Programma Duurzame Mobiliteit Boxtel 2040- Raadsvoorstel met gewijzigd raadsbesluit
Tekst van het document
meewerkend
bo x
e. _,..i Raadsvoorstel
Zaaknummer:
1370823
Portefeuillehouder:
Fred van Nistelrooij
Onderwerp Programma Duurzame Mobiliteit Boxtel
Status Besluitvormend
Voorstel Raad 1. De Nota van zienswijzen vast te stellen; 2. Het aangepaste Programma Duurzame Mobiliteit vast te stellen; 3. Het Gemeentelijk Verkeer- en VervoersPlan 2008 in te trekken.
hokte!
meewerkend
Inleiding
Het Programma Duurzame Mobiliteit Boxtel 2040 biedt een kader voor het mobiliteitsbeleid van de gemeente tot 2040. Het richt zich op duurzame, veilige, inclusieve en efficiënte mobiliteit met een betrouwbare infrastructuur. De visie zet in op duurzame leefbaarheid, verkeersveiligheid en bereikbaarheid.
Mobiliteit stelt al onze inwoners in staat om deel te nemen aan de maatschappij. Het is een belangrijke voorwaarde voor welzijn en welbevinden. Het draagt bij aan vermindering van eenzaamheid en biedt kansen om een rol te spelen in de bevordering van een gezond en goed leven. Het verkeersbeleid van Boxtel staat beschreven in het Gemeentelijke Verkeers- en VervoersPlan (GVVP) 2008 en heeft een looptijd tot 2020. De veranderende kijk op verkeer, mede beïnvloed door Corona, heeft ervoor gezorgd dat we de tijd hebben gebruikt om goede afwegingen te maken over waar de mobiliteit van Boxtel zich naartoe beweegt. Door groeiende mobiliteitsbehoeften en ontwikkelingen zoals woningbouw en verstedelijking, is een andere kijk op mobiliteit noodzakelijk. Uitbreiden van (bestaande) infrastructuur is niet altijd de oplossing voor het vraagstuk en ook niet overal mogelijk.. Mobiliteitsbeleid gaat verder dan enkel verkeer, er is duidelijk behoefte aan meer dan een update. Het betreft een verandering in hoe wij ons (voort)bewegen in de openbare ruimte en elkaar ontmoeten. De ambities en opgaven uit de Omgevingsvisie, het Beleidsakkoord van 2021 en de opgaven uit het GVVP zijn meegenomen in de uitwerking van het nieuwe beleid, waarbij we aansluiten op de huidige landelijke, provinciale en regionale beleidslijnen.
De mobiliteitsdoelen worden afgewogen op basis van de Omgevingsvisie, het Programma Duurzame Mobiliteit Boxtel 2040 en het Beleidsakkoord. Samengevat zet het programma in op een duurzaam, verkeersveilig en betrouwbaar mobiliteitssysteem dat aansluit bij de behoeften van inwoners en toekomstige generaties. Het programma is tot stand gekomen met de hulp van inwoners en organisaties die mee hebben gedacht over hoe Boxtel op het gebied van mobiliteit, leefbaarheid, bereikbaarheid, inclusieviteit en verkeersveiligheid goed voorbereid kan worden op de toekomst. Via digitale enquêtes in 2018 en 2023 zijn knelpunten en wensen opgehaald. Deze opbrengsten, gecombineerd met een inventarisatie van bestaand beleid, een analyse van feiten en cijfers op het gebied van mobiliteit en de ambities hebben geleid tot dit programma. In de periode van 9 september tot en met 20 oktober 2024 heeft het plan ter inzage gelegen en dat heeft een aantal zienswijzen opgeleverd. Deze zijn opgenomen in een Nota van Zienswijzen (bijlage 2). Een aantal zienswijzen zijn, conform de nota, tekstueel verwerkt.
Beoogd resultaat
Toekomstbestendig mobiliteitsbeleid, waarmee Boxtel anticipeert op de te verwachten ontwikkelingen op gebied van o.a. wonen, werken, studeren en recreëren en daarmee voorbereid is op de mobiliteit van de toekomst.
boxit0
meewerkend
Argumenten 1.1 Zienswijzen dragen bij aan de duidelijkheid van het programma Zienswijzen maken inzichtelijk hoe het programma gelezen en ontvangen wordt door belanghebbenden. De reacties leveren nuttige toevoegingen, onduidelijkheden en andere inzichten op. De zienswijzen maken het programma beter. De nuttige toevoegingen zijn verwerkt, onduidelijkheden in het stuk verhelderd en andere inzichten zijn toegelicht en uitgelegd. 1.2 De zienswijzen zijn integraal gewogen De ontvangen zienswijzen geven een weerspiegeling van het belang van de indiener. Dit geeft inzicht in de overwegingen die vanuit een hun perceptie een belangrijke rol moeten vervullen. In de reactie op de zienswijzen zijn deze waardevolle inzichten gewogen ten opzichte van het integrale belang en waar nodig heeft het geleid tot aanpassing van de formulering. Daarmee wordt tegemoet gekomen aan de bedoelingen van de indieners. 2.1 Het voorstel sluit aan bij de Omgevingsvisie Het Programma Duurzame Mobiliteit Boxtel draagt bij aan de Omgevingsvisie door mobiliteit en infrastructuur integraal af te stemmen op de bredere ambities van de gemeente, zoals vastgelegd in de thema's: Aangenaam leven: o Het programma verbetert de leefkwaliteit door prioriteit te geven aan actieve en duurzame vervoersvormen, zoals lopen en fietsen, zonder de aandacht voor de auto te verliezen.
Hierdoor ontstaat meer ruimte voor groen, klimaatadaptatie en minder hinder van verkeer in woonwijken en kernen. Verbindend netwerk: o Door een robuuste infrastructuur te realiseren, zoals mobiliteitshubs en verbeterde fietsen wandelroutes, verbindt het programma de dorpen, wijken en regionale netwerken efficiënter en duurzamer. Krachtige economie: o Goede bereikbaarheid van bedrijventerreinen, stations en kernen stimuleert economische groei en vergroot de aantrekkelijkheid voor ondernemers. Daarnaast sluit de focus op duurzame mobiliteit aan bij de ambitie om innovaties te bevorderen en duurzame economische structuren te ondersteunen. Inclusieve duurzaamheid: o Het programma ondersteunt de overgang naar duurzaam en gedeeld vervoer, met aandacht voor inclusiviteit en toegankelijkheid van het openbaar gebied. Elektrificatie en gedeelde mobiliteit dragen bij aan het verminderen van de ecologische voetafdruk en een klimaatbestendige leefomgeving. Het programma is een essentieel uitvoeringsinstrument van de Omgevingsvisie, waarmee Boxtel toewerkt naar een toekomstbestendige, duurzame en leefbare gemeente. 2.2 Huidig beleid is aan vervanging toe Het verkeersbeleid van Boxtel is verouderd en aan vervanging toe.
Alle grote en complexe transities van deze tijd, zoals de woonopgave, de klimaattransitie, de wateropgave en dergelijke doen een groot beroep op de toch al schaars beschikbare ruimte in onze gemeente. Hierdoor komt de beschikbare ruimte voor infrastructuur en mobiliteit onder druk te staan. Dit vraagt een verandering in denken en voortbewegen dat nog geen onderdeel vormt van het bestaand beleid. Het nieuwe beleid gaat verder dan verkeer. Iedere dag bewegen we ons voort, niet alleen om bestemmingen te bereiken, maar ook om elkaar te ontmoeten en voor ons welzijn. Nieuw beleid gaat over: o Duurzaam en efficiënt: Prioritering van voetgangers en fietsers bij nieuwe ontwikkelingen volgens het STOMP-principe, waarbij de auto niet vergeten wordt. Elektrisch vervoer mogelijk maken door laadvoorzieningen. o Verkeersveilio en leefbaar: Minder verkeersongevallen door risicogestuurde aanpak en educatie. Vermindering van verkeershinder in woonwijken. Verkeersonveilig gedrag blijvend aanpakken met educatie en handhaving.
meewerkend
boxtést o
Betrouwbare bereikbaarheid: Ontwikkeling van mobiliteitshubs en een robuuste infrastructuur om verkeersstromen te optimaliseren.
Hierbij worden de opgaven gebiedsspecifieke aangepakt: o Centrum: Hoogwaardig fietsparkeren en verbeteringen rondom station Boxtel. o Woonwijken: Veiligere straten en minder doorgaand verkeer. o Dorpskernen en bedrijventerreinen: Betere fiets- en wandelverbindingen en vermindering doorgaand verkeer. Dit alles draagt bij aan een integrale benadering van mobiliteit in plaats van de sectorale benadering vanuit verkeer. 3.1 Bij invoering van nieuw beleid wordt oud beleid vervangen en komt dit te vervallen Het nieuwe beleid anticipeert op toekomstige ontwikkelingen en is zorvuldig tot stand gekomen. In dit proces is ook het oude beleid meegenomen. Het oude beleid gaat veelal uit van uitbreiding van infrastructuur. De huidige tijd, met meer opgaven binnen dezelfde schaarse beschikbare ruimte, vraagt om andere oplossingen. Met deze nieuwe benadering kan het oude beleid komen te vervallen.
Kanttekeningen 2.1 Maatregelen in de openbare ruimte zijn afhankelijk van de beschikbare middelen en draagvlak Om uitvoering te geven aan het beleid hebben we 17 opgaven gedefinieerd. Deze opgaven zijn vertaald naar fysieke maatregelen in de openbare ruimte. Investeringen in de openbare ruimte zijn kostbaar en er kan niet overal tegelijkertijd gewerkt worden. Het tempo van verandering is afhankelijk van de beschikbare middelen en draagvlak voor maatregelen. Het programma zet in op ontwikkeling vanuit huidig perspectief bij vraagstukken. Omgeving en gedrag zijn aan verandering onderhevig en daarom is tussentijdse bijstelling niet uit te sluiten. 2.2 Majeure maatregelen, zoals maatregelen rond PHS, zijn geen onderdeel van het maatregelpakket Binnen de projecten herkennen we majeure maatregelen. Dit zijn maatregelen met grote impact op samenleving en/of middelen die vragen om separate besluitvorming. Dit kan aanleiding geven om maatregelen niet te realiseren, waardoor het beoogde doel niet behaald wordt. Goede afstemming en tijdig benoemen van majeure maatregelen draagt bij aan een goede financiële planning en het verkleinen van het risico dat maatregelen niet gerealiseerd worden. 3.1 Nieuw beleid vraagt om verandering in denken en doen De mobiliteitsopgave verandert en het uitbreiden van infrastructuur in niet altijd mogelijk.
Het Programma Duurzame Mobiliteit anticipeert daarop. Zonder vaststelling van nieuw beleid stijgt het risico dat de bereikbaarheid afneemt en congestie toeneemt. Te laat ingrijpen kan leiden tot kapitaalvernietiging en hogere kosten. Ook draagt het dan niet bij aan het instandhouden van economisch aantrekkelijke vestigingsomstandigheden.
Financiën Het realiseren van de ambities vraagt om investeringen. De investeringen in mobiliteit zijn fors en worden altijd in samenhang met andere opgaven opgepakt. Dat verhoogt het rendement van de investeringen en bevordert een integrale aanpak. Daarom maken de kosten voor mobiliteitsmaatregelen onderdeel uit van het toekomstige Integraal Meerjarenprogramma Openbare Ruimte (IMOR). Dit programma omvat ook de investeringen voor groenvoorzieningen, wegen en riolering. Het IMOR gaat een vierjarige vooruitblik bieden op alle geplande werkzaamheden in de openbare ruimte, inclusief financiële dekking en planning. Deze informatie vormt de basis voor een planmatige en kostenefficiënte uitvoering van vervangings- en investeringsprojecten voor bestaande kapitaalgoederen in de openbare ruimte. De begroting bevat de taakstellende financiële uitgangspunten voor dit programma. De maatregelen binnen IMOR worden jaarlijks door het College vastgesteld en geactiveerd voor het eerstvolgende jaar. Indien bijstelling van de begroting nodig is, dan wordt dat betrokken bij de Kadernota. In de Kadernota worden ook de middelen voor het toegevoegde vierde jaar in beeld gebracht.
meewerkend
boxtet Uitvoering
Het programma bevat beleid en kaders voor ontwikkeling. Om die te verwezenlijken zijn maatregelen nodig. Na vaststelling door uw raad worden de maatregelen geprioriteerd en vertaald naar een uitvoeringsprogramma dat jaarlijks wordt geactualiseerd. De prioritering wordt gebaseerd op ambities en doelen op gebied van mobiliteit, mede in de geest van de Omgevingsvisie. Maatregelen worden gekoppeld aan de ambities van de Omgevingsvisie waardoor deze blijvend gemonitord kunnen worden. Vanwege de constante ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit zijn (huidige) oplossingen niet in beton gegoten. Voortschrijdend inzicht geeft ruimte aan verandering van oplossingen, waarbij de doelen gelijk blijven. Jaarlijks worden, voorafgaand aan de Kadernota, de haalbaarheid en betaalbaarheid van projecten binnen het IMOR geprioriteerd met een doorkijk van vier jaar. Hierbij worden integrale investeringsprojecten in de openbare ruimte beoordeeld op hun bijdrage aan de diverse doelen en de beschikbare middelen. Daarbij worden de mobiliteitsdoelen afgewogen op basis van de Omgevingsvisie, het Programma Duurzame Mobiliteit Boxtel 2040 en het Beleidsakkoord. We beoordelen elke 4 jaar of een actualisatie van het Programma Duurzame Mobiliteit nodig is. De voortgang wordt bewaakt via de omgevingsvisie als onderdeel van de omgevingswet.
Communicatie Na vaststelling van het programma wordt dit gecommuniceerd via de gebruikelijke kanalen van de gemeente. De betrokken stakeholders (participatie en zienswijzen) worden geïnformeerd over de besluitvorming. Daarnaast is het programma digitaal in te zien voor alle belanghebbenden en belagstellenden. Over de uitvoering van maatregelen wordt gecommuniceerd op het moment van realiseren.
Bijlagen 1. 2.
Programma Duurzame Mobiliteit Boxtel 2040 Nota van Zienswijzen
Boxtel, 28 januari 2025 Burgemeester en wethouders van Boxtel, de secretariá,
de burgemeester,
V.C. Fijneman
R.S. van Meygaarden
Ter inzage N.v.t.
meewerkend
Gewijzigd Raadsbesluit Registratienr.:
1370823
Aanhef De raad van de gemeente Boxtel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 januari 2025;
Besluit 1. De Nota van zienswijzen vast te stellen; 2. Het Programma Duurzame Mobiliteit Boxtel 2040 vast te stellen met de daarin bij amendement opgenomen wijzigingen: • Op blz. 22 de 1e zin van de 2e alinea te vervangen door: "Indien nut en noodzaak aangetoond zijn, zetten we als onderdeel van de gebiedsontwikkeling in op het sluiten van de ringstructuur aan de noordwestzijde als onderdeel van onze ambitie om verkeer naar de randen van de kern Boxtel te brengen." • Op blz. 49 de le maatregel tussen 2030 en 2040 te veranderen in: "Indien nut en noodzaak aangetoond zijn, realisatie noordwestelijke ontsluiting, met aandacht voor aansluiting van Esch" • Op blz. 57 de 1e maatregel 2e bullit veranderen in: "Nut en noodzaak onderzoeken van ontsluiting voor gemotoriseerd verkeer via een randstructuur" 3. Het Gemeentelijk Verkeer- en VervoersPlan 2008 in te trekken.
Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 15 april 2025; De ge eenteraad van Boxtel,
I.H.M. Smits
de voorzitter,
R.S. van Meygaarden