20211004-Toelichting Thema's tbv consultatie gemeenteraad 14 oktober 2021
Tekst van het document
Naar een omgevingsvisie voor Borsele Toelichting op de thema’s Raadssessie 14 oktober 2021
Inleiding In april 2021 is de gemeente Borsele gestart met het opstellen van een omgevingsvisie. De omgevingsvisie is één van de kerninstrumenten van de Omgevingswet. De gemeente wil voor het einde van 2022 de omgevingsvisie laten vaststellen door de nieuwe gemeenteraad. De eerste fase van het visietraject bestaat uit een gebieds- en beleidsinventarisatie. In deze fase vindt ook raadpleging van inwoners en stakeholders plaats. De inwoners zijn geraadpleegd door het uitvoeren van een enquête onder het inwonerspanel. De resultaten hiervan zijn te raadplegen op de gemeentelijke website. Met 19 stakeholders zijn afzonderlijke gesprekken gevoerd. Op deze wijze is een beeld ontstaan wat de samenleving vindt c.q. betrokkenen vinden van de fysieke leefomgeving van Borsele. Deze raadpleging geeft ook een beeld van wat zij verwachten van de toekomstige ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van Borsele. De gebieds- en beleidsinventarisatie en -analyse is gericht op het in beeld krijgen van de huidige beleidsambities, de kernkwaliteiten en waarden van Borsele, de trends en ontwikkelingen en de opgaven die op de gemeente afkomen. Hiermee ontstaat een belangrijke basis c.q. bouwsteen voor het te formuleren beleid in de omgevingsvisie.
De bevindingen uit deze inventarisatie en analyse zijn opgenomen in een ambtelijk ‘Praatstuk: De Staat van Borsele’. Dit praatstuk omvat daarmee de ‘wat’-vraag. De hoe-, waar- en wanneervragen worden in het vervolgtraject behandeld en beantwoord. Ten behoeve van de omgevingsvisie zal daarnaast nog een ruimtelijke analyse worden uitgevoerd om de kernwaarden en kwaliteiten van Borsele te bepalen. Op basis hiervan zullen ook deelgebieden worden bepaald. Op 21 en 22 september jl. heeft een ambtelijke consultatie van dit praatstuk plaatsgevonden, waarbij de nadruk lag op de trends, ontwikkelingen en de opgaven. Hierbij waren ook de ketenpartners aanwezig. Op 14 oktober a.s. vindt een consultatie met de gemeenteraad plaats. Ten behoeve van deze consultatie is het voorliggende document samengesteld. In dit document wordt per thema ingegaan op de huidige gemeentelijke beleidslijn op hoofdlijnen, de trends en ontwikkelingen en de opgaven. De consultatie op 14 oktober a.s. vindt plaats aan de hand van de volgende drie kernvragen: • Herkent u zich in de genoemde trends en ontwikkelingen? • Herkent u zich in opgaven die op ons afkomen? • Welke knelpunten en kansen ziet u?
De aanpak en thema’s Thema’s 1. Landbouw 2. Infrastructuur en mobiliteit 3. Milieu 4. Energie en circulariteit
5. Recreatie en toerisme 6. Gezondheid 7. Leefbaarheid, wonen en voorzieningen 8. Werken en ondernemen 9. Groene omgeving, cultuurhistorie en ruimtelijke kwaliteit 10. Bodem, water en ondergrond
1. Landbouw De agrarische sector in Nederland staat voor een transitie van het huidige landbouwsysteem naar een duurzame en toekomstbestendige vorm. Het agrarisch landschap is één van de grote ruimtegebruikers, ook in Borsele, en daardoor hebben agrariërs een belangrijke positie als landschapsbeheerders. Het buitengebied vormt een plek waar verschillende functies samenkomen, zoals agrarische productie, recreatie en natuur.
•
Analyse huidig beleid
• •
• • •
Geen specifiek beleid voor verduurzaming van agrarische sector. Duurzaamheidsvisie komt in de buurt, maar ook duurzaamheidsvisie bevat geen grote principiële keuzes. Ambities versnipperd in verschillende stukken opgenomen. Beleid gericht op faciliteren. Geen eigen actieve sturing (door regelgeving of stimulering).
Trends en ontwikkelingen • • • • • •
Klimaatverandering: toename van extreme weersituaties (perioden van hevige regen en droogte) vraagt om een toekomstbestendige agrarische sector. De komende jaren zal als gevolg van bedrijfsbeëindiging of ontbreken opvolgers schaalvergroting blijven plaatsvinden. Zowel schaalvergroting als klimaatverandering kan ruimte bieden voor andere agrarische bedrijfsvormen (bijv. zilte teelten) of meervoudig ruimtegebruik. Er is een toenemende groei van en vraag naar biologische landbouw. Toenemende aandacht voor een gezonde bodem. Er wordt nu al veel gebruik gemaakt van arbeidsmigranten en seizoenarbeiders. De verwachting is dat deze arbeidsbehoefte nog zal toenemen.
• •
Het behouden en versterken van de biodiversiteit vraagt om een duurzame en toekomstbestendige landbouw. Gebruik digitale infrastructuur (5G) voor onder andere precisielandbouw. Landbouwvoertuigen en -machines worden steeds groter. Dit kan leiden tot een toename van conflicten tussen weggebruikers op met name smalle plattelandswegen.
Opgaven
• • • •
Verduurzaming van de landbouw. Voorkomen van verpaupering van vrijkomende agrarische bebouwing. Voldoende zoetwateraanbod. Voldoende bluswater. Gebiedsgerichte aanpak op basis van landschappelijke en ruimtelijk/functionele structuur. Huisvesting seizoenarbeiders en arbeidsmigranten.
2. Infrastructuur en mobiliteit Infrastructuur en mobiliteit gaat over de afstanden die mensen afleggen met de fiets, de auto, het openbaar vervoer en te voet. Het is belangrijk dat iedereen op een veilige manier zijn of haar bestemming kan bereiken binnen een passend tijdsframe.
Analyse huidig beleid • •
Gemeentelijk verkeers- en vervoersplan bevat goede basis voor infrastructureel beleid, maar dateert uit 2014. Een herijking / update is logisch. Geen grote ontwikkelopgaves. Opgave gericht op behoud van bestaande kwaliteiten.
Trends en ontwikkelingen • • • • • •
Toename van het elektrisch rijden (auto/fiets) en vraag naar oplaadfaciliteiten. Vervoer op maat; vraaggericht openbaar vervoer en toename deelauto’s. Autonoom rijden Het wordt “drukker” in de ondergrond als gevolg van de energietransitie. Grotere diversiteit weggebruikers/vervoersvormen. Openbaar vervoer over hoofdroutes met opstapplaatsen/ mobiliteitshubs.
Opgaven In aanvulling op bestaande doelen: • Toename elektrisch rijden/waterstof kan vragen om andere inrichting van de openbare ruimte (o.a. laadfaciliteiten). • Goede bereikbaarheid opstapplaatsen openbaar vervoer/hubs. • De opkomst van elektrische fiets kan vragen om een andere inrichting van fietspaden/routestructuren. • Nadenken over toekomstige invulling Tolplein. • Het Sloegebied wordt verder ingevuld, wat gevolgen heeft voor de transportbewegingen. De inzet/ambitie van North Sea Port is met name het spoor voor transport te benutten en in mindere mate via de weg en het water. Dit heeft planologische en milieukundige gevolgen voor de gemeente Borsele maar ook voor het achterland (risico’s van gevaarlijke stoffentransport via het spoor in relatie tot bouwopgaven). • De toename in verscheidenheid van vervoerswijzen versus het behoud en aantrekkelijkheid van een fijnmazig en aantrekkelijk recreatief (fiets)paden netwerk.
3. Milieu Het milieu is een aspect van de omgeving waarin we leven en is daarmee onderdeel van de fysieke leefomgeving. Sommige aspecten van het milieu kunnen ons plezier doen, terwijl andere aspecten juist als hinderlijk worden ervaren.
Opgaven
Analyse huidig beleid
•
• •
Geen uitdrukkelijk gemeentelijk beleid in aanvulling op (inter)nationale wetgeving. Beleid gericht op behoud van de bestaande kwaliteiten.
Trends en ontwikkelingen • •
• • •
Toename gebruik elektrisch vervoer heeft positief effect op wegverkeerslawaai. Landelijke maatregelen om stikstofprobleem op te lossen kunnen effect hebben op bedrijvigheid in landelijk gebied (vrijkomende agrarische bedrijven, schaalvergroting, wijziging grondgebruik). Gelet op het kleine aantal veeteeltbedrijven in Borsele zal dit beperkt zijn. In de bebouwde omgeving neemt de geluidsbelasting daarentegen toe door het gebruik van airco’s en warmtepompen (ondanks eisen m.b.t. geluid). Toename alternatieve vormen van energieopwekking, - opslag en – gebruik heeft impact op (externe)veiligheid (opslag in batterijen), ruimtebeslag en gezondheid (hoogspanningsleidingen). Mogelijke toename fijnstof en stikstofconcentratie in het Sloegebied door verdere invulling met bedrijvigheid.
•
Vinden/behouden van een goede balans tussen (economische) ontwikkelingen en het behoud, alsmede de versterking van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Nadenken over een bijdrage in een fonds bij milieubelastende (bedrijfs)ontwikkeling ten behoeve van investeringen in de fysieke leefomgeving.
4. Energie en circulariteit Klimaatverandering is een gevolg van de uitstoot van broeikasgassen. Een deel van de uitstoot van broeikasgassen is het gevolg van de vraag naar energie. De gemeente staat daarom voor de uitdaging van het verduurzamen van het energiesysteem.
Analyse huidig beleid • • •
Goed, recent beleid op energie en circulariteit. Kan relatief beleidsarm meegenomen worden richting omgevingsvisie. Jaarlijkse monitoring uitvoeringsprogramma nog betrekken in analyse.
Opgaven •
• • •
Trends en ontwikkelingen
• •
•
•
•
• •
Toename vraag elektriciteit: Elektrificatie van de industrie en gebouwde omgeving vragen om grote aanpassingen van het elektriciteitsnetwerk en het daarmee samenhangende ruimtebeslag. Toenemende maatschappelijke bewustwording voor een noodzaak van duurzame economie en samenleving, maar tegelijkertijd toenemende weerstand tegen plaatsing van windmolens en zonneparken. Toename transport van energie heeft veel impact op grondgebruik en landschap. Kernenergie (opnieuw) op agenda van energietransitie.
Invulling en uitvoering geven aan de energietransitie en klimaatdoelstellingen. Zorgvuldig omgaan en keuzes maken ten aanzien van het benodigde ruimtebeslag voor energieopwekking en -transport in relatie tot de kernkwaliteiten van Borsele. Warmtetransitie, van het gas af. Benutten van mogelijkheden van meervoudig ruimtegebruik (bijvoorbeeld zoetwaterbekkens en zonnepanelen). Betaalbaarheid van circulariteit ten opzichte van nieuwe materialen. Invulling geven aan de doelstellingen van een duurzame en circulaire economie. Nadenken over de mogelijkheden van waterbuffersystemen in ondergrond ten behoeve van bijv. koeling, grijze toepassingen (doorspoeling)
5. Recreatie en toerisme Recreatie en toerisme heeft betrekking op zowel dag- en verblijfsrecreatieve voorzieningen en -complexen als extensieve recreatie in de vorm van wandelen, fietsen, zwemmen en sporten.
Opgaven •
Analyse huidig beleid Recent (regionaal) beleid op toerisme en recreatie. Goede basis voor omgevingsvisie.
•
Trends en ontwikkelingen • • • • •
Toenemende behoefte aan extensieve (dag)recreatie (wandelen, fietsen, sporten). De vaak smalle binnenwegen in het buitengebied worden ook gebruikt door grote landbouwvoertuigen en -machines. Dit leidt tot spanningen in het ruimtegebruik. Meer recreëren dicht bij huis. Toenemende aandacht voor belevingstoerisme (verhaal van het landschap). Toename van het aantal toeristen in Zeeland en daarmee ook Borsele.
• •
De balans vinden tussen het benutten van de toeristisch-recreatieve potenties van de Zak van Zuid-Beveland/het Landschapspark en het behouden van de kleinschaligheid, rust en landschappelijke waarden (versterken van de verblijfsrecreatie in het kleinschalige cultuurlandschap). Het vinden van een balans tussen agrarisch (grond)gebruik van het buitengebied en andere vormen van ruimtegebruik in het buitengebied alsmede het vinden van een balans tussen agrarisch gebruik en de toeristisch/recreatief gebruik van het buitengebied. Benutten (verblijfs)recreatieve potentie aan de Westerscheldekust (grotere beleving van de Westerschelde), te weten bij Hoedekenskerke, Baarland en fort Ellewoutsdijk. Verduurzaming van de toeristische sector.
6. Gezondheid Gezondheid omvat veel verschillende aspecten. Bij dit thema wordt specifiek ingegaan op beleid dat de gemeente opgesteld heeft om de gezondheid van haar inwoners te bevorderen. De gemeente Borsele gaat hierbij uit van het begrip positieve gezondheid. Positieve gezondheid is het vermogen om aan te passen en eigen regie te voeren, en omvat daarom meer dan het ontbreken van lichamelijke klachten. Gezondheid wordt beïnvloed door leefstijl, middelengebruik, mentale klachten, etc. Beleid voor gezondheid vormt een integraal geheel om al deze verschillende aspecten aan te pakken. Daarnaast heeft gezondheid en duidelijke relatie met allerlei milieu-en klimaataspecten, zoals luchtkwaliteit, geluid, geur en hitte. Deze aspecten zijn ondergebracht bij het thema milieu.
Analyse huidig beleid • •
Beleidsnota sociaal domein is actueel en is voorzien van speerpunten met concrete acties. Biedt een goede basis voor gezondheidsbeleid in omgevingsvisie.
Trends en ontwikkelingen • • • •
•
Als gevolg van de vergrijzing vormt vereenzaming van ouderen een aandachtspunt. Ouderen zullen zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen. Dit vergroot de vraag naar passende/levensloopbestendige woningen. Toenemende behoefte aan zorgpersoneel. Toenemende aandacht voor de effecten van hittestress op de gezondheid (van kwetsbare groepen). Door vergrijzing verslechtert de algemene gezondheid van de bevolking.
Opgaven • • • •
Leefbaarheid van de woonkernen. Aandacht voor aanwezigheid ontmoetingsplekken en inrichting openbare ruimte, domotica en robotica en een goede digitale infrastructuur. In het belang van behoud of het versterken van de digitale bereikbaarheid is inzet op stabiliteit en snelheid van internet belangrijk. Aanbod van voldoende levensloopbestendig woningen. Blijvende aandacht voor jeugdgezondheid en daarbij behorende faciliteiten (speel- en beweeggelegenheid) en voorlichting.
7. Leefbaarheid, wonen en voorzieningen Leefbaarheid geeft aan in hoeverre een bepaald gebied geschikt is om in te wonen en te werken. In het algemeen wordt leefbaarheid door verschillende factoren bepaald zoals de woonomgeving, voorzieningen, (digitale) bereikbaarheid en sociale kenmerken. Elk mens heeft zo zijn eigen definitie van leefbaarheid. Wonen, zowel in aantal, kwaliteit als diversiteit (voor verschillende doelgroepen) en de bereikbaarheid van voorzieningen zijn belangrijk voor de vitaliteit en leefbaarheid van de dorpen.
Analyse huidig beleid •
• •
Sectoraal woonbeleid (gemeentelijke woonvisie) is weliswaar gedateerd maar biedt nog steeds een goede basis voor het gemeentelijk woonbeleid. De regionale woonvisie biedt eveneens een goed vertrekpunt voor de omgevingsvisie. Het instrumentarium is faciliterend en gericht op behoud van de kwaliteit van de huidige voorraad (zowel woningen als voorzieningen). Er zijn geen (grootschalige) ontwikkelingen voorzien in de dorpen. Afgelopen jaren veel geïnvesteerd in verduurzaming van de woningvoorraad
Trends en ontwikkelingen •
•
De bevolking van de gemeente Borsele vergrijst. Op de langere termijn zal dit leiden tot bevolkingskrimp. Hierop moet de woningvoorraad aangepast worden. Belangrijk is hierbij dat het voorkomen van leegstand en/ of verpaupering van gebieden. Daar tegenover staat dat als gevolg van COVID-19 en de spanning op de woningmarkt er een toenemende belangstelling voor woningen in Zeeland (en daarmee Borsele) is. De prognoses zullen hierop bijgesteld moeten worden.
•
•
Het langer zelfstandig wonen vraagt om levensloopbestendige woningen en een veilige alsmede toegankelijke woonomgeving en openbare ruimte. De klimaatdoelstellingen vragen om verduurzaming van nieuwbouw en bestaande woningen en klimaatbestendige woonomgevingen.
Opgaven • • • •
• • • • • •
Behoud en versterken van de leefbaarheid van de kernen. Een toekomstbestendige woningvoorraad. Evenwichtig woningaanbod voor alle doelgroepen (m.n. starters). Flexwonen: enerzijds permanente huisvesting voor tijdelijke bewoners (bijvoorbeeld voor spoedzoekers, statushouders), anderzijds tijdelijke woningen die makkelijk verwijderd kunnen worden op het moment dan de woningvraag afneemt. Een klimaatbestendige woonomgeving. Natuurinclusief denken bij nieuwe opgaven. Het energieneutraal maken van woningen versus het behoud van karakteristieke bebouwing in dorpen. Structureel huisvesten van arbeidsmigranten. Nadenken over tweede woningbezit gezien de druk op de woningmarkt. Nadenken over de grondpolitiek.
8. Werken en ondernemen De economische sector van de gemeente Borsele wordt voornamelijk bepaald door landbouw en industrie. Daarnaast spelen andere branches een rol in de economische sector van Borsele. Voorbeelden hiervan zijn de recreatie/het toerisme en MKB bedrijven.
Analyse huidig beleid • • •
Beleid in sterke mate gericht op behoud van werkgelegenheid en behoud van leefkwaliteit van de dorpen (voorkomen en beperken milieuhinder). Houding van gemeente is faciliterend. Goede basis voor omgevingsvisie.
Trends en ontwikkelingen • •
Het aantal vestigingen van bedrijven in Borsele neemt al enkele jaren toe (2016-2020). Spanning op de arbeidsmarkt; blijvende behoefte aan arbeidskrachten en arbeidsmigranten.
Opgaven • • • • •
Nadenken over het al dan niet uitbreiden van bestaande bedrijventerreinen en de aanleg van nieuwe bedrijventerreinen. Faciliteren bestaande bedrijvigheid. Goede balans tussen bedrijvigheid en een veilige en gezonde leefomgeving. Huisvestiging voor arbeidsmigranten. Verduurzaming bedrijfspanden en bedrijventerreinen.
9. Groene omgeving, cultuurhistorie en ruimtelijke kwaliteit De groene omgeving, cultuurhistorie en de ruimtelijke karakteristiek zijn belangrijke kernwaarden en bepalen in hoge mate de kwaliteiten van het Borselse grondgebied. De biodiversiteit, beeldkwaliteit en inrichting van de openbare ruimte maken deel uit van dit thema.
Opgaven
Analyse huidig beleid
• • •
• •
Beleid staat verdeeld over verschillende beleidsstukken. Algemene lijn is ambitieus. Er ontbreekt nog een actueel landschapsbeleid (het landschapsbeleidsplan dateert uit 1995). Beleid is gericht op behoud van de hoge landschappelijke- en natuurwaarden. De vraag is of hier een niet meer actieve rol van de gemeente benodigd is om het verschil te maken. De opgaven zijn namelijk groot.
Trends en ontwikkelingen • •
Schaalvergroting in de landbouw. Toenemende ruimteclaims op en in het landelijk gebied als gevolg van de energietransitie, zoetwaterbehoefte en (extensieve) recreatie.
• •
Behoud waardevol landschap en erfgoed (Zak van Zuid-Beveland) versus ruimte bieden voor (extensieve recreatieve) ontwikkelingen. Behoud waardevol landschap en erfgoed (Zak van Zuid-Beveland) versus schaalvergroting (Groene) inpassing dorpsranden. Behoud en versterking biodiversiteit. Behoud beeldkwaliteit versus roep om minder regels.
10. Bodem, water en ondergrond Het thema ‘bodem, water en ondergrond’ heeft betrekking op klimaatadaptatie, grondgebruik en bodemkwaliteit. Klimaatadaptatie is belangrijk met het oog op het bereiken van klimaatrobuustheid: het kunnen omgaan met de impact van extreme weerssituaties. Het bodem- en watersysteem bieden hiervoor belangrijke randvoorwaarden. Daarnaast is het algehele gebruik van de bodem ook een belangrijk aspect binnen dit thema.
Analyse huidig beleid • •
•
Voor stedelijk water en (milieu hygiënische) bodemkwaliteit heeft de gemeente het beleid op orde. Voor de klimaatadaptatie is in Zeeuws verband de Zeeuwse klimaatadaptatiestrategie opgesteld. Er is tot op heden weinig beleidsmatige aandacht voor enkele grote opgaven van de toekomst zoals zoetwatervoorziening, bodemverdichting; wel uitvoeringsgerichte plannen. Verder zijn de onderwerpen klimaatadaptatie en biodiversiteit opgenomen in het groenstructuurplan.
Trends en ontwikkelingen • •
•
•
Toenemende verzilting. In een groot deel van Borsele is dicht bij het maaiveld zout grondwater aanwezig. Het ligt in de lijn der verwachting dat in het licht van klimaatverandering verdere verzilting optreedt. Naar 2050 toe kan bij een hoog scenario voor klimaatverandering de GLG* tussen de 0,1 en 0,25 meter dalen. De bodem in de gemeente Borsele heeft een beperkt waterbergend vermogen. Hierdoor speelt er in het licht van klimaatverandering een risico op droogte. Met het oog op klimaatverandering en daarbij horende weersextremen en stijging van de zeewaterspiegel staat de gemeente Borsele ook voor uitdagingen op het vlak van wateroverlast. De kans op overstromingen door water uit de oppervlaktewaterlichamen of wateroverlast door weersextremen die tot regenval leiden nemen toe. Beleidsmatig wordt ingezet op het waterrobuust maken van om de gemeente Borsele in de toekomst. Toenemende (ruimte)claims op de ondergrond door energietransitie en klimaatopgaven.
Opgaven • • •
Aandacht voor de oppervlaktewaterkwaliteit. Klimaat- en toekomstbestendig ontwikkelen en beheren. Duurzaam bodemgebruik in het kader van klimaatadaptatie, een gezond milieu en de landschappelijke identiteit.
* GLG: Gemiddeld Laagste Grondwaterstand