CConstaterende datBorsele
Koppel je AI →
Document · PDF

A. Achtergrondinformatie en samenvatting informatieavonden Sociaal Domein Borsele

Informerende- en kaderstellende raad 19 juni 2025, gemeente BorseleBij agendapunt: Korte terugblik landelijke ontwikkelingen en toekomstige opgaven door mevrouw Van Bambost2.662 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Achtergrondinformatie en samenvatting informatieavonden Sociaal Domein Borsele t.b.v. kaderstellende raad 19 juni 2025

Achtergrond U bent op 20 mei en 24 november 2024 geïnformeerd over de stand van zaken binnen het sociaal domein en de ontwikkelingen en opgaven voor de komende beleidsperiode. In deze bijlage geven we een samenvatting van de wettelijke kaders binnen het sociaal domein en een korte weergave van de eerder gedeelde informatie. Deze informatie is van belang voor de kaderstelling, omdat het inzicht geeft in de opgaven en lokale ruimte die we als gemeente hebben binnen landelijke kaders en regionale afspraken.

1. Sociaal Domein en wettelijke kaders Het sociaal domein omvat het geheel aan inspanningen (professioneel en informeel) dat de gemeente verricht ten aanzien van de ondersteuning van inwoners in een kwetsbare positie. Het sociaal domein wordt traditioneel benaderd vanuit de drie gecentraliseerde wetten: de Jeugdwet, de Wet Maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Participatiewet. Ook de Wet Publieke Gezondheid (Wpg), Wet verplichte GGZ (WvGGZ), Wet schuldhulpverlening en de Wet Inburgering worden tot het sociaal domein gerekend. De gemeente is vanuit deze wetten opdrachtgever voor het gezondheidsbeleid, het brede welzijnswerk en de inzet van vrijwilligersorganisaties. Een aantal uitvoerende taken vanuit deze wettelijke verantwoordelijkheden is belegd bij: • • • • • • •

De Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Zeeland; Afdeling Werk, Inkomen en Zorg (WIZ) van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) de Bevelanden; De Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ); Het Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland; Samenwerkingsverband Welzijnszorg Oosterschelderegio (SWVO); Stichting Maatschappelijk Werk en Welzijn Oosterschelderegio (SMWO), en; De Betho.

Een groot deel van de taken, waaronder welzijn en de toegang tot jeugdzorg (CJG), voeren wij als gemeente Borsele zelf uit. Het dagelijks leven van inwoners, de uitdagingen die zij tegenkomen en de oplossingen daarvoor zijn niet door domeinen begrensd. Aspecten zoals wonen, werken, leren, leven, ontmoeten, bewegen, zorgen en recreëren hebben allemaal invloed op het welzijn, de gezondheid en het welbevinden van inwoners. Met andere woorden: inwoners bewegen zich door alle domeinen heen. Dit geldt ook voor de opgaven die op ons afkomen. Daarom zien we, naast nauwe samenwerking met onderwijs, sport en cultuur, ook een sterke verbinding met de domeinen economie, ruimtelijke ontwikkeling en openbare orde en veiligheid.

2. Ontwikkelingen 2.1 Algemeen De afgelopen jaren is de zorg- en ondersteuningsbehoefte van inwoners toegenomen. Dit wordt o.a. versterkt door vergrijzing, veranderde leefomstandigheden en (ongezonde) leefgewoonten. Door grote financiële tekorten en krapte op de arbeidsmarkt moeten we het sociaal domein anders inrichten. Het zorgt voor noodzakelijke veranderingen in ons zorgstelsel, in ons denken en ons doen. Het algemene uitgangspunt daarbij is dat (steeds) meer wordt uitgegaan van de eigen kracht van inwoners en het belang van een sterke sociale basis, zodat zorg beschikbaar blijft voor de meest kwetsbare doelgroepen. Tegelijkertijd wordt hiermee de druk op de financiën verlaagd. De diverse landelijke programma’s en regionale ontwikkelingen zijn hierop ingericht, en deze staan vanzelfsprekend niet op zichzelf. Ze zijn gebaseerd op een integrale visie op het sociaal domein en worden om deze reden ook in samenhang uitgewerkt. In dit hoofdstuk zijn achtereenvolgens de landelijke programma’s en regionale ontwikkelingen kort samengevat.

1

2.2 Landelijke ontwikkelingen Naast de wettelijke kaders zijn er diverse landelijke programma’s waar wij als gemeente verplicht vorm aan moeten geven. Het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en het Integraal Zorg akkoord (IZA), de Hervormingsagenda Jeugd (HAJ) en het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming zijn leidend voor de keuzes die worden gemaakt.

2.2.1 GALA en IZA Vanuit het GALA wordt een gezonde generatie in 2040 nagestreefd. Gezondheid wordt in dit kader beschouwd vanuit de brede blik van positieve gezondheid. Het gaat verder dan de afwezigheid van ziekte en klachten: positieve gezondheid betreft het vermogen van mensen om met de fysieke, emotionele en sociale levensuitdagingen om te gaan en zoveel mogelijk eigen regie te voeren.

Figuur 1: Overzicht thema’s GALA

Vanuit het Gezond en Actief leven Akkoord (GALA) bouwen we aan het fundament voor een gerichte lokale en regionale aanpak op het gebied van preventie, gezondheid en de sociale basis. Hiervoor maken we afspraken vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid als rijksoverheid, gemeenten en zorgverzekeraars. Kerngezond Borsele is hier een goed voorbeeld van. We doorbreken de schotten en werken domein overstijgend vanuit samenhang om zo bij te dragen aan de beweging naar ‘de voorkant’ waarin een gezonde samenleving centraal staat. Vanuit het Integraal Zorg Akkoord (IZA) liggen er regionale gemeentelijke opgaven rondom o.a. de versterking van de samenwerking van de eerstelijnszorg met het sociaal domein en huisartsen. Ook de opzet van een regionale GGZ-lijn hoort hierbij. Verder gaat het om de uitrol van ketenaanpakken kansrijke start, welzijn op recept, aanpak overgewicht en obesitas (voor kinderen en volwassenen) en valpreventie. Een groot deel van deze onderwerpen pakken we op via het Project Kerngezond Borsele. Uitgangspunt van het IZA is dat zorg en ondersteuning aan inwoners transformeert, zodat deze toegankelijk en betaalbaar blijft (van verzorgingsstaat naar participatiestaat). Dit vraagt om een grote verandering in

2

denken en doen, zowel bij inwoners als bij gemeenten en (zorg)organisaties. De komende jaren vereist dit onder andere inzet op domein overstijgende samenwerking. Zorg die nu wordt ingezet vanuit de (2e en) 1e lijn, dient (deels) te worden verschoven naar het voorliggend veld en de samenleving (samenredzaamheid). De druk op de middelen (capaciteit en financiën) voor de inzet van de geïndiceerde zorg wordt steeds groter, waardoor er vanuit het rijk een steeds groter beroep wordt gedaan op ondersteuning vanuit het sociaal domein. Denk hierbij ook aan een toename voor noodzakelijke mantelzorgondersteuning en respijtzorg. Voor de financiering van deze beoogde verschuiving van zorg/ondersteuningsvragen van medisch naar sociaal domein is er landelijk nog geen oplossing. Het IZA wordt verbreed, geïntensiveerd en geconcretiseerd in het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) tot en met 2028. In dit nieuwe akkoord staan de gelijkwaardigere toegang tot zorg en welzijn en het afwenden van het arbeidsmarkttekort centraal. We verwachten dit akkoord medio juli 2025.

2.2.2 Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028 De Hervormingsagenda Jeugd (HAJ) omvat een groot pakket afspraken om de jeugdzorg te verbeteren en ervoor te zorgen dat jeugdzorg financieel betaalbaar blijft. De Hervormingsagenda Jeugd kent twee hoofddoelstellingen, te weten: -

Het verbeteren van de kwaliteit en passende zorg voor kinderen en gezinnen Het op lange termijn betaalbaar houden van het stelsel.

Om deze doelstellingen te behalen, zijn diverse maatregelen opgesteld: 1. Afbakening reikwijdte jeugdhulpplicht: jeugdhulp voor de meest kwetsbare gezinnen (maatschappelijke dialoog in relatie met normaliseren); 2. Jeugdhulp steviger verbinden aan aanpalende domeinen zoals het onderwijs, volwassenen-GGZ en bestaanszekerheid; 3. Stevige Lokale Teams en toegang (belangrijkste gemeentelijke opgave); 4. Terugdringen residentiële jeugdhulp: zo thuis mogelijk; 5. Kwaliteitsverbetering en blijvend leren en verbeteren; 6. Verbetering van de organisatie en inkoop van specialistische jeugdzorg; 7. Eenvoudigere uitvoering van inkoop, minder administratieve lasten; 8. Verbetering inzicht in het functioneren van het jeugdstelsel met data een monitoring; Niet alle voorgestelde maatregelen vragen evenveel (lokale) aandacht. Voor sommige maatregelen geldt dat het Rijk het voortouw neemt, voor andere is de jeugdhulpregio Zeeland aan zet. Als we kijken naar de gemeentelijke opgaven binnen de HAJ (hierboven in groen) zien we dat de komende jaren de focus ligt op de vorming van het Stevig lokaal team (SLT) binnen de gemeente Borsele. Binnen het pakket aan maatregelen zoals opgesteld binnen de Hervormingsagenda jeugd en het Toekomstscenario Jeugd en Gezin is een belangrijke rol toebedeeld aan het versterken van de lokale (sociale) teams.

Deze teams hebben een zeer belangrijke, centrale rol bij het behalen van de transformatiedoelen zoals beschreven in de Jeugdwet. Er wordt verwacht dat de SLT’s dé sleutel zijn voor het terugdringen van de jeugdhulp. Dit betekent dat wij ons nog meer moeten richten op de inzet van tijdige en passende hulp aan of dichtbij huis. Denk hierbij ook aan groeps- en/of digitale ondersteuning. Er zal structureel moeten worden geïnvesteerd in kwaliteit en effectiviteit van jeugdhulp. Jeugdigen en gezinnen die hulp nodig hebben, moeten op het juiste moment passende ondersteuning krijgen die zo dichtbij mogelijk beschikbaar is. Zo licht en kortdurend als mogelijk, maar structureler en intensiever of in een specialistischere setting als dat beter past. Integraliteit is hierbij van belang: het is belangrijk breed te kijken en met de jeugdige en het gezin samen te onderzoeken wat de oorzaken zijn van de ontstane problemen. Deze oorzaken hoeven niet kind-gerelateerd te zijn; het kan ook gaan om problemen op andere leefgebieden. De lokale (sociale) teams moeten de vraag bekijken vanuit een breder domein overstijgend perspectief dan alleen vanuit jeugdhulp. Dit betekent aandacht voor het voorliggend veld, eigen kracht/netwerk gezinnen, bestaanszekerheid, huisvestiging onderwijs, WMO, volwassen GGZ; kortom, we moeten kijken naar de

3

gewenste ondersteuning in de breedste vorm. Om dit te verwezenlijken, is het noodzakelijk dat er (niet vrijblijvend) overkoepelend wordt samengewerkt binnen de diverse beleidsterreinen zoals onderwijs, bestaanszekerheid, schuldenaanpak en volwassenen-GGZ.

2.3 Regionale ontwikkelingen Naast de wettelijke kaders en landelijke programma’s zijn er ook regionale ontwikkelingen waar wij als Zeeuwse gemeente mede vorm aan geven.

2.3.1 Beschermd wonen Vanuit de decentralisatie van Beschermd Wonen, waarbij de verantwoordelijkheid verschuift van centrumgemeenten naar alle individuele gemeenten, wordt vereist dat gemeenten zich voorbereiden op het bieden van passende huisvesting en ondersteuning voor kwetsbare inwoners binnen hun eigen gemeenschap.

2.3.2 Regiovisie Jeugdhulp Zeeland 2023-2028 en Beheersmaatregelen Jeugdhulp Eind 2023 hebben alle dertien Zeeuwse gemeenteraden de regiovisie jeugdhulp Zeeland 2023-2028 vastgesteld. Op basis van de regiovisie is een uitvoeringsagenda opgesteld. Deze is onderdeel van het meerjarig uitvoeringsprogramma Zeeuwse Samenwerking Sociaal Domein (ZSSD). Om tot betere sturing en regie te komen, zijn in regionaal verband veertien beheersmaatregelen opgesteld. Zes daarvan zijn primair een verantwoordelijkheid van de gemeente. Het gaat daarbij onder andere over het toepassen van normaliseren, het verder afbakenen van jeugdhulp (vooruitlopend op de beperking van de reikwijdte van de Jeugdwet), het sturen op de effectiviteit van inzet van zorg, het intensiveren van de samenwerking met het onderwijs en het maken van afspraken met wettelijk verwijzers.

2.4 Een breed lokaal sociaal team We zien dat de Hervormingsagenda Jeugd een kwalitatief noodzakelijke omslag betreft die breder is dan alleen jeugd en gezinnen. In het verlengde van de HAJ zijn er logischerwijs (ook) ontwikkelingen binnen de Wmo. Die ontwikkelingen sluiten in de basis nadrukkelijk aan op de beweging vanuit de HAJ: voorliggende ondersteuning beschikbaar stellen om dure specialistische zorg te voorkomen. Dit vraagt om een omslag in de aanpak van onze inzet bij zowel jeugdigen als gezinnen en volwassen in het algemeen (0-100). We zien het als de Hervormingsagenda Sociaal Domein, waarbij een centrale rol is weggelegd voor het Stevig lokaal sociaal team 0-100 jaar. Het gaat om het op gang brengen van een beweging naar voren, stevige lokale teams zijn daarbij een deel van het antwoord. Teams die de spil zijn in de sociale basis en ter plekke ondersteunen in plaats van problematiseren en doorverwijzen. 2.4.1 Wat is een Stevig lokaal sociaal team? Het Stevig lokaal sociaal team is een professioneel team dat inwoners van een gemeente helpt. Het team bestaat uit verschillende professionals met uiteenlopende expertises en komt in actie als er in de buurt of wijk vragen of zorgen zijn.

Het Stevig lokaal sociaal team is een netwerk van professionals vanuit het gemeentelijk sociaal domein, de sociale basis, de lichte ondersteuning, de toegang en maatwerkvoorziening WMO en jeugd (geïndiceerde zorg) en sociale veiligheid. Het doel van stevige lokale sociale teams is om geïntegreerde en toegankelijke dienstverlening te bieden die aansluit bij de behoeften van inwoners. Iedere gemeente bepaalt zelf welke taken het lokale team uitvoert. Het team werkt waar mogelijk zo dicht mogelijk bij inwoners, bijvoorbeeld vanuit dorpshuizen, locaties van scholen en huisartsen. Lokale teams werken vanuit het besef dat de wereld niet maakbaar is, en dat falen en lijden óók onderdeel zijn van het dagelijks leven. Het lokale team stimuleert het ontstaan van krachtige, bloeiende, veilige buurten en duurzame netwerken, ten behoeve van álle inwoners. Zo levert zij een bijdrage aan een inclusieve samenleving, met kansen voor iedereen. Er is aandacht voor problemen en onderliggende oorzaken, zoals armoede, schulden en psychische kwetsbaarheid van ouders. Er is echter ook zeker aandacht voor krachten en beschermende factoren zoals talenten en een steunend netwerk. Een stabiel eigen netwerk helpt inwoners bij het zelf oplossend vermogen, waardoor lokale teams, of andersoortige overheidsoplossingen, soms niet meer nodig zijn.

4

3. Wat hebben we al bereikt? Tijdens de raadsbijeenkomst van 14 november 2024 heeft het bureau Nautus uitgebreid stilgestaan bij de behaalde resultaten vanuit onze huidige beleidsnota sociaal domein ‘een Samenleving maak je Samen’. Eén van hun belangrijkste conclusies was dat de maatregelen zoals opgenomen in de beleidsnota een goede basis hebben gelegd voor de Hervormingsagenda Jeugd, het GALA en het IZA. Als aanbeveling gaven zij het volgende mee: blijf deze lijn doorzetten met focus op de normalisering van hulpvragen en inzet eigen netwerk, de doorontwikkeling van datagedreven werken en de verdere toerusting van de toegangsmedewerkers en het gebiedsteam (Rapport Analyse uitvoering en effecten actie- en koersplan 2020-2023).

3.1 Ontwikkelpunten Terugblikkend op de lokale startfoto (landelijk instrument voor inrichting SLT) zien we dat we door de eerder gekozen koers al een deel van de opgaven vanuit de hervormingsagenda hebben opgepakt. Dit geeft een goede basis voor het stevig lokaal team. Hier kunnen we verder op bouwen. Vanuit de analyse zien we nog de volgende ontwikkelpunten: • • • • •

Uitbreiding en optimalisatie van voorliggende (algemene) voorzieningen; Verdere doorontwikkeling van het gebiedsteam tot stevig lokaal team dat zelf (meer) lichte hulp verleent en voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen; (Verdere) ontschotting sociaal domein; Kwaliteitsborging, en; Doorontwikkeling data gedreven werken.

4. Een blik op de toekomst Door de verschillende ontwikkelingen die op het sociaal domein afkomen, worden gemeenten gestimuleerd om hun beleid, werkwijzen en financiering aan te passen en voortdurend te evalueren. Dit met het doel een toekomstbestendig en integraal sociaal domein te realiseren, met effectievere en meer samenhangende ondersteuning. Deze beweging vraagt veel van gemeenten. Enerzijds zorgen alle ontwikkelingen voor verplichtingen en vraagt dit een proactieve houding. Anderzijds neemt de (financiële) druk enkel toe en is het voor gemeenten steeds lastiger om begrotingen sluitend te krijgen. Echter is de overtuiging vanuit het rijk dat gemeenten bij kunnen dragen door te investeren in preventie, regionale samenwerking, integrale aanpakken en de sociale basis. Al deze ontwikkelingen moeten er in samenhang voor zorgen dat er een toekomstbestendig zorg- en ondersteuningsstelsel ontstaat dat aansluit bij de behoeften van inwoners. Onderstaand figuur geeft het ambitieniveau weer waar we uiteindelijk naar toe moeten groeien en wat er beoogd wordt met de inzet van de diverse ontwikkelingen, de landelijke programma's en nieuwe wetgeving. Door verder te werken aan een solide sociale basis zoals bv.

bestaanszekerheid, minimaliseren gezondheidsverschillen, kansengelijkheid, veiligheid en leefbare wijken, voldoende aandacht voor welzijn, gezondheid en sport voorkomen we inzet van zwaardere zorg. Figuur 2: Overzicht ambitieniveau

5. Een blik op de toekomst 6. Een blik op de toekomst

5

5. Kansen en bedreigingen We leven in een wereld die niet maakbaar is, en waar we als gemeente niet alles voor de inwoner kunnen én hoeven oplossen. Gemeente en inwoners staan samen aan de lat voor de grote veranderingen die nodig zijn, binnen de landelijke en regionale kaders. Te midden van de uitdagingen in het sociaal domein zien wij hierin kansen: kansen om als gemeente het gesprek te stimuleren tussen inwoners over hoe we (nog) meer voor elkaar kunnen betekenen. Er is een eerlijk verhaal en een maatschappelijk gesprek nodig over waar we naartoe gaan als samenleving, als we nu niet inzetten op daadwerkelijk samen-leven. Het versterken van de sociale basis zien we als een rode draad voor de toekomst. De noodzakelijke omslag in ons denken en doen biedt kansen om méér te werken vanuit de sociale basis door sterke verbindingen en voorliggende voorzieningen. Dit is niet zonder gevolgen: het vraagt tegelijkertijd van ons als gemeente om meer los te laten en minder te sturen, zowel op het proces als op de uitkomst. Stimuleren we meer eigen regie en samenredzaamheid vanuit de samenleving, dan zullen we zelf minder grip hebben op de resultaten hiervan. In hoeverre durven we te investeren in dit sociale kapitaal?

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15631627/1