11.1 GSP Baarland
Tekst van het document
GROENSTRUCTUURPLAN BORSELE 2018-2038
UITWERKING BAARLAND
Colofon OPG E STE LD DOOR
Bosch Slabbers Landschapsarchitecten; Hans Eshuis, Rosie Brader
OP DRACHTG EVE R
Gemeente Borsele; afdeling woonomgeving D AT U M
januari 2019
TUIN - EN LANDSCHAPSARCHITECTEN
•2•
B OS C H
S LAB B E R S
INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 1.1 aanleiding 1.2 doelen 1.3 leeswijzer
7 7 7
2. KARAKTERISTIEK 2.1 inleiding 2.2 geogenese en bodem 2.3 landschap en natuurlijke vegetatie 2.4 historie van het dorp 2.5 ruimtelijke opbouw 2.5 hoofdgroenstructuur
10 10 11 12 12 18
3. KWALITEITEN EN KANSEN 3.1 inleiding 3.2 huidig openbaar groen
26 26
4.WENSBEELD 4.1 inleiding 4.2 ambitie groenstructuur 4.3 beheerniveaus, groenzonering 4.4 ambitie biodiversiteit 4.5 ambitie klimaatadaptatie 4.6 integrale ambitiekaart
33 33 36 40 46 52
5. INVESTERINGEN 5.1 investeringsraming
56
Bronnen
58
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
•3•
•4•
B OS C H
S LAB B E R S
1. INLEIDING
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
•5•
GROENSTRUCTUURPLAN GEMEENTE BORSELE
GROENBEHEER
GROENSTRUCTUUR
start
start
0 meing werkpakketen
evaluaie doelstellingen GSP en inventarisaie thema’s
groenbeheer
startnoiie uitgangspunten en doelstellingen
concept basisdocument groenbeleid
terugkoppeling
pilot ruimtelijke uitwerking ‘s-Gravenpolder, Nieuwdorp
deiniief basisdocument groenbeleid opstellen ruimtelijke uitwerkingen 13 kernen
Figuur 1.1: schema proces Groenstructuurplan en Pilot Ruimtelijke Uitwerking
•6•
B OS C H
S LAB B E R S
1.1 Aanleiding In 2016 is een start gemaakt met het actualiseren van het Groenstructuurplan van de gemeente Borsele, dat dateert uit 1997. Zie ook het schema op de pagina hiernaast. Als eerste stap is het algemene groenbeleid geëvalueerd en geactualiseerd in een nieuw ‘Basisdocument Groenbeleid 2018-2038’. Het Basisdocument beschrijft de algemene beleidslijnen voor het openbaar groen aan de hand van een aantal thema’s. Het groenbeleid wordt vertaald in een ruimtelijke uitwerking per woonkern, zoals deze voor de kern Baarland. Het beschrijft hoe het openbaar groen in het dorp er in de komende 20 jaar concreet uit gaat zien. Wat zijn de belangrijke en minder belangrijke groene elementen en hoe worden de ambities vormgegeven en bereikt? 1.2 Doelen De belangrijkste doelen van het Groenstructuurplan zijn het realiseren van een hoge ruimtelijke kwaliteit van de buitenruimte, het vergroten van de biodiversiteit van het openbaar groen en het inspelen op een veranderend klimaat. I. Hoge ruimtelijke kwaliteit Het realiseren van een hoge ruimtelijke kwaliteit is een doelstelling die ook centraal stond in het Groenstructuurplan van 1997. Dit heeft onder meer geresulteerd in diverse omvormings- en herinrichtingsplannen van de openbare ruimte, waardoor de grootste ruimtelijke knelpunten in de afgelopen jaren reeds zijn aangepakt.
Het accent ligt op deze locaties op continuering en beheer van de buitenruimte. In de analyse worden de nog aanwezige en eventuele nieuwe ruimtelijke kansen en knelpunten weergegeven. II. Vergroten biodiversiteit Een tweede hoofddoel is om het openbaar groen meer van betekenis te laten zijn voor de flora en fauna. De teruggang van de biodiversiteit (het aantal aanwezige plant- en diersoorten) kan worden beperkt door gevarieerd en natuurlijk openbaar groen. In het Groenstructuurplan wordt de beleidslijn uit 2016 uitgewerkt, waarin de gemeente Borsele ervoor kiest om maatregelen te nemen voor het herstellen en verbeteren van de biodiversiteit, met extra aandacht voor fruitbestuivende insecten. III. Klimaatadaptatie De derde opgave voor de komende planperiode is het inspelen op het veranderende klimaat, ook wel klimaat-
G S P
adaptatie genoemd. In de Ruimtelijke Uitwerking wordt middels een ambitiekaart aangeduid hoe het openbaar groen kan bijdragen aan het verminderen van de effecten van toenemende extreme neerslag en hitte. Een verdere inhoudelijke verdieping van de thema’s biodiversiteit en klimaatadaptatie, evenals een beschrijving van het algemene groenbeleid is te vinden in het Basisdocument Groenbeleid. 1.3 Leeswijzer De ruimtelijke uitwerking van de kern Baarland wordt in hoofdstuk 2 - karakteristiek ingeleid met een beschrijving van de historie en stedenbouwkundige opbouw van het dorp, gevolgd door een beschrijving van de huidige situatie van het openbaar groen. De beschrijving mondt uit in een kaartbeeld van de huidige groenstructuur en een kaart met de eigendomssituatie van de hoofdgroenstructuur. In hoofdstuk 3 - kwaliteiten en kansen wordt het huidige beeld van het groen geanalyseerd. De analyse vindt plaats aan de hand van de thema’s zoals die ook in het Basisdocument van het Groenstructuurplan worden gehanteerd. Er worden naast kwaliteiten en knelpunten ook kansen aangegeven voor de komende planperiode. In hoofdstuk 4 - wensbeeld worden de wensbeelden voor de groenstructuur en de thema’s biodiversiteit en klimaatadaptatie uiteengezet. De wensbeelden worden per thema kort toegelicht.
Naast de groene hoofdstructuur wordt in dit hoofdstuk ook de zonering van de beheerniveau’s in de woonkern vastgelegd. De beheerniveau’s duiden aan waar intensief of extensief beheer wordt toegepast. Tevens geeft het beheerniveau aan of specifieke groepen in het beplantingsassortiment op een plek kunnen worden toegepast. Het hoofdstuk wordt afgesloten met een integrale ambitiekaart, waarin de thema’s op elkaar zijn geprojecteerd. De grotere of meer integrale deelprojecten worden vervolgens omschreven en verbeeld. Hoofdstuk 5 - investeringen omvat een investeringsraming voor de ambities van groenstructuur, biodiversiteit en klimaatadaptatie. Vaak kan worden meegelift op de programma’s van wegen en rioleringen. De benodigde investeringen die inzichtelijk worden gemaakt, hebben dan ook betrekking op de groene component.
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
•7•
•8•
B OS C H
S LAB B E R S
2. KARAKTERISTIEK VAN BAARLAND
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
•9•
LEWEDORP
BAARSDORP
SINOUTSKERKE
NIEUWDORP HEINKENSZAND
‘S HEER ABTSKERKE
‘S GRAVENPOLDER NISSE
‘S HEERENHOEK
KWADENDAMME OVEZANDE BORSELE HOEDEKENSKERKE DRIEWEGEN
BAARLAND OUDELANDE
nieuwland oudland voor 13e eeuw oudland na 13e eeuw
ELLEWOUTSDIJK
Gemeente Borsele met daarin de kern Baarland
2.1 INLEIDING Dit hoofdstuk beschrijft het ontstaan van het dorp, de bodemgesteldheid en de natuurlijke plantengroei. Deze karakteristieken vormen de basis voor het dorp en de planten die er groeien, het groen. Vervolgens wordt de ruimtelijke opbouw van het dorp beschreven. Bij de beschrijving van de verschillende wijken wordt ook het aanwezige groen behandeld. Het hoofdstuk mondt uit in een kaartbeeld van de huidige groenstructuur van Baarland. 2.2 GEOGENESE EN BODEM Het landschap van de gemeente Borsele is het resultaat van een eeuwenlang ontstaansproces. Omstreeks het begin van de jaartelling is de kustlijn van Nederland, op een enkele riviermonding na, gesloten. Achter de duinenrij ligt een moerassige laagte, waarin veenvorming plaats vindt. Dit uitgestrekte veenmoeras wordt doorsneden door rivieren en kreken. Regelmatig verzanden de waterlopen, waarna ze een nieuwe bedding zoeken. Zo ontstaat in het veengebied een complex patroon van kreek- en rivierbeddingen. Omstreeks het jaar 275 na Chr. begint de zeespiegel geleidelijk te stijgen en wordt het klimaat instabiel.
• 10 •
B OS C H
S LAB B E R S
Deze periode wordt gekenmerkt door een groot aantal stormen. De zee breekt door de gesloten duinenrij en er ontstaan grote zeearmen die diep het veenmoeras binnendringen. Aan het eind van de Romeinse tijd, omstreeks het jaar 400, ontstaat bij stormvloeden de diepe zeegeul van het Veerse Gat. Deze dringt tot het huidige Zuid-Beveland het land binnen. De binnendringende zee bedekt het veen met een laag slib; er ontstaat een uitgestrekt schorrengebied. Zeeland wordt in deze stormachtige tijd niet meer permanent bewoond. Omstreeks 800 na Chr. vestigt de mens zich opnieuw in Zeeland. Het klimaat wordt rustiger en de droge, hoger gelegen delen worden weer voor bewoning geschikt. Tijdens een zware stormvloed in 1014 schuurt de Schelde-arm in Zuid-Beveland opnieuw uit. Hierbij ontstaat de Zwake, een zee-arm van formaat. Oudland Na de watersnood in 1134 wordt begonnen met het bouwen van een grote ringdijk om het bewoonde gebied. Deze eerste bedijkingen worden Oudland genoemd. Het Oudland kenmerkt zich door de veenlaag die in de bodem bewaard is gebleven. De Breede Watering bewesten Yerseke is de naam van de eerste polder die zo ontstaat. Ook Baarland behoort in
Ontwikkeling Baarland en omliggend landschap, ca 1920, 1950, 1975, 2017.
oorsprong tot het oudland, en vormde net als Borsele en Oudelande een individueel eiland. Al vroeg werden deze eilanden door de aanleg van een ringdijk met elkaar verbonden. Door een systematische ontwatering van het oudlandgebied klinkt het veen, dat in de bodem zit, in. De voormalige kreekbeddingen, die zijn opgevuld met grover materiaal (zand) klinken echter minder in dan de omliggende gebieden. Hierdoor komen zij als flauwe ruggen hoger in het landschap te liggen. Deze omkering van het reliëf wordt “inversielandschap” genoemd.
gen van de Graaf van Holland en Zeeland toestemming om deze “aanwassen” te bedijken, mits deze grenzen aan een stuk land dat al hun eigendom is. De schorren worden bedijkt en als landbouwgrond in gebruik genomen. Deze polders staan bekend als Nieuwland. Door de opslibbing liggen deze Nieuwlandpolders vaak wat hoger gelegen dan de Oudland-gebieden. De bodem van deze Nieuwland-polders bestaat uit een dik pakket vruchtbare klei.
Baarland ontstaat aan de weg op een van de smalle kreekruggen in het oudlandgebied van de Polder Oost-Borsele. Deze kreekrug loopt van oost naar west en is in de loop van de tijd door bewoners nog verder opgehoogd.
Het landschap in de omgeving van Baarland is een waardevol cultuurhistorisch landschap. Kenmerkend zijn de afwisseling van Oud- en Nieuwlandpolders en de dijken met monumentale boombeplantingen. De vele kreekresten, grenslinden en welen verschaffen het gebied een sterk natuur- en cultuurhistorisch perspectief. De continue strijd tegen het water is voelbaar aanwezig in dit landschap, bijvoorbeeld door de hoge ligging van de dorpskern ten opzichte van de polder.
Het Oudlandgebied van de Baarlandpolder is bij de stormramp van 1953 overstroomd. Nadien is het gebied opnieuw verkaveld, waarbij de typische kenmerken van landschap van het Oudland grotendeels zijn verdwenen. Nieuwland Tegen de dijken van het Oudland ontstaan door aanslibbing schorren. De plaatselijke ambachtsheren krij-
G S P
2.3 LANDSCHAP EN NATUURLIJKE VEGETATIE
De van nature op de kreekruggronden voorkomende vegetatietypen behoren tot het Alno-Ulmionverbond (Elzen-Iepenverbond). Het betreft vegetaties op rijke, vochtige gronden. Binnen dit verbond is er een onderverdeling te maken in: Circaeo-Alnion (elzenverbond)
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 11 •
18e eeuwse gravure met slot Baarland en toegangspoort naar het plein
18e eeuwse gravure met het dorpsplein gezien vanaf de Vaete
Slotstraat in 1957
Situatie Slotstraat in 1992
voor bodems met een wat natter karakter, te vinden op de poelgronden, en het Ulmion (iepenverbond) op bodems met een wat lichtere samenstelling (de zavelgronden van de kreekruggen). Het elzenverbond wordt gekenmerkt door: eik, els, zwarte populier, vogelkers, vlier, dagkoekoeksbloem, pinksterbloem, bloedzuring en smele. Het iepenverbond wordt gekenmerkt door: eik, iep, esdoorn, es, hazelaar, vlier, klimop en helmbloem. 2.4 HISTORIE VAN HET DORP De naam Baarland betekent ‘kaal, onbegroeid land’. Het dorp was in de middeleeuwen groter dan nu en verbonden met Bakendorp, dat door de zee werd verzwolgen. Het dorp kende twee sterke kastelen. Het oudste; slot ‘Hellenburg’, was reeds in 1606 een bouwval. Het huis (Slot, of Hof) te Baarland werd vermoedelijk in het begin van de veertiende eeuw gebouwd. Het kasteel is in 1840 onder de slopershamer terecht gekomen en enkele decennia geleden ten dele herrezen.
• 12 •
B OS C H
S LAB B E R S
De oude dorpskerk dateert uit de 15e eeuw. Aan de Nieuweweg staat de voormalige gereformeerde kerk, thans in gebruik als restaurant. De voorloper van deze kerk staat aan de oostzijde van de Vate en is omgebouwd tot twee woonhuizen. 2.5 RUIMTELIJKE OPBOUW In deze paragraaf wordt de ruimtelijke opbouw van Baarland beschreven. Zowel de stedenbouwkundige aspecten als de huidige verschijningsvorm van het openbaar groen zijn hiervoor bepalend. In de tekst wordt grofweg een chronologische volgorde aangehouden, startend bij het historische dorpcentrum en vervolgend met hierop aanluitende dorpsuitbreidingen. Grotere eenheden als bijvoorbeeld bedrijfsterreinen, begraafplaatsen en sportvelden worden apart behandeld. De beschrijving mondt uit in een kaartbeeld van de huidige groenstructuur, gekoppeld aan een kaart met de eigendomssituatie van de hoofdstructuur. Stedenbouwkundige hoofdlijnen
De oude kern van Baarland wordt gevormd door de Slotstraat met Noordelijke en Zuidelijke Achterweg. De Slotstraat gaat aan de westzijde eerst over in de Schansstraat en buiten het dorp in de Hellenburgstraat en aan de oostzijde in de Bakendorpse weg. Tot aan het begin van de twintigste eeuw waren er buiten de Slotstraat enkele boerenerven die, samen met het kasteelterrein van Slot Baarland, de buitengrens van het dorp vormden. Deze boerenerven en het kasteelterrein zijn ook nu nog beeldbepalend voor het dorp. Langs de Nieuweweg ontstaat in vanaf de twintigste eeuw een lintbebouwing, die zich uitstrekt tot aan het voormalige station. Langs de burgemeester Vogelaarstraat duurt het tot de jaren zestig van de vorige eeuw voordat er een rij huizen verschijnt. De Prinses Wilhelminastraat, Florishoek en Kolewiegenhoek vormen de bescheiden uitbreidingsstraten van het dorp. De basisstructuur bestaan uit de genoemde oude kern met uitvalswegen, plus de strakke lijn van de Nieuweweg. Daarnaast heeft slechts een kleine uitbreiding
plaatsgevonden in de vorm van een drietal woonstratjes. Dorpscentrum Het tot een pleinruimte verbrede centrale deel van de Slotstraat vormt het ruimtelijke hart van het dorp. De historische gevelwanden begeleiden een langgerekte dorpsruimte die aan de oostzijde verwijdt en aan de westzijde juist iets versmalt. De ruimte rond de kerk en de Vaete geven het plein een ‘kop en een staart’. Het groen is ruim aanwezig in de vorm van leibomen, hagen, vaste plantenvakken en gazon. Bijzondere element zijn de ommuurde historische Vaete of drinkput en de houten muziektent. De Slotstraat bezit zoals meer dorpen in Borsele zowel aan de Noord- als aan de Zuidzijde een achterweg, die vanouds de percelen ontsloot. In Baarland is langs de achterwegen nog een fraai ensemble aan historische schuurtjes aanwezig. Langs de achterwegen staat geen beplanting. Wel is er aan de zuidzijde een toegankelijke dorpsboomgaard op particulier terrein.
De Slotstraat
De Nieuweweg
Boerderij de Steene Poorte
De Zuidelijke Achterweg met volkstuinen
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 13 •
HOOFDLIJNEN STEDENBOUWKUNDIGE OPBOUW BAARLAND
• 14 •
B OS C H
S LAB B E R S
Toelichting op de kaart De kaart geeft de belangrijkste ruimtelijke dragers van het dorp weer. Dit kunnen wegen of dijken zijn, maar ook groene (park)gebieden of pleinen. De kerken zijn aangeduid met een icoon. De verschillende uitbreidingswijken hebben een meer donkere tint naarmate ze ouder zijn. De namen van de belangrijkste wijken, dijken en straten zijn op de kaart weergegeven.
Legenda
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 15 •
De ruimte rond de hervormde kerk is eenvoudig ingericht met gras en solitaire bomen. Op de perceelgrens staan de oude leilinden van de oprijweg van het kasteelterrein. Aan de noordzijde van de kerk zijn geen bomen aanwezig en ziet het kerkterrein uit op de bebouwing aan de Torenstraat.
De Nieuweweg heeft een relatief breed profiel. Naast voortuinen is een strook met vaste planten en bomen aanwezig. Ter hoogte van het dorpshuis en de brandweerpost springt de rooilijn naar achteren en is er een terrasruimte en parkeerplaats langs de weg. Naast het Dorpshuis staan twee grote kastanjebomen.
Het Kasteelterrein van Slot Baarland ligt enigzins verstopt achter de gevelwanden van de Slotstraat. De toegangspoort presenteert zich fraai aan het plein.
Richting het voormalige station is tussen de huizen door af en toe zicht op de achterliggende polder. Bij een verbreding van de sloot splitst de weg. De hoofdbaan naar Kwadendamme buigt af. Rond het voormalige station is een relatief groene wereld aanwezig in de vorm van wegbeplantingen en beplanting van de spoorbaan zelf.
Op markante plekken in het dorp liggen een aantal boerenerven, waarvan sommige fraai gerestaureerd. Met name het erf op de hoek Bakendorpse weg - Delische weg is een blikvanger en heeft een monumentale beplanting. De andere erven zijn minder prominent, maar wel fraaie verschijningen in de dorpskern. Op de hoek van de Torenstraat en de Slotstraat is een breder plantvak met enkele bomen aanwezig. Hier staan ook de afvalcontainers. In het westelijke deel van de Slotstraat staan lindebomen langs de weg. Deels staan deze bomen in particuliere tuinen.
Uitbreidingen Baarland is slechts beperkt uitgebreid met een drietal woonstraten (Prinses Wilhelminastraat, Florishoek, Kolewiegenhoek). Het openbaar groen is hier beperkt tot een paar plantvakken en rij esdoorns in een grasberm op de overgang naar het landschap. Een bijzondere plek is de verlengde Torenstraat, waar de weg eindigt in een klein bosperceel, grenzend aan een grote speelweide. Langs de weg staan grote po-
Kerkhof met lindebomen van de oprijlaan van het kasteel
De Schansstraat met lindebomen
Het dorpshuis met terras aan de Nieuweweg
Het noordelijke deel van de Nieuweweg
• 16 •
B OS C H
S LAB B E R S
De Burgemeester Vogelaarstraat
De Florishoek
De verlengde Torenstraat met wandelpad
Het bosje aan het einde van de verlengde Torenstraat
pulieren. In het bosje staan eveneens grote bomen. Het bos wordt duidelijk als speelbos gebruikt. De grote speelweide heeft een rand die wordt beheerd als bloemenweide. De speeltuin van Baarland grenst aan de Kolewiegenhoek. Het is een klassiek speeltuintje dat er verzorgd uitziet. Begraafplaats De begraafplaats ligt aan de Hellenburgstraat, ten westen van de kern. Het is een klassiek opgezette begraafplaats met een centraal middenpad dat uitkomt op een klein huisje. Langs de straat staan nog oude meelbessen, waarvan een deel er slecht aan toe is. Rond de begraafplaats is een haag geplant, waar lindebomen in staan. Op de begraafplaats zelf staan relatief weinig bomen.
enigszins onverzorgd en verouderd. De grote populieren langs de Hellenburgstraat zijn aan het einde van hun levensduur. Ontwikkelingen Er is in 2010 een voorontwerp gemaakt voor het bestemmingsplan Slothoeve. Dit bestemmingsplan omvat een strook ten noorden van het Dorp, tussen de Florishoek en de Burgemeester Vogelaarstraat. De ontwikkeling van het plan is stopgezet.
Sportpark Hellenburgstraat Het sportterrein ligt even verderop aan de begraafplaats aan de Hellenburgstraat. Het is in gebruik door de tennisvereniging en een hondentrainingsclub. Een deel van het terrein is ongebruikt. Het terrein oogt
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 17 •
Het speeltuintje
De begraafplaats
Het sportpark
Het ongebruikte deel van het sportpark
2.6 HOOFDGROENSTRUCTUUR (zie kaartbeeld op pagina 28) De hoofdgroenstructuur van Baarland bestaat uit de beplantingen op en rond het centrale dorpsplein en kerkruimte, aangevuld met de laanbeplantingen langs de Hellenburgweg en de Nieuweweg. Deze structuren ondersteunen de basislijnen van het dorp. Ook de particuliere beplantingen van het kasteelterrein, dorpsbosje en de boerenerven zijn beeldbepalend. Vervolgens zijn er de groene vlekken in de polder: de begraafplaats en het sportpark. Ook het terrein van het voormalige slot Hellenburg behoort tot de hoofdstructuur. Vanwege de beperkte omvang van het dorp zijn er weinig secundaire of nevenstructuren. Waardevolle bomen De waardevolle bomen conform de bomenlijst zijn op de kaart aangegeven. De lijst is in 2012 voor het laatst herzien. Deze bomen zijn beeldbepalend en vormen daarmee op grond van hun individuele waarde onderdeel van de hoofdgroenstructuur.
• 18 •
B OS C H
S LAB B E R S
Naast groene elementen zijn op de kaart twee aanvullende aspecten opgenomen, die van belang zijn voor de beleving van de groene buitenruimte van Baarland: de wandelstructuur en waardevolle zichtrelaties. Wandelstructuur De huidige wandelmogelijkheden in Baarland lopen over de polderwegen. Er zijn geen wandelpaden. Zichtrelaties De belangrijkste zichtrelaties in het dorp en tussen het dorp en het omringende landschap zijn aangegeven op de kaart.
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 19 •
HUIDIGE SITUATIE GROENSTRUCTUUR
• 20 •
B OS C H
S LAB B E R S
Toelichting op de kaart Deze kaart laat zien welke groene structuren voor het dorp als geheel het meest belangrijk zijn (hoofdstructuur) en waar het groen vooral een functie vervult voor de buurt of straat (nevenstructuur). De hoofdstructuur is met een donkergroene kleur aangegeven, de nevenstructuur met een lichtgroene tint. Alles wat benoemd is tot groene hoofdstructuur is mede bepalend voor de ruimtelijke kwaliteit van de kern en dient daarom behouden (en indien van toepassing versterkt) te worden. Binnen de hoofd- en neven structuur zijn de ruimtevormende onderdelen op de kaart gezet, zoals dijken, lanen, singels en bosgebieden. Tevens zijn zichten op het landschap en zichtlijnen aangeduid. De wijze waarop de indeling in hoofd- en nevenstructuur doorwerkt in het groenbeleid staat in het basisdocument van het groenstructuurplan, in hoofdstuk 2. Kort samengevat wordt de hoofdstructuur door de gemeente vormgegeven en beheerd in overleg met de bewoners. Bij nevenstructuren is er een grotere rol voor de bewoners weggelegd, met meer ruimte voor maatwerk. Naast de hoofd- en nevengroenstructuur zijn ook de belangrijkste vormen van gebruik op de kaart weergegeven. De beleving van het groen door de bewoners wordt hier mede door bepaald.
Legenda
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 21 •
EIGENDOMMEN HOOFDSTRUCTUUR
• 22 •
B OS C H
S LAB B E R S
Toelichting op de kaart De kaart laat zien hoe de eigendomssituatie is van de groene hoofdstructuur. Dit is van belang omdat sommige belangrijke groene elementen in het dorp niet in eigendom zijn van de gemeente. Het kunnen particuliere eigendommen zijn, dan wel groen in eigendom van andere overheden. De gemeente geeft met deze kaart aan, dat het groen op deze percelen een belangrijke rol speelt voor het dorp. Ze zal zich inspannen om de groene structuren te behouden en te ontwikkelen. Ook zal de gemeente in overleg met de eigenaren treden om een eventueel wensbeeld in de groene hoofdstructuur te realiseren.
Legenda
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 23 •
• 24 •
B OS C H
S LAB B E R S
3. KWALITEITEN EN KANSEN
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 25 •
3.1 INLEIDING In dit hoofdstuk wordt de kwaliteit van het huidige openbaar groen geanalyseerd. Hierbij worden de wijken en buurten in dezelfde volgorde behandeld als in paragraaf 2.5. Het gaat in dit hoofdstuk zowel om de ruimtelijke kwaliteit, als de staat van onderhoud en vitaliteit van de beplanting. Tevens worden kansen voor verbetering van de ruimtelijke kwaliteit en/of het groen benoemd. Uit deze analyse volgt het wensbeeld voor de groenstructuur, dat in hoofdstuk 4 is omschreven. De kwaliteiten en kansen van het groen zijn geïnventariseerd tijdens een rondgang door Baarland in september 2018. 3.2 HUIDIG OPENBAAR GROEN Hoofdlijnen van het dorp Op het centrale deel van de Slotstraat in Baarland zijn bebouwing en beplanting in balans. Het plein heeft door de asymmetrische vorm een fraaie ruimtelijke spanning, die wordt versterkt door de aanwezige groe-
nelementen. Ook de aangrenzende Vaete is een fraai element in het dorp. De kwaliteit van het water is goed, waardoor er een weelderige groei van water- en oeverplanten aanwezig is. De ruimte rond de kerk is met bomen en gras passend en in harmonie met de kerk. Slechts aan de achterzijde van de kerk loopt de ruimte wat weg en worden enkele bomen gemist. Van de reeds genoemde drie boerenerven speelt vooral de boerderij op de hoek van de Slotstraat en de Delische weg een prominente rol in het dorpsbeeld. De andere twee zijn meer verscholen achter struikbeplanting. Uit oogpunt van dorpsbeleving zouden deze gebouwen best wat meer zichtbaar mogen zijn. De laanbeplanting van linden langs de westelijke Slotstraat en verder in de Schansstraat is onregelmatig. Wellicht is in overleg met bewoners een meer aaneengesloten laanbeplanting mogelijk. Het groenelement op de hoek met de Torenstraat oogt wat rommelig. De Nieuweweg is nog niet zo lang geleden ingeplant met essen. De vaste plantenvakken (bewonersinitiatief)
Slotstraat is zeer fraai
De wat kale achterzijde van de kerk
De structuur van linden in de Schansstraat is onregelmatig
Rommelige hoek aan de Slotstraat/Torenstraat
• 26 •
B OS C H
S LAB B E R S
De monumentale kastanjes naast het dorpshuis
Het parkeerterrein naast de brandweerkazerne
Potentie voor ecologie en spelen in het bosje
De bloemenweide rond de speelweide
geven de weg sfeer en zijn goed voor de biodiversiteit. De parkeerplaats in combinatie met de naastliggende brandweerpost ogen netjes, maar een paar extra bomen zouden niet misstaan, ook gezien de beschikbare ruimte.
gende boom gemaakt moeten worden. Het bosje heeft ecologische kwaliteiten, maar dient ook als speelbosje voor de jeugd. Een koppeling van bos, speeltuin en speelweide ligt voor de hand om hier een uitloopgebied voor alle bewoners van Baarland te realiseren.
In het dorpshart liggen de kansen met name in het behoud en de ontwikkeling van de bestaande kwaliteiten.
De huidige speeltuin oogt verzorgd. De vraag kan gesteld worden of de aanwezige functies beantwoorden aan de wensen van de dorpsjeugd.
Uitbreidingen Het groen in de uitbreidingsstraten is eenvoudig en functioneel. In overleg met de bewoners kunnen bomen toegevoegd worden in de voortuinen om het groene beeld wat te versterken. Kansen liggen er in en rond het kleine bosgebiedje in het verlengde van de Torenstraat. Dit bosje heeft een goede menging van loofhoutsoorten, maar is in het verleden niet beheerd. De kortlevende bomen zijn nu deels volledig uitgegroeid en hinderen de langlevende exemplaren. Ook het populierenlaantje is volledig uitgegroeid. Op termijn zal hier een keuze voor een opvol-
G S P
Begraafplaats De meelbessen op de begraafplaats hebben hun langste tijd gehad en zouden vervangen kunnen worden. Enkele extra bomen op de begraafplaats kunnen de sfeer en het klimaat op deze plek veraangenamen. Sportpark Hellenburgseweg Het sportpark heeft een sfeer van vergane glorie. De oorspronkelijke voetbalvereniging is naar elders verhuisd en de huidige functies hebben eigenlijk niet zoveel ruimte nodig. Een gevolg is dat een deel van het terrein niet onderhouden wordt en daardoor wat verwilderd oogt. Bij voortzetting van het huidige gebruik
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 27 •
De oude meelbessen op de begraafplaats
Het middengedeelte van de begraafplaats is vrij open
Het sportpark oogt gedateerd en deels ongebruikt
Watergang aan de achterzijde van het sportpark
zou een deel van het terrein meer als wandel- en /of natuurgebied ingericht kunnen worden. De bestaande beplantingen kunnen daar in worden opgenomen. Bij eventuele uitplaatsing van de tennisbaan en hondenvereniging kan een nieuwe functie voor het gebied in beeld komen. Wandelstructuur Voor een wandeling in en rond het dorp ben je nu aangewezen op de (polder)wegen. In het kader van het Groenstructuurplan doen we enkele suggesties om echte wandelpaden te realiseren. De eerste is een verbinding tussen het sportpark en de Delische weg via een pad langs de watergang. Hierdoor wordt het sportpark opgenomen in een dorps-ommetje en zal dan ook meer gebruikt worden door de bewoners. Een tweede suggestie is de een koppeling van de Florisweg via het dorpbosje naar de verlengde Torenstraat, en eventueel nog naar de Burgemeester Vogelaarstraat. Dit vergroot
• 28 •
B OS C H
S LAB B E R S
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 29 •
• 30 •
B OS C H
S LAB B E R S
4. WENSBEELD
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 31 •
• 32 •
B OS C H
S LAB B E R S
4.1 INLEIDING Dit hoofdstuk betreft het wensbeeld voor de groenstructuur. Het wensbeeld is uitgewerkt voor de ambities op het vlak van groenstructuur, biodiversiteit en klimaatadaptatie, telkens in een eigen paragraaf en met een bijbehorend kaartbeeld. In paragraaf 4.6 worden de drie ambitiekaarten op elkaar geprojecteerd tot een integrale ambitiekaart. Vervolgens worden de belangrijkste groene projecten nader toegelicht en in beeld gebracht. Als tweede uitwerking van de ambities voor de groenstructuur wordt in paragraaf 4.3 ook het beheerniveau vastgelegd. Het beheerniveau is bepalend voor de gewenste uitstraling, functie en onderhoudsniveau van de beplantingen in het openbaar groen.
4.2 AMBITIE GROENSTRUCTUUR Versterken en aanvullen hoofdgroenstructuur De hoofdgroenstructuur zoals weergegeven op de kaart ‘Huidige groenstructuur’ vormt de ruggengraat van het openbaar groen in Baarland. Het accent ligt hier op behoud en ontwikkeling van de aanwezige groene elementen. Uit de analyse komen een aantal locaties naar voren, waar de groene hoofdstructuur kan worden versterkt en /of aangevuld. Het wensbeeld kijkt bewust iets verder dan de huidige eigendommen van de gemeente en de exacte grens van de bebouwde kom. Kansen voor de groenstructuur liggen vaak juist langs de randen van het dorp. In Baarland liggen kansen de Hoofdstructuur te versterken in de Slotstraat-Schansstraat. Op beperkte schaal is dit ook mogelijk in de tuin rond de hervormde kerk en op de begraafplaats. Versterken en aanvullen groene nevenstructuur Ook in de groene nevenstructuren zijn kansen aanwezig voor het versterken van het openbaar groen. In paragraaf 3.2 zijn per buurt of wijk suggesties gegeven. De ontwikkeling van het openbaar groen in de nevenstructuur wordt op initiatief van en in samenwerking met de bewoners vormgegeven. Op basis van de vastgelegde beleidslijnen uit het basisdocument treedt de gemeente coördinerend en stimulerend op.
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 33 •
AMBITIE GROENSTRUCTUUR
• 34 •
B OS C H
S LAB B E R S
Toelichting op de kaart Deze kaart geeft de gewenste groenstructuur weer, als aanvulling op en versterking van de aanwezige hoofdgroenstructuur (hoofdstuk 2). Basis vormt de kaart van de huidige groenstructuur. Deze is in lichte kleurtint weergegeven. Vervolgens is het wensbeeld in een donkerdere kleurtint toegevoegd. De legenda is eveneens gelijk aan die van de hoofdgroenstructuur. Projecten die met ster zijn weergegeven betreffen integrale projecten, met raakvlakken met bijvoorbeeld stedenbouw of architectuur.
Legenda
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 35 •
4.3
BEHEERNIVEAUS, GROENZONERING
Openbaar groen bestaat uit verschillende beplantingstypen, elk met een eigen karakter en functie. Zo kunnen bomen zorgen voor een groen beeld op grote afstand, met lage struiken kan een groen vak worden gemaakt waar je overheen kunt kijken, en met een bloemenweide ligt er een kleurig tapijt waar insecten een thuis hebben. Er zijn beplantingstypen met een natuurlijk inheems karakter en er zijn beplantingstypen met een sterk gecultiveerd en architectonisch karakter. Er zijn beplantingen met een intensief jaarlijks beheer en er zijn beplantingen die minder onderhoud vragen. De karaktereigenschappen maken dat een beplantingstype het best tot zijn recht komt bij een specifiek gebruik of locatie. Andersom is niet elke beplanting overal in de openbare ruimte toepasbaar. Om te kunnen sturen in de toepassing van beplantingstypen is in het Groenstructuurplan 1997 de groenzonering geïntroduceerd. Op basis van een viertal zones worden de beplantingstypen gestuurd naar die zones, waar ze het best tot hun recht komen. Uitgangspunt voor het groenbeheer is dat elke beplanting een optimaal beheer ontvangt om goed te kunnen groeien en functioneren. Er is dus in principe één pakket aan onderhoudsmaatregelen per beplantingstype. Verschillen in uitstraling van het openbaar groen worden in het veld gerealiseerd, door het hanteren van een lijst met toe te passen beplantingstypen per zone.
Een uitzondering op dit uitgangspunt vormen de centrumzones, waar ook aanvullend onderhoud wordt gepleegd. De indeling van een beheergroep in een zone is gebaseerd op de volgende kenmerken van de beplanting: • uitstraling; • functie; • onderhoudsniveau. Zie de tabel hiernaast. Indien de beplanting niet met een sterretje in de tabel is aangekruist betekent dit dat de soort niet in de betreffende zone wordt toegepast. De zones die de gemeente Borsele onderscheidt zijn: • De natuur- en landschapszone • De woon- werkzone • De woon- werkzone+ • De centrumzone
• 36 •
B OS C H
S LAB B E R S
Natuur- en landschapszone Deze zone bestaat uit grotere, aaneengesloten groenelementen met een inheems sortiment en een meer natuurlijke uitstraling. Vaak zijn het elementen die ook in het omringende landschap aanwezig zijn en doorlopen in de bebouwde kom (b.v. dijken, watergangen en bermen). Ook de dorpsbossen zijn hier onderdeel van. De beheergroepen die in deze zone te vinden zijn hebben alle de eigenschap dat er ruimte nodig is om goed te kunnen groeien en hebben een natuurlijk, minder geknipt of gemaaid beeld. Naast de natuurlijke soorten kunnen op beperkte schaal cultuurlijke beplantingsvormen voorkomen. Te denken valt aan gazonstroken naast paden of een afschermende haag. De beoogde uitstraling is extensief en natuurlijk. Woon-werkzone In de woon-werkzone wordt zoals de naam al aangeeft gewoond en gewerkt. Het betreft de dagelijkse en directe leefomgeving van het dorp en haar bewoners. In deze omgeving is groen ruim voorhanden, maar is de ruimte niet geschikt voor sterk uitgroeiende beplanting. De beoogde uitstraling is functioneel, netjes en verzorgd. Woon-werkzone + In deze zone is ruimte om invulling te geven aan de ambities voor biodiversiteit. Hier is bovenop de beplantingen uit de woon-werkzone ruimte voor de toepassing van de vaste plantenmengsels zoals beschreven in hoofdstuk 3.3. Het betreft voornamelijk hoofdstraten in het dorp of binnen een wijk.
De beoogde uitstraling is functioneel, netjes en verzorgd. Centrumzone De centrumzone omvat de knooppunten van het sociale leven in het dorp. Het openbaar groen heeft hier een representatieve functie. Onderhoudsintensieve beplantingsvormen worden door het gehele dorp beleefd en gezien. De beoogde uitstraling is representatief en verzorgd. Dit representatieve beeld wordt extra geaccentueerd door in deze zone voor het gazon aanvullende maaibeurten uit te voeren.
Zonering CZ WW+
WW
NL
* * * *
(1) * * *
* * *
(1) * * *
beheergroep code Laanbomen
omschrijving 1,01 Boom in verharding 1,02 Boom in gras 1,03 Boom in beplanting 1,04 Boom in particuliere tuin
vormbomen
* * *
* * *
2,01 Leiboom in verharding
* * * *
* *
* *
* *
* *
* *
2,02 Leiboom in gras 2,03 Leiboom in beplanting 2,05 Knotboom in gras 2,06 Knotboom in beplanting 2,07 Fruitboom in verharding 2,08 Fruitboom in gras 2,09 Fruitboom in beplanting bosachtige beplantingen
*(2)
*(2)
*(3) * *
3,01 Bosplantsoen 3,02 Landschappelijke haag 3,03 Bos heesters
* * * *
* * * *
* * * *
4,01 Heesters hoog: > 1.50 M 4,02 Heesters laag: < 1.50 M 5,01 Heesters bodembedekkend 5,02 Heesters bodembedekkend + solitaire heesters vaste planten
*
*
5,03 Vaste plantenmengsels hagen
* * * *
* * * *
* *
6,01 Haag laag: < 1.00 M
*
6,02 Haag middelhoog: 1.00 ‐ 1.80 M 6,03 Haag hoog: > 1.80 M 6,04 Dubbele haag raster tussen de rijen
*
6,05 Los groeiende haag blokhagen
*
*
*
7,01 Blokhagen rozen 8,01 Rozen perk
*
8,02 Rozen botanisch 8,03 Rozen bodembedekkend 8,04 Klimrozen vaste planten border
*
9,01 Vaste planten wisselperken
*
10,03 Wisselperk gazon
* *
*
11,01 Gazon 30 x
* * * * * *
* * * * * *
*(4)
11,01 Gazon 20 x 11,02 Gazon onder talud < 1:4 11,03 Voetbal‐wedstrijdveld
*
11,04 Speelveld 11,05 Gazon bolgewassen 11,06 Voetbal‐trainingsveld gras
* *
* *
* * * * * * *
12,01 Extensief gras 12,02 Extensief gras onder talud < 1:4 12,03 Berm 12,04 Braakliggend terrein 12,05 Extensief gras in Bestemmingsplan 12,09 Extensief gras bloemenweide 12,06 Extensief gras dijken kale grond
(1) (1) *
(1) (1) *
(1) (1) *
ad 1 ad 2 ad 3 ad 4
alle boomspiegels en kale grond beplanten met geschoren randen vrij uitgroeiende randen alleen als overgangstrook langs paden of als graspad door bloemenweide
16,01 Kale grond 16,02 Kale grond begraafplaatsen
*
16,03 Kalegrond elders meegerekend
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 37 •
ZONERING BEHEERNIVEAU’S
• 38 •
B OS C H
S LAB B E R S
Toelichting op de kaart In de gemeente Borsele wordt gewerkt met 4 Beheerniveaus. Voor een nadere toelichting van de beheerniveaus en de gevolgen die dit heeft voor de toe te passen beplantingen, zie paragraaf 4.3. Tevens is watachtergrondinformatie te vinden in paragraaf 2.1 van het Basisdocument. Op de kaart staat aangegeven op welke locatie de beheerniveaus worden toegepast in het dorp. De beheerniveaus zijn een maat voor de gewenste uitstraling, functie en onderhoudsniveau van de beplanting in het openbaar groen.
Legenda
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 39 •
4.4 AMBITIE BIODIVERSITEIT Inleiding Het aantal op een plek voorkomende verschillende plant- en diersoorten wordt biodiversiteit genoemd. In Nederland neemt de biodiversiteit steeds verder af. De gemeente Borsele heeft er als gemeente waar fruitteelt een belangrijke plaats inneemt extra belang bij dat deze trend gekeerd of afgezwakt wordt. De insecten zijn immers van vitaal belang voor de fruitteelt. De ambitie voor het groen is gericht op het creëren van gunstige leefomstandigheden voor insecten, die onder meer voor de bestuiving van omliggende fruitteelt van belang zijn. Gewenst is een toename van het aantal planten dat stuifmeel en nectar levert, gevarieerd en verspreid over de seizoenen. Om dit te bereiken worden op plaatsen waar nu monotone groenvlakken aanwezig zijn, gevarieerde mengsels van nectar en stuifmeel leverende planten toegevoegd. Het is niet de bedoeling om beplantingen die al een waarde voor biodiversiteit hebben ‘in te wisselen’ voor soorten met een andere natuurwaarde. Daarnaast wordt goed gekeken of de toename voor de biodiversiteit te combineren valt met de locatie en de functie die het openbaar groen heeft. Er zijn drie typen bloemrijke beplanting die een grote meerwaarde voor insecten bieden: het bollengazon, de gemengde vaste plantenmengsels en bloemenweides.
Het meest voor de hand liggende beplantingstype dat vervangbaar is door nieuwe bloemrijke vegetaties is gazon. Daarnaast kunnen monotone heestervakken in aanmerking komen, mits er voldoende ruimte is. Naast de drie “speerpunten” bollengazon, vaste plantenmengsels en bloemenweides zijn er uiteraard meer beplantingen die waarde hebben voor biodiversiteit in het algemeen, dus voor een gevarieerde flora en fauna. Een tweede ambitie is om meer kleine boselementen aan te planten, die weer voor een heel eigen ecosysteem zorgen. Met als voorbeeld de aanwezige dorpsbossen in Borsele, Nieuwdorp, ‘s-Heerenhoek, Lewedorp en Heinkenszand wordt bij elk dorp bezien of er mogelijkheden zijn om een eigen dorpsbos te realiseren. Een ander waardevol element voor de biodiversiteit vormen de boomgaarden. Ook deze zijn in enkele Borselse dorpen aanwezig. Ze vormen aantrekkelijke
• 40 •
B OS C H
S LAB B E R S
groene ruimtes, met aanvullende mogelijkheden voor ontspanning en wandelen. Vanwege de hoge onderhoudskosten van de (hoogstam)fruitbomen wordt het aantal locaties per dorp beperkt. Bollengazon Bollengazon is gedurende een groot deel van het jaar een strakke groene grasmat. In het voorjaar verandert de grasmat in een kleurrijk tapijt van diverse bolgewassen. Dit levert in het vroege voorjaar voedsel voor de insecten. In deze tijd bloeien er nog maar weinig andere planten. Het insectenbestand wordt als het ware een handje geholpen op weg naar de bloei van de fruitbomen. Naast voedselbron voor insecten is het kleurrijke tapijt fraai om te zien en geeft een voorjaarsgevoel aan elke passant. Na de bloei blijft het loof van de bollen nog een paar weken staan om de ondergrondse bol voldoende kracht te geven voor het opvolgende jaar. Dit is een beperkte periode met een iets minder fraaie aanblik, maar werkt tevens kostenbesparend ten opzichte van het ‘gewone gazon’, omdat het gazon met de bollen in deze periode niet gemaaid hoeft te worden. Gedurende de rest van het jaar wordt het gazon op dezelfde wijze onderhouden als gazon zonder bollen. Deze beplantingsvorm is geschikt om binnen de woonkern toegepast te worden in gazonvakken van enige omvang, die geen duidelijke gebruiksfunctie hebben (zoals bijvoorbeeld speelveld). Ook lange gazonstroken langs wegen zijn prima geschikt.
De minimale breedte van de bollenstrook is 1.20 meter. Tevens moet dan naast de bollenstrook de maaimachine nog gemakkelijk een strook kunnen maaien, dit om het beeld verzorgd te houden als het loof nog een tijdje moet besterven. De totale vakbreedte is dus bij voorkeur minimaal 3 x 1.20 = 3.60 m. De aanlegkosten van bollengazon zijn relatief hoog, maar de onderhoudskosten zijn niet hoger dan gazon zonder bollen. Ook kunnen hoger wordende bollenmengsels worden toegevoegd aan bermen en ruig gras. In Baarland stellen we een uitbreiding van deze beplantingsvorm voor op de schaduwrijke gazons rond de hervormde kerk. Sterke vaste plantenmengsels Vaste planten zijn kruidachtige gewassen waarvan het bovengrondse deel in de winter afsterft en die in het voorjaar steeds weer opnieuw uitgroeien. Met name de sterke en rijkbloeiende soorten zijn geschikt voor aanplant in het openbaar groen. Een sprekend voorbeeld
Kans bollen in de Kerktuin
Kans bloemenweide op de bergaafplaats
Vaste plantenvakken aan de Nieuweweg
Kans voor Bollen en bloemenweide in de kerktuin
in de gemeente Borsele is de Populierestraat te ‘s-Gravenpolder, die geheel in eigen beheer is ontwikkeld en aangeplant. Op kleine schaal zijn de vaste plantenmengsels reeds met succes toegepast in de gemeente. Het beeld van deze vakken wordt door de bewoners hoog gewaardeerd. In het groenstructuurplan wordt daarom een uitbreiding van het areaal voorzien. De vaste plantenmengsels geven door het hele jaar een gevarieerd aanbod aan bloeiende planten. Deze beplantingsvorm kan ook in wat kleinere vakken goed worden toegepast. Het beheer van de vakken is intensiever dan bollengazons, vandaar dat de toepassing wordt beperkt tot belangrijke straten en openbare plekken in het dorp. In de zonering van de beheerniveaus wordt speciaal voor de ruimere toepassing van vaste plantenmengsels een zone ‘woon-werk+’ ingesteld, waar de toepassing van deze beplanting mogelijk is. Momenteel zijn er in Baarland vaste plantenmengsels aanwezig op de begraafplaats en langs de Nieuweweg.
G S P
Omdat deze beplanting ook in staat is om onkruid te onderdrukken is de toepassing op begraafplaatsen een goed middel om zowel een fraai en representatief beeld te genereren, als de beheerkosten te verminderen. Op de begraafplaats wordt een uitbreiding voorgesteld. In overleg met de bewoners zijn aanvullende lokaties mogelijk. Bloemenweides Bloemenweides zijn extensief onderhouden grasvlakken, waar naast een speciaal bloemenmengsel ook grondverbetering en een aangepast beheer wordt toegepast. Door deze maatregelen wordt de groei van bloeiende kruiden bevorderd ten opzichte van de grasgroei. De bloemenweides geven een groot aanbod van nectar gedurende de zomermaanden. Dit beplantingstype is minder geschikt voor toepassing in de directe woonomgeving, vanwege het extensieve karakter en het wat meer natuurlijke beeld. Dit kan worden verzacht door rond de bloemenweide steeds een strook van ongeveer twee meter breed als gazon te maaien. Er blijft dan altijd een nette en verzorgde rand
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 41 •
Dorpsboomgaard Zuidelijke Achterweg
om de bloemenweide aanwezig. Op deze wijze worden de bloemenweides reeds toegepast in de gemeente, ter plaatse van braakliggende percelen in bestemmingsplannen. Langs de dorpsranden, op de overgangen met het agrarisch gebied en bijvoorbeeld op dijken is het juist het aangewezen beplantingstype om grotere vlakken mee te vullen. Tevens is het mogelijk om bollen te combineren met de bloemenweide. In Baarland wordt momenteel een deel van het speelveld langs de Florishoek ecologisch beheerd. Er liggen nog diverse kansen om grasvlakken, die nu op de beheerkaart als gazon staan aangeduid, meer ecologische betekenis te geven. De meest aansprekende is gelegen op het sportveld, waar een deel van de grasvlakken momenteel niet meer worden gebruikt. Ook in het gazon achter de hervormde kerk zou een meer bloemrijk karakter de waarde vergroten. Ook dit gazon kent geen echte gebruiksfunctie. Boomgaarden (Hoogstam)boomgaarden zijn eveneens van waarde voor de biodiversiteit. Naast de waarde voor fruitbestuivende insecten zijn boomgaarden ook uit cultuurhistorisch oogpunt van waarde. Baarland heeft een eigen dorpsboomgaard aan de Zuidelijke Achterweg. Deze ligt op particulier terrein maar is vrij toegangkelijk. Ook het erf ‘De Steene Poorte’ heeft een fraaie boomgaard. Bomen, bos en struiken Uiteraard zijn er ook diverse (inheemse) bomen en struiken die nectar en stuifmeel leveren.
Vaak zijn dit forse beplantingen, die veel ruimte vragen. Een uitbreiding van deze groep is binnen het huidige areaal openbaar groen lastig, omdat geschikte locaties reeds voorzien zijn van deze beplanting en de ruimte voor uitbreiding op gespannen voet staat met andere functies. In Baar-
• 42 •
B OS C H
S LAB B E R S
bloemenweide langs speelveld Florishoek
land zijn er op het sportpark kansen voor het vergroten van de biodiversiteit.
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 43 •
AMBITIE BIODIVERSITEIT
• 44 •
B OS C H
S LAB B E R S
toelichting op de kaart De ambitiekaart biodiversiteit geeft de gewenste uitbreiding weer van het areaal beplanting met waarde voor de biodiversiteit in het openbaar groen. Speerpunt van het groenstructuurplan zijn gemengde vaste plantenvakken, bloemenweides en bolgewassen in het gazon. Ook kansen voor een (aanvullende) hoogstamboomgaard, Zeeuwse haag of dorpsbos worden op de kaart gezet. Voor een verdere toelichting zie paragraaf 4.4.
legenda:
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 45 •
4.5 AMBITIE KLIMAATADAPTATIE Inleiding In het groenstructuurplan is gekeken waar kansen liggen om in de openbare ruimte, en in het bijzonder het openbaar groen in te spelen op een veranderend klimaat. Er zijn twee speerpunten benoemd in het basisdocument: Het verbeteren van de natuurlijke inzijging van regenwater in de bodem en het creeren van waterbuffering en waterberging. De kansen en oplossingen worden steeds vanuit een ‘groen perspektief’ belicht. Dit houdt in dat oplossingen worden aangedragen, die ook een positieve bijdrage leveren voor de groenstructuur. Verbeteren natuurlijke inzijging in de bodem. In onze leefomgeving neemt het verhard oppervlak de laatste jaren toe. Dit proces speelt zowel in de openbare ruimte als in particuliere tuinen. Vaak is de reden voor het verharden praktisch, het vergt minder onderhoud dan groen, of de ruimte is nodig voor verkeersbewegingen of parkeren. Verhard oppervlak, met name de meer gesloten varianten asfalt, tegels en straatstenen, zorgt voor een snelle en oppervlakkige afvoer van regenwater, waardoor bij neerslagpieken de capaciteit van het rioolstelsel extra wordt belast. Daarnaast wordt een stenige buitenomgeving aanzienlijk meer opgewarmd door de zon als de (groene) omgeving. Dit effect wordt hittestress genoemd.
In De gemeente Borsele zijn de effecten minder heftig als in grote steden, maar met name bedrijfsterreinen zijn gevoelig voor dit verschijnsel. Een groen oppervlak geeft het regenwater de gelegenheid om daar waar het valt te worden opgenomen in de bodem (inzijging). Slechts bij extreme regenval gaat het water ook oppervlakkig afstromen via een groen oppervlak. Naast groen hebben ook sommige verhardingen waterdoorlatende eigenschappen, zoals grind, losse schelpen of grasbetonstenen. Het groener maken van het bodemoppervlak levert dus een bijdrage aan de natuurlijke neerslagopname van de bodem. Door kritisch te kijken naar het nut en de noodzaak van verhard oppervlak kan deze kans benut worden. Met name als er sprake is van incidenteel gebruik gedurende de dag, of de verharding slechts gedeeltelijk wordt bereden, kan een omvorming naar groene verharding of beplanting overwogen worden. Zie voor een meer uitgebreide toelichting op dit onderwerp het hoofdstuk Klimaatadaptatie in het Basisdocument Groenbeleid.
• 46 •
B OS C H
S LAB B E R S
Om de plaatsen aan te duiden waar hiervoor kansen liggen is gekeken naar de parkeercapaciteit van de openbare weg in relatie tot de parkeerdruk. Daar waar op de openbare weg gedurende de dag weinig wordt geparkeerd ontstaan groeikansen voor gras. In de praktijk zijn het vooral de woonstraten waar de bebouwing gedeeltelijk of volledig bestaat uit vrijstaande woningen of twee-onder-een kap woningen. Deze hebben één of meerdere parkeerplaatsen op het eigen erf. De vergroening betekent dus niet dat er op deze stroken niet geparkeerd kan worden. Bovendien biedt het vergroenen van de weg kansen om de standplaatsen van eventuele aanwezige bomen te verbeteren. In Baarland is er in de straatprofielen van de Florishoek en de Kolewiegenhoek ruimte om groene verhardingen toe te passen. Het gaat dan om de parkeerstroken. De bewoners kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan een betere waterhuishouding door de tuinen en met name de voortuinen niet te voorzien van gesloten verharding. De voortuinen zijn in de meeste gevallen onder afschot gelegd naar de stoepen, waardoor in geval van een gesloten verharding dit water direct de capaciteit van het riool belast. Zowel een groene inrichting als het gebruik van waterdoorlatende verharding dragen bij aan een betere waterhuishouding.
Waterbuffering en waterberging Naast het omvormen van verharde oppervlakken naar groen oppervlak kan het openbaar groen ook een rol spelen als infiltratiepunt voor naastgelegen verharde oppervlakken. In dat geval wordt het afstromende water eerst via de groenstrook geleid vóórdat het in een rioleringssysteem wordt opgenomen. Dit is het principe van de ‘wadi’ of droogvallende laagte. Ook bestaande of nieuwe sloten kunnen een bijdrage leveren aan een betere waterhuishouding. Indien hier de capaciteit wordt vergroot is sprake van een betere waterberging in het afwateringssysteem van de polder. De kansen voor buffering van water in een wadi of een verbrede sloot zijn er in Baarland ter hoogte van het huidige speelveld en in het toekomstig uitbreidingsplan Slothoeve.
Kans waterberging langs speelveld Florishoek
Kans vergroening Kolewiegenhoek Kans voor waterberging aan achterzijde sportveld
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 47 •
AMBITIE KLIMAATADAPTATIE
• 48 •
B OS C H
S LAB B E R S
toelichting op de kaart De kaart geeft de locaties weer met kansen voor maatregelen in de openbare ruimte ten behoeve van klimaatadaptatie. De maatregelen hebben betrekking op het verbeteren van inzijging van oppervlaktewater, het creëren van waterbuffering of berging en het voorkomen van oppervlakkige afstroming. Naast een rol voor klimaatadaptatie hebben de maatregelen eveneens een groen of vergroenend karakter. Voor een toelichting zie paragraaf 4.4
Legenda
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 49 •
INTEGRALE AMBITIEKAART
7. 3.
4.
1.
5.
6. 6.
• 50 •
B OS C H
S LAB B E R S
Legenda
2. biodiversiteit
klimaatadaptatie
Projecten op de kaart:
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
G S P
schansstraat boomstructuur kerktuin hervormde kerk parkeerplaats Nieuweweg begraafplaats Hellenburgse weg sportpark Hellenburgse weg wandelpad watergang uitbreiding Slothoeve
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 51 •
4.6 INTEGRALE AMBITIEKAART Inleiding Op de integrale plankaart zijn de gecombineerde ambities voor groenstructuur, biodiversiteit en klimaatadaptatie weergegeven. Daar waar het relatief eenvoudige aanpassingen betreft van beplanting binnen de bestaande topografie worden deze door de gemeente zelf geïnitieerd en aangepakt. Deze aanpassingen worden meegenomen in de reguliere programma’s voor beheer en omvorming van openbaar groen. Voor een aantal locaties is een meer omvattende herinrichting nodig, of samenwerking met andere partijen. Deze kansen/projecten hebben op de kaart een nummer gekregen en worden individueel toegelicht. De kanslocaties geven het wensbeeld weer vanuit groenstructuur. Er is nog geen onderzoek verricht naar de (o.a. technische) haalbaarheid van de voorstellen, anders dan een inschatting op basis van de huidige topografie. 1. Schansstraat boomstructuur De Schansstraat vormt samen met de Hellenburgstraat en Slotstraat de oudste straat van het dorp. Langs de Schansstraat staan fraaie lindebomen, maar er zijn ook delen zonder begeleidende boombeplanting. Om de samenhang van de laanbeplanting langs de weg weer compleet te maken stellen we voor om (in overleg met huidige situatie sportpark
• 52 •
B OS C H
S LAB B E R S
de aanwonenden) de ontbrekende schakels weer in te vullen. De lindebomen zijn bovendien een goede voedselbron voor bijen en andere insecten. 2. Kerktuin hervormde kerk De kerktuin rond de hervormde kerk is een fraaie grasruimte met vrijstaande bomen. Vooral aan de zuidzijde is het beeld lommerrijk en fraai. De kwaliteit van de oude leilinden langs de oprijlaan van het kasteel gaat achteruit. Deze bomen moeten op termijn worden vervangen. In de tuin is een monument met trottoirbanden geplaatst rond de stam van een lindeboom. De boom is echter gegroeid, waardoor het monument nu uit elkaar valt. Wellicht dat een andere vorm aan het monument gegeven kan worden. Onder de bomen en langs de toegangspaden is ruimte om met bloembollen en vaste planten de betekenis voor biodiversiteit te vergroten. Op het grasveld achter de kerk is meer ruimte beschikbaar. Hier zou aan een bloemenweide gedacht kunnen worden, met daar doorheen lopende graspaden. Aan de Noordzijde ontbreken tevens de bomen, waardoor een wat kale indruk ontstaat. Hier kunnen enkele solitaire bomen het beeld verfraaien. 3. Parkeerplaats Nieuweweg De ruimte rond het dorpshuis en de brandweerpost zijn nog niet zo lang geleden opnieuw ingericht. Het ziet er netjes en verzorgd uit. Rond de parkeerplaats staan beukenhagen, maar geen bomen. Met het bij-
planten van aantal bomen in de haag wordt de ruimte wat groener en intiemer. 4. Begraafplaats Hellenburgse weg De monumentale bomen aan de westzijde van de begraafplaats zijn in 2014 vervangen door jonge aanplant. Deze is geplant langs de randen van het terrein en langs het laantje in het midden. Ook de meelbessen langs de Hellenburgseweg zijn al op leeftijd en worden slechter. Een paar extra bomen op de grafvelden zelf versterken de groene uitstraling en geven extra beschutting. Naast aanvullende boombeplanting liggen er kansen voor de ambities op biodiversiteit. Tussen de graven kunnen vaste plantenvakken worden geplant. Dit wordt in de praktijk reeds gedaan en kan verder worden voortgezet. Op het grote grasvlak aan de oostzijde wordt (vooralsnog) niet meer begraven. Hier kan een grote bloemenweide met een rustiek bankje bijdragen aan de biodiversiteitsdoelstellingen en aan een aantrekkelijk beeld dat past bij de plek. 5. Sportpark Hellenburgse weg Het sportpark wordt gedeeltelijk gebruikt. Op het niet gebruikte deel liggen kansen om de ambities voor biodiversiteit realiseren. Mede dankzij de naastgelegen watergang zijn er kansen voor bos en natuur, natuurlijk spelen en een vorm van waterberging. Helemaal interessant wordt het als er langs de watergang een aansluitend wandelpad naar het dorp mogelijk is. Er ont-
staat dan een leuk wandelommetje naar het sportpark door de polder. Indien de huidige functies in het sportpark onverhoopt zouden stoppen is het ook denkbaar het terrein geheel tot een natuurpark te maken of zelfs als ruilobject te gebruiken voor het verwerven van gronden elders. 6. Wandelpad watergang In samenhang met de kanslocatie sportveld is een wandelpad gedacht langs de watergang aan de zuidzijde van het dorp. Dit geeft een aantrekkelijk wandelommetje om het dorp, in combinatie met een hogere gebruikswaarde van het sportterrein, in combiatie met het voorstel voor een natuurgedeelte (zie kanslocatie 5). 7. Uitbreidingsplan Slothoeve Aan de noorzijde van het dorp is begin deze eeuw het uitbreidingsplan Slothoeve voorzien. Momenteel is dit plan in de ijskast gezet. De gronden zijn nu deels in gebruik als speelveld, een deel is verpacht en een deel ligt er wat verwaarloosd bij. Welke ontwikkeling er ook komt, de plek heeft goede potenties als uitloop- en speelgebied voor het dorp. Het bosje wordt nu al flink gebruikt als speelbos. Er is ruimte genoeg voor uitbreiding van de wandelmogelijkheden en ook het vergroten van waterbergend oppervlak.
sfeerbeeld dorpsbos en waterberging in sportpark
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 53 •
Bronnen GSP gemeente Borsele 1997 Lanschapsbeleidsplan gemeente Borsele Google maps / Google streetview Polders en pleinen van het landschapspark Borsele Archieven.nl Topotijdreis.nl
©
Dit werk is auteursrechtelijk beschermd.
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en Bosch Slabbers Tuin- en Landschapsarchitecten B.V. (hierna: “Bosch Slabbers”). Bosch Slabbers heeft bij haar werkzaamheden de zorgvuldigheid in acht genomen die van haar kan worden verwacht. Aan de getoonde informatie in deze publicatie kunnen geen rechten worden ontleend. Op onze werkzaamheden zijn de voorwaarden van toepassing zoals vastgelegd in De Nieuwe Regeling 2005 (DNR 2005). Bosch Slabbers heeft met zorgvuldigheid de beelden in deze publicatie geselecteerd. Het kan voorkomen dat niet alle rechthebbenden van de gebruikte beelden zijn achterhaald. Belanghebbenden worden verzocht contact op te nemen met Bosch Slabbers.
• 58 •
B OS C H
S LAB B E R S
Bosch Slabbers tuin- en landschapsarchitecten Oude Vlissingseweg 1 Postbus 147 4330 AC Middelburg T 0118 592288 www.bosch-slabbers.nl
G S P
BOR S E LE
-
K E R N
BAAR LAN D
• 59 •