CConstaterende datboxtel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Advies AKD aansprakelijkheid (1399597)

Raadsvergadering Boxtel 16 december 2025, gemeente boxtelBij agendapunt: Nadere onderbouwing bindend advies zonnepark Ontginningsweg491 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

STRIKT VERTROUWELIJK: Notitie inzake aansprakelijkheidsrisico zonneparken De Vorst, De Beerze en Ontginningsweg •

Als de aanvragen voor zonneparken De Vorst, De Beerze en Ontginningsweg geweigerd worden op basis van de huidige adviezen van de raad, dan leidt dat volgens ons tot een aansprakelijkheidsrisico. Dat komt omdat wij verwachten dat de motivering van deze adviezen van de raad de toets der kritiek van de bestuursrechter niet zal kunnen doorstaan. Wanneer een bestuursrechter een besluit tot weigering van een aanvraag vernietigt, dan staat daarmee vast dat de gemeente toerekenbaar onrechtmatig heeft gehandeld tegenover de aanvrager. Dit volgt uit het arrest Van Gog/Nederweert (HR 31 mei 1991, ECLI:NL:HR:1991:ZC0261). In welke mate dat ook tot aansprakelijkheid van de gemeente leidt, is afhankelijk van verschillende factoren en met name de vervolgbesluitvorming op de aanvraag.

•

Als na een vernietiging van een weigeringsbesluit alsnog een omgevingsvergunning wordt verleend (en dat besluit zou in stand blijven en onherroepelijk worden), dan zal de gemeente vermoedelijk alleen voor ‘vertragingsschade’ aansprakelijk kunnen worden gesteld. Onder vertragingsschade vallen alle kosten die een aanvrager niet zou hebben gemaakt, wanneer de omgevingsvergunning direct zou zijn verleend. Denk hierbij aan toegenomen bouwkosten en aanvullende financieringskosten. Voor de zonneparken De Vorst, De Beerze en Ontginningsweg kan de vertragingsschade bij een onrechtmatig genomen weigeringsbesluit uitkomen op enkele honderdduizenden euro’s.

•

Als na een vernietiging van een weigeringsbesluit niet langer een omgevingsvergunning kan worden verleend, bijvoorbeeld door wijziging van de regelgeving, dan komt alle schade die verband houdt met het niet kunnen realiseren van het zonnepark in beginsel voor vergoeding in aanmerking. De aanvragers van zonneparken De Vorst, De Beerze en Ontginnigsweg zouden dan een schadevergoeding kunnen vorderen die bestaat uit de inkomsten die zij zijn misgelopen vanwege het niet kunnen exploiteren van een zonnepark gedurende 25 jaar. De schade waarvoor de gemeente in dit scenario aansprakelijk kan worden gesteld zou kunnen uitkomen op miljoenen euro’s per zonnepark.

•

Alleen bij het ontbreken van een causaal verband (‘condicio sine qua non-verband’) leidt een onrechtmatig genomen besluit niet tot een recht op schadevergoeding voor de aanvragers. Als een zonneparkproject naast het onrechtmatig genomen weigeringsbesluit ook om een andere reden niet kan worden gerealiseerd, dan ontbreekt een causaal verband tussen het onrechtmatig genomen besluit en de schade die kan zijn geleden. Een causaal verband tussen een onrechtmatig genomen weigeringsbesluit en schade ontbreekt ook als het college in plaats van het onrechtmatig genomen weigeringsbesluit (i) een rechtmatig weigeringsbesluit had kunnen nemen en (ii) zou hebben genomen dat (iii) naar aard en omvang eenzelfde schade tot gevolg zou hebben gehad. Dit volgt uit het arrest Hengelo/Wevers (HR 3 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1112).

•

Het lijkt ons niet dat de aanvragers de kosten die ze hebben gemaakt tijdens de voorbereiding van de aanvragen met succes kunnen vorderen, omdat deze kosten ook zouden zijn gemaakt als het een rechtmatig besluit zou zijn genomen. Daardoor lijkt een causaal verband tussen schade (voorbereidingskosten) en schadeoorzaak (onrechtmatige besluitvorming) te ontbreken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MijnGemeenteDichtbij&id=a2f1951d-162d-4166-a55c-afef67a1cfac