6.50 SWVO Jaarstukken 2024
Tekst van het document
2024 Gemeenschappelijke Regeling Samenwerkingsverband Welzijnszorg Oosterschelderegio (SWVO)
Inhoudsopgave 1.
JAARVERSLAG ............................................................................................................................................... 3 Inleiding ........................................................................................................................................................... 3
Jaarverslag per programma............................................................................................................................. 4 Programma Educatie .................................................................................................................................................... 4 Programma Uitvoering Wmo ........................................................................................................................................ 6 Programma Gezondheidsbeleid .................................................................................................................................. 17 Programma Overige projecten ................................................................................................................................... 20 Programma Secretariaat ............................................................................................................................................ 23 Paragrafen ..................................................................................................................................................... 24 Bedrijfsvoering ............................................................................................................................................................
24 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................................................................................................. 25 Financiering ................................................................................................................................................................ 26 Verbonden Partijen ..................................................................................................................................................... 26 Rechtmatigheid ........................................................................................................................................................... 26 Informatiebeveiliging en privacy ................................................................................................................... 28 2.
JAARREKENING ........................................................................................................................................... 29 Balans ............................................................................................................................................................ 29 Overzicht van baten en lasten 2024 ............................................................................................................... 31
Toelichting op de balans ................................................................................................................................ 33 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling .................................................................................................. 33 Vlottende activa .......................................................................................................................................................... 35 Vaste passiva .............................................................................................................................................................. 36 Vlottende passiva ........................................................................................................................................................ 38 Niet uit de balans blijkende verplichtingen ................................................................................................................. 41 Toelichting Overzicht van baten en lasten 2024 ............................................................................................ 42 Vennootschapsbelasting (VPB) ...................................................................................................................................
42 Overzicht van baten en lasten Programma Educatie .................................................................................................. 43 Overzicht van baten en lasten Programma Uitvoering Wmo ..................................................................................... 47 Overzicht van baten en lasten Programma Gezondheidsbeleid ................................................................................. 49 Overzicht van baten en lasten Programma Overige projecten ................................................................................... 52 Overzicht van baten en lasten Programma Secretariaat ............................................................................................ 56 Analyse begrotingsafwijkingen en de begrotingsrechtmatigheid 2024 ..................................................................... 60 Overzicht incidentele baten en lasten ............................................................................................................ 61 Wet Normering Topinkomens (WNT) ............................................................................................................ 62 Taakvelden .....................................................................................................................................................
64 Paragraaf Rechtmatigheid ............................................................................................................................. 65 3.
BIJLAGEN .................................................................................................................................................... 66 Financiële verantwoording ............................................................................................................................ 66 Samenstelling bestuur ................................................................................................................................... 77 Samenstelling bureau secretariaat ................................................................................................................ 78 Overzicht bijdragen van gemeenten en resultaat 2024 ................................................................................. 79 Overzicht verschillen tussen Jaarrekening 2024 en Wmo-rapportage 4e kwartaal 2024 ............................. 84 Lijst met tabellen ....................................................................................................................................................... 86 Lijst met grafieken ..................................................................................................................................................... 88
2 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
1.
JAARVERSLAG Inleiding
Algemeen Het SWVO is een Gemeenschappelijke Regeling (GR) waaraan de gemeenten Borsele, Goes, Kapelle, Noord-Beveland, Reimerswaal, Schouwen-Duiveland en Tholen deelnemen. De GR beoogt het realiseren van gezamenlijke beleidsontwikkeling, -voorbereiding en -uitvoering voor een aantal bovengemeentelijke voorzieningen en activiteiten op het gebied van het gemeentelijk sociale domein. In dit jaarverslag wordt een overzicht gegeven van de activiteiten van het SWVO en de daaraan bestede financiën. Voor de verantwoording hiervan is het SWVO gehouden aan het Besluit Begrotingen en Verantwoording (BBV) waarin de wettelijke regels zijn vastgelegd. Op grond van het BBV zijn zowel de begroting, het jaarverslag en de jaarrekening vormgegeven per beleidsprogramma. Eerst wordt hieronder ingegaan op de organisatie- en overlegstructuur van het SWVO. Vervolgens wordt in het inhoudelijk jaarverslag per programma verslag gedaan van de activiteiten van het SWVO (wat hebben we gedaan) en de kosten en baten per activiteit (wat heeft het gekost). In het jaarverslag wordt niet ingegaan op de te behalen beleidsdoelen. Deze doelen zijn door de deelnemende gemeenten vastgelegd in hun begroting en jaarrekening. Het SWVO geeft hieraan uitvoering op regionaal niveau, namens de deelnemende gemeenten.
Na de inhoudelijke rapportage over de programma’s zijn de paragrafen bedrijfsvoering, weerstandsvermogen, financiering en rechtmatigheid uitgewerkt. In de jaarrekening treft u eerst de balans aan en het overzicht van baten en lasten met een financieel totaaloverzicht van de uitgevoerde programma’s. Tot slot volgen de toelichting op de balans en het overzicht van baten en lasten. Structuur GR Het bestuur van het SWVO bestaat uit één vertegenwoordigend bestuurder namens elke deelnemende gemeente in de GR. De samenstelling van het bestuur is opgenomen in de bijlagen. De besluitvorming in het bestuur wordt voorbereid in een ambtelijk overleg voor de verschillende beleidsonderwerpen van het SWVO. Voor deelopdrachten worden werkgroepen gebruikt die onder verantwoordelijkheid van het ambtelijk overleg onderwerpen uitwerken. Het managementoverleg, waarin de hoofden van de afdelingen welzijn/zorg zijn vertegenwoordigd, heeft hierbij een coördinerende en sturende rol. Het secretariaat van het SWVO ondersteunt en adviseert het bestuurlijke overleg, het managementoverleg en de ambtelijke overleggen. Daarnaast heeft het secretariaat een taak in de beleidsontwikkeling, -voorbereiding en -uitvoering namens de samenwerkende gemeenten in de Oosterschelderegio.
Bestuur
Secretaris Bureau SWVO Management Overleg Inkoop en opdrachtgeverschap
Zorg en preventie
Educatie Cultuur
Regionaal Jeugdbeleid
Diversen
3 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Jaarverslag per programma Programma Educatie Volwasseneducatie Iedere arbeidsmarktregio ontvangt jaarlijks middelen in het kader van de Wet Educatie Beroepsonderwijs (WEB). Goes ontvangt als contactgemeente het WEB-budget voor Zeeland. Met dit budget kunnen gemeenten een aanbod basisvaardigheden voor niet inburgering plichtige volwassenen vanaf 18 jaar verzorgen. Basisvaardigheden zijn taal, rekenen en digitale vaardigheden. In Zeeland is afgesproken dat Goes de educatiemiddelen verdeeld onder de sub-regio’s Zeeuws-Vlaanderen, Walcheren en Oosterschelderegio. Hierdoor worden de sub-regio’s in de gelegenheid gesteld om de middelen in te zetten, passend bij de lokale situatie. SWVO zet in de Oosterschelderegio het beleid rond volwasseneducatie/aanpak laaggeletterdheid uit en ontvangt hiervoor een deel van de educatiemiddelen vanuit de contactgemeente. De educatiemiddelen in de Oosterschelderegio werden in 2024 ingezet bij Scalda, als formele taalaanbieder en expertisecentrum, en voor de non-formele aanpak van laaggeletterdheid via (Digi)Taalhuizen. Zowel Scalda als (Digi)Taalhuis streven naar een netwerkaanpak. Dit netwerk bestaat uit samenwerking tussen gemeenten, instellingen in het maatschappelijke veld (vindplaatsen), formele en non-formele taalaanbieders, vrijwilligersorganisaties, welzijnsorganisaties e.d.
Bij het (Digi)Taalhuis worden, via deze netwerkaanpak, laaggeletterden gesignaleerd, ondersteund en de weg gewezen naar een passend formeel of nonformeel (taal)traject. Ook vrijwilligers kunnen zich melden bij een (Digi)Taalhuis wanneer ze zich in willen inzetten als taalvrijwilliger. In 2024 werden er, naast de drie (DigiTaal)huisnetwerken- en loketten in Tholen, Schouwen-Duiveland en de Bevelanden, twee nieuwe loketten opgericht. Deze bevinden zich in Heinkenszand en Kruiningen. Binnen de Oosterschelderegio vindt afstemming plaats binnen de beleidsgroep laaggeletterdheid. Hierin zitten vertegenwoordigers vanuit een aantal gemeenten, GR de Bevelanden, Scalda, Bibliotheek Oosterschelde en SWVO. Zeeuwse afstemming vindt plaats binnen de ambtelijke Zeeuwse werkgroep Educatie. Het SWVO maakt hier namens de gemeenten van de Oosterschelderegio deel van uit. Cultuureducatie KCE Oosterschelderegio vervult als 'cultuurmakelaar' een onafhankelijke loketfunctie tussen vraag en aanbod binnen de gemeenten van de Oosterschelderegio. KCE Oosterschelderegio versterkt cultuurparticipatie door middel van dienstverlening en bemiddeling op het gebied van cultuureducatie. De organisatie initieert en stimuleert cultuureducatie voor de jeugd. KCE presenteert per schooljaar een samenhangend aanbod, naargelang de behoefte van scholen, met aandacht voor alle culturele disciplines.
Hierbij wordt onderscheid gemaakt in regulier en reformatorisch aanbod. De basis-, VO en mbo-scholen kunnen op basis van het aanbod een passende keuze maken. Zij financieren de activiteiten voor leerlingen vanuit hun eigen middelen. KCE Oosterschelderegio is organisatorisch ondergebracht bij Muziekschool Zeeland. Cultuurkwadraat KCE participeert in de Rijkregeling Cultuureducatie met Kwaliteit, een regeling ten behoeve van cultuureducatie in het onderwijs. Voor de uitvoering van de regeling is Stichting Cultuurkwadraat opgericht. Hierin ligt de focus met name op deskundigheidsbevordering binnen de scholen op het gebied van kunst en cultuur. Verder wordt ervoor zorggedragen dat kwalitatief goede cultuureducatie een vaste plaats krijgt binnen het onderwijs en bij de culturele instellingen. Jeugdtheaterschool Een aantal Zeeuwse gemeenten en de provincie subsidiëren gezamenlijk de Jeugdtheaterschool Zeeland (JTSZ) voor kinderen en jongeren vanaf 7 jaar. Het SWVO maakt subsidieafspraken met de JTSZ namens de gemeenten Borsele, Goes, Kapelle, Noord-Beveland en Schouwen-Duiveland. De cursussen die JTSZ aanbiedt zijn niet kostendekkend. Om kostendekkend te draaien zouden de ouderbijdragen flink omhoog moeten. Dit zou erin resulteren dat enkel kinderen van ouders met een hoog inkomen de cursussen kunnen volgen.
De genoemde gemeenten betalen nu een deel van de cursuskosten, waardoor de ouderbijdragen betaalbaar blijven voor de meeste mensen. JTSZ heeft in de Oosterschelderegio locaties in Goes en Zierikzee. 4 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Lasten en baten Primaire begroting 2024
Definitieve begroting 2024
Realisatie 2024
Realisatie 2023
806.889
815.574
784.151
679.568
806.889
815.574
785.907
688.451
Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten
0
0
1.755
8.884
Toevoeging/onttrekking aan reserves
0
0
0
0
Gerealiseerde resultaat
0
0
1.755
8.884
Lasten Programma 1, Educatie Baten Programma 1, Educatie
5 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Programma Uitvoering Wmo Taken SWVO Het SWVO is in het kader van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) verantwoordelijk voor de gezamenlijke inkoop en het contractbeheer van: • Hulpmiddelen; • Trapliften; • Collectief vervoer; • Huishoudelijke Ondersteuning; • Individuele Begeleiding; • Dagbesteding. SWVO betaalt de facturen van de aanbieders die Wmo ondersteuning hebben geleverd aan de inwoners van de gemeenten in de Oosterschelderegio en van gemeente Veere. Dit gaat gepaard met de administratieve verwerking van het aantal inwoners dat ondersteuning heeft gekregen en welke ondersteuning het betreft. Op basis van deze aantallen door de jaren heen kan SWVO via de BI-Tool inzicht bieden in de ontwikkeling van de Wmo ondersteuning in de verschillende gemeenten. Op basis van deze cijfers kan, indien nodig, bijgestuurd worden via het Wmo beleid. Zo is het project ‘Grip op de Wmo’ uitgevoerd, waarmee gemeenten onderzocht hebben op welke manieren zij konden sturen in de uitgaven voor de Wmo. Om kosten te dempen is bijvoorbeeld gekeken naar alternatieven voor de Wmo-maatwerkvoorzieningen door meer aandacht te schenken aan en communicatie te richten op (de ontwikkeling van) algemene en voorliggende voorzieningen. Ten behoeve van de inkoop en het contractbeheer stimuleert SWVO regionale afstemming over het Wmobeleid, zodat gezamenlijke afspraken kunnen worden gemaakt.
Algemeen In afstemming met de Commissie BBV en de accountant van de gemeenschappelijke regeling (GR) SWVO, en op basis van o.a. de meest actuele notitie rechtmatigheid van de Commissie BBV, worden de lasten voor de uitvoering Wmo niet in jaarrekening van de GR SWVO verwerkt maar bij de deelnemende gemeenten. Om praktische redenen worden de lasten uitvoering Wmo in de jaarrekening 2024 wel inzichtelijk gemaakt in de bijlage. De eventuele bevindingen van de accountant van GR SWVO voor zowel getrouwheid als rechtmatigheid worden door ons gecommuniceerd aan de betreffende gemeenten. Die bevindingen kunnen daardoor worden gebruikt voor het lokale rechtmatigheidsoordeel van de colleges van B&W en door de accountants van de deelnemende gemeenten. De lasten Wmo 2024 zijn dus wel inzichtelijk in de jaarstukken. Ze worden echter niet meegenomen in het rechtmatigheidsoordeel van het DB van de GR SWVO en ook niet in de oordeelsvorming van de accountant van het SWVO voor wat betreft getrouwheid. Vernieuwde contracten voor Wmo maatwerkvoorzieningen Vanaf 1 mei 2024 zijn de vernieuwde contracten met de aanbieders van Wmo maatwerkvoorzieningen, zoals dagbesteding, huishoudelijke ondersteuning en begeleiding, van kracht. SWVO heeft deze contracten, namens de gemeenten in de Oosterschelderegio en gemeente Veere, met de aanbieders afgesloten.
De vernieuwingen die in deze contracten zijn doorgevoerd, hebben o.a. betrekking op de manier van beschikken. De gemeentelijke toegangen beschikken niet meer resultaatgericht, maar inspanningsgericht. Ook de daarbij horende financieringswijze is aangepast. We zijn overgestapt van een lumpsumfinanciering naar een financiering via p x q. Voor de vernieuwde contracten hebben gemeenten reële tarieven voor de maatwerkvoorzieningen afgesproken met de aanbieders, die recht doen aan de recente Cao-onderhandelingen en aan enkele specifieke Zeeuwse kenmerken, zoals de relatief lange reistijden. Om de lopende indicaties om te kunnen zetten naar inspanningsgerichte indicaties, is met de gemeentelijke toegangen een overgangsperiode afgesproken van twee jaar. Deze periode eindigt op 1 mei 2026. De verwachting is dat de gemeentelijke toegangen het grootste deel van de indicaties al kunnen omzetten in 2025 en het resterende deel in de eerste maanden van 2026. In haar begrotingen voor 2024 heeft SWVO rekening gehouden met een kostenstijging die vooral te maken heeft met de hogere reële tarieven van de maatwerkvoorzieningen sinds 1 mei 2024. Ook heeft zij een lichte verhoging van de kosten ingecalculeerd die betrekking heeft op de overgang naar de nieuwe systematiek en de nieuwe wijze van indiceren.
Nu we de balans opmaken van kalenderjaar 2024, dan blijkt er eerder sprake te zijn van een daling van de kosten dan van een stijging. Zie hiervoor grafiek 1.
6 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Grafiek 1 Ontwikkeling van de kosten voor maatwerkvoorzieningen in 2024
Als we kijken naar de ontwikkeling van het aantal unieke cliënten 1, dan zien we ook hierin – in iets mindere mate dan in de kosten - een dalende lijn. Zie hiervoor grafiek 2, waarin we de ontwikkeling van het aantal unieke cliënten hebben weergegeven in 2024. Grafiek 2 Ontwikkeling van het aantal unieke cliënten in 2024
Opvallend is dat in beide tabellen een daling te zien is vanaf het moment dat de vernieuwde contracten van kracht zijn. Dat is vanaf mei 2024. Als verklaring voor deze daling kunnen we een aantal factoren noemen. Bedacht moet hierbij worden dat we in de Oosterschelderegio te maken hebben met drie verschillende gemeentelijke toegangen. Deze werken alle volgens de hiervoor beschreven methodiek, maar de hierna genoemde factoren zijn niet op alle gemeentelijke toegangen van toepassing of niet alle in dezelfde mate. Zo heeft het wel of niet bestaan van wachtlijsten invloed op de kosten en het aantal geregistreerde cliënten. Een aanbieder kan een wachtlijst hebben omdat hij niet kan niet leveren vanwege niet ingevulde vacatures of een groot aantal zieke medewerkers. Ook kan bij een gemeentelijke toegang sprake zijn van achterstanden in de verwerking van nieuwe aanvragen of van verlengingsaanvragen. Als een (verlengings)aanvraag nog niet is verwerkt, wordt de cliënt niet meegeteld en worden geen ondersteuningskosten gemaakt. Andere factoren kunnen zijn dat gemeentelijke toegangen hun cliënten, vlak na het sluiten van de contracten in mei 2024, niet meteen konden plaatsen bij de meest passende aanbieder. Of dat de toegangen terughoudend waren in het plaatsen van cliënten bij een aanbieder omdat niet alle aanbieders meteen groen licht hadden gekregen om hun ondersteuning te verlengen.
Dit omdat deze aanbieders nog niet aan alle geschiktheidseisen hadden voldaan, die deel uit maakten van de procedure om het contract te kunnen verlengen. Door deze ontwikkelingen is er een ander kostenplaatje voor 2024 ontstaan, dan waar SWVO in haar begrotingen heeft gerekend. Belangrijk om te benadrukken is, dat we er voorlopig van uit gaan dat het niet om een afgestelde vraag gaat, maar om een uitgestelde vraag naar ondersteuning. Met de vergrijzing waar Zeeland vooral mee te maken heeft, zal de natuurlijke vraag niet afnemen, maar toenemen. De verwachting is dan ook dat, zodra alle betrokken partijen hun capaciteit op orde hebben, het aantal geregistreerde cliënten weer zal stijgen en daarmee de kosten voor de maatwerkvoorzieningen. Nadere analyse van de ontwikkelingen is hier op haar plaats. SWVO neemt hiertoe het initiatief.
1 Een unieke cliënt is in dit geval een cliënt die één keer is geteld in de weergave, ondanks het feit dat deze cliënt
mogelijk van meer dan één maatwerkvoorziening gebruik maakt.
7 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Hulpmiddelen Voor Hulpmiddelen is een contract afgesloten met leverancier Medipoint. Dit contract loopt nog tot 31 mei 2025. De hulpmiddelen worden bekostigd met een lumpsumbudget per jaar. Indexering Medipoint berekent jaarlijks op 1 juni een nieuw jaarbudget op basis van het bestand aan hulpmiddelen dat op dat moment uitstaat en het CPI van de maand maart van dat betreffende jaar. Hieronder de aantallen van het uitstaand bestand met peildatum 1 juni. 1-6-2021 3.877 1-6-2022 3.807 1-6-2023 3.854 1-6-2024 3.900
Grafiek 3 Uitstaand bestand hulpmiddelen per 1 juni en per 31 december
Het uitstaande bestand is, als je terugkijkt over de jaren, redelijk constant en zit tussen de 3.800 en 3.900. Het jaarbudget 2024 komt uit op € 3.261.600,- en is harder gestegen dan het uitstaande aantal hulpmiddelen. Dit wordt verklaard door de indexatie die in de eerste vijf maanden van het jaar nog was bepaald op basis van het CPI van maart 2023 (4,4%). Vanaf 1 juni gold het CPI maart 2024 dat is vastgesteld op 3,1%. De gemiddelde CPI indexering in 2024 is 3,35%.
Grafiek 4 Kosten per jaar (jaarbudget) voor hulpmiddelen (in miljoenen euro’s)
8 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Trapliften Er is een overeenkomst gesloten met Otolift B.V. voor het leveren en onderhouden van de trapliften in de Oosterschelderegio. Deze loopt nog tot 14 juni 2026. Het onderhoud van het reeds uitstaande bestand, wordt uitgevoerd door de leveranciers die de trapliften in het verleden hebben geplaatst. Naast Otolift zijn dat Handicare en ThyssenKrupp. Doordat Otolift al geruime tijd de trapliften levert en de oude trapliften vervangt, groeit het marktaandeel van deze leverancier in onze regio. In 2024 ziet de verdeling van het uitstaande bestand er als volgt uit: Tabel 1 Totaal uitstaande bestand per leverancier
Gemeente
Otolift
Handicare
ThyssenKrupp
Totaal
Borsele
38
8
2
48
Goes
116
43
7
166
Kapelle
23
7
2
32
Noord-Beveland
23
4
0
27
Reimerswaal
45
10
6
61
Schouwen-Duiveland
96
11
7
114
Tholen
75
17
0
92
Totaal
416
100
24
540
In 2023 stonden er nog 540 trapliften uit. Voor 2024 staan hetzelfde aantal trapliften uit. Tabel 2 Ontwikkeling totaal aantal uitstaande trapliften per gemeente
Gemeente
2020
2021
2022
2023
2024
Borsele
54
47
45
50
48
Goes
194
172
166
166
166
Kapelle
36
31
34
35
32
Noord-Beveland
42
40
35
30
27
Reimerswaal
62
61
63
63
61
Schouwen-Duiveland
104
101
110
113
114
Tholen
71
68
78
83
92
Totaal
563
520
531
540
540
In 2024 betaalden de gemeenten gezamenlijk € 302.501,- voor aankoop en onderhoud van trapliften. Grafiek 5 Kosten aankoop en onderhoud liften
9 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Regiotaxi vervoer In 2024 is er weer veelvuldig gebruik gemaakt van de Regiotaxi. Het totaal aantal ritten kwam neer op 168.515. Kijkend naar tabel 3 is er een jaarlijkse groei van bijna 5% te zien ten opzichte van 2023. De stijging is te verklaren door het grotere aantal reizende pashouders te zien in tabel 4. Het grotere aantal reizen pashouders is een combinatie van meer Wmo-reizigers en ook een lichte stijging in het aantal Jeugdzorgreizigers. Nagenoeg alle gemeenten, op Borsele na, hebben meer Regiotaxi ritten dan in 2024. De grootste stijging is te zien in Tholen. Dit heeft te maken met het deels sluiten van het ziekenhuis in Bergen op Zoom, het wegvallen van vrijwilligersdienst Thover en een toename in dagbestedingsvervoer. In onderstaande tabellen en grafieken wordt de ritontwikkeling Wmo zichtbaar. Tabel 3 Aantal ritten Regiotaxi
Gemeente Wmo Borsele Goes Kapelle Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Tholen
2020
2021
2022
2023
12.194 32.778 4.448 3.595 10.731 19.623 9.175
13.297 40.761 5.582 4.197 9.882 25.064 11.696
15.455 54.848 7.634 5.495 12.834 31.937 16.034
16.816 60.294 9.100 6.565 16.741 34.268 16.741
2024 15.813 62.550 9.276 7.199 17.149 35.429 21.098
Regio
92.544
110.479
144.237
160.525
168.515
Kijkend naar de cijfers in tabel 4 zijn er, ten opzichte van 2023, de nodige veranderingen waar te nemen. Het totaal aantal reizende pashouders in 2024 is ligt ongeveer 250 reizigers hoger dan in 2023. Deze stijging, in absolute zin, is nagenoeg gelijk aan de stijging van aantal reizende pashouders van 2022 naar 2023. Ondanks dat er meer reizende pashouders zijn, ligt het gemiddeld aantal ritten per pashouder lager dan in 2023. Het gemiddeld aantal kilometer per pashouder en het gemiddeld aantal kilometer per rit is wel hoger dan in 2023. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de reizende pashouders meer kilometers maken en dat hun reizen ook iets langer zijn dan vorig jaar. Tussen de gemeenten zijn er overigens wel de nodige verschillen waarneembaar. Zo is de stijging die in tabel 3 al zichtbaar was voor de gemeente Tholen ook terug te zien in de kolom gemiddeld aantal kilometer per pashouder in tabel 4. De reizende pashouders in Noord-Beveland hebben, in vergelijking met 2023, afgelopen jaar gemiddeld genomen fors meer kilometers per reizende pashouder afgelegd. Dit is te verklaren doordat er in absolute zin meer reizende pashouders waren, die op hun beurt gemiddeld meer ritten per reizende pashouder boekten en deze ritten waren gemiddeld ook langer dan vorig jaar. De gemiddelde kosten per rit zijn voor nagenoeg alle gemeenten toegenomen.
Hier zijn een aantal oorzaken voor aan te wijzen. Ten eerste is er de jaarlijkse NEA indexering. Deze was in 2024 3,4%. Daarnaast is in augustus 2024 het nieuwe contract op perceel Goes gestart. Dit nieuwe contract had een hogere kwaliteitseis en dat heeft geresulteerd in een prijsstijging. Tabel 4 Aantal pashouders die in 2024 hebben gereisd
Gemeente
Reizende pashouders
Gem. aantal ritten per pashouder
Gem. aantal KM per pashouder
Gem. aantal km per rit
Gem. kosten per rit
Borsele
464
34,08
427
12,5
€ 40,19
Goes
1.500
41,70
268
6,4
€ 18,69
Kapelle
276
33,61
320
9,5
€ 31,87
Noord-Beveland
196
36,73
546
14,9
€ 44,47
Reimerswaal
372
46,10
608
13,2
€ 41,75
Schouwen-Duiveland
911
38,89
392
10,1
€ 32,86
Tholen
622
33,92
381
11,2
€ 39,96
Totaal 2024
4.341
37,86
420
11,1
€ 35,68
(Totaal 2023)
4.085
39,17
375
9,6
€ 31,85 10
Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
De netto kosten per vervoersgerechtigde in tabel 5 zijn berekend op basis van het aantal pashouders dat in 2024 werkelijk gebruik heeft gemaakt van het vervoersysteem. Uit de tabel blijkt dat regionaal gezien de netto kosten per inwoner en ook de netto kosten per reizende pashouder in 2024 zijn gestegen t.o.v.2023. Dit heeft o.a. te maken met het feit dat er meer gereisd is en er meer voertuigen zijn ingezet terwijl het aantal inwoners nauwelijks is veranderd. Daarnaast zijn er in augustus 2024 ook nieuwe vervoerscontracten gestart, met nieuwe eisen en prijsafspraken, waardoor de kosten voor vervoer ook zijn toegenomen. Tabel 5 Netto kosten per inwoner en per reizende pashouder in 2024
Netto kosten per inwoner
Netto kosten per reizende pashouder
Borsele Goes
€ 27,45 € 29,65
€ 1.369,91 € 779,49
Kapelle
€ 22,66
€ 1.071,36
Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Tholen
€ 40,72 € 30,78 € 33,70 € 31,42
€ 1.633,22 € 1.924,95 € 1.278,01 € 1.355,47
Regioprijs 2024 (Regioprijs 2023)
€ 30,60 € 26,30
€ 1.185,00 € 1.068,46
Gemeente
De stijging van de kosten in 2024, die al zichtbaar was in tabel 4, heeft ook direct impact op de cijfers uit tabel 5. Aangezien de groep reizende pashouders groter is geworden en zij in absolute zin ook vaker zijn gaan reizen zijn de netto kosten per reizende pashouder ook toegenomen. De netto kosten zijn de totale kosten verminderd met de eigen bedragen van de reizigers. Klachten vervoer De dienstverlening rondom de Regiotaxi wordt door zowel gebruikers als gemeenten over het algemeen als zeer prettig ervaren. Echter komen er een jaar altijd klachten voor. De klachten die binnen komen worden geregistreerd in het GVZ klachtenportaal. Onderstaande analyse is dus op basis van de informatie uit dit portaal. In 2024 zijn er in totaal 40 gegronde klachten ingediend bij de GVZ aangaande de dienstverlening van de GVZ (1) en de dienstverlening van het taxivervoer (39). De meeste klachten (15) waren tijd gerelateerd. Dit houdt in dat taxi’s later kwamen dan de besteltijd, een relatief lange route reden of uiteindelijk te laat kwamen op hun afspraak. Daarnaast zijn er, in vergelijking met vorig jaar, meer klachten binnen gekomen over de chauffeurs. Dit is voornamelijk het geval op het perceel Tholen. Afgelopen jaar is met de vervoerder op dit perceel veel gedaan aan contractmanagement om de dienstverlening naar het gewenste, gecontracteerde niveau te krijgen.
Eind 2024 en begin 2025 is een trend van verbetering te zien. Op een totaal van dik 168.000 verreden ritten is een klachten aantal van 40 zeer acceptabel. Ter vergelijking in 2023 waren er 24 gegronde klachten bij een totaal aantal ritten van 160.525.
11 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Huishoudelijke Ondersteuning Kosten Sinds mei 2024 zijn de verschillende bouwstenen die huishoudelijke hulp betreffen, samengevoegd tot één bouwsteen: huishoudelijke ondersteuning. In 2024 zijn de kosten voor Huishoudelijke Ondersteuning, voor alle zeven gemeenten samen, gestegen naar € 17.798.410 (+9,1%). De verwachting was dat de stijging groter zou zijn, met name vanwege de hogere reële tarieven die zijn afgesproken in het nieuwe contract met de aanbieders. Grafiek 6 Kostenontwikkeling Huishoudelijke Ondersteuning (HO)
Volume Tot en met 2021 steeg het aantal cliënten met een indicatie voor Huishoudelijke Ondersteuning sterk als gevolg van de invoering van het abonnementstarief. Na een afvlakking in 2022 – mogelijk nog als gevolg van corona -, is in 2023 een behoorlijke stijging te zien. Het aantal cliënten in 2024 laat een gestage stijging zien ten opzichte van 2023. Een volumestijging die naar verwachting – zie ook de begroting – hoger was ingeschat vanwege de vergrijzing, maar is afgevlakt vanwege de wachtlijsten bij aanbieders. Dat betekent dat hier sprake is van een uitgestelde vraag, maar geen afgestelde vraag naar Wmo ondersteuning in de vorm van huishoudelijke hulp. Grafiek 7 Ontwikkeling aantal cliënten HO regionaal
Grafiek 8 Ontwikkeling aantal cliënten HO per gemeente
12 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Aanbieders kampen met arbeidsmarktkrapte – onvervulde vacatures - waardoor zij niet meteen kunnen leveren. Zie ook de toelichting hierna onder het kopje ‘wachtlijsten’. Door continu te blijven communiceren naar inwoners (lees: de potentiële cliënten) over de bedoeling van de Wmo en dat de Wmo zich in het bijzonder richt op de inwoners die niet zelfstandig in hun ondersteuningsvraag kunnen voorzien, willen de gemeenten bewerkstelligen dat de ondersteuning terecht komt bij de doelgroep van de Wmo. Daarnaast wordt onderzocht wat inwoners nog zelf kunnen – eventueel met behulp van adviezen van een ergotherapeut en/of met handige hulpmiddelen – en wat het sociale netwerk van de inwoner kan betekenen voor de invulling van de ondersteuningsvraag. Op deze manier wordt ondersteuning gericht ingezet bij de inwoners die het echt nodig hebben. Recente communicatiecampagnes van de gezamenlijke gemeenten zijn hierop gericht. Wachtlijsten Ook in 2024 is sprake van wachtlijsten bij aanbieders. In tabel 6 hieronder gaat het om de wachttijd tussen de indicatiestelling door de gemeentelijke toegangen en de daadwerkelijke levering van de ondersteuning door de aanbieder. Op basis van het iWmo verkeer constateren wij dat het totaal aantal afgegeven indicaties 2.212 bedraagt in 2024 en dat hiervan ca. 492 klanten een maand of langer hebben gewacht op passende ondersteuning.
Dit is 22% van het aantal indicaties. Dit is een stijging ten opzichte van 2023. Toen was sprake van 1.875 indicaties en 286 cliënten die een maand of langer hebben gewacht op daadwerkelijke ondersteuning. Toen ging het om 15% van het aantal indicaties. Tabel 6 Wachttijden 2024 regionaal
Wachttijd
Aantal indicaties
Zelfde dag
1.462
< 1 week
127
< 2 weken
130
< 1 maand
181
< 2 maanden
180
< 3 maanden
76
>= 3 maanden
56
Eindtotaal
2.212
Begeleiding Voor de uitvoering van begeleiding zijn er twee varianten: begeleiding regulier en begeleiding specialistisch. De laatste variant is een intensievere vorm van begeleiding waardoor het tarief ook wat hoger ligt. De bouwsteen Kortdurend Verblijf, waar zeer beperkt gebruik van wordt gemaakt door cliënten, valt voor wat betreft de financiële verantwoording eveneens onder Begeleiding Thuis. In de vernieuwde contracten is het aantal aanbieders dat Kortdurend Verblijf biedt, sterk gedaald. Deze bouwsteen is erop gericht om mantelzorgers en het netwerk van een cliënt te ontlasten door de cliënt, die veel zorg nodig heeft, voor een korte duur bij de aanbieder te laten verblijven. Kosten en volume De kosten voor begeleiding en dagbesteding werden tot en met 2022 niet separaat vastgelegd. In grafiek 9 is een vergelijking te maken met betrekking tot de kosten van kosten voor begeleiding én dagbesteding samen in de afgelopen jaren. Ook in deze grafiek is, net als in de grafiek voor HO, een sterke stijging in 2023 waarneembaar als gevolg van uitstel van de ondersteuningsvraag tijdens corona in de jaren daarvoor. In 2024 is een lichte daling te zien van de kosten.
13 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Grafiek 9 Kostenontwikkeling zorgkosten begeleiding en dagbesteding
Als we de kosten voor alleen begeleiding vergelijken tussen 2023 en 2024, dan zien we een lichte daling. De totale werkelijke kosten voor begeleiding in 2023 bedroegen € 11.983.514 en in 2024 € 11.781.735. In de begroting waren we uitgegaan van een lichte stijging van de kosten door de hogere tarieven die zijn opgenomen in de vernieuwde contracten met de Wmo aanbieders. De geconstateerde daling heeft mogelijk meerdere oorzaken waaronder de wachtlijsten bij enkele aanbieders van begeleiding, maar ook het feit dat cliënten uitgestroomd zijn naar WLZ- of uit zorg zijn na dossieronderzoek. De omzetting van de indicaties, die nodig was naar aanleiding van de vernieuwde contracten met aanbieders, heeft dossieronderzoek door gemeentelijke toegangen naar voren gehaald. De verwachting is dat de daling niet verder doorzet maar zal ombuigen en licht stijgen. Dit op basis van de toenemende vergrijzing, maar ook naar aanleiding van de ontwikkeling dat meer taken, die voorheen onder de zorg vielen, naar welzijn (en de Wmo) schuiven. Het aantal cliënten in 2023 is behoorlijk hoger dan in 2022, waarna in 2024 weer een lichte daling te zien is. In de ontwikkeling van de kosten – zie grafiek 9 - is deze daling ook te zien. De verklaring voor de afname van het aantal cliënten is dezelfde als die al eerder beschreven is voor de daling van de kosten.
Grafiek 10 Ontwikkeling aantal cliënten begeleiding en dagbesteding regionaal
Grafiek 11 Ontwikkeling aantal cliënten begeleiding en dagbesteding per gemeente
14 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Dagbesteding Ook bij dagbesteding is sprake van twee varianten: dagbesteding regulier en dagbesteding specialistisch. Daarnaast zijn steeds meer dagbestedingslocaties overgegaan op indicatievrije levering van dagbesteding. Dit is conform hetgeen we hebben opgenomen in de Deelovereenkomst/het contract met de aanbieders van Wmo-ondersteuning. Als dagbesteding indicatievrij wordt aangeboden, kunnen ook inwoners zonder Wmo-indicatie gebruik maken van de dagbesteding. Kosten en volume De kosten van dagbesteding zijn in 2024 gedaald ten opzichte van 2023. Waren we in de Oosterschelderegio in 2023 nog € 5.843.259 kwijt aan dagbesteding in de regio, in 2024 betreft het € 5.649.170. Een daling van 3,5 %. De reden voor de afname zal niet helemaal liggen in de onvervulde vacatures van aanbieders, maar meer in het feit dat dagbestedingslocaties indicatievrij zijn geworden. De cliënten die van deze voorziening gebruik maken, worden niet meegeteld. Bovendien is het zo dat de kosten van indicatievrije dagbesteding niet stijgen als het aantal cliënten dat ernaartoe gaat een kleine groei laat zien. In de grafieken 10 en 11 hierboven, is te zien dat het aantal cliënten daalt. Alhoewel het in beide grafieken gaat om een optelling van cliënten voor begeleiding en dagbesteding samen, is nog steeds goed te zien dat sprake is van een daling in het volume.
Ontwikkeling Binnen de dagbesteding vinden nog steeds verschuivingen plaats van geïndiceerde dagbestedingsplaatsen naar indicatievrije dagbestedingen waar mensen terecht kunnen zonder indicatie. Hierdoor is lastig meetbaar hoe het aantal gebruikers zich verhoudt ten opzichte van de kostenontwikkeling. De beweging naar meer indicatievrije voorzieningen – inmiddels ook voor begeleiding – ontwikkelt zich steeds verder, waardoor meten op aantallen gebruikers versus kosten in de toekomst moelijker wordt. Lasten en baten Primaire begroting 2024
Definitieve begroting 2024
Realisatie 2024
Realisatie 2023
44.556.225
0
0
1.789
44.556.225
100.000
100.000
127.639
Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten
0
100.000
100.000
125.850
Toevoeging/onttrekking aan reserves
0
-100.000
-78.318
-125.850
Gerealiseerde resultaat
0
0
21.682
0
Lasten Programma 2, Uitvoering Wmo Baten Programma 2, Uitvoering Wmo
15 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Beleidsindicator Sociaal Domein Met de wijziging van het BBV van 5 maart 2016 zijn gemeenschappelijke regelingen voortaan gehouden om in het jaarverslag, de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma’s worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren. Bijgevoegd de beleidsindicator Sociaal Domein: Tabel 7 Beleidsindicator Sociaal Domein
Aantal cliënten met een maatwerkvoorziening per 10.000 inwoners Borsele Goes Kapelle Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Tholen AANTAL
Werkelijk 2024
Begroot 2024 336 473 342 389 266 412 366 382
317 470 359 379 247 406 357 374
Inwoners 1-1-2023 23.155 39.430 13.047 7.861 23.262 34.549 26.829 168.133
Voor de primaire begroting 2024 is uitgegaan van het aantal cliënten per 01-01-2023 welke een maatwerkvoorziening HO/Begeleiding/d/Dagbesteding hadden. Dit waren 374 cliënten per 10.000 inwoners. Het werkelijke aantal cliënten per 10.000 inwoners was 382 op 31-12-2024; iets meer dan waar in de begroting van uit is gegaan. Op basis van de verdergaande vergrijzing van de bevolking en vanaf het moment dat aanbieders hun vacatures weer grotendeels opgevuld hebben, zal sprake zijn van een sterkere stijging van het aantal cliënten met een maatwerkvoorziening dan in 2024 te zien is.
16 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Programma Gezondheidsbeleid Regionaal gezondheidsbeleid Gemeenten hebben de wettelijke taak (Wet publieke gezondheid) om de gezondheid van hun inwoners te bevorderen en te beschermen. Een andere belangrijke taak voor gemeenten is om iedere vier jaar gezondheidsbeleid te maken, gebaseerd op de landelijke prioriteiten op het gebied van publieke gezondheid. We weten dat we voor een substantieel deel ziekte kunnen voorkomen door gezondheid te verbeteren door een gezonde leefstijl en gezonde leefomgeving. Dat vraagt om meer focus op eigen regie, leefstijl en preventie, maar ook om een krachtige inzet op de leefomgeving en de aanpak van sociale problematiek. Een brede en duurzame aanpak in de wijk. Het bevorderen van gezondheid doe je als gemeente niet alleen, maar samen met (maatschappelijke) organisaties en inwoners. De zeven gemeenten in de Oosterschelderegio, SWVO en de GGD Zeeland hebben samen de ambities en de opgaven van het gemeentelijk gezondheidsbeleid benoemd in het regionaal kader gezondheid Oosterschelderegio 2022-2025, getiteld Hoe kunnen we de gezondheid van onze inwoners versterken? In de loop van 2022 hebben alle gemeenteraden en het bestuur van SWVO de kadernota vastgesteld. Het regionaal kader gezondheid is een richtinggevend kader waarin de landelijke inzichten zijn verwerkt en regionale ambities zijn benoemd.
In het regionaal kader geldt als de rode draad: positieve gezondheid, samenwerking over beleidsterreinen heen (Health in all Policies) en aanpak op achterliggende problematiek. In het kader staan vier gezondheidsvraagstukken (ofwel speerpunten) uit de landelijke nota centraal: • • • •
Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving Gezondheidsachterstanden verkleinen Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen Vitaal ouder worden
Om ook in de nabije toekomst de zorg toegankelijk en betaalbaar te houden, wordt vanuit het Rijk ingezet op de transformatie van zorg naar gezondheid (en zelfs van zorg naar preventie). Het doel is meer/ betere aansluiting tussen het medisch en sociaal domein, oftewel een gewenste en noodzakelijke samenwerking tussen zorgaanbieders, zorgverzekeraars en gemeenten. Dit komt terug in de twee landelijke akkoorden: het Integraal Zorg Akkoord (IZA) uit 2022 en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) uit 2023. Het kabinet geeft prioriteit aan preventieve gezondheid en werkt momenteel (begin 2025) aan een Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA) ter vervanging van het huidige IZA. Het IZA bevat afspraken tussen 13 landelijke partijen en richt zich op passende zorg en preventie over de domeinen heen. Eén van de pijlers onder het brede IZA is een sterkere regionale samenwerking tussen zorgverzekeraars, zorgaanbieders en het gemeentelijke sociaal domein (waaronder ook welzijn, preventie en publieke gezondheid). De Zeeuwse Zorgcoalitie (ZZC) vormt een belangrijke netwerksamenwerking op het gebied van zorg en gezondheid in de regio. In januari 2022 hebben de Zeeuwse gemeenten, GGD Zeeland en zorgaanbieders een pact ondertekend om de samenwerking op het gebied van gezondheid te bestendigen, de zorgtransitie te realiseren en het gedachtegoed van Positieve Gezondheid te omarmen.
Eind 2023 is het IZA regioplan “Samen houden we Zeeland Gezond” vastgesteld, o.a. door de gemeenten. Hierin staan ook de gemeentelijke opgaven binnen het IZA opgenomen. In de zomer van 2024 is dit plan voor het gemeentelijk deel vertaald naar een Uitvoeringsplan: “Van A naar Verder”. Het GALA (januari 2023) is een akkoord tussen Rijk, gemeenten, GGD-en en verzekeraars over versterking en verduurzaming van preventief gezondheidsbeleid. Er wordt ingezet op een gezond en actief leven met een stevige sociale basis. De centrale doelstelling van het GALA is een gezonde generatie in 2040. Het GALA moet worden gezien als een lokale doorvertaling van het IZA en een voortzetting van het Nationale Preventieakkoord. Alle gemeenten hebben in 2023 een integraal plan opgesteld voor de komende drie jaar waarin Sport en Gezondheid samenkomen. Het GALA is niet alleen integraal maar ook domein overstijgend. De gemeentelijke opgave kent twee (financiële) lijnen: • SPUK GALA: lokale gemeentelijke taken, gericht op preventie en gezondheidsbevordering. • SPUK IZA: bovenlokale gemeentelijke taken uit het IZA. Uitgangspunt is werken vanuit een regionale (in ons geval provinciale) preventie infrastructuur. Mandaatgemeente is Goes.
17 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
De gezondheidsvraagstukken uit het regionaal kader gezondheid gelden nog steeds. Door het IZA en GALA liggen de opgaven en uitvoering nu vooral op Zeeuws en lokaal niveau (en is de uitwerking niet op Oosterschelderegio-niveau). De rol van de regionale werkgroep Gezondheid & Preventie is veranderd door deze ontwikkelingen. SWVO sluit aan bij deze ontwikkelingen door beleidscapaciteit t.b.v. de (Zeeuwse) IZA-opdracht te detacheren. Regionale activiteiten gezondheidsbeleid In de begroting SWVO (programma Gezondheidsbeleid) is een deel van de gemeentelijke middelen voor gezondheidsbeleid beschikbaar voor de uitvoering van regionaal preventiebeleid. Uit deze middelen wordt de uitvoering van de Zeeuwse aanpak Laat ze niet (ver)zuipen bekostigd (de bijdrage van de Oosterschelderegio). Verder wordt de inkoop van interventies voor verslavingspreventie en GGZ-preventie2 bij Emergis Preventie/ 1nul1 regionaal afgestemd en gecontracteerd (regionale raamovereenkomst tussen SWVO en Emergis Preventie). Het zijn zowel regionale als lokale activiteiten waarover afspraken worden gemaakt. Door de regionale afspraken kunnen meer interventies worden ingezet omdat de regionale afspraken zorgen voor expertise en grotere groepen. De inzet is vooral gericht op voorlichting aan jongeren en hun ouders en outreachende preventie.
De interventies zijn gebaseerd op positieve gezondheid en er wordt gewerkt met interventies uit het landelijk basispakket Verslavingspreventie. Algemeen Maatschappelijk Werk (AMW) en Cliëntondersteuning De vijf gemeenten van de Bevelanden3 subsidiëren gezamenlijk het Algemeen Maatschappelijk Werk (AMW). Daarvoor zijn nadere afspraken gemaakt met SMWO (Stichting Maatschappelijk werk en Welzijn Oosterschelderegio). Na de decentralisaties in het sociaal domein is ook cliëntondersteuning aan deze afspraken toegevoegd (inclusief Tholen, tot 2025). Er zijn afspraken gemaakt over cliëntgebonden uren. De samenwerkingsafspraken en prestatieverwachtingen zijn op papier gezet in een uitvoeringsovereenkomst. Daarin zijn de verschillende diensten beschreven. Cijfers4 • In 2024 heeft SMWO 1.923 korte contacten gehad (d.w.z. minder dan 4 uur, 3 of minder contactmomenten) en zijn 1.312 casussen (langdurende dienstverlening) opgepakt. • Er wordt steeds vaker een beroep gedaan op Sociaal Juridische Dienstverlening (SJD). In 2024 waren er 1.004 korte contacten en 254 (langere) trajecten SJD. • Bij de langdurende dienstverlening (meer dan 4 uur/ meer dan 3 contactmomenten) betreft het vooral vraagstukken voor onafhankelijke cliëntondersteuning (499) en maatschappelijk werk (420). • SMWO is een laagdrempelige voorziening.
Zo is 64% van de casussen is op eigen initiatief (zonder doorverwijzing) ontstaan. SMWO heeft deze mensen verbonden aan informele (vrijwillige) hulp, hen de kracht van de groep laten ervaren of individueel ondersteund als het nodig was. • In de korte contacten gaan de meeste vragen over financiën en administratie (48%), gevolgd door wonen (eigen huis) en vragen over het zorglandschap (beiden 11%). Bij de (langere) casussen is er meer diversiteit in hulpvragen: 11% gaat over financiën en administratie en 10% over geestelijke gezondheid. • Een trend die zich doorzet is dat steeds vaker sprake is van meervoudige problematiek: 83% in 2024. Dit heeft ook effect op de doorlooptijd. Van de langdurende dienstverlening is 32% van de casussen binnen 6 maanden afgerond (in 2023 was dat nog 44%). Door langere doorlooptijden stagneert de instroom, waardoor wachttijden oplopen en de werkdruk verder toeneemt. • De wachttijden nemen toe. In 2023 werd 57% van alle hulpvragen binnen een maand opgepakt, in 2024 is dat 45%. • In ruim driekwart (79%) van alle individuele en groepsgerichte vragen is er een oplossing geboden en is niet verder doorverwezen. • De tevredenheid over de dienstverlening is goed, gemiddeld wordt een 8,5 als rapportcijfer gegeven. Ontwikkelingen De samenleving verandert. De medewerkers van SMWO zien veel onzekerheid bij inwoners over hun persoonlijke situatie.
De stijgende prijzen als gevolg van de inflatie zorgt voor veel mensen tot problemen op het gebied van hun bestaanszekerheid. Als je niet weet of je je rekeningen kunt betalen en fatsoenlijk eten kunt kopen voor je gezin, dan geeft dat heel veel stress. Stress leidt tot mentale en fysieke problemen, die weer doorwerken op allerlei andere levensgebieden, zoals werk, opvoeding, relaties en zingeving.
2 De GGZ-preventie richt zich op het voorkomen van psychische problemen en gezondheidsschade. We spreken ook wel
over interventies mentale gezondheid. 3 Borsele, Goes, Kapelle, Noord-Beveland en Reimerswaal. De gemeenten Schouwen-Duiveland en Tholen maken zelf
afspraken over maatschappelijk werk. 4 Medio 2022 heeft SMWO een nieuw registratiesysteem ingevoerd. Hierdoor zijn gegevens niet over meerdere jaren één-
op-één met elkaar te vergelijken
18 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
De complexiteit van de problemen waar mensen mee kampen is groot. Als de basis niet op orde is (dak boven je hoofd, goed inkomen, fijn netwerk), dan valt de bodem onder het bestaan weg en doen veel mensen een beroep op hulp, zorg of ondersteuning. Aangezien de zorg verder krimpt en minder snel beschikbaar is, moeten veel mensen terugvallen op inzet van vrijwilligers en mantelzorg, die het alsmaar zwaarder krijgen en uiteindelijk ook hulp vragen bij SMWO. De laatste jaren is een enorme omwenteling aan de gang, omdat oude systemen geen antwoord meer geven op nieuwe maatschappelijke vraagstukken. We moeten bewegen van zorg naar gezondheid, en het liefst naar welzijn. Deze opgave wordt Zeeuws opgepakt. Het sociaal werk heeft een belangrijke rol om deze beweging te versterken. SMWO is actief betrokken bij dit transformatieproces.
Lasten en baten Primaire begroting 2024
Definitieve begroting 2024
3.678.490
3.848.036
3.848.689
3.627.222
3.678.490
3.848.036
3.848.689
3.640.218
Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten
0
0
0
12.996
Toevoeging/onttrekking aan reserves Gerealiseerde resultaat
0 0
0 0
0 0
0 12.996
Lasten Programma 3, Gezondheidsbeleid Baten Programma 3, Gezondheidsbeleid
Realisatie 2024
Realisatie 2023
19 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Programma Overige projecten Jeugdbeleid Het SWVO faciliteert het regionaal overleg van de procescoördinatoren/procesregisseurs van de deelnemende gemeenten. Ook doet zij dit voor de Jeugdbeschermingstafel voor de Oosterschelderegio. Aan deze tafel wordt inhoudelijke casuïstiek met de Raad voor de Kinderbescherming afgestemd. Verder controleert SWVO de administratie van de intensieve zelfstandigheidstraining (IZT) die gemeenten afnemen van Juvent en gaat zij over tot betaling van de facturen die Juvent hiervoor stuurt. Leerlingenvervoer In samenwerking met de Gemeentelijke Vervoerscentrale Zeeland geeft het loket Leerlingenvervoer uitvoering aan het leerlingenvervoer in de Oosterschelderegio met uitzondering van de gemeente Borsele. Naast een vergoeding voor openbaar vervoer, een kilometervergoeding voor eigen vervoer, of een stimuleringsregeling voor het gebruik van de fiets, kan het loket leerlingenvervoer ook een bekostiging geven voor aangepast vervoer. Per 01-01-2024 (Goes per 24-04-24) is er door iedere gemeente afzonderlijk een nieuwe verordening Leerlingenvervoer vastgesteld op basis van de Modelverordening VNG. Aanvullend hierop zijn door de gemeenten ook beleidsregels leerlingenvervoer vastgesteld. Belangrijkste veranderingen in deze verordening zijn; het afschaffen van de eigen bijdrage voor SBO-leerlingen.
Verder het afschaffen van de vergoeding voor openbaar vervoer of eigen vervoer voor VSO-leerlingen. Door vaststelling van deze nieuwe verordening is door alle gemeenten besloten de eigen bijdrage voor SBO-leerlingen over de periode 1 januari 2024 tot de zomervakantie 2024 terug te betalen. Het aantal complexe aanvragen voor aangepast vervoer, waarbij uitgebreid onderzoek noodzakelijk is, neemt dit jaar toe. Het gaat hierbij om aanvragen naar met name reguliere VO-scholen evt. met aanbod van praktijkonderwijs (pro). Verder betreffen het aanvragen naar de taalklas, hoogbegaafdheidsonderwijs en onderwijs wat onder de zes-kilometergrens valt. In de beleidsregels zijn maatregelen opgesteld bij wangedrag. Deze maatregelen zijn verwekt in een flyer en toegezonden aan ouders/verzorgers met een kind in het aangepast vervoer. Hiermee hoopt het loket escalaties in de taxi te voorkomen en meer bewustwording van de consequenties bij misdragingen door leerlingen. Ook de scholen hebben deze flyer ontvangen.
Tabel 8 Netto vervoerskosten Leerlingenvervoer
Overzicht netto vervoerskosten Leerlingenvervoer (vervoerskosten en vergoedingen ouders) Gemeente
2020
2021
2022
2023
2024
Borsele
599.558
564.073
502.283
490.776
451.584
Goes
197.167
194.475
168.929
182.212
207.419
Kapelle
164.137
211.031
178.297
206.958
211.625
Noord-Beveland
149.153
125.713
125.751
128.544
193.366
Reimerswaal
699.595
634.838
585.844
649.363
648.617
Schouwen-Duiveland
477.291
490.045
566.213
640.143
770.543
Tholen
639.010
656.303
663.895
761.167
791.775
2.925.911
2.876.477
2.791.213
3.059.162
3.274.929
Totaal
20 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Tabel 9 Aantal leerlingen in leerlingenvervoer meerdere jaren
Gemeente
Aantal leerlingen 2020-2021
2021-2022
Borsele
0
0
0
0
0
Goes
56
62
49
54
54
Kapelle
58
57
61
66
48
Noord-Beveland
38
44
39
53
46
Reimerswaal
189
208
215
218
192
Schouwen-Duiveland
122
120
121
125
113
Tholen
168
185
167
155
145
631
676
652
671
598
Totaal
2022-2023
2023-2024
2024-2025
Ter voorbereiding op schooljaar 2024-2025 hebben de medewerkers van het Loket Leerlingenvervoer in het voorjaar 16 scholen bezocht of gesproken. In het overleg met de scholen wordt duidelijk wat de uit- of instroom van leerlingen gaat worden. Verder wordt besproken over welke reiscapaciteiten leerlingen beschikken die in het aangepast vervoer zitten voor de overstap naar fiets of OV. De focus ligt schooljaar 2024-2025 bij VSO-leerlingen om door middel van oefenen over te kunnen stappen op zelfstandig reizen. Het oefenen wordt het gehele schooljaar gemonitord door de medewerkers van het loket. Alleen op basis van een structurele handicap, zoals genoemd in de verordening, kan het aangepast vervoer nog worden ingezet worden voor VSO- leerlingen vanaf schooljaar 2025-2026. Tabel 10 Aantal leerlingen per gemeente bij aanvang schooljaar
Gemeente Taxi
Aantal leerlingen aanvang schooljaar 2024-2025 Eigen verOpenbaar voer Fiets vervoer Totaal
Borsele
0
0
0
0
0
Goes
51
2
0
1
54
Kapelle
45
2
0
1
48
Noord-Beveland
31
14
0
1
46
Reimerswaal
141
8
0
43
192
Schouwen-Duiveland
102
1
0
10
113
Tholen
101
42
0
2
145
471
69
0
58
598
Totaal
In 2024 heeft driemaal een overleg plaatsgevonden met de gemeentelijke beleidsmedewerkers. In januari 2024 is er gezamenlijk met collega’s van andere (Zeeuwse) gemeenten een Actualiteitendag Leerlingenvervoer gevolgd, georganiseerd vanuit Segment.
21 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Jeugdzorg vervoer Binnen de vervoerscontracten van het SWVO worden ook de ritaanvragen voor het vervoer van jeugdigen met een indicatie voor (GGZ) Jeugdzorgvervoer ook via de Gemeentelijke Vervoerscentrale Zeeland uitgevoerd In tabel 11 is de ontwikkeling van het aantal jeugdigen dat in 2024 gebruik heeft gemaakt van het Jeugdzorgvervoer weergegeven t.o.v. voorgaande jaren. Tabel 11 Aantal jeugdigen in het jeugdzorgvervoer
Gemeente
Aantal Jeugdigen 2020
2021
2022
2023
2024
Borsele
27
21
16
21
17
Goes
17
25
29
23
21
Kapelle
7
6
7
13
11
Noord-Beveland
9
5
2
4
6
Reimerswaal
30
20
17
26
28
Schouwen-Duiveland
15
19
23
19
19
Tholen
9
6
5
2
10
Totaal
114
102
99
108
112
Gemeente Veere – Contractbeheer en uitvoering Wmo Vanaf 1 januari 2021 heeft gemeente Veere de inkoop en het contractbeheer voor Wmo-voorzieningen ondergebracht bij SWVO. SWVO heeft daartoe met gemeente Veere een Dienstverleningsovereenkomst afgesloten. In deze overeenkomst zijn naast de beschrijving van de opdracht en de te volgen handelwijze ook afspraken opgenomen over de financiering. De bijdrage van de gemeente Veere bedraagt hiervoor in 2024 € 129.447,-. Dit bedrag wordt jaarlijks verhoogd met het VZG-percentage. Het bedrag is opgebouwd uit loon-, huisvestings-, organisatie- en automatiseringskosten.
Lasten en baten Primaire begroting 2024
Definitieve begroting 2024
Realisatie 2024
Realisatie 2023
7.527.003
3.016.268
2.989.021
3.325.926
7.527.003
3.016.268
3.043.696
3.503.913
Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten
0
0
54.675
177.987
Toevoeging/onttrekking aan reserves
0
0
0
0
Gerealiseerde resultaat
0
0
54.675
177.987
Lasten Programma 4, Overige projecten Baten Programma 4, Overige projecten
22 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Programma Secretariaat Ontwikkelingen In 2024 is geïnvesteerd in het optimaliseren van de informatiebeveiliging en heeft de implementatie van het nieuwe automatiseringssysteem Business Central plaatsgevonden. Met het aantrekken van een CISO is een informatiebeveiligingsbeleid opgesteld en vastgesteld, zijn kritische processen beschreven en is een plan van aanpak opgesteld om door te groeien naar een gewenst niveau van informatiebeveiliging. Met de implementatie van Business Central is SWVO/CZW toegerust op de toekomst en wordt alle data voortaan in de cloud opgeslagen. Verder is het functioneel beheer van alle apparatuur ondergebracht bij Acknowledge. Hiermee heeft SWVO/CZW ook op dit punt een kwaliteitsslag gemaakt. Daarnaast zijn alle werkplekken flexibel gemaakt en is een plan opgesteld om de huisvesting zodanig aan te passen op “het nieuwe werken”. Tevens heeft SWVO als werkgever van het CZW-bureau een grote bijdrage geleverd aan het leveren van input voor de lopende governance discussie voor de invulling van een Zeeuws brede inkooporganisatie voor het sociaal domein.
Lasten en baten Primaire begroting 2024
Definitieve begroting 2024
Realisatie 2024
Realisatie 2023
1.779.686
1.882.651
1.791.682
1.586.297
Programma 5, Secretariaat
1.581.203
1.731.203
1.883.058
1.628.712
Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten
-198.483
-151.448
91.376
42.415
Toevoeging/onttrekking aan reserves
198.483
151.448
147.075
140.287
0
0
238.450
182.703
Lasten Programma 5, Secretariaat Baten
Gerealiseerde resultaat
Algemene beleidsindicatoren Met de wijziging van het BBV van 5 maart 2016 zijn gemeenschappelijke regelingen voortaan gehouden om in het jaarverslag, de maatschappelijke effecten die met de verschillende programma’s worden beoogd of gerealiseerd, toe te lichten aan de hand van beleidsindicatoren. Bijgevoegd de algemene beleidsindicatoren: Tabel 12 Algemene beleidsindicatoren
Naam indicator
Eenheid
Formatie Bezetting Apparaatskosten Externe inhuur
Fte per 1.000 inwoners Fte per 1.000 inwoners Kosten per inwoner Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen Kosten als % van totale lasten
Overhead
Realisatie 2024 0,097 0,096 € 12 5,4% € 81.168 3,4%
23 Jaarverslag en jaarrekening SWVO 2024 - CONCEPT
Paragrafen Bedrijfsvoering Bureau Samenwerkingsverband In totaal werken er 23 medewerkers (17,07 fte) inclusief detachering bij het Samenwerkingsverband. De toename van 1,57 fte wordt veroorzaakt door de volgende mutaties. Bij de afdeling beleid is door ziekte van een medewerker een extra medewerker aangetrokken (+ 0,84 fte). Bij de afdeling secretariaat hebben wat kleine verschuivingen plaatsgevonden (+ 0,12 fte). De medewerker Applicatiebeheer is vertrokken. Hiervoor is een medewerker op detacheringsbasis aangetrokken (-/- 0,06 fte). Voor Informatiebeveiliging (CISO) is een nieuwe medewerker in dienst gekomen (+ 0.67 fte). Tabel 13 Aantal fte’s SWVO
Onderdeel
Aantal fte's 1-1-2024 31-12-2024
Directeur-secretaris Beleid Secretariaat Applicatiebeheer Financiën Informatiebeveiliging (CISO) Data-analist Communicatie Loket leerlingenvervoer
1,00 4,95 2,61 0,50 2,45 0,00 0,89 0,44 2,22
1,00 5,79 2,73 0,00 2,45 0,67 0,89 0,44 2,22
Totaal
15,06
16,19
Detachering P&O Applicatiebeheer
0,44 0,00
0,44 0,44
Totaal (incl. detachering)
15,50