11.b - Aanbiedingsbrief Kadernota 2024
Tekst van het document
Victorialaan 1 | 5213 JG ’s-Hertogenbosch (088) 743 00 00 info@odbn.nl | www.odbn.nl
Aan: Gemeenteraad, college van Burgemeester en Wethouders Provinciale Staten en college van Gedeputeerde Staten
Datum 22 december 2022 Bijlage(n) -1-
Ons kenmerk Z/188384 Uw kenmerk
Telefoonnummer 088 743 00 00 Registratienummer
Contactpersoon Jan Lenssen Onderwerp Kadernota 2024
Geachte gemeenteraad, college van Burgemeester en Wethouders, Provinciale Staten en college van Gedeputeerde Staten,
Bijgaand treft u de Kadernota 2024 van de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) aan. Deze Kadernota is in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 21 december jl. vastgesteld. Uw raad of Staten kunnen nu op deze Kadernota reageren. Uw reactie draagt bij aan een goede en gedragen koers voor de ODBN. De Kadernota 2024 is vastgesteld, een reactie is welkom vóór 3 maart 2023. Net als vorig jaar, is de Kadernota 2024 door het Algemeen Bestuur vastgesteld. De pilot die vorig jaar gedraaid is, is positief ontvangen en daarmee wordt deze werkwijze voortgezet. De reacties die de raden en staten geven, leiden dus niet meer tot wijziging van de Kadernota 2024, maar zullen worden verwerkt in de ontwerp-begroting 2024. Bij deze ontwerp-begroting wordt een reactienota als bijlage toegevoegd, waarin duidelijk wordt gemaakt hoe de ODBN uw reacties op de Kadernota 2024 heeft meegenomen bij het opstellen van de ontwerp-begroting. Wij verzoeken u vriendelijk om een eventuele reactie uiterlijk 3 maart 2023 bij het Algemeen Bestuur van de ODBN in te dienen. Inhoudelijk toelichting Kadernota 2024 In de Kadernota 2024 staan de vele ontwikkelingen die op ons afkomen centraal. Veel van deze ontwikkelingen zijn nog nauwelijks te overzien, waardoor het zeer lastig is om die te kwantificeren.
Zo raken bijvoorbeeld alle ontwikkelingen op het stikstofdossier, het nieuwe uitstel van de Omgevingswet en de krapte op de arbeidsmarkt de ODBN direct als organisatie. Naast de inhoudelijke uitdagingen zien we ons geconfronteerd met stijgende prijzen als gevolg van de energiecrisis en de oorlog in de Oekraïne. Op het moment van verschijnen van de Kadernota 2024 zijn werkgevers en vakbonden nog in onderhandeling over een nieuwe cao voor 2023 en mogelijk 2024. Doordat de onderhandelingen nog steeds lopen, is het zeer lastig om de effecten van de loonindexeringen voor 2024 te voorspellen. Het bod van de werkgeversorganisaties en de eis van de
vakbonden liggen, nog steeds, ver uit elkaar. In de kadernota hebben we in paragraaf 4.3.4 gepresenteerd wat de effecten van het bod van de werkgevers (peildatum eind oktober) en de eis van de vakbonden op het tarief zouden zijn. Wanneer we het bod van de werkgevers doorrekenen komt het gemiddelde begrotingstarief uit op € 112,39, terwijl de eis van de vakbonden leidt tot een tarief van € 118,68. Bij deze berekeningen is alleen uitgegaan van de loonindexeringen. Echter in de cao wordt ook onderhandeld over extra verlof. Extra verlof leidt tot een daling van productiviteit, waardoor alle kosten over minder uren verdeeld moeten worden. Dit betekent dat wanneer er extra verlof wordt toegekend de productiviteitsnorm verder naar beneden bijgesteld moet worden en het gemiddelde begrotingstarief nog verder zal stijgen. Los van de CAO zien we door de forse instroom en nieuwe wettelijke regels over ouderschaps- en zwangerschapsverlof dat die norm al onder druk staan. Naast een stijging van het tarief heeft een dalende productiviteit ook consequenties voor het aantal benodigde medewerkers in onze organisatie. Immers, als er per persoon minder uren productief beschikbaar zijn, heb je meer mensen nodig om dezelfde hoeveelheid werk te verzetten. In de huidige krappe arbeidsmarkt levert dit een extra uitdaging en risico op..
Omdat er nog geen cao is, gaan we in deze kadernota, conform bestaand beleid, uit van de Macro Economische Verkenningen (MEV) zoals het CPB deze in september 2022 uitgebracht heeft. Deze MEV presenteert cijfers tot en met de jaarschijf 2023. Voor 2024 zijn we nu uitgegaan van de indexeringspercentages zoals het CPB deze voor jaarschijf 2023 presenteert. Dat wil zeggen dat in de Kadernota 2024 voor de jaarschijf 2023 én 2024 rekening gehouden wordt met een loonindexeringspercentage van 3,3%. Hierbij zijn 3 belangrijke kanttekeningen te maken: 1. Het bod van de werkgeversorganisaties in de cao-onderhandelingen 2023 ligt al hoger dan deze 3,3% uit de MEV. We weten dus dat dit percentage onvoldoende gaat zijn om de volledige loonindexering op te vangen. Omdat er echter nog geen andere vastgestelde gegevens zijn, gaan we voorlopig uit van de MEV. Dit is conform het bestaande beleid. 2. Ook van onze inhuurpartners krijgen we op dit moment signalen dat de indexeringen van de inhuurtarieven voor komend jaar fors zullen zijn. Een eerste inventarisatie leert dat de meeste partijen uitgaan van een indexering van minimaal 4,5% met uitschieters naar ruim 12%. In de Begroting 2023 hebben we de opslag voor de externe inhuur structureel uit de begroting gehaald. De verwachting was dat de meerprijs die we voor externe inhuur betalen op te vangen is binnen de totale loonsom.
Wanneer de indexeringen van de externe inhuur zo hoog gaan worden, ontstaat de situatie dat de meerprijs van externe inhuur niet meer opgevangen kan worden binnen de huidige begroting. 3. Een eerste aankondiging van het ABP voor 2023 leert dat de pensioenpremies voor de werkgever iets dalen ten opzichte van 2022. Voor 2024 en verder is er echter nog geen duidelijkheid over de hoogte van de pensioenpremies. Naast de forse indexeringen voor loon, zien we ook steeds vaker dat onze leveranciers hun prijzen indexeren om de voor hen gestegen kosten op te vangen. In 2022 hebben we dit vaak, door goede contractafspraken, weten te beperken. Voor 2023 en verder verwachten we echter een inhaaleffect in de prijsindexeringen. Zeker voor contracten die we in 2023 opnieuw moeten afsluiten.
ODBN, Kenmerk
22 december 2022 Z/188384
2
Omgaan met onzekerheden In de vergadering van het Algemeen Bestuur is besproken dat de Kadernota 2024 uniek is, omdat het door de vele onzekerheden – zowel inhoudelijk (stikstof, Omgevingswet) als financieel – zeer moeilijk is om vooruit te kijken naar wat de feitelijke situatie in 2024 zal zijn. Op veel van deze zaken – die van invloed zijn op het tarief – kan de ODBN geen invloed uitoefenen. De ODBN blijft u wel zo goed mogelijk informeren over deze ontwikkelingen. Ook vormt dit voor ons een extra reden om, daar waar dat dit verantwoord is, door anders en efficiënter te werken op zoek te gaan naar mogelijke besparingen. Daarbij blijft het belang van een goede VTH-uitvoering voor de ODBN altijd voorop staan. Deelnemers kunnen ook zelf invloed uitoefenen op de kosten die zij moeten reserveren voor de ODBN, door bewuste keuzes te maken over welke (verzoek)taken in 2024 aan de ODBN worden opgedragen.
Behoefte aan een toelichting? Mocht er in uw raad of Staten behoefte zijn aan een toelichting op de geschetste ontwikkelingen van 2024, dan verzorgen wij dit graag. U kunt hiervoor contact opnemen met de ODBN via Jan Lenssen, Algemeen Directeur via info@odbn.nl of (088) 743 00 00.
Met vriendelijke groet, Het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst Brabant Noord namens deze,
Jan Lenssen, Directeur Omgevingsdienst Brabant Noord
Bijlage: Kadernota 2024
ODBN, Kenmerk
22 december 2022 Z/188384
3