6.6 Antwoordnota inzake zienswijzen tegen het ontwerpbestemmingsplan Lewedorp, gedeelte Postweg, 2021
Tekst van het document
Bijlage, behorende bij het raadsvoorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan “Lewedorp, gedeelte Postweg, 2021”
ANTWOORDNOTA ONDERWERP Antwoordnota inzake zienswijzen tegen het ontwerpbestemmingsplan “Lewedorp, gedeelte Postweg, 2021”
DATUM 16-03-2021
Inleiding Het ontwerp bestemmingsplan “Lewedorp, gedeelte Postweg, 2021” van de gemeente Borsele heeft , op grond van artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening, gedurende zes weken (periode 10 december 202 t/m 21 januari 2021) voor een ieder ter inzage gelegen. Een ieder is in de gelegenheid gesteld tijdens deze periode een zienswijze kenbaar te maken bij de gemeenteraad. Gedurende deze periode zijn er 2 zienswijzen ingediend. De zienswijzen zijn tijdig ingediend en daarmee ontvankelijk. In een vertrouwelijke annex zijn de namen en adresgegevens van de indieners van de zienswijzen opgenomen. In deze antwoordnota wordt ingegaan op de ingebrachte zienswijzen op het ontwerp bestemmingsplan. Onderstaand zijn de zienswijzen samengevat, voorzien van een reactie van de gemeente en een conclusie. Zienswijzen Indiener Z0001 Brief van 15 januari 2021, ontvangen 19 januari 2021 (D21.532341) Samenvatting: Het bestemmingsplan zal extra parkeeroverlast in de buurt veroorzaken. In het bestemmingsplan is de realisatie van slechts 10 plaatsen opgenomen. Volgens de toelichting is er voor 6 parkeerplaatsen ruimte in de omringende woonstraten om deze parkeerdruk op te vangen. Op dit moment is het in de omliggende straten (Tarwestraat, Klaverstraat en Korenweg) al zeer druk met geparkeerde voertuigen waardoor de 6 parkeerplaatsen niet beschikbaar zijn.
Er moeten voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd worden, zodat overlast en ergernis voorkomen kunnen worden. Overwegingen/Reactie: Deze opvatting wordt niet gedeeld. Bij de voorbereiding van de planontwikkeling is ook de parkeersituatie in de woonwijk/de omgeving, grenzend aan het plangebied beschouwd. Onze ervaring is dat in de woonwijk een overcapaciteit aan parkeermogelijkheden zit. Zo wordt er in de Burgemeester Lewestraat veel op eigen terrein geparkeerd zodat er nog plaatsen beschikbaar zijn op de rabatstrook in de straat. Aan de Zwartebessenstraat wordt nauwelijks geparkeerd. Aan één zijde van deze straat kan geparkeerd worden. Daarnaast zijn er in de directe omgeving van het onderhavige plangebied nog plaatsen beschikbaar aan de Postweg en in mindere mate aan de Korenweg. Deze wegen liggen namelijk allemaal in het 30km-zonegebied waarbij op de rijbaan geparkeerd mag worden. In de praktijk wordt dit nu nauwelijks gedaan, terwijl hier wel ruimte/gelegenheid toe is. 1
Dit maakt dat wij van oordeel zijn dat de voorgestane ontwikkeling niet zal leiden tot een onevenredige parkeerdruk in de omgeving, grenzend aan het plangebied. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan. Indiener Z0002 Brief van 15 januari 2021, ontvangen 19 januari 2021 (D21.528643), aangevuld bij brief van 24 januari 2021, ontvangen op 25 januari 2021 (D21.532854) Samenvatting: De inhoudelijke argumenten, ingebracht in de ingediende inspraakreactie tegen het voorontwerpbestemmingsplan, zijn nog steeds valide en maken integraal onderdeel uit van de zienswijze. Ook de inhoudelijke argumenten over het aspect verkeersveiligheid en de duidelijke relatie die er is met betrekking tot het te wijzigen bestemming uit de e-mails van 13 en 17 november 2020 zijn nog steeds valide. Ook deze vormen een integraal onderdeel van de zienswijze. In een constructief gesprek met de wethouder/portefeuillehouder RO op 22 december 2020 heeft indiener zijn zorgen geuit met betrekking tot de verkeersveiligheid voor met name fietsers en voetgangers nabij de nieuw te bouwen woningen ter plaatse van de locatie KlaverstraatScheldstraat, Postweg-Korenweg ,Tarwestraat-Korenweg.
De bijzonderheden van het wel en niet aanwezig zijn van stukjes fietspad en/of voetpad, en het hierbij totaal ontbreken van eenduidigheid alsmede de voorgenomen inrichting ter plaatse van de acht nieuw te bouwen woningen zijn hierbij onder de aandacht van de gemeente gebracht. Inspreker vindt het teleurstellend dat, vier maanden na het indienen van een inspraakreactie op het voorontwerpbestemmingsplan, de gemeente er niet in geslaagd is om voor deze relatief zeer kleine locatie, met een (duidelijke) uitleg te komen hoe de gemeente de verkeersveiligheid voor fietsers en voetgangers ter plaatse van bovengenoemde locatie, en dan met name het hoekje ter plaatse van de Tarwestraat/Korenweg, gaat borgen. In de omliggende straten zal de parkeerdruk toenemen door deze bestemmingsplanwijziging. Hierdoor ontstaat er een onoverzichtelijkere situatie die nadelig zal uitpakken voor wat betreft het aspect verkeersveiligheid. Naar de mening van indiener kan het bestemmingsplan pas worden vastgesteld op het moment dat een goede verkeersveiligheid is geborgd.
Indien toch overgegaan wordt tot vaststelling van het bestemmingsplan dan het verzoek het college de opdracht mee te geven om het aspect ‘verkeersveiligheid’ op de in de zienswijze genoemde locatie adequaat op te pakken Naast het aspect verkeersveiligheid is ook opgemerkt dat het ingediende bouwplan/de door het college ter visie gelegde ontwerpomgevingsvergunning op onderdelen afwijkt van he ter visie gelegde ontwerpbestemmingplan. Hiervoor is aandacht gevraagd in de zienswijze. Overwegingen/Reactie: In het (ontwerp) bestemmingsplan is, onder bijlage 2, het vooroverleg- en inspraakrapport “Voorontwerp bestemmingsplan “Lewedorp, gedeelte Postweg, 2021”opgenomen. In dit rapport is onder meer uitgebreid ingegaan op de inspraakreactie van de indiener van de zienswijze met betrekking tot de nog te realiseren parkeerstroken in de Tarwestraat en Klaverstraat. Er is geen aanleiding hier nu op terug te komen. Het is correct dat in het constructieve gesprek met de wethouder/portefeuillehouder RO op 22 december 2020 indiener zijn zorgen geuit heeft met betrekking tot de verkeersveiligheid voor 2
met name fietsers en voetgangers nabij de nieuw te bouwen woningen ter plaatse van de locatie Klaverstraat-Scheldstraat, Postweg-Korenweg ,Tarwestraat-Korenweg. Tijdens dit overleg is gesteld dat de mening van indiener dat het voorliggende bestemmingsplan leidt tot een verkeersonveilige situatie, niet gedeeld wordt. Het bestemmingsplan leidt niet tot een andere inrichting van de openbare ruimte van de gronden buiten het plangebied, dan al jaren wordt voorgestaan. Een openbare inrichting waarvan het ontwerp indertijd tot stand is gekomen in nauwe samenspraak (in werkgroepverband) tussen (verkeers-)deskundigen van de gemeente en externe deskundigen samen met bewoners, dorpsraad en andere maatschappelijke organisaties. Er kan dan ook gesproken worden over een inrichtingsplan dat breed gedragen wordt. Desalniettemin is in het gesprek aangegeven dat het college zeer zeker niet onwelwillend staat tegenover het verzoek de verkeersveiligheid van de Postweg en de hierop aansluitende straten nader te beschouwen. Echter, op dit moment is er nog geen definitieve, woonrijpe verkeersituatie te beschouwen, omdat de woonwijk nog in aanbouw is. Hierdoor kan momenteel niet gekomen worden tot een geode beschouwing. Niet tegengesproken wordt dat, nu er nog geen sprake is van een eindsituatie, dit in de huidige situatie soms kan leiden tot niet heldere verkeersituaties. Dit is tijdelijk.
Met betrekking tot de verkeersveiligheid Op het onderwerp “vermeende toename van de verkeersdruk” is reeds uitvoerig ingegaan in de Overweging/Reactie op de zienswijze van indiener Z0001 (zie hierboven). Kortheidshalve wordt hiernaar verwezen. De constatering dat het bij de ontwerpomgevingsvergunning ter visie gelegde bouwplan op onderdelen afwijkt van he ter visie gelegde ontwerpbestemmingplan is correct. Over de aanvraag omgevingsvergunning/ het bouwplan hebben wij veelvuldig overleg gevoerd met initiatiefnemer. Ook nog tijdens de tervisielegging van de ontwerpbeschikking in bovengenoemde periode. Dit heeft geleid tot bijstelling van het bouwplan, in die zin dat het ter besluitvorming voorliggend bouwplan in overeenstemming is met het (vast te stellen) bestemmingsplan. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.
3