Antwoorden op technische vragen D66 subsidiebeleid d.d. 3 dec 2024
Tekst van het document
Antwoorden op technische vragen D66 (F. Ran) mbt Subsidiebeleid Vraag 1.Neemt het college expliciet alle subsidies in de begro ng op, inclusief de berekeningsgrondslag, het subsidieplafond en de subsidiesystematiek?
Antwoord In de begroting maakt het college inzichtelijk welke middelen ingezet worden per beleidsterrein. Uit de begroting kan ook blijken of een deel van deze middelen wordt ingezet voor subsidie. De beschikbare middelen zijn input voor het bepalen van het subsidieplafond van een subsidieregeling. De berekeningsgrondslag, de subsidiesystematiek en het subsidieplafond worden inzichtelijk gemaakt in de subsidieregeling. Deze regeling wordt gepubliceerd op lokaleregelgeving.overheid.nl. 2. Hoe wil het college omgaan met eventuele wijzigingen door de raad van de subsidies Als met de begrotingsbehandeling een besluit wordt genomen voor verlaging van de middelen is dit een geldige binnen de begroting? Wordt een subsidiebedrag aangepast als het plafond gewijzigd reden om een subsidieplafond van een subsidieregeling te verlagen. Dit is ook vastgelegd in Artikel 4:28 van de AWB wordt, ook al is de subsidie al toegekend? En wat als bijvoorbeeld de systematiek en in Artikel 5 van de ASV Sint Michielsgestel 2025.
Verlaging van het subsidieplafond is alleen mogelijk: aangepast wordt? Wordt dan een nieuwe verdeling van het subsidiebudget gemaakt, - Bij subsidies waarbij de aanvraag ingevolge een wettelijk voorschrift moet worden ingediend op een tijdstip waarop ook al zijn de subsidies al toegekend? En wat betekent dit voor de subsidieontvangers, de begroting nog niet is vastgesteld of goedgekeurd; die mogelijk in de loop het jaar geconfronteerd worden met wijzigingen in hun - Wanneer bij de bekendmaking van het subsidieplafond is gewezen op de mogelijkheid van verlaging en de gevolgen subsidie? daarvoor voor reeds ingediende aanvragen. De consequenties van het verlagen van een subsidieplafond zijn afhankelijk van de gekozen subsidiesystematiek. Bij een gelijke verdeling zal elke aanvrager een lager subsidiebedrag ontvangen. Voor eerst-komt-eerst-maalt geldt dat er logischerwijs minder aanvragen toegekend kunnen worden. Bij een tendersysteem (via beoordelingscriteria) kunnen ook minder aanvragen worden toegekend. Het aanpassen van de systematiek is mogelijk. Als hiervoor gekozen wordt moet een subsidieregeling gewijzigd worden. De wijziging is niet van toepassing op reeds aangevraagde/verleende subsidies. Deze moeten worden afgehandeld conform de regeling die gold toen de subsidie aangevraagd/verleend werd (i.v.m. rechtszekerheid).
3. We hebben natuurlijk net de begroting voor 2025 achter de rug. Is het college voornemens om komend jaar al te besluiten over individuele subsidieregelingen? En hoe wil het college de raad daarbij betrekken?
Het college is inderdaad voornemens om de subsidieregelingen voor vrijwilligersorganisaties komend jaar vast te stellen. Daarmee kunnen organisaties subsidie voor 2026 aanvragen. Deze regelingen voor vrijwilligersorganisaties worden ingezet op basis van de systematiek gelijke verdeling. Alle organisaties binnen een beleidssector vragen aan voor één specifieke datum. Bij het overschrijden van het subsidieplafond ontvangt elke organisatie een lager bedrag dan de berekeningsgrondslag weer zal geven. Door juist per beleidssector een subsidieregeling te maken en hier een subsidieplafond aan te koppelen hoeft er geen afweging gemaakt te worden welke beleidssector voorrang krijgt. Deze afweging is al gemaakt in het beschikbaar stellen van de financiële middelen. Indien wenselijk kan het college voorafgaand aan de vaststelling van de subsidieregelingen voor vrijwilligerssubsidies inzage geven in de subsidieplafonds per beleidsterrein. Dit subsidieplafond is dan op basis van inschatting. Een concreet bedrag kan pas worden gegeven als de aanvragen zijn gedaan na publicatie van de subsidieregelingen. We hebben het hier dus enkel over de vrijwilligerssubsidies. Voor de prestatiesubsidies werken we naar een sterkere opdrachtgever-opdrachtnemer relatie met bijbehorende prestatieafspraken en indexeringsmethodiek.
Projectsubsidies ontstaan vanuit middelen die al beschikbaar zijn gesteld in de begroting. Deze subsidies kennen veelal een tijdelijk karakter.
4. Als het college het voornemen heeft om komend jaar te besluiten over individuele subsidieregelingen, hoe verhoudt dat zich tot de ingrijpende bezuinigingen die nodig zijn? Kunnen subsidies dan achteraf bijgesteld worden? En wat betekent dat voor de subsidieontvangers?
Voor reeds verleende subsidies is het niet mogelijk om deze achteraf bij te stellen. Zie hiervoor ook het antwoord bij vraag 2. Bij ingrijpende bezuinigingen is het afhankelijk waar deze genomen worden. Als dit raakt aan de subsidieverstrekking zullen er inderdaad consequenties zijn voor subsidieontvangers en zullen zij in de toekomst een lagere of geen subsidie ontvangen, mits op de verlaging van het subsidieplafond is gewezen bij de bekendmaking van de subsidieregeling.