Herstelbesluit bestemmingsplannen Woongebied Hamsestraat-Roderweg en Woonwerkkavels Hamsestraat- Bijlage 5.11 Bijlagenboek bp Woonwerklocatie
Tekst van het document
BIJLAGE
IV. Kaart achtergrondbelasting
Onderzoek geurhinder veehouderijen Hamsestraat Liempde Datum: 27 oktober 2022 ; Referentie: 20200805.v02
29
BIJLAGE
V. Veehouderijgegevens
Onderzoek geurhinder veehouderijen Hamsestraat Liempde Datum: 27 oktober 2022 ; Referentie: 20200805.v02
30
Bijlage V - Veehouderijgegevens IDNR 1 2 3 4 5 6 13533 13537 13538 13539 13540 13541 13542 13543 13545 13547 13548 13549 13550 13551 13552 13553 13560 13561 13562 15863 15867
X
Y 154564 154532 154567 154550 154593 154613 154264 152487 152531 152541 153925 153308 153771 155131 154606 154597 154764 155204 155168 155075 155171 155289 153768 153748 153447 156309 155870
EPH 396471 396434 396440 396423 396426 396430 397315 397498 397517 397641 396672 396498 395555 397330 396052 396166 396721 397909 397553 397378 398006 398083 398194 398264 398561 397255 397459
GEBH 3.2 5.6 3.4 5.6 8.6 8.6 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5 5
DIAM 3.6 3.8 3.6 3.8 5.3 5.3 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6 6
UITTR 1 0.45 1 0.45 1 1 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5 0.5
EVERG EMAX Adres 0.76 6426 6426 Hamsestraat 5 5298NA Liempde 4 6072 6072 Hamsestraat 5 5298NA Liempde 0.72 3073 3073 Hamsestraat 5 5298NA Liempde 4 11638 11638 Hamsestraat 5 5298NA Liempde 3.94 11684 11684 Hamsestraat 5 5298NA Liempde 3.7 13716 13716 Hamsestraat 5 5298NA Liempde 4 0 0 Oude Postbaan 35 5298AS Liempde 4 0 0 Vrilkhovenseweg 14 5298LH Liempde 4 60992.2 60992.2 Vrilkhovenseweg 7 5298LH Liempde 4 0 0 Vrilkhovenseweg 8 5298LH Liempde 4 0 0 Dazingstraat 1 5298LP Liempde 4 356 356 Dazingstraat 11 5298LP Liempde 4 0 0 Ooiendonksestraat 26 5298LR Liempde 4 12388.8 12388.8 Wessendijk 1 5298MA Liempde 4 38440.4 38440.4 Hamsestraat 11 5298NA Liempde 4 21146.4 21146.4 Hamsestraat 9 5298NA Liempde 4 0 0 Vleutstraat 10 5298NE LIEMPDE 4 1708.8 1708.8 Hezelaarsestraat 7 5298NH Liempde 4 3987.2 3987.2 Hezelaarsestraat 18 5298NJ Liempde 4 6336.8 6336.8 Hezelaarsestraat 28 5298NJ Liempde 4 0 0 Meulekensweg 1 5298NL Liempde 4 0 0 Meulekensweg 3 5298NL Liempde 4 8380.7 8380.7 Boxtelseweg 2 5298VC Liempde 4 0 0 Boxtelseweg 6 5298VC Liempde 4 435.2 435.2 Den Berg 3 5298VL Liempde 4 0 0 Huijgensweg 5 5492SC Sint-Oedenrode 4 1602 1602 Sortestraat 10 5492SN Sint-Oedenrode
Stal stal 1 stal 2 stal 2a stal 3 stal 4a stal 4b nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt nvt
Bijlage 9 Kwaliteitsverbetering
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
1073
advies
Kwaliteitsverbetering landschap Liempde Zuid projectnaam Kwaliteitsverbetering landschap Liempde Zuid datum 16 december 2021 opdrachtgever gemeente Boxtel projectnummer P02964 opgesteld door RT i.a.a. CV
BRO Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 E info@bro.nl www.bro.nl
Kwaliteitsverbetering landschap Liempde Zuid Achtergrond en aanleiding De gemeente Boxtel heeft het voornemen om het gebied aan de zuidkant van de kern Liempde te ontwikkelen met woningbouw. De locatie ligt globaal gezien tussen de Hamsestraat, Roderweg en de oostelijk gelegen kassen. Het provinciale beleidskader liet een stedelijke uitbreiding voor dit gebied niet toe. Daarom heeft de gemeente Boxtel al in 2012 de provincie verzocht om ten behoeve van de gemeentelijke woningbouwopgave het gebied Hamsestraat-Roderweg aan te wijzen als ‘zoekgebied stedelijke ontwikkeling’. Vanwege de waarden in het gebied en de directe omgeving vond de provincie dit niet haalbaar, maar kreeg het gebied de aanduiding ‘Integratie stad-land’ (provinciale Verordening ruimte 2012). Binnen deze aanduiding is een stedelijke ontwikkeling mogelijk mits deze in samenhang en evenredigheid geschiedt met een groene en blauwe landschapsontwikkeling. Hiertoe dient een integrale gebiedsvisie te worden opgesteld die de ontwikkelingsrichting en de kwalitatieve ontwikkeling van het landschap onderbouwt. Inmiddels is de aanduiding ‘Integratie stad-land’ gewijzigd in ‘verstedelijking afweegbaar’ (Interim omgevingsverordening 2019). De beleidsuitgangspunten zijn voor het oostelijke deel hetzelfde gebleven, waar sprake is van een samenloop met Attentiezone Waterhuishouding (Artikel 3.44 lid 2).
Voor het westelijk deel geldt met de komst van de Interim omgevingsverordening formeel geen eis meer van een evenredige groenblauwe landschapsontwikkeling, zie artikel 3.43. In het
westelijk deel is er sprake van een specifiek gebied, dat niet is gelegen in de Groenblauwe mantel (en ook niet in de Attentiezone Waterhuishouding). Volgens de toelichting van de Interim omgevingsverordening wordt er van uitgegaan dat eerder gemaakte afspraken voor deze gebieden wel worden nagekomen. Dit betekent onder andere dat er een gebiedsvisie nodig is om in de gewenste ontwikkeling te voorzien. Samenhang en evenredigheid stad en land In 2020 heeft de gemeente de gebiedsvisie ‘HamsestraatRoderweg in Liempde’ opgesteld, waarin niet alleen de gronden binnen de aanduiding ‘verstedelijking afweegbaar’ zijn betrokken, maar ook de gronden nabij de Groote Waterloop. De ambitie van de gebiedsvisie is om juist in samenhang met deze gronden, waar de aanwezige en potentiële landschappelijke waarden van het gebied liggen, een kwaliteitsimpuls te bereiken. De gebiedsontwikkeling is gericht op natuurontwikkeling aan de zijde van de Groote Waterloop en de aanleg van woonvelden met een groenblauwe dooradering. In de visie is aangetoond dat in samenhang met de rode functie ook landschapsontwikkeling zal plaatsvinden. In het plangebied uit de visie bestaat de verhouding tussen rood en groenblauw uit ca. 40% rode functies (Stad) en 60% groenblauw (Land).
De functies die tot ‘stad’ worden gerekend bestaan niet alleen uit woongebieden, ontsluiting en parkeren, maar ook uit stedelijk groen (dit betreft het groen dat functioneel niet als ‘landschapsversterking’ wordt ingezet). De groenblauwe dooradering bestaat uit elementen die buiten de natuurgronden een wezenlijke bijdrage leveren aan de landschapsstructuur en maken deel uit van ‘land’.
1
advies
Kwaliteitsverbetering landschap Liempde Zuid Met deze verhouding is verzekerd dat de beoogde stedelijke ontwikkeling in omvang ten minste evenredig is met de groene en blauwe landschapsontwikkeling. Landschapsinvestering De provinciale Omgevingsverordening stelt regels over landschappelijke maatregelen bij ruimtelijke ontwikkelingen. Een bestemmingsplan dat een ruimtelijke ontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied mogelijk maakt, dient te voorzien in een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving (Artikel 3.9 OV). De voorgestelde gebiedsontwikkeling heeft een (substantiele) invloed op het landschap, waardoor zowel een landschappelijke inpassing als een aanvullende investering vereist is volgens het regionale Afsprakenkader (2015). In het bestemmingsplan ten behoeve van de ontwikkeling zal in de verantwoording van de landschapsinvestering moeten worden voorzien. BRO is door de gemeente gevraagd om een inschatting te maken van de vereiste kwaliteitsbijdrage en daarnaast inzicht te geven in de landschapsinvestering zoals deze is voorgesteld in de planvorming.
Kwaliteitsverbetering landschap De voorgestelde gebiedsontwikkeling heeft een (substantiele) invloed op het landschap, waardoor zowel een landschappelijke inpassing als een kwaliteitsverbetering vereist is. Om objectief te kunnen bepalen welke investering gedaan moet worden in het landschap, wordt hiervoor een bedrag berekend op basis van de rekenmethodiek zoals beschreven in het regionale Afsprakenkader (2015).
Kwaliteitsbijdrage De voorgestelde ontwikkeling betreft een planmatige stedelijke ontwikkeling, waarbij wordt uitgegaan van een minimumbijdrage per m². De minimum bijdrage voor de kwaliteitsverbetering is 1% van de uitgifteprijs. Op basis van het VO stedenbouwkundig plan d.d. 29-072021 (2021-1633 bxt011 VO stedenbouwkundig plan 20210729), bedraagt het oppervlakte uitgeefbare grond ca. 41.745m2.
De inschatting van de gemeente is dat de minimale tegenprestatie, op basis van 1% van de uitgifteprijs, ca. € 156.600,- zal bedragen.
Op basis van de STILA- normeringen is een inschatting gedaan van de landschapsinvestering op basis van de voorgestelde inrichting (VO). De inrichtingsmaatregelen die als landschapsinvestering zijn ingezet zijn in onderstaande tabel uiteengezet. Met de investeringsmaatregelen kan er ruimschoots in het vereiste compensatiebedrag worden voorzien.
Investering landschap Om in de kwaliteitsbijdrage te voorzien is een tegenprestatie noodzakelijk. Er kan op meerdere wijze geïnvesteerd worden in kwaliteitsverbetering van het landschap: a) de landschappelijke inpassing van bebouwing; b) het toevoegen, versterken of herstellen van landschapselementen die een bijdrage leveren aan de versterking van de landschapsstructuur of de relatie stad-land; c) activiteiten, gericht op behoud of herstel van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing of terreinen; d) het wegnemen van verharding; e) het slopen van bebouwing; f) een fysieke bijdrage aan de realisering van het Natuur Netwerk Brabant en ecologische verbindingszones. Daarnaast dient het bestemmingsplan de voorgestelde verbetering financieel, juridisch en feitelijk te borgen.
donderdag 16 december 2021
De investering die wordt voorgesteld om in de tegenprestatie te voorzien bestaat uit zowel de aanleg en beheer van landschapselementen en de afwaardering van percelen (zie afbeelding op de volgende pagina).
Figuur 1: Uitgeefbare gronden in geel
2
advies
Kwaliteitsverbetering landschap Liempde Zuid
Figuur 2: Landschapsinvestering Liempde Zuid
donderdag 16 december 2021
3
advies
Kwaliteitsverbetering landschap Liempde Zuid
donderdag 16 december 2021
4
Bijlage 10 Wonen in Regionaal Perspectief 2019
1078
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Wonen in Regionaal Perspectief 2019 Noordoost Brabant West
Afstemmen gewijzigd programma Project: Hamsestraat, Liempde Gemeente Boxtel
Onderwerp:
Afstemmen gewijzigd woningbouwprogramma binnen gemeentelijke bouwprognose, verzoek om adviserende zienswijzen
Plan:
Woningbouwlocatie Hamsestraat, Liempde
Gemeente:
Boxtel
Datum:
December 2019
Voorstel: Kennis te nemen van de wijzigingen in het plan, specifiek de nieuwe contouren en de wijziging in het woningbouwprogramma, waarbij de procentuele verdeling overeind gebleven is. Kader voor delen en afstemmen – Pilot ‘regionale afstemming woningbouwplannen’ 2019 September 2019: “Het plan betreft een uitbreidingsplan van meer dan 25 woningen bij een kern in landelijk gebied. Het plan moet dan ook regionaal worden afgestemd. Het plan past binnen de gemeentelijke bouwprognose. Planrelevante gemeenten worden om die reden gevraagd hun adviserende zienswijze kenbaar te maken.” Op 20 september 2019 ontving de gemeente Boxtel van de gemeente Vught, namens het regionale POHO Wonen, de bevestiging dat het plan positief met de regio is afgestemd. Gezien de wijzigingen die het plan sindsdien, tegen de verwachting in die de gemeente had op het moment dat het plan werd afgestemd, toch nog heeft ondergaan, praten we u middels deze notitie graag bij.
Samenvatting In september 2019 is het plan voor de woningbouwlocatie aan de Hamsestraat in Liempde op een positieve wijze met de regio afgestemd. Bij het afstemmen is aangegeven dat dit mogelijk nog zou worden geoptimaliseerd, waardoor het aantal woningen (68) nog zou kunnen wijzigen. Het uitgangspunt hierbij was en is dat de procentuele verdeling van woningtypen overeind blijft. Middels deze notitie willen wij u op de hoogte brengen van de wijzigingen in het plan. In de afgelopen periode, na het delen van dit plan in de regio, is gebleken dat de groene ruimte tussen de woonhofjes niet robuust genoeg was binnen de geldende kaders van Integratie Stad-Land (ISL). Daarnaast bleek het plan, onder andere door de het toedelen van Ruimte voor Ruimte titels aan het project, economisch niet haalbaar. Er is hard gewerkt aan een nieuwe ruimtelijke opzet van het plan en een verbeterde uitwerking van het woningbouwprogramma. Het resultaat is dat de groene ruimte tussen de woonhofjes robuuster is geworden en dat het plan financieel haalbaar is. Het uitgangspunt, dat bij wijzigingen van het plan de procentuele verdeling van woningtypen overeind blijft, is gerespecteerd. Hierdoor is de gemeente Boxtel van mening dat ook dit gewijzigde plan voorziet in de toenemende woningbehoefte van de gemeente Boxtel (kwantitatief) en het dorp Liempde specifiek.
Ook kwalitatief zorgt het project daarnaast voor een toevoeging van de gewenste en afgesproken woningtypen en ruimtelijke kwaliteit aan het dorp Liempde.
Onderbouwing Andere stedenbouwkundige opzet > van 3 naar 2 woonhoven In de afgelopen periode, na het delen van dit plan in de regio, is gebleken dat de groene ruimte tussen de woonhofjes niet robuust genoeg was binnen de geldende kaders van Integratie Stad-Land (ISL). Uitgebreid stedenbouwkundig-landschappelijk onderzoek en gesprekken met de provincie over de ruimtelijke kaders hebben er toe geleid dat de eerder afgestemde 3 woonhoven met daartussen groene/landschappelijke ‘lobben’ is gewijzigd in 2 woonhoven met daartussen groene lobben die een stevigere groenstructuur en verbeterde integratie bieden tussen het bebouwde gebied en het aangrenzende landschap. Hiermee is een plan ontstaan dat wél ruimtelijke goedkeuring krijgt van de provincie.
1
Plan september 2019 met 3 woonhoven
Plan december 2019 met 2 woonhoven
Financiële haalbaarheid van het plan is gewaarborgd De nieuwe stedenbouwkundige opzet van het plan is getoetst op de financiële haalbaarheid. Hieruit bleek dat het, met het uitgeefbare oppervlakte, niet haalbaar is om binnen de nieuwe rode contouren van het plan ook Ruimte voor Ruimte-titels toe te delen. Voor het aantal te realiseren RvR-kavels is een alternatief gezocht binnen andere projecten in de gemeente Boxtel en buiten de gemeente Boxtel, in andere projecten van de ontwikkelaar. Aangepast woningbouwprogramma Door het wegvallen van de relatief grote RvR-kavels werd het noodzakelijk om een andere uitwerking van het woningbouwprogramma te realiseren. De ruimte die eerst voor RvR-kavels was gerealiseerd, dient nu te worden opgevuld met andere woningtypen. Het uitgangspunt van de gemeente was dat de procentuele verdeling van woningtypen uit het in september gedeelde plan overeind bleef. Het uitgangspunt voor de verdere uitwerking was hiermee dus als volgt: • 18% sociale huurwoningen; • 24% goedkope woningen (middeldure huur en goedkope koopwoningen); • 24% betaalbare koopwoningen; • 20% Ruimte voor Ruimte kavels; • de overige woningen kunnen vrij ingevuld worden, afhankelijk van de behoefte. Met dit programma werd beoogd een bijdrage te leveren aan de volkshuisvestelijke opgave van het dorp Liempde.
Het dorp heeft anno 2019 een eenzijdig woningaanbod: ruim 85% van de woningen zijn koopwoningen in het duurdere segment en minder dan 15% van de woningen zijn huurwoningen. Daarom wordt bij nieuwbouw ingezet op een significante toevoeging van goedkope en betaalbare woningen (huur en koop). Door het wegvallen van de RvR-kavels, en hiermee ook het procentuele aandeel op het totaal, moest er worden gezocht naar een andere verdeling van het programma. Het resultaat hiervan is naast elkaar zichtbaar gemaakt en ziet er nu als volgt uit:
2
plan september 2019
plan december 2019
aantallen
percentage (%)
aantallen
percentage (%)
sociale huurwoningen
12
18%
10
11%
goedkope woningen (middeldure huur en goedkope koopwoningen)
16
24%
14
15%
betaalbare koopwoningen
16
24%
41
44%
44
66%
65
70%
Ruimte voor Ruimte kavels
14
21%
-
-
Overige
10
15%
2^1 kap
-
-
19
20%
vrije kavels
-
-
9
10%
24
34%
28
30%
68
100%
93
100%
Totaal goedkoop en betaalbaar
Totaal duurdere segmenten
Bovengenoemd programma is stedenbouwkundig goed inpasbaar binnen de nieuwe robuuste groene contouren en is financieel haalbaar. De verdeling van de woningtypen is ondertussen overeengekomen met de ontwikkelaar. Opvallend is dat het aantal woningen is toegenomen van 68 naar 93 woningen. Dit komt door de keuze voor het realiseren van een aanzienlijk groter deel betaalbare woningen. Deze hebben doorgaans een kleiner grondbeslag dan grotere en duurdere woningen (2^1 kap, vrije kavels en RvR-kavels), waardoor het totaal aantal woningen in het geoptimaliseerde plan is toegenomen. Het is hierdoor wel gelukt om het aandeel goedkope en betaalbare woningen in het plan overeind te houden, sterker nog: het aandeel hiervan is toegenomen ten opzichte van het in september met de regio gedeelde plan. Als gemeente zijn we dan ook tevreden over het behaalde resultaat en de toevoeging van een aanzienlijk deel goedkope en betaalbare woningen aan de woningvoorraad van Liempde. Woningbouwplanning Op basis van de woonvisie en de huishoudensprognose is voor de woningbouwplanning als streven gesteld dat de gemeente Boxtel van 2015 tot en met 2024 in totaal per saldo 1315 woningen aan de woningvoorraad worden toevoegt.
Stand van zaken Provincie Noord-Brabant inventariseert periodiek de gerealiseerde en geplande ontwikkeling van de woningvoorraad per gemeente en zet dit af tegen de huishoudensprognoses en de afspraken die hierover in de regio zijn gemaakt. Voor gemeente Boxtel zijn de volgende cijfers relevant: Capaciteitsindicatie middellange termijn 2018 t/m 2027
Prognose 2017
Verwachte sloop
Gemeente Boxtel
1.195
100
Opgave / benodigde woningbouwcapaciteit 1.295
Totale plancapaciteit (in plannen)
Waarvan harde capaciteit
Nog hard te maken capaciteit
1.295
130
1.165
Conclusie In september 2019 werd bij de regionale afstemming van dit plan het volgende geconcludeerd: “Met het project Hamsestraat-Roderweg wordt invulling gegeven aan de toenemende woningbehoefte van de gemeente Boxtel. De ontwikkeling past kwantitatief volledig binnen de woningbehoeftevraag van de gemeente en het dorp Liempde specifiek. Kwalitatief zorgt het project daarnaast voor een toevoeging van de gewenste woningtypen en ruimtelijke kwaliteit aan het dorp Liempde.”
3
Wij zijn van mening dat de conclusie van september, dat dit project kwantitatief en kwalitatief passend is en zorgt voor een toevoeging van de gewenste woningtypen en ruimtelijke kwaliteit aan het dorp Liempde, ook na aanpassing van dit plan overeind blijft. Door het grotere aantal woningen is de bijdrage van dit project aan de Boxtelse woningbouwopgave verstevigd ten opzichte van het plan uit september en het aandeel goedkope en betaalbare woningen in het totale plan is daarbij ook nog toegenomen. Wij verwachten dan ook dat dit woningbouwprogramma sterk bijdraagt aan de woonbehoefte in het dorp.
4
Bijlage 11 Aanmeldingsnotitie m.e.r.
1084
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Aanmeldingsnotitie m.e.r. Woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde Definitief
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
1
colofon
projectnaam Aanmeldingsnotitie m.e.r. datum 3 februari 2023 projectnummer P02081 opdrachtgever Gemeente Boxtel BRO projectleider CVe projectteam EBa bron kaft BRO
Bosscheweg 107 5258 WV Boxtel +31 (0)411 850 400 info@bro.nl www.bro.nl
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
2
Inhoudsopgave 1
Inleiding
4
2
Effecten op milieu
5
3
Vormvrije M.E.R.-Beoordeling
1.1 1.2 1.3 1.4
2.1 2.2 2.3 2.4
Aanleiding Toetsing besluit m.e.r. Vormvrije m.e.r.-beoordeling Leeswijzer
Inleiding Kenmerken van het project Plaats van het project Kenmerken van het potentiele effect
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
4 4 4 4
5 6 7 10
11
3
1
Inleiding
1.1
Aanleiding
De gemeente Boxtel wil het gebied aan de oostzijde van de Hamsestraat in de kern Liempde ontwikkelen tot een woonwerklocatie. Binnen de ontwikkeling passen 4 woonwerkkavels. De locatie ligt ten oosten van de Hamsestraat. Omdat de woonwerklocatie direct grenst aan het bedrijventerrein Daasdonk is eerst onderzocht of ter plaatse van de woonwerklocatie een goed woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd en er voldoende rekening gehouden wordt met de bedrijfsvoering en milieuruimte van de bedrijven op het bedrijventerrein. Met deze woonwerkkavels wordt tevens invulling gegeven aan de gemeentelijke ambities van dit deel van Liempde, zoals deze zijn beschreven in haar Gebiedsvisie ‘Hamsestraat – Roderweg te Liempde’.
1.2
Toetsing besluit m.e.r.
Toetsingskader Gemeenten en provincies moeten ook bij kleine bouwprojecten beoordelen of een m.e.r.-beoordeling nodig is. Achterliggende gedachte hierbij is dat ook kleine projecten het milieu relatief zwaar kunnen belasten en ook bij kleine projecten van geval tot geval moet worden beoordeeld of een m.e.r.-procedure nodig is. Een m.e.r.-beoordeling is een toets van het bevoegd gezag om te beoordelen of bij een project belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. Wanneer uit de toets blijkt dat er belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden moet er een m.e.r.-procedure worden doorlopen. Met andere woorden dan is het opstellen van een MER nodig.
m.e.r. overschrijdt, of de ontwikkeling in een kwetsbaar gebied ligt en of er
Procedure
belangrijke milieugevolgen zijn.
De initiatiefnemer dient de aanmeldingsnotitie in bij de gemeente. De gemeente (het bevoegd gezag) neemt binnen 6 weken na ontvangst van de
De ontwikkelingen in Liempde zijn aan te merken als een stedelijke ont-
aanmeldingsnotitie (mededeling) een beslissing of een MER gemaakt
wikkeling zoals opgenomen in het Besluit m.e.r.. Met betrekking tot de ont-
moet worden.
wikkeling is in onderdeel D 11.2 van de bijlage van het Besluit m.e.r. het volgende opgenomen: “De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijke ontwikkeling (met inbegrip van de bouw van een winkelcentra of par-
1.4
keerterreinen).”
Hoofdstuk 2 vormt de aanmeldingsnotitie, hoofdstuk 3 vormt de vormvrije
De voorgenomen ontwikkeling ligt ver onder de drempelwaarde die is opgenomen in kolom 2. Er is sprake van een vormvrije m.e.r.-beoordelingsplicht. Dit betekent dat voordat het ontwerpbestemmingsplan in procedure gaat, het college van burgemeester en wethouders aan de hand van een aanmeldings-notitie moet beoordelen en besluiten of een milieueffectrapport moet worden opgesteld e.e.a. conform paragraaf 7.6 Wet milieubeheer.
1.3
Vormvrije m.e.r.-beoordeling
Leeswijzer
m.e.r.-beoordeling. De beoordeling of het noodzakelijk is een milieueffectrapport op te stellen is geheel afhankelijk van het feit of er sprake is van ‘bijzondere omstandigheden’. De bijzondere omstandigheden kunnen betrekking hebben op: a. de plaats waar de activiteit plaatsvindt, o.a. in relatie tot gevoelige gebieden; b. de kenmerken van de activiteit ; c. de kenmerken van de belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu die de activiteit kan hebben; d. de samenhang met andere activiteiten ter plaatse (cumulatie).
In een vormvrije m.e.r.-beoordeling moet de gemeente beoordelen of een milieueffectrapport moet worden opgesteld. Achterliggende gedachte hierbij is dat ook kleine projecten het milieu relatief zwaar kunnen belasten en ook bij kleine projecten van geval tot geval moet worden beoordeeld of een m.e.r.-procedure nodig is. Deze vormvrije m.e.r.-beoordeling kan tot twee conclusies leiden: belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten: er is geen milieueffectrapportage noodzakelijk; belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: er moet een milieueffectrapportage worden opgesteld.
Beoordeling noodzakelijkheid m.e.r.-beoordeling Om te bepalen of een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk is dient bepaald te worden of de ontwikkeling de drempelwaarden uit lijst D van het Besluit
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
4
2
Effecten op milieu
2.1
Inleiding
Tabel 1: Kenmerken van het project
In deze paragraaf wordt getoetst of op basis van de criteria die zijn genoemd in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling een m.e.r.-beoordeling uitgevoerd moet worden. Het gaat hierbij om de volgende criteria (zie ook tabel 1): 1. de kenmerken van het project; 2. de plaats van het project; 3. de kenmerken van het potentiële effect. De vormvrije m.e.r.-beoordeling is opgesteld op basis van de onderzoeken
Kenmerken van het project
Omvang van het project
Cumulatie met andere projecten
Gebruik van natuurlijke hulpbronnen
Productie van afvalstoffen
Verontreiniging en hinder
Risico van ongevallen, mede gelet op de gebruikte stoffen en technologieën
Plaats van het project
die zijn uitgevoerd in het kader van het ruimtelijke plan. In de onder-
Bestaand grondgebruik
staande tabellen vindt de beoordeling/toets plaats aan de criteria die zijn
Relatieve rijkdom aan kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied
genoemd in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling.
Het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor gevoelige gebieden (wetlands, kustgebieden, berg- en bosgebieden, reservaten en natuurparken, Habitat- en Vogelrichtlijngebieden), gebieden waarin bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden overschreden, gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid, landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang
Kenmerken van het potentiële project
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
•
Bereik van het effect (geografische zone en grootte van de getroffen bevolking)
•
Grensoverschrijdende karakter van het effect
•
Waarschijnlijkheid van het effect
•
Duur, frequentie en de omkeerbaarheid van het effect
5
2.2
Kenmerken van het project
Tabel 2: Kenmerken van het project
Criteria
Toets
Omvang van het project
Het project betreft de realisatie van 4 woonwerkkavels
Cumulatie met andere projecten
De ontwikkeling is onderdeel van de bredere transformatie van het gebied tussen de Hamsestraat en Roderweg. Op de naastgelegen gronden zullen in totaal 112 woningen worden gerealiseerd. Hiervoor wordt een separaat bestemmingsplan opgesteld. Beide ontwikkelingen zijn in lijn met de Gebiedsvisie ‘Hamsestraat–Roderweg te Liempde’ die is gemaakt voor het gebied Hamsestraat – Roderweg te Liempde en is vastgesteld op 1 september 2020 door de gemeenteraad.
Gebruik van natuurlijke hulpbronnen
N.v.t. Bij de ontwikkeling wordt niet permanent gebruik gemaakt van natuurlijke hulpbronnen.
Productie van afvalstoffen
Naast het reguliere afval van de toekomstige bebouwing en functies zal geen sprake zijn van de productie van andere afvalstoffen.
Verontreiniging en hinder
De ontwikkeling vindt plaats in stedelijk gebied. Tijdens de aanlegfase is er mogelijk sprake van tijdelijke hinder als gevolg van bouwverkeer en bouwwerkzaamheden. Na de aanleg zijn er woningen en getransformeerd openbaar gebied aanwezig in het plangebied. Deze veroorzaken geen verontreiniging en hinder buiten de reguliere effecten van een gebied met woningen. Ecologie: Wat betreft ecologie zijn er geen belemmeringen voor het plangebied. Vanaf half december 2022 vindt vervolgonderzoek naar de wezel, hermelijn en/of steenmarter plaats. Dit onderzoek is afgerond voor vaststelling van het bestemmingsplan. Stikstofdepositie: Geconcludeerd wordt dat zowel de aanleg- als de gebruiksfase niet voor een stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jaar zorgen bij omliggende Natura 2000-gebieden. Het plan zal daarom geen relevante significante effecten kunnen veroorzaken ter plaatse van omliggende Natura 2000-gebieden. Het is niet nodig een passende beoordeling te doen. Water: Voor het totaal verhard oppervlak van beide ontwikkelingen (zowel de 4 woonwerkkavels als de 112 woonkavels) dient ter plaatse minimaal circa 2.235 m3 hemelwater verwerkt te worden. Het opgevangen hemelwater van de woningbouwontwikkeling kan en zal tussen de bouwvelden ingepast worden in de bestemming Natuur. Een oppervlak van 14.000 m 2 x 16-18 cm volstaat voor de benodigde waterberging.
Deze ruimte is ruimschoots beschikbaar in het planvoornemen (circa 4,5 hectare wordt bestemd als Natuur). Voor het afvalwater van de bouwvelden dient een separaat DWA-stelsel aangelegd te worden met een eigen rioolgemaal dat het verzamelde afvalwater dan verpompt naar de RWZI. Er wordt geen primair oppervlaktewater gedempt. Middels de waterparagraaf is een inzicht verkregen in de mogelijke gevolgen en knelpunten ten behoeve van het bestemmingsplan. Door hiermee rekening te houden, wordt hydrologisch neutraal ontwikkeld. Bodem: Op basis van de bevindingen uit het bodemonderzoek zijn er vanuit milieuhygiënisch oogpunt derhalve geen belemmeringen c.q. beperkingen voor de geplande bestemmingswijziging. Wat betreft het aspect bodem zijn geen belemmeringen voor de uitvoering van onderhavig initiatief. Akoestiek wegverkeer: Er heeft een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai plaatsgevonden. Ter hoogte van de woonwerkkavels wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet overschreden. Daarnaast heeft er een akoestisch onderzoek industrielawaai plaatsgevonden. De berekende gecumuleerde geluidbelasting (industrielawaai) vanwege de vergunde rechten op woningen op de woon-/werkkavels is lager dan 55 dB(A).
Voor alle woningen binnen het plangebied is akoestisch gezien sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ten aanzien van industrielawaai ter motivering van een goede ruimtelijke ordening.
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
6
2.3
Plaats van het project
Tabel 2 (vervolg): Kenmerken van het project
Criteria
Toets
Verontreiniging en hinder
Geur: Omdat veehouderijen op voldoende afstand van het plangebied zijn gelegen kan worden gesteld dat ten aanzien van afstanden sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. De hoogst berekende waarde voor de achtergrondbelasting van 5,6 ouE/m 3 komt overeen met een ‘goed’ woon- en leefklimaat. Het woon- en leefklimaat ten aanzien van de achtergrondbelasting is gelijk aan het woon- en leefklimaat dat op grond van de Wgv aanvaardbaar wordt geacht. Luchtkwaliteit: Geconcludeerd wordt dat met plan niet meer dan 1.500 woningen worden ontwikkeld en niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit’. Een nader onderzoek is niet noodzakelijk. Geconcludeerd wordt dat de waarden ruim onder de normen van de wet Milieubeheer liggen, waarmee sprake is van een goed woon- en leefklimaat bij de woningen in het kader van de luchtkwaliteit. Externe veiligheid: In de in de directe omgeving van het plangebied zijn geen risicovolle inrichtingen, buisleidingen of transportroutes gelegen. Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmeringen voor de uitvoering van onderhavig initiatief.
Risico van ongevallen
Er is met de realisatie van de woningen geen sprake van een nieuwe risicobron
Tabel 3: Plaats van het project
Criteria
Toets
Bestaande grondgebruik
Momenteel hebben de gronden een agrarische functie.
Relatieve rijkdom aan kwaliteit en het regenera-
N.v.t.
tievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
7
Tabel 3 (vervolg): Plaats van het project
Criteria
Toets
Het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor: •
gevoelige gebieden (wetlands, kustge-
•
Natura 2000-gebied “ Kampina & Oisterwijkse Vennen ” bevindt zich op circa 5,2 km van het plangebied. Uit vervolgonderzoek met een AERIUS-berekening zijn bij de aanlegfase en gebruiksfase geen depositieresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j. Daarmee kunnen op voorhand negatieve effecten op Natura 2000-gebieden vanwege stikstofdepositie uitgesloten worden.
•
Het plangebied ligt niet in de omgeving van gebieden waarin bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden overschre-
bieden, berg- en bosgebieden, reservaten en natuurparken, Habitat- en Vogelrichtlijngebieden); •
gebieden waarin bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake
den.
milieukwaliteit reeds worden overschreden; •
gebieden met een hoge bevolkings-
•
Het plangebied ligt niet in een gebied met een hoge bevolkingsdichtheid.
•
Archeologie: Voor het plangebied geldt een archeologische dubbelbestemming (‘Waarde – archeologie 4’), waarmee een onderzoekplicht geldt wanneer er werk-
dichtheid; •
landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang.
zaamheden met een oppervlakte groter dan 500 m 2 plaatsvinden en de grond dieper dan 50 cm onder maaiveld wordt geroerd of met heiwerkzaamheden plaatsvinden. Archeologisch onderzoek is uitgevoerd in 2016 voor de percelen Liempde, sectie B, percelen 3252, 595, 594 en 593, maar is nog steeds representatief voor het plangebied. Het kan niet worden uitgesloten dat hier nog dieper reikende archeologische resten kunnen worden aangetroffen. Echter is de verwachting dat deze sporen weinig samenhang vertonen door de afgetopte aard van het bodemprofiel. Hierdoor is er sprake van aantasting van de sporen, maar ook de eventueel aanwezige woonlaag of loopniveaus zal niet langer in situ aanwezig zijn. Dit zal tot gevolg hebben dat eventueel aanwezige resten een relatief solitaire aard zullen hebben dat de uiteindelijke informatiewaarde van de sporen beperkt. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. •
Cultuurhistorie: Uit deze analyse blijkt dat ter plaatse van het plangebied cultuurhistorische waarden aanwezig zijn, maar dat die niet worden aangetast door de woonwerkeenheden op een bepaalde afstand van de Hamsestraat te situeren.
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
8
In onderdeel A van de bijlage bij het Besluit m.e.r is bepaald wat verstaan wordt onder een gevoelig gebied. Als gevoelig gebied zijn gebieden aangewezen die beschermd worden op basis van de natuurwaarden, landschappelijke waarden, cultuurhistorische waarden en waterwingebieden.
Tabel 4: Gevoelig gebied (conform onderdeel A van de bijlage bij het Besluit m.e.r.)
Gevoelig gebied
Toets
Beschermd natuurmonument
Er is geen sprake van een beschermd natuurmonument.
Habitat en vogelrichtlijngebieden
Het plangebied ligt niet binnen een Habitat of vogelrichtlijngebied.
Watergebied van internationale betekenis
Het plangebied ligt niet in de nabijheid van een watergebied van internationale betekenis.
Natuurnetwerk Nederland (voormalige EHS)
Beide plannen liggen buiten de zones die onderdeel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland.
Landschappelijk waardevol gebied
Er is geen sprake van een landschappelijk waardevol gebied.
Waterwinlocaties. waterwingebieden, en grond-
Er is geen sprake van een waterwinlocatie, waterwingebied of grondwaterbeschermingsgebied.
waterbeschermingsgebieden Beschermd monument
In het plangebied zijn geen beschermde monumenten aanwezig.
Belvedère-gebied
Het plangebied betreft geen Belvedère-gebied.
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
9
2.4
Kenmerken van het potentiele effect
Tabel 5: Kenmerken van het potentiële effect
Criteria
Toets
Bereik van het effect (geografische zone en
Op de locatie worde woonwerkkavels gerealiseerd. De effecten van de aanleg zijn beperkt tot de locatie zelf. De effecten zijn daarmee zeer beperkt.
grootte van de getroffen bevolking) Grensoverschrijdende karakter van het effect
Er is geen sprake van een grensoverschrijdend effect.
Waarschijnlijkheid van het effect
Van onevenredige effecten voor de omgeving is geen sprake.
Duur, frequentie en de omkeerbaarheid van het
Er is sprake van een woonwerkgebied. De effecten zijn blijvend. Zoals echter al verwoordt in het voorgaande zijn deze effecten niet van dien aard dat sprake is van een
effect
onevenredige aantasting.
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
10
3
Vormvrije M.E.R.-Beoordeling
Gezien het vorenstaande en indien het plan wordt vergeleken met de drempelwaarden uit onderdeel D van het Besluit m.e.r. kan worden geconcludeerd dat er, rekening houdend met: 1. de kenmerken van het project; 2. de plaats van het project; en 3. de kenmerken van het potentiële effect; sprake is van een wezenlijk ander schaalniveau en een activiteit die vele malen kleinschaliger is. Bij elk plan is sprake van invloed op het milieu, maar deze is niet zodanig dat normen worden overschreden. De potentiele effecten van het plan, in relatie tot de kenmerken en de plaats van het plan, zijn dusdanig beperkt van aard en omvang dat dit geen belangrijk nadelige milieugevolgen tot gevolg heeft die het doorlopen van een m.e.r.procedure noodzakelijk maken. Wij bevelen u aan - na nadere kennisname van deze beoordeling - een gemeentelijk besluit voor te bereiden waarin wordt aangegeven dat voor de verdere planvorming van het bestemmingsplan ‘Woonwerklocatie Hamsestraat’, gemeente Boxtel geen milieueffectrapportage wordt vereist.
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
11
Amsterdam Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam +31 (0)20 506 19 99
Boxtel Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel +31 (0)411 850 400
Venlo Industriestraat 94 5931 PK Tegelen +31 (0)77 373 06 01 info@bro.nl www.bro.nl Aanmeldingsnotitie m.e.r.
12
Bijlage 12 Akoestisch onderzoek industrielawaai
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
1097
Bezoekadres: Stationsweg 2 8011 CZ Zwolle Postadres: Hoofdweg 76 3067 GH Rotterdam T +31 (0) 88-5152505 E info @cauberghuygen.nl W http: //www. cauberghuygen. nl K. V. K. 58792562 IBAN NL71RABO0112075584
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai Datum Referentie
12 oktober 2023 02476-56940-05v3
Referentie
02476-56940-05v3
Rapporttitel
Plangebieden
woonlocatie
Hamsestraat-Roderweg
en
woonwerklocatie
Hamsestraat
te
Liempde; akoestisch
onderzoek
Datum
12 oktober 2023
Opdrachtgever
BRO
Bosscheweg 5282
WV
industrielawaai
107
BOXTEL
Contactpersoon
(geanonimiseerd)
Behandeld
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
door
Cauberg Huygen
B.V.
Bezoekadres:
Stationsweg 8011
CZ
2
Zwolle
Postadres:
Hoofdweg
76
3067
Rotterdam
GH
Telefoon
Plangebieden akoestisch
088-5152505
woonlocatie Hamsestraat-Roderweg onderzoek industrielawaai
en
woonwerklocatie
Hamsestraat te
Liempde;
02476-56940-05V3 12 oktober 2023 Pagina 2
Inhoudsopgave 1
Inleiding
5
2
Situatie
6
3
Wettelijk kader
7
3. 1 3. 1. 1 3. 1. 2 3. 2 3. 2. 1 3. 2. 2 3. 2. 3
VNG-publicatie Bedrijven en Milieuzonering
Activiteitenbesluit milieubeheer Algemeen Bedrijfsduurcorrectie algemeen Bijzondere geluiden
7 7 8 9 9 10 11
4
Toepassing VNG-publicatie
12
4. 1 4. 2 4. 3
Stappenplan Beoordeling richtafstanden vanwege bedrijvigheid op bedrijventerrein Daasdonk Beoordeling richtafstanden vanwege bedrijvigheid Roderweg 40
12 13 16
5
Afwijken van de richtafstanden, stap 2
17
5. 1 5. 2 5. 3 5. 3. 1 5. 3. 2 5. 3. 3 5. 3. 4 5. 4
Aanpak stap 2 VNG-brochure Uitgangspunt beoordeling effecten bedrijvigheid Bedrijvigheid Hamsestraat 16 Hamsestraat 16 A/B Hamsestraat 16 C De Schoren 2 Uitgangspunten maximale geluidniveaus
17 18 19 19 20 21 22 24
6
Resultaten en beoordeling
25
6. 1 6. 2 6. 2. 1 6. 2. 2 6. 2. 3 6. 3
Gehanteerde rekenmethode Resultaten en beoordeling Algemeen Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus Maximale geluidniveaus Indirecte hinder
25 25 25 25 31 34
7
Afwijken van de richtafstanden, stap 3
35
7. 1 7. 2 7. 2. 1 7. 2. 2
Aanpak stap 3 VNG-brochure Toepassen stap 3 Algemeen Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus
35 35 35 35
Toelichting werkwijze
Gebiedstypering
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 3
8
Afwijken van de richtafstanden, stap 4
39
8. 1. 1 8. 2 8. 2. 1 8. 2. 2 8. 3 8. 3. 1 8. 3. 2 8. 4 8. 4. 1 8. 4. 2 8. 5 8. 5. 1 8. 5. 2 8. 5. 3
Aanpak stap 4 VNG-brochure Hamsestraat 16, garagebedrijf H. A. Van Oorschot Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Maximaal geluidniveau Hamsestraat 16A/B, Liba Campers B. V. Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Maximaal geluidniveau Hamsestraat 16C, Clown Snoepy / Schellekens Events B. V. Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Maximaal geluidniveau De Schoren 2, Van Nunen Bouw en Van Nunen Design Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Maximaal geluidniveau Conclusie akoestisch onderzoek
39 39 39 39 41 41 41 43 43 43 44 44 45 46
9
Cumulatie
48
9. 1 9. 2 9. 3
Algemeen Rekenmethode cumulatie in het kader van ruimtelijke ordening Cumulatie ter uitvoering van stap 4 VNG-brochure
48 48 49
10
Motivatie en onderbouwing aanvaardbaarheid
53
11
Conclusie en samenvatting
54
Figuren Figuur 1 Figuur 2
Ligging beoordelingspunten Ligging geluidbronnen
Bijlagen Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage
I II III IV V VI
Inventarisatielijsten bestaande bedrijven en geluidmetingen Invoergegevens rekenmodel Rekenresultaten langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Rekenresultaten maximaal geluidniveau Rekenresultaten langtijdgemiddelde beoordelingsniveau inclusief maatregelen Rekenresultaten milieukwaliteitsmaat MKM volgens Miedema
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 4
1
Inleiding
In opdracht van BRO heeft Cauberg Huygen B. V. een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de optredende geluidniveaus vanwege de omliggende bedrijven op woningen binnen twee plangebieden, die in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen: − Bestemmingsplan Woonlocatie Hamsestraat-Roderweg te Liempde. − Bestemmingsplan Woon-werklocatie Hamsestraat te Liempde. Doel van het onderzoek is het beoordelen van de ruimtelijke/akoestische inpasbaarheid van de voorgenomen ontwikkelingen. Voor de beoordeling van de akoestische inpasbaarheid van de voorgenomen ontwikkelingen binnen voormelde plangebieden is werkwijze gehanteerd conform de VNG-publicatie bedrijven en milieuzonering. In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient te zijn vastgesteld dat ter plaatse van de nieuwe geluidgevoelige bestemmingen (woningen) geen ontoelaatbare geluidhinder ontstaat door de activiteiten van de nabijgelegen bestaande inrichtingen. Daarnaast worden de geluideffecten vanwege de activiteiten van de bestaande inrichtingen getoetst aan grenswaarden uit het Activiteitenbesluit milieubeheer ter plaatse van de bestaande (bedrijfs) woningen. Voor het onderzoek zijn geluidmetingen uitgevoerd en is in overleg met de inrichtinghouders de representatieve bedrijfssituatie vastgesteld.
Het onderzoek heeft betrekking op het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr, LT) en maximale geluidniveau (LAmax) Het onderzoek is uitgevoerd volgens de ‘Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai’ (1999) .
.
In deze rapportage worden de uitgangspunten, de resultaten en de toetsing van het akoestisch onderzoek beschreven.
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 5
2
Situatie
Beide bestemmingsplannen zijn ingesloten tussen de Hamsestraat (westzijde) Roderweg (noordzijde) en de Grote Waterloop (zuidzijde) ,
.
In figuur 2. 1 is het ontwerp van beide plangebieden gezamenlijk weergegeven. De vier woon-/werk kavels binnen het plangebied Woon-werklocatie Hamsestraat zijn gemarkeerd met een rode stip. Alle overige kavels (gele vlakken zonder stip) worden bestemd als woningen en zijn gelegen in het plangebied Woonlocatie Hamsestraat-Roderweg. Aan de westzijde alsmede de zuidwestzijde van beide plangebieden zijn bestaande bedrijven gelegen, evenals één bedrijf aan de oostzijde van het plangebied.
Woon/werk kavels (4 stuks)
Figuur 2. 1:
Situatie
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 6
3
Wettelijk kader
3. 1
VNG-publicatie Bedrijven en Milieuzonering
3. 1. 1
Toelichting werkwijze
Uitgangspunt van de VNG-publicatie is dat de in beide plangebieden toegestane milieugevoelige functies (zoals (bedrijfs) woningen) niet tot gevolg mogen hebben dat bestaande milieubelastende functies in de omgeving van de plangebieden onevenredig worden belemmerd. Om dat te bepalen is beschouwd in hoeverre milieuhinder kan optreden voor milieugevoelige functies in beide plangebieden, vanwege toegestane bedrijven in het omliggende bestemmingsplan. In de VNG-publicatie zijn voor een scala aan milieubelastende activiteiten richtafstanden gegeven waarbinnen mogelijk hinder voor woningen kan ontstaan. In de VNG-publicatie wordt onderscheid gemaakt tussen de milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. Het milieuaspect dat de grootste richtafstand met zich meebrengt is bepalend voor de milieucategorie waarin de betreffende milieubelastende activiteit is ingedeeld. De richtafstanden zijn afgestemd op de omgevingskwaliteit die wordt nagestreefd in een rustige woonwijk. Indien de aard van de omgeving dat rechtvaardigt kan een lagere omgevingskwaliteit worden nagestreefd dan die in een rustige woonwijk. In dat geval kunnen de kleinere richtafstanden voor een gemengd gebied worden aangehouden. Navolgend is dat samengevat. Milieucategorie 1 2 3. 1 3. 2 4. 1 4. 2 De
Richtafstand tot rustige woonomgeving
Richtafstand tot gemengd gebied
10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m
0 m 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m
richtafstanden zijn geen normen, maar afstanden waarvan gemotiveerd mag worden afgeweken. De afstanden worden gemeten vanaf de grens van de bestemming die milieubelastende functies toelaat tot aan de dichtstbij gelegen gevel van de gevoelige functie. opgenomen
Voor onderhavige planontwikkeling wordt de systematiek van uitwaartse zonering worden gehanteerd. Op grond van de planologisch toegestane milieucategorieën van de omliggende milieubelastende functies, wordt bepaald of de te projecteren milieugevoelige functies in beginsel zijn toegestaan. Figuur 3. 1 geeft hiertoe het principe aan.
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 7
Categorie 3. 1
50 m.
bedrijf
Figuur 3. 1:
3. 1. 2
Uitwaartse zonering
Gebiedstypering
Aan de oostzijde van en langs de Hamsestraat zijn twee typen bestemmingen beoogd, namelijk vier woon/werkkavels aan de zuidzijde en woonkavels aan de noordzijde. De woon-/werkkavels aan de zuidzijde worden aangemerkt als het gebiedstype ‘gemengd gebied’, omdat dit deelgebied direct grenst aan het bestaande bedrijventerrein Daasdonk en zelf ook voorziet in werken. De woonkavels aan de Hamsestraat, die direct ten noorden van de woon-werkkavels (zie figuur 2. 1) zijn gelegen, worden eveneens aangemerkt als ‘gemengd gebied’. Deze woonkavels grenzen aan twee zijden aan werken, namelijk het bestaande bedrijventerrein Daasdonk (werken) en de woon-/werkkavels. De noordelijk woonkavels aan de Hamsestraat worden aangemerkt als het omgevingstype rustige woonwijk, omdat dit deel van het plangebied direct grenst aan bestaande woonbestemmingen. Ook voor de rest van het plangebied geldt dat sprake is van het omgevingstype rustige woonwijk. In figuur 3. 2 is voormelde verdeling grafisch weergegeven.
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 8
Figuur 3. 2:
Te hanteren gebiedstypen
Het voormelde betekent dat voor de woningen in het gedeelte ‘rustige woonwijk’ de richtafstanden worden gehanteerd, voor de woningen in het gedeelte ‘gemengd gebied’ worden de richtafstanden met één afstandstap mogen verlaagd. 3. 2
Activiteitenbesluit milieubeheer
3. 2. 1
Algemeen
De bedrijven op het bestaande bedrijventerrein Daasdonk en de inrichting aan de Roderweg 40 vallen allen onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Voor deze bedrijven zijn de geluidvoorschriften van kracht zoals opgenomen in afdeling 2. 8 “Geluidhinder” van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Eventueel bedrijfsactiviteiten buiten de grens van de inrichting, voor zover deze worden toegestaan en direct zijn gekoppeld aan het in werking zijn van de inrichting (laden/lossen op de openbare weg, uitsluitend bij Hamsestraat 16 van toepassing) gelden als directe hinder en dienen samen met de overige activiteiten binnen de inrichting te voldoen aan de voorschriften uit het Activiteitenbesluit milieubeheer. ,
Deze geluidvoorschriften gelden ter plaatse van de bestaande woningen binnen en buiten het bedrijventerrein, waarbij de (bedrijfs) woning behorende bij het eigen bedrijf van toetsing is uitgezonderd. De belangrijkste voorschriften uit afdeling 2. 8 luiden als volgt: Artikel 2. 17 1. Voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr, LT) en het maximaal geluidniveau LAmax, veroorzaakt door de in de inrichting aanwezige installaties en toestellen, alsmede door de in de inrichting verrichte werkzaamheden en activiteiten en laad- en losactiviteiten ten behoeve van en in de onmiddellijke nabijheid van de inrichting, geldt dat: a. de niveaus op de in tabel 2. 17a genoemde plaatsen en tijdstippen niet meer bedragen dan de in die tabel aangegeven waarden; Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 9
Tabel 2. 17a 07: 00–19: 00 uur
19: 00–23: 00 uur
23: 00–07: 00 uur
LAr, LT op de gevel van gevoelige gebouwen
50 dB (A)
45 dB (A)
40 dB (A)
LAr, LT in in- en aanpandige gevoelige gebouwen
35 dB (A)
30 dB (A)
25 dB (A)
LAmax op de gevel van gevoelige gebouwen
70 dB (A)
65 dB (A)
60 dB (A)
LAmax in in- en aanpandige gevoelige gebouwen
55 dB (A)
50 dB (A)
45 dB (A)
b. de in de periode tussen 07. 00 en 19. 00 uur in tabel 2. 17a opgenomen maximale geluidniveaus LAmax niet van toepassing zijn op laad- en losactiviteiten; 3. In afwijking van het eerste lid geldt voor een inrichting die is gelegen op een bedrijventerrein, dat: a. het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau
(LAr, LT) en het maximaal geluidniveau (LAmax) op de in tabel 2. 17c
genoemde plaatsen en tijdstippen niet meer bedragen dan de in die tabel aangegeven waarden; b. de in de periode tussen 07: 00 uur en 19: 00 uur in tabel 2. 17c opgenomen maximale geluidniveaus niet van toepassing zijn op laad- en losactiviteiten.
(LAmax)
Tabel 2. 17c 07: 00–19: 00 uur
19: 00–23: 00 uur
23: 00–07: 00 uur
55 dB (A)
50 dB (A)
45 dB (A)
35 dB (A)
30 dB (A)
25 dB (A)
LAmax op de gevel van gevoelige gebouwen op het bedrijventerrein
75 dB (A)
70 dB (A)
65 dB (A)
LAmax in in- en aanpandige gevoelige gebouwen
55 dB (A)
50 dB (A)
45 dB (A)
LAr, LT op de gevel van gevoelige gebouwen op het bedrijventerrein LAr, LT in in- en aanpandige gevoelige gebouwen op het bedrijventerrein
op het bedrijventerrein
3. 2. 2
Bedrijfsduurcorrectie algemeen
Bij de beoordeling mag een bedrijfsduurcorrectie Cb worden toegepast waarmee rekening wordt gehouden met een verlagend effect wanneer geluidbronnen slechts een bepaalde periode van een bepaalde beoordelingsperiode (dag, avond of nacht) in werking zijn. Hieruit volgt het te toetsen langtijdgemiddelde beoordelingsniveau L Ar, LT. Deze bedrijfsduurcorrectie mag niet worden toegepast op herkenbare muziekgeluidbronnen.
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 10
3. 2. 3
Bijzondere geluiden
Volgens de ‘Handleiding’ moet bij de beoordeling van geluid rekening worden gehouden met bijzondere geluiden die als extra hinderlijk worden beschouwd. Het betreft bijvoorbeeld tonaal geluid, geluid met een impulsachtig karakter en muziekgeluid. Bij de beoordeling wordt, als er sprake is van deze bijzondere geluiden, een toeslag op de gemeten (of berekende) geluidbelasting in meerdering gebracht alvorens aan de geluidvoorschriften wordt getoetst. Indien sprake is van én tonaal én impulsachtig geluid, mag de toeslag maar één keer wordt toegepast. Indien sprake is van én tonaal of impulsachtig geluid én waarneembaar muziekgeluid, wordt de toeslag voor muziekgeluid in rekening gebracht. Tonaal geluid Van tonaal geluid is sprake indien het tonale karakter duidelijk hoorbaar 1 is bij de ontvanger. De ‘Handreiking’ geeft vervolgens aan dat verwacht mag worden dat sprake is van tonaal geluid als de geluidbelasting bij de ontvanger wordt bepaald door bijvoorbeeld jankende tandwielkasten, brommende transformatoren, gierende ventilatoren, (cross) motoren, modelvliegtuigen en trilapparatuur (betonindustrie) .
In onderhavige situatie is geen sprake van dergelijke geluidbronnen. Van tonaal geluid is derhalve geen sprake. Impulsachtig geluid Volgens de ‘Handreiking’ geldt in het algemeen dat sprake is van impulsachtig geluid als in het geluidsbeeld met enige regelmaat geluidstoten voorkomen die minder dan 1 seconde duren. De ‘Handleiding meten en rekenen industrielawaai’ definieert impulsachtig geluid als een geluidsbeeld met geluidstoten, die minder dan één seconde duren en een zekere repetitie kennen. Als criterium moet worden aangehouden dat het impulsachtig karakter duidelijk hoorbaar moet zijn bij de ontvanger. De ‘Handreiking’ geeft verder aan dat verwacht mag worden dat sprake is van impulsachtig geluid als de geluidbelasting bij de ontvanger wordt bepaald bijvoorbeeld door geluid uit een constructiewerkplaats ten gevolge van hameren, bikken, het geluid van een stansmachine (continu en periodiek) of door blaffende honden. In onderhavige situatie treden geen regelmatige geluidstoten op die minder dan 1 seconde duren. Muziekgeluid Volgens de Handreiking geldt als criterium voor het toekennen van een straffactor, dat het muzikale karakter duidelijk hoorbaar moet zijn bij de ontvanger. Zoals zal blijken uit de beschrijving van de bedrijfsvoering van de onderzochte bedrijven zal van hoorbaar muziekgeluid ter plaatse van omliggende woningen geen sprake zijn.
Conclusie Nu geen sprake is van hoorbaar muziekgeluid, wordt geen toeslag van 10 dB (A) in rekening gebracht ten aanzien van de bijzondere geluiden. 1
De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) heeft tevens bepaald dat de kritische bandbreedtemethode (ISO 1996-2, Annex C van mei 2001) een betrouwbare, reproduceerbare en verifieerbare methode is om de waarneembaarheid van tonen in een geluidsignaal vast te stellen. Deze methode wordt geaccepteerd, aangezien de methode op technisch-wetenschappelijke wijze inzichtelijk maakt of de mens een geluid al dan niet tonaal zal waarnemen (ABRvS 200509480/1 d. d. 21 juni 2006) .
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 11
4
Toepassing VNG-publicatie
4. 1
Stappenplan
In bijlage 5. 3 van de VNG-publicatie is aangegeven op welke wijze de toetsing op het aspect geluid dient plaats te vinden: 1. Wanneer de VNG-richtafstanden tussen de inrichtingen en de nieuwe woningen in beide plangebieden gerespecteerd worden, dan mag volgens de systematiek aangenomen worden dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Verder onderzoek is niet noodzakelijk. 2. Het realiseren van woningen op kortere afstand dan de richtafstanden is mogelijk indien de geluidbelasting voor de representatieve bedrijfssituatie ter plaatse van de woningen in rustige woonwijk danwel gemengd gebied voldoet aan de richtwaarden uit tabel 4. 1. 3. Wanneer bij stap 2 niet aan de richtwaarden uit tabel 4. 1 voldaan kan worden, dan kan de gemeente ter plaatse van de woningen een hogere geluidbelasting voor de representatieve bedrijfssituatie toestaan tot de richtwaarden uit tabel 4. 2. De gemeente dient echter te motiveren waarom het deze geluidbelasting in de concrete situatie acceptabel acht, waarbij tevens de cumulatie met eventueel reeds aanwezige geluidbelasting moet worden betrokken. 4. Wanneer niet aan de richtwaarden uit tabel 4. 2 voldaan wordt, dan is inpassing van de beoogde ontwikkeling slechts mogelijk, indien: a. grondig onderzoek wordt verricht, waarvoor b. een onderbouwing en motivering wordt gegeven, waarin c. cumulatie met andere geluidbronnen betrokken wordt.
Tabel 4. 1:
Richtwaarden overeenkomstig stap 2 voor respectievelijk ‘rustige woonwijk’ en ‘gemengd gebied’ [dB (A) ]
Beoordelingsgrootheid
Dagperiode
Avondperiode
Nachtperiode
(07. 00-19. 00 uur)
(19. 00-23. 00 uur)
(23. 00-07. 00 uur)
Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr, LT )
45
40
35
Maximaal geluidniveau (LAmax)
70
65
60
Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr, LT )
50
45
40
Maximaal geluidniveau (LAmax)
70
65
60
Rustige woonwijk Directe hinder
Gemengd gebied Directe hinder
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 12
Tabel 4. 2:
Richtwaarden overeenkomstig stap voor respectievelijk ‘rustige woonwijk’ en ‘gemengd gebied’ [dB (A) ]
Beoordelingsgrootheid
Dagperiode
Avondperiode
Nachtperiode
(07. 00-19. 00 uur)
(19. 00-23. 00 uur)
(23. 00-07. 00 uur)
Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr, LT )
50
45
40
Maximaal geluidniveau (LAmax)
70
65
60
Rustige woonwijk Directe hinder
Gemengd gebied Directe hinder Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr, LT )
55
50
45
Maximaal geluidniveau (LAmax)
70*
65*
60*
Toelichting
*: exclusief de bijdrage ten gevolge van arriverend en vertrekkend verkeer Nu het te volgen stappenplan uitgevoerd. 4. 2
is beschreven, wordt navolgend
de beoordeling
aan
de richtafstanden
Beoordeling richtafstanden vanwege bedrijvigheid op bedrijventerrein Daasdonk
In dit onderdeel wordt de voorgenomen ontwikkeling beoordeeld aan de hand van de richtafstanden, conform stap 1 uit het de VNG-publicatie worden de richtafstanden beoordeeld voor een gemengd gebied en daarmee met 1 stap worden verlaagd. Volgens de planregels van het bestemmingsplan Liempde, waar bedrijventerrein Daasdonk onderdeel vanuit maakt zijn aldaar per recht bedrijven toegestaan uit milieucategorie 3. 1 en 3. 2. De te hanteren richtafstanden voor de bedrijvigheid op bedrijventerrein Daasdonk zijn derhalve als volgt: Rustige woonwijk: − Categorie 3. 1: standaard richtafstand 50 meter. − Categorie 3. 2: standaard richtafstand 100 meter.
Gemengd gebied: − Categorie 3. 1: (verkleinde) richtafstand 30 meter. − Categorie 3. 2: (verkleinde) richtafstand 50 meter. In figuur 4. 1 is de uitwaartse zonering toegepast op het gedeelte met de aanduiding ‘rustige woonwijk’ binnen het plangebied. Hierbij zijn de voormelde richtafstanden ingetekend vanaf de vigerende bestemming en geprojecteerd op de omgevingskaart van het betrokken plangebied.
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 13
Rustige Woonwijk
Figuur 4. 1:
Richtafstanden bedrijventerrein Daasdonk, gebiedstype ‘rustige woonwijk’
Uit figuur 4. 1 blijkt dat een beperkte strook van het plangebied, dat aangeduid is als ‘rustige woonwijk’ gelegen is binnen de richtafstanden voor de bedrijven: Garagebedrijf H. A. Van Oorschot, Liba Campers B. V. Clown Snoepy/Schellekens Events B. V. Nunen Bouw en Nunen Design. Dit betekent dat voor de desbetreffende bedrijven niet voldaan wordt aan stap 1, zodat stap 2 noodzakelijk is. De uitwerking van stap 2 is opgenomen in het volgende hoofdstuk 5. Voor de overige bedrijven wordt wel voldaan aan stap 1. ,
,
In figuur 4. 2 is de uitwaartse zonering toegepast op het gedeelte met de aanduiding ‘gemengd gebied’ binnen het plangebied. Hierbij zijn de voormelde richtafstanden ingetekend vanaf de vigerende bestemming en geprojecteerd op de omgevingskaart van het betrokken plangebied.
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 14
Figuur 4. 2:
Richtafstanden bedrijventerrein Daasdonk, gebiedstype ‘gemengd gebied’
Uit figuur 4. 2 blijkt dat een beperkte strook van het plangebied, dat aangeduid is als ‘gemengd gebied’ gelegen is binnen de richtafstanden voor ‘gemengd gebied’ voor de bedrijven: Garagebedrijf H. A. Van Oorschot, Liba Campers B. V. Clown Snoepy/Schellekens Events B. V. Nunen Bouw en Nunen Design. Dit betekent dat niet voldaan wordt aan stap 1, zodat stap 2 noodzakelijk is. De uitwerking van stap 2 is opgenomen in het volgende hoofdstuk 5. Voor de overige bedrijven wordt wel voldaan aan stap 1. ,
,
Plangebieden woonlocatie Hamsestraat-Roderweg en woonwerklocatie Hamsestraat te Liempde; akoestisch onderzoek industrielawaai
02476-56940-05v3 12 oktober 2023 Pagina 15
4. 3
Beoordeling richtafstanden vanwege bedrijvigheid Roderweg 40
In dit onderdeel wordt de voorgenomen ontwikkeling beoordeeld aan de hand van de richtafstanden, die gelden voor de agrarische bestemming op het perceel van Roderweg 40. Volgens de planregels van het bestemmingsplan Buitengebied 2011, waar Roderweg 40 onderdeel vanuit maakt, zijn aldaar per recht bedrijven passend binnen de bestemming ‘Agrarisch – Glastuinbouw’. Voor onderhavig onderzoek is voor deze bestemming aangesloten bij milieucategorie 3. 1. Uitgaande van de te projecteren rustige woonwijk ten westen van Roderweg 40, wordt derhalve een richtafstand gehanteerd van 50 meter. In figuur 4. 3 is de uitwaartse zonering toegepast op het gedeelte met de aanduiding ‘rustige woonwijk’ binnen het plangebied. Hierbij zijn de voormelde richtafstanden ingetekend vanaf de vigerende bestemming en geprojecteerd op de omgevingskaart van het betrokken plangebied.