CConstaterende datBreda
Koppel je AI →
Document · PDF

Motie Jan Hopman Slavernijonderzoek incl bijlages

gemeenteraad 20 juni 2024, gemeente BredaBij agendapunt: Kadernota2.517 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

M O T I E Kadernota 2024 Slavernijonderzoek De volgende personen of organisaties dienen deze motie in: Stichting Herdenking Afschaffing Slavernij Breda Jan Hopman, William van der Avoird, Philip Oronsaye, Robbert Lambertus, Roy Emanuels We stellen de raad voor om het volgende besluit te nemen: We stellen vast dat: • Er nog weinig coördinatie is tussen instellingen m.b.t het slavernijonderzoek in Breda en dat er nog geen financiële middelen zijn gevonden voor onderzoek en het maken van het monument over slavernij en dat er op scholen zowel basisscholen als middelbaren scholen als ook MBO en HBO nog te weinig aandacht voor het thema is We hebben nagedacht over en houden rekening met: • We vinden dat het gemeentebestuur een meer actieve rol zou kunnen spelen zowel om de problematiek van slavernij in kaart te laten brengen alsook het stimuleren dat op alle onderwijsinstellingen het thema voldoende aan de orde komt en naar financiële middelen zoekt zowel binnen als buiten de gemeente zelf We vinden dat: • Nu de tijd is gekomen om speerpunten m.b.t slavernij in Breda te benoemen en de coördinatie m.b.t het onderzoek op zich te nemen of dit te stimuleren, dat het onderwijs een cruciale functie vervult en dat er tot nu toe te weinig middelen beschikbaar zijn gesteld om het monument mogelijk te maken, bewustwordingsactiviteiten op te zetten voor de bevolking van Breda, waarbij de

Surinamers, Antillianen, Nederlands Indiërs, Molukkers en mensen uit Afrika dat 54 landen telt, erbij te betrekken We vragen de raad om: Het bovenstaande te concretiseren en Burgemeester en Wethouders hiervoor opdracht te geven.

Aan de raadsleden van de gemeente Breda. Zoals u weet zijn wij als stichting HASB (herdenking Afschaffing Slavernij reeds sinds 2018 bezig met het thema slavernij onder de aandacht van de Bredase bevolking te brengen. Voor uw herinnering sluiten we de bespreeknotitie die u besproken hebt inde gemeenteraad bij. Dit jaar op 30 juni en op 1 juli 2024 organiseren we voor de zesde keer de herdenking en viering afschaffing slavernij. Dit jaar zijn we zelfs uitgenodigd om de herdenking en viering in het Chassétheater te verzorgen. Hierbij bent u natuurlijk van harte uitgenodigd. Ieder jaar worden de herdenkingen en de vieringen groter en we hopen dit jaar omdat het in het Chassétheater gehouden wordt een nog groter publiek te bereiken. Daarnaast hebben we allerlei activiteiten georganiseerd die het bewustzijn vergroten zoals de geschiedenis van de nootmuskaat op het eiland Run, de aanwezigheid van 3 slaven inde Nieuwstraat die van 1770 tot 1770 bij de oud-gouverneur van Suriname Wigbold Crommelin gewoond hebben. Voor de volledige geschiedenis van de relatie Breda en slavernij verwijzen we naar het artikel van Leo Nierse van 24 juni 2019 dat op de site van het Stadsarchief staat en naar de power-pointpresentatie gehouden door emeritus-hoogleraar Prof. Dr Alex van Stipriaan van de Erasmusuniversiteit Rotterdam op de herdenking op 30 juni 2023 in het Macsekmuseum .

Dit jaar willen we in de Maand van de geschiedenis op zaterdag 26 oktober bijzonder aandacht schenken aan de geschiedenis van de Kwatta, die zowel een plantage hadden in Suriname als een fabriek in Breda. Daarnaast zijn we van plan om voor het onderwijs speciale lesprogramma’s over slavernij en Breda te maken als ook cultuurcafés te organiseren waar mensen van verschillende culturen bij elkaar gebracht worden en elkaar dan ontmoeten. Tevens participeren we ook inde commissie die opdracht heeft gegeven om een monument ter gedachtenis aan het slavernijverleden te selecteren dat ter zijnertijd in Breda geplaatst gaat worden. U zult begrijpen dat hiervoor ook financiële middelen noodzakelijk zijn. We zijn dankbaar dat er een structurele bijdrage voor de herdenking en viering is van 2500 euro. Er is ook door ons subsidie aangevraagd bij de Nationale commissie Slavernijverleden, maar er zal zeker in de toekomst met name voor de Cultuurcafés en voor het lesmateriaal, maar ook voor het monument meer geld beschikbaar moeten komen om de vraag die u gesteld heeft Waar gaat het heen met Breda op dit punt te kunnen beantwoorden. Wij hopen dan ook dat de verschillende politieke partijen en de gemeenteraad en het College van B en W als een belangrijk aandachtspunt gaan zien.

Bestuur HASB Jan Hopman, voorzitter William van de Avoirt, secretaris ad-interim Philip Oronsaye, penningmeester Robbert Lambertus, bestuurslid Roy Emanuels, penningmeester.

BESPREEKNOTITIE AFSCHAFFING SLAVERNIJ ‘Het ware verleden van de slavernij is een lering van het heden’

Inleiding In navolging van andere steden zoals Amsterdam, Rotterdam en Middelburg hebben we als HASB (Stichting Herdenking Afschaffing Slavernij Breda) een beleidsplan uitgewerkt waar de bewustwording van het thema in het algemeen centraal komt te staan door middel van een jaarlijkse herdenking rond 1 juli over de afschaffing van de slavernij in 1863 maar ook door speciaal aandacht te schenken aan de relatie Breda en slavernij en om het thema slavernij op de basisscholen van Breda in die zin te verdiepen. Slavernij is echter van alle tijden, zoals Dick Harrison uitvoering beschreven heeft in zijn boek De geschiedenis van de slavernij, van Mesopotamië tot moderne mensenhandel Utrecht 2019. Er is dus ook in de moderne tijd nog slavernij en heeft betrekking op elke vorm van gedwongen werk, verblijf of uitbuiting, inclusief mensenhandel en mensensmokkel. We hoeven nog niet zo heel erg ver weg te gaan om mensensmokkel tegen te komen. Bij iedere oversteek in bootjes vanuit Afrika naar Europa zijn mensensmokkelaars betrokken (geweest). Ook werken in Turkije vele kinderen als vluchtelingen verplicht in meestal illegale bedrijven.

Ook de Arabische en LatijnsAmerikaanse wereld telt vele vormen van slavernij en kinderarbeid, maar ook in ons land is volgens het rapport van de Nationale Rapporteur Mensenhandel in de slachtoffermonitor Mensenhandel 2015-2019 het aantal meldingen flink gestegen wat vermoedelijk te wijten is aan seksueel geweld tegen Afrikanen die als vreemdelingen Europa hebben kunnen bereiken, maar huiselijk geweld komt in alle lagen van de bevolking voor zoals de expositie, die door de gemeente Breda in samenwerking met de landelijke Stichting ‘ Geweld hoort nergens thuis’ in het Valkenberg heeft laten zien. Helaas zijn er nog geen regionale cijfers voor publicatie beschikbaar, maar er is geen reden om aan te nemen dat deze van het landelijk cijfer afwijken. Uit een interview d.d. 22-12-2020 met Henk van den Noort, specialist mensenhandel politie regio Zeeland-West-Brabant blijkt dat er zeker tientallen gevallen van uitbuiting en mensenhandel plaatsvinden in Breda. Dat het dichtbij plaatsvindt blijkt ook uit het bericht van 22 december 2020 in Breda Vandaag: ‘ In de wijk Hoge Vucht heeft de politie vanochtend een 22-jarige man aangehouden voor mensenhandel en sexuele uitbuiting. Hij kwam in het vizier nadat de politie een onderzoek startte na een vermissing van een minderjarig meisje’

Daarnaast vinden er volgens dhr Henk van der Noort nogal wat gevallen van criminele uitbuiting plaats door minderjarigen, die niet als zodanig geregistreerd staan maar onder andere categorieën geplaatst worden. Er is zeker volgens Henk van der Noort een grote vooruitgang geboekt doordat mensenhandel nu op de politieke agenda geplaatst is, maar dat wil niet zeggen dat er nog steeds schrijnende gevallen voorkomen. Ook vinden er al veel gevallen van mensenhandel in het buitenland plaats met name bij vluchtelingen, maar daar kan vanuit Nederland weinig gedaan worden, hoewel er wel Nederlandse politieagenten in andere landen in het thema mensenhandel werken.

Historische relatie Breda en slavernij Er is historisch gezien ook een relatie tussen Breda en slavernij, hetgeen bij velen onbekend is. Wij citeren nu uit de toespraak van Burgemeester Paul Depla uitgesproken op 4 juli 2020 in de Franciscus kerk bij gelegenheid van de herdenking en viering afschaffing slavernij: “Ook de geschiedenis van Breda kent een slavernijverleden. De Nassaus hadden slaven op het Kasteel van Breda. Chocoladewerk fabriek Kwatta, ongetwijfeld bij u bekend, heeft ook duidelijke sporen naar het slavernijverleden. Wellicht is de Surinaamse slavernij zelfs wel in Breda geboren? Breda heeft dan wel nooit een zeehaven gehad en was dus ook nooit een thuishaven voor de slavenhandel. Maar met de Vrede van Breda hier op het kasteel van Breda werd het einde van de Oorlog met het Verenigd Koninkrijk bezegeld door de ruil van het huidige New York met Suriname. Daarmee werd de weg vrijgemaakt voor de Trans-Atlantische slavenhandel. Vandaag herdenken we dat het dit jaar 157 jaar geleden is dat Nederland de slavernij formeel heeft afgeschaft. De eerste Surinamers die zich in Breda als slaven vestigden waren: Anna, Laloupe en Joost. Bedienden van Wigbold Crommelin; gepensioneerd gouverneur van Suriname. Omdat in Nederland de slavernij was afgeschaft kregen Laloupe en Anna na een betrekkelijk korte periode hun vrijheid. Ze verloren daarmee hun slavenstatus.

Ze werden zelfs gedoopt in de Grote Kerk. Joost was een sociëteitsslaaf en moest terug naar de slavernij in Suriname.” Tot zoverre Burgemeester Depla en dit verleden van Breda en van alle steden in Nederland zijn te vinden in Gids Slavernijverleden van Dienke Hondius e.a. 2019.

Impact van de slavernij op de gemeenschap Slavernij heeft op economische- en sociaal maatschappelijk vlak een grote invloed gehad en nog steeds op de nationale en internationale manier van omgaan met elkaar. Het is zo diep gecultiveerd dat wij het vanzelfsprekend vinden mensen te onderscheiden, beoordelen en zelfs veroordelen op basis van huidskleur, afkomst, herkomst enz. Wij claimen zelfs het recht te hebben het onderscheid te mogen en kunnen maken op basis van onze eigen huidskleur, afkomst, herkomst enz. Alhoewel het in strijd is met artikel 1 van de grondwet vinden wij dat vrijheid van meningsuiting de boventoon moet kunnen hebben. De geschiedenis hebben we naar ons hand geschreven en de daders helden genoemd. Ja, wij hebben ze verheerlijkt door zelfs standbeelden van hun te hebben gemaakt en/of straatnamen naar hun hebben genoemd. De sociaal maatschappelijk dimensie die we hierdoor hebben gecreëerd heeft veroorzaakt dat mensen elkander op een mensonwaardig wijze zijn gaan bejegenen. Mensenhandel, mensensmokkel, racisme, discriminatie, uitbuiting zijn gedragingen die o.a. door de slavernij zijn veroorzaakt zo niet versterkt. Toch ontkennen we dat het gedrag van toen nog steeds invloed heeft op de hedendaagse gedragingen en dus gebeurtenissen. Niets is minder waar. Een heleboel ellende van nu heeft zijn oorsprong uit de slavernij.

Vele van onze tradities hebben hun oorsprong vanuit de slavernij (b.v. Sint en zwarte piet, relatievormen (latrelaties)). Het eigenbeeld van de herkomst van de slavenhandelaren zijn door het slavernijverleden zichzelf superieur gaan ervaren boven de slaven. Ze keken neer op hun afkomst, huidskleur, geestelijke vermogen enz.

Het eigenbeeld (door de opvoeding en de stereotypering die hun opgelegd wordt door het slavernijverleden) van de lotgenoten is zo verwrongen dat ze onbewust een nederige houding aannemen tegenover een blanke zonder te realiseren dat het hun eigen positie ondermijnt. Lotgenoten die zich niet willen vereenzelvigen met dat gedrag en zich tegen ageren worden vaak als agressors betiteld.

We mogen nooit meer vergeten welke ellende de slavernij over de mensheid heeft gebracht. Jammer genoeg is slavernij nog niet de wereld uit. We ervaren een nieuwe vorm van slavernij, waarbij nog steeds de economie leidend is en de sociaal maatschappelijke dimensie achteraan huppelt. Dit is de rede waarom wij vinden dat de afschaffing van de slavernijverleden herdacht moet worden.

Wat zeker ook niet minder belangrijk is te zorgen dat de hedendaagse moraal; die beïnvloed is door de modificatie van het slavernijverleden (o.a. racisme, discriminatie enz.), veranderd wordt door de volledige waarheid over het slavernijverleden openbaar te maken en te onderwijzen. HASB vindt dat het tijd wordt om de tij te keren en daadwerkelijk te werken aan een sociaal maatschappelijke dimensie die op een menswaardige manier met de mensheid omgaat. Onderwijsproject HASB heeft daarom in zijn beleidsplan het onderwijs centraal gesteld. Als wij de sociaal maatschappelijke dimensie willen veranderen zullen wij bij de kinderen en hun ouders moeten beginnen. De basisscholen moeten de kinderen de volledige waarheid over de slavernijverleden vertellen. Niet alleen vanuit de slavenhandelaren, maar zeker ook vanuit de slaven die vernederende behandelingen moesten ondergaan. Ook moet de slavernij niet verteld worden vanuit het etnocentrisme/ eurocentrisme, anders verbreken wij de opgelegde modificatie niet. De gepleegde misdadige handelingen van de slavenhandelaren; die om economische redenen zichzelf verheerlijkten en verheven tot een super ras en de belevenissen van de slaven die op een mensonwaardige manier verhandeld en mishandeld werden voor economische doelen.

Om deze omslag te realiseren hebben wij, HASB een onderwijscommissie opgericht die als taak heeft een onderwijsproject op te zetten om een onderwijsmethode te ontwikkelen die (in eerste instantie) de basisscholen (beginnend in Breda) in staat stelt het slavernijverleden en de moderne hedendaagse slavernij in het vroegere en hedendaagse Koninkrijk der Nederlanden tijdens o.a. geschiedenislessen en maatschappijleer het thema ”Slavernij” te behandelen. De bedoeling van het onderwijsproject is het slavernijverleden en de moderne hedendaagse slavernij in het vroegere en hedendaagse Koninkrijk der Nederlanden te optimaliseren en verdiepen. Het zal in vier fases gerealiseerd worden nl.: 1. Onderzoeksfase 2. Voorbereidingsfase 3. Ontwikkelfase 4. Uitrollen van de onderwijsmethode

Op basis van onderzoek zal de onderwijscommissie inzicht verkrijgen in het Nederlandse onderwijsaanbod over het slavernijverleden en de moderne hedendaagse slavernij in het vroegere en hedendaagse Koninkrijk der Nederlanden. Op deze manier krijgen we inzicht wat er aan het thema ‘Slavernij’ wel en niet onderwezen wordt op de basisscholen in de gemeente Breda. In de voorbereidingsfase zal inzicht verkregen wordt welke elementen/onderdelen van het slavernijverleden en de moderne hedendaagse slavernij in het vroegere en hedendaagse Koninkrijk der Nederlanden behandeld, onderbelicht en helemaal niet behandeld zijn. Op basis van beide onderzoeken (onderzoeksfase en voorbereidingsfase) zal er een onderwijsmethode ontwikkeld worden die alle aspecten van het slavernijverleden en de moderne hedendaagse slavernij in het vroegere en hedendaagse Koninkrijk der Nederlanden behandeld. De onderwijsmethode zal de leerlingen bewust moeten maken wat de gevolgen en impact is van slavernij en dat het nooit meer een middel mag zijn om jezelf te verrijken over de ruggen van anderen. Onze werkwijze is om samen met diverse instanties, scholen, belangen behartigende stichtingen en de gemeente het onderwijsproject uit te voeren. Er zijn al diverse afspraken gemaakt en samenwerkingen gaande met o.a.

de Nieuwe Veste, de gemeente Breda (Stadsarchief en team Erfgoed) en Stedelijk Museum Breda Vraag aan de gemeenteraad Breda

1) De erkenning dat het belangrijk thema is in deze tijd en een thema is voor iedereen of je nu wit, zwart, geel of bruin bent, waarbij nog steeds slavernij, mensenhandel en prostitutie plaatsvindt. 2) Vindt u het belangrijk dat er medewerking in het thema slavernij van verschillende instanties zoals de gemeente Breda (Stadsarchief en Team Erfgoed en Stedelijk Museum Breda) gegeven wordt en aanbevelingen gedaan worden bij instanties die subsidies ontvangen van de gemeente zoals de Nieuwe Veste en Stedelijk Museum Breda bij het uitvoeren van hun kernactiviteiten op een zorgvuldige wijze aandacht hebben voor het thema slavernij en dit dien in nauwe samenwerking met de Stichting HASB. 3) Gemeentelijke bijdrage bij het kunnen vieren van de herdenking en het opstarten en het realiseren van het Onderwijsproject binnen de begroting Archief en mogelijk andere regelingen binnen de gemeente. De stichting zelf zal ook financiële bronnen aanboren bij fondsen zoals projecten in Nederland van de conferentie van Religieuzen in Nederland, Stichting Mastboom Rosens, Rabobank Breda en Fonds voor Cultuurparticipatie. Stichting HASB Jan Hopman, voorzitter

Eric Heinze, secretaris Philip Oronsaye, penningmeester.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14258838/2