CConstaterende datboxtel
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen behorend bij RV Zonneparken

Raadsvergadering Boxtel 16 december 2025, gemeente boxtelBij agendapunt: Nieuw bindend advies zonnepark De Vorst2.319 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen behorend bij raadsvoorstellen zonneparken - Raadsvergadering 16 december 2025 Ingediend door: BALANS

Vraag

Antwoord AKD

Geachte mr. ,

Naar aanleiding van het advies over de zonneparken in Boxtel heeft de heer Roubos aanvullende vragen gesteld aan AKD N.V. Hieronder treft u de antwoorden van AKD N.V. aan

Naar aanleiding van uw memo heeft de gemeente een extra raadsvergadering belegd. Deze staat gepland voor aanstaande dinsdag 16 december. De stukken, inclusief de raadsvoorstellen, zijn gisteravond gepubliceerd. In het kader van een goede voorbereiding op deze vergadering hebben wij onderstaande mail met vragen voor u opgesteld. Wij verzoeken u vriendelijk deze zo spoedig mogelijk inhoudelijk te beantwoorden, gezien de korte termijn waarbinnen de raad een beslissing dient te nemen. In uw memo gaat u bij de behandeling van de Beerze en de Ontginningsweg gedetailleerd in op de motivering die is gegeven bij het uitgebrachte negatief bindend advies. U neemt zelfs letterlijk de motiveringsteksten uit de amendementen op. Dit doet u echter niet bij de Vorst. Wij willen u daarom vragen de motivering voor de Vorst eveneens inhoudelijk te beantwoorden. Wij zijn namelijk van mening dat de motivering zoals die voor de Vorst is gegeven een deugdelijke onderbouwing bevat in de zin van artikel 3:46 Awb, mede gelet op artikel 3:49 Awb. Met de huidige motivering in het amendement voor de Vorst wordt hier volledig aan voldaan; er wordt immers een directe verwijzing gemaakt naar het advies van de provincie.

Bent u, net als wij, van mening dat de provinciale adviezen die zijn afgegeven voor de zonneparken De Beerze, De Vorst en de Ontginningsweg nog onverminderd van kracht zijn? Dit mede gelet op het feit dat de provincie geen zienswijze heeft ingediend voor deze zonneparken, aangezien de conceptvergunningen alle zijn gebaseerd op een weigering, conform het advies van de provincie. Voor zonnepark Esschebaan - Renbaan heeft de provincie wél een zienswijze ingediend, omdat de conceptvergunning daar is gebaseerd op het verlenen van de vergunning, waarmee de provincie zich niet kan verenigen. De provincie houdt daar, evenals in de eerder uitgebrachte adviezen, vast aan haar standpunt dat de vergunningen verplicht moeten worden geweigerd. Zou het, gelet op deze adviezen en de zienswijze van de provincie, niet zo moeten zijn dat het college zelfstandig verplicht is al deze vergunningen te weigeren? Indien uw antwoord op deze vraag ‘nee’ is, verzoeken wij u per

Hieronder geef ik antwoord op de door u gestelde vragen. Voordat ik op uw vragen zal ingaan, hecht ik eraan te verduidelijken dat het memo van AKD van 26 november 2025 uitsluitend betrekking heeft op de beoordeling die wij hebben verricht. Wij hebben gekeken naar de motivering die door uw raad is gegeven bij de negatieve adviezen van 27 mei 2025 (zonnepark De Vorst) en 16 september 2025 (zonneparken De Beerze en Ontginningsweg). Wij verwachten dat deze motivering de toets der kritiek van de bestuursrechter niet zal kunnen doorstaan. Ik wil aan u meegeven dat dit onze beoordeling – als onafhankelijke deskundige in het zonneparkendossier – is geweest, en dat het u uiteraard vrij staat om hier anders over te denken. •

Over zonnepark De Vorst. In het memo is wel degelijk ingegaan op de motivering van uw raad over zonnepark De Vorst. Onder randnummers 3.1 en 3.2 hebben wij toegelicht waarom wij verwachten dat de motivering van de raad bij zijn negatief advies over dit zonnepark de toets der kritiek van de bestuursrechter niet kan doorstaan. Het klopt dat in het amendement is verwezen naar de zienswijze van de provincie. Die enkele verwijzing is volgens ons echter niet voldoende voor een dragende motivering voor een negatief advies. Dat heeft twee redenen. Allereerst is van belang dat uit het amendement niet (eenduidig) volgt welk deel van de provinciale zienswijze leidt tot het standpunt van uw raad dat geen omgevingsvergunning kan worden verleend. In het amendement is niet genoemd welke provinciale instructieregel volgens de raad in de weg zou staan aan het verlenen van een omgevingsvergunning voor zonnepark De Vorst. Hiernaast is van belang dat het niet aan gedeputeerde staten van Noord-Brabant, maar aan uw raad is om te beoordelen of, en zo ja waarom, de instructieregels uit de Omgevingsverordening Noord-Brabant in de weg staan aan de het verlenen van een omgevingsvergunning. Gelet op de artikelen 16.15a en 16.15b van de Omgevingswet en 4.21 van het Omgevingsbesluit dient uw raad – en dus niet de provincie – te

Technische vragen behorend bij raadsvoorstellen zonneparken - Raadsvergadering 16 december 2025 zonnepark toe te lichten waarom dit volgens u niet het geval is. Naar onze mening staat een provinciaal advies dat is uitgebracht (op basis van de wet artikel 1.2 Ow) nog altijd boven hetgeen binnen een gemeente wordt overwogen en besloten, zeker nu de provincie voor deze zonneparken een adviserende bevoegdheid heeft vervuld. Dit zou dan ook tot gevolg kunnen hebben dat wij als raad géén nieuw advies of aanvullende motivering hoeven uit te brengen. Wij vragen ons af of u het met ons eens bent dat u in uw memo ook het zonnepark Esschebaan–Renbaan had moeten behandelen. Dit is immers het vierde zonnepark dat voortkomt uit dezelfde tender en daarmee een gelijke behandeling verdient. Door dit park uit te sluiten van uw beoordeling, wordt het niet opnieuw ter advisering aan de raad voorgelegd. Dit raakt naar onze mening aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur (Abbb), in het bijzonder het fair-playbeginsel zoals bedoeld in artikel 2:4 Awb. Wij verzoeken u daarom deze beoordeling alsnog uit te voeren. Gelet op deze bepalingen zijn wij tevens benieuwd naar de reden waarom u voor De Vorst adviseert het bindend advies volledig over te doen, terwijl u voor De Beerze en de Ontginningsweg adviseert de motivering nader aan te vullen.

Naar onze mening is dit onderscheid in strijd met de hierboven genoemde beginselen. Bovendien kunnen wij uit uw memo niet opmaken waarom u tot dit onderscheid komt. U beschrijft immers voor alle drie de zonneparken dezelfde motiveringsgebreken en concludeert ook voor alle drie dat de huidige motivering de toets van de bestuursrechter niet zal kunnen doorstaan. Dit benadrukt u bovendien in met de vetgedrukte passage: “Wij zijn er niet van overtuigd dat de adviezen van de raad over de zonneparken De Vorst, De Beerze en de Ontginningsweg voldoende deugdelijk zijn gemotiveerd.” Dit vormt tevens de managementsamenvatting bovenaan uw memo, waarin dit ook nog eens wordt benadrukt. Zou uw advies voor alle zonneparken dan ook niet gelijk moeten zijn? Namelijk, aanvullend motiveren, opnieuw adviseren of weigeren? Daarbij merken wij op dat, indien het advies wordt aangepast, opnieuw een inzageperiode in werking zou moeten treden aangezien de huidige zienswijzen zijn ingediend op basis van een voorgenomen ‘weigering’. Hierdoor hebben diverse stakeholders nu geen zienswijze ingediend, terwijl zij dat bij een ‘weigering’ naar grote waarschijnlijkheid wel zouden hebben gedaan. En ondanks dat we begrijpen dat deze laatste stelling een speculatie betreft zijn wij wel sterk van mening dat, om

beoordelen of aan de beoordelingsregels voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit is voldaan. Dat geldt ook voor de provinciale instructieregels die deel uitmaken van de beoordelingsregels voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (op grond van artikel 8.0b van het Besluit kwaliteit leefomgeving). •

Rol provinciale adviezen. Het klopt volgens mij niet dat een zienswijze van de provincie zou moeten leiden tot een weigering van een omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Voor een omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit zijn gedeputeerde staten namelijk niet wettelijk aangewezen als adviseur. Ook is voor het verlenen of weigeren van een omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit geen instemming vereist van gedeputeerde staten. Gelet op de artikelen 16.15a en 16.15b van de Omgevingswet en 4.21 van het Omgevingsbesluit is het aan uw raad om te beoordelen of aan de provinciale instructieregels is voldaan. Hoewel uw raad daarbij de ingekomen zienswijzen – waaronder de zienswijzen van de provincie – dient te betrekken, is er geen rechtsregel die ertoe verplicht dat aan een zienswijze van de provincie een doorslaggevende betekenis zou moeten worden toegekend (zie hierover rechtsoverweging 10.1 van de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van 3 september 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4218). Dat volgt ook niet uit artikel 1.2 van de Omgevingswet.

•

Over zonnepark Esschebaan-Renbaan. Ik kan volgen waarom alleen is gevraagd om een beoordeling uit te voeren ten aanzien van de adviezen van uw raad over de zonneparken De Vorst, De Beerze en Ontginningsweg. Bij het opvolgen van deze adviezen is sprake van een aansprakelijkheidsrisico, omdat bij het opvolgen van deze adviezen sprake kan zijn van onrechtmatige weigeringsbesluiten. Bij het opvolgen van het advies over het zonnepark EsschebaanRenbaan is geen sprake van een aansprakelijkheidsrisico, omdat het opvolgen van dit advies enkel kan leiden tot een besluit tot het verlenen van een omgevingsvergunning. Als dat besluit onrechtmatig zou blijken als gevolg van een vernietiging door de bestuursrechter, dan kan die onrechtmatigheid in de regel niet leiden tot schade voor

Technische vragen behorend bij raadsvoorstellen zonneparken - Raadsvergadering 16 december 2025 die rede alleen al, een nieuwe inzageperiode verplicht moet zijn, immers de kans wordt ontnemen waanneer dit niet het geval is. Alles samenvattend lijkt u feitelijk te concluderen dat het voortzetten van deze ‘strijd’ zinloos is en zinspeelt u, evenals het college in haar voorstellen, op een gang naar de rechter. Wij leiden hieruit af dat uw memo voornamelijk de gestelde vraag, of er een kans bestaat op een schadeclaim en hoe deze kan worden voorkomen, volledig beantwoordt, maar dat het niet wezenlijk bijdraagt aan de inhoudelijke behandeling van deze uitgebreide BOPA-procedures. Zoals u bekend is, lopen deze procedures reeds geruime tijd en bevinden zij zich in de eindfase. De gemeente zou in deze periode juist tot een definitief besluit moeten komen, in plaats van deze zonneparken opnieuw ter discussie te stellen en we vragen ons dan ook sterk af of dat wel wettelijk is toegestaan. De adviesrol voor de raad is immers al uitgeput gezien wij deze al in hebben moeten zetten in een vroegtijdig stadium van het proces. Dit geheel volgens de door het college opgestelde tijdlijn voor het volgen van deze uitgebreide BOPA-procedure, waarbij wij gevraagd zijn voorafgaand aan de inzageperiode een bindend advies uit te brengen.

Aangezien wij, en vele andere, een gang naar de rechter willen voorkomen, maar dit gezien de voorstellen van het college en de ondersteuning die zij daarin ontlenen aan uw memo, momenteel de enige voorliggende route lijkt te zijn, willen wij een dringend beroep op u doen uw juridisch advies te herzien. Dit verzoek doen wij mede gelet op de eerder genoemde bepalingen én de nuchtere vraag of het college überhaupt wel mag inzetten op een gang naar de rechter, zoals in de nu voorliggende raadsvoorstellen herhaaldelijk wordt gesuggereerd. Daarnaast zal dit voor alle betrokken partijen de nodige rust brengen en bovendien veel onnodige energie, tijd en (gemeenschaps)geld besparen. Tot slot willen wij u vragen de raadsvoorstellen te beoordelen. Naar onze mening bevatten deze voorstellen misleidende elementen. Dit betreft niet alleen de verwijzingen naar een mogelijke gang naar de rechter, maar ook passages die wij als ‘bangmakerij’ beschouwen. Hiermee doelen wij op de verwijzingen naar een vermeende claim in Lochem. In het raadsvoorstel wordt gesproken over ‘een vergelijkbare zaak’, terwijl niet is aangetoond dat hier sprake van is, wij zien namelijk juist grote verschillen. Bovendien is er nog geen uitspraak gedaan, waardoor de zaak niet relevant is maar wél bijdraagt aan het creëren van angst en druk op het proces. Raadsleden kunnen hier gevoelig voor zijn of het

derden (zoals de initiatiefnemer van het zonnepark). Er kan immers geen sprake zijn van schade die in een causaal verband staat met het onrechtmatig verlenen van een omgevingsvergunning. •

Advies AKD. Wij hebben ons advies opgenomen onder randnummer 4.1 tot en met 4.3 van het memo. Dit advies is voor de zonneparken De Vorst, De Beerze en Ontginningsweg hetzelfde. Wij adviseren om uw raad voor alle drie de zonneparken een reparatiebesluit te nemen, waarin uw raad alsnog gemotiveerd toelicht welke standpunten en argumenten voor uw raad – gelet op de betrokken belangen en de beoordelingsregels voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit – doorslaggevend zijn voor het oordeel dat een omgevingsvergunning moet worden geweigerd of verleend. In de kern genomen betekent dit dat wij voor alle drie de zonneparken adviseren dat uw raad opnieuw een advies afgeeft.

•

Herziening advies AKD. Uw e-mail geeft voor AKD geen aanleiding om het advies van 26 november 2025 te herzien. AKD zinspeelt niet op een gang naar de rechter. AKD adviseert om uw raad opnieuw te laten adviseren over de zonneparken De Vorst, De Beerze en Ontginningsweg. Dat is iets anders.

Beoordelen raadsvoorstellen. Het beoordelen van de raadsvoorstellen is geen onderdeel van onze opdracht. Daarover wil ik aan u meegeven dat het aan uw raad is om deze raadsvoorstellen te beoordelen en op basis daarvan besluiten te nemen. Dat is niet aan AKD. Hopelijk kunt u hiermee voldoende uit de voeten. Ik verzoek verder om uw vervolgvragen af te stemmen met de raadsgriffier en deze via de griffie te stellen. Vriendelijke groeten en een fijn weekend, AKD

Technische vragen behorend bij raadsvoorstellen zonneparken - Raadsvergadering 16 december 2025 gebruiken als argument om tegen een zonnepark te stemmen, wat tot een oneerlijk besluit kan leiden. Tevens lijkt de gehele inzet voor een nieuwe advisering in belangrijke mate te zijn gebaseerd op deze vorm van bangmakerij, onderbouwd met de zaak in Lochem en een krantenbericht van Chint Solar over de Ontginningsweg. Terwijl juist dit zonnepark, dat de aanleiding vormde voor de vraag naar uw juridisch advies op, vooralsnog niet op de agenda staat. Daarnaast is de toon van het volledige raadsvoorstel voor De Vorst naar onze mening onnodig dreigend. Woorden als ‘Door het juiste besluit te nemen wordt een dergelijk risico voorkomen’ leggen naar ons oordeel een verkeerde druk op de besluitvorming. Wij maken ons dan ook zorgen over het verloop van dit proces en doen daarom met vertrouwen een beroep op uw vakkennis. Bij voorbaat dank voor uw spoedige beantwoording, uiterlijk morgen 18.00 uur maar liefst nog eerder.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MijnGemeenteDichtbij&id=115c1bb6-3122-4b8a-ac13-845bf80a25d5