dat we een goede opvolger hebben in Martijn. Bedankt. De heer Dienjes wil stilstaan bij het feit dat de heer Jansen na veertien jaar afscheid neemt van de auditcommissie. Hij werd voorzitter op het moment dat de heer Van Vliet wethouder werd. Iedereen stond, zonder terughoudendheid, achter deze benoeming en dat zegt alles over het vertrouwen wat de heer Jansen kreeg. Dat is niet alleen in de raad maar ook bij de inwoners van Prinsenbeek, waar hij zich onvermoeibaar voor inzet. Alleen op maandag is hij niet bereikbaar, dan past hij op zijn kleinkinderen Dat laat zien hoe betrokken en betrouwbaar hij is, met oog voor wat er echt toe doet. Zijn financiële kennis is onbetwist maar belangrijk was het verbeteren van processen, het versterken van de financiële cyclus en vooral de transparantie in de stukken. Je lichte dyslexie en je bijzonder talent voor namen, waarbij Joost Veuger structureel Joost Vreuger werd genoemd en mevrouw Van Kelle Lotti werd, zullen we niet vergeten. Het maakt je menselijker en zorgde voor een glimlach in veel te serieuze vergaderingen. Dankjewel voor alles wat je betekent hebt voor de raad, de auditcommissie en voor Breda.
Het was een eer om met jou samen te werken en daarvoor een verrassing. De voorzitter dankt voor deze mooie woorden en vindt het fijn dat hij een bon heeft gekregen voor een restaurant in Prinsenbeek. Hij geeft aan dat de eerste vergadering van de nieuwe auditcommissie op 9 april is. Hij zal het eerste gedeelte dan leiden en daarna de voorzittershamer overdragen aan de nieuw benoemde voorzitter. Bij deze is de vergadering gesloten.
Notulen auditcommissie d.d. 5 februari 2026 Pagina 8