08.a - Integraal Veiligheidsplan Sint-Michielsgestel 2023-2026 def
Tekst van het document
Integraal Veiligheidsplan 2023-2026
Gemeente Sint-Michielsgestel
“Sommige veiligheidsproblemen zijn te complex om door slechts één partij of organisatie aangepakt te kunnen worden. Samenwerking vanuit meerdere disciplines (multidisciplinair) en met meerdere partijen is noodzakelijk om tot een adequate aanpak te komen.”
2
Samenvatting Met trots bieden wij u hierbij het Integraal Veiligheidsplan 2023-2026 aan. In artikel 38b lid 1 van de Politiewet is vastgelegd dat de gemeenteraad de doelen en prioriteiten op het gebied van veiligheid één keer per vier jaar bepaalt. Deze doelen en prioriteiten worden vastgelegd in het Integraal Veiligheidsbeleid. Het veiligheidsplan 2023-2026 is een beleidsplan op hoofdlijnen. Binnen het basisteam Meierij wordt op het gebied van veiligheid nauw samengewerkt met de 5 gemeenten, te weten Boxtel, Heusden, Meierijstad, Sint-Michielsgestel en Vught. Zo ook bij het opstellen van dit (gezamenlijke) integrale veiligheidsbeleid. Dit heeft voordelen:
de aansturing van de politie is meer robuust - er is immers één bestuurlijk geluid; de deelnemende gemeenten hebben dezelfde visie op de aanpak van belangrijke veiligheidsthema’s en kunnen elkaar daarin versterken. Los van deze gezamenlijke visie is lokaal maatwerk in de aanpak mogelijk; de gemeenten kunnen gemakkelijker taken/thema’s verdelen.
De afzonderlijke gemeenteraden stellen dit veiligheidsplan zelfstandig vast. Eens in de twee jaar maakt de gemeente een lokaal uitvoeringsprogramma waarbij de eventuele afzonderlijke doelen per thema worden vastgelegd. Het opstellen van het uitvoeringsprogramma is een verantwoordelijkheid van het college van Burgemeester en Wethouders. Bij de totstandkoming van dit beleid is een brede groep van veiligheidspartners betrokken. Naast samenwerking tussen de gemeenten, is afgestemd met én informatie opgehaald bij partners zoals de politie, het Openbaar Ministerie, de Taskforce- RIEC Oost-Brabant en het Zorg- en Veiligheidshuis. Daarnaast is een doorvertaling gemaakt van het Regionaal Veiligheidsplan 2023-2026 (Oost-Brabant) en de inbreng daarin vanuit de verschillende programmaraden in Oost-Brabant.
Algemene doelen voor de periode 2023-2026 Naast de ambities die we in elk thema hebben benoemd, zijn er ook algemene doelen die we in de komende beleidsperiode willen bereiken. De algemene doelen voor de periode 2023-2026 zijn:
minimaal gelijkblijvend of een toename van het veiligheidsgevoel; verhogen van de weerbaarheid; verankeren van de veiligheid in de kernen, wijken en buurten; een afname van criminaliteit; voorkomen en bestrijden van incidenten en verstoringen van de openbare orde; inzet van maatregelen en capaciteit gericht op het systematisch verzamelen van informatie en het integraal analyseren van de problematiek (intelligence).
Op basis van trends en ontwikkelingen hebben we een viertal strategische thema’s en prioriteiten benoemd, waar we ons de komende vier jaar op gaan richten. Het gaat om de volgende overkoepelende strategische thema’s:
Zorg en Veiligheid; Digitale veiligheid; Polarisatie en voorkomen maatschappelijke onrust; Ondermijning/georganiseerde criminaliteit. 3
Veiligheidsproblematiek is echter niet altijd voorspelbaar. Er kunnen zich problemen voordoen die niet voorzienbaar zijn, maar die wel zo urgent zijn dat ze direct moeten worden aangepakt. Voorbeelden daarvan zijn de wereldwijde coronapandemie, de oorlog in Oekraïne en de vluchtelingenproblematiek. Flexibiliteit is dus erg belangrijk. Focus binnen de prioriteiten De afgelopen periode zien we dat er steeds meer taken en verantwoordelijkheden bij de gemeente worden neergelegd. Het meest duidelijk blijkt dit o.a. uit de taken in relatie tot de coronapandemie, de opvang van vluchtelingen, de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Participatiewet en de jeugdhulp en het bestuurlijk akkoord ‘Kansen bieden aan re-integratie’, in relatie tot onder andere de Wet straffen en Beschermen. De capaciteit binnen de gemeente is echter niet onuitputtelijk. We kunnen niet alles doen en ook niet alle thema’s spelen in gelijke mate binnen de vijf gemeenten. Dit kan betekenen dat in de ene gemeente meer aandacht nodig is voor zorg en veiligheid en in de andere gemeente meer voor digitale veiligheid of ondermijning. Elke gemeente is in die zin uniek en dat vraagt soms een eigen aanpak of in ieder geval ruimte om binnen de thema’s een keuze te maken.
Om binnen het basisteam Meierij toch samen te kunnen werken aan de geprioriteerde thema’s, kiezen we er expliciet voor om binnen de strategische thema’s een focus aan te brengen. We richten ons op: 1. 2. 3.
Weerbaarheid; Jeugd; Kwetsbare(n).
Dit betekent dat als er keuzes gemaakt moeten worden in de hoeveelheid van vraagstukken of nieuwe projecten dat deze altijd bij moet dragen aan het verhogen van de weerbaarheid, aan de positie/ontwikkeling van jeugd of aan het ondersteunen van kwetsbare doelgroepen of branches. Dit laatste kan dus per gemeente verschillen.
Consultatie en vaststelling In een gezamenlijke raadsbijeenkomst op 21 september 2022 is het concept Integraal Veiligheidsplan ter consultatie met de vijf gemeenteraden besproken. Het Integraal Veiligheidsplan bieden wij u nu ter vaststelling aan. Deze definitieve vaststelling vindt plaats eind 2022 in een reguliere raadsvergadering in uw eigen gemeente. oktober 2022 Burgemeester C.H.C. van Rooij, Meierijstad Burgemeester R.J. van de Mortel, Vught Burgemeester W. van Hees, Heusden Burgemeester R. van Meygaarden, Boxtel Burgemeester H. Looijen, Sint-Michielsgestel Mr. P. van Hees, Gebiedsofficier Openbaar Ministerie Dhr. D. Schellekens, Teamchef basisteam Meierij Dhr. M. Lamers, Teamchef Basisteam Meierij
4
Inhoudsopgave
Samenvatting .................................................................................................................................................. 3 Algemene doelen voor de periode 2023-2026 ............................................................................................... 3 Consultatie en vaststelling .............................................................................................................................. 4 Inleiding ........................................................................................................................................................... 6 Uitgangspunten ............................................................................................................................................... 7 Reikwijdte ........................................................................................................................................................ 8 Trends en ontwikkelingen ............................................................................................................................... 8 Algemene doelen voor de periode 2023-2026 ............................................................................................. 10 De strategische thema’s en prioriteiten........................................................................................................
10 Samenwerking Boa’s en Politie ..................................................................................................................... 11 1.
Zorg en Veiligheid................................................................................................................................. 12 1.1 Kwetsbare inwoners en huishoudens ............................................................................................ 12 1.2 Jeugdigen: overlast, criminaliteit en het voorkomen van jonge aanwas ....................................... 13
2.
Digitale veiligheid ................................................................................................................................. 15
3.
Polarisatie en voorkomen maatschappelijke onrust............................................................................ 17
4.
Ondermijning en georganiseerde criminaliteit .................................................................................... 19
Financiën ....................................................................................................................................................... 22
5
Inleiding Wij willen allemaal prettig wonen en leven. En bij prettig wonen en leven hoort onlosmakelijk ook veiligheid. Een stad of dorp veilig houden doe je met elkaar. Naast de gemeente hebben meerdere partijen hier invloed op, zoals de ondernemers, maatschappelijke organisaties, politie, brandweer, Openbaar Ministerie (OM) en natuurlijk onze inwoners zelf. In dit veiligheidsplan is vastgelegd hoe we de komende vier jaar (2023-2026) samen met alle betrokkenen aan een veilige samenleving blijven werken. Binnen het basisteam Meierij wordt op het gebied van veiligheid nauw samengewerkt met de 5 gemeenten, te weten Boxtel, Heusden, Meierijstad, Sint-Michielsgestel en Vught. Zo ook bij het opstellen van dit (gezamenlijke) integrale veiligheidsplan. Dit heeft voordelen:
de aansturing van de politie is meer robuust - er is immers één bestuurlijk geluid; de deelnemende gemeenten hebben dezelfde visie op en aanpak van belangrijke veiligheidsthema’s en kunnen elkaar daarin versterken. Los van deze gezamenlijke visie is lokaal maatwerk in de aanpak mogelijk; de gemeenten kunnen gemakkelijker taken/thema’s verdelen.
In artikel 38b lid 1 van de Politiewet is vastgelegd dat de gemeenteraad de doelen en prioriteiten op het gebied van veiligheid een keer per vier jaar bepaalt. Deze doelen en prioriteiten worden vastgelegd in het Integraal Veiligheidsplan. Het veiligheidsplan is een beleidsplan op hoofdlijnen. De afzonderlijke gemeenteraden stellen dit veiligheidsplan zelfstandig vast. Eens in de twee jaar maakt de gemeente een uitvoeringsprogramma waarbij de afzonderlijke doelen per thema worden vastgelegd. Het opstellen van het uitvoeringsprogramma is een verantwoordelijkheid van het college van Burgemeester en Wethouders. Bij de totstandkoming van dit beleid is een brede groep van veiligheidspartners betrokken. Naast samenwerking tussen de gemeenten, is afgestemd met én informatie opgehaald bij partners zoals de politie, het Openbaar Ministerie, de Taskforce- RIEC Oost-Brabant, het Zorg- en Veiligheidshuis. Daarnaast is een doorvertaling gemaakt van het Regionaal Veiligheidsplan 2023-2026 (Oost-Brabant) en de inbreng daarin vanuit de verschillende programmaraden in Oost-Brabant. Op basis van trends en ontwikkelingen hebben we een aantal strategische thema’s en prioriteiten benoemd, waar we ons de komende vier jaar op gaan richten. Veiligheidsproblematiek is echter niet altijd voorspelbaar.
Er kunnen zich problemen voordoen die niet voorzienbaar zijn, maar die wel zo urgent zijn dat ze direct moeten worden aangepakt. De wereldwijde coronapandemie, de oorlog in Oekraïne en de vluchtelingenproblematiek zijn daar voorbeelden van. Flexibiliteit is dus erg belangrijk. Derhalve zal het veiligheidsbeleid na een periode van twee jaar geëvalueerd worden. Aan de hand van deze evaluatie kan een aanpassing of herijking van de prioriteiten noodzakelijk zijn. Vanzelfsprekend wordt dit – in voorkomend geval -aan de gemeenteraad ter vaststelling voorgelegd.
6
Uitgangspunten Bij het opstellen van het beleid op het gebied van veiligheid hebben wij een aantal uitgangspunten geformuleerd. Deze uitgangspunten zijn voor ons de leidraad bij het maken van keuzes in de prioritering en aanpak. We kunnen immers niet alles oppakken en het aanbrengen van focus helpt ons om de goede dingen te doen. We willen wijkgericht werken. We zetten in op veiligheid, leefbaarheid en het veiligheidsgevoel van onze inwoners in de wijk. Bij de wijkgerichte aanpak worden thema’s en de hotspots in de wijken in kaart gebracht en bekeken wat de achterliggende (sociale) oorzaken zijn. Goede informatiedeling en integrale samenwerking met en tussen het sociaal domein, handhaving, wijkagenten, woningbouw, inwoners en ondernemers is hierbij noodzakelijk. 1.
We zetten in op het vergroten van de weerbaarheid en het vergroten van zelfredzaamheid van inwoners, bedrijven en onze ketenpartners. Onze inwoners, bedrijven en ketenpartners; mogen verwachten dat de gemeente zich inzet voor de veiligheid. De gemeente kan echter niet overal voor zorgen. De inwoners, bedrijven en ketenpartners zijn belangrijk geworden in de aanpak van veiligheidszaken. Zij hebben ook een verantwoordelijkheid als het om veiligheid gaat. Sociale cohesie is hierbij belangrijk. Dit betekent dat we oog voor elkaar hebben en elkaar waar dat nodig is helpen en aanspreken. Initiatieven van inwoners/instellingen op het gebied van veiligheid moedigen we aan. 2.
We willen aan de voorkant komen van de problematiek. Preventief en vroeg signaleren heeft de voorkeur op achteraf reageren; waar nodig treden we repressief op. Naast een duidelijke prioritering, is het voor een effectief veiligheidsbeleid van belang dat er sprake is van een passend en volledig pakket maatregelen. Er moet een logische opbouw en samenhang zitten in de combinatie van alle maatregelen. Eén van de belangrijke elementen waar we in de combinatie naar kijken is de verhouding tussen preventieve en repressieve maatregelen. Als gemeente hebben we voornamelijk een rol in het voorkomen van problemen op het gebied van veiligheid, daarom zijn preventieve maatregelen voor ons van zeer grote waarde. Er zijn echter ook repressieve maatregelen nodig om de veiligheid te waarborgen. Deze repressieve maatregelen kunnen zich onder andere baseren op zowel het bestuursrecht als het strafrecht. Hard ingrijpen waar nodig en voorkomen waar dat kan. Oftewel: symptomen kun je blijven bestrijden, de oorzaak hoef je maar één keer weg te nemen. Vanuit deze gedachte zetten wij zoveel mogelijk in op vroegsignalering en preventie. 3.
We werken integraal en betrekken onze partners (lokaal en regionaal). Partnerschap is een belangrijke succesfactor. Het is belangrijk om een probleem samen aan te pakken en te investeren op netwerken, want dan bereik je het meest. Partnerschap is ook wederkerig. Samen met ketenpartners willen we zoveel mogelijk barrières opwerpen tegen (het gevoel van) onveiligheid en overlast. Bestuurlijke, strafrechtelijke en fiscale instrumenten worden hierbij gecombineerd. Ook privaatrechtelijke mogelijkheden en zorginterventies behoren tot het instrumentarium. In de aanpak zoeken we ook naar bredere en aanvullende coalities. 4.
7
We willen onze informatiepositie blijven versterken en werken waar nodig data- en informatie gestuurd. Veiligheid in de gemeenten is niet alleen af te lezen aan cijfers. Dat geeft soms een vertekend beeld van de werkelijkheid. De afgelopen jaren is de noodzaak tot het versterken van de informatiepositie steeds meer zichtbaar geworden. 5.
Door het verder benutten en analyseren van beschikbare data en het combineren van informatie is effectief en efficiënt sturen op veiligheid steeds meer mogelijk. Het biedt handvatten voor proactieve inzichten en preventieve acties. We kiezen onze maatregelen op basis van goede analyses. We zijn daarbij flexibel en spelen met onze aanpak in op ontwikkelingen en onverwachte gebeurtenissen. We hebben oog voor de menselijke maat in alle veiligheidsvraagstukken. In elke situatie maken we een zorgvuldige afweging wat noodzakelijk is en wat bijdraagt aan onze integrale veiligheid- en leefbaarheidsdoelen. We werken vanuit de bedoeling en houden hierbij de menselijke maat in het oog. Als het gaat om veiligheidsvraagstukken van onze inwoners en ondernemers is een integrale benadering de rode draad in de aanpak. In multidisciplinaire overleggen wordt een integraal plan van aanpak gemaakt, waarin de nadruk kan liggen op civielrechtelijke, strafrechtelijke of bestuursrechtelijke maatregelen, hulpverlening of een combinatie hiervan. Denk hierbij aan een gebiedsverbod, samenscholingsverbod, bemoeizorg, inzet van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), gedragsaanwijzingen in het kader van de wet aanpak woonoverlast of een tijdelijk huisverbod etc. 6.
Reikwijdte Het gemeentelijke veiligheidsterrein kent een sociaal en een fysiek deel. Het sociale deel betreft, in algemene zin, de veiligheid rond sociale (intermenselijke) relaties en activiteiten. In die zin is er een directe relatie met de beleidsterreinen binnen het sociaal domein bijvoorbeeld op het terrein van jeugd en de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). De samenwerking met het sociaal domein is nodig voor preventie, vroegsignalering en begeleiding en ondersteuning van kwetsbare mensen op het gebied van (gezondheids-)zorg, jeugd, welzijn en onderwijs. Hiermee proberen we risico’s op veiligheidsproblemen voor henzelf en hun omgeving te voorkomen. In dit plan komt deze relatie expliciet naar voren binnen de thema’s als het gaat om jeugd en kwetsbare(n). Fysieke veiligheid betreft de zorg voor bijvoorbeeld verkeersveiligheid, brandveiligheid en externe veiligheid (dit laatste betreft bijvoorbeeld de risico's voor mens en milieu bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen). Het Integrale Veiligheidsplan 2023-2026 heeft met name betrekking op de sociale veiligheid. Fysieke veiligheid valt daarmee in principe buiten de scope van dit beleidskader. Het is eventueel wel mogelijk lokale veiligheidsvraagstukken op het gebied van fysieke veiligheid te benoemen in de lokale prioriteiten. In Vught betreft dit het thema verkeersveiligheid.
Voor onderwerpen die vallen onder de fysieke veiligheid, zoals externe veiligheid en brandveiligheid, wordt daarnaast verwezen naar specifiek voor deze gebieden en onderwerpen ontwikkeld beleid zoals door bijvoorbeeld de Veiligheidsregio Brabant-Noord en de Omgevingsdienst Brabant-Noord (ODBN).
Trends en ontwikkelingen Als we kijken naar de cijfers en ontwikkelingen in de samenleving over de laatste 5 jaren, zien we het volgende:
een nagenoeg gelijkblijvend aantal misdrijven; een toename van het aantal meldingen overlast jeugd, jongeren staan in de huidige maatschappij onder druk; 8
een enorme toename van incidenten met kwetsbare- en/of personen met onbegrepen gedrag; een daling van het aantal woninginbraken en kans op slachtofferschap (traditionele criminaliteit); het aantal misdrijven op het gebied van horizontale fraude/digitale oplichting stijgt; een verharding van ondermijnende criminaliteit; een toename van maatschappelijke en sociale onrust; een dalend vertrouwen in de overheid; meer maatschappelijke vraagstukken worden bij de gemeente neergelegd, veelal (deels) bij veiligheid; de huidige maatschappelijke ontwikkelingen (stijging energiekosten, inflatie) zorgen voor een toename van de druk op een grotere groep inwoners en creëren nieuwe risico’s voor veiligheidsproblematiek.
Betekenis van cijfers Cijfers alleen zeggen niet altijd alles. Zo is een stijging van jeugdoverlast niet altijd negatief als de politie inwoners juist oproept om overlast te melden. Daarnaast kunnen we niet alles meten. We zullen dus altijd zaken moeten duiden, waarbij de achterliggende oorzaak van de problematiek net zo, of misschien wel interessanter kan zijn dan het cijfer zelf. En anderzijds, waar cijfers iets zeggen, is het vaak lastig om hierbij aan te geven in hoeverre een enkel instrument hier invloed op heeft.
9
Algemene doelen voor de periode 2023-2026 Naast de ambities die we in elk thema hebben benoemd, zijn er ook algemene doelen die in de komende beleidsperiode willen bereiken. De algemene doelen voor de periode 2023-2026 zijn:
minimaal gelijkblijvend of een toename van veiligheidsgevoelens; verhogen van de weerbaarheid; verankeren van de veiligheid in de kernen, wijken en buurten; een afname van criminaliteit; voorkomen en bestrijden van incidenten en verstoringen van de openbare orde; inzet van maatregelen en capaciteit gericht op het systematisch verzamelen van informatie en het integraal analyseren van de problematiek (intelligence).
De strategische thema’s en prioriteiten De keuze voor deze prioriteiten is gebaseerd op de trends en ontwikkelingen, afspraken binnen de basisteam driehoek Meierij en de behandeling in de gemeenteraad van het concept Integraal Veiligheidsplan 2023-2026. Het gaat om de volgende overkoepelende strategische thema’s:
Zorg en Veiligheid. Digitale veiligheid. Polarisatie en voorkomen maatschappelijke onrust. Ondermijning/georganiseerde criminaliteit.
Betekenis van prioriteren Het is daarbij belangrijk om een aantal prioriteiten te benoemen. Prioriteiten zorgen voor focus en richting. Zonder het stellen van prioriteiten bestaat het risico dat alles moet en vaak ook nog gelijktijdig. De onderwerpen die we als prioriteit benoemen zijn de thema’s die we voor de komende jaren cruciaal vinden en waar we daarom extra aandacht aan besteden in beleid en uitvoering. Met het stellen van de prioriteiten moet er voldoende ruimte beschikbaar zijn om flexibel in te kunnen spelen op (lokale) actuele problemen of urgente situaties. Prioriteren wil overigens niet zeggen dat andere veiligheidsthema’s geen aandacht krijgen: ze krijgen alleen géén extra aandacht de komende jaren.
Focus binnen de prioriteiten De afgelopen periode zien we dat er steeds meer taken en verantwoordelijkheden bij de gemeente worden neergelegd. Het meest duidelijk blijkt dit o.a. uit de taken in relatie tot de coronapandemie, de opvang van vluchtelingen, de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Participatiewet en de jeugdhulp en het bestuurlijk akkoord ‘Kansen bieden aan re-integratie’ in relatie tot de Wet straffen en Beschermen. Ook de capaciteit binnen de gemeente is niet onuitputtelijk. We kunnen namelijk niet alles doen en ook niet alle thema’s spelen in gelijke mate binnen de vijf gemeenten. Dit kan betekenen dat in de ene gemeente meer aandacht nodig is voor zorg en veiligheid en in de andere gemeente meer voor digitale veiligheid of ondermijning. Elke gemeente is in die zin uniek en dat vraagt soms een eigen aanpak of in ieder geval ruimte om binnen de thema’s een keuze te maken. Om binnen het basisteam Meierij toch samen te kunnen 10
werken aan de geprioriteerde thema’s, kiezen we er expliciet voor om binnen de strategische thema’s een focus aan te brengen. We richten ons op: 1. Weerbaarheid. 2. Jeugd. 3. Kwetsbare(n). Dit betekent dat als er keuzes gemaakt moeten worden in de hoeveelheid van vraagstukken of nieuwe projecten dat deze altijd bij moet dragen aan het verhogen van de weerbaarheid of aan de positie/ontwikkeling van jeugd of aan het helpen van kwetsbare doelgroep of branches. Dit laatste kan dus per gemeente verschillen.
Samenwerking Boa’s en Politie De uitvoering van het Integraal Veiligheidsplan kan alleen effectief zijn wanneer alle partijen op een goede manier samenwerken. Voor toezicht en handhaving in de openbare ruimte en voor het opsporen van strafbare feiten worden, naast de politie, ook buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) ingezet. Deze boa’s vervullen een steeds belangrijkere rol en worden steeds zichtbaarder op straat. Dit is een landelijke tendens. Gemeenten zetten boa’s in voor de leefbaarheid en veiligheid op lokaal niveau, waar ze onder andere toezicht houden en waar nodig handhaven op jeugd- en wijkoverlast (bijvoorbeeld ook vuurwerk), inzet bij evenementen en eventueel bij demonstraties. Daarnaast zien zij toe op de horeca en kunnen zij een rol spelen in integrale controles. Dit doen zij zowel preventief als repressief. De afgelopen jaren hebben boa’s, onder andere vanwege diverse maatschappelijke ontwikkelingen en de knellende capaciteit bij de politie, extra taken en bevoegdheden gekregen en zijn ze meer op de voorgrond getreden. Ook de coronapandemie heeft de taak en rol van de boa verder versterkt als integraal toezichthouder en handhaver in de wijken. Hun inzet gedurende de coronapandemie was belangrijk. Het is cruciaal dat boa’s veilig hun werk kunnen doen. De samenwerking tussen boa’s en de politie is van belang voor de aanpak van lokale veiligheidsvraagstukken.
Deze wordt in de komende beleidsperiode dan ook verder geoptimaliseerd, waarbij de samenwerking niet afhankelijk is van individuele lokale stakeholders. De boa kan zelfstandig(er) optreden, maar ook rekenen op back-up van de politie als de situatie daarom vraagt. En andersom ook: de politie kan een beroep doen op inzet en ondersteuning van de boa. Bij samenwerking gaat het onder andere om het efficiënt en effectief inzetten van schaarse opsporings- en handhavingscapaciteit. Dit is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeenten en de politie. Operationele samenwerking vindt in de praktijk wel plaats, maar is nog niet overal geborgd in afspraken over bijvoorbeeld taakverdeling, back-up en informatiedeling. Lokale veiligheidsvraagstukken vragen een integrale aanpak. Het Integraal Veiligheidsplan is de basis voor de operationele samenwerking.
11
1. Zorg en Veiligheid Dagelijks krijgen gemeenten, politie en ketenpartners meldingen van overlast, (huiselijk) geweld en personen met onbegrepen gedrag. De afgelopen jaren is de samenwerking tussen het sociaal domein en veiligheid geïntensiveerd. Maatschappelijke ontwikkelingen maakten dit nodig. Door onder andere de extramuralisering van de zorg, tekort aan woningen, tekort aan personeel en het effect van corona neemt de zorg/veiligheidsproblematiek fors toe. Zowel in volume als in complexiteit. Dit vraagt blijvend om integrale samenwerking. In onze integrale aanpak streven we naar de juiste balans tussen preventie, zorg en repressie. Voorkomen waar dat kan en problemen aanpakken door er op tijd bij te zijn. Ingrijpen als de situatie daar om vraagt: indien zaken uit de hand lopen, of dreigen te lopen. Het is hiervoor van belang om de basis te verstevigen en in te blijven zetten op de ketensamenwerking en mogelijkheden: integraal, preventief en effectief!
Ambitie voor 2023-2026:
We investeren in een nog sterkere verbinding tussen de domeinen zorg en veiligheid om een integrale aanpak te realiseren, zowel binnen de gemeentelijke organisaties als tussen de partners zoals bijvoorbeeld de politie, OM, GGZ-instellingen, verslavingszorg, Zorg- en Veiligheidshuizen, GGD, Veilig Thuis. Dit doen wij op zowel ambtelijk/beleidsmatig niveau als op bestuurlijk niveau. De focus voor de komende jaren ligt op: 1) Kwetsbare inwoners en huishoudens (personen met onbegrepen gedrag, (woon)overlast, huiselijk geweld en kindermishandeling, ex-justitiabelen en slachtoffers van mensenhandel en uitbuiting). 2) Jeugdigen: overlast, criminaliteit en het voorkomen van jonge aanwas. We streven naar een afname van het aantal incidenten waar jeugdigen of (kwetsbare) personen met onbegrepen gedrag bij betrokken zijn.
1.1 Kwetsbare inwoners en huishoudens Waarom is dit een prioriteit?
Het aantal meldingen van personen met onbegrepen gedrag stijgt. Mensen in deze doelgroep veroorzaken bovengemiddeld overlast en veiligheidsproblemen of zijn zelf het slachtoffer van misbruik en criminaliteit. De huidige Spoedeisende Psychiatrische Onderzoeksruimte (SPOR) sluit niet goed aan op de problematiek van personen met onbegrepen gedrag en de keten. Hierdoor komt men niet tot een efficiënte integrale aanpak. De tolerantie in de samenleving neemt af: mensen ervaren vaker en sneller overlast en betrekken daarbij eerder instanties. De impact van (huiselijk) geweld, kindermishandeling, mensenhandel, uitbuiting en overlast is groot voor de betrokkenen en omgeving. Geweld, overlast, uitbuiting en overige strafbare feiten kunnen (ernstige) economische en maatschappelijke effecten met zich mee brengen. Het voorkomen en aanpakken van overlast en (strafbare) incidenten vraagt veelal om een integrale aanpak op het snijvlak van zorg en veiligheid. Er zijn veel ketenpartners met diverse verantwoordelijkheden en mogelijkheden betrokken. De afstemming tussen zorg en veiligheid vergt veel coördinatie. Er valt in de samenwerking nog winst te behalen. 12
Een integrale, effectieve aanpak op preventie en zorg kan een efficiënte, slagvaardige inzet van de politie bevorderen en onnodige inzet voorkomen.
Wat gaan we de komende jaren doen?
Verstevigen van de ketensamenwerking tussen het sociaal domein en veiligheidsinstanties, waarbij (eigen) verantwoordelijkheden, het benutten van mogelijkheden en integraliteit centraal staan. Maatschappelijke coalities verstevigen met bijvoorbeeld woningbouwcoöperaties, in het kader van (vroeg-) signalering en integraliteit. Aansluiten op de regionale doorontwikkeling van de Spoedeisende Psychiatrische Onderzoeksruimte (SPOR) en de keten voor personen met onbegrepen gedrag in een crisiscontext zonder strafbaar gedrag, maar met negatieve impact op henzelf en de omgeving. Wanneer (on)veiligheid de overhand neemt: het voeren van stevige proces en/of casusregie in (complexe) casussen op het snijvlak tussen zorg- en veiligheid, in samenwerking met het sociaal domein. Implementeren en borgen van de Aanpak Voorkomen van Escalatie (AVE) methodiek bij alle ketenpartners (waaronder het Zorg- en Veiligheidshuis). Implementeren en borgen aanpak van complexe (woon)overlast. Het implementeren en borgen van het lokale beleid aanpak mensenhandel, gericht op het slachtofferschap in samenhang met het thema ondermijning. Implementeren en borgen van het bestuurlijk akkoord re-integratie ex-justitiabelen, in samenwerking met de ketenpartners. Versterken van een outreachende inzet richting kwetsbare doelgroepen, zoals personen met onbegrepen gedrag.
Daar waar nodig een optimale benutting van bestuursrechtelijke, strafrechtelijke, civielrechtelijke (waaronder zorg) en preventieve maatregelen. Implementeren en borgen van het programma huiselijk geweld en kindermishandeling.
1.2 Jeugdigen: overlast, criminaliteit en het voorkomen van jonge aanwas Waarom is dit een prioriteit?
Veel jongeren hebben door de coronapandemie te maken gehad met problemen op het gebied van school, werk en vrijetijdsbesteding. Problemen op het gebied van zorg en veiligheid kunnen hierdoor zijn ontstaan of verergerd. Bij een grote groep jongeren is ook boosheid en weerstand richting de instanties ontstaan. De tolerantie tussen jongeren en buurtbewoners neemt vaak wederzijds af. Het aantal meldingen van jeugdoverlast neemt toe. Jeugdoverlast en –criminaliteit kunnen een negatieve invloed hebben op het woongenot en veiligheidsbeleving in de wijken. Daarnaast kan het een schadelijk effect hebben op de ontwikkeling van de jongeren zelf. Bij de aanpak van jeugdoverlast en jeugdcriminaliteit is het wenselijk om aan de voorkant te acteren (nieuwe aanwas te voorkomen) en vroegtijdig in te grijpen om problemen te voorkomen en jeugdigen te helpen op het rechte pad te blijven. Het voorkomen van overlast of jonge aanwas vraagt om een integrale aanpak op verschillende niveaus met de ketenpartners. Er valt in de samenwerking nog veel winst te behalen. Regie voeren is noodzaak.
13
Een integrale, effectieve aanpak op preventie en zorg kan incidenten, escalaties en inzet van de politie voorkomen. Bij de leefwereld van de jongeren zijn sommige ouders, opvoeders en instanties vaak nog niet goed betrokken. Jongeren zijn vaker betrokken bij cybercriminaliteit, zoals afpersing en sexting (dader- en slachtofferschap) en kwetsbaar in de online leefwereld. Jongeren zijn vaker betrokken bij maatschappelijke onrust en rellen.
Wat gaan we de komende jaren doen?
Intensiever samenwerken met ouders/opvoeders, wijk- en maatschappelijke partners (zoals het onderwijs of welzijnsinstanties) om jongeren op een positieve manier onderdeel te laten zijn en blijven van een vertrouwde, veilige buurt. Stevige regie op de ketensamenwerking vanuit de gemeente: (vroegtijdig) investeren in integrale groepsaanpak middels het 7-stappen model (methodiek) en een structurele overlegstructuur. Bewustwording creëren in de keten op kansen en risicofactoren bij jongeren op het gebied van kwetsbaarheden zoals criminaliteit (jonge aanwas) en polarisatie/radicalisering. Inzet van jeugd- en jongerenwerk daar waar en wanneer nodig, in nauwe afstemming met gemeente, politie en eventueel buurtbewoners. Ambulant en digitaal contact. Integrale aanpak bij jongeren die (dreigen) aan te sluiten op criminele netwerken/activiteiten (voorkomen jonge aanwas), op diverse niveaus, waarbij de ketensamenwerking optimaal wordt benut. Eventueel opschaling via het Zorg- en Veiligheidshuis. Organiseren van preventieactiviteiten voor jongeren op het gebied van (digitale) weerbaarheid, alcohol- en middelengebruik, polarisatie, criminaliteit en andere risicofactoren in samenwerking met maatschappelijke partners, zoals het onderwijs en welzijnsinstanties.
14
2. Digitale veiligheid De samenleving speelt zich in toenemende mate online af. Als gemeenten moeten wij ons bewust zijn van de kansen en risico’s van digitalisering voor de eigen organisatie, ketenpartners, inwoners en ondernemers. Voortschrijdende technologie leidt tot nieuwe afhankelijkheden en kwetsbaarheden die vragen om een weerbare organisatie en samenleving. Informatie en de systemen waarin deze zich bevindt dienen adequaat te zijn beveiligd om uitval, onbedoelde wijziging of vernietiging en onbevoegde inzage te voorkomen. Deze verantwoordelijkheid strekt zich uit tot de veiligheid van de samenleving bij het optreden van digitale incidenten en het voorkomen en bestrijden van cybercriminaliteit. Constante aanwezigheid van interne en externe dreigingen vormen een risico voor zowel de dienstverlening van de gemeente als voor het openbaar bestuur. Dit vraagt om een adequate aanpak en verhoogd niveau van weerbaarheid. Ook onze inwoners en ondernemers willen wij bewust maken van deze risico’s. Nog altijd worden zij slachtoffer van bijvoorbeeld WhatsApp-fraude en hacks, met vaak een grote impact.
Waarom is dit een prioriteit?
Jaarlijks stijgt de digitale criminaliteit met 20 tot 25 procent. Mede door de gevolgen van de coronapandemie is digitaal werken in een versnelling terecht gekomen waarbij de beveiliging tegen digitale oplichting en andere criminaliteit niet in hetzelfde tempo is meegegroeid. Daarnaast zijn criminelen creatief en wendbaar waardoor steeds nieuwe vormen ontstaan. Het beschermen van inwoners en ondernemers in alle leeftijdsgroepen tegen digitale criminaliteit en het voorkomen van maatschappij ontwrichtende schade wordt steeds belangrijker. ‘Iedereen is online’ en men doet steeds meer online (boodschappen, bankzaken enzovoorts). De impact van cybercriminaliteit op slachtoffers (zowel inwoners, ondernemers en instellingen) is vaak hoog. Vaak dient en kan het bedrijf of instelling het incident zelf oplossen, maar soms kan het ook zijn weerslag hebben op de lokale samenleving en de gemeente. Cybercriminaliteit kan direct gevolgen hebben in de fysieke leefwereld op de openbare orde en veiligheid, denk bijvoorbeeld aan cyberaanvallen en maatschappelijke onrust door een datalek. Digitale criminaliteit vraagt om een andere aanpak, nieuwe competenties en coalities die in snel tempo vorm moeten krijgen.
Te denken valt aan voldoende capaciteit voor digitale criminaliteit, sneller zicht op ontwikkelingen/trends, gerichte samenwerking vanuit de driehoek met externe deskundigheid vanuit het bedrijfsleven en de wetenschap. Digitale veiligheid vraagt om continu investering in bewustwording bij medewerkers én inwoners en ondernemers. Technische en/of fysieke maatregelen alleen zijn onvoldoende om de veiligheid te borgen, het gaat ook om menselijk gedrag.
Ambitie voor 2023-2026:
1. We streven naar een weerbare samenleving met minder slachtoffers, doordat er minder geslaagde pogingen van cyberaanvallen en gedigitaliseerde criminaliteit zijn. Dit doen we door te investeren in digitale weerbaarheid en informatieveiligheid. 2. We zorgen ervoor dat in eigen huis de basis op de orde is en we oefenen op cyberincidenten. 3. Wanneer er zich een cyberaanval voordoet dan zorgen we voor schadebeperking doordat de incidentbestrijding bij de organisaties beter op orde is.
15
Wat gaan we komende jaren doen?
Het eigen huis op orde brengen en houden op het gebied van informatiebeveiliging, zodat we aan het basisniveau voldoen. Investeren op bewustwording en deskundigheidsbevordering van de eigen gemeenten. Integrale voorbereiding op cyberincidenten- en crises bijvoorbeeld met ketenpartners (Veiligheidsregio Brabant-Noord, politie en OM); hieronder valt ook de voorbereiding op online aangejaagde ordeverstoringen. Het vergroten van de bewustwording en digitale weerbaarheid van inwoners, ondernemers en instellingen. In samenwerking met de samenleving vergroten we de weerbaarheid tegen digitale criminaliteit. Om dit te realiseren zal de gemeente specifieke doelgroepen benaderen zoals ondernemers, jongeren, ouderen en laaggeletterden. Voor interventies wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van landelijk ontwikkelde methoden die (praktijk)wetenschappelijk onderzocht zijn.
16
3. Polarisatie en voorkomen maatschappelijke onrust Door processen als globalisering, individualisering en digitalisering is de Nederlandse samenleving veranderd. De coronamaatregelen hebben een versterkend effect gehad op het reeds onder de oppervlakte aanwezige maatschappelijk ongenoegen. Maar ook de toeslagenaffaire, de stikstofdiscussie, de woningnood et cetera hebben tot gevolg dat het anti-overheidssentiment groeit. In het maatschappelijk debat is er vaak aandacht voor uitgesproken opvattingen, terwijl het grootste deel van de mensen ergens in het midden zit. De kans is groot dat polarisatie eerder zal toenemen dan afnemen. Ook de recente gebeurtenissen in de wereld zoals de oorlog in de Oekraïne, de vluchtelingencrisis, klimaatverandering en de schaarste en inflatie (kloof tussen arm en rijk) kunnen hun sporen na laten in de samenleving die weer merkbaar zijn in de wijken. Het voorkomen van deze sociale spanningen is mogelijk door verbinding. Elkaar kennen en gekend worden is de basis voor vertrouwen en stimuleert ook de dialoog.
Waarom is dit een prioriteit?
Wanneer groepen in de samenleving tegenover elkaar komen te staan, kan dit leiden tot discriminatie, onrust en sociale spanningen in de wijk en/of op school, hetgeen weer kan leiden tot vervreemding en uitsluiting en veiligheidsproblematiek. Polarisatie bevordert wantrouwen, terwijl vertrouwen juist van groot belang is voor het gevoel van veiligheid en het werken aan een gemeenschappelijke toekomst. Sociale media speelt een grote rol binnen dit thema en is veelal ongrijpbaar om invloed op uit te oefenen. Nederland polariseert onder andere omdat een aantal maatschappelijke trends samenkomt. Economische, sociale, politieke en technologische ontwikkelingen hebben er voor gezorgd dat leefwerelden steeds meer uit elkaar zijn gaan lopen. De coronapandemie heeft dit versterkt. De menselijke behoefte aan gemeenschappelijkheid, wat minder ik en wat meer wij, wordt breed gevoeld. Klachten over de doorgeslagen individualisering staan net als polarisatie in de lijst met grootste zorgen over de samenleving. Steeds vaker is polarisatie de aanleiding voor verstoringen van de openbare orde en veiligheid. Investering op dit thema is noodzakelijk om maatschappelijke onrust te voorkomen.
Ambitie voor 2023-2026: 1.
Aanjagen van en investeren in (de verdere opbouw en verankering van) stevige lokale netwerken, bondgenootschappen en andersoortige coalities. We investeren in het netwerk met als doel te komen tot het vroegtijdig signaleren van polarisatie en maatschappelijke onrust.
2.
Wat gaan we de komende jaren doen?
Investeren in sociale cohesie in onze wijken en dorpen, met name gericht op jeugdigen en kwetsbare(n). Investeren in stevige lokale netwerken en het aangaan van andere coalities. Het opzetten van een netwerk van sleutelfiguren om beter in contact te staan met de diverse gemeenschappen.
17
Deelname aan het regionale expertteam Maatschappelijke Onrust door een vertegenwoordiging vanuit het Basisteam uit zowel het sociaal- als veiligheidsdomein. Deskundigheidbevordering door het gericht aanbieden van opleidingen aan bijvoorbeeld het sociaal domein, politie, OM, welzijns- en jongerenorganisaties en GGZinstellingen, onderwijs enzovoorts om signalen van bijvoorbeeld radicalisering tijdig te herkennen. Aanwijzen van een aandachtsfunctionaris op dit thema binnen de gemeentelijke organisatie. Om openbare ordeproblemen te voorkomen volgen we signalen van onrust en sentimenten, en versterken we onze informatiepositie ten aanzien van wat er speelt in de samenleving. Investeren in kennis en bewustwording rondom polarisatie (ook voor raads- en collegeleden). Geweld tegen bestuurders, handhavers, politieagenten, baliemedewerkers, brandweerlieden, ambulancemedewerkers of GGD-medewerkers is ontoelaatbaar en volgen we op.
18
4. Ondermijning en georganiseerde criminaliteit Ondermijning is een verzamelnaam voor verschillende vormen van criminaliteit. Voorbeelden hiervan zijn de illegale productie van hard- en/of softdrugs, drugshandel, witwassen, mensenhandel zoals gedwongen prostitutie en arbeidsuitbuiting, criminele (motor)bendes, bedreiging en intimidatie, zorgfraude en vastgoedfraude. Criminelen maken voor illegale activiteiten gebruik van legale bedrijven en diensten. Hierdoor vervagen normen en neemt het gevoel van veiligheid en leefbaarheid af in de woonwijken. Soms worden jongeren benaderd en ingezet voor criminele activiteiten. Drugsafval wordt in de natuur gedumpt. Criminelen schuwen het niet om legale partijen te beïnvloeden of te onderdrukken. Denk daarbij aan volksvertegenwoordigers, ambtenaren en onschuldige burgers. Daarbij passen criminelen soms ook zwaar geweld toe. Het effect is dat boven- en onderwereld met elkaar verweven raken. Dit ondermijnt en bedreigt onze samenleving en onze rechtsstaat.
Waarom is dit een prioriteit?
Ondermijnende criminaliteit in de woonwijk doet grote afbreuk aan een veilige woon- en leefomgeving. Ondermijning zorgt voor een oneerlijke samenleving. Overheidsgelden worden misbruikt en ondernemers kunnen niet concurreren met bedrijven die gefinancierd zijn met illegaal geld. Wanneer de inwoners het vertrouwen verliezen in hun overheid tast dit de rechtsorde aan.
Ambitie voor 2023-2026: In de periode 2023 - 2026 wordt de eerder ingezette lijn voortgezet en verder uitgebouwd. 1.
De focus ligt op de aanpak van cocaïne, synthetische drugs, hennep en witwassen. Onze interventies zijn zichtbaar, hebben impact en we vergroten de actiegerichtheid. We zetten in op een weerbare overheid waarbij we ernaar streven dat de dijken zoveel mogelijk even hoog zijn en op maatschappelijke weerbaarheid, waarbij we nauw in verbinding zijn met inwoners en ondernemers. We versterken onze informatiepositie. Efficiënte en effectieve inzet zowel preventief als repressief op lokaal en basisteamniveau, zonder daarbij aan flexibiliteit te verliezen.
2.
3. 4.
Wat gaan we de komende jaren doen?
We werken in de aanpak van ondermijning integraal samen met de partners binnen het basisteam Meierij. Alleen door samen op te trekken, is het mogelijk een vuist te maken tegen de georganiseerde criminaliteit en ondermijning. Een samenhangende aanpak van preventie, weerbaarheid en verstoring is nodig. Voorop staat het realiseren van impact. We werken aan het voorkomen van jonge aanwas en zetten in op het weerbaar maken van jeugdigen. Investeren op weerbare ondernemers en het bouwen van sterke coalities. Daarnaast gaan we werken aan barrières, om een eerlijk ondernemersklimaat te creëren. Inwoners en ondernemers inlichten over hoe zij signalen kunnen herkennen en waar deze te melden, bijvoorbeeld via Meld Misdaad Anoniem (MMA), maar natuurlijk ook bij de gemeente, politie of woningcorporaties. Inzet van de beschikbare juridische instrumenten (zowel strafrechtelijk, bestuursrechtelijk, fiscaalrechtelijk en privaatrechtelijk). 19
We werken aan weerbare overheidsorganisatie(s) en zetten in op het bewustzijn en het handelingsbekwaam zijn van medewerkers. Daarnaast wordt er (nog meer) aangehaakt op (regionale) overlegstructuren om de informatiepositie te versterken. Het samenwerkingsverband Taskforce-RIEC kan hierbij ondersteunend zijn. Het Lokaal Informatie Overleg (hierna: LIO) ontwikkelen we door. We organiseren integrale controles met ketenpartners zoals de politie, belastingdienst, arbeidsinspectie, omgevingsdienst, etc. door inzet van het Bestuurlijk Interventieteam Meierij (BIM). Communicatie is een vast onderdeel van onze ondermijningsstrategie. Het sociaal domein wordt lokaal betrokken in preventieve zin en bij de aanpak. In samenhang met sociaal domein wordt het Regionale beleid aanpak mensenhandel geïmplementeerd.
20
Financiën De ambities op het gebied van veiligheid voor de beleidsperiode 2023-2026 zijn hoog, maar realistisch. Bij een ambitieus beleidsplan horen natuurlijk ook de benodigde financiële middelen om deze ambities te kunnen realiseren, de gewenste effecten en doelen te bereiken en ontwikkelingen in gang te zetten. Om onze gezamenlijke ambities op het gebied van veiligheid waar te kunnen maken, hebben wij structureel - dus ook voor de komende beleidsperiode - een bijdrage van € 1,- per inwoner beschikbaar. Uit deze bijdrage wordt op niveau van het basisteam Meierij een aantal zaken gefinancierd, te weten:
Nieuwe projecten of samenwerkingsverbanden op het gebied van veiligheid op het niveau van het basisteam Meierij. Het voortzetten en het door ontwikkelen van het Bestuurlijk Interventieteam (BIM) op het gebied van bestuurlijke handhaving en de aanpak van ondermijnende criminaliteit. In het kader van de dijken even hoog maken in de strijd tegen ondermijning, wordt juridische capaciteit ingezet om bijvoorbeeld eenduidige beleidsregels voor de uitvoering van de Wet Bibob te ontwerpen voor de 5 gemeenten.
21