CConstaterende datBorsele
Koppel je AI →
Document · PDF

3.1 Onderzoeksrapport effectiviteit van het subsidiebeleid

Besluitvormende raadsvergadering 12 februari 2026, gemeente BorseleBij agendapunt: Ingekomen stukken/Klankbordgroepen6.803 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Effectiviteit van het subsidiebeleid 213a-onderzoek gemeente Borsele, 2025

1

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

In hoeverre is het subsidiebeleid van de gemeente Borsele doelmatig en doeltreffend, en welke inzichten levert dit op voor toekomstige beleidsontwikkeling?

Document: Titel: Versie: Plaats: Datum:

213a-onderzoek Effectiviteit van het subsidiebeleid 8 Heinkenszand november 2025

Auteur: Functie: Organisatie: E-mail:

Rob van Keulen Concerncontroller Gemeente Borsele rvankeulen@borsele.nl 2

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

Voorwoord De gemeente Borsele voert jaarlijks een doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoek uit. Dit is wettelijk verplicht op basis van artikel 213a van de Gemeentewet en lokaal vastgelegd in de Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid gemeente Borsele 2022. De onderzoeken richten zich op onderdelen van de gemeentelijke organisatie en programma’s die van belang zijn voor het goed functioneren van de gemeente. Voor 2024 stond een onderzoek gepland naar de effectiviteit en doelmatigheid van het subsidiebeleid. Dit onderzoek is in 2025 uitgevoerd. Subsidies zijn een belangrijk beleidsinstrument voor de gemeente om maatschappelijke effecten te realiseren, zoals participatie, leefbaarheid en sociale samenhang. Tegelijkertijd groeit de behoefte aan transparantie, doelmatigheid en resultaatgerichtheid bij de besteding van publieke middelen. In dit onderzoek is de centrale vraag: “In hoeverre is het subsidiebeleid van de gemeente Borsele doelmatig en doeltreffend, en welke inzichten levert dit op voor toekomstige beleidsontwikkeling?” Deze vraag is uitgewerkt in vijf thema’s: •

Beleidskader en juridische basis

•

Subsidieproces en uitvoering

•

Doelmatigheid en doeltreffendheid

•

Informatievoorziening en rol van de raad

•

Verbeterpunten en leerervaringen

Het rapport sluit af met concrete aanbevelingen die bedoeld zijn om het subsidiebeleid en de uitvoering daarvan te versterken en de informatievoorziening richting college en raad te verbeteren. Heinkenszand, november 2025 Rob van Keulen Concerncontroller gemeente Borsele

3

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

Samenvatting Dit rapport presenteert de uitkomsten van een onderzoek naar de effectiviteit van het subsidiebeleid van de gemeente Borsele, uitgevoerd in 2025 volgens artikel 213a van de Gemeentewet. De gemeente verstrekt jaarlijks aanzienlijke bedragen aan subsidies, met name op het gebied van sport, cultuur, welzijn en accommodaties. Het is belangrijk dat deze middelen zowel effectief bijdragen aan beleidsdoelen (doeltreffendheid) als efficiënt worden ingezet (doelmatigheid). Dit onderzoek beoogt inzicht te bieden in de werking van het subsidiebeleid en mogelijke verbeterpunten voor beleid, uitvoering en informatievoorziening. De centrale hoofdvraag van het onderzoek luidt: “In hoeverre is het subsidiebeleid van de gemeente Borsele doelmatig en doeltreffend, en welke inzichten levert dit op voor toekomstige beleidsontwikkeling?” Het onderzoek is opgebouwd rond vijf thema’s, waarbij deze hoofdvraag wordt uitgewerkt en beantwoord: 1. Het beleidskader en de juridische basis van het subsidiebeleid, inclusief soorten subsidies en transparantie. 2. Het proces van subsidieverlening, met aandacht voor criteria, verantwoording en efficiëntie. 3. De doelmatigheid en doeltreffendheid van het subsidiebeleid, en de wijze van evaluatie en bijstelling. 4. De informatievoorziening aan de gemeenteraad en de rol van de raad bij kaderstelling en controle. 5.

Verbeterpunten en leerervaringen vanuit de praktijk en vergelijkingen met andere gemeenten. De onderzoeksmethoden bestonden uit documentenanalyse, interviews met betrokken medewerkers en een casestudy bij acht representatieve subsidieontvangers. Hiermee is een gedegen beeld verkregen van de praktijk van subsidieverlening, de doelmatigheid en doeltreffendheid, en de knelpunten en kansen voor verbetering. Belangrijke bevindingen zijn onder andere: •

Het subsidiebeleid rust op een wettelijk en lokaal kader dat solide is, maar verbetering kan gebruiken op het gebied van transparantie en samenhang.

•

Het subsidieproces is overwegend efficiënt ingericht, met heldere procedures en criteria, maar administratieve lasten kunnen variëren.

•

De mate waarin subsidies bijdragen aan maatschappelijke effecten is vaak lastig meetbaar vanwege beperkte concrete doelstellingen en evaluaties.

4

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid •

De gemeenteraad ontvangt bij de begroting en jaarrekening de subsidietabel, maar mist gestructureerde en regelmatige evaluaties om haar controlerende rol optimaal te vervullen.

•

Er worden knelpunten gesignaleerd in transparantie, informatievoorziening en evaluatiepraktijken, en er zijn mogelijkheden om het beleid verder te verbeteren.

Op basis van deze inzichten bevat het rapport aanbevelingen voor versterking van het subsidiebeleid, onder meer gericht op het verbeteren van transparantie, het stroomlijnen van processen, het systematiseren van evaluaties en het optimaliseren van de informatievoorziening aan de raad.

5

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

Begrippenlijst Subsidie Een financiële bijdrage van de overheid aan een persoon, organisatie of instelling, bedoeld om bepaalde activiteiten te ondersteunen, zonder dat daar een directe tegenprestatie tegenover staat. Doelmatigheid De mate waarin beschikbare middelen op een efficiënte en economische wijze worden ingezet, met zo min mogelijk verspilling. Doeltreffendheid De mate waarin de beoogde doelen en resultaten daadwerkelijk worden bereikt met het gevoerde beleid of de verleende subsidies. Algemene Wet Bestuursrecht (Awb) De wet die de algemene regels en procedures voor het bestuursrecht in Nederland regelt, waaronder ook de regels voor het verlenen en controleren van subsidies. Algemene Subsidieverordening (ASV) Een gemeentelijke verordening waarin de regels voor het verlenen van subsidies door de gemeente zijn vastgelegd, inclusief procedures, criteria en verantwoordingseisen. Kaderstellende rol van de raad De taak van de gemeenteraad om het beleid en de beleidskaders vast te stellen waarbinnen het college van burgemeester en wethouders opereert. Controlerende rol van de raad De taak van de gemeenteraad om toezicht te houden op de uitvoering van het beleid en het gebruik van publieke middelen, waaronder subsidies. Verantwoording Het afleggen van verantwoording door subsidieontvangers over de besteding van de middelen en over de behaalde resultaten.

Evaluatie Het systematisch onderzoeken en beoordelen van de doelmatigheid en doeltreffendheid van het subsidiebeleid en de uitvoering daarvan, met als doel verbeteringen te realiseren. Casestudy Een onderzoeksmethode waarbij een beperkt aantal gevallen (bijvoorbeeld subsidieontvangers of subsidieregelingen) diepgaand worden bestudeerd om inzicht te krijgen in de praktijk. Subsidieplafond Het maximale bedrag dat binnen een subsidieregeling beschikbaar is voor toekenning aan subsidieontvangers. Tussentijdse verantwoording Een rapportageplicht gedurende de looptijd van een subsidie, bedoeld om de voortgang en besteding van de subsidie te monitoren. Hardheidsclausule Een bepaling in een verordening die het mogelijk maakt om in individuele gevallen af te wijken van de regels, bijvoorbeeld om onredelijke gevolgen te voorkomen. Openbaar subsidieregister Een openbaar toegankelijk overzicht van alle verleende subsidies, inclusief informatie over bedragen, ontvangers en doeleinden, bedoeld om transparantie te vergroten.

6

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid Inhoudsopgave Voorwoord .............................................................................................................................................. 3 Samenvatting........................................................................................................................................... 4 Begrippenlijst........................................................................................................................................... 6 1. Inleiding ............................................................................................................................................. 9

2.

3.

4.

5.

6.

1.1

Aanleiding en achtergrond..................................................................................................... 9

1.2

Doelstelling van het onderzoek ............................................................................................. 9

1.3

Afbakening. ............................................................................................................................ 9

1.4

Hoofdvraag en deelvragen ................................................................................................... 10

1.5

Onderzoeksmethoden ......................................................................................................... 11

1.6

Casestudy als verdieping ...................................................................................................... 11

1.7

Leeswijzer............................................................................................................................. 11

Beleidskader en juridische basis.................................................................................................... 12 2.1

Juridische en beleidsmatige basis (deelvraag 1) .................................................................. 12

2.2

Soorten subsidies (deelvraag 1) ........................................................................................... 12

2.3

Registratie en transparantie (deelvraag 1) .......................................................................... 14

2.4

Doelen van subsidieregelingen (deelvraag 1) ...................................................................... 14

2.5

Rol van de gemeenteraad bij kaderstelling (deelvraag 2) ................................................... 14

2.6

Casestudy- inbreng in dit hoofdstuk .................................................................................... 14

Subsidieproces en uitvoering ........................................................................................................ 15 3.1

Proces van subsidieverlening (deelvraag 3) ......................................................................... 15

3.2

Criteria en afwegingskaders (deelvraag 3) .......................................................................... 15

3.3

Verantwoordingseisen (deelvraag 4) ................................................................................... 15

3.4

Controle op juiste besteding (deelvraag 4) .......................................................................... 16

3.5

Efficiency van het proces (deelvraag 5) .............................................................................. 16

3.6

Casestudy: toetsing proces en uitvoering (deelvragen 3 t/m 5) .......................................... 17

Doeltreffendheid en doelmatigheid .............................................................................................. 17 4.1

Vaststellen maatschappelijke effecten (doeltreffendheid; deelvraag 6) ............................ 17

4.2

Evaluatie en bijstelling van het subsidieproces (doelmatigheid; deelvraag 7) .................... 18

4.3

Casestudy: Inzicht in doelmatigheid en doeltreffendheid (deelvragen 6 en 7) ................... 18

Informatievoorziening en rol van de raad ..................................................................................... 18 5.1

Informatie aan de raad (deelvraag 8) .................................................................................. 18

5.2

Toereikendheid van de informatie (deelvraag 8) ................................................................ 19

5.3.

Verbeteren inzicht van de raad (deelvraag 9)..................................................................... 19

5.4

Casestudy: inzichten in informatievoorziening en raad (deelvragen 8 en 9) ...................... 19 Verbeterpunten en leerervaringen .......................................................................................... 21 7

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid 6.1

Knelpunten en verbeterkansen (deelvraag 10) ................................................................... 21

6.2

Leerervaringen vanuit Borsele en andere gemeenten (deelvraag 11) ................................ 21

6.3

Casestudy: Inzichten in knelpunten en leerervaringen ....................................................... 21

7. Casestudy: integrale beantwoording en overzicht ........................................................................... 22 7.1

Focus van de casestudy........................................................................................................ 22

7.2

Overzicht beantwoorde vragen per onderzochte subsidie ................................................. 23

8.

Aanbevelingen .......................................................................................................................... 24 8.1

Transparantie en inzicht vergroten...................................................................................... 24

8.2

Procesuniformiteit en administratieve lasten verminderen ............................................... 24

8.3

Evaluaties systematiseren en verbeteren ............................................................................ 24

8.4

Informatievoorziening aan de raad versterken ................................................................... 24

8.5

Kennisdeling en samenwerking bevorderen........................................................................ 24

9.

Bestuurlijke reactie college van B&W ...................................................................................... 25

10.

Literatuurlijst ............................................................................................................................ 27

Verwijzingen: ......................................................................................................................................... 27

8

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

1. Inleiding Dit hoofdstuk introduceert het onderzoek naar het subsidiebeleid van de gemeente Borsele. Het beschrijft de aanleiding en achtergrond, de doelstellingen, de afbakening, de hoofd- en deelvragen en de gehanteerde onderzoeksmethoden, inclusief de opzet van de casestudy.

1.1

Aanleiding en achtergrond

De gemeente Borsele verstrekt jaarlijks aanzienlijke subsidies aan maatschappelijke organisaties, verenigingen en instellingen, met name op het gebied van sport, cultuur, welzijn en accommodaties. Deze subsidies zijn een belangrijk instrument om publieke doelstellingen te realiseren, zoals het bevorderen van participatie, leefbaarheid en sociale samenhang. Hoewel subsidies breed worden ingezet, is het niet altijd duidelijk of zij daadwerkelijk leiden tot de gewenste maatschappelijke effecten. Ook is het van belang dat beschikbare middelen efficiënt worden ingezet. Voor de gemeenteraad, vanuit haar kaderstellende en controlerende rol, is een goed inzicht in de werking en effectiviteit van het subsidiebeleid essentieel.

1.2

Doelstelling van het onderzoek

Het doel van dit onderzoek is om inzicht te geven in:

1.3

•

De doeltreffendheid van het subsidiebeleid: in hoeverre dragen subsidies daadwerkelijk bij aan het realiseren van gemeentelijke beleidsdoelen?

•

De doelmatigheid van het subsidieverleningsproces: worden de beschikbare middelen efficiënt en verantwoord ingezet?

•

Verbeterpunten ter versterking van beleid, uitvoering en informatievoorziening.

Afbakening.

Het onderzoek richt zich op subsidies die de gemeente structureel of incidenteel in de afgelopen drie jaar heeft verstrekt aan maatschappelijke organisaties binnen het sociaal en cultureel domein. Buiten de scope vallen onder andere: individuele voorzieningen, Europese- en provinciale subsidies en subsidies in het fysieke domein zoals woningverbetering en isolatie.

9

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

1.4

Hoofdvraag en deelvragen

De centrale onderzoeksvraag luidt: “In hoeverre is het subsidiebeleid van de gemeente Borsele doelmatig en doeltreffend, en welke inzichten levert dit op voor toekomstige beleidsontwikkeling?” Deze vraag is uitgewerkt in de volgende deelvragen, gegroepeerd per thema: Thema 1: Beleidskader en juridische basis 1. Wat is de juridische en beleidsmatige basis van het subsidiebeleid binnen de gemeente Borsele, welke soorten subsidies worden gehanteerd en hoe wordt de registratie en transparantie geregeld? 2. Wat is de rol van de gemeenteraad bij het kaderstellen, controleren en beïnvloeden van het subsidiebeleid? Thema 2: Subsidieproces en uitvoering 3. Hoe verloopt het proces van aanvraag tot toekenning van subsidies en welke criteria en afwegingskaders worden daarbij toegepast? 4. Hoe worden de verantwoordingseisen kenbaar gemaakt en op welke wijze controleert de gemeente of subsidies juist worden besteed? 5. In hoeverre is het proces van subsidieverlening efficiënt en doelmatig ingericht, inclusief administratieve lasten en besluitvorming? Thema 3: Doelmatigheid en doeltreffendheid 6. Op welke wijze wordt vastgesteld of de subsidies daadwerkelijk bijdragen aan de beoogde maatschappelijke effecten? 7. Hoe vinden evaluatie en bijstelling van het subsidiebeleid en de subsidieverlening plaats? Thema 4: Informatievoorziening en rol van de raad 8.

Welke informatie ontvangt de raad over de subsidies en hun effecten, en is deze informatie toereikend voor zijn kaderstellende en controlerende rol? 9. Wat heeft de raad nodig om een beter inzicht te krijgen in de effectiviteit en doelmatigheid van het subsidiebeleid? Thema 5: Verbeterpunten en leerervaringen 10. Welke knelpunten en verbeterkansen ervaren betrokkenen bij het subsidiebeleid en de uitvoering daarvan? 11. Welke lessen kan de gemeente Borsele trekken uit de uitvoering van het subsidiebeleid en ervaringen van andere gemeenten?

10

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

1.5

Onderzoeksmethoden

Voor dit onderzoek zijn de volgende methoden toegepast: • Documentenanalyse van beleidsdocumenten, verordeningen, verantwoordingsstukken en onderzoeksrapporten gemeente Dalfsen en Berkelland; • Interviews met betrokken subsidie medewerkers; • Casusonderzoek (casestudy)

1.6

Casestudy als verdieping

Een belangrijk onderdeel van dit onderzoek is een casestudy, waarbij de volgende acht representatieve subsidieregelingen zijn onderzocht: • • • • • • • •

Subsidieregeling speeltuinverenigingen 2025 Subsidieregeling amateurkunst gemeente Borsele 2024 Subsidieregeling amateursport gemeente Borsele 2024 Subsidieregeling kindgebonden financiering peuteropvang en voorschoolse educatie Borsele 2022 Subsidieregeling welzijnsaccommodaties gemeente Borsele 2024 Subsidieregeling jeugd- en jongerenwerk 2024 Subsidieregeling ouderenwerk 2024 Subsidieregeling Maak werk van je idee 2024

De selectie van deze casussen is gebaseerd op de omvang van de subsidie, het type subsidie, het publieksbereik en de professionaliteit van de organisaties. De casestudy levert concrete praktijkinzichten over het subsidieproces, de doelmatigheid en doeltreffendheid, de informatievoorziening aan de raad en de verbeterpunten en kansen. De resultaten worden geïntegreerd in de thematische hoofdstukken om de beantwoording van de deelvragen te ondersteunen.

1.7

Leeswijzer

Het rapport is opgebouwd uit de volgende hoofdstukken, met in elk hoofdstuk de beantwoording van specifieke deelvragen: • Hoofdstuk 2: Beleidskader en juridische basis (deelvragen 1-2) • Hoofdstuk 3: Subsidieproces en uitvoering (deelvragen 3-5) • Hoofdstuk 4: Doelmatigheid en doeltreffendheid (deelvragen 6-7) • Hoofdstuk 5: Informatievoorziening en rol van de raad (deelvragen 8-9) • Hoofdstuk 6: Verbeterpunten en leerervaringen (deelvragen 10-11) • Hoofdstuk 7: Casestudy: integrale beantwoording en overzicht • Hoofdstuk 8: Aanbevelingen • Hoofdstuk 9: Bestuurlijke reactie • Hoofdstuk 10: Literatuurlijst

11

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

2.

Beleidskader en juridische basis

Dit hoofdstuk beschrijft het beleidskader van de gemeente Borsele met betrekking tot het subsidiebeleid. Het behandelt de juridische grondslag, de soorten subsidies die de gemeente kent, de feitelijke omvang en registratie van subsidies, de beoogde doelen van subsidieregelingen en de rol van de gemeenteraad bij het vaststellen van het kader. Dit hoofdstuk behandelt de deelvragen 1 en 2

2.1

Juridische en beleidsmatige basis (deelvraag 1)

De gemeente Borsele verleent subsidies op basis van de Algemene wet bestuursrecht (Awb, titel 4.2) en de Algemene Subsidieverordening (ASV) 2016. Volgens de Awb zijn subsidies aanspraken op financiële middelen die door een bestuursorgaan worden verstrekt voor bepaalde activiteiten, anders dan als betaling voor geleverde goederen of diensten. Subsidies zijn daarmee altijd doelgebonden en gekoppeld aan specifieke activiteiten van de ontvanger. De ASV vormt het lokale kader voor subsidieverlening en bevat bepalingen over de soorten subsidies, doelgroepen, aanvraagprocedures en verantwoording. Een formele omschrijving van het begrip subsidie ontbreekt. Wel wordt onderscheid gemaakt tussen incidentele en structurele subsidies. De ASV bevat bepalingen over categorieën activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen. In de meeste gevallen is dit uitgewerkt in specifieke subsidieregelingen. Het gebruik van subsidies biedt kansen om beleidsdoelen te realiseren, maar kent ook risico’s, zoals beperkte zichtbaarheid van maatschappelijke effecten en gebrekkig beheer of toezicht. Bij structurele subsidies wordt in één geval te weten bij jeugd- en jongerenwerk het aantal uitgevoerde activiteiten gecontroleerd. Verder is het alleen bij subsidies van < € 5000. Bij incidentele subsidies is het vooraf aantonen of achteraf verantwoorden.

Hoewel de ASV een stevige basis vormt, sluit deze niet altijd aan bij de recente modeltekst van de VNG (2019). De subsidieverlening gebeurt op grond van het de specifieke thematieke beleidskaders. Een integrale subsidienota waarin criteria zijn vastgelegd voor de keuze tussen subsidie, inkoop/aanbesteding, samenwerking met andere overheden of uitvoering door de gemeente zelf ontbreekt. Alle thema’s komen aan de orde in de specifieke beleidsstukken. Het verdient aanbeveling toch één integrale subsidienota op te stellen. Daarnaast bestaat er sinds 2024 één waarderingssubsidieregeling waarbij de subsidie wordt verstrekt zonder dat het college zich met de inhoud van de activiteit bemoeit. Een integrale visie op de inzet van subsidies ontbreekt. De structurele subsidieregelingen worden bij het ingaan van een nieuwe 4-jaarlijkse subsidieperiode waar nodig herzien. De laatste keer was dat in 2024 het geval. De meeste regelingen bestonden al langer. Het verdient aanbeveling de ASV die dateert uit 2016 opnieuw te actualiseren.

2.2

Soorten subsidies (deelvraag 1)

De gemeente kent verschillende subsidieregelingen, onder meer op het gebied van sport, cultuur, welzijn en accommodaties. Hiervoor zijn specifieke subsidieregels vastgesteld, dit zijn: • • •

Subsidieregeling musea Subsidieregeling ouderenwerk Subsidieregeling kindgebonden financiering peuteropvang en voorschoolse educatie Borsele 12

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid • • • • • • • • • • • • • • • • •

Subsidieregeling regionale instellingen Subsidieregeling subsidiering door seniorenraad Subsidieregeling speeltuinverenigingen gemeente Borsele Subsidieregeling welzijnsaccommodaties gemeente Borsele Subsidieregeling amateurkunst gemeente Borsele Subsidieregeling amateursport gemeente Borsele Subsidieregeling voor subsidiering door de culturele raad Borsele Subsidieregeling deskundigheidsbevordering gemeente Borsele Subsidieregeling dorpsraden Subsidieregeling waarderingssubsidies Subsidieregeling E.H.B.O. Subsidieregeling evenementen Subsidieregeling jeugd- en jongerenwerk gemeente Borsele Subsidieregeling maak werk van je idee gemeente Borsele Subsidieregeling gezond en vitaal Borsele Subsidieregeling AED (deze regeling is gepubliceerd op de website bij het onderwerp eerste hulp bij hartstilstand) Subsidieregeling activiteiten voor ouderen

Deze subsidies worden verstrekt in verschillende vormen: activiteiten-, budget- en projectsubsidies. Subsidieregeling Speeltuinverenigingen Amateurkunst Amateursport Peuteropvang en voorschoolse educatie Welzijnsaccommodaties *) Jeugd- en jongerenwerk Ouderenwerk Maak werk van je idee Subtotaal Overige subsidies Totaal subsidies

2025 (t/m okt) 62.978 14.873 29.887

2024 54.474 14.653 34.814

311.786 463.326 1.142.607 1.143.356 59.083 52.825 47.430 41.573 0 2.000 1.668.644 1.807.021 225.879 247.222 1.894.523 2.054.243 Overzicht subsidiebedragen op basis van de boekingen in de financiële administratie.

2023 60.472 15.256 30.490 516.751 1.126.901 43.709 39.384 7.400 1.840.363 263.489 2.103.852

*) Dit betreft de Stenge, Zwake en Stelleplas (Sportfondsen) en de dorpshuizen.

Uitleg bij de verschillen: Speeltuinverenigingen: Het aantal kinderen is sinds 2024 drastisch gedaald. Hierop is de subsidieregeling in 2025 aangepast, het bedrag per kind verlaagd en het bedrag per speeltuin verhoogd. Amateursport: Hier is sprake van een lager aantal kinderen. Gesubsidieerd wordt een kwart of 20% (afhankelijk van waar de sport plaatsvindt) van de huur en een bedrag per jeugdlid.

13

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid Peuteropvang en voorschoolse educatie: Het verschil heeft te maken dat er lagere bedragen worden bevoorschot. Het aantal kinderen op de dagopvang neemt af. De VVE blijft nagenoeg gelijk. Jeugd en Jongerenwerk: de toename komt vooral doordat er 2 nieuwe jeugdsozen bij zijn gekomen (Heinkenszand en ’s Gravenpolder) Ouderenwerk: Hier is sprake van een stijging van de huur omdat meer activiteiten worden georganiseerd. Maak werk van je idee: In 2025 is veel gebruik gemaakt van de tijdelijke subsidieregeling Gezond en vitaal Borsele 2024-2025 waardoor weinig aanspraak is gemaakt op deze regeling.

2.3

Registratie en transparantie (deelvraag 1)

De interne registratie van subsidies is vooral boekhoudkundig en maakt onvoldoende onderscheid naar soort subsidie of beleidsdoel. De gemeente publiceert geen jaarlijks openbaar subsidieregister, wat de transparantie beperkt en het moeilijk maakt voor raad en publiek om overzicht te krijgen. Er wordt gewerkt aan een openbaar subsidieregister dat de transparantie en het inzicht in subsidies aanzienlijk zal vergroten.

2.4

Doelen van subsidieregelingen (deelvraag 1)

In enkele subsidieregelingen zijn doelen of activiteiten expliciet omschreven, maar vaak worden alleen doelgroepen benoemd. Soms beperkt het doel zich tot het kunnen verstrekken van subsidie. Dit beperkt het inzicht in de daadwerkelijke effecten. De ASV bepaalt dat de wijze van verantwoording wordt vastgelegd in de subsidieregeling of beschikking. 80 organisaties krijgen minder dan € 1.000 aan subsidie. 52 organisaties krijgen tussen de € 1.000 en € 5.000 aan subsidie en 11 organisaties krijgen een subsidie boven de € 5.000. Bij de verantwoordingseisen is daar ook rekening mee gehouden. Dit is een bewuste keuze geweest, omdat het behandelen van een verantwoording van een subsidie van misschien € 250 dan relatief erg duur wordt.

2.5

Rol van de gemeenteraad bij kaderstelling (deelvraag 2)

De gemeenteraad stelt de ASV vast en bepaalt daarmee het algemene kader van het subsidiebeleid. De uitvoering, inclusief het vaststellen van subsidieregels en subsidieplafonds, ligt bij het college van burgemeester en wethouders. Dit is bepaald in de ASV artikel 3 lid 1. De raad stelt de financiële kaders in de begroting vast, maar staat op afstand van de feitelijke uitvoering. Meer inzicht in verleende subsidies en effecten, bijvoorbeeld via een openbaar register, zou de kaderstellende en controlerende rol van de raad versterken.

2.6

Casestudy- inbreng in dit hoofdstuk

Bij de analyse van het beleidskader en de juridische basis is gebruikgemaakt van inzichten uit de casestudy, waarin de praktijk van het subsidiebeleid bij verschillende regelingen is onderzocht. Deze casestudy laat zien dat er in sommige situaties geen solide basis van het beleid is, maar signaleert ook knelpunten op het gebied van samenhang en transparantie.

14

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

3.

Subsidieproces en uitvoering

Dit hoofdstuk beschrijft de uitvoering van het subsidiebeleid van de gemeente Borsele. Het behandelt het proces van aanvraag tot toekenning, de criteria en afwegingskaders, de verantwoordingseisen en controle, en de efficiëntie van het proces. Daarnaast worden de resultaten van de casestudy gepresenteerd, die een verdieping vormen op de praktijkuitvoering. Dit hoofdstuk behandeld de deelvragen 3 t/m 5.

3.1

Proces van subsidieverlening (deelvraag 3)

Het proces van subsidieverlening verloopt volgens vastgestelde procedures, zoals opgenomen in de ASV. Aanvragen moeten schriftelijk worden ingediend bij het bevoegde bestuursorgaan. Dit gebeurt standaard met een aanvraagformulier. Daar waar geen specifiek aanvraagformulier voorhanden is, geld het algemene aanvraagformulier. Strikt genomen is er dus altijd een formulier De aanvraag omvat een beschrijving van activiteiten, doelen, begroting en dekkingsplan. Nieuwe aanvragers voegen documenten toe zoals statuten en jaarverslagen. De bevoegdheid tot besluit is verdeeld: In de ASV is opgenomen dat er nog een seniorenraad en jongerenraad is. Deze bestaan niet meer. De Culturele Raad beslist over cultuursubsidies. Het college van burgemeester en wethouders over overige subsidies. Door middel van subsidieplafonds wordt het totale beschikbare budget bewaakt.

3.2

Criteria en afwegingskaders (deelvraag 3)

De beoordeling van subsidieaanvragen vindt plaats aan de hand van criteria zoals: •

Gerichtheid van activiteiten op de gemeente en haar inwoners;

•

Noodzaak van subsidie voor de uitvoering;

•

Naleving van wet- en regelgeving;

•

Aansluiting bij gemeentelijk beleid;

•

Beschikbaarheid van budget binnen de begroting.

Aanvragen die niet aan deze criteria voldoen, worden afgewezen. Subsidieregelingen kunnen nadere criteria bevatten, bijvoorbeeld over doelgroepen en berekening van subsidies.

3.3

Verantwoordingseisen (deelvraag 4)

Subsidieontvangers zijn verplicht verantwoording af te leggen over de besteding. De eisen verschillen per subsidiebedrag: •

Tot € 5.000: vaak minimale of op vertrouwen gebaseerde verantwoording. De meeste verstrekte subsidies vallen in deze categorie. Hier worden vaak bij de aanvraag stukken (zoals begroting en facturen uit voorgaande jaren) overlegd waardoor controle achteraf overbodig is. Verantwoorden achteraf zou leiden tot een onnodige verhoging van de administratieve last.

•

Tussen € 5.000 en € 50.000: inhoudelijk verslag en financiële verantwoording;

•

Boven € 50.000: uitgebreide verantwoording met controleverklaring door een onafhankelijk accountant. 15

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid Bij subsidies die langer dan een jaar lopen, kan tussentijdse verantwoording worden gevraagd. Ontvangers moeten afwijkingen of niet-nakoming onverwijld melden.

3.4

Controle op juiste besteding (deelvraag 4)

De gemeente controleert de juiste besteding door combinatie van verantwoording, tussentijdse rapportages, meldingsplicht en accountantscontrole bij grote subsidies. Bij onjuiste besteding kan terugvordering volgen. Uit de praktijk blijkt dat Subsidies < € 5.000 worden beoordeeld/gecontroleerd voorafgaand aan subsidieverlening. Subsidies tussen € 5.000 en € 50.000 worden altijd gecontroleerd. Bij grote subsidies (>€ 50.000) is het verplicht een controleverklaring te overleggen. Dit is wel de meest uitgebreide verklaring die een accountant kan opstellen. Er zijn namelijk 3 soorten accountantsverklaringen te weten: • • •

Samenstellingsverklaring; Beoordelingsverklaring; Controleverklaring.

Het is aan te bevelen om na te gaan of voor iedere vereniging die een subsidie ontvangt van meer dan € 50.000 een controleverklaring gewenst of noodzakelijk is. Mogelijk kan met een lichtere variant worden volstaan. Dit heeft een positief effect ook de hoogte van administratieve last en een doelmatigere inzet van de verleende subsidie. Sommige subsidieregelingen eisen echter jaarlijkse aanvragen en externe toetsing, wat administratieve lasten verhoogt. Ook zijn er verschillen in timing en procedure die ruimte bieden voor verbetering.

3.5

Efficiency van het proces (deelvraag 5)

De gemeente werkt bij een aantal regelingen met structurele subsidies met een looptijd van maximaal vier kalenderjaren, vaste bedragen en standaard aanvraag- en verantwoordingsformulieren, waardoor administratieve lasten worden verminderd. Voor kleine subsidies is de verantwoording beperkt. De Awb biedt hiervoor de mogelijkheid. Subsidiebureau Alle in dit onderzoek opgenomen subsidies worden binnen het domein samenleving behandelt door het subsidiebureau. Inmiddels is het subsidiebureau zodanig uitgebreid dat het ondersteuning biedt aan alle domeinen. Een subsidiebureau voor de hele organisatie is een cruciale stap om ervoor te zorgen dat alle subsidieverlening in overeenstemming is met de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en om een nauwkeurige financiële rapportage mogelijk te maken. Het organisatiebrede subsidiebureau is een strategische investering die ons helpt bij het verbeteren van de dienstverlening, juridische borging en efficiëntere subsidieverlening. Ook helpt het bij het inzichtelijker maken van de subsidieverlening voor de gemeenteraad. Subsidievolgsysteem De gemeente werkt aan de implementatie van een subsidievolgsysteem dat dient als centraal digitaal platform voor het aanvragen, verwerken en verantwoorden van subsidies.

Dit systeem draagt bij aan het harmoniseren van aanvraag- en verantwoordingsprocedures en vermindert administratieve lasten door standaardisering en digitalisering van processen.

16

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid Het subsidievolgsysteem maakt het bovendien mogelijk om de subsidieverlening beter inzichtelijk en transparant te maken richting het college en de gemeenteraad.

3.6

Casestudy: toetsing proces en uitvoering (deelvragen 3 t/m 5)

Ten aanzien van het proces en uitvoering kan op basis van de onderzochte subsidies het volgende worden geconcludeerd: Het subsidieproces binnen de gemeente Borsele is overwegend efficiënt ingericht. Dit wordt onder andere bereikt door: meerjarige subsidieperioden, vaste bedragen met jaarlijkse indexering, gestandaardiseerde aanvraag- en verantwoordingseisen, minimale administratieve lasten bij kleine subsidies en duidelijke termijnen voor aanvragen en beslissingen. Er zijn wel verschillen tussen regelingen. Sommige, zoals kindgebonden financiering voor peuteropvang, vragen jaarlijkse aanvragen en externe toetsing, wat extra administratieve lasten met zich meebrengt. Andere regelingen, bijvoorbeeld voor welzijnsaccommodaties (hieronder vallen o.a. de dorpshuizen), hebben weinig specifieke voorwaarden, wat de administratieve druk verlaagt maar transparantie beperkt. Hier geldt dat er geen vastgesteld beleid is, waarin nadere afspraken zijn gemaakt over al dan niet subsidiabele kosten. In de praktijk komen soms vertragingen voor bij aanvragen en vaststellingen (bijvoorbeeld dorpshuizen). Digitalisering en het gebruik van vaste formulieren dragen bij aan een gestroomlijnd proces.

Over het geheel genomen is het subsidieproces afgestemd op het beperken van administratieve lasten en het efficiënt bedienen van verschillende doelgroepen, zonder dat noodzakelijke controle en verantwoording in het gedrang komen.

4.

Doeltreffendheid en doelmatigheid

Dit hoofdstuk behandelt de mate waarin het subsidiebeleid doelmatig en doeltreffend is. Het beschrijft hoe wordt vastgesteld of subsidies bijdragen aan maatschappelijke effecten, en hoe evaluatie en bijstelling van beleid en uitvoering plaatsvinden. De resultaten uit de casestudy worden hierbij betrokken om de praktijk te illustreren. De deelvragen 6 en 7 worden in dit hoofdstuk uitgewerkt.

4.1

Vaststellen maatschappelijke effecten (doeltreffendheid; deelvraag 6)

Volgens de ASV wordt de bijdrage van subsidies aan maatschappelijke effecten vooral vastgesteld via de verantwoording die subsidieontvangers aanleveren. Dit gebeurt door: •

Inhoudelijke verslagen waarin aanvragers bij de aanvraag aangeven welke doelen en resultaten zij nastreven en hoe deze aansluiten bij gemeentelijke beleidsdoelen (artikel 6);

•

Na afloop van de subsidieperiode leveren zij een inhoudelijk verslag in waaruit blijkt in hoeverre de doelstellingen zijn gerealiseerd (artikelen 14 en 15).

Het bevoegde bestuursorgaan beoordeelt deze verslagen om te bepalen of de subsidie daadwerkelijk heeft bijgedragen aan de beoogde effecten. Bij grote subsidies kan tussentijdse verantwoording worden gevraagd (artikel 12).

17

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid In de praktijk blijkt dat bij veel subsidies vooraf geen concrete doelstellingen en meetbare prestaties zijn geformuleerd. Dit bemoeilijkt het kwantitatief evalueren van de maatschappelijke effecten. Toch kunnen subsidies vaak wel degelijk positieve effecten hebben.

4.2

Evaluatie en bijstelling van het subsidieproces (doelmatigheid; deelvraag 7)

In de ASV is geen verplichting opgenomen voor periodieke evaluaties van het subsidiebeleid of subsidieverlening. Evaluatie en bijstelling vinden vooral plaats via aanpassingen in subsidieregelingen en de gemeentelijke begrotings- en beleidscyclus. De verordening bevat een hardheidsclausule die het mogelijk maakt in individuele gevallen af te wijken van regels, wat flexibiliteit biedt zonder de gehele verordening te hoeven wijzigen. Daarnaast spelen verantwoordingen en rapportages van subsidieontvangers een belangrijke rol bij het signaleren van verbeterpunten en het bijstellen van voorwaarden. In de praktijk is er regelmatig overleg met gesubsidieerde partijen over prestaties en voortgang, maar systematische en gestructureerde evaluaties ontbreken vaak, vooral bij kleinere subsidies.

4.3

Casestudy: Inzicht in doelmatigheid en doeltreffendheid (deelvragen 6 en 7)

Ten aanzien van de doeltreffendheid en de doelmatigheid kan op basis van de onderzochte subsidies het volgende worden geconcludeerd: De ASV bevat geen expliciete verplichting voor periodieke evaluatie van het subsidiebeleid, waardoor structurele evaluaties niet standaard zijn geregeld. Bijstellingen vinden plaats via de afzonderlijke subsidieregelingen, die het college kan aanpassen op basis van ervaringen, beleidswijzigingen of financiële kaders. De hardheidsclausule biedt daarnaast flexibiliteit om in individuele gevallen af te wijken van de regels. Dit brengt ook risico’s mee. Evaluatie en bijstelling kunnen ook plaatsvinden binnen de reguliere begrotings- en beleidscyclus, terwijl terugkoppeling uit de verantwoordingen van subsidieontvangers input kan leveren voor toekomstige aanpassingen.

5.

Informatievoorziening en rol van de raad

Dit hoofdstuk behandelt de informatievoorziening aan de gemeenteraad over het subsidiebeleid. Het beschrijft welke informatie de raad ontvangt over subsidies en hun effecten, beoordeelt de toereikendheid van deze informatie voor de kaderstellende en controlerende rol, en onderzoekt wat de raad nodig heeft om beter inzicht te krijgen in effectiviteit en doelmatigheid. De deelvragen 8 en 9 worden hier behandeld.

5.1

Informatie aan de raad (deelvraag 8)

De gemeenteraad ontvangt informatie over subsidies via meerdere kanalen. Jaarlijks stelt de raad de gemeentebegroting vast, waarin financiële kaders en subsidieplafonds zijn opgenomen. Subsidietoekenningen worden vastgelegd en de raad kan worden geïnformeerd via bestuursverslagen en voortgangsrapportages. Subsidieontvangers moeten (als het subsidiebedrag meer dan € 5.000 is) verantwoording afleggen over de besteding en resultaten van gesubsidieerde activiteiten. Hoewel de Algemene Subsidieverordening geen verplichte periodieke evaluatierapportages voorschrijft, kan het college 18

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid de raad via jaarverslagen of beleidsrapportages informeren over de uitvoering en maatschappelijke effecten. Zowel voor de gemeenteraad als voor verenigingen en instellingen is openbaarheid van belang: waarvoor subsidie wordt verleend, op grond van welke regeling, op basis van welke criteria de subsidie is berekend en wat de uiteindelijke hoogte van de toegekende subsidie is. Voor de verbetering van transparantie en informatievoorziening aan de raad wordt gewerkt aan de implementatie van een digitaal subsidievolgsysteem. Dit systeem maakt het mogelijk om actuele en gestructureerde gegevens over subsidies, besteding en resultaten te registreren en toegankelijk te maken voor raad, college en publiek. Hiermee kan de raad beter invulling geven aan haar kaderstellende en controlerende rol.

5.2

Toereikendheid van de informatie (deelvraag 8)

De beschikbare informatie is in grote lijnen toereikend voor de kaderstellende rol van de raad. Financiële kaders en verantwoordingen bieden inzicht in de middelen en gerealiseerde activiteiten, waardoor de raad sturing kan geven. Voor de controlerende rol zijn er beperkingen. Het ontbreken van verplichte, gestructureerde evaluaties en uitgebreide effectenrapportages maakt het lastiger om inzicht te krijgen in de lange termijn impact van subsidies. De kwaliteit van de aangeleverde verantwoordingen en rapportages wisselt en sommige subsidieregelingen kennen beperkte transparantie.

5.3.

Verbeteren inzicht van de raad (deelvraag 9)

Voor een goed inzicht in de effectiviteit en doelmatigheid van subsidies is het van belang dat de raad: •

Periodieke, gestructureerde evaluaties ontvangt die duidelijk maken of subsidies bijdragen aan maatschappelijke doelen;

•

Er uniforme en meetbare verantwoording van subsidieontvangers van bedragen van > € 5.000, zowel financieel als inhoudelijk wordt verstrekt;

•

Transparante en systematische rapportages door het college, inclusief knelpunten en verbetermaatregelen worden verstrekt;

•

Heldere beleidskaders en financiële grenzen om effectieve sturing mogelijk te maken ontvangt;

•

De mogelijkheid krijgt tijdig bij te sturen op basis van evaluaties en verantwoording.

Door aan deze behoeften te voldoen, kan de raad zijn volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol effectief vervullen.

5.4

Casestudy: inzichten in informatievoorziening en raad (deelvragen 8 en 9)

Ten aanzien van de doeltreffendheid en de doelmatigheid kan op basis van de onderzochte subsidies het volgende worden geconcludeerd: De informatievoorziening aan de raad is zeer summier. Bij het vaststellen van de begroting zijn de financiële kaders bekend, maar er is geen of weinig terugkoppeling door middel van verantwoordingen door het college van subsidieontvangers, waardoor een duidelijk inzicht in beschikbare middelen, besteding en gerealiseerde activiteiten ontbreekt. 19

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid De betrokkenheid van de culturele raad en het college zorgt voor gespreide besluitvorming en toezicht binnen de gemeentelijke kaders. Beperkingen zijn dat de verordening geen verplichte periodieke evaluaties of uitgebreide effectenrapportages voorschrijft, waardoor inzicht in de maatschappelijke impact op lange termijn beperkt kan zijn. De kwaliteit van verstrekte informatie is afhankelijk van de aangeleverde verantwoordingen en rapportages. Sommige regelingen hebben beperkte verantwoordingseisen, wat transparantie kan verminderen.

20

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

6.

Verbeterpunten en leerervaringen

Dit hoofdstuk brengt de knelpunten en verbeterkansen in beeld die betrokkenen bij het subsidiebeleid en de uitvoering daarvan ervaren. Daarnaast worden lessen en best practises uit de gemeente Borsele en andere gemeenten besproken, die kunnen bijdragen aan versterking van het subsidiebeleid. Dit hoofdstuk behandeld de deelvragen 10 en 11)

6.1

Knelpunten en verbeterkansen (deelvraag 10)

Er worden diverse knelpunten in het subsidieproces gesignaleerd, waaronder: •

Onvoldoende transparantie over subsidies en hun effecten;

•

Verschillen in administratieve lasten tussen subsidieregelingen;

•

Onregelmatige en beperkte evaluaties van subsidies;

•

Wisselende kwaliteit en volledigheid van verantwoordingen;

•

Informatievoorziening aan de raad die soms niet toereikend is voor controle;

•

Vertraagde procedures en inconsistenties in toepassing van regels.

Verbeterkansen liggen in het versterken van transparantie, het stroomlijnen en uniformeren van processen, het systematiseren van evaluaties en het verbeteren van de communicatie met subsidieontvangers en de raad.

6.2

Leerervaringen vanuit Borsele en andere gemeenten (deelvraag 11)

Zoals aangegeven is bij de documentenstudie ook gebruik gemaakt van onderzoeksrapporten bij de gemeenten Dalfsen en Berkelland. De gemeente Borsele kan leren van best practises van o.a. deze gemeenten, onder meer op het gebied van: •

Het opzetten van een openbaar en actueel subsidieregister;

•

Het implementeren van gestructureerde en periodieke evaluaties (interne organisatie);

•

Het verbeteren van de uniformiteit van verantwoordingseisen;

•

Het versterken van de informatievoorziening aan de raad;

Deze ervaringen bieden aanknopingspunten om het subsidiebeleid en de uitvoering verder te professionaliseren en transparanter te maken.

6.3

Casestudy: Inzichten in knelpunten en leerervaringen

De casestudy toont aan dat er in de gemeente Borsele knelpunten worden ervaren die overeenkomen met bovengenoemde punten. De praktijk laat zien dat er behoefte is aan meer uniforme processen, betere informatievoorziening en regelmatiger evalueren van effecten.

21

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

7. Casestudy: integrale beantwoording en overzicht 7.1

Focus van de casestudy

De casestudy is gericht op het beantwoorden van de deelvragen over het subsidieproces, doelmatigheid, doeltreffendheid en verbeterpunten. Per onderzochte subsidieregeling is onderzocht: •

Het aanvraag- en toekenningsproces (deelvragen 3 t/m-5)

•

Doelmatigheid en doeltreffendheid (deelvragen 6-7)

•

Informatievoorziening aan de raad (deelvragen 8 en 9)

•

Verbeterpunten en kansen (deelvraag 10 en 11)

22

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

7.2

Overzicht beantwoorde vragen per onderzochte subsidie

Subsidieregeling

Procedure

Samenvatting bevindingen.

Speeltuinverenigingen

1x per 4 jaar aanvragen.

1) Eenvoudige procedure, beperkte voorwaarden. 2) Eén speeltuinvereniging per kern is gerealiseerd. 3) Geen actieve informatie naar de raad. 4) Geen bijzonderheden.

Amateurkunst

1x per 4 jaar aanvragen.

1) Eenvoudige procedure, beperkte voorwaarden. 2) Door behoud van de culturele verenigingen wordt de culturele ontwikkeling bevorderd. 3) Geen actieve informatie naar de raad. 4) Geen bijzonderheden.

Amateursport

Basis: 1x per 4 jaar aanvragen. Specifieke activiteiten: per activiteit aanvragen.

1) Basis: eenvoudige procedure, beperkte voorwaarden. Specifieke activiteiten: verantwoording indienen. 2) Geen specifieke doelen en prestaties benoemd. 3) Geen actieve informatie naar de raad. 4) Doel van de subsidie formuleren.

Jaarlijks aanvragen, strenge toetsing.

1) Uitgebreide procedure, aanvraag m.b.v. standaardformulier, strenge toetsing, wijze van verantwoording in regeling opgenomen. 2) Effecten niet vast te stellen. 3) Indicatoren opgenomen in de P&C-documenten. 4) Onderzoeken hoe de deelname aan een voorschoolse voorziening te bevorderen.

Jaarlijks aanvragen, eenvoudige toetsing.

1) Zeer summiere regeling, geen procedure en voorwaarden opgenomen. 2) Geen specifieke doelen en prestaties benoemd. 3) Geen actieve informatie naar de raad. 4) Transparantie beperkt, verbetering gewenst.

Peuteropvang en voorschoolse educatie

Welzijnsaccommodaties

Basis: 1x per 4 jaar aanvragen. Jeugd- en jongerenwerk Specifieke activiteiten: per activiteit aanvragen.

Ouderenwerk

1x per 4 jaar aanvragen.

Maak werk van je idee

Per activiteit aanvragen.

1) Eenvoudige procedure, beperkte voorwaarden, wijze van verantwoording in de regeling opgenomen. 2) Door behoud van de jeugdvereniging/-soos is er gelegenheid tot ontmoeting en activiteiten. 3) Geen actieve informatie naar de raad. 4) Het is lastig een vast beleid te voeren door de verschillende verenigingen, zoals scouting, jeugdsozen en knutselclubs. 1) Eenvoudige procedure, beperkte voorwaarden. 2) Door behoud van de ouderensociëteiten is er gelegenheid tot ontmoeting en activiteiten., wat leidt tot minder eenzaamheid. 3) Geen actieve informatie naar de raad. 4) De regeling vergoedt nu alleen de huur en een heel klein activiteitenbudget, maar een hoger budget zou meer diverse activiteiten voor ouderensociëteiten mogelijk maken, wat uit evaluatie blijkt te worden gewenst. 1) Uitgebreide procedure, gering subsidiebedrag per activiteit. 2) Weinig aanvragen voor deze subsidie (activiteiten om leefomgeving te verbeteren). Effecten niet meetbaar. 3) Geen actieve informatie naar de raad. 4) De subsidie is dit jaar weinig gebruikt, waarschijnlijk door de tijdelijke regeling Gezond en vitaal Borsele 2024-2025, maar vanaf 2026 verandert dit waarschijnlijk weer.

23

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid Deze casestudy levert concrete praktijkinzichten die de analyse van het subsidiebeleid ondersteunen en de basis vormen voor de aanbevelingen.

8.

Aanbevelingen

Op basis van de onderzoeksresultaten en de inzichten uit de casestudy formuleert dit rapport de volgende aanbevelingen om het subsidiebeleid en de uitvoering ervan te verbeteren, en om de informatievoorziening richting college en raad te versterken.

8.1

Transparantie en inzicht vergroten •

Stel een Subsidienota op en actualiseer de ASV

•

Maak het subsidieregister toegankelijk voor raad, college en publiek om transparantie en vertrouwen te bevorderen.

8.2

Procesuniformiteit en administratieve lasten verminderen •

Harmoniseer aanvraag- en verantwoordingprocedures tussen subsidieregelingen met aandacht voor proportionele administratieve lasten. Het in te voeren subsidievolgsysteem kan deze harmonisatie faciliteren door digitale standaardisatie en automatisering van processen, waardoor administratieve lasten voor zowel de gemeente als subsidieontvangers worden verminderd.

•

Stimuleer digitale indiening en verwerking van aanvragen en verantwoordingen om efficiëntie te verhogen.

8.3

Evaluaties systematiseren en verbeteren •

Formuleer waar mogelijk heldere, meetbare doelstellingen per subsidieregeling.

•

Voer periodieke, gestructureerde evaluaties uit die inzicht geven in doelmatigheid en doeltreffendheid.

•

Gebruik evaluatieresultaten voor beleidsaanpassing en verbetering van subsidieregelingen.

8.4

Informatievoorziening aan de raad versterken •

Verhoog frequentie en kwaliteit van rapportages over subsidies aan de raad, inclusief maatschappelijke effecten en afwijkingen.

•

Faciliteer de raad met controle-instrumenten zoals accountantsrapportages en evaluatieverslagen.

•

Ondersteun de raad in kaderstellende en controlerende taken met heldere beleidskaders en transparante informatie.

8.5

Kennisdeling en samenwerking bevorderen •

Leer van best practises binnen en buiten de gemeente, bijvoorbeeld op het gebied van transparantie en evaluaties.

•

Stimuleer periodiek overleg met subsidieontvangers over ervaringen en verbeterpunten.

24

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

9.

Bestuurlijke reactie college van B&W

Wij hebben kennisgenomen van het onderzoeksrapport over de effectiviteit en doelmatigheid van het subsidiebeleid van de gemeente Borsele. Wij waarderen het gedegen en transparante onderzoek dat inzicht geeft in de huidige werking van het subsidiebeleid, de uitvoering en de informatievoorziening. Wij erkennen de gesignaleerde verbeterpunten, zoals de niet optimale transparantie, de variërende administratieve lasten, het ontbreken van concrete doelstellingen in sommige subsidieregelingen en de nog niet optimale informatievoorziening aan de gemeenteraad. Deze aandachtspunten vormen een belangrijke stimulans om ons subsidiebeleid verder te verbeteren. Wij onderschrijven de aanbevelingen uit het rapport en bevestigen onze inzet om deze stapsgewijs te implementeren, binnen de beschikbare middelen en wettelijke kaders. Concreet betekent dit dat wij: •

Een integrale Subsidienota zullen opstellen, die het kader voor het subsidiebeleid helder en samenhangend vastlegt.

•

De Algemene Subsidieverordening zullen actualiseren om beter aan te sluiten bij de actuele wet- en regelgeving en praktijk.

•

De ontwikkeling en implementatie van een openbaar en actueel subsidieregister versnellen, zodat transparantie richting raad en publiek wordt vergroot.

•

Evaluaties van subsidieregelingen systematischer en doelgerichter maken, met heldere en meetbare doelstellingen.

•

De informatievoorziening aan de gemeenteraad versterken door regelmatige, gestructureerde rapportages over subsidies, hun besteding en maatschappelijke effecten.

•

Het subsidiebureau verder positioneren als centraal coördinatiepunt voor de subsidieverlening binnen de gemeente, ter bevordering van uniformiteit en efficiency.

•

Digitale aanvraag- en verantwoordingsprocessen stimuleren om administratieve lasten te verminderen.

Daarnaast hechten we er waarde aan om intensiever samen te werken met de gemeenteraad, zodat de kaderstellende en controlerende rol beter wordt gefaciliteerd. Wij zullen daarom mogelijkheden verkennen om de raad tijdig en transparant te informeren en te betrekken bij beleidsontwikkelingen en evaluaties. Tot slot zal zullen we een plan van aanpak opstellen waarin de uitrol van bovengenoemde maatregelen wordt uitgewerkt, inclusief een planning en monitoring van de voortgang. De gemeenteraad zal hierover periodiek worden geïnformeerd. Wij vertrouwen erop dat deze maatregelen bijdragen aan een transparanter, doelmatiger en effectiever subsidiebeleid, dat beter aansluit bij de maatschappelijke doelen van de gemeente Borsele en recht doet aan de verwachtingen van onze inwoners en partners. Heinkenszand, december 2025 College van burgemeester en wethouders van de gemeente Borsele 25

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

26

213a Onderzoek – effectiviteit van het subsidiebeleid

10. Literatuurlijst Verwijzingen: Algemeen subsidieverordening Borsele 2016. (2016, 01 01). Opgehaald van Overheid.nl: https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR364394/1 Algemene wet bestuursrecht. (2025, 09 01). Opgehaald van overheid.nl: https://wetten.overheid.nl/BWBR0005537/2025-09-01 Geactualiseerde Model Algemene Subsidieverordening 2019. (2019, 06 14). Opgehaald van Vereniging Nederlandse Gemeenetn: https://vng.nl/publicaties/geactualiseerde-modelalgemene-subsidieverordening-2019

27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16543473/1