6. Voorstel Onderzoeksrapport Handhaving Energiebesparingsplicht Rekenkamer Borsele
Tekst van het document
Zaaknummer:
Raadsvoorstel
**
Nummer raadsvoorstel Raadsvergadering Portefeuillehouder
6 18 juni 2026 Burgemeester Dijksterhuis
Onderwerp
Rekenkamerrapport ‘Zeeuws Beeld Handhaving Energiebesparingsplicht’
Geachte raad, Hiermee leggen wij aan u een voorstel over bovengenoemd onderwerp ter besluitvorming voor.
RAADSVOORSTEL
VOORSTEL Wij stellen u voor om: 1. Kennis te nemen van de Bestuurlijke Nota ‘Zeeuws Beeld Handhaving Energiebesparingsplicht’. 2. In te stemmen met de conclusies en aanbevelingen uit de onder 1 genoemde nota. 3. Het college te vragen: a) Een plan van aanpak, inclusief tijdsplanning, op te stellen voor de uitvoering van de in de onder 1 genoemde nota opgenomen aanbevelingen. b) De raad hierover uiterlijk in december 2026 te informeren. AANLEIDING EN DOEL De Rekenkamer Zeeland en de gemeentelijke rekenkamers van Borsele, Goes, Reimerswaal, Noord-Beveland, Tholen, Middelburg, Vlissingen, Kapelle, Schouwen-Duiveland en Veere (hierna: de Zeeuwse Rekenkamers) hebben in 2024-2025 onderzoek verricht naar de uitvoering van toezicht en handhaving van de energiebesparingsplicht binnen de provincie Zeeland. Energiebesparingsplicht is de wettelijke plicht voor bedrijven en instellingen om energiebesparende maatregelen uit te voeren wanneer die zich binnen een redelijke termijn terugverdienen. Het gaat om maatregelen die technisch mogelijk zijn en financieel rendabel zijn, zoals het vervangen van verlichting, het verbeteren van isolatie of het efficiënter afstellen van installaties. De energiebesparingsplicht is een belangrijk instrument in het Nederlandse klimaatbeleid.
Door energie te besparen, worden de gevolgen van fossiel energiegebruik beperkt en wordt bijgedragen aan de Europese doelen voor energiebesparing.
Pagina 1 van 5
Daarnaast helpt de handhaving van de energiebesparingsplicht om netcongestie te verminderen en de energietransitie te ondersteunen. Energie die niet wordt gebruikt, hoeft immers ook niet te worden opgewekt of vervoerd. Hoe provincie en gemeenten omgaan met de handhaving van de energiebesparingsplicht is belangrijk voor het halen van de energie- en klimaatdoelen van het Rijk, de provincie en de gemeenten zelf. Het onderzoek van de Zeeuwse rekenkamers bouwt voort op het landelijke DoeMee-onderzoek ‘Energiebesparingsplicht’ van de Algemene Rekenkamer en de lokale rekenkamers. Daarin is gekeken hoe toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht in Nederland zijn geregeld en hoe effectief die zijn. Het doel van het onderzoek van de Zeeuwse rekenkamers is om Provinciale Staten van Zeeland en de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten in staat te stellen om: - Kennis te nemen van de taken op het gebied van het handhaven van de energiebesparingsplicht en de wijze waarop toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht in Zeeland wordt uitgevoerd door provincie en gemeenten in samenwerking met omgevingsdiensten. - Hen daarmee in positie te brengen om, indien van toepassing, besluiten te nemen die de doelmatigheid en effectiviteit van beleid ten goede komen.
De Bestuurlijke Nota ‘Zeeuws Beeld Handhaving Energiebesparingsplicht’ (hierna: de nota) die over dit onderwerp is opgesteld door de Zeeuwse rekenkamers is opgesteld, hebben we als bijlage toegevoegd.
RAADSVOORSTEL
ARGUMENTEN De centrale vraag bij het onderzoek luidt: “Hoe werd de handhaving van de energiebesparingsplicht in Zeeland uitgevoerd in de periode 2022-2025, welk beleid is daarop van toepassing, wat zijn de resultaten en hoe wordt daarover verantwoord?” Conclusies De Zeeuwse rekenkamers trekken de volgende conclusies: - De handhaving van de energiebesparingsplicht in Zeeland blijkt een effectief instrument om energiebesparende maatregelen bij bedrijven en instellingen te stimuleren. Bij ongeveer 80% van de controles in de afgelopen jaren zijn overtredingen van de energiebesparingsplicht vastgesteld. Dit laat zien dat bedrijven niet vanzelf alle energiebesparende maatregelen nemen die zich binnen vijf jaar terugverdienen. - Ondanks de effectiviteit van het instrument was de inzet op de handhaving van de energiebesparingsplicht in Zeeland in de periode 2021 tot en met 2025 beperkt. Door wisselende prioriteiten bij gemeenten, onvoldoende financiering en een gebrekkige samenwerking tussen gemeenten en de Regionale Uitvoeringsdienst Zeeland (RUD) bleef het tempo van de controles laag. - De provincie Zeeland vormde een uitzondering door beleid te ontwikkelen voor de energiebesparingsplicht en hiervoor jaarlijks extra middelen in te zetten.
Pagina 2 van 5
-
RAADSVOORSTEL
-
De meeste gemeenten boden deze steun niet, waardoor bij de RUD maar beperkt een robuust energieteam van handhavers kon worden opgebouwd. Vanaf 2026 neemt de robuustheid van de RUD toe door landelijke verplichte robuustheidscriteria. De uitvoering van het plan van aanpak ‘Robuuste RUD Zeeland’ zal de intensiteit van de handhaving op de energiebesparingsplicht naar verwachting verdubbelen. Het is echter nog onduidelijk in hoeverre deze intensivering daadwerkelijk bijdraagt aan de doelen voor energie en klimaat, bijvoorbeeld binnen de Regionale Energiestrategie Zeeland (RES). Zowel regionaal als landelijk ontbreekt een goed beeld van het maatschappelijke effect van de handhaving op de energiebesparingsplicht. De verantwoording over de uitvoering van de energiebesparingsplicht is nu versnipperd en verschilt in informatiewaarde. Er is winst te behalen als bevoegde gezagen op één plek op dezelfde manier verantwoording afleggen over de handhaving van de energiebesparingsplicht. De tweejaarlijkse verantwoordingsrapportage binnen de RES biedt hiervoor aanknopingspunten.
Aanbevelingen Op basis van deze conclusies doen de Zeeuwse rekenkamers uw vier aanbevelingen om aan het college van burgemeester en wethouders te vragen om: A. In overleg met de omgevingsdiensten meer inzicht te creëren in de effectiviteit van de handhaving op de energiebesparingsplicht. Betrek daarbij ook de doelen die zijn gesteld op het gebied van energie en klimaat. Sluit aan bij landelijke informatie en kennisontwikkeling. B. De informatiewaarde van de verantwoording over de handhaving op de energiebesparingsplicht te vergroten. In die verantwoording moet duidelijk worden wat de opbrengst is van de handhaving in Zeeland en welke kansen en bedreigingen daarbij spelen in relatie tot de energie- en klimaatdoelen. De Zeeuwse rekenkamers merken daarbij op dat de tweejaarlijkse verantwoordingsrapportage in het kader van de RES aanknopingspunten biedt om deze informatie efficiënt te delen met alle betrokken partijen. C. De financiële middelen voor de handhaving van de energiebesparingsplicht te oormerken in de opdracht aan de RUD. D. Om in samenspraak met de andere opdrachtgevers een eenduidige opdracht te verlenen richting de RUD inzake het handhaven van de energiebesparingsplicht. Deze opdracht dient een relatie te leggen tussen de gestelde doelen op het gebied van energie en klimaat en de inzet op het handhaven van de energiebesparingsplicht.
De Zeeuwse rekenkamers merken bij deze aanbeveling op dat de RES een logisch reeds bestaand samenwerkingsverband is om beleidsmatig af te stemmen over prestaties en inzet op de energiebesparingsplicht als instrument daarbij. E. In samenspraak met de andere opdrachtgevers een eenduidige opdracht te geven aan de RUD voor de handhaving van de energiebesparingsplicht. Deze opdracht moet een duidelijke relatie leggen tussen de doelen op het gebied van energie en klimaat en de inzet op handhaving van de energiebesparingsplicht. De Zeeuwse rekenkamers merken daarbij op dat de RES een logisch en bestaand samenwerkingsverband is om dit beleidsmatig af te stemmen.
Pagina 3 van 5
Reactie college van burgemeester en wethouders Borsele Bij besluit van 27 januari 2026 heeft het college kennisgenomen van het concept van de nota van de Zeeuwse rekenkamers. Op verzoek van de Zeeuwse rekenkamers heeft het college een bestuurlijke reactie gegeven, waarin het de conclusies en aanbevelingen uit de conceptnota onderschrijft. Het college heeft daarbij opgemerkt dat het onderzoek is uitgevoerd in een periode waarin de RUD volop in ontwikkeling is. Daardoor is het geschetste beeld mogelijk nog niet het eindbeeld. Omdat de komende jaren wordt gewerkt aan een robuuste RUD, ligt het volgens het college voor de hand om over enkele jaren opnieuw te bezien hoe de handhaving dan functioneert en wat deze oplevert. Daarnaast geeft het college aan dat de aanbevelingen uit het rapport helpen om deze ontwikkeling verder te brengen. Deze aanbevelingen worden meegenomen in de afspraken met de RUD. Ook is in de reactie opgenomen dat de aanbeveling om de structuur van de RES te benutten voor monitoring en verantwoording waardevol is te noemen. (JURIDISCHE) CONSEQUENTIES De basis voor dit voorstel is de Verordening gemeentelijke Rekenkamer gemeente Borsele 2023. FINANCIËN Niet van toepassing.
RAADSVOORSTEL
UITVOERING / PLANNING / EVALUATIE Als uw raad besluit conform het voorstel, is het aan het college om de aanbevelingen uit het rapport, in overleg met de Zeeuwse gemeenteraden en de RUD, uit te voeren. PARTICIPATIE EN COMMUNICATIE Het onderwerp leent zich niet voor participatie. Naast de bestuurlijke nota hebben de Zeeuwse rekenkamers ook een animatie over het onderzoek laten maken. Deze vindt u hier. BESLUIT De raad besluit: 1. Kennis te nemen van de Bestuurlijke Nota ‘Zeeuws Beeld Handhaving Energiebesparingsplicht’. 2. In te stemmen met de conclusies en aanbevelingen uit de onder 1 genoemde nota. 3. Het college te vragen: a) Een plan van aanpak, inclusief tijdsplanning, op te stellen voor de uitvoering van de in de onder 1 genoemde nota opgenomen aanbevelingen. b) De raad hierover uiterlijk in december 2026 te informeren. TER INZAGE LIGGENDE STUKKEN Er liggen geen stukken ter inzage. Pagina 4 van 5
BIJLAGE(N) Bij dit advies hoort/horen de volgende bijlage(n): Documentnr. Join Naam van de bijlage Brief Zeeuwse Rekenkamer inzake de Bestuurlijke Nota ‘Zeeuws Beeld Handhaving Energiebesparingsplicht’ Bestuurlijke Nota ‘Zeeuws Beeld Handhaving Energiebesparingsplicht’
Namens het presidium,
RAADSVOORSTEL
G.M. Dijksterhuis, Burgemeester
M.L. van Mackelenbergh- van Oosten Griffier
Pagina 5 van 5