CConstaterende datboxtel
Koppel je AI →
Document · PDF

Wijziging GR MGD- Bijlage 2 Wijzigingsregister bij conceptwijziging GR samenwerkingsorg. Boxtel - Sint-Michielsgestel

Raadsvergadering Boxtel 12 december 2023, gemeente boxtelBij agendapunt: Wijziging Gemeenschappelijke Regeling MijnGemeenteDichtbij1.973 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Wijzigingen Gemeenschappelijke Regeling samenwerkingsorganisatie Boxtel – Sint-Michielsgestel Vernummering

Artikel: 1a 1f 1g

1h

1n

1o 1p (wordt 1o) Titel hoofdstuk 2 3 (titel) 4 lid 4

-

Artikel 23 t/m 36 / / § 3 Bevoegdheden voorzitter

Huidige tekst: ambtenaar: hij die door of vanwege de samenwerkingsorganisatie is aangesteld om in openbare dienst werkzaam te zijn; dienstjaar: dit jaar loopt over de periode 1 januari tot en met 31 december; dienstverleningsovereenkomst: een overeenkomst tussen de samenwerkingsorganisatie en gemeenten die niet deelnemen aan deze gemeenschappelijke regeling, waarin afspraken worden vastgelegd over onderlinge rechten en verplichtingen ten aanzien van de werkzaamheden die door de samenwerkingsorganisatie worden verricht ten behoeve van de betreffende gemeente; Directie: de directie van de samenwerkingsorganisatie, zoals beschreven in artikel 26 van deze regeling; verdeelsleutel: een percentage dat de verhouding van de budgettaire inbreng (inbrengbegrotingen) van de deelnemende gemeenten weergeeft, die – uitgezonderd eventuele specifiek toe te rekenen kosten – leidend is voor de bepaling van door deelnemende gemeenten aan de gemeenschappelijke regeling te betalen jaarbijdragen; vervalt wet: Wet gemeenschappelijke regelingen. BELANG, TAKEN EN BEVOEGDHEDEN Belang Met betrekking tot de reikwijdte, uitvoering en nadere invulling van de taken, zoals bedoeld in artikel 4, het eerste lid, worden door of namens het dagelijks bestuur schriftelijk werkafspraken met de deelnemers gemaakt in het werkplan.

-

Artikel 22 t/m 35 Artikel 36 wordt nieuw ingevoegd ‘§ 3 Verantwoordings- en informatieplicht’ wordt nieuw ingevoegd § 4 Bevoegdheden voorzitter

Wordt: ambtenaar: hij die krachtens een (arbeids)overeenkomst naar Nederlands recht voor de samenwerkingsorganisatie werkzaam is; dienstjaar: jaar dat loopt over de periode 1 januari tot en met 31 december; dienstverleningsovereenkomst: een overeenkomst tussen de samenwerkingsorganisatie en een gemeente die niet deelneemt aan de Regeling, waarin afspraken worden vastgelegd over onderlinge rechten en verplichtingen ten aanzien van de werkzaamheden die door de samenwerkingsorganisatie worden verricht ten behoeve van de betreffende gemeente; AMT: Het Algemeen Management Team van de samenwerkingsorganisatie, zoals beschreven in artikel 25 van deze regeling (In de hele tekst wordt dus voortaan ook ‘het AMT’ in plaats van ‘de directie’ gebruikt wanneer van toepassing) verdeelsleutel: een percentage dat de verhouding van de budgettaire inbreng (inbrengbegrotingen) van de deelnemers weergeeft, die – uitgezonderd eventuele specifiek toe te rekenen kosten – leidend is voor de bepaling van door deelnemers aan de samenwerkingsorganisatie te betalen jaarbijdragen; Wgr: Wet gemeenschappelijke regelingen.

(In de hele tekst wordt dus voortaan ook ‘Wgr’ in plaats van ‘wet’ gebruikt wanneer van toepassing.) DOEL, TAKEN EN BEVOEGDHEDEN Doel Met betrekking tot de reikwijdte, uitvoering en nadere invulling van de taken, zoals bedoeld in het eerste lid, worden door of namens het dagelijks bestuur schriftelijk werkafspraken met de deelnemers gemaakt.

4 lid 5 5 lid 2 6 (titel) 6 lid 3 21 lid 1 sub d 22 23 lid 1 sub a (wordt 22 lid 1 sub a) 23 lid 3 (wordt 22 lid 3) 24 (wordt 23)

25 lid 5 (wordt 24 lid 5)

- als bedoeld in artikel 4, het eerste lid, - de taken die artikel 4, het eerste lid, Dienstverleningsovereenkomst Artikel 6. Mandaat en delegatie van overgedragen bevoegdheden Ondermandaat is toegestaan tenzij dat uitdrukkelijk is voorbehouden. de vaststelling van de verordening financieel beheer en het werkplan. vervalt deze regeling (Bestaat nog niet) 1. De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door hen gevoerde bestuur. 2. Zij geven het algemeen bestuur mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen waarvan het verstrekken niet in strijd is met het openbaar belang.

Hij geeft het algemeen bestuur mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen waarvan het verstrekken niet in strijd is met het openbaar belang.

- als bedoeld in het eerste lid - de taken die het eerste lid dienstverleningsovereenkomst Mandaat, volmacht en machtiging Ondermandaat, -volmacht en -machtiging is toegestaan, tenzij dat uitdrukkelijk is voorbehouden. De vaststelling van de verordening financieel beheer. de Regeling Bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid op grond van de Regeling worden geen ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden betrokken. 1. De leden van het algemeen en dagelijks bestuur verstrekken binnen een redelijke termijn, tezamen en ieder afzonderlijk, gevraagd en ongevraagd alle informatie en inlichtingen die voor een juiste beoordeling van het gevoerde en te voeren bestuur nodig is aan een of meer leden van de raden en colleges van deelnemers. 2. Het dagelijks bestuur geeft ook aan het algemeen bestuur alle informatie of inlichtingen zoals bedoeld in het eerste lid. 3. De informatie of inlichtingen zoals bedoeld in de eerste twee leden wordt, afhankelijk van de inhoud, mondeling of schriftelijk verstrekt. 4. Het algemeen en dagelijks bestuur maken hun vergaderstukken en verslagen actief openbaar. 5. Een lid van het algemeen bestuur is aan het college dat hem heeft aangewezen alsmede de raad van diezelfde deelnemer verantwoording verschuldigd voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid. 6.

De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door hen gevoerde bestuur. Hij verstrekt binnen een redelijke termijn, gevraagd en ongevraagd alle informatie en inlichtingen die voor een juiste beoordeling van het door hem gevoerde en te voeren bestuur nodig is aan een of meer leden van de raden en colleges van de deelnemers alsmede een of meer leden van het algemeen bestuur.

24 lid 6 27 (wordt 26)

28 lid 1 (wordt 27 lid 1) 28 lid 3 (wordt 27 lid 3) 28 lid 4 (wordt 27 lid 4) 28 lid 6 (wordt 27 lid 6) 29 (wordt 28)

Bestaat nog niet 1. Het dagelijks bestuur is bevoegd ambtenaren te benoemen, te schorsen en te ontslaan met uitzondering van de directie. 2. het dagelijks bestuur regelt de rechtspositie van de ambtenaar, de directie uitgezonderd, en neemt daartoe de benodigde besluiten. 3. Het dagelijks bestuur kan de in het eerste en tweede lid bedoelde bevoegdheden mandateren aan de directie. 4. De collectieve arbeidsvoorwaarden regelingen van de sector gemeenten regelt de rechtspositie van de ambtenaar. 5. Waar in de in het derde lid bedoelde regelingen gesproken wordt van "gemeenteraad", "college" dan wel "hoofd van dienst" wordt voor de toepassing in het kader van de Regeling respectievelijk gelezen: het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de directie. het dagelijks bestuur zendt vóór 15 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de raden van de deelnemers. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting acht weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden toe aan de raden van de deelnemers. …Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden.

Het dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 1 augustus van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, aan gedeputeerde staten. 1. In de begroting wordt vastgelegd welke bijdrage op basis van de verdeelsleutel elke deelnemer is verschuldigd aan de samenwerkingsorganisatie. 2. Het algemeen bestuur stelt een werkplan vast over de verschuldigde bijdrage voor de instandhouding van de samenwerkingsorganisatie en voor de te leveren producten en prestaties aan de deelnemers.

De informatie of inlichtingen zoals bedoeld in het vijfde lid wordt, afhankelijk van de inhoud, mondeling of schriftelijk verstrekt. 1. Het dagelijks bestuur is bevoegd ambtenaren te benoemen, te schorsen en te ontslaan met uitzondering van de leden van het AMT zoals bedoeld in artikel 25 lid 1 van deze regeling. 2. Het dagelijks bestuur regelt de rechtspositie van de ambtenaar, met uitzondering van de leden van het AMT zoals bedoeld in artikel 25 lid 1 van deze regeling, en neemt daartoe de benodigde besluiten. 3. Het dagelijks bestuur kan de in het eerste en tweede lid bedoelde bevoegdheden mandateren aan het AMT. 4. De collectieve arbeidsvoorwaarden regelingen van de Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO) regelt de rechtspositie van de ambtenaar. 5. Waar in de in het vierde lid bedoelde regelingen gesproken wordt van "gemeenteraad", "college" dan wel "hoofd van dienst" wordt voor de toepassing in het kader van de Regeling respectievelijk gelezen: het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en het AMT. 15 april wordt 30 april. Acht weken wordt twaalf weken. …Het dagelijks bestuur draagt zorg voor verzending van een gemotiveerde reactie aan de raden op de door hen ingebrachte zienswijzen. Verder voegt hij de stukken waarin deze zienswijzen vervat zijn bij de ontwerpbegroting, zoals die aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. 1 augustus wordt 15 september.

1. In de begroting wordt vastgelegd welke bijdrage op basis van de verdeelsleutel elke deelnemer is verschuldigd aan de samenwerkingsorganisatie. 2. Het dagelijks bestuur kan werkafspraken maken met de afzonderlijke colleges en burgemeesters over de vergoeding voor de instandhouding en de vergoeding voor de door de samenwerkingsorganisatie verrichte diensten voor het betreffende college en burgemeester. Deze afspraken worden opgenomen in de begroting.

32 lid 3 (wordt 31 lid 3) 34 lid 1 (wordt 33 lid 1) 36

3. Het dagelijks bestuur kan, binnen het kader van de in het vorige lid bedoelde werkplan, werkafspraken maken met de afzonderlijke colleges en burgemeesters over de vergoeding voor de instandhouding en de vergoeding voor de door de samenwerkingsorganisatie verrichte diensten voor het betreffende college en burgemeester. Deze afspraken worden opgenomen in de begroting. 4. De gemeenten betalen uiterlijk 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober een voorschot in de kosten van het lopende boekjaar, telkens ter hoogte van 25% van de jaarlijkse bijdrage. Het algemeen bestuur kan in uitzonderlijke gevallen, bij unaniem besluit, een afwijkend voorschot bepalen. 5. Definitieve afrekening van de gemeentelijke bijdrage vindt plaats binnen twee maanden na de vaststelling van de jaarrekening. 6. De deelnemers zullen er steeds zorg voor dragen dat het openbaar lichaam te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 7. Indien aan het algemeen bestuur van het openbaar lichaam blijkt dat een deelnemer weigert deze uitgaven op de begroting te zetten, doet het algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 Gemeentewet.

De colleges en burgemeesters besluiten niet tot wijziging dan nadat zij ingevolge artikel 1, tweede lid, van de wet toestemming hebben gekregen van hun raden. -

Een college en een burgemeester kunnen, na vooraf verkregen toestemming van de raad van die deelnemer, besluiten… - deze Regeling Bestaat nog niet

3. De gemeenten betalen periodiek op basis van liquiditeitsbehoefte en de verdeelsleutel een voorschot in de kosten van het lopende boekjaar. Het algemeen bestuur kan in uitzonderlijke gevallen, bij unaniem besluit, een afwijkend voorschot bepalen. 4. Definitieve afrekening van de gemeentelijke bijdrage vindt plaats binnen twee maanden na de vaststelling van de jaarrekening. 5. De deelnemers zullen er steeds zorg voor dragen dat het openbaar lichaam te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 6. Indien blijkt dat een deelnemer weigert de gemeentelijke bijdrage op de begroting te zetten, doet het algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 Gemeentewet.

De colleges en burgemeesters besluiten niet tot wijziging dan nadat zij ingevolge artikel 1, tweede tot en met vijfde lid, van de Wgr de gelegenheid hebben geboden om een zienswijze in te dienen en toestemming hebben gekregen van hun raden. - Een college en een burgemeester kunnen, met inachtneming van hetgeen bepaald in artikel 1 van de Wgr, besluiten… - de Regeling 1. Het dagelijks bestuur voert iedere tweede zittingsduur van het algemeen bestuur, in het laatste jaar van die zittingsduur, een evaluatie uit naar de samenwerking of het functioneren van de samenwerkingsorganisatie. 2. De eerste evaluatie zal plaatsvinden in de zittingsduur van het algemeen bestuur waarin de eerste wijziging van de Regeling is vastgesteld.

3. Het resultaat van de in het eerste lid genoemde evaluatie wordt vastgelegd in een evaluatierapport dat ter informatie naar de colleges en de raden wordt gezonden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MijnGemeenteDichtbij&id=ac7c2264-fabd-4588-b05d-86168ace040c