Bijlage 4.7c - Bijlage bij toelichting - Memo bestemmingswijziging Venstraat
Tekst van het document
Van Hoven & Oomen T.a.v. de heer B. Derikx Annevillelaan 103 4850 AB, Ulvenhout
Rotterdam, 17 januari 2023
Betreft: Project:
Bestemmingsplanwijziging Venstraat 2 te Sint-Michielsgestel 16921.012
Beste de heer B. Derikx, Middels deze memo wordt bevestigd dat Econsultancy geen belemmeringen ziet voor de afwikkeling van het nader onderzoek ecologie in het kader van de Wet natuurbescherming indien een bestemmingsplanwijziging of omgevingsvergunning aangevraagd wordt voordat de onderzoeken zijn afgerond. Op de Venstraat 2 te Sint-Michielsgestel heeft Econsultancy in opdracht van Van Hoven & Oomen een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd (rapport 16921.012, D2, 17 januari 2023). Uit de quickscan is gebleken dat er op de onderzoekslocatie in potentie natuurwaarden aanwezig zijn voor vleermuizen, huismussen, uilen, marters en roofvogels. De initiatiefnemer is voornemens onder andere de schuur (opstal 1) te ontwikkelen tot een woning en de voormalige varkensstal (onderdeel van opstal 3) te slopen. Naar verwachting zullen eventueel aanwezige natuurwaarden de voorgenomen ontwikkelingen niet in de weg staan, gezien de aanwezige mogelijkheden voor compensatie en mitigatie. Vleermuizen De ontwikkeling van de schuur en de sloop van de voormalige varkensstal zou bij aanwezigheid van een vleermuisverblijfplaats een overtreding van de Wet natuurbescherming betekenen (artikel 3.5 lid 2 en 4 van de Wet natuurbescherming). Aanvullende informatie is benodigd om de situatie aan de Wet te kunnen toetsen.
De vleermuissoorten die onderzocht dienen te worden zijn de gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis,
laatvlieger, gewone grootoorvleermuis en meervleermuis. Een dergelijk aanvullend onderzoek dient te worden uitgevoerd conform het protocol voor vleermuisonderzoek (Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, versie 2021). Gelet op de grootte van de bebouwing wordt deze ongeschikt geacht als massawinterverblijfplaats. Vervolgens kan aan de hand van de onderzoeksresultaten worden vastgesteld of er overtredingen plaats zullen vinden bij de uitvoering van het project. Econsultancy voert regelmatig vleermuisonderzoek uit in Noord-Brabant. Gelet op de landelijke ligging en beperkte grootte van de objecten, is de verwachting dat hooguit enkele vleermuisverblijfplaatsen van algemeen voorkomende soorten in de bebouwing aanwezig zijn. Het protocollaire nader onderzoek dient dit uit te wijzen. Huismus De ontwikkeling van de schuur en de sloop van de voormalige varkensstal zou bij aanwezigheid van een huismusnestlocatie een overtreding van de Wet natuurbescherming betekenen (artikel 3.1 lid 2 van de Wet natuurbescherming). Aanvullende informatie is benodigd om de situatie aan de Wet te kunnen toetsen. Een dergelijk aanvullend onderzoek dient te worden uitgevoerd conform het kennisdocument huismus (BIJ12, 2022). Vervolgens kan aan de hand van de onderzoeksresultaten worden vastgesteld of er overtredingen plaats zullen vinden bij de uitvoering van het project.
Econsultancy voert regelmatig huismusonderzoek uit in Noord-Brabant. Gelet op de landelijke ligging en de beperkte grootte van de objecten, is de verwachting dat hooguit enkele huismusnestlocaties in de bebouwing aanwezig zijn. Het protocollaire nader onderzoek dient dit uit te wijzen. Steenuil en kerkuil De sloop van de voormalige varkensstal betekent bij aanwezigheid van een vaste rust- en/of voortplantingsplaats van een kerkuil of steenuil een overtreding van de Wet natuurbescherming (artikel 3.1 lid 2 van de Wet natuurbescherming). Aanvullende informatie is benodigd om de situatie aan de Wet te kunnen toetsen. Een dergelijk aanvullend onderzoek dient te worden uitgevoerd conform het kennisdocument steenuil en het kennisdocument kerkuil (BIJ12, 2017). Vervolgens kan aan de hand van de onderzoeksresultaten worden vastgesteld of er overtredingen plaats zullen vinden bij de uitvoering van het project. Econsultancy voert regelmatig uilenonderzoek uit in Noord-Brabant. Gelet op de beperkte grootte van het object, is de verwachting dat hooguit een enkele vaste rust- en/of voorplantingsplaats van een uil in de bebouwing aanwezig is. Het protocollaire nader onderzoek dient dit uit te wijzen.
Kleine marterachtigen en steenmarter De sloop van de voormalige varkensstal betekend bij de aanwezigheid van een vaste rust- en/of voortplantingsplaats van kleine marterachtigen of steenmarter een overtreding van de Wet natuurbescherming (artikel 3.10 lid 1 onder b). Aanvullende informatie is benodigd om de situatie aan de Wet te kunnen toetsen. Een dergelijk aanvullend onderzoek dient te worden uitgevoerd conform de handreiking kleine marters in relatie tot soortbescherming (Bouwens, 2017). Vervolgens kan aan de hand van de onderzoeksresultaten worden vastgesteld of er overtredingen plaats zullen vinden bij de uitvoering van het project.
Econsultancy voert regelmatig onderzoek naar kleine marterachtigen en steenmarters uit in Noord-Brabant. Gezien de beperkte grootte van de onderzoekslocatie, is de verwachting dat hooguit een vaste rust- en/of voortplantingsplaats van een enkele marter aanwezig is op de onderzoekslocatie. Het protocollaire nader onderzoek dient dit uit te wijzen. Roofvogels De voorgenomen werkzaamheden op de onderzoekslocatie betekenen bij de aanwezigheid van een nestlocatie van een roofvogel met een jaarrond beschermd nest een overtreding van de Wet natuurbescherming (artikel 3.1 lid 4). Aanvullende informatie is benodigd om de situatie aan de Wet te kunnen toetsen. De roofvogelsoorten die onderzocht dienen te worden zijn boomvalk, buizerd, havik, ransuil, sperwer en wespendief. Een dergelijk onderzoek dient te worden uitgevoerd conform het kennisdocument buizerd (BIJ12, 2017). Vervolgens kan aan de hand van de onderzoeksresultaten worden vastgesteld of er overtredingen plaats zullen vinden bij de uitvoering van het project. Econsultancy voert regelmatig roofvogelonderzoek uit in Noord-Brabant. Gelet op de aanwezigheid van een enkel geschikt nest, is de verwachting dat hooguit één nestlocatie van een roofvogel op de onderzoekslocatie aanwezig is. Het protocollaire nader onderzoek dient dit uit te wijzen.
Conclusie Econsultancy ziet geen reden om aan te nemen dat bij aanwezigheid van beschermde vleermuis-, huismus-, uilen-, marter- en/of roofvogelfuncties het niet mogelijk is om een ontheffing op de Wet natuurbescherming te verkrijgen, middels de gangbare weg (ontheffingsaanvraag, mitigerende- en compenserende maatregelen, ecologische begeleiding en een ecologisch werkprotocol). Er zijn afdoende mogelijkheden om eventueel aanwezige functies duurzaam te handhaven door middel van compensatie en mitigatie. De resultaten van het nader onderzoek ecologie zullen geen belemmering vormen voor het traject van de bestemmingsplanwijziging en aanvraag van de omgevingsvergunning ten behoeve van de voorgenomen ingreep.
Andere conflicten met de Wet natuurbescherming zijn op voorhand te voorkomen, mits de adviezen in de quickscan rapportage uitgevoerd worden. Hopende u hierbij voldoende te hebben geïnformeerd,
Met vriendelijke groeten, Econsultancy
Mevrouw M.M.A. van Haaren, MSc Projectleider
De heer drs. A.N. de Keijzer Kwaliteitscontroleur