11.16 OLAZ advies begeleidingscommissie
Tekst van het document
Regionaal advies Begeleidingscommissie O.L.A.Z. Betreft: Jaarrekening 2022, 1e begrotingswijziging 2023 en ontwerpbegroting 2024 O.L.A.Z. Datum: 14 april 2023. Concept teksten ten behoeve van een college- en of raadsvoorstel voor uw gemeente Omdat iedere gemeente een eigen opmaak en stijl heeft voor college- en raadsvoorstel(len), kan niet een eenduidig voorstel worden opgesteld voor alle gemeenten. Hieronder concept - teksten die gebruikt kunnen worden voor het opstellen van een collegeen raadsvoorstel binnen de gemeenten van O.L.A.Z.
Samenvatting Op 14 april 2023 zijn van O.L.A.Z. het jaarrapport 2022 (jaarverslag en jaarrekening), de 1e begrotingswijziging 2023 en de ontwerpbegroting 2024 ontvangen. In de jaarrekening 2022 zien we over de hele linie de hoeveelheden afval afnemen. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door het einde van de coronacrisis en anderzijds door veranderingen in gemeentelijk afvalbeleid van enkele gemeenten binnen het O.L.A.Z. (zoals aanpassen inzamelfrequentie restafval of invoering van diftar). Door het uitbreken van de oorlog in Oekraïne zien we de brandstofkosten aanzienlijk stijgen. Dit heeft gevolgen gehad voor de kostprijs in de verwerking van de verschillende afvalstromen. Anderzijds is er sprake van hogere opbrengsten als gevolg van gunstige marktomstandigheden en het afsluiten van betere contracten met afvalverwerkers. Vanuit de jaarrekening 2022 vindt er een verrekening plaats met de gemeenten met een totaalbedrag van €1.410.591. De gemeente <plaats> ontvangt een bedrag van € <bedrag>, zie pag. 60 van de jaarrekening. De 1e begrotingswijziging 2023 heeft betrekking op 3 onderdelen: 1.) stijging verwerkingskosten restafval 2.) stijging verwerkingskosten GFT 3.) verlaging exploitatielasten milieustraten. Uitgaande van het begroot aantal tonnen in de begroting 2023 leidt de totale gemeentelijke bijdrage tot een verhoging voor brandbaar rest en gft met totaal €419.787.
Voor de milieustraat leidt dit tot een verlaging van de gemeentelijke bijdrage van €25,20 per inwoner naar €21,32 per inwoner. In de ontwerpbegroting 2024 is de totale gemeentelijke bijdrage vergelijkbaar t.o.v. de gewijzigde begroting 2023 en voldoet hiermee aan de VZG-richtlijn. Als uitgangspunt is genomen de door de individuele gemeente ingeschatte hoeveelheid (tonnages) van de afvalstromen brandbaar rest en GFT. Hiermee is rekening gehouden met de (voorziene) beleidskeuzes in het afvalbeleid die eventueel gemaakt zijn/worden gemaakt. Met betrekking tot de afvalstromen en vervoersbewegingen zijn de contractueel overeenkomen indexen toegepast. Onzekere factoren zijn ook aanwezig, bijvoorbeeld de mogelijke stijging van de afvalstoffenbelasting of een eventuele CO2-heffing. Ook de uitwerking van de nog te maken beleidskeuzes kunnen invloed hebben op deze begroting. Hierbij kan gedacht worden aan de ontwikkeling van het mogelijk regionaliseren van de milieustraten en daarmee samenhangende onderzoekskosten of voorbereidende werkzaamheden t.b.v. realisatie. Om de lasten voor inwoners de komende jaren gelijk te houden en een fluctuatie in de afvalstoffenheffing te voorkomen, is in de ontwerpbegroting 2024 het voordelige effect in de afvalstromen vanaf 2024 gereserveerd voor deze te voorziene (hoge) uitgaven. Zie ook de toelichting in bijlage 3 van de ontwerpbegroting 2024.
Aan de raad, De gemeente <plaats> is deelnemer in de gemeenschappelijke regeling Openbaar Lichaam Afvalstoffenverwijdering Zeeland (O.L.A.Z.). Op 14 april 2023 is van het O.L.A.Z. het jaarrapport 2022 de 1e begrotingswijziging 2023 en de ontwerpbegroting 2024 ontvangen. Op grond van het bepaalde in de Wet op de gemeenschappelijke regeling kan de gemeenteraad binnen 12 weken na ontvangst zijn zienswijze over de 1e begrotingswijziging 2023 en de ontwerpbegroting 2024 kenbaar maken aan het dagelijks bestuur van het O.L.A.Z. De zienswijze m.b.t. het saldo van de jaarrekening is komen te vervallen. Het dagelijks bestuur moet vervolgens, voordat de jaarstukken door het algemeen bestuur worden vastgesteld gemotiveerd aangeven wat met de zienswijzen is gedaan. Per onderdeel wordt hieronder een toelichting gegeven op de ontvangen stukken. 1. Jaarrekening 2022 1.1. Jaarrekening De exploitatie bestaat uit een tweetal onderdelen, namelijk de door het O.L.A.Z. te vermarkten aangeboden huishoudelijke afvalstromen en de exploitatie van de milieustraten. Basis voor verrekening zijn de (langlopende) verwerkingscontracten voor brandbaar (rest)afval, groentefruit en tuinafval (GFT), oud papier en karton (OPK), flessenglas en plastic-, metalenverpakkingen en drankenkartons (PMD). Op basis van werkelijke aangeboden hoeveelheden vindt per deelnemende gemeente doorbelasting plaats.
Afvalhoeveelheden In de jaarrekening 2022 zien we over de hele linie zien we de hoeveelheden afval afnemen. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door het einde van de coronacrisis en anderzijds door wijzigingen in gemeentelijk afvalbeleid. In onderstaande worden de meest opvallende ontwikkelingen nader toegelicht. In het document van de jaarrekening 2022 zelf is per afvalstroom een verklarende toelichting opgenomen. Bij brandbaar restafval zien de transportkosten toenemen als gevolg van de stijging in brandstofprijzen door de oorlog in Oekraïne. In het oud papier en karton (OPK) zijn transportkosten gestegen vanwege de energiecrisis. Anderzijds is de papieropbrengst aanzienlijk gunstiger uitgevallen, waardoor deze afvalstroom uitkomt op een positiever resultaat dan geraamd. Bij de gemeenten die het PMD gescheiden inzamelen zien we in de laatste periode van 2022 de ontwikkeling van afkeur op deze afvalstroom. Dit wordt veroorzaakt door strengere kwaliteitsnormen op het PMD-afval (maximaal 15% vervuiling). Ook wordt deze afvalstroom sinds het 4e kwartaal van 2022 per gemeente apart gestort en gekeurd. Voorheen werd deze afvalstroom op Zeeuwse schaal gekeurd. De afkeur van PMD wordt verrekend met de betreffende gemeente waar afkeur heeft plaatsgevonden.
Voor de PMD+ gemeenten (nascheiding van het PMD) geldt dat de drankenkartons vanwege het ontbreken van verwerkingscapaciteit niet zijn gerecycled maar verwerkt zijn als restafval. Exploitatielasten milieustraat Ook in de afvalstromen, aangeboden op de milieustraat, is zichtbaar dat er minder afval is aangeboden maar dat de kwaliteit van de afvalstromen is toegenomen. Daarnaast is met name de opbrengst van oud papier en karton, metalen en frituurvet significant hoger uitgevallen dan geraamd vanwege marktontwikkelingen.
Binnen de exploitatiekosten van de milieustraten zijn metname de personeelskosten gestegen met c.a. € 100.000, t.o.v. de begroting. Hiervoor zijn diverse redenen. Een aantal noemen we hier: - Wet- en regelgeving tot verdere noodzaak afvalscheiding en daarmee toezicht en aansturing op de milieustraten - Loonstijging vanuit de CAO - Ziekteverzuim (m.n. als gevolg van enkele langdurig zieken) 1.2. Resultaat De jaarrekening sluit af met een positief saldo van €69.698. In de vergadering van het algemeen bestuur van O.L.A.Z. op 29 maart 2017 is besloten om ingaande 2016 bedragen aan het eigen vermogen toe te voegen. De achterliggende reden om het eigen vermogen te versterken is om te sparen om in de toekomst in staat te zijn om de ten behoeve van de overname van de ZRD afgesloten leningen bij de BNG Bank (gedeeltelijk) af te lossen. Dit besluit valt binnen de 5% richtlijn van de VZG. Daarom wordt het positief saldo van 2019 toegevoegd aan de algemene reserve van het O.L.A.Z. Het saldo van de algemene reserve bedraagt per 31 december 2022 na vaststelling van de jaarrekening €551.638. 1.3. Afrekening Vanuit de jaarrekening vindt een afrekening plaats per gemeente. In totaal is er aan de 13 Zeeuwse gemeenten een bedrag terug te betalen van € 1.410.591. Voor de gemeente <plaats> betreft dit in totaal een terug te betalen bedrag van € <bedrag< pag. 60>. 2. Begrotingswijziging O.L.A.Z.
2023 De begrotingswijziging O.L.A.Z. 2023 heeft betrekking op 3 onderdelen. 2.1 Brandbaar afval De verwerkingskosten van het brandbaar afval bij de verbrandingsinstallatie zijn in 2023 gestegen als gevolg van een (gedeeltelijke doorberekening van de inflatie (CPI). Dit leidt tot een stijging van €3,50 per ton in het tarief voor de verwerking van het restafval. Daarnaast zijn de tarieven voor transport met 8,2% gestegen en de is belasting op het restafval vastgesteld met €0,70 per ton hoger dan geraamd. Het verwerkingstarief voor brandbaar afval wordt daarmee in totaal verhoogd van €124 naar €128,20 per ton. Het totale financiële effect van deze wijziging betreft een stijging van €337.722. 2.2 GFT- afval In 2023 is op basis van Europese aanbesteding een nieuw overeenkomst met Indaver afgesloten voor de verwerking van het GFT- afval. Eén van de elementen in deze overeenkomst is dat er een staffel van toepassing is op het tarief afhankelijk van de vervuilingsgraad van het door O.L.A.Z. aangeboden GFT-afval. Uitgangspunt daarbij is dat hoe schoner het GFT is, hoe lager het verwerkingstarief op langer termijn. Om de kwaliteit van het GFT- afval te bepalen ( en zo het tarief) dienen er analysekosten te worden gemaakt. De kosten hiervan worden geraamd op €27.355. Dit leidt tot extra kosten van €0,50 per ton. Daarnaast is de stijging van transportkosten te noemen.
Dit komt neer op een verhoging van €1,- per ton. Het verwerkingstarief van GFT wordt daarmee in totaal verhoogd van €75 naar €76,50 per ton. Het totale financiële effect bedraagt een stijging van €82.065.
2.3 Milieustraten De exploitatiekosten van de milieustraten worden door middel van een voorschot tarief (bedrag per inwoner) in rekening gebracht bij de deelnemende gemeenten. Het voorschot wordt bepaald op basis van ramingen voor het desbetreffende jaar en opgenomen in de begroting van O.L.A.Z. Op basis van de jaarrekening 2022 weergegeven resultaten en voortschrijdend inzicht wordt een doorberekening gemaakt naar de exploitatiekosten van 2023. De raming leidt tot een daling van de exploitatiekosten van per saldo €1.500.000 per jaar. Oorzaak van deze daling is een toename van de personeelskosten (stijging loonkosten en uitbreiding formatie versterking aansturing milieustraten), daling verwerkingskosten (m.n. hout), hogere opbrengsten afvalstromen (m.n. metaal en textiel). De bijdrage per inwoner daalt daarmee van €25,20 naar €21,32 in 2023. 2.4 Totaal financieel effect begrotingswijziging Samenvattend heeft de begrotingswijziging de volgende financiële consequenties voor de gemeente <plaats> (zie bijlage gewijzigde bijdragen en inwoneraantallen per gemeente op pag. 9) Na vaststelling verrekent O.L.A.Z. de financiële consequenties van de begrotingswijzigingen met de gemeenten. Dit zal plaatsvinden tijdens het lopende boekjaar 2023. 3. Ontwerpbegroting O.L.A.Z. 2024 3.1.
VZG-richtlijn De VZG heeft de richtlijnen uitgebracht voor de begrotingen 2024 en de meerjarenramingen 2025-2027 van de gemeenschappelijke regelingen en heeft besloten om: De richtlijn voor de begroting 2023 te corrigeren 4,5% tot in totaal 7,2% De richtlijn voor de begroting 2024 dn de meerjarenraming 2025-2017 vast te stellen op 3,4% De bezuinigingsrichtlijn voor 2024 vast te stellen op 0% De reserverichtlijn te normeren op maximaal 5% van de jaaromzet. 3.2. Ontwerpbegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 In de ontwerpbegroting 2024 is o.a. als uitgangspunt genomen de door de individuele gemeente ingeschatte hoeveelheid (tonnages) van de afvalstromen brandbaar restafval en GFT. Hiermee is rekening gehouden met de (voorziene) beleidskeuzes die eventueel gemaakt zijn. Inbegrepen in de begroting 2024 is de doorwerking van de hogere verwerkings- en transportkosten vanwege inflatie en stijgende energielasten. Een toelichting hiervan is onderdeel van de begrotingswijziging 2023. De gezamenlijke gemeentelijke bijdrage van alle deelnemende gemeenten wordt in 2024 geraamd op afgerond €22.036.095. In de begroting 2023 inclusief wijzigingen bedraagt de totale gemeentelijke bijdrage €21.677.142. In deze gemeentelijke bijdrage wordt onderscheid gemaakt tussen beïnvloedbare activiteiten en niet-beïnvloedbare activiteiten.
Het verschil van de begroting 2024 ten opzichte van de initiële begroting 2023 bedraagt 1,66% en valt daarmee binnen de begrotingsrichtlijn van de VZG. De VZG- reserverichtlijn geeft aan dat het eigen vermogen maximaal 5% van de jaaromzet mag zijn. Voor O.L.A.Z. komt dat neer op een toegestaan eigen vermogen van maximaal €930.000 per 31/12/2022. Het vermogen van O.L.A.Z. bedraagt per 31/12/2022 €551.638 en valt daarmee (ruim) binnen de VZG-norm.
Reservering toekomstige ontwikkelingen In de begroting 2024 is een bedrag van €874.000 opgenomen ter reservering van benodigde investeringen voor de milieustraten (pagina 19). Een toelichting hierop is opgenomen onder bijlage 3 van de ontwerpbegroting. Het algemeen bestuur van O.L.A.Z. heeft door middel van een principebesluit ingestemd met onderzoek naar regionale spreiding van de milieustraten. Dit besluit kan de komende jaren mogelijk leiden tot definitieve besluitvorming en daarmee tot een toename in kosten t.b.v. realisatie. Om de kosten van de milieustraat gelijk te stellen aan 2023 en zo een reservering te maken voor (hoge) kosten in de toekomst, kan een waarschijnlijke fluctuatie in lasten de komende jaren worden voorkomen. Dankzij het “sparen voor de toekomst” is er slechts sprake van een kostenstijging van c.a. 2,5%. 3.3. Doorwerking O.L.A.Z. begroting in gemeentelijke begroting Bij het opstellen van de gemeentebegroting 2024 wordt rekening gehouden met de tarieven/bijdragen zoals genoemd in de ontwerpbegroting 2024 van het O.L.A.Z. (zie pagina 29). Voor gemeente <plaats> betekent dit een bedrag van € <bedrag>. 4. Risico's De tarieven die uit de begroting van O.L.A.Z. voortvloeien zijn voorschottarieven. De in de voorschottarieven verwerkte indexering en het tarief van de milieustraten zijn gebaseerd op aannames.
Daarnaast is bij de ontwerpbegroting 2024 van een bepaalde grootte van de verschillende afvalcomponenten uitgegaan. De omvang van de verschillende afvalcomponenten kunnen fluctueren, evenals de opbrengsten van diverse afvalcomponenten. Tevens merken wij op dat de ontwikkeling van de afvalstoffenbelasting (inclusief Co2 heffing) in de toekomstige jaren een risico kan vormen voor de deelnemende gemeenten evenals onvoorziene stijgingen in energielasten. 5. Procedure De financiële concept jaarstukken zijn op 14 april 2023 van het dagelijks bestuur van het O.L.A.Z. ontvangen. Zoals hiervoor vermeld kan op grond van het bepaalde in de gemeenschappelijke regeling de gemeenteraad binnen 12 weken na ontvangst zijn zienswijze over de 1e begrotingswijziging 2023 en de ontwerp begroting 2024 kenbaar maken aan het dagelijks bestuur. De zienswijze (die niet wettelijk verplicht was) m.b.t. de bestemming van het saldo van de jaarrekening is op advies van de VZG werkgroep ‘verbonden partijen’ komen vervallen. Het dagelijks bestuur moet vervolgens, voordat de jaarstukken definitief door het algemeen bestuur worden vastgesteld, gemotiveerd aangeven wat hiermee is gedaan (verplichting o.g.v. de Wgr). Samen met de verklaring van de accountant zal het jaarrapport 2022 worden behandeld in de vergadering van het algemeen bestuur van 29 juni 2023.
De 1e begrotingswijziging 2023 en de ontwerp begroting 2024 zal worden behandeld in de vergadering van het algemeen bestuur van 14 september 2023. 6. Voorstel Wij stellen u voor kennis te nemen van de jaarrekening 2022 en in te stemmen met de begrotingswijziging 2023 en de ontwerpbegroting 2024 van O.L.A.Z. en daarover een positieve zienswijze in te dienen.
VOORBEELD Raadsbesluit:
DE RAAD VAN DE GEMEENTE <plaats> gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. ;
gelet op artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen ;
BESLUIT: in te stemmen met de jaarrekening 2022, de 1e begrotingswijziging 2023 en de ontwerpbegroting 2024 van O.L.A.Z. en het bestuur van O.L.A.Z. en daarover een positieve zienswijze in te dienen.
<plaats>, <datum> DE RAAD VOORNOEMD, De griffier,
De voorzitter,