CConstaterende datboxtel
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Laar nieuw Laar (1396680)

Beeldvormende informatieavond 14 januari 2026, gemeente boxtelBij agendapunt: Herstelbesluit Laar-Nieuw Laar2.914 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Zaaknummer:

1396680

Portefeuillehouder:

Theo Geldens

Onderwerp Vaststelling herstelplan Laar/Nieuw Laar

Status Besluitvormend

Voorstel Raad 1. Het bestemmingsplan ‘Omgevingsplan Laar Nieuw Laar, met identificatienummer NL.IMRO.0845.BP2023BLCLaarNLaar-VA01, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 21 december 2023, door middel van voorliggend herstelbesluit – en conform de in de ‘Nota van wijzigingen 2e gewijzigde vaststelling’ voorgestelde wijzigingen – opnieuw gewijzigd vast te stellen, een en ander overeenkomstig de bij dit besluit behorende verbeelding, regels en toelichting en overeenkomstig de elektronische versie met NL.IMRO.0845.BP2023BLCLaarNLaar-VA02.; 2. Het besluit tot wijziging van het gewijzigd vastgestelde bestemmingsplan met identificatiecode NL.IMRO.0845.BP2023BLCLaarNLaar-VA02. te publiceren overeenkomstig het bepaalde in artikel 1.2.1 Bro en deze toe te zenden aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, overeenkomstig het bepaalde in artikel 6:19, lid 3, van de Algemene wet bestuursrecht; 3. bij deze hernieuwde gewijzigde vaststelling wederom geen exploitatieplan als bedoeld in artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening vast te stellen.

Inleiding Op 21 december 2023 heeft de gemeenteraad van Sint-Michielsgestel het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte ‘Omgevingsplan Laar – Nieuw Laar’ vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt op Laar 31/33/35 en Nieuw Laar 5a de voortzetting en uitbreiding van een tweetal intensieve veehouderijen mogelijk. Daarnaast is in het bestemmingsplan een zestal locaties opgenomen waar de intensieve veehouderij beëindigd wordt of al beëindigd is en waar een bestemmingswijziging plaatsvindt. Ook biedt het bestemmingsplan het planologisch kader voor 27 nieuwe woonbestemmingen en diverse overige ontwikkelingen. Het betreft hier zoals gezegd een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte. Dat betekent, dat er niet alleen regels in zijn opgenomen die betrekking hebben op bouwen en gebruik van gronden en gebouwen, maar ook bijvoorbeeld milieunormen. Het bestemmingsplan sorteerde hiermee destijds voor op de mogelijkheden die de Omgevingswet in het huidige nieuwe stelsel biedt. Daarom spreken we in de tenaamstelling van een ‘omgevingsplan’ en niet van een ‘bestemmingsplan’. Tegen het vastgestelde plan is gedurende de beroepstermijn beroep aangetekend door (onder andere) een aantal direct omwonenden alsook het provinciebestuur.

Deze appellanten hebben tevens middels een verzoek om voorlopige voorziening de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verzocht het betreffende bestemmingsplan te schorsen. De Voorzieningenrechter besloot in de uitspraak van 16 september 20241 het besluit van de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel tot vaststelling van het bestemmingsplan ‘Omgevingsplan Laar Nieuw Laar’ te schorsen voor zover dit betrekking heeft op de plandelen met de bestemming “Agrarisch” aan Laar 31-33-35, Nieuw Laar 11 en Nieuw Laar 5a te Berlicum. In de bovengenoemde uitspraak gaf de Voorzieningenrechter aan te verwachten dat het plan in de bodemprocedure voor de locatie aan Laar 31/33/35 geen stand zal houden. Voor de locatie aan Nieuw Laar 5a gaf de Voorzieningenrechter aan te twijfelen of het plan in de bodemprocedure in stand zal blijven. De uitspraak van de Voorzieningenrechter in combinatie met een aantal van de door bezwaarmakers aangevoerde beroepsgronden was aanleiding om voorliggend herstelbesluit voor te bereiden waarmee een aantal gebreken in het eerder vastgestelde bestemmingsplan worden hersteld. De basis hiervoor ligt in artikel 6:19 Awb. Dit artikel biedt de mogelijkheid om hangende het beroep gebreken uit het oorspronkelijke vaststellingsbesluit te herstellen in de vorm van het nemen van een zogenaamd herstelbesluit.

Met het ‘reparatieplan Laar/Nieuw Laar’ worden de gebreken zoals hierna genoemd hersteld. Een volledig overzicht van de aangebrachte wijzigingen vindt u terug in de ‘Nota van wijzigingen 2e gewijzigde vaststelling’. Daarin staan alle aanpassingen die worden doorgevoerd, opgesomd. Tevens nemen we in het herstelplan het herstel van een aantal omissies mee die we hebben geconstateerd in het vastgestelde plan. Hierna worden de consequenties van de tussenuitspraak voor de genoemde locaties nader toegelicht. Laar 31 1. Ten aanzien van Laar 31 zijn in de uitspraak van de Voorzieningenrechter van 16 september 2024 onder andere de volgende rechtsoverwegingen opgenomen ten aanzien van het begrip ‘bouwperceel’: “In de planregels is een bouwperceel omschreven als een aaneengesloten stuk grond, waarop krachtens het plan een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. Zoals de raad ter zitting heeft bevestigd, is die definitie niet overgenomen uit de IOV. Het begrip ‘bouwperceel’ van de IOV omvat meer dan dat.

Een bouwperceel is op grond van artikel 1.1 van de IOV een aaneengesloten (virtueel) vlak waarop functioneel bij elkaar behorende bebouwing en voorzieningen worden geconcentreerd, bestaande uit een bouwvlak, waarbinnen de gebouwen zijn toegelaten, met de direct daaraan grenzende gronden waar ook bouwwerken geen gebouwen zijnde en vergunningvrije bouwwerken zijn toegestaan. 1 AbRS 16 september 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3707.

Op grond van art. 8.5, eerste lid, van de planregels kunnen gebouwen en bijbehorende bouwwerken uitsluitend binnen de aanduiding ‘bouwvlak’ worden gesitueerd. Maar niet uitgesloten is dat vergunningvrije bouwwerken ook op de direct aan de bouwvlakken grenzende gronden kunnen worden geplaatst en dat die gronden dus in ieder geval tot het bouwperceel zoals gedefinieerd in de IOV moeten worden gerekend. Omdat niet is gebleken dat Pouderoyen Tonnaer die gronden heeft meegeteld bij de vastgestelde omvang van het bouwperceel van nog net geen 2,5 hectare, verwacht de voorzieningenrechter dat bij een nauwkeuriger vaststelling van de omvang van het bouwperceel zoals bedoeld in de IOV, zal blijken dat dit aan [locatie A] groter is dan 2,5 hectare. Omdat de IOV geen uitbreiding van een veehouderij toestaat met zo’n omvang, dient het plandeel waar de uitbreiding aan [locatie A] mogelijk wordt gemaakt alleen al daarom te worden geschorst. De voorzieningenrechter verwacht niet dat het plan in zoverre stand houdt.”

Het bovenstaande is aanleiding om de verbeelding van het bestemmingsplan in het herstelplan te wijzigen en het bouwvlak en de bouwaanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – bouwperceel’ (hierna: ‘de bouwaanduiding’) van het perceel Laar 31/33/35 anders vorm te geven zodat alle bouwwerken binnen de bouwaanduiding vallen en alle gebouwen binnen de aanduiding bouwvlak. In de planregels is – kort gezegd – bepaald dat gronden en bouwwerken die buiten het bouwvlak of de bouwaanduiding liggen, niet ten dienste van de grondgebonden en intensieve veehouderij mogen worden gebruikt. Ook de bij deze functie (veehouderij) behorende voorzieningen zijn alleen binnen het bouwvlak of de bouwaanduiding toegestaan. Op de gronden buiten het bouwvlak en de bouwaanduiding kunnen dus geen bouwwerken worden opgericht of voorzieningen worden gerealiseerd die functioneel bij de bebouwing in het bouwvlak voor een veehouderij horen. De gronden buiten het bouwvlak en de bouwaanduiding zijn daarmee ook niet aan te merken als ‘erf’ in de zin van artikel 1 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. Om die reden kunnen ter plaatse geen vergunningvrije bouwwerken worden opgericht voor de veehouderij. Verder is in de planregels bepaald dat alle bouwwerken buiten het bouwvlak of de bouwaanduiding moeten zijn gesloopt bij ingebruikname van het vergrote deel van het bouwvlak. 2.

Omwonenden hebben als beroepsgrond ten aanzien van mestbewerking onder meer aangevoerd dat in de planregels ten onrechte een maximale capaciteit van de vergistingsinstallatie van 25.000 m³ is vastgelegd, terwijl in het plan- MER wordt uitgegaan van het verwerken van 15.000 m³ (eigen) mest. In het herstelbesluit dient de maximale capaciteit voor de mestbewerking dan ook concreet te worden vastgelegd. Daartoe is in de planregels de maximale capaciteit van de mestbewerking, aan de hand van een processchema uit het bovengenoemde plan-MER (zie ook bijlage 8 bij de planregels) gedetailleerd vastgelegd. Zo mag bijvoorbeeld jaarlijks maximaal 15.000 ton bedrijfseigen mest worden gescheiden (als onderdeel van de mestbewerking) en mag jaarlijks maximaal 14.864 ton biomassa worden vergist. Nieuw Laar 5a 1. Ten aanzien van Nieuw Laar 5a heeft de Voorzieningenrechter in de uitspraak van 16 september 2024 (r.o. 11.6) overwogen dat een geurberekening ontbreekt voor de mestbewerking. Het bestemmingsplan maakt mestbewerking en het plaatsen van een mestvergistingsinstallatie binnen het bouwvlak van Nieuw Laar 5a mogelijk en niet is volgens de Voorzieningenrechter gebleken dat de gemeenteraad hiermee voldoende rekening heeft gehouden bij de vaststelling van het bestemmingsplan.

Uit overleg met betrokken ondernemer is echter gebleken dat deze helemaal niet de intentie heeft om op zijn perceel mest te gaan bewerken. In het herstelplan wordt dan ook de mogelijkheid geschrapt om op het perceel Nieuw Laar 5a mestbewerking toe te passen. Mestbewerking is alleen nog – onder strikte voorwaarden – toegestaan binnen het bouwvlak op het perceel Laar 31/33/35. 2.

De betreffende ondernemer betoogt in zijn beroepschrift dat hij zich niet kan verenigen met de regeling over de landschappelijke inpassing in artikel 8.1 van de planregels. Deze planregel staat het niet toe dat hij de bestaande legale situatie benut of voortzet indien hij niet binnen twee jaar het landschappelijk inpassingsplan realiseert. Deze beroepsgrond gaat over een omissie in het bestemmingsplan. De interim omgevingsverordening legt niet de eis op dat 10 % van

bestaande bouwpercelen moet bestaan uit landschappelijke inpassing. Deze eis geldt alleen in geval van uitbreiding van, een vestiging van of een omschakeling naar een veehouderij. Het voorstel is om dit aan te passen in het te nemen herstelbesluit. Daartoe wordt de landschappelijke inpassingsverplichting, door middel van een voorwaardelijke verplichting, gekoppeld aan – kort gezegd – de ingebruikname van het vergrote deel van het bouwvlak. Laar 31 en Nieuw Laar 5a

Verder twijfelt de voorzieningenrechter er aan of artikel 8.3.1. van de planregels voldoende rechtszekerheid aan omwonenden biedt dat bij uitbreiding een voldoende woon- en leefklimaat is geborgd. De volgende rechtsoverweging is hierbij relevant: “11.7. Artikel 8.3.1 van de planregels behelst de voorwaarden waaronder het college op aanvraag een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit verleent voor de uitbreidingen. [Appellant] betoogt onder meer dat hiermee onvoldoende is geborgd dat geen onaanvaardbare geur-, geluid-, verkeershinder of gezondheidsrisico's, vanwege onder meer endotoxines en fijn stof, voor de omwonenden optreden. Volgens de raad vormt deze bepaling een extra waarborg omdat uit onderzoek is gebleken dat de uitbreidingen ruimtelijk aanvaardbaar zijn. De voorzieningenrechter twijfelt aan dit standpunt van de raad en vraagt zich af of de systematiek van 8.3.1 van de planregels voldoende rechtszekerheid biedt aan omwonenden. Ook dit moet onderzocht worden in de bodemprocedure.”.

Naar aanleiding hiervan is een aangepaste regeling opgenomen in het herstelplan. Zo is hierin nu de maximale dierbezetting per diercategorie vastgelegd.

Beoogd resultaat Een bestemmingsplanregeling voor de gebiedsontwikkeling Laar/Nieuw Laar waarin de in de uitspraak van de Voorzieningenrechter van 16 december 2024 benoemde mogelijke gebreken zijn hersteld en de toets der kritiek van de Raad van State in de bodemprocedure kan doorstaan.

Argumenten 1.1. Door het nemen van het herstelbesluit kunnen we voorkomen dat de Raad van State de bestemming ‘Agrarisch’ op de locaties Laar 31/33/35 en Nieuw Laar 5a in het bestemmingsplan ‘Omgevingsplan Laar/Nieuw Laar’ in de bodemprocedure definitief vernietigt. Gelet op de overwegingen in de tussenuitspraak van de Voorzieningenrechter is er een aannemelijke kans dat de hiervoor genoemde plandelen definitief worden vernietigd in de bodemprocedure als we nu niets zouden doen. Dit kunnen we voorkomen door de geconstateerde gebreken te herstellen met een herstelbesluit. 1.2. Uit de toelichting van het bestemmingsplan blijkt dat het herstelplan voorziet in een goede ruimtelijke ordening. Het herstelplan herstelt de mogelijke gebreken die de Voorzieningenrechter benoemde in de uitspraak van 16 december 2024. 1.3.De regels ten aanzien van mestbewerking zijn aangescherpt en verduidelijkt. In het vastgestelde bestemmingsplan waren de regels omtrent mestbewerking onvoldoende duidelijk Een aantal formuleringen zijn nu scherper geformuleerd, de maximale capaciteit van de vergistingsinstallatie is nader afgebakend en de toelichting van het bestemmingsplan en de oplegnotitie MER zijn (onder meer) op dit punt verduidelijkt.

Kanttekeningen

1.1. Er is discussie met de provincie over de uitleg van het begrip ‘bouwperceel’. Dit vormt een procesrisico. In de interim omgevingsverordening is het begrip ‘bouwperceel’ gedefinieerd als: “aaneengesloten (virtueel) vlak waarop functioneel bij elkaar behorende bebouwing en voorzieningen worden geconcentreerd, bestaande uit een bouwvlak, waarbinnen de gebouwen zijn toegelaten, met de direct daaraan grenzende gronden waar ook bouwwerken geen gebouwen zijnde en vergunningsvrije bouwwerken zijn toegestaan”. Doordat volgens deze definitie ook “voorzieningen” tot het bouwperceel moeten worden gerekend huldigt de provincie het standpunt dat ook tuinen en erfverhardingen binnen het bouwperceel moeten zijn gelegen. Deze uitleg zou een bouwperceel van ongeveer 4ha tot gevolg hebben. De gemeente is echter van mening dat de begripsomschrijving van het begrip ‘bouwperceel’ aldus moet worden uitgelegd dat daaronder alleen gronden vallen waarop bouwwerken zijn toegestaan die ten behoeve van de veehouderij mogen worden gebouwd of gebruikt (en daar dus funtioneel mee samenhangen). Op grond van de planregels kunnen buiten het bouwvlak en de bouwaanduiding geen bouwwerken worden gerealiseerd die functioneel bij de bebouwing inhet bouwvlak voor een veehouderij horen. Ook vergunningvrije bouwwerken voor de veehouderij zijn buiten het bouwvlak en de bouwaanduiding niet meer toegestaan.

De Raad van State zal uiteindelijk in de bodemprocedure een definitief oordeel vellen over de juiste uitleg van dit begrip. 1.2. Er zijn vanuit de omgeving diverse zienswijzen en beroepen ingediend tegen het bestemmingsplan. Er zijn omwonenden in de directe omgeving die moeite hebben met het plan. Ze vrezen voor (geur)overlast van de twee overblijvende intensieve veehouderijen.

Financiën De kosten die vanwege het te nemen herstelbesluit gemaakt zijn, waren niet voorzien ten tijde van het vaststellen van de gebiedsvisie Laar Nieuw Laar. Evenmin bij de vaststelling van het bestemmingsplan eind 2023. Dat neemt niet weg, dat de gemeente een faciliterende rol dient te vervullen en een inspanningsverplichting heeft om een onherroepelijk bestemmingsplan tot stand te brengen. Tevens is sprake van een juridisch en planologisch complexe situatie waardoor het onvermijdelijk is om de nodige externe ondersteuning in te schakelen. Als gevolg van de externe kosten is een tekort van € 75.000,00 ontstaan. Deze kosten waren niet begroot en veroorzaken een overschrijding. Deze overschrijding wordt mede veroorzaakt door in 2025 geraamde opbrengsten door de verkoop van twee bouwkavels in het gebied, welke opbrengsten pas in 2026 kunnen worden gerealiseerd. Het tekort wordt verantwoord in de Jaarrekening 2025. De verwachting is dat door de verkoop van de twee bouwkavels het tekort over 2025 in 2026 teniet wordt gedaan.

Uitvoering Na gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan ‘Omgevingsplan Laar Nieuw Laar’ ligt het bestemmingsplan gedurende de beroepstermijn van zes weken ter inzage. Tegen het bestemmingsplan is reeds beroep aanhangig bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Op grond van artikel 6:19 van de Algemene wet bestuursrecht heeft dat beroep van rechtswege mede betrekking op het herstelbesluit, tenzij partijen daarbij onvoldoende belang hebben. Bepalend hierbij is of met het nieuwe besluit geheel wordt tegemoet gekomen aan wat de belanghebbende oorspronkelijk in de beroepsprocedure heeft gevraagd. Uit de rechtspraak volgt dat vanwege het belang van een efficiënte geschilbeslechting en de rechtszekerheid van andere partijen, niet kan worden aanvaard dat tegen een herstelbesluit dat hangende de procedure wordt genomen, beroep wordt ingesteld door een belanghebbende die geen beroep heeft ingesteld tegen het eerdere besluit. Dat geldt niet als die belanghebbende door het nieuwe besluit in een nadeliger positie is komen te verkeren of als door gewijzigde feiten of omstandigheden de belanghebbende redelijkerwijs niet kan worden verweten adt hij geen beroep heeft ingesteld tegen dat eerdere besluit.

Belanghebbenden waarop het voorgaande van toepassing is en die het niet eens zijn met de inhoud van het herstelbesluit kunnen binnen zes weken na bekendmaking beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als er sprake is van spoedeisendheid kan er ook een verzoek om voorlopige voorziening worden ingediend. Het gewijzigd vastgestelde bestemmingsplan ‘Omgevingsplan Laar Nieuw Laar’ zal dus onderdeel zijn van de behandeling van de bodemprocedure van het eerder vastgestelde bestemmingsplan ‘Omgevingsplan Laar Nieuw Laar’. Dit zal naar verwachting echter niet eerder plaatsvinden dan medio 2027. Tot die tijd blijft het gedeelte van het bestemmingsplan ‘Omgevingsplan Laar Nieuw Laar’ dat betrekking heeft op de intensieve veehouderijen Laar 31/33/35 en Nieuw Laar 5a geschorst.

Communicatie Het besluit wordt op de wettelijk voorgeschreven wijze bekendgemaakt. De betrokkenen zullen op de hoogte worden gesteld van het besluitvormingsproces.

Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Regels herstelplan omgevingsplan Laar-Nieuw Laar; Bijlagen bij regels herstelplan omgevingsplan Laar-Nieuw Laar Verbeelding herstelplan omgevingsplan Laar-Nieuw Laar; Toelichting herstelplan omgevingsplan Laar-Nieuw Laar; Bijlagen bij toelichting herstelplan omgevingsplan Laar-Nieuw Laar Nota van wijzigingen 2e gewijzigde vaststelling.

Sint-Michielsgestel, 16 december 2025 Burgemeester en wethouders van Sint-Michielsgestel, de secretaris, de burgemeester,

P.W.M. Geurts

Ter inzage 1. n.v.t.

E. Smid

Raadsbesluit Registratienr.:

1396680

Portefeuillehouder:

Theo Geldens

Aanhef De raad van de gemeente Sint-Michielsgestel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 december 2025; en gehoord de beraadslaging in de oordeelsvormende commissievergadering Leefomgeving en Duurzaamheid van 14 januari 2026.

Besluit 1. Het bestemmingsplan ‘Omgevingsplan Laar Nieuw Laar, met identificatienummer NL.IMRO.0845.BP2023BLCLaarNLaar-VA01, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 21 december 2023, door middel van voorliggend herstelbesluit – en conform de in de ‘Nota van wijzigingen 2e gewijzigde vaststelling’ voorgestelde wijzigingen – opnieuw gewijzigd vast te stellen, een en ander overeenkomstig de bij dit besluit behorende verbeelding, regels en toelichting en overeenkomstig de elektronische versie met NL.IMRO.0845.BP2023BLCLaarNLaar-VA02.; 2. Het besluit tot wijziging van het gewijzigd vastgestelde bestemmingsplan met identificatiecode NL.IMRO.0845.BP2023BLCLaarNLaar-VA02. te publiceren overeenkomstig het bepaalde in artikel 1.2.1 Bro en deze toe te zenden aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, overeenkomstig het bepaalde in artikel 6:19, lid 3, van de Algemene wet bestuursrecht; 3. bij deze hernieuwde gewijzigde vaststelling wederom geen exploitatieplan als bedoeld in artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening vast te stellen.

Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 4 februari 2026; De gemeenteraad van Sint-Michielsgestel, de griffier,

de voorzitter,

D.S.J. Thissen

E. Smid

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MijnGemeenteDichtbij&id=cf44e06f-00d4-4a0c-9ec0-4d49c1c68d4a