2021-I-1312 Nieuwsbrief Sociaal Domein 2021 tweede kwartaal
Tekst van het document
Nieuwsbrief Sociaal Domein 2e kwartaal 2021
Geachte lezer, Voor u ligt de Nieuwsbrief Sociaal Domein 2021-2 van de gemeente Boxmeer. De nieuwsbrief is ontwikkeld om de gemeenteraad van de gemeente Boxmeer op een eenduidige manier van informatie te voorzien over wat er gaande is binnen het Sociaal Domein. Deze nieuwsbrief geeft u inzicht in de stand van zaken, de ontwikkelingen en de financiën van de drie pijlers binnen het Sociaal Domein, te weten Participatiewet, Wmo en Jeugd. De peilperiode is het 2e kwartaal van 2021. Aan deze nieuwsbrief is in de bijlage de rapportage van de cliëntervaringsonderzoek CJG toegevoegd. Daarnaast is het verslag over de nieuwe werkwijze Dyslexie toegevoegd, waarin wordt toegelicht wat de nieuwe werkwijze Dyslexie inhoudt en wat de resultaten zijn van de pilot Dyslexie. Deze nieuwsbrief verschijnt per kwartaal en is voortdurend in ontwikkeling. De omvang is afhankelijk van de inhoud en de informatiewens vanuit de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders.
Inhoudsopgave Participatiewet
4
Stand van zaken Ontwikkelingen De financiën in de Participatiewet
4 5 7
Wmo
8
Stand van Zaken Ontwikkelingen De financiën in de Wmo
8 9 10
Jeugdhulp Land van Cuijk
11
Cijfers Jeugdzorg Gemeente Boxmeer Q2 2021
11
Bijlagen
16
Nieuwe werkwijze dyslexie Rapportage CEO Jeugd 2020
16 18
Participatiewet Stand van zaken
De Participatiewet wordt uitgevoerd door het Participatieteam van de afdeling Sociale Zaken. In dit team zitten goed geschoolde klantmanagers die de Participatiewet conform de geldende regelgeving uitvoeren. Uitgangspunt is ‘de klant centraal’ en het leveren van maatwerk staat hierbij voorop. Het eerste kwartaal van 2021 liet een stijging zien van het uitkeringsbestand Participatiewet van +5. De verwachting was dat deze stijging zich in het tweede kwartaal zou voortzetten. Zoals tabel 1 laat zien, is het uitkeringsbestand Participatiewet in het tweede kwartaal ongewijzigd gebleven ten opzichte van het eerste kwartaal. Het uitkeringsbestand IOAW/Z is in kwartaal-2 2021, ten opzichte van het kwartaal-1 2021 met 3 afgenomen. Tabel 1: Aantal uitkeringen per 1 juli 2021
Eindtotaal 2021-1
Instroom 2021-2
Uitstroom*2021-2
Eindtotaal 2021
Participatiewet
264
20
20
264
IOAW-IOAZ
23
0
3
20
* Uitstroom: naast arbeidsmarkt gerelateerde redenen (zoals aanvang studie, arbeid in dienstbetrekking, zelfstandig bedrijf of beroep) wordt o.a. ook onder uitstroom verstaan: aanvang relatie, bereiken pensioengerechtigde leeftijd, detentie, overlijden, verhuizing naar andere gemeente/buitenland, uitkering arbeidsongeschiktheid
Loonkostensubsidie
Mensen met een arbeidsbeperking kunnen via hun gemeente een beroep doen op ondersteuning om aan het werk te gaan. Voor diegenen die niet zelfstandig het wettelijk minimumloon kunnen verdienen, zet de gemeente loonkostensubsidie (LKS) in. Loonkostensubsidie compenseert de werkgever bij verminderde productiviteit van een werknemer. De LKS die een werkgever van de gemeente krijgt, is het verschil tussen het wettelijk minimumloon en de loonwaarde van de werknemer. De inzet van loonkostensubsidie komt ten laste van de BUIG-budget. Tabel 2: Aantallen verstrekte loonkostensubsidies per 1 juli 2021
Loonkostensubsidie
Kwartaal 2021-2
Eindtotaal 2021*
(nieuwe LKS/ instroom en uitstroom)
IBN
2
44
Overige werkgevers
0
42
Totaal
2
86
* In de registratie van het eindtotaal zijn ook de LKS meegenomen die in voorgaande jaren zijn verstrekt.
4
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
Ontwikkelingen 1. Verlenging Tozo-regeling
Eind mei waren de vooruitzichten voor het economisch herstel na corona positief en leek het virus op zijn retour te zijn. Maar omdat er nog veel onzekerheden voor werkenden en bedrijven waren heeft het Kabinet besloten om het steunpakket voor banen en economie door te trekken in het derde kwartaal van 2021 door onder andere het verlengen van de Tozo-regeling (Tozo 5). Tozo 5 geldt voor de periode 1 juli 2021 tot en met 30 september 2021. De voorwaarden voor Tozo 5 zijn gelijk aan de voorwaarden voor Tozo 2 tot en met 4, d.w.z.: het inkomen van de partner wordt meegeteld bij het bepalen van de hoogte van de uitkering. Daarnaast is geen beperkte vermogenstoets van toepassing. De mogelijkheid voor het aanvragen van een lening voor bedrijfskapitaal is blijven bestaan. Dat wil zeggen dat een lening kan worden aangevraagd tot een maximaal bedrag van € 10.157,- voor Tozo 1 t/m 5 gezamenlijk. Is dit bedrag al eerder volledig opgesoupeerd dan bestaat er bij Tozo 5 geen mogelijkheid meer om hier een beroep op te doen. Het is sinds 1 januari 2021 voor ondernemers al mogelijk om hulp bij heroriëntatie te krijgen. Dit kan betekenen ondersteuning aanvragen voor: z het voortzetten van het eigen bedrijf; z het vinden van een baan in loondienst (eventueel in combinatie met het eigen bedrijf); z het stoppen met het eigen bedrijf; z hulp bij schulden.
Het blijkt echter dat een deel van de ondernemers in nood niet snel zelf om ondersteuning vraagt of niet weet dat ze hiervoor bij de gemeente terecht kunnen. De mogelijkheden tot ondersteuning zijn via diverse kanalen eerder onder de aandacht gebracht bij ondernemers. Dit heeft weinig respons opgeleverd. Daarom neemt de afdeling Sociale Zaken bij nieuwe aanvragen en verlengingen Tozo 5 contact op met de ondernemer om samen te inventariseren welke specifieke ondersteuning nodig is. Na 1 oktober 2021 blijft ondersteuning mogelijk voor zelfstandig ondernemers die dat nodig hebben. Het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) blijft als vangnet dienen voor de groep zelfstandigen. Met het Bbz kan de ondernemer ondersteuning krijgen voor bijstand voor levensonderhoud en voor bedrijfskapitaal. Dat kan zowel voor ondernemers met een levensvatbaar bedrijf, als voor ondernemers die hun bedrijf willen beëindigen.
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
5
Tabel 3: Aantallen TOZO-aanvragen per 7 juli 2021
Aanvragen
Boxmeer
Sint Anthonis
Eindtotaal
TOZO 1
343
160
503
TOZO 2 (nieuw)
8
5
13
TOZO 2 (verlenging)*
74
41
115
TOZO 3 (nieuw)
54
24
78
TOZO 3 (verlenging)**
69
31
100
TOZO 4 (nieuw)
6
1
7
TOZO 4 (verlenging)***
41
17
58
Tozo 5 (Verlenging)****
7
3
10
Bedrijfskrediet
46
15
61
Totaal
648
297
945
* Voortzetting TOZO 1 onder nieuwe voorwaarden ** Voortzetting TOZO 2 onder nieuwe voorwaarden *** Voortzetting TOZO 3 onder nieuwe voorwaarden **** Voortzetting TOZO 4 onder nieuwe voorwaarden
Toelichting: Het aantal TOZO-aanvragen (levensonderhoud en bedrijfskrediet) is in de gemeente Boxmeer in de periode 2 april 2021 tot 7 juli 2021 gestegen van 615 naar 648. Een stijging van 33 (5%) nieuwe aanvragen/verlengingen. Voor de gemeente Sint Anthonis is het aantal TOZO-aanvragen in dezelfde periode met 14 (5%) gestegen. Tabel 4: uitgaven TOZO Q1 + Q2 2021 per 1 juli 2021
Boxmeer
Sint Anthonis
Eindtotaal
Levensonderhoud
€ 311.699,04
€ 139.348,39
€ 451.047,43
Bedrijfskrediet
€ 58.535,00
€
0,00
€ 58.535,00
€ 139.348,39
€ 509.582,43
Totaal
€ 370.234,04
2. Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten
De Tijdelijke Ondersteuning voor Noodzakelijke Kosten (TONK) is bedoeld voor huishoudens die door omstandigheden te maken hebben met een onvoorzienbare en onvermijdelijke terugval in hun inkomen, en die daardoor noodzakelijke (woon)kosten niet meer kunnen voldoen en waarvoor andere regelingen niet of onvoldoende steun bieden. Het Kabinet heeft hiervoor landelijk in eerste aanleg € 130 miljoen beschikbaar gesteld voor het eerste half jaar van 2021. Veel gemeenten beschouwden dit bedrag als ontoereikend, zeker nadat de Minister de gemeenten had opgeroepen om de TONK ruimharig toe te passen. Na overleg met o.a. VNG en Divosa is het beschikbare bedrag verdubbeld naar € 260 miljoen euro. Via het 4de corona compensatiepakket is bekend geworden dat de gemeente Boxmeer een bedrag ontvangt van € 70.301. De gemeente Sint Anthonis komt in aanmerking voor een bedrag van € 19.785. Naar verwachting wordt in de septembercirculaire meer bekend welk totaalbedrag (voor de periode 1 januari tot 1 oktober 2021) beschikbaar komt voor beide gemeenten.
6
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
Het Rijk heeft de uitvoering van de TONK overgelaten aan de gemeenten. Zo hebben de gemeenten in de regio Noordoost-Brabant het beleid op elkaar afgestemd en konden aanvragers voor het eerste half jaar in aanmerking komen voor een tegemoetkoming in de woonkosten van maximaal € 3.420 (maximaal € 570 per maand). Het college heeft hiertoe op 16 maart 2021 beleidsregels vastgesteld. De oproep van de Minister om de TONK ruimhartig toe te passen heeft in de regio geleid tot aanpassing van de beleidsregels TONK (besluit college 8 juni 2021; o.a. toevoeging van noodzakelijke overige kosten, tegemoetkoming maximaal € 1.000 per maand). Als onderdeel van het nieuwe steunpakket (Kamerbrief steun- en herstelpakket 3e kwartaal 2021 van 27 mei 2021) heeft het Kabinet besloten om te TONK te verlengen met 3 maanden tot 1 oktober 2021. Dit betekende wederom aanpassing van de beleidsregels. Daarbij is als uitgangspunt gehanteerd: het voortzetten van de ingezette koers vanaf 1 juli. Het college heeft op 13 juli 2021 voor de derde maal in korte tijd de beleidsregels TONK vastgesteld. Divosa heeft via benchmark onderzoek gedaan naar het gebruik van de TONK-regeling. Landelijk was vooraf de verwachting dat tienduizenden aanvragen zouden worden ontvangen. In de eerste periode bleek het landelijk ‘slechts’ om duizenden aanvragen te gaan.
De afdeling Sociale Zaken heeft in de periode 17 maart tot 29 april in totaal 16 aanvragen ontvangen (14 aanvragen voor de gemeente Boxmeer en 2 aanvragen voor de gemeente Sint Anthonis). Ook bij beide gemeenten was (evenals in de regio Noordoost-Brabant) de verwachting dat het aantal aanvragen enkele tientallen hoger zou liggen. Mede door de oproep van demissionair minister Koolmees is het beleid ruimhartiger geworden. Op 17 augustus waren bij de gemeente Boxmeer 31 aanvragen ingediend, waarvan 17 toegekend, 12 afgewezen en 2 ingetrokken. Totaal bedrag aan TONK-uitgaven: € 23.118. Voor de gemeente Sint Anthonis heeft de wijziging van de beleidsregels geen nieuwe aanvragen opgeleverd. Ook de herbeoordeling van de eerder afgewezen aanvragen heeft geen positief resultaat opgeleverd. Bedrag aan uitgaven: nihil.
De financiën in de Participatiewet De beschikbare budgetten voor 2021 en de uitgaven tot en met het tweede kwartaal van 2021 voor de gemeente Boxmeer: Tabel 5: Uitgaven tot en met 2021-2 Buig (uitkerings- middelen)
Participatiebudget (reintegratie- middelen)
Participatiebudget (Wsw)
Totaal
Budgetten 2021
€ 5.164.2911
€ 570.447 2
€ 4.281.3933
€ 10.016.131
Uitgaven t/m 2021-2
€ 2.324.717
€ 221.282
€ 2.180.377
€ 4.726.376
1 Wijziging agv vaststelling ‘Nader voorlopige Macrobudget 2021 (dd. 23 april 2021) door Ministerie SZW’ 2 Wijziging agv ‘Decembercirculaire gemeentefonds 2020 (3de coronapakket) en ‘Meicirculaire gemeentefonds 2021’ 3 Wijziging agv ‘Meicirculaire gemeentefonds 2021’
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
7
Wmo Stand van Zaken Maatwerkvoorziening Natura immaterieel Wmo
Hulp bij het huishouden (ZIN)
1-7-2020
1-10-2020
1-1-2021
1-4-2021
1-7-2021
Aantal
576
591
594
606
627
Begeleiding (ZIN)
1-7-2020
1-10-2020
1-1-2021
1-4-2021
1-7-2021
Aantal
298
295
263
277
305
Maatwerkvoorziening Persoonsgebonden Budget immaterieel Wmo
Hulp bij het huishouden (PGB)
1-7-2020
1-10-2020
1-1-2021
1-4-2021
1-7-2021
Aantal
25
27
24
23
22
Begeleiding (PGB)
1-7-2020
1-10-2020
1-1-2021
1-4-2021
1-7-2021
Aantal
20
22
20
22
17
Maatwerkvoorziening Natura materieel Wmo
Collectief vervoer (Regiotaxi)
1-7-2020
1-10-2020
1-1-2021
1-4-2021
1-7-2021
Aantal
473
473
470
455
455
Vervoersvoorzieningen
1-7-2020
1-10-2020
1-1-2021
1-4-2021
1-7-2021
Aantal
256
256
270
275
Woonvoorzieningen
1-7-2020
1-10-2020
1-1-2021
1-4-2021
1-7-2021
Aantal
261
260
262
264
267
Rolstoelvoorzieningen
1-7-2020
1-10-2020
1-1-2021
1-4-2021
1-7-2021
Aantal
276
268
264
267
264
Toelichting op de cijfers
275
Het aantal cliënten dat gebruik maakt van huishoudelijke hulp is wederom gestegen in dit kwartaal. De stijging is bijna 9% ten opzichte van het aantal op 1 juli 2020. We zien in dit kwartaal wederom een stijging bij de Wmo-dienstverlening begeleiding in natura na een eerdere daling rond de jaarwisseling. De aantallen lijken zich enigszins te herstellen na een trendmatige daling in het afgelopen jaar. Een goede verklaring voor deze daling was er niet, maar we vermoeden een verband met corona. Door de recente stijging in de afgelopen kwartalen wordt dit vermoeden nog eens bevestigd. Het aantal PGB-houders blijft redelijk stabiel, al zien we een lichte daling bij begeleiding. Ook de aantallen bij de verstrekte hulpmiddelen blijven stabiel. We zien een lichte stijgende trend bij de verstrekte woonvoorzieningen.
8
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
Ontwikkelingen Regiotaxi in de eerste maanden van 2021
Als gevolg van de RIVM maatregelen ten gevolge van het coronavirus is het doelgroepen-vervoer in eerste vier maanden van 2021 gedaald naar 48% ten opzichte van dezelfde periode in 2019. Een ontwikkeling die zijn weerslag heeft in de efficiency van het regiotaxivervoer. Om de continuïteit van het vervoer na Corona te borgen heeft het Algemeen Bestuur gehoor gegeven aan de oproep van het Rijk en de VNG, om met de vervoerder afspraken te maken. Afspraken die moeten voorkomen dat vervoerders als gevolg van de coronacrisis alsnog failliet gaan en het zorgvervoer in Nederland tot stilstand komt en/ of na de Coronacrisis niet meer kan worden gecontinueerd. Net als bij het reguliere OV, zorgen de RIVM-maatregelen voor een terugval in het vervoersvolume van de regiotaxi. Het aantal ritten en de afgelegde kilometers ligt rond de 50% van het normale volume. Tabel: Realisatie aantal ritten januari t/m april 2021
In de eerste vier maanden van 2021 zijn 59 klachten ingediend waarvan 27 klachten gegrond. Op het aantal ritten is dit 0,1%. Door de daling in het vervoer zijn de inkomsten voor de gemeenten in de vorm van de eigen bijdrage eveneens afgenomen. In het totaal is voor de exploitatie van het vervoer over de maanden januari t/m april 33% minder uitgegeven dan begroot. In maart en april zijn 615 ritten uitgevoerd naar vaccinatielocaties. Wmo-pashouders konden naar deze locaties reizen zonder een eigen bijdrage te betalen.
Resultaten cliëntervaringsonderzoek (CEO) Wmo 2020 (uitgevoerd in 2021)
Op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning zijn gemeenten verplicht jaarlijks te onderzoeken hoe cliënten de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning ervaren en de uitkomsten van dit onderzoek te publiceren. De gemeente heeft in samenwerking en afstemming met de regiogemeenten ook dit jaar weer een onafhankelijk onderzoek uit laten voeren door BMC. Het cliëntervaringsonderzoek bestaat uit een aantal, door het ministerie verplichte vragen en daarnaast uit een aantal vragen die zijn toegevoegd door de gemeente.
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
9
Naast het verplichte onderzoek is door BMC eveneens een onderzoek uitgevoerd naar de cliënttevredenheid, specifiek bij huishoudelijke hulp in de regiogemeenten. De rapportage biedt inzicht op aanbiedersniveau. Beide rapporten zijn in september 2021 beschikbaar en de verplichte versie wordt uiteindelijk ook gepubliceerd op www.waarstaatjegemeente.nl
Wmo Verordening gemeente Land van Cuijk
Ambtelijk zijn de voorbereidingen al in volle gang om op 1 januari 2022 één uitvoeringsbeleid te hebben voor de Wmo in de nieuwe gemeente. Hiervoor zijn de huidige 5 Wmo-verordeningen vergeleken en tegen het licht gehouden. Op dit gebied werd al veel samen afgestemd in het Land van Cuijk en dat betekent dat er beleidsinhoudelijk geen grote verschillen te overbruggen zijn. De samengevoegde Wmoverordening 2022 is vooral een technische exercitie voor een vast te stellen eenduidige uitvoering van bestaand beleid voor het Land van Cuijk in een nieuwe Wmo-verordening. Dit zelfde geldt voor de Nadere Regels maatschappelijke ondersteuning die gaan gelden voor 2022 in de nieuwe gemeente Land van Cuijk. De ASD’s van de betrokken gemeenten worden geïnformeerd over de gewijzigde regelingen. In de maand september 2021 zal er een besluit genomen worden over het ambtelijk voorstel voor deze geharmoniseerde regels in de Wmo vanaf 2022. De stukken kunnen dan tijdig aangeboden worden voor een collegebesluit of raadsbesluit in de nieuwe gemeente Land van Cuijk.
De financiën in de Wmo
De belangrijkste budgetten 2021 en de uitgaven tot en met het tweede kwartaal van 2021 voor de gemeente Boxmeer:
Wmo Voorzieningen
Huishoudelijke Verzorging ZIN
Budgetten 2021
€ 591.000
€ 1.835.000
€ 82.000
€ 2.449.281
€ 230.000
Uitgaven t/m 2021-2
€ 204.228
€ 833.539
€ 29.900
€ 1.050.921
€ 91.700
10
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
Huishoudelijke Begeleiding Verzorging PGB ZIN
Begeleiding PGB
Jeugdhulp Land van Cuijk Cijfers Jeugdzorg Gemeente Boxmeer Q2 2021 Met betrekking tot de indicatiebesluiten Jeugdwetvoorziening én aantal Jeugdigen wordt gekeken of de jeugdige en voorziening actief was in het betreffende kwartaal. Aantal aanmeldingen jeugdigen
2019
1e kw 2019
2e kw 2019
Boxmeer
89
3e kw 2019 101
4e kw 2019 98
118
2020
1e kw 2020
Boxmeer
2e kw 2020 111
3e kw 2020 144
4e kw 2020 111
113
2021
1e kw 2021
Boxmeer
2e kw 2021 128
3e kw 2021
4e kw 2021
112
Bronnen: - Informatie afkomstig uit Suite sociale regie
Dit betreft het aantal aanmeldingen bij de Poort Jeugd. Deze leiden niet in alle gevallen tot het inzetten van een voorziening. Er is sprake van een daling van het aantal aanmeldingen ten opzichte van het eerste kwartaal van 2021. In het eerste kwartaal zagen we een stijging, wellicht door de invloed van Corona en de tweede onderwijssluiting. In het tweede kwartaal was hier geen sprake meer van. Aantal jeugdigen met een voorziening
Gemeente Boxmeer
2e kw 2019
3e kw 2019
4e kw 2019
1e kw 2020
2e kw 2020
3e kw 2020
4e kw 2020
1e kw 2021
2e kw 2021
587
562
579
574
556
555
560
551
550
In het tweede kwartaal van 2021 is er voor Boxmeer sprake van een lichte daling van het aantal jeugdigen met een voorziening ten opzichte van het eerste kwartaal van 2021. Er is tevens een daling zichtbaar als er vergeleken wordt met het tweede kwartaal van 2020. Aantal indicaties jeugdwetvoorzieningen PGB
2019
1e kw 2019
Boxmeer
2020
124
1e kw 2020
Boxmeer
2021 Boxmeer
2e kw 2019
3e kw 2019 119
2e kw 2020 130
1e kw 2021
147
3e kw 2020 123
2e kw 2021 108
4e kw 2019 126
4e kw 2020 142
3e kw 2021
132
4e kw 2021
119
Bron: Suite Sociaal Domein
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
11
Er is een stijging ten opzichte van het eerste kwartaal van 2021 te zien in het aantal PGB’s. Corona zou hier een invloed op gehad kunnen hebben. Aantal indicaties jeugdwetvoorzieningen ZIN
2019
1e kw 2019
Boxmeer
2020
870
1e Kw 2020
Boxmeer
2021
2e kw 2019 845
2e Kw 2020 921
1e Kw 2021
Boxmeer
3e kw 2019 821
3e kw 2020 834
2e Kw 2021 876
4e kw 2019 841
4e kw 2020 853
3e kw 2021
852
4e kw 2021
859
Bron: Suite Sociaal Domein
Er is een lichte daling te zien in het aantal indicaties ZIN in het tweede kwartaal van 2021 ten opzichte van het eerste kwartaal 2021. Deze daling is ook zichtbaar in het tweede kwartaal van 2020. Dit kan een natuurlijk verloop zijn, er is geen eenduidige oorzaak te herleiden. Aantal indicaties jeugdwetvoorzieningen anders gefinancierd
2019
1e kw 2019
Boxmeer
2020
28
1e kw 2020
Boxmeer
2021
2e kw 2019 22
2e kw 2020 30
1e kw 2021
Boxmeer
3e kw 2019 36
3e kw 2020 25
2e kw 2021 29
4e kw 2019 29
4e kw 2020 31
3e kw 2021
25
4e kw 2021
31
Bron: Suite Sociaal Domein
Bovenstaande betreft alle aanvullende zorg die rechtstreeks wordt betaald door de gemeente. Hierbij gaat het om niet ingekochte zorg zoals LTA vervoer, SMI, instellingsverklaringen plaatsingen gesloten jeugdzorg. Ten opzichte van het eerste kwartaal van 2021 is er voor Boxmeer een lichte stijging waar te nemen.
12
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
Totaal indicaties jeugdwetvoorzieningen 4
2019
1e Kw 2019
Boxmeer
2020
1023
4e kw 2020 1029
2e kw 2021 1013
996
3e kw 2020 982
1e kw 2021
4e kw 2019 1004
2e kw 2020 990
Boxmeer
3e kw 2019 986
1e kw 2020
Boxmeer
2021
2e Kw 2019
1009
3e kw 2021
4e kw 2021
1009
Bron: Suite Sociaal Domein
Voor Boxmeer is er van een lichte daling ten opzichte van het eerste kwartaal van 2021 zichtbaar in het aantal indicaties jeugdwetvoorzieningen. Verwijzers per indicatie advies (*)5
2019
1e Kw 2019
2e Kw 2019
3e kw 2019
4e kw 2019
Gemeente
851
959
988
1033
Huisarts
878
1016
994
1017
Jeugdarts
29
36
39
39
GI
182
222
217
211
Medisch Specialist
54
65
67
68
Zelfverwijzer
2
2
2
2
Onbekend
1
1
1
0
Rechter, RvdK of Off. V Just.
180
203
208
201
Leeg
85
45
57
64
2262
2549
2573
2635
Eindtotaal
4 E r is een kleine afwijking in de totaal telling i.r.t. de aantallen PGB, ZIN en Anders gefinancierd. Dit komt doordat enkele indicaties géén financieringsvorm hebben in de administratie en niet opgenomen zijn in de nieuwsbrief. 5 Het betreft hier tabellen voor het gehele Land van Cuijk.
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
13
2020
1e kw 2020
2e kw 2020
3e kw 2020
4e kw 2020
Gemeente
1097
1079
1103
1088
Huisarts
983
920
894
901
Jeugdarts
39
39
33
32
GI
224
220
228
232
Medisch Specialist
63
66
66
66
Zelfverwijzer
2
2
2
2
Onbekend
0
0
0
0
Rechter, RvdK of Off. V Just.
197
233
250
254
Leeg
89
88
99
105
2694
2647
2675
2680
Eindtotaal 2021
1e kw 2021
2e kw 2021
3e kw 2021
Gemeente
935
743
Huisarts
863
849
Jeugdarts
39
43
GI
214
216
Medisch Specialist
65
75
Zelfverwijzer
2
2
Onbekend
0
0
Rechter, RvdK of Off. V Just.
243
237
Leeg
81
65
2441
2230
Eindtotaal
4e kw 2021
(*) Verwijzers zijn als administratief gegeven vanaf 2015 niet altijd geregistreerd of meegekomen met het berichtenverkeer. Daarin ligt de reden dat het aantal indicaties in deze tabel afwijkt van de totaal aantal indicaties in de andere indicatie tabellen. Bron: Suite Sociaal Domein
33,3% van de verwijzingen zijn in het tweede kwartaal van 2021 gedaan door de gemeente, tegen 38,1% door de huisartsen. Procentueel zien we ten opzichte van het eerste kwartaal 2021 een lichte stijging in het aantal verwijzingen door de huisarts. In de loop van 2019 is er gestart met de pilot POH GGZ Jeugd bij een aantal huisartsenpraktijken. Een van de doelen van deze pilot is het aantal verwijzingen via huisartsen te verlagen.
14
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
Begrippenlijst PGB = Persoonsgebonden budget ZIN = Zorg in natura LTA = Landelijk Transitie Arrangement SMI = Sociaal Medische Indicatie GI = Gecertificeerde instellingen RvdK = Raad van de Kinderbescherming Off. V Just. = Officier van Justitie POH = Praktijk Ondersteuner Huisartsen BJG = Basisteam Jeugd en Gezin
Nieuwsbrief Sociaal Domein - 2e kwartaal 2021
15
Bijlagen Nieuwe werkwijze dyslexie Kinderen met een vermoeden van Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED) hebben recht op onderzoek en, indien EED wordt vastgesteld, gespecialiseerde behandeling als onderdeel van de Jeugdzorg. Gemeenten hebben vanaf 2015 de taak om deze specialistische dyslexiezorg te organiseren en te financieren. Onderzoek heeft uitgewezen dat samenwerking tussen gemeenten en onderwijs van essentieel belang is om de kwantiteit en kwaliteit van de vergoede dyslexiezorg te sturen en te bewaken. Om dit te realiseren is in 2019 de pilot dyslexie in Land van Cuijk van start gegaan. De pilot bleek zowel financieel als inhoudelijk succesvol, wat ertoe heeft geleid dat de pilot is omgezet in een vaste werkwijze. Aanleiding In het Land van Cuijk maakte een relatief groot aantal kinderen dat gebruik van de vergoede dyslexiezorg. Jaarlijks werd circa 2,1% van alle kinderen in het basisonderwijs in het Land van Cuijk aangemeld voor de vergoede dyslexiezorg. Landelijk wordt de prevalentie van dyslexie geschat op 0,9%. De EED-aanvragen van scholen werden voorheen doorgezet naar het CJG en direct omgezet in een indicatie voor onderzoek en behandeling, zonder inhoudelijke toetsing. Vóór de nieuwe werkwijze kostte dit de gemeenten in het Land van Cuijk €685.000 per jaar.
De nieuwe werkwijze moet ervoor zorgen dat het percentage vergoede dyslexiezorg op een verantwoorde wijze wordt teruggebracht naar het landelijke streefcijfer van 0,9%. Verantwoord betekent in deze context dat het er vooral om gaat dat alle kinderen de ondersteuning krijgen die ze nodig hebben c.q. waar ze recht op hebben. Dus ook inhoudelijk was er een reden om de werkwijze aan te passen. Immers als je eigenlijk geen dyslexie hebt, maar wel dyslexiezorg ontvangt, wordt je dan wel op de juiste manier geholpen? Hoe ziet die nieuwe werkwijze eruit? Er is een poortwachter aangesteld, die een inhoudelijke toetsing van de dyslexieaanvragen doet. De poortwachter heeft niet alleen als taak de dossiers te beoordelen, maar speelt ook een rol in het actief ondersteunen van scholen bij het screenen en indienen van aanvragen en bij het effectief invullen van de drie ondersteuningsniveaus op school voor kinderen met lees- en spellingonderwijs. Daarnaast monitort de poortwachter de aanvragen, waardoor voor onderwijs en zorg mogelijkheden worden gecreëerd om richtinggevende kwalitatieve- en kwantitatieve conclusies te trekken. Om deze inhoudelijke stap mogelijk te maken, is de poortwachter ondergebracht bij het samenwerkingsverband Passend Onderwijs voor het Land van Cuijk: Stromenland.
Samenwerkingsverbanden bestaan uit de schoolbesturen van de desbetreffende regio en hebben als taak ervoor te zorgen dat alle kinderen een goede onderwijsplek hebben. Het liefst op een reguliere basisschool en dichtbij huis. Soms is er dan extra ondersteuning nodig voor kind, dat wordt geregeld door het samenwerkingsverband. Met de nieuwe werkwijze versterken de poortwachter en de medewerkers van het samenwerkingsverband voor lezen en schrijven elkaar. Wat kost het? De bekostiging van de poortwachter vindt plaats vanuit de Jeugdzorg LvC waar de vijf gemeenten in het LvC aan bijdragen, omdat (toeleiding naar) diagnostiek en dyslexiezorg onder de jeugdwet valt. De werkzaamheden van de poortwachter binnen het samenwerkingsverband, worden gecompenseerd door de werkzaamheden die het samenwerkingsband voor de poortwachter uitvoert. De poortwachter kost de gemeente €90.000 per jaar.
Wat levert het op? Het kwantitatieve resultaat is positief. Er is sprake van een substantiële bezuiniging voor de gemeenten. In 2020 zijn er 28 indicaties afgegeven, in plaats van gemiddeld 144 per jaar in 2016-2019. 0,55% van de basisschoolkinderen werd aangemeld en 0,44% van hen heeft een indicatie gekregen voor de vergoede dyslexiezorg. Voor 2020 betekent dit een kostenbesparing voor de 5 gemeenten Land van Cuijk van zo’n €550.000 ten opzichte van de gemiddelde kosten per jaar 2016-2019. Er is dus sprake van een ruim inverdieneffect. Kanttekening hierbij is dat er twee effecten spelen die maken dat er vanaf half 2021 weer een lichte stijging in aanvragen wordt verwacht. Enerzijds zijn de coronamaatregelen van invloed geweest op de aanvragen voor vergoede dyslexiezorg. Het aantonen van hardnekkigheid van de problematiek is immers niet eenvoudig wanneer het reguliere onderwijs wegvalt of anders moet worden ingericht. Anderzijds is de nieuwe werkwijze met de poortwachter ook van invloed geweest op de aanvragen voor vergoede dyslexiezorg. Scholen moeten nu aan kunnen tonen dat de problematiek hardnekkig is. Dit neemt nu soms meer tijd in beslag dan voorheen. Echter verklaren deze twee effecten niet het volledige verschil tussen de percentages aanvragen 20162019 en die van 2020.
Landelijk wordt geconstateerd dat de inzet van een poortwachter vrijwel altijd leidt tot een aanzienlijke afname in aanmeldingen (ongeveer 1 procentpunt) en er voor zorgt dat de prevalentiecijfers meer overeenkomen met de landelijke verwachting. Als het LvC op de 0,9% van de landelijke verwachting zou zitten, is dit alsnog een besparing van €380.000 per jaar ten opzichte van de jaren 2016-2019. Daarnaast is het kwalitatieve resultaat ook positief. De scholen zijn beter op de hoogte van de landelijke criteria voor EED die gehanteerd worden als voorwaarden voor aanvraag van vergoede dyslexiezorg. De ondersteuningsniveaus die scholen dienen te bieden aan leerlingen voor goed lees- en spellingonderwijs zijn op diverse manieren inzichtelijk gemaakt. Scholen zijn de poortwachter steeds meer gaan betrekken bij de inrichting van de ondersteuningsniveaus, het adviseren bij een juiste afstemming op de onderwijsbehoeften van een kind en de screening van kinderen die eventueel in aanmerking zouden komen voor aanmelding vergoede dyslexiezorg. Ook is gebleken dat kinderen niet meer tussen wal en schip vallen: kinderen die door school zijn aangemeld maar niet voldoen aan de criteria, worden nu ook adequaat ondersteund. Voor deze kinderen bestaat er immers hulpvraag vanuit school en/of er is sprake van handelingsverlegenheid.
De brede taak van de poortwachter biedt ruimte om met scholen in gesprek te gaan over hun lees- en spellingonderwijs en de ondersteuning aan/interventies voor kinderen met lees- en spellingproblemen. Ook noemenswaardig is dat een juiste ondersteuning op dit lees- en spellingsgebied bijdraagt aan het voorkomen van (de maatschappelijke effecten van) laaggeletterdheid. De resultaten van de pilot zijn dusdanig positief dat deze is omgezet naar een vaste werkwijze.
Sinds 1985 verbinden wij organisaties met de klant.
CLIËNTERVARINGSONDERZOEK JEUGD
Rapportage 2020 15 maart 2021
1
INHOUD
Resultaten cliëntervaringsonderzoek • Toegankelijkheid • Beoordeling basisteam • Effect ondersteuning • Rapportcijfers basisteam
3
Beschrijvende statistieken respondenten
14
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
2
Sinds 1985 verbinden wij organisaties met de klant.
RESULTATEN
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
3
RESULTATEN | TOEGANKELIJKHEID EN BASISTEAM Cliënten zijn erg tevreden over het basisteam. 90% van de cliënten vindt dat er goede hulp is geboden. 0%
10%
20%
Eenvoudig bereikbaar n=100
30%
60%
70%
80%
90%
45% 55%
n=20
100%
28%
Q4-2020
17%
Q3-2020
50%
21%
74% 41%
Goede hulp geboden n=101
14%
48%
43% 60%
n=20
45%
n=19
42%
2%
2020
3%
Q4-2020
5%
Q3-2020
10%
40%
10%
Q2-2020
58% 59%
n=20
Q1-2020
9%
52%
42% 72%
n=20
Q1-2020
8% 27%
32%
Met respect behandeld n=100
Q2-2020
5% 45%
n=20
2020
10%
50%
n=22
n=22
50%
45%
n=20 n=19
40%
5% 14%
50%
45%
2020 Q4-2020
14%
Q3-2020
5%
n=19
37%
63%
Q2-2020
n=22
36%
64%
Q1-2020
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
Altijd
Vaak
Soms
Nooit 4
RESULTATEN | TOEGANKELIJKHEID EN BASISTEAM Cliënten zijn erg tevreden over het basisteam. Ruim 90% van de cliënten geeft aan de er hulp is geboden die nodig was. 0%
10%
20%
Samen keuzes gemaakt n=99
50%
60%
70% 49%
57% 60%
37% 62%
32%
n=21
33%
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
3%
Q4-2020
5%
5%
Q3-2020 Q2-2020
53%
Q1-2020
5%
6% 2% 2020 30%
37%
n=19
2020
10%
50% 57%
n=20
100%
5%
42%
n=29
90%
63%
29%
Hulp geboden die nodig was n=97
80%
5% 3% 30%
30%
n=19 n=21
40%
43%
n=29 n=20
30%
10%
3%
Q4-2020
5%
5%
Q3-2020
68% 62% Altijd
Vaak
Soms
Q2-2020 5%
Q1-2020
Nooit 5
RESULTATEN | BASISTEAM
75%
91%
85%
83%
81%
In onderstaande grafiek is het percentage te zien waarbij vaak en altijd van toepassing zijn op de stelling.
Hulp is tijdig gestart
86%
95%
100% 83%
90%
Eenvoudig bereikbaar
100% 91% 85% 87%
100%100% 90%
Goed geholpen
94%
Q2-2020
Q3-2020
Q2-2020
Q3-2020
90% 87%
92%
95%
100% 81%
Met respect behandeld Q1-2020
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
95% 86%
Q1-2020
Samen keuzes gemaakt Q4-2020
Q4-2020
2020
100% 89% 87%
92%
Nodige hulp geboden
2020 6
RESULTATEN | EFFECT ONDERSTEUNING 75% van de cliënten voelt zich beter door de hulp die hij/zij krijgt. 0%
20%
Kind voelt zich beter n=80
60%
19%
n=25
24%
53%
26%
25%
56%
8%
Gaat thuis beter n=74
100% 23%
48%
16%
n=16
80%
56%
24%
n=19
n=13
40%
n=26
19%
n=18
17%
n=14
23%
54%
Q4-2020
5%
Q3-2020
Q2-2020 Q1-2020 5%
2020
4%
Q4-2020
23%
50%
22%
50%
n=12
4%
15%
55%
21%
2020
19%
77% 16%
3%
21%
75%
11%
Q3-2020
7%
Q2-2020
25%
Q1-2020
Beter op school/dagbesteding n=70
11%
54%
30%
4%
2020
n=23
13%
52%
30%
4%
Q4-2020
n=18
67%
n=13 n=13
15%
46%
8%
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
31%
46% Veel beter
Q3-2020
33% 8%
46% Beetje beter
Hetzelfde gebleven
Q2-2020 Q1-2020
Beetje slechter 7
RESULTATEN | EFFECT ONDERSTEUNING De hulp heeft weinig invloed op betere relaties met anderen. 0%
20%
40%
60%
80%
100%
Kind kan beter problemen oplossen n=63
11%
52%
35%
2020
n=24
13%
50%
38%
Q4-2020
n=17
12%
n=12
11%
Betere relaties n=51
10%
n=14
7%
n=15
7%
n=11
9%
n=12
8%
44% 49%
55% 57%
30%
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
Q3-2020
9%
Q2-2020 Q1-2020
24% 44%
30%
22% 50%
23%
54% 75% Veel beter
7%
58%
17%
Beetje beter
Hetzelfde gebleven
2020 Q4-2020
40%
33%
n=12
4%
49%
27%
10%
Q1-2020
44%
37%
Q3-2020 Q2-2020
17%
47%
n=12
6%
67%
50%
n=23 n=10
24%
17%
n=9
Beter leren omgaan met gedrag kind n=70
59%
2020 4% 10%
Q4-2020 Q3-2020
23%
Q2-2020
25%
Q1-2020
Beetje slechter 8
RESULTATEN | BASISTEAM In onderstaande grafiek is het percentage te zien waarbij veel beter en een beetje beter van toepassing zijn op de stelling. De hulp heeft het meest effect op de mate waarin het kind zich beter voelt en op het beter leren omgaan met het kind. De hulp heeft minder effect op de relaties met anderen. 100% 85% 81% 68%
83% 72%
75%
75% 71% 73% 67%
72%
67% 65% 62% 54%
71% 63%
66%
77% 64%
55%
57% 53% 41% 36%
Kind voelt zich beter
Gaat thuis beter
Beter op school/dagbesteding Q1-2020
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
Q2-2020
Kind kan beter problemen oplossen Q3-2020
Q4-2020
Betere relaties
74%
74%
47% 40%
Beter leren omgaan met gedrag kind
2020
9
RESULTATEN | RAPPORTCIJFER BASISTEAM In 2020 beoordelen ouders/verzorgers het basisteam gemiddeld met een 7,7.
Cijfers Heel 2020
7,7
8,1 7,4
7,8
7,7
7,6
Rapportcijfer basisteam Q1-2020
Q2-2020
Q3-2020
Q4-2020
Boxmeer n=34
2020
Korter dan 3 maanden
7,8
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
n=49
7,3
Cuijk n=33
7,4
St. Anthonius n=12
Tussen 3-6 maanden
7,5
8,4
7,8
n=20
Grave n=18
Mill en St. Hubert n=13
Tussen 6-12 maanden
Langer dan 1 jaar
8,0
7,5
n=4
10
n=37
RESULTATEN | OPEN ANTWOORDEN Uit de cijfers blijkt dat meeste cliënten een 7 of een 8 geven voor de ondersteuning van het CJG. Uit de open antwoorden op de vraag “Waarmee heeft het CJG u het meeste geholpen?” blijkt dat dat o.a. te maken heeft met het feit dat cliënten vinden dat het CJG goed naar hen luistert en met hen meedenkt: “Het gesprek met de gemeente was heel aangenaam, ze werden niet ondervraagd, het was echt een tweezijdig gesprek. Meedenken met de ouders, andere visies en andere alternatieven benoemen. Erg prettig was dat.” “Goed geluisterd en ze doen hun best. Medewerker is heel lief.” “Ze denken erg goed mee met je” Daarnaast hebben cliënten het gevoel dat het CJG er voor hen is, en dat hun problemen serieus worden genomen. Dat blijkt uit de volgende antwoorden op de vraag “Waarmee heeft het CJG u het meeste geholpen?’: “Het serieus nemen en de korte lijnen” ““Het luisteren en er zijn bij problemen” “Vooral dat je je gehoord voelt. Serieus genomen worden”
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
11
RESULTATEN | OPEN ANTWOORDEN Ook zijn cliënten positief over het feit dat er snel hulp wordt geboden. Cliënten geven namelijk als antwoord op de vraag “Waarmee heeft het CJG u het meeste geholpen?”: “Met de korte lijntjes, er was zelf contact via WhatsApp of beeldbellen. De communicatie verliep heel goed, waardoor het snel geregeld kon worden.” “Het snelle contact en handelen.” Daarnaast noemen cliënten vaak dat ze tevreden zijn over de manier waarop het CJG hen hulpvraag samenvat, en de hulp die op basis daarvan wordt voorgesteld (voorgestelde hulp): “De juiste hulp kiezen, en de administratie erom heen.” “het luisterend oor om het probleem te onderscheppen”
“het goed samenvatten van de hulpvraag.” “Het doorverwijzen naar de juiste organisatie.”
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
12
RESULTATEN | OPEN ANTWOORDEN Cliënten die een 6 of lager geven leggen vaak niet uit wat ze minder vonden aan de hulp of begeleiding. Of er liggen andere zaken aan ten grondslag. Bijvoorbeeld onvrede over het feit dat een kind niet meer bij de ouder woont. Als cliënten wel uitleggen waarom ze een lagere beoordeling geven, dan heeft dat soms te maken met het feit dat de communicatie tussen de cliënt en de hulpverleners niet goed verliep. Zie de volgende antwoorden op de vraag: “Wat vond u minder goed aan de hulp?”:
”Dat ze tijdens de gesprekken vaak afgeleid was en niet goed voorbereid” ”Dat alles weer opnieuw aangevraagd en getoetst moest worden” “De communicatie was erg slecht en het niet meedenken met het soort hulp dat wat nodig was”
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
13
Sinds 1985 verbinden wij organisaties met de klant.
BESCHRIJVENDE STATISTIEKEN
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
14
ONDERZOEKSVERANTWOORDING Doelgroep: Veldwerkmethode: Veldwerkperiode: Rapportage:
(Ouders/verzorgers van) cliënten die in 2020 gebruik maken/hebben gemaakt van Jeugdhulp Telefonische enquête februari 2020 t/m februari 2021 In deze rapportage zijn de resultaten van het doorlopende onderzoek opgenomen. De respons kan per vraag variëren omdat de antwoordoptie ‘niet van toepassing’ buiten beschouwing is gelaten.
Kwartaal
Aangeschreven
Respons ouders/verzorgers
Respons jongeren
Respons %
2020 Q1
52
27
1
51,9%
2020 Q2
29
20
-
69,0%
2020 Q3
41
21
-
51,2%
2020 Q4
37
32
1
89,2%
Heel 2020
149
113
2
77,2%
Rapportage 2020 – Land van Cuijk, 15 maart 2021
15
Sinds 1985 verbinden wij organisaties met de klant.
Prinsenweg 16, 6997 AW Hoog-Keppel 0314 - 359 889 | info@magis.nl www.magis.nl
16