Raadsvoorstel Wegenbeheerplan Gemeente Sint-Michielsgestel 2026-2030
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaaknummer:
1358078
Portefeuillehouder:
Theo Geldens
Onderwerp Wegenbeheerplan gemeente Sint-Michielsgestel 2026-2030.
Status Besluitvormend
Voorstel Raad 1. Het Wegenbeheerplan gemeente Sint-Michielsgestel 2026-2030 vast te stellen met beheer op niveau C (bijlage 1); 2. Af te wijken van het afschrijvingsbeleid voor wegen van maximaal 25 naar maximaal 40 jaar; 3. De Voorziening wegen in te stellen per 31 december 2025 (bijlage 2); 4. Een degeneratiereserve wegen in te stellen per 1 januari 2026 (bijlage 3); 5. De huidige egalisatiereserve wegen op te heffen per 31 december 2025 en het werkelijk resterende saldo van de reserve te storten in de voorziening wegen; 6. Vanaf 2026 een jaarlijkse dotatie van € 700.000 te doen in de Voorziening wegen, ter egalisatie van het groot onderhoud wegen voor de jaren 2026 tot en met 2035 en deze te dekken vanuit de bestaande onderhoudsbudgetten wegenbeheer; 7. Vanaf 2026 een jaarlijks geïndexeerd bedrag van € 230.000 beschikbaar te stellen voor klein onderhoud, al voorzien binnen de bestaande onderhoudsbudgetten; 8.
De volgende kredieten per jaar te voteren: • Krediet van € 4.703.000 voor investering wegbeheer 2026 t/m 2030 met een afschrijvingstermijn van 10 jaar; • Krediet van € 2.800.000 voor investering wegbeheer 2026 t/m 2030 met een afschrijvingstermijn van 15 jaar; • Krediet van € 158.000 voor investering wegbeheer 2026 t/m 2030 met een afschrijvingstermijn van 40 jaar; • Krediet van € 1.265.000 voor inhaalacties voor investering wegbeheer 2026 t/m 2030 met een afschrijvingstermijn van 15 jaar. Zoals nader is gespecificeerd in de tabel van de financiële paragraaf. 9. Ter afdekking van een deel van de toekomstige kapitaallasten, in 2027 een bedrag van € 1.317.000 te storten in de reserve toekomstige investeringen. Dit bedrag als volgt in te zetten. 2027 € 62.000, 2028 € 239.000, 2029 € 419.000 en 2030 € 597.000; 10. De bijgevoegde 14e wijziging van de begroting 2025 vast te stellen (bijlage 4).
Inleiding Het huidige wegenbeheerplan uit 2018 is verouderd en moet vervangen worden om te voldoen aan de gemeentelijke verplichtingen als wegbeheerder. De gemeente beheert circa 1,94 miljoen m² aan wegen, waarvan 40% asfalt, 55% elementenverharding, en een klein deel beton en overige verhardingen. De gemeente streeft naar onderhoudsniveau C, maar door veroudering van wegen, extreme weersomstandigheden en onvoldoende budget, is de kwaliteit verslechterd. Voor ruim 20% van het areaal is binnen twee jaar groot onderhoud gewenst. Dit is echter niet te realiseren binnen de beschikbare capaciteit en middelen en levert te veel overlast op voor de inwoners. Door het onderhoud verdeeld over de jaren uit te voeren, het groot onderhoud deels uit te voeren als investeringen en als eerste in te grijpen waar de risico’s het grootst zijn, is een en ander wel uitvoerbaar. De huidige toestand van ons areaal volgt niet enkel uit het na te streven kwaliteitsniveau.
Andere redenen zijn: - Leeftijd van de wegen, verschillende wegen zijn op het eind van hun technische levensduur en moeten geheel vervangen worden; - Intensieve/hevige regenval, waardoor de fundering sneller is verslechterd; - Investeringen maakten geen deel uit van de beschikbare middelen; - Financieel gedreven uitvoering: doordat er bij de budgettering geen rekening gehouden is met voorbereiding, administratie en toezicht waren de budgetten niet afdoende voor volledig onderhoud en is geprioriteerd op de meest urgente wegen.
Beoogd resultaat De kwaliteit van de wegen op peil te brengen, zodanig dat geen enkele weg onder de kwaliteitsnormen komt.
Argumenten 1.1 Het plan biedt een solide basis om onze wegen te onderhouden. Dit plan geeft een duidelijk beeld van het kwaliteitsniveau van onze wegen. Door vaststelling hiervan houden we ons areaal op niveau. We voorkomen achterstallig onderhoud en dragen bij aan een goede woonkwaliteit. 1.2 Het plan vormt de basis om te voldoen aan de verplichting volgens artikel 12 van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten. Artikel 12 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) provincies en gemeenten verplicht gemeenten om een paragraaf op te nemen over het onderhoud van kapitaalgoederen in hun begroting en jaarstukken. Deze paragraaf moet in ieder geval informatie bevatten over wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Het doel is transparantie en het vergelijkbaar maken van de financiële informatie over het beheer van deze gemeentelijke activa. Het plan vormt de basis voor de onderhoudsparagraaf in de begroting en jaarstukken. Hiermee wordt aan de verplichting voldaan. 1.3 Met dit wegenbeheerplan wordt niet enkel rekening gehouden met de staat van onderhoud, maar ook met noodzakelijke kosten. Door in de budgetten rekening te houden met voorbereiding, administratie en toezicht kan waar nodig capaciteit ingehuurd worden om de maatregelen tijdig en afdoende te nemen.
2.1 Onderverdeling van de asfaltconstructie in componenten levert gewijzigde afschrijvingstermijnen. Door gebruik te maken van de mogelijkheden binnen het BBV om te investeren bij groot onderhoud, wordt de componentenmethode toegepast. Deze methode wordt toegepast zoals is toegestaan in paragraaf 2.2.9 van de Nota uitvoeringsregeling activeren, afschrijven en rente 2024. We verdelen het asfalt in een fundering en toplaag. De fundering gaat gemiddeld 40 jaar mee, terwijl de toplaag eerder vervangen wordt. Op dit moment bedraagt de maximale afschrijvingstermijn voor wegen 25 jaar. Vooruitlopend op een aanpassing van de Nota uitvoeringsregeling activeren, afschrijven en
rente 2024, wordt gevraagd voor wegen een afwijking van de afschrijvingstermijn door te voeren. Dit is geheel volgens paragraaf 2.2.5 van die Nota. 3.1 Het beschikbaar hebben van budget voor onderhoudsmaatregelen wordt geborgd. Een voorziening mag enkel gebruikt worden voor het doel wat hieraan gekoppeld is, waarbij een reserve, bij besluit door de Raad, anders ingezet kan worden. Door het instellen van een voorziening voor groot onderhoud wordt jaarlijks voldoende gestort om aan de verplichtingen van het groot onderhoud te kunnen voldoen. 4.1 Door derden betaalde degeneratiekosten behoren gebruikt te worden voor wegonderhoud. Bij werkzaamheden aan kabels- en/of leidingen door derden in ons openbaar gebied, worden degeneratievergoedingen in rekening gebracht. Deze vergoedingen zijn bedoeld om verzakkingen of andere gevolgen van de werkzaamheden zelf te repareren. We begroten jaarlijks de degeneratiekosten voor deze vergoedingen van derden. Wanneer de betalingen door derden hoger blijken dan begroot, storten we deze in de degeneratiereserve en onttrekken we waar nodig. Hiermee zorgen we ervoor dat de middelen beschikbaar blijven om op een later moment herstelwerkzaamheden uit te voeren. 5.1 Het in standhouden van een reserve is onnodig. Door het instellen van een voorziening wegen voor groot onderhoud, vervalt het nut van de huidige reserve.
6.1 Om jaarlijks groot onderhoud uit te kunnen voeren zijn ook jaarlijks middelen nodig. Het groot onderhoud kost jaarlijks geld en dit is ook standaard opgenomen in de begroting. Nu we gaan werken met een voorziening is het noodzakelijk de benodigde middelen in de voorziening te storten. De berekende € 700.000 maakt al onderdeel uit van de begroting en wordt gestort in de voorziening om de beschikbaarheid van de middelen te borgen. 7.1 Klein onderhoud is onderdeel van het totale onderhoud aan onze wegen. Klein onderhoud aan wegen betreft kleine, incidentele reparaties om de weg veilig en functioneel te houden, zoals het vullen van scheuren en gaten in het asfalt, en het herstellen van losliggende stoeptegels. Dit onderhoud is niet planmatig uit te voeren en niet op voorhand te berekenen. Uit ervaringen blijkt dat er met een gemiddeld percentage over het groot onderhoud voldoende dekking is om klein onderhoud uit te voeren. 8.1 We begroten het krediet en kapitaallasten voor de gehele planperiode. Om de middelen voor de investeringen te borgen gedurende de planperiode, worden deze als voorgenomen investeringen gevraagd. Jaarlijks worden deze voorgenomen investeringen door de werkelijk geplande werkzaamheden vertaald naar gespecificeerde kredieten en opgenomen in de begroting. Eventuele overschotten vallen hierbij vrij.
De investeringen zijn in lijn met eerdere oproep om knelpunten en onderhoud op te pakken. Diverse malen is door de raad opgeroepen om werk te maken van de staat van onze wegen en onze verkeersstromen. Met dit voorstel wordt de investeringsruimte hiertoe flink verhoogt zodat we een grote inhaalslag kunnen maken in onze openbare ruimte. 9.1 Dekking voor de kapitaallasten is noodzakelijk om het benodigd onderhoud te kunnen realiseren. Doordat we veel groot onderhoud moeten uitvoeren om onze wegen op niveau te houden, zijn investeringen noodzakelijk. Investeringen leiden tot structurele kapitaallasten. Binnen de huidige voor wegen beschikbare middelen in de begroting is er geen ruimte om alle kapitaallasten op te vangen. In het begrotingsjaar 2027 is nog financiële ruimte om het tekort aan dekking voor de kapitaallasten op te vangen. De gevraagde storting garanderen we het onderhoud voor de gehele planperiode en voorkomen we achterstallig onderhoud.
10.1 Begrotingswijziging is een logisch gevolg. Bij een financiële wijziging zoals we nu voorstellen, is het vanzelfsprekend dat de begroting aangepast wordt. Alle financiële gevolgen van dit voorstel zijn verwerkt in de bijgevoegde wijziging. Aangezien dit de 14e wijziging van de begroting 2025 is, wordt deze ook zo genoemd.
Kanttekeningen 1.1 Onderhoud blijft noodzakelijk. Zonder een wegenbeheerplan blijft het noodzakelijk om onderhoud uit te voeren. Hoeveel onderhoud we kunnen uitvoeren is dan wel geheel afhankelijk van de beschikbare middelen. Het onderhoud wordt dan vooral reactief en de kwaliteit van de wegen gaat verder naar beneden. Hierdoor is het zeker dat er door de toezichthouder ingegrepen wordt. 2.1 Onderhoud kan zonder wijziging van de afschrijvingstermijn ook uitgevoerd worden. Het wijzigen van de afschrijvingstermijn is niet noodzakelijk om onderhoud uit te voeren. Wel heeft het behouden van de huidige afschrijvingstermijn een financieel gevolg. De kapitaallasten worden dan hoger en is er meer budget nodig. 3.1 De Voorziening wegen is niet noodzakelijk om middelen beschikbaar te stellen. De middelen die nodig zijn voor het groot onderhoud wegen kunnen ook zonder voorziening beschikbaar worden gesteld. Het niet instellen van een voorziening verhoogt het risico dat toekomstige middelen ingetrokken worden om elders ingezet te worden. Hierdoor bestaat de kans dat we over onvoldoende middelen beschikken om onze kerntaak als wegbeheerder uit te voeren. In dat geval is het vrijwel zeker dat er door de toezichthouder ingegrepen wordt. 4.1 Een degeneratiereserve is niet noodzakelijk om het wegenbeheerplan uit te voeren.
Zonder de invoering van een degeneratiereserve wordt het normale onderhoud volgens het plan uitgevoerd. Op dat moment wordt het overschot van degeneratiekosten toegevoegd aan de algemene reserve. De ervaring leert dat degeneratie niet te plannen is. De opbrengsten van het ene jaar kunnen lager liggen dan de benodigde uitgaven in dat jaar. Het risico bestaat dat in een dergelijk jaar er onvoldoende middelen beschikbaar zijn. Door het overschot aan degeneratievergoedingen te oormerken in een degeneratiereserve is het logisch om deze middelen niet als dekking voor andere opgaven te gebruiken. 5.1 Het beschikbaar stellen van de gevraagde kredieten past niet binnen de huidige begroting. De huidige begroting bevat middelen voor het wegenbeheer. Deze middelen zijn niet toereikend om alle kapitaallasten te dekken die voortvloeien uit dit plan. Indien de kredieten niet beschikbaar worden gesteld en we gehouden worden aan de beschikbare middelen in de huidige begroting, is het niet mogelijk het onderhoud binnen de planperiode uit te voeren. We voorzien dat er dan wegen onder het minimale onderhoudsniveau komen te liggen, waardoor sprake is van achterstallig onderhoud. Vanwege de huidige toestand van ons areaal is het risico groot dat de toezichthouder ingrijpt. 9.1 Dekking van de kapitaallasten is gegarandeerd tot en met 2030.
Het huidige voorstel garandeert een dekking van de kapitaallasten tot en met het einde van de planperiode. Vanaf 2031 is er nog geen structurele dekking voorzien. De verwachting is dat we na deze planperiode uitkunnen met lagere onderhoudskosten omdat een groot deel van ons areaal op niveau B of hoger ligt. Hierdoor ontstaat ruimte binnen de exploitatiemiddelen om kapitaallasten op te vangen. Op dit moment verwachten we een besparing van € 200.000.
Financiën Het wegenbeheer vraagt aandacht om te voorkomen dat we achterstallig onderhoud krijgen. Om het areaal op niveau te brengen, moeten we de komende periode veel groot onderhoud plegen. De huidige systematiek voorziet in groot onderhoud vanuit exploitatiemiddelen en zonder investeringen. Vanwege de toestand van ons areaal is het niet mogelijk om de wegen op gewenst niveau te onderhouden. Daarvoor zijn meer exploitatiemiddelen nodig dan beschikbaar. Om toch het gewenste en minimale
niveau C te houden, worden er ook bij groot onderhoud investeringen gedaan. Op basis van de richtlijnen van het BBV, wordt geïnvesteerd bij levensduur verlengende maatregelen, bij maatregelen die een significante verbetering van de verharding betekenen (100% herstraten) en door asfaltverhardingen in 2 componenten onder te verdelen. Voor asfaltverhardingen betekent dit dat we de toplaag, daar waar we op rijden, als investering kunnen vervangen, omdat deze een andere levensduur heeft dan de rest van de constructie. Het gevolgen van investeren zijn structurele kapitaallasten. De bedragen in het plan zijn genivelleerd over de planjaren 2026 tot en met 2030. Hierbij is een onderverdeling gemaakt naar investerings- en exploitatiemiddelen. Bij de investeringen is rekening gehouden met de in het plan voorgestelde VAT kosten en klimaatopslag. Om een en ander te kunnen realiseren stellen wij met dit Wegenbeheerplan 2026-2030 het volgende voor: - De voorziening wegen in te stellen om het jaarlijks groot onderhoud binnen het wegbeheer te egaliseren; - Het saldo van de reserve onderhoud wegen met de jaarrekening 2025 te storten in de voorziening wegen.
Dit verwachte saldo van € 550.000 wordt hiermee de stand van de voorziening wegen per 1 januari 2026; - Een jaarlijkse dotatie van € 700.000 te doen in de voorziening ter egalisatie van het groot onderhoud wegen voor de jaren 2026 tot en met 2035, dit is al voorzien binnen de huidige begroting; - Naast de dotatie voor het groot onderhoud wegen en de kapitaallasten stellen wij voor een bedrag van € 230.000 geïndexeerd beschikbaar te stellen voor het klein onderhoud, hetgeen al voorzien is binnen de huidige begroting; -
Onderstaande kredieten te voteren en de structurele kapitaallasten beschikbaar te stellen; Kredieten wegbeheer
2026
2027
2028
2029
2030
TOTAAL
Investeringen wegbeheer 2026-2030 10 jaar
904.000
922.000
940.000
959.000
978.000
4.703.000
Investeringen wegbeheer 2026-2030 15 jaar
538.000
549.000
560.000
571.000
582.000
2.800.000
Investeringen wegbeheer 2026-2030 40 jaar
30.000
31.000
32.000
32.000
33.000
158.000
Investeringen wegbeheer 2026-2030 inhaalactie TOTAAL
243.000
248.000
253.000
258.000
263.000
1.265.000
1.715.000
1.750.000
1.785.000
1.820.000
1.856.000
8.926.000
Kapitaallasten kredieten wegbeheer
2026
2027
2028
2029
2030
TOTAAL
Investeringen wegbeheer 2026-2030 10 jaar
7.100
104.500
209.700
315.500
421.300
1.058.100
Investeringen wegbeheer 2026-2030 15 jaar
4.200
44.300
88.900
134.400
179.900
451.700
Investeringen wegbeheer 2026-2030 40 jaar
300
1.300
2.600
3.800
5.000
13.000
Investeringen wegbeheer 2026-2030 inhaalactie
1.900
20.000
40.100
60.400
80.700
203.100
TOTAAL
13.500
170.100
341.300
514.100
686.900
1.725.900
-62.000
-239.000
-419.000
-597.000
-1.317.000
-13.500
-108.100
-102.300
-95.100
-89.900
-408.900
0
0
0
0
0
0
te dekken door: inzet begrotingssaldo 2027 mutaties budgetten wegbeheer *) Resultaat begroting
*) jaarlijkse storting in voorziening en vrijval jaarlijkse onderhoudsbudgetten
-
In 2027 een bedrag van € 1.317.000 te storten in de reserve toekomstige investeringen ter afdekking van een deel van de toekomstige kapitaallasten. Dit bedrag als volgt in te zetten. 2027 € 62.000, 2028 € 239.000, 2029 € 419.000 en 2030 € 597.000;
Door de inzet van het begrotingssaldo voor de dekking voor de periode 2027 tot en met 2030 muteert het begrotingssaldo over deze jaren als volgt: Ontwikkeling begrotingssaldo x € 1.000: - = nadeel en + = voordeel
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
151,4
1.703,7
670,9
395,8
795,1
- Zegenwerp (raad 02-10-25)
-33,2
-32,8
-32,3
-31,9
-31,4
- Wegenbeheer 2026-2030 (raad 11-12-25) Begrotingssaldo na mutaties
118,2
353,9
638,6
363,9
763,7
overschot
overschot
overschot
overschot
overschot
Begrotingssaldo na Najaarsnota mutaties na Najaarsnota:
-1.317,0
Deze financiële mutaties zijn verwerkt in de bijgevoegde 14e wijziging van de begroting 2025. Jaarlijks worden in de begroting de geplande investeringen voor dat jaar aangegeven. Hierbij wordt gevraagd de gespecificeerde kredieten te voteren. Hiermee komt het bulkkrediet met de bijbehorende kapitaallasten vrij te vallen. Op deze manier laten we helder zien hoe de investeringen binnen wegen gerealiseerd worden.
Uitvoering Het nieuwe beheerplan treedt in werking op de dag na bekendmaking. De verplichte onderdelen worden opgenomen in de begroting en jaarstukken. De basisplanning van het wegenbeheerplan is de input voor het jaarlijks uit te voeren onderhoud. Elk jaar maken we inzichtelijk welke wegen groot onderhoud krijgen en maken we aan het einde van het jaar de balans op. De jaarlijkse geplande investeringen worden via de begroting vertaald naar gespecificeerde kredieten. Tussentijds wordt de voortgang gemonitord en grote afwijkingen gerapporteerd. Op deze manier zijn we in staat ons areaal te onderhouden en informatie te leveren die noodzakelijk is om de voorziening op pijl te houden. Gedurende de looptijd van dit beheerplan maken we inzichtelijk hoe het onderhoudsniveau verhoogd kan worden naar niveau B. Het beheren van wegen op dit niveau is het meest efficiënt over de gehele levenscyclus. Het verhogen van het onderhoudsniveau op dit moment vergt investeringen die financieel niet haalbaar zijn.
Communicatie De inhoud van het besluit vereist geen officiële bekendmaking. Vanwege de technische aard wordt er niet extra over gecommuniceerd.
Bijlagen 1 2 3 4
Concept Beheerplan Wegen 2026 t/m 2030 v2.2 (incl. bijlagen I t/m VI) Doel wijze van storting en onttrekking van de Voorziening wegen Doel wijze van storting en onttrekking van de Degeneratiereserve 14e wijziging van de begroting 2025
Sint-Michielsgestel, 21 oktober 2025 Burgemeester en wethouders van Sint-Michielsgestel, de secretaris, de burgemeester,
P.W.M. Geurts
E. Smid
Ter inzage N.v.t.
Raadsbesluit Registratienr.:
1358087
Portefeuillehouder:
Theo Geldens
Aanhef De raad van de gemeente Sint-Michielsgestel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 21 oktober 2025; en gehoord de beraadslaging in de oordeelsvormende commissievergadering Leefomgeving en Duurzaamheid van 20 november 2025
Besluit 1. Het Wegenbeheerplan gemeente Sint-Michielsgestel 2026-2030 vast te stellen met beheer op niveau C (bijlage 1); 2. Af te wijken van het afschrijvingsbeleid voor wegen van maximaal 25 naar maximaal 40 jaar; 3. De Voorziening wegen in te stellen per 31 december 2025 (bijlage 2); 4. Een degeneratiereserve wegen in te stellen per 1 januari 2026 (bijlage 3); 5. De huidige egalisatiereserve wegen op te heffen per 31 december 2025 en het werkelijk resterende saldo van de reserve te storten in de voorziening wegen; 6. Vanaf 2026 een jaarlijkse dotatie van € 700.000 te doen in de Voorziening wegen, ter egalisatie van het groot onderhoud wegen voor de jaren 2026 tot en met 2035 en deze te dekken vanuit de bestaande onderhoudsbudgetten wegenbeheer; 7. Vanaf 2026 een jaarlijks geïndexeerd bedrag van € 230.000 beschikbaar te stellen voor klein onderhoud, al voorzien binnen de bestaande onderhoudsbudgetten; 8.
De volgende kredieten per jaar te voteren: • Krediet van € 4.703.000 voor investering wegbeheer 2026 t/m 2030 met een afschrijvingstermijn van 10 jaar; • Krediet van € 2.800.000 voor investering wegbeheer 2026 t/m 2030 met een afschrijvingstermijn van 15 jaar; • Krediet van € 158.000 voor investering wegbeheer 2026 t/m 2030 met een afschrijvingstermijn van 40 jaar; • Krediet van € 1.265.000 voor inhaalacties voor investering wegbeheer 2026 t/m 2030 met een afschrijvingstermijn van 15 jaar. Zoals nader is gespecificeerd in de tabel van de financiële paragraaf. 9. Ter afdekking van een deel van de toekomstige kapitaallasten, in 2027 een bedrag van € 1.317.000 te storten in de reserve toekomstige investeringen. Dit bedrag als volgt in te zetten. 2027 € 62.000, 2028 € 239.000, 2029 € 419.000 en 2030 € 597.000; 10. De bijgevoegde 14e wijziging van de begroting 2025 vast te stellen (bijlage 4).
Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 11 december 2025; De gemeenteraad van Sint-Michielsgestel, de griffier,
de voorzitter,
D.S.J. Thissen
E. Smid