Bijlage 1 Eerste Bestuursrapportage 2021 Boxtel.pdf
Tekst van het document
2020
2021
2022
2023
2024
ALGEMENE RESERVE: Jaarresultaat na bestemming Algemene Reserve
1.332 2.998
0 4.107
0 3.562
0 3.494
0 3.494
BESTEMMINGSRESERVES: Egalisatie MGD budgetten IV/ICT/Veranderprogr's Egalisatie Loonkostenontwikkeling MGD Investeringsbudget infrastructuur stedelijk gebied Parkeervoorzieningen Groenbeheer Plattelandsvernieuwing Onderwijs IHP algemeen (kapitaallasten) Realisatie buitenschoolse kinderopvang Verbouwing Ursula Grondexploitatie Dommelbad (kapitaallasten) Egalisatie onderhoud speelvoorzieningen Sociaal Domein Duurzame ontwikkeling Ruimtelijke plannen/anterieure overeenkomsten Totaal reserves
940 1.049 1.859 219 198 828 4.111 204 325 170 1.466 120 296 1.400 770 18.287
940 1.049 1.801 213 198 828 3.928 204 325 607 1.479 120 143 1.155 770 17.868
940 1.049 1.734 206 198 828 3.725 203 332 607 1.484 120 72 1.155 770 16.987
940 1.049 1.668 200 198 828 3.524 201 348 607 1.491 120 0 1.155 770 16.594
940 1.049 1.602 194 198 828 3.325 200 367 607 1.498 120 0 1.155 770 16.347
28 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
Investeringen Voor het onderdeel investeringen en kredieten zijn geen afwijkingen te vermelden. Uitzondering hierop vormt het krediet Rechterstraat. Een toelichting hierop is opgenomen in het programma Leefomgeving - verkeersmaatregelen.
29 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
Voortgang taakstellingen Inleiding De financiële uitdagingen in het sociale domein zijn groot. Daarom zijn in 2019 en 2020 bezuinigingstaakstellingen opgenomen in de meerjarenbegroting voor 2021 en verder. De maatregelen die we hiervoor hebben genomen zijn in uitvoering en hieronder geven we een toelichting per deelterrein. Algemeen beeld is dat de uitvoering van de maatregelen loopt, maar we op dit moment dit nog onvoldoende kunnen vertalen naar financieel resultaat. Belangrijke reden hiervoor is de regionale inkoopsystematiek van lumpsum. Met ingang van volgend jaar – waarin we overgaan naar een systeem van betalen voor daadwerkelijk geleverde zorg (P*Q) en de implementatie van het regiesysteem - komt dat inzicht er wel. Jeugdhulp De voortgang van de inhoudelijke maatregelen jeugdhulp loopt conform planning. We sturen met deze maatregelen op een afname van cliënten in specialistische jeugdhulp in 2021 voor Boxtel. We zien in de eerste maanden van 2021 een lichte afname van cliënten in jeugdzorg. We werken binnen de regio met een lumpsum financiering en daarom is het niet mogelijk om de voorgang van de financiële effecten aan te geven gedurende het jaar. Het regionale budgettaire kader jeugdhulp stijgt in 2021 vanwege autonome ontwikkelingen. Dit heeft ook effect op de inleg van Boxtel.
Participatie De beschikbare dividendmiddelen zijn ingezet voor de overrealisatie van trajecten met loonkostensubsidie. De afrekening over 2020 hebben we ontvangen en dat bedrag was lager dan de ingeboekte bezuiniging. Dat betekent dat we meer dividend overhouden voor de inkoop van andere trajecten. Vanaf 2021 neemt WSD de kosten van overrealisatie voor eigen rekening waardoor nog meer dividend overblijft dan voorzien. Voor meer participatiemiddelen hoeven we dan geen extra budget te vragen aan de raad. De andere twee maatregelen die opgenomen zijn, geven aan dat de inzet van meer uren sociale recherche en het toepassen van de werkmethode conform MijnWerkDichtbij (voorheen heette dit AanZet) ook hun vruchten afwerpt. Het aantal uitkeringen dat beëindigd kan worden na extra inzet van de sociale recherche is gebaseerd op 1 in 2020 en 2 in 2021. We verwachten dat het aantal beëindigde uitkeringen hoger uitpakt. Voor de resultaten van MijnWerkDichtbij is gekeken naar de in- en uitstroom in de periode 1-1-2020 tot 1-11-2020 (startdatum van MijnWerkDichtbij) en vanaf 1-11-2020 tot 1-5-2021. Dan blijkt dat vóór 1-112020 de in- en uitstroom nagenoeg gelijk is. Daarna is duidelijk sprake van meer uitstroom dan instroom in de uitkering. Wij rekenen dit toe aan MijnWerkDichtbij.
Het verlagen van begeleidingskosten is volgens WSD niet mogelijk omdat de vergoeding nu al niet geheel kostendekkend is. Echter neemt de WSD vanaf 1-1-2021 de kosten van overrealisatie voor haar rekening. In feite komt dit neer op een lager gemiddeld bedrag voor begeleidingskosten over het totaal aantal aangemelde klanten voor een traject met begeleidingskosten. Over de administratieve lastenverlichting zijn we in gesprek met WSD. Wmo De voortgang en uitvoering van de inhoudelijke maatregelen Wmo loopt conform planning. We sturen met deze maatregelen op een afname van het aantal cliënten en een afname van de toekenning van uren en dagdelen door meer te verwijzen naar het eigen sociale netwerk en het voorliggend veld. We zien de eerste resultaten van het zakelijker indiceren en meer inzet van het voorliggend veld al terug in de aantallen die dalen of gelijk blijven terwijl we te maken hebben met een autonome groei door vergrijzing en toenemende zorgvraag die zich structureel zal voortzetten. 30 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
1. Powerful Ageing De interventie Powerful Ageing is ingezet om een besparing te realiseren op Hulp bij het Huishouden. Door de lockdown vanwege Corona is de interventie nog niet gestart. Dit heeft consequenties voor de beoogde besparing voor 2021, later in het jaar is hier meer duidelijkheid over. 2. Routekaart zakelijk indiceren is gereed Deze routekaart geeft aan hoe collega's gericht kunnen inzetten op het Voorliggend Veld, doorverwijzing naar WLZ en ZvW en gerichte inzet van de Participatiewet (werken en leren/OAD trajecten). Tevens worden richtlijnen gegeven per product/dienst waarbinnen uren en dagdelen kunnen worden ingezet. Door periodieke intervisies, dit mee te nemen als vast onderwerp bij teamoverleggen en het bespreken van voorbeeld casussen wordt de inzet van deze kaart en het borgen van de resultaten gestimuleerd. Met ingang van 1 juni wordt de kaart en het gebruik ervan geïntroduceerd. 3. Kwaliteit van de indicatie Door inzet van de training SMART indiceren voor de Wmo collega's, is focus aangebracht op de juiste manier van indiceren op alleen datgene wat écht nodig is. Maar ook om te werken vanuit de zelfregie / het sociale netwerk van de inwoner in combinatie met het stellen van een beperkt aantal concrete, meetbare en haalbare doelen.
Dit draagt bij aan het (her)indiceren voor wat écht nodig is/kan vanuit de Wmo wetgeving, het nee durven zeggen waar relevant en het gericht inzetten van het voorliggend veld. Samen met de focus op zakelijk indiceren resulteert dit in het zo effectief mogelijk inzetten van de middelen.
31 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
Overige ontwikkelingen Rechtmatigheidsverantwoording college Door de wijziging in de financiële verhoudingswet verschuift de verantwoording over het toetsen en rapporteren over financiële rechtmatigheid met ingang van het boekjaar 2021 van accountant naar college. De verwachting is dat halverwege 2021 deze wetswijziging wordt ingevoerd. Een plan van aanpak voor de implementatie is opgesteld. Dit plan van aanpak is in januari '21 goedgekeurd door de directie. Deze verantwoordelijkheid is niet nieuw, het college is en blijft verantwoordelijk voor het vermijden van getrouw- en rechtmatigheidsfouten en het optimaliseren van de bedrijfsprocessen om dit te voorkomen. Er zijn al verbijzonderde interne controles ingericht voor het onafhankelijk toetsen van rechtmatigheid. De accountant maakt daar gebruik van bij het controleren van de jaarrekening. Na de wetswijziging zullen de verbijzonderde interne controles de basis zijn voor het zelfstandig toetsen en rapporteren over financiële rechtmatigheid. Zodra de nieuwe wet van kracht is zal de raad naast de tolerantiegrens voor de jaarrekening ook een tolerantiegrens vaststellen voor de rechtmatigheidsverantwoording door het college. De raad kan bij het behandelen van de jaarrekening met het college in gesprek gaan over de bevindingen die de tolerantiegrens van rechtmatigheid overschrijden.
32 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
Risicoparagraaf Jeugdzorg Vanaf 2022 gaat de huidige opzet en werking van regionaal ingekochte specialistische jeugdzorg veranderen. Hierover is uw gemeenteraad geïnformeerd met o.a. raadsinformatiebrieven. Op hoofdlijnen betekent dit dat de regionale inkooporganisatie de taak op zich neemt voor inkoop- en contractmanagement. De gemeenten verzorgen dan lokaal de toewijzing, begeleiding & monitoring en de factuurafwikkeling. Tegelijkertijd wordt overgegaan op een andere inkoopsystematiek van lumpsum naar PxQ. De taken met betrekking tot zware zorg met verblijf blijven regionaal georganiseerd. Daarnaast is sprake van een aantal landelijke ontwikkelingen:
Invoering woonplaatsbeginsel wijziging objectieve verdeelmodel in het gemeentefonds beleid van het nieuwe kabinet met betrekking tot financiering jeugdzorg
Tot en met 2021 vindt de inleg in de begroting van regionale inkoop per gemeente plaats op basis van verbruik. Gevolg van de regionale en landelijke ontwikkelingen in 2022 is dat de financiële effecten voor de individuele gemeenten op dit moment nog niet in te schatten zijn. De begroting van de regionale inkooporganisatie is alleen op totaalniveau beschikbaar voor de periode 2021-2023. Bij ongewijzigde omstandigheden betekent dit een toename op van het risico op toename kosten jeugdzorg van indicatief € 364.000 in 2023. Voor het financiële effect van 2022 is in deze bestuursrapportage uitgegaan van ongewijzigde omstandigheden ten opzichte van 2021.
33 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
Bijlage 1: Circulaire gemeentefonds Meicirculaire gemeentefonds 2021 Op 31 mei is de meicirculaire gepubliceerd. Deze circulaire bevat opnieuw informatie over de compensatie van de financiële gevolgen van de coronacrisis. Daarnaast gaat de circulaire in op de verdeling van de middelen die het kabinet voor het jaar 2021 beschikbaar heeft gesteld voor acute problematiek in de jeugdzorg. Samenvattend Zoals gemeld in de meicirculaire 2020 zijn de accressen voor de jaren 2020 en 2021 in overleg met de VNG en het IPO bevroren. De accrestranches voor die jaren wijzigen om die reden niet. In deze circulaire is de nieuwe accresraming opgenomen voor het jaar 2022 en verder, berekend conform de huidige normeringssystematiek. Voor het jaar 2022 is sprake van een neerwaartse bijstelling van het accres als gevolg van een lagere loon- en prijsontwikkeling dan eerder verwacht. Verder informeert de circulaire over de definitieve afrekening van de ruimte onder het plafond van het BTW-compensatiefonds (BCF) over 2020. Ten opzichte van de septembercirculaire 2020 is sprake van een opwaartse bijstelling van € 96 miljoen. Daarnaast bevat de circulaire informatie over de verdeling van de € 613 miljoen die het kabinet voor het jaar 2021 beschikbaar heeft gesteld voor acute problematiek in de jeugdzorg.
Ontwikkeling accres en uitkeringsfactor De ontwikkeling van de omvang van het gemeentefonds exclusief taakmutaties is afhankelijk van de ontwikkeling van een bepaalde omvang van de rijksbegroting. Vanaf 2022 gaat deze normeringsmethodiek weer gelden. Dit betreft de ontwikkeling van het accres. Vanwege de geactualiseerde (neerwaarts bijgestelde) loon- en prijsontwikkelingen stijgen de uitgaven van het Rijk minder hard en dat werkt door in een lager accres in 2022 tot en met 2025. Vanaf 2023 stijgt de volumecomponent van de rijksuitgaven minder hard. Een belangrijke factor hierbij is lagere verwachte rentelasten in deze jaren als gevolg van lagere rentestanden. Ook andere ontwikkelingen in latere jaren, zoals lagere EU-afdrachten als gevolg van het vorig jaar afgesloten Europees Meerjarig Financieel Kader, zorgen voor een lagere volumegroei. Deze factoren dragen bij aan de neerwaartse bijstelling van het accres in 2023-2025. Ondanks een wat lager accres stijgt wel de uitkeringsfactor ten opzichte van de septembercirculaire. Dit heeft vooral te maken met een lagere landelijke raming van het aantal bijstandsontvangers. Aanpak problematiek jeugdzorg Bij voorjaarsnota heeft het kabinet voor het jaar 2021 € 613 miljoen beschikbaar gesteld voor acute problematiek in de jeugdzorg.
Van dit bedrag wordt € 493 miljoen via de algemene uitkering beschikbaar gesteld en bestaat uit drie onderdelen, te weten - vormgeven consultatiefunctie ggz, wachtlijsten bij lichtere jeugdhulpproblematiek tegen te gaan en om verdringing van andere uitgaven bij gemeenten tegen te gaan. - uitbreiden aantal Praktijk Ondersteuners Huisartsenzorg (POH) voor de jeugd uit te breiden. - extra inzet en regie voeren op het voorkomen en aanpakken van wachttijden van (regionaal) ingekochte specialistische jeugdzorg op basis van goede data, zodat kwetsbare kinderen de hulp krijgen die ze nodig hebben. De rest ad € 120 miljoen wordt via specifieke uitkeringen beschikbaar gesteld. 34 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
Compensatieregeling Voogdij/18+ In de decembercirculaire 2020 is aan 43 gemeenten compensatie toegekend (op basis van de compensatieregeling voogdij en 18+ (2021)), omdat het budget voor voogdij en 18+ dat zij in 2021 ontvangen niet aansluit bij de kosten die zij (in 2019) hebben gemaakt. De totale omvang van de toegekende compensatie was lager dan de € 30 miljoen die hiervoor binnen de integratie-uitkering Voogdij/18+ was gereserveerd. Het resterende deel (€ 6,38 miljoen) wordt nu nog verdeeld over alle gemeenten. Rijksvaccinatieprogramma meningokokken Met ingang van 1 januari 2021 is de uitvoering van de vaccinatie tegen meningokokken overgedragen aan de gemeenten. De daarmee gemoeide middelen worden toegevoegd aan de reeds eerder overgehevelde middelen voor de uitvoering van het rijksvaccinatieprogramma. Versterking gemeentelijke anti-discriminatievoorziening Discriminatie is een diepgeworteld en structureel probleem van de samenleving. In haar reactie op het rapport Ongekend onrecht van de Parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag10 heeft het kabinet aangekondigd structurele middelen vrij te maken voor de aanpak van discriminatie, waaronder de versterking van de antidiscriminatievoorzieningen. Verrekening Voogdij/18+ Door het gebruik van actuele gegevens neemt de integratie-uitkering Voogdij/18+ vanaf uitkeringsjaar 2022 met structureel € 22 miljoen toe.
Een deel van dit extra budget wordt zoals gebruikelijk onttrokken aan de algemene uitkering, subcluster Jeugdhulp. Prenataal huisbezoek door jeugdgezondheidszorg Vanaf 2022 zijn middelen aan de algemene uitkering toegevoegd voor de uitvoering van het wetsvoorstel ‘Prenataal huisbezoek door de jeugdgezondheidszorg (PHB JGZ)’. Naar verwachting treedt het wetsvoorstel op 1 januari 2022 in werking. Om een gezonde ontwikkeling van het ongeboren kind te bevorderen en het ontstaan van gezondheids- en ontwikkelingsrisico’s voor het kind te beperken, is het van belang tijdig hulp en ondersteuning tijdens de zwangerschap te bieden. Met dit wetsvoorstel krijgen gemeenten de taak een prenataal huisbezoek aan te bieden aan zwangere vrouwen en/of hun gezinnen in een kwetsbare situatie in hun gemeente. De gemeente moet deze taak op grond van de wet opdragen aan dezelfde organisatie die voor de gemeente de JGZ uitvoert. Wet Open Overheid (structureel en incidenteel) Op 26 januari 2021 heeft de Tweede Kamer de (Wijzigingswet) Wet open overheid (Woo) aangenomen. Het betreft een initiatiefwet uit de Tweede Kamer die beoogt de gehele overheid transparanter en toegankelijker te maken.
Met dit wetsvoorstel geven de initiatiefnemers zowel de actieve als de passieve openbaarmaking van overheidsinformatie een nieuwe basis, verankeren zij het recht op toegang tot informatie wettelijk en beogen zij de informatievoorziening en informatiehuishouding van het Rijk en decentrale overheden te verbeteren. De Eerste Kamer dient nog een besluit te nemen over de Woo. Bij instemming van de Eerste Kamer zal de wet een halfjaar later in werking treden. Dit zal waarschijnlijk in het eerste kwartaal van 2022 zijn. De huidige Wet openbaarheid van bestuur (Wob) wordt ingetrokken bij de inwerkingtreding van de Woo.
35 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
Decentralisatie uitkering Maatschappelijke begeleiding en invoering Wet Inburgering Conform artikel 18 van de Wet inburgering voorziet het college van burgemeesters en wethouders in de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en hun gezinsleden. Gemeenten ontvangen hiervoor in 2021 in totaal (afgerond) € 20,83 miljoen (8.789 personen * € 2.370). De middelen worden verstrekt op basis van het aantal inburgeringsplichtigen. De inwerkingtreding van de nieuwe Inburgeringswet is met een half jaar uitgesteld tot 1 januari 2022. De reeds verstrekte compensatie over 2021 voor uitvoeringskosten in de IU Inburgering ad € 27 miljoen wordt teruggedraaid. 5e Coronacompensatiepakket Via deze circulaire wordt het 5e compensatiepakket corona beschikbaar gesteld en deels aangekondigd: o Lokale cultuur en buurt- en clubhuizen o Regionale en lokale cultuur o Afrekening inkomstenderving 2020 o Meerkosten WMO en Jeugdwet. Via de september- of decembercirculaire later dit jaar worden deze middelen definitief toegekend. De volgende budgetten zijn nu beschikbaar gesteld: Decentralisatie uitkering Heroriëntatie zelfstandigen Bij de aankondiging van het tweede steun- en herstelpakket is aangegeven dat gemeenten vanaf 1 januari 2021 ondersteuning bieden aan zelfstandig ondernemers die zich willen heroriënteren. Het bedrag wordt over alle gemeenten verdeeld.
De verdeelsleutel is identiek aan die wordt gebruikt voor de Tozo-voorschotten, namelijk naar rato van het aantal zelfstandig ondernemers in de gemeente. Decentralisatie uitkering Jeugd aan zet Op verzoek van het Veiligheidsberaad (werkgroep jongeren) is het gemeentelijk programma Jeugd aan Zet in Crisistijd, na de zomereditie, verlengd met een wintereditie. De middelen voor de zomereditie zijn reeds verwerkt in de decembercirculaire 2020, paragraaf 3.2-10. Deze circulaire bevat de middelen voor de wintereditie. Het programma beoogt jongeren te ondersteunen die geraakt worden door de effecten van de coronacrisis. IU Voogdij/18+ woonplaatsbeginsel Vanaf 2022 gaan we over naar een nieuw woonplaatsbeginsel: de voogdijregeling wordt afgeschaft en de gemeente wordt verantwoordelijk voor de kinderen die uit de eigen gemeente ter behandeling worden doorgezonden. Dit betekent dat gemeenten die nu een hiervoor een centrumfunctie hebben, middelen inleveren ten gunste van de omliggende gemeenten. De lagere bijdrage uit het gemeentefonds moet dan gecompenseerd worden door minder kosten omdat deze dan voor rekening gaan komen van de eigen gemeente. Gevolg hiervan is dat voor onze gemeente in 2022 de uitkering hiervoor verlaagd wordt. Ook het budget wordt in deze omvang verlaagd. Het is een risico of deze budgetverlaging ook uiteindelijk op deze wijze kan worden gerealiseerd.
Herijking gemeentefonds De fondsbeheerders hebben op 2 februari 2021 de voorlopige resultaten van het nieuwe verdeelstelsel bekend gemaakt. 200 gemeenten gingen er vooruit, 150 gemeenten op achteruit. Tegelijk is de Raad voor het Openbaar Bestuur om advies gevraagd. Die heeft 26 maart 2021 een tussenbericht met kritische vragen en opmerkingen uitgebracht. Het ging onder andere over de uitlegbaarheid van de herverdeeleffecten, met name in het sociaal domein. Dat was voor de fondsbeheerders aanleiding het voorstel opnieuw te bezien. 36 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
Na ontvangst en weging van het definitieve advies van de ROB start de VNG-consultatie bij gemeenten. Een nieuw kabinet zal een besluit moeten nemen over het nieuwe verdeelstelsel. Inwerkingtreding is voorzien per 1-1-2023. De publicatie van definitieve resultaten is uiterlijk in de meicirculaire 2022. Financieel effect De doorrekening van de meicirculaire voor Boxtel leidt hiermee tot het navolgende resultaat. Ook de effecten vanuit de decembercirculaire 2020 en de tussentijdse maartcirculaire 2021 zijn hierbij meegenomen omdat deze nu ook in de begroting worden verwerkt. Meicirculaire 2021 (bedragen x € 1.000) berekend op basis van septembercirculaire 2020 + Esch (2020: jr) berekend op basis van meicirculaire 2021
2020
2021
2022
2023
2024
2025
58.178,4 58.208,0
59.944,1 62.242,8
60.364,2 57.371,9
60.232,8 57.155,8
60.801,5 57.655,2
61.471,5 58.321,1
29,6
2.298,7
-2.992,3
-3.077,0
-3.146,3
-3.150,4
3,1
-0,3
-0,3
-0,1
-0,2
14,7 -1,6
14,7 -1,7
14,7 -1,7
14,7 -1,7
610,2 -213,6
640,0 -427,8
644,9 -61,5
606,8 -667,9
7,2 13,4 -14,9 8,9
7,3 13,6 -15,1 9,0
7,5 13,9 -15,4 9,2
7,6 14,2 -15,8 9,4
verschil te verklaren Decembercirculaire 2020: uitkeringsfactor + bedrag per eenheid Compensatiepakket corona 3, decembercirculaire DU Cultuurmiddelen DU Extra kosten Tweede Kamerverkiezing Aanvullend pakket re-integratiekosten Impuls re-integratie 2021 Gemeentelijk schuldenbeleid Bijzondere bijstand Overige ontwikkelingen
105,3 44,6 62,4 33,3 41,9 14,4
Actualisatie suppletie-uitkering overheveling IUSD (december) Integratie-uitkering Inburgering (december) Maartcirculaire 2021: Compensatiepakket corona 4, maartcirculaire
14,7 -0,7
Perspectief jeugd en jongeren 2020 + 2021 Jongerenwerk Mentale ondersteuning 2021 Activiteiten en ontmoetingen Bijzondere bijstand (TONK) 2021 Afvalverwerking Bestrijden eenzaamheid ouderen 2021 Extra begeleiding kwetsbare groepen Mutaties voorschoolse voorziening peuters Meicirculaire 2021:
29,9
Overige ontwikkelingen uitkeringsfactor en uitkeringsbasis Accresontwikkeling in mei 2021, ujr 2022 t/m 2026 Afrekening BCF plafond 2020 Aanpak problematiek jeugdzorg: verdringing en lichte jeugdzorgprobl. Aanpak problematiek jeugdzorg: POH Jeugd GGZ Aanpak problematiek jeugdzorg: wachttijden specialistische jeugdzorg Compensatieregeling Voogdij 18+ Rijksvaccinatieprogramma meningokokken Versterking gemeentelijke antidiscriminatievoorziening Verrekening Voogdij 18+ Prenataal huisbezoek door jeugdgezondheidszorg
29,1 20,8 17,5 12,1 92,4 51,5 77,5 72,7 8,4
464,6 161,7 437,0 19,2 383,3 12,2 7,0 13,1
37 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021
Meicirculaire 2021 (bedragen x € 1.000)
2020
Wet Open Overheid (structureel) Wet Open Overheid (incidenteel) aantallen en eenheden, waarde WOZ DU maatschappelijke begeleiding Compensatiepakket corona 5, meicirculaire
2022
2023
2024
2025
51,1 60,5 85,7
64,7 61,4 198,2
78,7 62,4 -278,0
93,5 63,7 368,4
-1,5 129,9 89,0
1,8 26,5 154,7 -3.800,1 3,4
1,8 17,8 136,0 -3.800,1 3,4
1,8 13,9 160,2 -3.800,1 3,4
1,8 9,5 142,3 -3.800,1 3,4
29,6
2.298,7
-2.992,3
-3.077,0
-3.146,3
-3.150,4
25,8
17,1
13,2
8,8
29,9
301,8 -2,2 381,9
7,2 13,4 8,9 51,1 60,5 1,8 154,7 -3.800,1 3,4
7,3 13,6 9,0 64,7 61,4 1,8 136,0 -3.800,1 3,4
7,5 13,9 9,2 78,7 62,4 1,8 160,2 -3.800,1 3,4
7,6 14,2 9,4 93,5 63,7 1,8 142,3 -3.800,1 3,4
481,0
408,6
303,5
305,0
-0,3
Indicatief bedrag Lokale culturele voorzieningen: 89,4k Indicatief bedrag buurt- en dorpshuizen: 15k DU heroriëntatie zelfstandigen (corona) DU jeugd aan zet (corona) DU armoedebestrijding kinderen IU inburgering IU participatie IU voogdij/18+ DU voorschoolse opvang
2021
-189,9 49,8 0,0 0,0 12,4 10,0
totaal mutaties af te oormerken voor: inzet voor dekking coronagevolgen pakket 3 december Integratie-uitkering Inburgering (december en mei) inzet voor dekking coronagevolgen pakket 4 maart Aanpak problematiek jeugdzorg: verdringing en lichte jeugdzorgproblematiek Aanpak problematiek jeugdzorg: POH Jeugd GGZ Aanpak problematiek jeugdzorg: wachttijden specialistische jeugdzorg DU maatschappelijke begeleiding inzet voor dekking coronagevolgen pakket 5 mei Rijksvaccinatieprogramma meningokokken Versterking gemeentelijke antidiscriminatievoorziening Prenataal huisbezoek door jeugdgezondheidszorg Wet Open Overheid (structureel) Wet Open Overheid (incidenteel) DU armoedebestrijding kinderen IU participatie IU voogdij/18+ DU voorschoolse opvang
437,0 19,2 383,3 49,8 22,4 7,0 13,1
129,9
netto effect
-0,3
554,4
38 __________________________________________________________________________________________ ___ Eerste Bestuursrapportage 2021