BP Woongebied Hamsestraat Roderweg en bestemmingsplan Woonwerkkavels- Bijlage 5 Toelichting en planregels
Tekst van het document
5.2 Toelichting op de verbeelding Op de verbeelding is alleen de enkelbestemming ‘Bedrijf – Woon-werklocatie’ opgenomen. Verder zijn enkele maatvoeringsaanduidingen opgenomen en is de situering van de bebouwing gereguleerd met bouwvlakken, in combinatie met de bouwregels.
5.3 Toelichting op de bestemmingen Bedrijf – Woon-werklocatie Deze bestemming is opgenomen ter plaatse van de vier beoogde woon-werkkavels oostelijk van de Hamsestraat, die het plangebied van dit bestemmingsplan vormen. Gebruik Gekozen is voor een maatwerkbestemming om de beoogde combinatie van wonen en werken toe te staan. Binnen deze bestemming zijn de volgende gebruiksvormen toegestaan: a. industriële en ambachtelijke bedrijven behorende tot de milieucategorie 1 van de Staat van bedrijfsactiviteiten; b. één bedrijfswoning per bouwperceel; c. tuinen, erven en terreinen; d. één in-/uitrit per bouwperceel; e. parkeervoorzieningen; f. groenvoorzieningen;
Hoofdstuk 5
51
g. nutsvoorzieningen; h. water en waterhuishoudkundige voorzieningen. Een aantal gebruiksvormen, waaronder horeca, detailhandel en buitenopslag, is expliciet uitgesloten (artikel 3.3). In artikel 3.4 zijn twee afwijkingsbevoegdheden voor burgemeester en wethouders opgenomen: a. afwijken ten behoeve van bedrijven van milieucategorie 2 van de Staat van bedrijfsactiviteiten. Dergelijke bedrijven zijn uitsluitend toegestaan voor zover deze naar aard en invloed op de omgeving vergelijkbaar zijn met bedrijven van categorie 1; b. afwijken ten behoeve van bedrijven die niet in de Staat van bedrijfsactiviteiten genoemd zijn, maar naar aard en invloed op de omgeving vergelijkbaar zijn met bedrijven van categorie 1 uit de lijst. Geluidzoneringsplichtige inrichtingen zijn uitgesloten. Bij de beoordeling van de aard en invloed op de omgeving worden ten minste de volgende milieucomponenten in de beoordeling betrokken: het al dan niet continue karakter van de bedrijfsactiviteit, geluidhinder, geurproductie, stofuitworp, gevaar, visuele hinder, verontreiniging van lucht, bodem en water, verkeersaantrekking. In de gebruiksregels is tevens een voorwaardelijke verplichting opgenomen ter waarborging van het realiseren van voldoende waterberging. Bouwregels De toegestane bebouwing is in de bouwregels en op de verbeelding vastgelegd.
Het uitgangspunt zijn de gewenste stedenbouwkundige kaders (randvoorwaarden). Daarbinnen bestaat een zekere mate van flexibiliteit. De volgende bebouwing is toegestaan. Bedrijfswoningen Per bouwperceel is één bedrijfswoning toegestaan (maximaal 900 m³, goot- en bouwhoogte maximaal 7 respectievelijk 11 meter). De bedrijfswoningen dienen binnen het bouwvlak te worden gesitueerd. De bedrijfswoningen dienen met de voorgevel op de Hamsestraat te worden georiënteerd. Afhankelijk van de breedte van het perceel, dient 3 danwel 5 meter afstand tot de zijdelingse perceelsgrenzen in acht te worden genomen. Bijbehorende bouwwerken bij bedrijfswoningen Deze zijn zowel binnen als buiten het bouwvlak toegestaan, mits gesitueerd op minimaal 5 meter achter de voorgevel van de bedrijfswoning of, bij vrijstaande gebouwen, geheel achter de bedrijfswoning. De goot- en bouwhoogte bedragen maximaal 3 respectievelijk 5 meter. Bedrijfsgebouwen Per bouwperceel mag maximaal 300 m² aan bedrijfsgebouwen worden gebouwd. Deze dienen binnen het bouwvlak te worden gesitueerd. Het bouwvlak is vastgelegd met inachtneming van de stedenbouwkundige randvoorwaarden. Dit betekent onder meer dat een zone aan de achterzijde van de percelen vrij van bedrijfsgebouwen blijft. De maximale goot- en bouwhoogte bedragen respectievelijk 3,5 en 5 meter. In geval van een plat dak geldt een maximale hoogte van 4,5 meter.
Hoofdstuk 5
52
5.4 Toelichting op de overige regels Hieronder volgt een toelichting op hoofdstuk 1, 3 en 4 van de regels. Hoofdstuk 1. Inleidende regels Begrippen In deze bepaling zijn omschrijvingen gegeven van de in het bestemmingsplan gebruikte begrippen. Deze worden opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen. Begripsbepalingen zijn alleen nodig voor begrippen die gebruikt worden in de regels en die tot verwarring kunnen leiden of voor meerdere uitleg vatbaar zijn. Wijze van meten Om op een eenduidige manier afstanden, oppervlakten en inhoud van bouwwerken te bepalen wordt in de wijze van meten uitleg gegeven wat onder de diverse begrippen wordt verstaan. Hoofdstuk 3. Algemene regels Anti-dubbeltelregel Deze regel is verplicht overgenomen uit het Bro (art. 3.2.4.) en is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Algemene bouwregels In dit artikel is een parkeerregeling opgenomen. Parkeren dient te geschieden op eigen terrein met inachtname van de normen als beschreven in paragraaf 4.10 van deze toelichting.
Algemene afwijkingsregels In dit artikel wordt een opsomming gegeven van de regels waarvan een omgevingsvergunning tot afwijken kan worden verleend. Het gaat hierbij om de bevoegdheid om af te wijken van de regels die gelden voor alle bestemmingen in het plan. Ook is een regeling opgenomen voor zend- en ontvangen/of sirenemasten. Algemene wijzigingsregels In dit artikel wordt een opsomming gegeven van de regels waarbij een wijzigingsbevoegdheid kan worden toegepast. Het gaat hierbij om de bevoegdheid om af te wijken van de regels die gelden voor alle bestemmingen in het plan. Hoofdstuk 4. Overgangs- en slotregels Overgangsrecht De overgangsregeling is overgenomen uit het Bro (art. 3.2.1 en 3.2.2). Bouwwerken welke op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaan (of waarvoor een bouwvergunning is aangevraagd) mogen blijven bestaan, ook al is er strijd met de bebouwingsregels. De overgangsbepaling houdt niet in dat het bestaand, illegaal opgerichte, bouwwerk legaal wordt, noch brengt het met zich mee dat voor een dergelijk bouwwerk alsnog een omgevingsvergunning kan worden verleend.
Hoofdstuk 5
53
Burgemeester en wethouders kunnen in beginsel dus nog gewoon gebruik maken van hun handhavingsbevoegdheid. Het gebruik van de grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment van inwerkingtreding van het plan mag eveneens worden voortgezet. Slotregel Deze regel geeft aan op welke manier de regels kunnen worden aangehaald.
Hoofdstuk 5
54
6.
HAALBAARHEID
In dit hoofdstuk wordt de haalbaarheid van het bestemmingsplan aangetoond. De ontwikkeling moet zowel in financieel als in maatschappelijk opzicht haalbaar zijn. Er wordt daarom een korte financiële toelichting gegeven en daarnaast worden de doorlopen procedures weergegeven.
6.1 Financieel 6.1.1 Uitvoerbaarheid De kosten die gemaakt worden bij de uitvoering van de ontwikkeling zijn voor rekening van de verschillende initiatiefnemers. De ontwikkeling heeft voor de gemeente geen negatieve financiële gevolgen. De ontwikkeling is hiermee financieel uitvoerbaar. 6.1.2 Kostenverhaal Aangezien in voorliggend geval het kostenverhaal is vastgelegd door middel van anterieure overeenkomst tussen gemeente en de initiatiefnemer, kan de vaststelling van een exploitatieplan achterwege blijven.
6.2 Maatschappelijk 6.2.1 Inspraak De Wro bevat geen procedurevoorschriften met betrekking tot de inspraak, en is in de Wro zelf niet verplicht gesteld. Dat neemt niet weg dat het de gemeente vrij staat toch inspraak te verlenen bijvoorbeeld op grond van de gemeentelijke inspraakverordening. In relatie daarmee bepaalt artikel 150 van de Gemeentewet onder meer dat in een gemeentelijke inspraakverordening moet worden geregeld op welke wijze bovenbedoelde personen en rechtspersonen hun mening kenbaar kunnen maken. In het kader van onderhavig bestemmingsplan vindt geen inspraak plaats. Er heeft wel een voorontwerpbestemmingsplan Woonwerklocatie Hamsestraat ter inzage gelegen in 2016 (vanaf 28 oktober 2016). Dit voorontwerpbestemmingsplan is toegezonden aan Waterschap en de provincie Noord-Brabant. Er zijn 10 inspraakreacties ontvangen, waaronder 8 identieke. Naar aanleiding van de inspraak is de verkaveling aangepast. In het kader van de op te stellen gebiedsvisie Hamsestraat-Roderweg is gekeken naar de verkaveling van de percelen aan de Hamsestraat in relatie tot de verkaveling van het woongebied Hamsestraat-Roderweg. Dit heeft tot een gewijzigde verkaveling van de percelen aan de Hamsestraat geleid. De verkaveling volgens de gebiedsvisie ligt ten grondslag aan dit ontwerpbestemmingsplan woonwerklocatie Hamsestraat.
Hoofdstuk 6
55
6.2.2 Overleg Het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.1) geeft aan dat burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg voeren met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. De instanties die in kennis gesteld moeten worden van dit bestemmingsplan zijn geïnformeerd. De reacties zijn in het plan verwerkt. 6.2.3 Omgevingsdialoog Met een omgevingsdialoog wordt getoetst hoe bewoners uit de directe omgeving van het plangebied aankijken tegen de voorgenomen ontwikkelingen. Deze omgevingsdialoog zal plaatsvinden in het kader van de bestemmingsplanprocedure. De omgevingsdialoog wordt gehouden met de bewoners en/of eigenaren van de in de buurt van het plangebied gelegen bedrijven en woningen. In het proces om te komen tot een gebiedsvisie voor het gebied Hamsestraat-Roderweg in Liempde is een groot aantal stakeholders betrokken, waaronder grondeigenaren, initiatiefnemers van kavels aan de Hamsestraat, omwonenden en belangengroeperingen. Met het Dorpsberaad Liempde heeft regelmatig afstemming plaatsgevonden over de ontwikkelingen van de woningbouwlocatie en de gebiedsvisie.
Op 5 april 2016 is de klankbordgroep Hamsestraat-Roderweg opgericht door het Dorpsberaad en de gemeente Boxtel. Deze klankbordgroep wordt gevormd door grondeigenaren in het gebied, omwonenden, woningbouwstichting Joost, de Natuurwerkgroep Liempde en de Ouderen in Regie. Het Dorpsberaad Liempde informeert en betrekt de klankbordgroep bij de ontwikkeling van de woningbouwontwikkelingen. Op 19 juni 2019 is een eerste concept van gebiedsvisie gepresenteerd aan de klankbordgroep. Daarnaast is de gebiedsvisie tot stand gekomen in nauw overleg met de provincie Noord-Brabant, waterschap de Dommel en de Natuurwerkgroep Liempde. Het woningbouwprogramma is gedeeld in het regio-overleg wonen Noordoost Brabant-West. Op 25 juni 2019 heeft er een brede inloopbijeenkomst in Liempde plaatsgevonden, waarin de inwoners van Liempde hun inbreng hebben gegeven op de concept-gebiedsvisie. De reacties zijn meegenomen en afgewogen in het kader van het opstellen van de definitieve gebiedsvisie. De gemeenteraad is tussentijds over de voortgang van de woningbouwontwikkeling en van de gebiedsvisie geïnformeerd. Tijdens een beeldvormende raadsvergadering op 23 juni 2020 is de conceptgebiedsvisie aan de raad gepresenteerd.
De gebiedsvisie ligt ten grondslag aan dit ontwerpbestemmingsplan 6.2.4 Vaststellingsprocedure De vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan zal plaatsvinden volgens de artikelen 3.7 t/m 3.9 van de Wet ruimtelijke ordening. Het bestemmingsplan wordt in dit kader ter inzage gelegd gedurende een periode van zes weken. Het ontwerpbestemmingsplan “Woonwerklocatie Hamsestraat” heeft van 1 maart 2023 tot en met 14 april 2023 ter inzage gelegen. Tijdens de periode van terinzagelegging is een ieder in de gelegenheid gesteld om schriftelijk of mondeling een zienswijze in te dienen op het ontwerpbestemmingsplan. In totaal zijn vier zienswijzen ingediend. Deze ter inzagelegging was gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan “Woonlocatie Hamsestraat-Roderweg”. De Nota zienswijzen is opgenomen in bijlage 13.
Hoofdstuk 6
56
6.2.5 Beroep Na vaststelling wordt het bestemmingsplan voor de tweede maal zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden tegen het vaststellingsbesluit beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Indien geen beroep wordt ingesteld, is het plan na deze beroepstermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking.
Hoofdstuk 6
57
SEPARATE BIJLAGEN
Bijlage 1: Gebiedsvisie Bijlage 2: Archeologie Bijlage 3: Bodemonderzoek Bijlage 4: Flora en fauna Bijlage 5: Akoestiek onderzoek wegverkeer Bijlage 6: Stikstofonderzoek Bijlage 7: Waterparagraaf Bijlage 8: Geuronderzoek Bijlage 9: Kwaliteitsverbetering Bijlage 10: Wonen in Regionaal Perspectief 2019 Bijlage 11: Aanmeldingsnotitie m.e.r. Bijlage 12: Akoestisch onderzoek industrielawaai Bijlage 13: Vervolgonderzoek marterachtigen Bijlage 14: Archeologie Bijlage 15: Nota van Zienswijzen
Hoofdstuk 6
58
Regels
Woonwerklocatie Hamsestraat
Inhoudsopgave
Regels
3
Hoofdstuk 1
Inleidende regels
4
Artikel 1 Artikel 2
Begrippen Wijze van meten
4 9
Hoofdstuk 2
Bestemmingsregels
10
Artikel 3
Bedrijf - Woon-werklocatie
10
Hoofdstuk 3
Algemene regels
13
Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7
Anti-dubbeltelregel Algemene afwijkingsregels Algemene bouwregels Algemene wijzigingsregels
13 14 15 16
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
17
Artikel 8 Artikel 9
Overgangsrecht Slotregel
17 18
2
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Regels
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Begrippen
plan
het bestemmingsplan 'Woonwerklocatie Hamsestraat' met identificatienummer NL.IMRO.0757.BP07WWkavelHamsest-VA01 van de gemeente Boxtel; 1.2
bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak; 1.6
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.7
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.8
bedrijf
een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, beroepen aan huis daaronder niet begrepen; 1.9
bedrijf aan huis
bedrijfsmatige activiteiten, die door hun beperkte omvang in of bij een woning met behoud van de woonfunctie kunnen worden uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate de woonfunctie behoudt, en die een ruimtelijke uitwerking of uitstraling hebben die met de woonfunctie in overeenstemming is; 1.10
bedrijfsgebouw
een gebouw, dat dient voor de uitoefening van een bedrijf;
4
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
1.11
bedrijfswoning
een woning in of bij een gebouw, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, die bedrijfsactiviteiten verricht bij een op hetzelfde bouwperceel gevestigd bedrijf; 1.12
bestaand
voor zover dit betrekking heeft op bebouwing, gaat het om de oppervlakte van de bebouwing, zoals aanwezig op het tijdstip van de ter inzagelegging van het ontwerpplan, dan wel zoals die mag worden gebouwd krachtens een vóór dat tijdstip aangevraagde vergunning; voor zover dit betrekking heeft op het gebruik van grond en opstallen, gaat het om het gebruik zoals dat aanwezig was op het tijdstip dat het plan rechtskracht heeft verkregen. 1.13
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak; 1.14
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.15
Bevi-inrichting
inrichtingen welke vallen onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen; 1.16
bijbehorend bouwwerk
uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd op de grond staand gebouw, of ander bouwwerk, met een dak. 1.17
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk; 1.18
bouwgrens
de grens van een bouwvlak; 1.19
bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.20
bouwperceelgrens
de grens van een bouwperceel;
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
5
1.21
bouwvlak
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde zijn toegelaten; 1.22
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.23
buitenopslag
Het opslaan of opgeslagen houden van voorwerpen, stoffen of producten en andere materialen op de onbebouwde gronden van de bedrijfspercelen, daaronder mede begrepen de uitstalling ten verkoop, verhuur, en dergelijke; 1.24
dak
iedere bovenbeëindiging van een gebouw; 1.25
detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.26
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.27
geluidzoneringsplichtige inrichting
een inrichting, zoals genoemd in bijlage I, onderdeel D van het Besluit omgevingsrecht, bij welke ingevolge de Wet geluidhinder rondom het terrein van vestiging in een bestemmingsplan een zone moet worden vastgesteld; 1.28
groothandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop en het gebruik als experience center (showroom en demonstratieruimte) voor de zakelijke markt, het verkopen en/of leveren van goederen aan wederverkopers, dan wel aan instellingen of personen ter aanwending in een andere bedrijfsactiviteit; 1.29
hoofdgebouw
een of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op een perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is;
6
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
1.30
huishouden
een huishouden bestaat uit één of meer personen die op hetzelfde adres wonen en een economisch-consumptieve eenheid vormen, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan. Vaak is een huishouden gebaseerd op bloedverwantschap en huwelijksverbinding of een met een huwelijksverbinding gelijk te stellen samenlevingsverband; 1.31
nutsvoorzieningen
voorzieningen ten behoeve van het op het openbare net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer; 1.32
overkapping
een bouwwerk, bestaande uit maximaal twee wanden, waarvan maximaal 1 eigen wand; 1.33
peil
a. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c. indien in of op het water wordt gebouwd: het Nieuw Amsterdams Peil (of een ander plaatselijk aan te houden waterpeil); 1.34
perceelsgrens
de grens van een kadastraal perceel; 1.35
permanente bewoning
het in gebruik nemen van een gebouw als hoofdverblijf, zijnde de vaste woon- en verblijfsplaats, waarbij de woning voor de bewoners het reële hoofdverblijf vormt en derhalve niet een adres is waar men tijdelijk recreatief verblijft; 1.36
productiegebonden detailhandel
detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie; 1.37
prostitutie
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; 1.38
seksinrichting
de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub, of een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar;
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
7
1.39
voorgevel
een naar de openbare weg en/of fiets- en voetpad toegekeerde gevel van een hoofdgebouw of indien geen openbare weg en/of fietspad aanwezig is, de gevel waar de voordeur of hoofdingang van de woning is gelegen of in laatste instantie de zijde waaraan de hoofdontsluiting van het perceel is gesitueerd; 1.40
voorgevellijn
denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrenzen; 1.41
water:
al het oppervlaktewater zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen; 1.42
waterhuishoudkundige voorzieningen:
voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging en waterkwaliteit, waaronder duikers, stuwen, gemalen, inlaten en voorzieningen ten behoeve van berging en infiltratie van hemelwater; 1.43
wonen
het gehuisvest zijn of het huisvesten van personen in een woning/woonhuis; 1.44
woning
een complex van ruimten dat dient voor de huisvesting van: één huishouden, of; één huishouden plus maximaal twee individuele personen, of; maximaal 4 individuele personen; 1.45
zijdelingse perceelsgrens
de grens tussen twee percelen, die voor- en achterzijde van een perceel verbindt.
8
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
afstand tot de bouwperceelsgrens:
tussen de grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is; 2.2
afstand tot de zijdelingse perceelsgrens:
de afstand van een gebouw tot de zijdelingse perceelsgrens wordt gemeten vanaf het dichtst bij de perceelsgrens gelegen punt van het gebouw op 1 meter boven peil en haaks op de perceelsgrens; 2.3
bouwhoogte van een bouwwerk:
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk, met uizondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.4
goothoogte van een bouwwerk:
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.5
oppervlakte van een bouwwerk:
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.6
de inhoud van een bouwwerk:
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
9
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Bedrijf - Woon-werklocatie
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Bedrijf - Woon-werklocatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het uitoefenen van industriële en ambachtelijke bedrijven alsmede groothandelsbedrijven behorende tot de categorie 1 van de Staat van bedrijfsactiviteiten; b. één bedrijfswoning per bouwperceel; met de daarbij behorende: c. tuinen, erven en terreinen; d. in- en uitritten, met dien verstande dat maximaal één in-/uitrit ten dienste van de onder a. bedoelde doeleinden per bouwperceel is toegestaan; e. parkeervoorzieningen; f. groenvoorzieningen; g. nutsvoorzieningen; h. water en waterhuishoudkundige voorzieningen. 3.2
Bouwregels
3.2.1
Bedrijfswoningen
Voor het bouwen van bedrijfswoningen gelden de volgende regels: a. b. c. d.
per bouwperceel mag maximaal één bedrijfswoning worden gebouwd; bedrijfswoningen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak; de bedrijfswoning dient met de voorgevel te worden georiënteerd op de Hamsestraat; de goot- en bouwhoogte van bedrijfswoningen mogen niet meer bedragen dan op de verbeelding ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven; e. de goothoogte en dakhelling van bedrijfswoningen ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum dakhelling (graden)' mag niet meer bedragen dan is aangegeven; f. de inhoud van een bedrijfswoning mag niet meer dan 900 m³ bedragen; g. de minimale afstand van bedrijfswoningen tot de zijdelingse perceelsgrenzen bedraagt: 1. 5 meter aan beide zijden bij percelen met een breedte van meer dan 25 meter; 2. 3 meter aan beide zijden bij percelen met een breedte kleiner dan 25 meter; h. bedrijfswoningen mogen niet geïntegreerd in de bedrijfsbebouwing worden uitgevoerd. 3.2.2
Bijbehorende bouwwerken bij bedrijfswoningen
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij bedrijfswoningen gelden de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken zijn zowel binnen als buiten het bouwvlak toegestaan achter de voorgevel van de bedrijfswoning; b. de goothoogte van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk mag niet meer bedragen dan de hoogte van de eerste verdiepingsvloer van de bedrijfswoning vermeerderd met 0,30 meter; c. de goothoogte van een vrijstaand bijbehorend bouwwerk mag niet meer dan 3 meter bedragen; d. de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 5 meter bedragen; e. ter plaatse van de aanduiding 'maximum dakhelling (graden)' mag de dakhelling niet meer bedragen dan is aangegeven; f. het gezamenlijk bebouwd oppervlak mag niet meer bedragen dan 20% van de oppervlakte van het bouwperceel met een minimum van 50 m² per bedrijfswoning tot een maximum van 150 m² per
10
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
bedrijfswoning. 3.2.3
Bedrijfsgebouwen
Voor het bouwen van bedrijfsgebouwen gelden de volgende regels: a. bedrijfsgebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak; b. bedrijfsgebouwen mogen zowel vrijstaand als aangebouwd aan de bedrijfswoning en/of bijbehorende bouwwerken worden gebouwd; c. bedrijfsgebouwen dienen minimaal 5 meter vanuit de zuidelijke perceelsgrens te worden gebouwd; d. bedrijfsgebouwen dienen minimaal 10 meter vanuit de achterste bouwperceelsgrens te worden gebouwd; e. aangebouwde bedrijfsgebouwen dienen minimaal 5 meter achter de voorgevel van de bedrijfswoning te worden gesitueerd; f. vrijstaande bedrijfsgebouwen dienen geheel achter de achtergevel van de bedrijfswoning te worden gesitueerd; g. de oppervlakte aan bedrijfsgebouwen per bouwperceel mag niet meer bedragen dan 300 m²; h. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer dan 3,5 meter respectievelijk 5 meter bedragen, indien de bebouwing wordt uitgevoerd met een kap. In geval van een plat dak mag de bouwhoogte niet meer bedragen dan 4,5 meter; i. in afwijking van het bepaalde onder g., mogen de goothoogte en de dakhelling ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum dakgelling (graden)' niet meer bedragen dan is aangegeven. 3.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van vlaggenmasten en lichtmasten mag niet meer dan 6 meter bedragen; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de voorgevellijn niet meer dan 1 meter mag bedragen; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 meter bedragen. 3.2.5
Voorwaardelijke verplichting gasloos bouwen
Een omgevingsvergunning voor het oprichten van bedrijfsgebouwen binnen deze bestemming wordt slechts verleend onder de voorwaarde dat de bedrijfsgebouwen gasloos worden ontwikkeld. 3.3
Specifieke gebruiksregels
3.3.1
Strijdig gebruik
Tot een gebruik strijdig met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend: a. b. c. d. e. f. g.
geluidszoneringsplichtige en Bevi-inrichtingen; detailhandel, met uitzondering van productiegebonden detailhandel; buitenopslag; horeca; een verkooppunt voor motorbrandstoffen (incl. LPG); opslag van goederen en materialen voor de voorgevellijn; een seksinrichting.
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
11
3.3.2
Voorwaardelijke verplichting waterberging
Alvorens de gronden in gebruik genomen worden voor de doeleinden als bedoeld in 3.1 sub a tot en met 3, dient voldaan te worden aan de volgende voorwaarden: a. er dient te zijn aangetoond dat de toename van de afvoer van afstromend regenwater ten gevolge van een toename van verhard oppervlak gecompenseerd wordt conform de eisen van het waterschap en voorzien is een waterberging met voldoende capaciteit; b. de compensatie dient ten minste naar evenredigheid van de realisatie van toename van verhardingen gerealiseerd te worden; c. de compensatie bedraagt ten minste 60 mm per m² verharding. 3.4
Afwijken van de gebruiksregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning, met inachtneming van de milieusituatie, afwijken van: a. het bepaalde in lid 3.1, sub a en toestaan dat bedrijven worden gevestigd met de hogere categorie 2 als genoemd in Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten, mits het bedrijf naar aard en invloed op de omgeving geacht kan worden te behoren tot bedrijfsactiviteiten als bedoeld in artikel 3.1 sub a; b. het bepaalde in lid 3.1, sub a en toestaan dat bedrijven worden gevestigd die naar de aard en de invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn met bedrijven die zijn genoemd in Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten doch daarin niet worden genoemd, mits het geen geluidzoneringsplichtige inrichtingen betreft; Bij de beoordeling van de aard en invloed van de milieubelasting van een bedrijf worden ten minste de volgende milieucomponenten in de beoordeling betrokken: het al dan niet continue karakter van de bedrijfsactiviteit, geluidhinder, geurproductie, stofuitworp, gevaar, visuele hinder, verontreiniging van lucht, bodem en water, verkeersaantrekking.
12
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Hoofdstuk 3 Artikel 4
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
13
Artikel 5 5.1
Algemene afwijkingsregels
Afwijken
Burgemeester en wethouders kunnen, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, bij een omgevingsvergunning afwijken van: a. de bij recht in de regels gegeven maten, afmetingen, percentages tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen en percentages; b. de bestemmingsbepalingen en toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft; c. de bestemmingsbepalingen ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de bouwhoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot tot maximaal 10 meter; d. de bestemmingsbepalingen ten aanzien ten aanzien van de maximale (bouw)hoogte van gebouwen en toestaan dat de bouwhoogte van gebouwen wordt vergroot ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers, luchtwassers en lichtkappen, mits: 1. de maximale oppervlakte van de verhoging maximaal 10% van het betreffende bouwvlak zal bedragen; 2. de hoogte maximaal 1,25 maal de maximale bouwhoogte van het betreffende gebouw zal bedragen; e.
de bestemmingsbepalingen ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van zend-, ontvang- en/of sirenemasten, wordt vergroot tot maximaal 40 meter. 5.2
Zend- en ontvang- en/of sirenemasten
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken ten behoeve van zend-, ontvang- en/of sirenemasten, onder de voorwaarden dat: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, en met dien verstande dat: b. losse masten met hekwerken, gebouwtjes e.d. zijn alleen toegestaan: 1. op gebouwen, niet zijnde woningen; 2. langs snelwegen (in de nabijheid van bruggen, viaducten of benzinestations); 3. op bedrijventerreinen (in de nabijheid van bruggen, viaducten of benzinestations); 4. op sportparken; c. installaties op of aan een gebouw zijn alleen toegestaan: 1. indien het (radiografisch) onderbouwd is; 2. indien het landschappelijk ingepast is; 3. indien de keuze voor de mast (vakwerkmast of prikmast) en de hoogte gemotiveerd is; 4. op hoge gebouwen; bij voorkeur op een plat dak en zo ver mogelijk van een dakrand, met dien verstande dat bijzondere en waardevolle gebouwen in beginsel geheel dienen te worden ontzien, zonodig in overleg met de monumentencommissie; 5. tegen gevels aan; wanneer de invloed van die installaties geen afbreuk doen aan de aanwezige kwaliteiten.
14
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Artikel 6
Algemene bouwregels
6.1
Parkeren
6.1.1
Algemeen
a. Onverminderd het bepaalde in de overige artikelen van deze regels mag uitsluitend worden gebouwd, indien in, op of onder het bouwwerk, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij het bouwwerk behoort, voorzien wordt in voldoende parkeerruimte ten behoeve van het parkeren of stallen van motorvoertuigen; b. De onder a bedoelde ruimten voor het parkeren van personenauto's moeten afmetingen hebben die afgestemd zijn op gangbare personenauto's; c. Er wordt in voldoende mate voorzien in parkeerruimte als wordt voldaan aan de volgende normen: 1. 3 parkeerplaatsen op bouwpercelen ter plaatse van de bestemming 'Bedrijf - Woon-werklocatie'; 2. in overige gevallen: de normen in de gemeentelijke beleidsregels behorende bij het beleidsdocument Parkeernormen Gemeente Boxtel, vastgesteld op 20 maart 2007; 3. indien de onder 2. bedoelde normen door gewijzigd beleid worden vervangen door nieuwe normen, zijn de nieuwe normen van toepassing bij de beoordeling van een omgevingsvergunningaanvraag voor het bouwen. 6.1.2
Afwijken van de bouwregels
Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: a. het bepaalde in lid 6.1.1 voor zover op andere wijze in de nodige parkeer- of stallingsruimte wordt voorzien; b. het bepaalde in lid 6.1.1 voor zover het voldoen aan die regels door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit.
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
15
Artikel 7 7.1
Algemene wijzigingsregels
Algemeen
a. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de in het plan opgenomen bestemmingen te wijzigen ten behoeve van: 1. overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover dit van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover dit noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; 2. overschrijding van bestemmingsgrenzen en toestaan dat het beloop van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft. b. De overschrijdingen mogen echter niet meer dan 3 meter bedragen en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10% worden vergroot.
16
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Hoofdstuk 4 Artikel 8 8.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan; b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van sub a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in sub a met maximaal 10%; c. Sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 8.2
Overgangsrecht gebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde in sub a te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. Indien het gebruik, bedoeld in sub a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. Sub a is niet van toepassing op het gebruik, dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
17
Artikel 9
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Woonwerklocatie Hamsestraat'.
18
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Woonwerklocatie Hamsestraat
Inhoudsopgave
Bijlagen bij regels
3
Bijlage 1
4
2
Staat van bedrijfsactiviteiten
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Bijlagen bij regels
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
3
Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten
4
Bestemmingsplan "Woonwerklocatie Hamsestraat" (vastgesteld)
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
nummer
-
CATEGORIE
OMSCHRIJVING
SBI-2008
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Zuivelprodukten fabrieken: - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens Suikerfabrieken: Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk:
10, 11 1051 1052 1071 1071 1081 10821
0 2 0 1 0 0
10821 10821 1102 t/m 1104 14 141 19 16 16102 162902 58 581 18129 1814 1814 1813 1814 182 20 2120 2120
3 - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m² 6 - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m² Vervaardiging van wijn, cider e.d. - VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) - HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. 0 Houtconserveringsbedrijven: Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken - UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen A Grafische afwerking B Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media - VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN 0 Farmaceutische produktenfabrieken: 2 - verbandmiddelenfabrieken
23 232, 234 232, 234 26, 28, 33 26, 28, 33 26, 27, 33 26, 27, 33 293 26, 33 26, 32, 33
- VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN 0 Aardewerkfabrieken: 1 - vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW - VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS A Kantoormachines- en computerfabrieken incl. reparatie - VERVAARDIGING VAN OVER. ELEKTR. MACHINES, APPARATEN EN BENODIGDH. Elektrotechnische industrie n.e.g. - VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN
26, 32, 33 31 9524 321 322 32991 35 35 35 35 35 35 35 35 36 36 36
A Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d. incl. reparatie - VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G. 2 Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2 Fabricage van munten, sieraden e.d. Muziekinstrumentenfabrieken Sociale werkvoorziening - PRODUKTIE EN DISTRIB. VAN STROOM, AARDGAS, STOOM EN WARM WATER C0 Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen: C1 - < 10 MVA D0 Gasdistributiebedrijven: D3 - gas: reduceer-, compressor-, meet- en regelinst. Cat. A D4 - gasdrukregel- en meetruimten (kasten en gebouwen), cat. B en C E0 Warmtevoorzieningsinstallaties, gasgestookt: E2 - blokverwarming - WINNING EN DITRIBUTIE VAN WATER B0 Waterdistributiebedrijven met pompvermogen:
Tabel 1_cat.2
2 2
2 2 2 2
2 1 2 1 2 2 2 1
2
2 2
2
2 1 2 2 2
2 1 2 2
1
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
561 562 49 49 493 495 50, 51 50, 51 50, 51
Tabel 1_cat.2
nummer
CATEGORIE
OMSCHRIJVING
SBI-2008
36 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 45, 47 45, 47 451, 452, 454 45204 45205 453 473 473 46 46 461 4622 4634 4635 4636 4637 4638, 4639 464, 46733 46499 46499 46499 4673 4673 46735 46735 4674 4674 46752 4676 466 466, 469 47 47 47 471 4722, 4723 4724 4773, 4774 4752 4778 952 55 55
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
B1 - < 1 MW - BOUWNIJVERHEID 3 - aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m² - HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; BENZINESERVICESTATIONS Handel in auto's en motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven B Autobeklederijen Autowasserijen Handel in auto- en motorfietsonderdelen en -accessoires 0 Benzineservisestations: 3 - zonder LPG - GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING Handelsbemiddeling (kantoren) Grth in bloemen en planten Grth in dranken Grth in tabaksprodukten Grth in suiker, chocolade en suikerwerk Grth in koffie, thee, cacao en specerijen Grth in overige voedings- en genotmiddelen Grth in overige consumentenartikelen 0 Grth in vuurwerk en munitie: 1 - consumentenvuurwerk, verpakt, opslag < 10 ton 5 - munitie 0 Grth in hout en bouwmaterialen: 2 - algemeen: b.o. <= 2000 m² 4 zand en grind: 6 - algemeen: b.o. <= 200 m² 0 Grth in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur: 2 - algemeen: b.o. < = 2.000 m² Grth in kunstmeststoffen Grth in overige intermediaire goederen 0 Grth in machines en apparaten: Overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d. - DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN A Detailhandel voor zover n.e.g.
Supermarkten, warenhuizen Detailhandel vlees, wild, gevogelte, met roken, koken, bakken Detailhandel brood en banket met bakken voor eigen winkel Apotheken en drogisterijen Bouwmarkten, tuincentra, hypermarkten Detailhandel in vuurwerk tot 10 ton verpakt Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen) - LOGIES-, MAALTIJDEN- EN DRANKENVERSTREKKING Restaurants, cafetaria's, snackbars, ijssalons met eigen ijsbereiding, viskramen e.d. Cateringbedrijven - VERVOER OVER LAND Taxibedrijven Pomp- en compressorstations van pijpleidingen - VERVOER OVER WATER / DOOR DE LUCHT A Vervoersbedrijven (uitsluitend kantoren)
2
2
2 1 2 2 2
1 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2
1 1 1 1 1 2 1 1
1 2
2 2
1
2
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
nummer
77 7711 772 62 62 62 58, 63 72 72 721 722
- DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER B Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte) 1 Autoparkeerterreinen, parkeergarages Overige dienstverlening t.b.v. vervoer (kantoren) Reisorganisaties Expediteurs, cargadoors (kantoren) - POST EN TELECOMMUNICATIE Post- en koeriersdiensten A Telecommunicatiebedrijven B0 zendinstallaties: B2 - FM en TV B3 - GSM en UMTS-steunzenders (indien bouwvergunningplichtig) - FINANCIELE INSTELLINGEN EN VERZEKERINGSWEZEN A Banken, verzekeringsbedrijven, beurzen - VERHUUR VAN EN HANDEL IN ONROEREND GOED A Verhuur van en handel in onroerend goed VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE - GOEDEREN Personenautoverhuurbedrijven Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g. - COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE A Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d. B Datacentra - SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk Maatschappij- en geesteswetenschappelijk onderzoek
63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82
-
63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82
- OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING
63, 69tm71, 73, 74, 77, 78, 80tm82 74203 82992 84 84 84 85 85 852, 8531 8532, 854, 855 86 86 8610 8621, 8622, 8623 8691, 8692 871
A Overige zakelijke dienstverlening: kantoren Foto- en filmontwikkelcentrales Veilingen voor huisraad, kunst e.d. - OPENBAAR BESTUUR, OVERHEIDSDIENSTEN, SOCIALE VERZEKERINGEN A Openbaar bestuur (kantoren e.d.) - ONDERWIJS Scholen voor basis- en algemeen voortgezet onderwijs Scholen voor beroeps-, hoger en overig onderwijs - GEZONDHEIDS- EN WELZIJNSZORG Ziekenhuizen Artsenpraktijken, klinieken en dagverblijven Consultatiebureaus 1 Verpleeghuizen
Tabel 1_cat.2
CATEGORIE
OMSCHRIJVING
SBI-2008
52 52 52109 5221 5222 791 5229 64 53 531, 532 61 61 61 61 64, 65, 66 64, 65, 66 64, 65, 66 41, 68 41, 68 41, 68 77
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
2 2 1 1 1
2 1 1 1
1
1
2 2
1 2
2 1
1 2 1
1
2 2
2 1 1 2
3
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
Tabel 1_cat.2
nummer 2 Kinderopvang - DIVERSE ORGANISATIES Bedrijfs- en werknemersorganisaties (kantoren) Kerkgebouwen e.d. A Buurt- en clubhuizen - OVERIGE DIENSTVERLENING Chemische wasserijen en ververijen A Wasverzendinrichtingen B Wasserettes, wassalons Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten 0 Begrafenisondernemingen: 1 - uitvaartcentra 2 - begraafplaatsen Fitnesscentra, badhuizen en sauna-baden B Persoonlijke dienstverlening n.e.g.
CATEGORIE
OMSCHRIJVING
SBI-2008
8891 94 94 941, 942 9491 94991 93 96 96012 96013 96013 9602 9603 9603 96031 9313, 9604 9609
LIJST 1 - ACTIVITEITEN
2
1 2 2
2 2 1 1 1 1 2 1
4