CConstaterende datboxtel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3.3 Herstelbesluit bp Woonlocatie Laarzicht - Bijlagen toelichting (1407150)

Commissie Leefomgeving en Duurzaamheid Sint-Michielsgestel 17 juni 2026, gemeente boxtelBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling herstelbesluit bestemmingsplan Woonlocatie Laarzicht, Middelrode20.979 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

9 Berekening groepsrisico buisleiding A-526-deel-1 .............................................................................................................. 9 Huidige situatie.......................................................................................................................................................... 9 Toekomstige situatie ................................................................................................................................................. 11 Berekening groepsrisico buisleiding A-527-deel-1 ............................................................................................................ 11 Huidige situatie........................................................................................................................................................ 11 Toekomstige situatie ................................................................................................................................................. 12

BIJLAGEN

3

1

INLEIDING In opdracht van Ruimte voor ruimte CV is door Kragten een inventarisatie uitgevoerd van de externe veiligheidsrisico’s ten behoeve een gebiedsontwikkeling ter plaatse van de Christinastraat te Middelrode in de gemeente Sint-Michielsgestel. Binnen het plangebied worden circa 120 woningen gerealiseerd. Het plan past niet binnen de vigerende bestemming, waardoor een ruimtelijke procedure doorlopen dient te worden. Het plangebied ligt in de nabijheid van enkele hogedruk aardgasleidingen. Onderzocht is of de buisleidingen een belemmering vormen voor de planvorming. Tevens is bepaald welke effecten het plan heeft op de hoogte van het groepsrisico van de betreffende buisleiding. De berekeningen hebben overeenkomstig de voorschriften plaatsgevonden met het rekenprogramma CAROLA. In afbeelding 1 is de globale ligging van het plangebied (rode omlijning) en de buisleidingen weergegeven.

Afbeelding 1

Globale ligging plangebied ten opzichte van leidingen (bron: signaleringskaart)

Het rood gearceerde vlak is een uitbreiding van het oorspronkelijke plangebied, echter binnen dit gebied worden geen woningen gerealiseerd.

4

2

HOGEDRUK AARDGASLEIDINGEN

2.1

Inleiding Bij de realisatie van (beperkt) kwetsbare objecten dient rekening te worden gehouden met het vervoer van gevaarlijke stoffen door buisleidingen waarvoor bepaalde aan te houden risico-afstanden gelden. Deze afstanden zijn onder andere afhankelijk van de aard van de stof, de druk waaronder deze wordt getransporteerd en de diepteligging, de diameter en wanddikte van de buisleiding. Ten aanzien van de externe veiligheid gaat het met name om de risico’s in het geval er iets fout gaat met een hogedruk aardgastransportleiding.

2.2

Wettelijk kader Het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en de bijbehorende Regeling externe veiligheid buisleidingen (Revb) zijn op 1 januari 2011 in werking getreden. Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. De normstelling is in lijn met het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Het begrip risico wordt in beeld gebracht door middel van twee begrippen: het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR is de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op een plaats langs een buisleiding verblijft, komt te overlijden als gevolg van een incident met het transport van gevaarlijke stoffen door die buisleiding. De hoogte van het GR representeert de kans per jaar per kilometer buisleiding dat een groep van 10 of meer personen in de omgeving van de buisleiding in één keer het dodelijk slachtoffer wordt van een ongeval met die buisleiding. Voor hogedruk aardgasleidingen is sinds 1 mei 2010 het rekenpakket CAROLA beschikbaar voor het berekenen van de externe veiligheidsrisico's van ondergrondse hogedruk aardgastransportleidingen. CAROLA staat voor: Computer Applicatie voor Risicoberekeningen aan Ondergrondse Leidingen met Aardgas. Het rekenpakket is gebaseerd op een rekenmethodiek die is ontwikkeld door Gasunie en het RIVM.

2.3

Inventarisatie lokale buisleidingen Door de gemeente Sint-Michielsgestel zijn de leidingdata binnen het inventarisatiegebied rondom het plan opgevraagd bij de leidingbeheerder Gasunie. De beschikbaar gestelde leidinggegevens kunnen in het rekenprogramma CAROLA worden ingelezen om invloedsgebieden inzichtelijk te maken waarbinnen de hoogte van het groepsrisico bepaald dient te worden. In afbeelding 2 tot en met 4 zijn de daadwerkelijke invloedsgebieden, zoals bepaald met het programma CAROLA, weergegeven te opzichte van het plangebied (rode omlijning).

5

Afbeelding 2

Uitsnede CAROLA invloedsgebied buisleiding A-525-deel-1

Afbeelding 3

Uitsnede CAROLA invloedsgebied buisleiding A-526-deel-1

6

Afbeelding 4

Uitsnede CAROLA invloedsgebied buisleiding A-527-deel-1

Het plangebied ligt grotendeels binnen de 1% letaliteitsafstand van buisleiding A-527-deel-1 en voor een klein deel binnen de 1% letaliteitsafstand van de buisleidingen A-525-deel-1 en A-526-deel-1 waardoor de invloed van het plan op de hoogte van het groepsrisico voor genoemde buisleidingen moet worden bepaald.

2.4

Plaatsgebonden risico Uit de berekening met behulp van het programma CAROLA blijkt dat voor alle drie de buisleidingen geen sprake is van een PR 10-6-risicocontour ter hoogte van het plangebied. De PR10-6-risicocontour vormt derhalve geen belemmering voor het plan (zie bijlage 1).

2.5

Berekening hoogte groepsrisico Omdat het plangebied deels is gelegen binnen de 1% letaliteitsafstand van de genoemde buisleidingen, is met behulp van het programma CAROLA de hoogte van het groepsrisico inzichtelijk gemaakt. De berekeningen zijn uitgevoerd voor zowel de huidige als voor de toekomstige situatie. De populatie in de omgeving is gebaseerd op de populatieservice. Ook de populatie in de huidige situatie is gebaseerd op de populatieservice. Het exacte aantal woningen dat binnen het plangebied wordt gerealiseerd is nog niet bekend. Er worden circa 120 woningen gerealiseerd. Voor de berekening is het kental van 2,4 personen per woning met een aanwezigheid van 50% in de dagperiode en 100% in de nachtperiode gehanteerd. In de toekomstige situatie is ter plaatse van de geprojecteerde gebouwen derhalve sprake van een aanwezigheid van 144 personen in de dagperiode en 288 in de nachtperiode.

7

2.5.1

Berekening groepsrisico buisleiding A-525-deel-1

2.5.1.1

Huidige situatie In afbeelding 5 is de groepsrisico-screening voor buisleiding A-525-deel-1 opgenomen voor de huidige situatie. De maximale overschrijdingsfactor ter hoogte van het plangebied is gelijk aan 0,0 correspondeert met de kilometer leiding die is gevisualiseerd in afbeelding 6.

Afbeelding 5

Groepsrisico screening A-525-deel-1 huidige situatie ter hoogte van het plangebied

Afbeelding 6

Kilometer leiding ter hoogte van woningbouw binnen het plangebied (in groen weergegeven)

In afbeelding 7 is de fN-curve voor de hoogte van het groepsrisico van buisleiding A-525-deel-1 van het traject ter hoogte van het plangebied in de huidige situatie weergegeven.

8

Afbeelding 7

2.5.1.2

fN-curve buisleiding A-525-deel-1, huidige situatie

Toekomstige situatie Voor de toekomstige situatie is uitgegaan van de personenaantallen, zoals omschreven in paragraaf 2.5. In afbeelding 8 is de groepsrisicoscreening voor buisleiding A-525-deel-1opgenomen voor deze toekomstige situatie. De maximale overschrijdingsfactor ter hoogte van het plangebied is gelijk aan 0,0 en correspondeert met de kilometer leiding die is gevisualiseerd in afbeelding 6.

Afbeelding 8

Groepsrisico screening A-525-deel-1, toekomstige situatie

In afbeelding 9 is de fN-curve voor de hoogte van het groepsrisico van buisleiding A-525-deel-1 voor de toekomstige situatie weergegeven.

Afbeelding 9

fN-curve buisleiding A525-deel-1, toekomstige situatie

Uit de berekeningen blijkt dat zowel in de huidige als de toekomstige situatie geen groepsrisico wordt berekend.

2.5.2

Berekening groepsrisico buisleiding A-526-deel-1

2.5.2.1

Huidige situatie In afbeelding 10 is de groepsrisico-screening voor buisleiding A-526-deel-1 opgenomen voor de huidige situatie. De maximale overschrijdingsfactor ter hoogte van het plangebied is gelijk aan 0,0 en correspondeert met de kilometer leiding die is gevisualiseerd in afbeelding 11.

9

Afbeelding 10 Groepsrisico screening A-526-deel-1 huidige situatie ter hoogte van het plangebied

Afbeelding 11 Kilometer leiding ter hoogte van plangebied (in groen weergegeven) In afbeelding 12 is de fN-curve voor de hoogte van het groepsrisico van buisleiding A-526-deel-1 van het traject ter hoogte van het plangebied in de huidige situatie weergegeven.

Afbeelding 12 fN-curve buisleiding A-526-deel-1, huidige situatie

10

2.5.2.2

Toekomstige situatie Voor de toekomstige situatie is uitgegaan van de personenaantallen, zoals omschreven in paragraaf 2.5. In afbeelding 11 is de groepsrisicoscreening voor buisleiding A-526-deel-1opgenomen voor deze toekomstige situatie. De maximale overschrijdingsfactor ter hoogte van het plangebied is eveneens gelijk aan 0,0 en correspondeert met de kilometer leiding die is gevisualiseerd in afbeelding 11.

Afbeelding 13 Groepsrisico screening A-526-deel-1, toekomstige situatie In afbeelding 12 is de fN-curve voor de hoogte van het groepsrisico van buisleiding Z-517-08-deel-1 voor de toekomstige situatie weergegeven.

Afbeelding 14 fN-curve buisleiding A-526-deel-1, toekomstige situatie Uit de berekeningen blijkt dat zowel in de huidige als de toekomstige situatie geen groepsrisico wordt berekend.

2.5.3

Berekening groepsrisico buisleiding A-527-deel-1

2.5.3.1

Huidige situatie In afbeelding 15 is de groepsrisico-screening voor buisleiding A-527-deel-1 opgenomen voor de huidige situatie. De maximale overschrijdingsfactor ter hoogte van het plangebied is gelijk aan 0,00315 en correspondeert met de kilometer leiding die is gevisualiseerd in afbeelding 16.

Afbeelding 15

Groepsrisico screening A-527-deel-1 huidige situatie ter hoogte van het plangebied

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer wordt gevonden bij 76 slachtoffers en een frequentie van 5,45E-09.

11

Afbeelding 16 Kilometer leiding ter hoogte van plangebied (in groen weergegeven) In afbeelding 17 is de fN-curve voor de hoogte van het groepsrisico van buisleiding A-527-deel-1 van het traject ter hoogte van het plangebied in de huidige situatie weergegeven.

Afbeelding 17 fN-curve buisleiding A-527-deel-1, huidige situatie

2.5.3.2

Toekomstige situatie Voor de toekomstige situatie is uitgegaan van de personenaantallen, zoals omschreven in paragraaf 2.5. In afbeelding 18 is de groepsrisicoscreening voor buisleiding A-527-deel-1opgenomen voor deze toekomstige situatie. De maximale overschrijdingsfactor ter hoogte van het plangebied is eveneens gelijk aan 0,00315 en correspondeert met de kilometer leiding die is gevisualiseerd in afbeelding 16.

12

Afbeelding 18 Groepsrisico screening A-527-deel-1, toekomstige situatie De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer wordt eveneens gevonden bij 76 slachtoffers en een frequentie van 5,45E-09. In afbeelding 19 is de fN-curve voor de hoogte van het groepsrisico van buisleiding A-527-deel-1 voor de toekomstige situatie weergegeven.

Afbeelding 19 fN-curve buisleiding A-527-deel-1, toekomstige situatie Uit de berekeningen blijkt dat zowel in de huidige als de toekomstige situatie sprake is van een groepsrisico lager dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde. Als gevolg van de planontwikkeling is geen sprake van een toename van het groepsrisico.

13

3

CONCLUSIE In opdracht van Ruimte voor ruimte CV is door Kragten een inventarisatie uitgevoerd van de externe veiligheidsrisico’s ten behoeve een gebiedsontwikkeling ter plaatse van de Christinastraat te Middelrode in de gemeente Sint-Michielsgestel. Binnen het plangebied worden circa 120 woningen gerealiseerd. Het plan past niet binnen de vigerende bestemming, waardoor een ruimtelijke procedure doorlopen dient te worden. Het plan past niet binnen de vigerende bestemming, waardoor een ruimtelijke procedure doorlopen dient te worden. Onderzocht is of de nabijgelegen hogedruk aardgasleidingen een belemmering vormen voor de planontwikkeling. Tevens is bepaald welke effecten de plannen hebben op de hoogte van het groepsrisico van de betreffende buisleidingen. De berekeningen hebben overeenkomstig de voorschriften plaatsgevonden met het rekenprogramma CAROLA. Uit de berekening volgt dat het plangebied niet is gelegen binnen een plaatsgebonden 10-6-risicocontour van een buisleiding. Het plangebied ligt binnen de 1% letaliteitsafstand van een of meerdere hogedruk aardgasleidingen. De invloed van het plan op de hoogte van het groepsrisico voor deze buisleidingen is bepaald. Voor deze buisleidingen is de hoogte van het groepsrisico zowel vóór als ná planrealisatie berekend.

Uit deze berekeningen blijkt dat zowel in de huidige als in de toekomstige situatie geen groepsrisico wordt berekend voor de buisleidingen A-525-deel-1 en A-526-deel-1. Voor buisleiding A-527-deel-1 is zowel in de huidige als toekomstige situatie sprake van een groepsrisico dat kleiner is dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde. De planvorming leidt niet tot een toename van het groepsrisico van buisleiding A-527-deel-1. In artikel 12 lid 3 van het Besluit externe veiligheid buisleidingen juncto artikel 8 van de Regeling externe veiligheid buisleidingen is opgenomen wanneer sprake is van het verantwoorden van het groepsrisico. In onderhavige situatie is sprake van een beperkte verantwoording voor de hogedrukaardgasleidingen. Voor een verantwoording van het groepsrisico moet door het bevoegd gezag advies worden gevraagd bij de regionale brandweer/Veiligheidsregio.

14

BIJLAGEN

B1-1

Kwantitatieve Risicoanalyse Christinastraat Middelrode Huidige situatie

Inhoud 1 Inleiding ................................................................................................................. 3 2 Invoergegevens ....................................................................................................... 5 2.1 Interessegebied ................................................................................................ 5 2.2 Relevante leidingen ........................................................................................... 5 2.3 Populatie.......................................................................................................... 7 3 Plaatsgebonden risico ............................................................................................... 8 3.1 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................. 8 3.2 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................. 8 3.3 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ..............................................................................................

9 4 Groepsrisico screening ............................................................................................ 10 4.1 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 10 4.2 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 11 4.3 Figuur 4.3 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 12 5 FN curves .............................................................................................................. 13 5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2360.00 en stationing 3360.00 ............................ 13 5.2 Figuur 5.2 FN curve voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2410.00 en stationing 3410.00 ............................ 13 5.3 Figuur 5.3 FN curve voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2370.00 en stationing 3370.00 ............................

14 6 Referenties ............................................................................................................ 15

Pagina 2 van 15

1 Inleiding In deze rapportage worden de gebruikte invoergegevens en de door CAROLA gegenereerde resultaten weergegeven. Deze gegevens vormen de basis voor een QRA-rapportage. Naast deze basisinvoergegevens en –resultaten wordt in de Handleiding Risicoberekeningen BevB aangegeven welke elementen ook in de QRA beschreven moeten worden. In onderstaand overzicht worden welke elementen beschreven moeten worden en of deze door CAROLA worden aangeleverd. Indien de elementen niet door CAROLA worden gegenereerd, moeten ze door de opsteller van de QRA-rapportage worden ingevuld. Het meest recente overzicht van de te beschrijven elementen wordt gegeven in de van kracht zijnde versie van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb. In CAROLA berekeningen wordt gebruik gemaakt van de parameters conform de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1]. Achtergrondinformatie over de berekeningen kan worden gevonden in [2, 3, 4, 5].

Pagina 3 van 15

Overzicht van de elementen die in een QRA gerapporteerd moeten worden. Onderwerp

1

2

3

Algemene rapportgegevens Administratieve gegevens:  naam en adres van de leidingexploitant(en) (volgens Bevb)  naam en adres van de opsteller van de QRA Reden opstellen QRA Gevolgde methodiek  rekenpakket met versienummer  parameterbestand met versienummer Peildatum QRA  datum van de berekening  datum van aanmaak van de buisleidinggegevens Algemene beschrijving van de buisleiding(en) Gegevens buisleiding  naam buisleiding  diameter  druk  eventuele mitigerende maatregelen Ligging van de leiding, aan de hand van kaart(en) op schaal.  leiding  noordpijl en schaalindicatie Beschrijving omgeving Omgevingsbebouwing en gebiedsfuncties

Vertrouwelijk/

Aangeleverd

Openbaar

door CAROLA

Openbaar

Deels

Openbaar Openbaar

Nee Nee Ja

Openbaar Ja Nee Openbaar Ja Ja Ja Ja Openbaar

Openbaar

bestemmingsplannen al dan niet gedeeltelijk binnen de PR 10-6-contour en het invloedsgebied Actuele topografische kaart

4

Een beschrijving van de bevolking rond de buisleiding, onder opgave van de wijze waarop deze beschrijving tot stand is gekomen (o.a. incidentele bebouwing, lintbebouwing) Mogelijke gevaren van buiten de buisleiding die op de buisleiding effect kunnen hebben (risicoverhogende objecten, buurbedrijven/ activiteiten, vliegroutes, windturbines) Gebruikt weerstation Beschrijving per leiding van mogelijke risico’s voor de omgeving Samenvattend overzicht van de resultaten van de QRA, waarin tenminste is opgenomen: Kaart met het berekende plaatsgebonden risico, met contouren voor 10-4, 10-5, 10-6, 10-7 en 10-8 (indien aanwezig) FN-curve, voor zowel huidige als toekomstige situatie, met het groepsrisico voor de kilometer buisleiding met de grootste overschrijding van de oriënterende waarde. Op de horizontale as van de grafiek met de FN-curve wordt het aantal dodelijke slachtoffers uitgezet, op de verticale as de cumulatieve kans tot 10-9 per jaar FN-datapunt waarbij de maximale overschrijding van de oriëntatiewaarde optreedt, inclusief de factor van de overschrijding Grafiek met de screening van het groepsrisico Beschrijving of er kwetsbare bestemmingen en/of beperkt kwetsbare bestemmingen binnen de PR contour van 10-6 per jaar zijn Voorgestelde preventieve en repressieve maatregelen die in de QRA zijn meegenomen

Ja Ja

Ja indien ingevoerd Openbaar Openbaar

Ja indien ingevoerd Nee

Openbaar

Nee

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar Openbaar

Ja Nee

Openbaar

Ja

Pagina 4 van 15

2 Invoergegevens De risicoberekeningen die in dit rapport zijn beschreven zijn uitgevoerd met CAROLA versie 1.0.0.52. De gehanteerde parameterfile heeft versienummer 1.3. De berekeningen zijn uitgevoerd op 19-10-2021. Dit project is opgeslagen onder de naam P:\prj100\RVR\002\2_Werk\Onderzoek\Externe veiligheid\2. Carola\RvR Middelrode.crp en is laatstelijk bijgewerkt op 04-10-2021. Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van de meteorologische gegevens van het weerstation Volkel. De gebruikte ruwheidslengte is 0,1 meter. In dit hoofdstuk worden de verschillende invoergegevens nader gespecificeerd in de navolgende secties. 2.1 Interessegebied Het interessegebied is weergegeven in figuur 2.1 Figuur 2.1 Interessegebied voor de uitgevoerde risicoberekeningen

2.2 Relevante leidingen Op basis van het gespecificeerde interessegebied zijn de volgende aardgastransportleidingen meegenomen. Eigenaar

Leidingnaam

Diameter [mm]

Druk [bar]

Datum aanleveren gegevens

N.V.

7692_leiding-

914.00

66.20

19-10-2021

Nederlandse Gasunie

A-525-deel-1

N.V.

7692_leiding-

1066.80

66.20

19-10-2021

Nederlandse Gasunie

A-526-deel-1

N.V.

7692_leiding-

1220.00

66.20

19-10-2021

Nederlandse Gasunie

A-527-deel-1

Pagina 5 van 15

De exploitant specifieke factoren voor casuïstiek (cluster 1b), actief rappel (cluster 1C) en mitigerende maatregelen corrosie staan beschreven in Tabel 11 van Module B van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1]. De leidingen zijn gevisualiseerd in figuur 2.2. Figuur 2.2 Buisleidingen aanwezig in de omgeving van het interessegebied

Leidingen meegenomen in de risicoberekeningen Leidingen waarvoor de houdbaarheidsdatum van de gegevens verstreken is Voor de in bovenstaande tabel opgenomen leidingen zijn geen risico mitigerende maatregelen verdisconteerd in de bijbehorende risicoberekeningen.

Pagina 6 van 15

2.3 Populatie De ingevoerde populatie is weergegeven in figuur 2.3 Figuur 2.3 Bevolking meegenomen in de risicoberekeningen

Populatietype

Polygoonpunten

Populatiepolygoon

Wonen Werken Evenement Populatiepolygonen Label

Type

Aantal

Dichtheid

Vervangmodus

Percentage Personen

Populatiebestanden Pad

Type

Aantal

Percentage Personen

Populatieservice\bijeen_sport_cel_zkh-dag100nacht80.txt

Werken

652

100/ 80/ 7/ 1/ 100/ 100

Populatieservice\hotel-dag0-nacht100.txt

Werken

24

30/ 100/ 7/ 1/ 100/ 100

Populatieservice\industrie-dag100-nacht30.txt

Werken

58

Populatieservice\kantoor_kliniek_onderwijs_winkel-

Werken

438

Wonen

1451

100/ 30/ 7/ 1/ 100/ 100

dag100-nacht0.txt Populatieservice\wonend_vakantiehuis-dag50nacht100.txt

Pagina 7 van 15

3 Plaatsgebonden risico Voor de in voorgaande hoofdstuk genoemde leidingen is het plaatsgebonden risico bepaald. Voor elk van de leidingen wordt het plaatsgebonden risico weergegeven als iso-risicocontouren op een achtergrondkaart. 3.1 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

3.2 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 8 van 15

3.3 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

1E-4 1E-5 1E-6 1E-7 1E-8

Pagina 9 van 15

4 Groepsrisico screening Om in één oogopslag een indruk te krijgen van het groepsrisico wordt het groepsrisico gescreend alvorens voor specifieke segmenten FN-curves te visualiseren. Voor elk van de leidingen wordt per stationing de overschrijdingsfactor van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico weergegeven. Deze is berekend door rondom elk punt op de leiding één kilometer segment te kiezen die gecentreerd ligt ten opzichte van dit punt. Voor deze kilometer leiding is een FN-curve berekend en voor deze FN-curve de overschrijdingsfactor. De overschrijdingsfactor is de verhouding tussen de FN-curve en de oriëntatiewaarde. Daarmee is de overschrijdingsfactor een maat die aangeeft in hoeverre de oriëntatiewaarde wordt genaderd of overschreden. Een overschrijdingsfactor kleiner dan 1 geeft aan dat de FNcurve onder de oriëntatiewaarde blijft. Bij een waarde van 1 zal de FN-curve de oriëntatiewaarde raken. Bij een waarde groter dan 1 wordt de oriëntatiewaarde overschreden. 4.1 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 10 slachtoffers en een frequentie van 1.99E-009. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 1.993E-005 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 2360.00 en stationing 3360.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.1 Figuur 4.1 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 10 van 15

4.2 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 10 slachtoffers en een frequentie van 2.17E-009. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 2.168E-005 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 2410.00 en stationing 3410.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.2 Figuur 4.2 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 11 van 15

4.3 Figuur 4.3 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 95 slachtoffers en een frequentie van 4.72E-009. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 4.260E-003 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 2370.00 en stationing 3370.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.3 Figuur 4.3 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 12 van 15

5 FN curves Voor elk van de eerder genoemde leidingen is het groepsrisico berekend. Een samenvatting van de resultaten hiervan is gegeven in het voorgaande hoofdstuk; in dit hoofdstuk wordt voor elk van de leidingen de daadwerkelijke FN-curve gegeven van de (in termen van groepsrisico) “slechtste” kilometer van het betreffende tracé. 5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2360.00 en stationing 3360.00

5.2 Figuur 5.2 FN curve voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2410.00 en stationing 3410.00

Pagina 13 van 15

5.3 Figuur 5.3 FN curve voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2370.00 en stationing 3370.00

Pagina 14 van 15

6 Referenties [1]

Handleiding Risicoberekeningen Bevb. Versie 1.0. 20 december 2010.

[2]

Risicomethodiek aardgastransportleidingen. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Brief 390/06 CEV Lah/pbz-1191. 6 november 2006.

[3]

Risicomethodiek aardgastransportleidingen. Ministerie van VROM. Brief 2006.334302. 7 december 2006.

[4]

Laheij GMH, Vliet AAC van, Kooi ES. Achtergronden bij de vervanging van zoneringafstanden hogedruk aardgastransportleidingen van de N.V. Nederlandse Gasunie. Rijksinstituut 620121001/2008. 2008.

[5]

voor

Volksgezondheid

en

Milieu.

RIVM-rapport

M. Gielisse, M.T. Dröge, G.R. Kuik. Risicoanalyse aardgastransportleidingen. N.V. Nederlandse Gasunie. DEI 2008.R.0939. 2008.

Pagina 15 van 15

Kwantitatieve Risicoanalyse Christinastraat Middelrode Toekomstige situatie

Inhoud 1 Inleiding ................................................................................................................. 3 2 Invoergegevens ....................................................................................................... 5 2.1 Interessegebied ................................................................................................ 5 2.2 Relevante leidingen ........................................................................................... 5 2.3 Populatie.......................................................................................................... 7 3 Plaatsgebonden risico ............................................................................................... 8 3.1 Figuur 3.1 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................. 8 3.2 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................. 8 3.3 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ..............................................................................................

9 4 Groepsrisico screening ............................................................................................ 10 4.1 Figuur 4.1 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 10 4.2 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 11 4.3 Figuur 4.3 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 12 5 FN curves .............................................................................................................. 13 5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2360.00 en stationing 3360.00 ............................ 13 5.2 Figuur 5.2 FN curve voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2410.00 en stationing 3410.00 ............................ 13 5.3 Figuur 5.3 FN curve voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2370.00 en stationing 3370.00 ............................

14 6 Referenties ............................................................................................................ 15

Pagina 2 van 15

1 Inleiding In deze rapportage worden de gebruikte invoergegevens en de door CAROLA gegenereerde resultaten weergegeven. Deze gegevens vormen de basis voor een QRA-rapportage. Naast deze basisinvoergegevens en –resultaten wordt in de Handleiding Risicoberekeningen BevB aangegeven welke elementen ook in de QRA beschreven moeten worden. In onderstaand overzicht worden welke elementen beschreven moeten worden en of deze door CAROLA worden aangeleverd. Indien de elementen niet door CAROLA worden gegenereerd, moeten ze door de opsteller van de QRA-rapportage worden ingevuld. Het meest recente overzicht van de te beschrijven elementen wordt gegeven in de van kracht zijnde versie van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb. In CAROLA berekeningen wordt gebruik gemaakt van de parameters conform de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1]. Achtergrondinformatie over de berekeningen kan worden gevonden in [2, 3, 4, 5].

Pagina 3 van 15

Overzicht van de elementen die in een QRA gerapporteerd moeten worden. Onderwerp

1

2

3

Algemene rapportgegevens Administratieve gegevens:  naam en adres van de leidingexploitant(en) (volgens Bevb)  naam en adres van de opsteller van de QRA Reden opstellen QRA Gevolgde methodiek  rekenpakket met versienummer  parameterbestand met versienummer Peildatum QRA  datum van de berekening  datum van aanmaak van de buisleidinggegevens Algemene beschrijving van de buisleiding(en) Gegevens buisleiding  naam buisleiding  diameter  druk  eventuele mitigerende maatregelen Ligging van de leiding, aan de hand van kaart(en) op schaal.  leiding  noordpijl en schaalindicatie Beschrijving omgeving Omgevingsbebouwing en gebiedsfuncties

Vertrouwelijk/

Aangeleverd

Openbaar

door CAROLA

Openbaar

Deels

Openbaar Openbaar

Nee Nee Ja

Openbaar Ja Nee Openbaar Ja Ja Ja Ja Openbaar

Openbaar

bestemmingsplannen al dan niet gedeeltelijk binnen de PR 10-6-contour en het invloedsgebied Actuele topografische kaart

4

Een beschrijving van de bevolking rond de buisleiding, onder opgave van de wijze waarop deze beschrijving tot stand is gekomen (o.a. incidentele bebouwing, lintbebouwing) Mogelijke gevaren van buiten de buisleiding die op de buisleiding effect kunnen hebben (risicoverhogende objecten, buurbedrijven/ activiteiten, vliegroutes, windturbines) Gebruikt weerstation Beschrijving per leiding van mogelijke risico’s voor de omgeving Samenvattend overzicht van de resultaten van de QRA, waarin tenminste is opgenomen: Kaart met het berekende plaatsgebonden risico, met contouren voor 10-4, 10-5, 10-6, 10-7 en 10-8 (indien aanwezig) FN-curve, voor zowel huidige als toekomstige situatie, met het groepsrisico voor de kilometer buisleiding met de grootste overschrijding van de oriënterende waarde. Op de horizontale as van de grafiek met de FN-curve wordt het aantal dodelijke slachtoffers uitgezet, op de verticale as de cumulatieve kans tot 10-9 per jaar FN-datapunt waarbij de maximale overschrijding van de oriëntatiewaarde optreedt, inclusief de factor van de overschrijding Grafiek met de screening van het groepsrisico Beschrijving of er kwetsbare bestemmingen en/of beperkt kwetsbare bestemmingen binnen de PR contour van 10-6 per jaar zijn Voorgestelde preventieve en repressieve maatregelen die in de QRA zijn meegenomen

Ja Ja

Ja indien ingevoerd Openbaar Openbaar

Ja indien ingevoerd Nee

Openbaar

Nee

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar Openbaar

Ja Nee

Openbaar

Ja

Pagina 4 van 15

2 Invoergegevens De risicoberekeningen die in dit rapport zijn beschreven zijn uitgevoerd met CAROLA versie 1.0.0.52. De gehanteerde parameterfile heeft versienummer 1.3. De berekeningen zijn uitgevoerd op 19-10-2021. Dit project is opgeslagen onder de naam P:\prj100\RVR\002\2_Werk\Onderzoek\Externe veiligheid\2. Carola\RvR Middelrode.crp en is laatstelijk bijgewerkt op 04-10-2021. Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van de meteorologische gegevens van het weerstation Volkel. De gebruikte ruwheidslengte is 0,1 meter. In dit hoofdstuk worden de verschillende invoergegevens nader gespecificeerd in de navolgende secties. 2.1 Interessegebied Het interessegebied is weergegeven in figuur 2.1 Figuur 2.1 Interessegebied voor de uitgevoerde risicoberekeningen

2.2 Relevante leidingen Op basis van het gespecificeerde interessegebied zijn de volgende aardgastransportleidingen meegenomen. Eigenaar

Leidingnaam

Diameter [mm]

Druk [bar]

Datum aanleveren gegevens

N.V. Nederlandse

7692_leidingA-525-deel-1

914.00

66.20

19-10-2021

7692_leidingA-526-deel-1

1066.80

66.20

19-10-2021

7692_leidingA-527-deel-1

1220.00

66.20

19-10-2021

Gasunie N.V. Nederlandse Gasunie N.V. Nederlandse Gasunie Pagina 5 van 15

De exploitant specifieke factoren voor casuïstiek (cluster 1b), actief rappel (cluster 1C) en mitigerende maatregelen corrosie staan beschreven in Tabel 11 van Module B van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1]. De leidingen zijn gevisualiseerd in figuur 2.2. Figuur 2.2 Buisleidingen aanwezig in de omgeving van het interessegebied

Leidingen meegenomen in de risicoberekeningen Leidingen waarvoor de houdbaarheidsdatum van de gegevens verstreken is Voor de in bovenstaande tabel opgenomen leidingen zijn geen risico mitigerende maatregelen verdisconteerd in de bijbehorende risicoberekeningen.

Pagina 6 van 15

2.3 Populatie De ingevoerde populatie is weergegeven in figuur 2.3 Figuur 2.3 Bevolking meegenomen in de risicoberekeningen

Populatietype

Polygoonpunten

Populatiepolygoon

Wonen Werken Evenement Populatiepolygonen Label

Type

Aantal

plangebied

Wonen

288.0

Dichtheid

Vervangmodus

Percentage Personen

Toevoegen Nieuwe Populatie

Populatiebestanden Pad

Type

Aantal

Percentage Personen

Populatieservice\bijeen_sport_cel_zkh-dag100-

Werken

652

100/ 80/ 7/ 1/

nacht80.txt

100/ 100

Populatieservice\hotel-dag0-nacht100.txt

Werken

24

30/ 100/ 7/ 1/ 100/ 100

Populatieservice\industrie-dag100-nacht30.txt

Werken

58

100/ 30/ 7/ 1/ 100/ 100

Populatieservice\kantoor_kliniek_onderwijs_winkeldag100-nacht0.txt

Werken

438

Populatieservice\wonend_vakantiehuis-dag50-

Wonen

1451

nacht100.txt Pagina 7 van 15

3 Plaatsgebonden risico Voor de in voorgaande hoofdstuk genoemde leidingen is het plaatsgebonden risico bepaald. Voor elk van de leidingen wordt het plaatsgebonden risico weergegeven als iso-risicocontouren op een achtergrondkaart. 3.1 Figuur 3.1 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

3.2 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 8 van 15

3.3 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

1E-4 1E-5 1E-6 1E-7 1E-8

Pagina 9 van 15

4 Groepsrisico screening Om in één oogopslag een indruk te krijgen van het groepsrisico wordt het groepsrisico gescreend alvorens voor specifieke segmenten FN-curves te visualiseren. Voor elk van de leidingen wordt per stationing de overschrijdingsfactor van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico weergegeven. Deze is berekend door rondom elk punt op de leiding één kilometer segment te kiezen die gecentreerd ligt ten opzichte van dit punt. Voor deze kilometer leiding is een FN-curve berekend en voor deze FN-curve de overschrijdingsfactor. De overschrijdingsfactor is de verhouding tussen de FN-curve en de oriëntatiewaarde. Daarmee is de overschrijdingsfactor een maat die aangeeft in hoeverre de oriëntatiewaarde wordt genaderd of overschreden. Een overschrijdingsfactor kleiner dan 1 geeft aan dat de FNcurve onder de oriëntatiewaarde blijft. Bij een waarde van 1 zal de FN-curve de oriëntatiewaarde raken. Bij een waarde groter dan 1 wordt de oriëntatiewaarde overschreden. 4.1 Figuur 4.1 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 10 slachtoffers en een frequentie van 1.99E-009. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 1.993E-005 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 2360.00 en stationing 3360.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.1 Figuur 4.1 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 10 van 15

4.2 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 10 slachtoffers en een frequentie van 2.17E-009. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 2.168E-005 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 2410.00 en stationing 3410.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.2 Figuur 4.2 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 11 van 15

4.3 Figuur 4.3 Groepsrisico screening voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 95 slachtoffers en een frequentie van 4.72E-009. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 4.260E-003 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 2370.00 en stationing 3370.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.3 Figuur 4.3 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 12 van 15

5 FN curves Voor elk van de eerder genoemde leidingen is het groepsrisico berekend. Een samenvatting van de resultaten hiervan is gegeven in het voorgaande hoofdstuk; in dit hoofdstuk wordt voor elk van de leidingen de daadwerkelijke FN-curve gegeven van de (in termen van groepsrisico) “slechtste” kilometer van het betreffende tracé. 5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 7692_leiding-A-525-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2360.00 en stationing 3360.00

5.2 Figuur 5.2 FN curve voor 7692_leiding-A-526-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2410.00 en stationing 3410.00

Pagina 13 van 15

5.3 Figuur 5.3 FN curve voor 7692_leiding-A-527-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2370.00 en stationing 3370.00

Pagina 14 van 15

6 Referenties [1]

Handleiding Risicoberekeningen Bevb. Versie 1.0. 20 december 2010.

[2]

Risicomethodiek aardgastransportleidingen. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Brief 390/06 CEV Lah/pbz-1191. 6 november 2006.

[3]

Risicomethodiek aardgastransportleidingen. Ministerie van VROM. Brief 2006.334302. 7 december 2006.

[4]

Laheij GMH, Vliet AAC van, Kooi ES. Achtergronden bij de vervanging van zoneringafstanden hogedruk aardgastransportleidingen van de N.V. Nederlandse Gasunie. Rijksinstituut 620121001/2008. 2008.

[5]

voor

Volksgezondheid

en

Milieu.

RIVM-rapport

M. Gielisse, M.T. Dröge, G.R. Kuik. Risicoanalyse aardgastransportleidingen. N.V. Nederlandse Gasunie. DEI 2008.R.0939. 2008.

Pagina 15 van 15

Bijlage 14 Verantwoording hoogte groepsrisico

707

Opdrachtgever: Projectnr: Datum:

Ruimte voor Ruimte CV RVR002 6 oktober 2022

Opdrachtgever: Projectnr: Rapportnr: Status: Datum:

Ruimte voor Ruimte CV RVR002 20221006-RVR002-RAP-EV-VGR 3.0 Definitief 6 oktober 2022

Opsteller: BDEC/PC

T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl

-+C0BDEC/PC+-

Verificatie: PC

-+R0PC+-

Validatie: HvG

© 2021 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.

-+V0HvG+-

1

INLEIDING In opdracht van Ruimte voor ruimte CV is door Kragten een inventarisatie uitgevoerd van de externe veiligheidsrisico’s ten behoeve een gebiedsontwikkeling ter plaatse van de Christinastraat te Middelrode in de gemeente Sint-Michielsgestel. Binnen een deel van het plangebied worden woningen gerealiseerd. In het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) is vastgelegd wanneer en op welke wijze de hoogte van het groepsrisico moet worden verantwoord. Deze notitie geeft invulling aan deze verantwoordingsplicht. De ligging van het plangebied is onderstaand (rode omlijning) globaal weergegeven in afbeelding 1.

Afbeelding 1

Ligging plangebied (bron: PDOK)

Het rood gearceerde vlak is een uitbreiding van het oorspronkelijke plangebied, echter binnen dit gebied worden geen woningen gerealiseerd.

2

RISICOBRON Voor de planvorming is een quickscan externe veiligheid uitgevoerd1. Uit deze quickscan volgt dat het transport van aardgas door buisleidingen relevant is voor het plangebied. Onderstaand worden deze risicobron kort beschreven.

Buisleidingen Het plangebied ligt (deels) binnen de 1% letaliteitsafstand van 3 hogedrukaardgasleidingen. Voor deze buisleidingen is de hoogte van het groepsrisico kwantitatief vastgesteld middels een CAROLA-berekening2. Uit deze berekening is gebleken dat ter hoogte van het plangebied geen PR 10-6-risicocontour van toepassing is. Verder volgt uit de berekening dat zowel in de huidige als in de toekomstige situatie geen groepsrisico wordt berekend voor de buisleidingen A-525-deel-1 en A-526-deel-1. Voor buisleiding A-527-deel-1 is zowel in de huidige als toekomstige situatie sprake van een groepsrisico dat kleiner is dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde. De planvorming leidt niet tot een rekenkundige toename van het groepsrisico van buisleiding A-527-deel-1. De risico’s als gevolg van het transporten van gevaarlijke stoffen door buisleidingen zijn opgenomen in deze beperkte verantwoording van het groepsrisico.

1 Quickscan externe veiligheid – Woonlocatie Christinastraat – Middelrode, rapportnr 20221006-RVR002-RAP-EV-QS 2.0 ,

d.d. 6 oktober 2022 door Kragten. 2 Externe veiligheid buisleidingen – Woonlocatie Christinastraat – Middelrode, rapportnummer 20221006-RVR002-RAP-CAR 2.0 d.d. 6 oktober 2022 door Kragten.

3

UITWERKING VERANTWOORDINGSPLICHT Met het invullen van de verantwoordingsplicht wordt antwoord gegeven op de vraag in hoeverre externe veiligheidsrisico's in het plangebied worden geaccepteerd en welke maatregelen zijn getroffen om het risico zoveel mogelijk te beperken. Het invullen van de verantwoordingsplicht is een taak van het bevoegd gezag. Door de verantwoordingsplicht worden gemeenten verplicht het externe veiligheidsaspect mee te laten wegen bij het maken van ruimtelijke keuzes. Deze verantwoording is kwalitatief en bevat verschillende onderdelen die aan bod kunnen of moeten komen. Het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) geeft de regionale brandweer/Veiligheidsregio een wettelijke adviestaak bij het invullen van de verantwoordingsplicht. Het advies van de regionale brandweer/ Veiligheidsregio gaat vooral over het groepsrisico en mogelijkheden om een ramp of zwaar ongeval te voorkomen of de omvang ervan te beperken en de zelfredzaamheid van personen te vergroten. Op 20 december 2021 heeft de Brandweer Branbant-Noord haar advies opgesteld. Het advies is opgenomen in de bijlage. De verantwoording van het groepsrisico heeft betrekking op de in hoofdstuk 2 beschreven relevante risicobron.

Bevb - Transport door buisleidingen Het maatgevende ongevalsscenario voor een hoge druk aardgasleiding is een fakkelbrand, die na een beschadiging van een buisleiding ontstaat als gevolg van een ontsteking. In artikel 12 lid 3 van het Besluit externe veiligheid buisleidingen juncto artikel 8 van de Regeling externe veiligheid buisleidingen is opgenomen wanneer sprake is van het verantwoorden van het groepsrisico. In onderhavige situatie is sprake van een beperkte verantwoordingsplicht voor de buisleiding, waarbij de verantwoording dient in te gaan op de volgende onderdelen: 1. Aanwezige en de te verwachten dichtheid van personen in het invloedsgebied van de buisleiding of buisleidingen die het groepsrisico mede veroorzaakt of veroorzaken; 2. Het groepsrisico per kilometer buisleiding op het tijdstip waarop het besluit wordt vastgesteld en de bijdrage van de in dat besluit toegelaten kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten aan de hoogte van het groepsrisico; 3. De mogelijkheden tot voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp of zwaar ongeval; 4. De mogelijkheden voor personen die zich bevinden in het invloedsgebied van de buisleiding of buisleidingen die het groepsrisico mede veroorzaakt of veroorzaken, om zich in veiligheid te brengen indien zich een ramp of zwaar ongeval voordoet.

Ad 1) Het plangebied ligt grotendeels binnen de 1% letaliteitsafstand van buisleiding A-527-deel-1 en voor een klein deel binnen de 1% letaliteitsafstand van de buisleidingen A-525-deel-1 en A-526-deel-1. De populatiedichtheid binnen het grootste invloedsgebied van de buisleiding is laag (circa 8 personen/ha). Het exacte aantal woningen dat binnen het plangebied wordt gerealiseerd is nog niet bekend. Er is in het onderzoek uitgegaan van circa 120 woningen. Voor de berekening is het kental van 2,4 personen per woning met een aanwezigheid van 50% in de dagperiode en 100% in de nachtperiode gehanteerd. In de toekomstige situatie is ter plaatse van de geprojecteerde gebouwen derhalve sprake van een aanwezigheid van 144 personen in de dagperiode en 288 in de nachtperiode. Ad 2) Voor zowel de huidige als toekomstige situatie is de hoogte van het groepsrisico berekend middels een CAROLAberekening. Hieruit volgt dat zowel in de huidige als in de toekomstige situatie geen groepsrisico wordt berekend voor de buisleidingen A-525-deel-1 en A-526-deel-1. Voor buisleiding A-527-deel-1 is zowel in de huidige als

toekomstige situatie sprake van een groepsrisico dat kleiner is dan 0,1 maal de oriëntatiewaarde. De planvorming leidt niet tot een toename van het groepsrisico van buisleiding A-527-deel-1. Ad 3) Voor de bestrijding van een calamiteit is de inrichting van het gebied van belang. Bij een dreigende breuk van een hogedruk aardgasleiding richt de brandweer zich op het veilig stellen van het effectgebied en het voorkomen van een ontsteking. Als uitstroming plaatsvindt, zal de Gasunie de leiding inblokken. Afhankelijk van het systeem en de afstand tot de breuk kan het enkele uren duren voor de leiding is leeg gelopen. In geval van een directe ontsteking kunnen hulpdiensten door de enorme hittestraling de fakkel beperkt benaderen om gewonden te helpen. De fakkel zelf kan niet door de brandweer worden geblust. Er dient te worden gewacht tot het ingeblokte leidingdeel leeg is gelopen. Naast het tijdig aanwezig zijn met voldoende materieel is tevens de bereikbaarheid in algemene zin en de specifieke risicolocatie cruciaal. De aspecten ‘bereikbaarheid calamiteit’ en de ‘(primaire en secundaire) bluswatervoorziening’ spelen hierin een rol. Ad 4) Het maatgevende scenario voor ongevallen met aardgastransportleidingen is fakkelbrand. Slachtoffers kunnen vallen door de warmtestraling en een drukgolf. Alle aanwezigen die door de vuurbal worden getroffen komen te overlijden.

Hiernaast kunnen rondvliegende brokstukken en glasscherven plaatselijk zware schade aanbrengen aan personen en gebouwen. Zelfredzaamheid Zelfredzaamheid is het zichzelf kunnen onttrekken aan een dreigend gevaar, zonder daadwerkelijke hulp van hulpverleningsdiensten. De mogelijkheden voor zelfredzaamheid bestaan globaal uit schuilen en ontvluchten. Mobiliteit van de aanwezigen Binnen het plangebied worden geen functies gerealiseerd die specifiek voor verminderd zelfredzame personen bedoeld zijn. Dit betekent dat het uitgangspunt is dat de aanwezige personen zich bij een eventuele dreigende situatie zelfstandig (of met hulp van overige aanwezigen) in veiligheid kunnen brengen. De mogelijkheden om zelfredzaamheid te vergroten Het risico op een incident met een hoge druk aardgasleiding wordt voornamelijk bepaald door het risico van schade aan de leiding door (graaf)werkzaamheden nabij de leiding. Een belangrijke bronmaatregel om het risico te verkleinen is het opnemen van een aanlegvergunningstelsel voor een strook aan weerszijden van de aardgastransportleiding. Daarnaast is in het bestemmingsplan reeds opgenomen dat binnen de belemmeringsstrook aan weerszijden van de leiding een bouwverbod geldt. Tot slot wordt geadviseerd om grondwerkzaamheden, zoals heien, op minder dan 20 meter van de buisleiding onder toezicht van de leidingbeheerder te laten uitvoeren.

Door deze maatregelen wordt het groepsrisico verder gereduceerd. Mogelijkheden voor ontvluchting/schuilen Binnen het invloedsgebied van de aardgastransportleiding is vluchten de beste optie. Wat betreft een fakkelbrand na leidingbreuk geldt dat het zich snel kan ontwikkelen. Afhankelijk van de afstand tot de aardgasleiding, zijn er scenario´s waarbij vluchten niet of nauwelijks mogelijk is. De hittestraling is daarvoor te groot. Personen die aanwezig zijn binnen de 100% letaliteitsgrens komen te overlijden. Indien het incident op grotere afstand van het plangebied plaatsvindt zijn de mogelijkheden voor zelfredzaamheid, voor het gebied dat buiten de 100% letaliteitsgrens valt, groter. Het plangebied ligt niet binnen de 100% letaliteitsafstand van de buisleidingen. Vluchtroutes moeten personen direct van de calamiteit wegleiden. Vluchtroutes dienen van de buisleiding af te zijn. Hier zal in de nadere uitwerking van het beeldkwaliteitsplan en stedenbouwkundig ontwerp aandacht aan besteed worden.

Risicocommunicatie In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat de zelfredzaamheid kan worden verbeterd door maatregelen zoals een waarschuwings- en alarmeringssysteem en risicocommunicatie (hoe te handelen bij een incident, gebaseerd op het scenario fakkelbrand). In geval van een calamiteit is het van levensbelang dat de aanwezigen tijdig gewaarschuwd worden. Vluchtroutes dienen zichtbaar en duidelijk te worden aangeduid. De invulling van de risicocommunicatie dient conform de Wet veiligheidsregio’s door het bestuur van de Veiligheidsregio’s uitgevoerd te worden. De Veiligheidsregio ondersteunt en adviseert de gemeenten hierin in voorbereiding op een alarmering bij rampen.

In deze notitie zijn elementen aangedragen die de gemeenteraad kan gebruiken bij de oordeelsvorming inzake de verantwoording van het groepsrisico. De gemeente Sint-Michielsgestel dient een standpunt in te nemen aangaande de verantwoording van het groepsrisico.

Bijlage: Advies Brandweer Brabant-Noord

B1 ADVIES BRANDWEER BRABANT-NOORD

Advies: externe veiligheid Christinastraat e.o. Middelrode

> Gegevens risicobeheersing Behandeld door:

Paul de Kort

Telefoon:

06-51138317

E-mail:

p.dekort@brwbn.nl

Datum brief:

20 december 2021

> Gegevens aanvrager Aanvrager

Mijngemeentedichtbij

Contactpersoon:

R. Eeken

Telefoon en e-mail:

06-82128762 / R.Eeken@MijnGemeenteDichtbij.nl

> Gegevens aanvraag Locatie

Christinastraat , Berlicum

Zaaknummer aanvrager: Zaaknummer brandweer:

2021-006491

> Adviesgrondslag U hebt op 08 december j.l. de Veiligheidsregio Brabant Noord in de gelegenheid gesteld om te reageren op het plan voor een gebiedsontwikkeling ter plaatse van de Christinastraat te Middelrode. Het plan heeft als doel om een woonwijk in het plangebied te situeren. Door adviesbureau Kragten is een onderzoek Externe Veiligheid uitgevoerd. Uit dit onderzoek blijkt dat het plangebied binnen het invloedsgebied van 3 hoge druk aardgasleidingen ligt. Dit betekent zoals door bureau Kragten terecht is opgemerkt een verantwoording over het groepsrisico in het besluit moet worden opgenomen. Door bureau Kragten is een groepsrisico berekening uitgevoerd en is verantwoording groepsrisico opgesteld. Beide documenten geven geen aanleiding tot het maken van -op of aanmerkingen. Dit advies vervolgt met een korte beschrijving van het scenario, een beoordeling over de mate van zelfredzaamheid, de mate van bestrijdbaarheid en sluit af met een advies.

> Scenario Relevante scenario’s i.r.t het plangebied is een fakkelbrand. Vanwege (graaf)werkzaamheden ontstaat een breuk in een hogedruk aardgasleiding. Het aardgas stroomt onder hoge druk uit. Het brandbare gas ontsteekt waardoor een fakkelbrand optreedt.

Pagina 1 van 2

De effecten van een fakkelbrand zijn hittestraling en rook. Hierdoor kunnen slachtoffers, schade en brand in de omgeving ontstaan. De woningen bieden initieel bescherming tegen de hoge hittestraling mits personen niet achter ramen staan. Door de hoge hittestraling kunnen (delen) van woningen ontbranden waardoor bewoners het huis alsnog moeten ontvluchten. Dit geldt voor objecten liggend binnen een afstand van tussen 450 en 580 meter van de buisleidingen. Indien men tijdens het vluchten in de schaduw van objecten blijft en de huid ter bescherming met bijv. kleding bedekt kan de kans op ernstig letsel worden beperkt.

> Beoordeling zelfredzaamheid Voor het scenario fakkelbrand is vluchten het beste handelingsperspectief. Dit betekent dat aanwezigen op tijd gealarmeerd en geïnstrueerd moeten worden en er voldoende vluchtwegen van de risicobron aflopend aanwezig moeten zijn. Een fakkelbrand is direct zichtbaar en hoorbaar waardoor mensen direct worden gealarmeerd. Omdat het stedenbouwkundig ontwerp niet bekend is kan geen oordeel worden gegeven over de vluchtmogelijkheden. Gezien de aard en de activiteiten van de bestemming mag aangenomen worden dat de mate van zelfredzaamheid van de personen in het plangebied voldoende is.

> Beoordeling bestrijdbaarheid Voor het scenario fakkelbrand bij de buisleiding is de bestrijdbaarheid slecht. Bij een incident met een buisleiding kan de fakkelbrand alleen worden bestreden door de toevoer dicht te draaien. Hiervoor dient contact opgenomen te worden met de leidingbeheerder en dit kost veel tijd. De brandweer kan tot de leiding is afgesloten niet handelend optreden waardoor personen op zich zelf zijn aangewezen

> Advies Uit de beoordelingen blijkt dat het beste ingezet kan worden op het voorkomen van secundaire branden en optimaliseren van de zelfredzaamheid. • Pas in het ontwerp van de woningen zo veel mogelijk niet-brandbare materialen toe in de delen gericht naar de buisleidingen. • Informeer nieuwe bewoners actief over het aanwezig risico en handelingsperspectief. (vluchten van de buisleidingen af onder dekking van andere woningen - schuttingen- bomen en struiken) • Probeer in het beeldkwaliteitsplan (gebruik materialen) en stedenbouwkundig ontwerp (vluchtmogelijkheden) rekening te houden met beide bovengenoemde adviezen.

Pagina 2 van 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MijnGemeenteDichtbij&id=338d5f8a-9117-4439-88e1-28fc4853bbea