CConstaterende datBorsele
Koppel je AI →
Document · PDF

10.2 Addendum Regiovisie Beschermd Wonen en Opvang Zeeland 2026-2030

Besluitvormende raadsvergadering 6 november 2025, gemeente BorseleBij agendapunt: Voorstel verlengen Regiovisie Beschermd Wonen en Opvang Zeeland 2022-2025 en vaststellen addendum Regiovisie Beschermd Wonen en Opvang Zeeland 2026-2030. Vaststellen Zeeuws Actieplan Dakloosheid 2026-2030 en kennisnemen van de Evaluatie Bouwstenennotitie Maatschappelijke Opvang (portefeuille wethouder Van de Plasse)4.188 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Addendum regiovisie beschermd wonen en opvang 2026-2030

3 juli 2025

Inhoud Inleiding ............................................................................................................. 3 Doelgroep en doelstelling ......................................................................................... 3 Ontwikkellijn cliënt- en naastenperspectief ................................................................... 3 Ontwikkellijn preventie en vroegsignalering ................................................................... 5 Ontwikkellijn toegang ............................................................................................. 5 Ontwikkellijn wonen ............................................................................................... 6 Ontwikkellijn voorzieningen en ondersteuningsbehoefte .................................................... 6 Product beschermd wonen ........................................................................................ 7 Product maatschappelijke opvang ............................................................................... 7 Product Vrouwenopvang/Veilige Opvang ........................................................................ 8 Ontwikkellijn bekostiging en partnerschap ..................................................................... 9 Ontwikkellijn monitoring.......................................................................................... 9

Pagina 2 van 9 Addendum 2026-2030 Regiovisie beschermd wonen en opvang 2022-2025

Inleiding De huidige regiovisie beschermd wonen en opvang heeft een looptijd tot en met 2025. Uit de evaluatie van de regiovisie blijkt dat deze nog actueel is. Om die reden is dit addendum opgesteld. Het addendum voegt nieuwe ontwikkelingen en opdrachten toe aan de Regiovisie. De ontwikkellijn wonen zien we als een rode draad voor de ontwikkeling van het zorglandschap Beschermd Wonen (BW), Maatschappelijke Opvang (MO) en Vrouwenopvang (VO). Dit addendum sluit ook aan bij diverse opgaven binnen het sociaal domein die in de afgelopen periode zijn ontstaan of doorontwikkeld, zoals het Integraal Zorgakkoord (IZA), het Gezond en Actief Leven akkoord (GALA), toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming en het Nationaal Actieplan Dakloosheid. Verder sluit dit addendum aan bij de ontwikkeling op het gebied van domeinoverstijgende samenwerken zorg en veiligheid. De belangrijkste regel uit de Regiovisie blijft gelden: iedere inwoner is een Zeeuwse inwoner. Hiermee wordt bedoeld dat de dertien gemeenten in Zeeland samen verantwoordelijk zijn voor de opgaven op het gebied van beschermd wonen, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang/veilige opvang.

Doelgroep en doelstelling De doelgroep van dit addendum en de Regiovisie bestaat uit personen die een beroep doen op beschermd wonen, maatschappelijk opvang en vrouwenopvang/veilige opvang. Omdat in de afgelopen periode de inrichting van beschermd wonen is ontwikkeld, zal de focus met dit addendum meer komen te liggen op maatschappelijke opvang. Bij maatschappelijke opvang gaat het om inwoners die vaak kampen met meerdere, elkaar beïnvloedende problemen. Belangrijke uitgangspunten voor maatschappelijke opvang de komende periode zijn de doorontwikkeling van de toegang tot maatschappelijke opvang op basis van het rapport van AEF en het ontwikkelen van cliënt- en naastenperspectief voor mensen in de maatschappelijke opvang. Landelijke ontwikkelingen laten zien dat het voor veel mensen moeilijk is om een woonplek te vinden. Sommige mensen hebben minder kansen, omdat zij zich in een kwetsbare situatie bevinden, zo ook de doelgroep beschermd wonen en opvang. Hierdoor is het vinden van een geschikte woonplek vaak moeilijk. Het is dan ook van belang dat er diverse soorten huisvesting in het zorglandschap beschikbaar zijn. De afgelopen jaren is onderzoek gedaan naar het ideale zorglandschap (het opbouw- afbouw- ombouw en spreidingsplan). De komende jaren zullen de resultaten zichtbaar worden.

Naast de personen die een beroep doen op beschermd wonen, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang/veilige opvang, is er een groep mensen die zich niet in één doelgroep bevindt. Deze groep mensen valt tussen wal en schip. Het kan gaan om mensen die zorgwekkend, onbegrepen gedrag of zorgmijdend gedrag vertonen, maar ook om mensen die alle zorg al doorlopen hebben, maar zich niet kunnen vestigen op één plek. De komende periode gaan de 13 Zeeuwse gemeenten vanuit de verschillende pijlers binnen de Zeeuwse Samenwerking Sociaal Domein; Sociale Veiligheid, Gezondheid, Jeugd en Beschermd wonen en opvang, met elkaar in gesprek om meer aandacht te besteden aan de integraliteit van beleid over en tussen de genoemde pijlers. Met als doel een (integrale) ketengerichte aanpak te realiseren. De eerste stap die de Zeeuwse gemeenten zetten is het gebruik maken van de Doorbraakmethode om zo domeinoverstijgende casuïstiek bureaucratie-vrij op te pakken en te financieren. De Zeeuwse gemeenten nemen de verantwoordelijkheid voor een passend ondersteuningsaanbod voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang. Ze kopen gezamenlijk beschermd wonen in en verstrekken subsidies aan geselecteerde aanbieders voor de uitvoering van maatschappelijke opvang en vrouwenopvang.

Door de inkoop van beschermd wonen, inclusief tussenvoorzieningen zoals geclusterd wonen en beschermd thuis, waarborgen de gemeenten de continuïteit van zorg in Zeeland.

Ontwikkellijn cliënt- en naastenperspectief In lijn met de Regiovisie wordt het cliënt- en naastenperspectief centraal gesteld. Dit perspectief loopt als een rode draad door de visie. Betrekken van cliënt- en naastenperspectief helpt bij het definiëren van de behoeften van de inwoners om wie het gaat, het maken van passender beleid en het verbeteren van de kwaliteit van het Pagina 3 van 9 Addendum 2026-2030 Regiovisie beschermd wonen en opvang 2022-2025

beleid. De komende periode staat in het teken van verder ontwikkelen en betrekken van zowel ervaringsdeskundigheid als ervaringskennis op het gebied van beschermd wonen, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang. Psychische kwetsbaarheid heeft niet alleen invloed op de persoon zelf, maar ook op hun omgeving. Zeker wanneer de klachten ingrijpend en langdurig zijn, is het netwerk van de persoon een belangrijk onderdeel van hun leven. De samenwerking met familie en naasten is essentieel voor het herstelproces van de persoon in kwestie. Ervaringskennis vs. ervaringsdeskundigheid Bij het betrekken van de inwoners om wie het gaat wordt vaak onderscheid gemaakt tussen ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid. Ervaringskennis is de persoonlijke kennis die iemand opdoet door eigen ervaringen met een bepaalde situatie. Het kan worden gedeeld om anderen te informeren en bewustzijn te creëren over specifieke uitdagingen en behoeften. Deze ervaringskennis kun je verder ontwikkelen en verdiepen door uitwisseling met andere mensen met vergelijkbare ervaringen. Zo ontstaat collectieve ervaringskennis. Ervaringsdeskundigheid gaat een stap verder dan ervaringskennis. Ervaringsdeskundigen zijn mensen die hun persoonlijke ervaringen hebben omgezet in professionele vaardigheden. Zij zijn getraind om hun ervaringen op een gestructureerde en effectieve manier in te zetten.

Ervaringsdeskundigen werken vaak in formele rollen binnen organisaties om beleid en praktijk te verbeteren. Ze gebruiken hun ervaringen om anderen te ondersteunen en om systemische veranderingen te bewerkstelligen. Participatiematrix Binnen de beleidsontwikkeling en -uitvoering is het belangrijk om zowel ervaringskennis als ervaringsdeskundigheid te borgen. Om te bepalen welke vorm het meest passend is voor een bepaald vraagstuk, gebruiken we de participatiematrix en kijken we naar twee vormen van beleidsparticipatie: 1. N=1 perspectief: De huidige cliënten BW en MO en hun naasten. Maar denk ook aan buren, collega’s en vrienden. 2. Collectief perspectief: De ervaringsdeskundige (met kunde/ervaring op het gebied van beleidsparticipatie). Wat gaan we doen: 1. Ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid wordt geborgd in alle vormen van opvang (BW, MO en VO). Bij de bekostiging hiervan maken we gebruik van de financiële afspraken die door het CZW Bureau zijn vastgelegd over vergoeding van cliëntparticipatie en de inzet van ervaringsdeskundigheid. 2. Voor de inbreng van ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid maken we gebruik van de participatiematrix. Deze matrix wordt ingebed in de werkwijze van de verschillende werkgroepen. 3. We verbinden, naast het cliëntperspectief, ook steeds meer het naastenperspectief aan de laagdrempelige steunpunten. 4.

We zetten een lerend netwerk van cliënt- en naastenervaringen op, zodat er een integrale samenwerking ontstaat op het gebied van mentale gezondheid in Zeeland. 5. We gaan minimaal 2 keer per jaar met ervaringskenners en ervaringsdeskundigen in gesprek door middel van de zogenoemde spiegelgesprekken om ervaringen en knelpunten op te halen. 6. We borgen ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid binnen de toegangen beschermd wonen door middel van deskundigheidsbevordering tijdens de themabijeenkomsten. 7. We werken toe naar een borging van ervaringsdeskundigheid in de toegang. Hierbij maken we gebruik van de ervaringen die in de laatste jaren hiermee zijn opgedaan. Het invoeren van ervaringsdeskundigheid vraagt een nieuwe kijk op zorg en welzijn. Het inzetten van ervaringskennis bij het ontwikkelen van beleid helpt om problemen in de praktijk beter te definiëren, passender beleid te maken en de kwaliteit van beleid te verbeteren.

Pagina 4 van 9 Addendum 2026-2030 Regiovisie beschermd wonen en opvang 2022-2025

Ontwikkellijn preventie en vroegsignalering De toenemende vraag in combinatie met een schaarste aan personeel zet de ondersteuning en zorg voor mensen met een psychische kwetsbaarheid vanuit het sociaal domein, huisarts en ggz onder druk. Er ontstaan lange wachttijden binnen de zorg. Het sociaal domein ervaart een toename van mensen met complexe problematiek die niet of niet tijdig in behandeling kunnen komen. Dit is niet bevorderlijk voor de hulpvrager, niet voor de kwaliteit van de zorg en het werkplezier en de werkdruk van professionals. In het regiobudget hebben de 13 gemeenten een budget opgenomen voor regionale preventiedoelen en een budget lokale preventiedoelen. Door dit budget zetten we actief in op preventie van beschermd wonen en opvang en om terugval in beschermd wonen of opvang te voorkomen. Door verschillende pilots uit te voeren, kunnen we vaststellen welke aanpak de beste resultaten oplevert. Een voorbeeld hiervan is het pilot met veldwerkers. Dit project zorgt ervoor dat mensen vroegtijdig worden opgespoord en doorverwezen naar passende ondersteuning. Het verbeteren van de samenwerking met de huisarts, ggz en het sociaal domein is van belang om passende zorg op de juiste plek te kunnen leveren. Dit is de lijn die vanuit het netwerk mentale gezondheid (IZA) is ingezet. Er zijn in Zeeland al een aantal gemeenten gestart met Kerngezond.

Dit is een samenwerkingsverband tussen het medisch en het sociaal domein. We voeren de ETHOS light telling uit om meer inzicht te krijgen in de omvang van de doelgroep dak- en thuislozen in Zeeland. Dit doen we om beter te begrijpen hoe groot deze groep is om vervolgens gerichter beleid en ondersteuning te ontwikkelen. Deze inspanningen sluiten aan bij het Nationaal Actieplan Dakloosheid: Eerst een Thuis, dat als doel heeft dakloosheid in Nederland fors en structureel terug te dringen. We vertalen het Nationaal actieplan Dakloosheid naar een Zeeuws actieplan. Wat moet er nog gebeuren? 1. We voeren de ETHOS light telling in 2026 uit om meer zicht te krijgen op de omvang van de doelgroep van dak- en thuislozen in Zeeland. 2. De pilot veldwerker1 zal naar verwachting binnen het zorgaanbod een structurele invulling krijgen. Eind 2025 zal een evaluatie plaatsvinden.

Ontwikkellijn toegang De toegang tot beschermd wonen ligt bij de 13 gemeenten. De toegang tot maatschappelijke opvang en vrouwenopvang ligt bij de zorgaanbieders zelf. Het onderzoeksbureau AEF heeft op verzoek van de Zeeuwse gemeenten, onderzoek verricht naar de toegang tot maatschappelijke opvang en vrouwenopvang. AEF heeft verschillende scenario’s tegen elkaar afgewogen en aan de hand van criteria beoordeeld. Op basis van die beoordeling komt het scenario ‘Aanbieders Plus’ naar voren als meest geschikte vorm voor de inrichting tot maatschappelijke opvang. Tijdens het onderzoek heeft AEF ook de mogelijkheden onderzocht voor een eventuele herinrichting van de toegang tot vrouwenopvang. Een deel van de beoordelingscriteria is hetzelfde. Zo moet zowel bij maatschappelijke opvang als bij vrouwenopvang voldoende expertise in huis zijn om de hulpvraag goed te kunnen beoordelen en snel toe te leiden naar een passende voorziening. Maar er gelden bij vrouwenopvang ook andere aandachtspunten en aanvullende afwegingen, zoals nog duidelijkere landelijke richtlijnen voor toegankelijkheid en is het beschermen van de privacy van de inwoners die een beroep doen op vrouwenopvang nog belangrijker vanwege de veiligheid. Uit de gesprekken is gebleken dat de huidige toegang, die nu belegd is bij Emergis, als passend wordt ervaren voor vrouwenopvang.

Dit heeft geleid tot de conclusie dat voor vrouwenopvang op dit moment het behouden van de toegang bij de zorgaanbieder de meest geschikte optie is. Wat moet er nog gebeuren?

1

Veldwerk is het werk dat door hulpverleners op straat wordt gedaan. Het doel is om mensen die problemen hebben of overlast veroorzaken op te sporen en hen te motiveren hulp te aanvaarden. Pagina 5 van 9 Addendum 2026-2030 Regiovisie beschermd wonen en opvang 2022-2025

1. 2. 3. 4.

De ambtelijke werkgroep maatschappelijke opvang stelt een implementatieplan op voor de uitrol van het ‘aanbieders plus’ scenario. Gemeenten, het CZW bureau en zorgaanbieders werken nauw samen om de toegang tot maatschappelijke opvang volgens het ‘Aanbieders Plus’ scenario te ontwikkelen. Gemeenten borgen zoveel mogelijk uniformiteit tussen de toegangen. De verbinding leggen met de maatschappelijke opvang en de lokale Wmo, inclusief PGB.

Ontwikkellijn wonen Voor steeds meer mensen is het moeilijk om een passende woonruimte te vinden. Sommige mensen hebben minder kansen, omdat zij zich in een kwetsbare situatie bevinden, zo ook de doelgroep beschermd wonen en opvang. In Zeeland hebben we voor doorstroom en uitstroom uit beschermde woonvormen afspraken gemaakt in de convenanten van Weer Thuis. Gemeenten hebben een woonzorgvisie of zijn deze aan het opstellen. Door samen te werken met woningcorporaties om doorstroom te bevorderen en een passend woonaanbod te kunnen realiseren. Door de ontwikkelingen van de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting mee te nemen, ontstaat er een integrale kijk op wonen voor aandachts- en urgentiegroepen. Het volkshuisvestingsprogramma is een verplichting binnen de Omgevingswet voor gemeenten, provincies en het rijk 2. Alle gemeenten en regio’s in Nederland werken aan deze opgaven. We kijken naar goede voorbeelden en waar we kansen zien, nemen we deze over. Denk bijvoorbeeld aan wooncirkels. Dit concept is niet meer productgericht maar juist wijkgericht. Een wooncirkel biedt niet alleen een thuis. Er worden ook activiteiten georganiseerd en ontmoetingen gefaciliteerd. Met de conceptgedachte van wooncirkels streven we naar samenhang in de wijk waarin veel veelzijdiger en flexibeler op vraagstukken kan worden ingespeeld.

De wooncirkels bezitten namelijk niet alleen de expertise van een GGZ - aanbieder, maar ook de deskundigheid van het lokale team en de kennis van het sociale netwerk. Daarbij hebben de woningcorporaties en gemeenten een faciliterende rol om te zorgen voor voldoende woningen en de juiste indeling. Naast de uitdagingen in de uitstroom naar de wijk, zien we ook dat tussenvoorzieningen nodig zijn en voorzieningen voor mensen die groepsongeschikt zijn. De doelgroep die groepsongeschikt is, schuurt met het bestaande aanbod en heeft overeenkomsten met de doelgroep die we zien bij de pijler Sociale Veiligheid. We kijken naar de mogelijkheden om de doelgroep de juiste zorg en ondersteuning te kunnen bieden. Wat moet er nog gebeuren? 1. Gemeenten stellen een woonzorgvisie op en we maken op lokaal en regionaal niveau de verbinding tussen het sociaal domein en het woondomein. Het realisatieplan beschermd wonen en opvang bekijken gemeenten in samenhang met de woonzorgvisie. 2. Het realisatieplan wordt uitgewerkt. 3. We kijken vanuit een integrale kijk naar de wijk. We werken de conceptgedachte van wooncirkels verder uit en vertalen dit naar de Zeeuwse situatie. 4. Er wordt verbinding gemaakt naar de stevige lokale teams.

Ontwikkellijn voorzieningen en ondersteuningsbehoefte Om te komen tot een meer evenwichtige spreiding hebben de Zeeuwse gemeenten een onderzoek uit laten voeren naar het gewenste zorglandschap voor beschermd wonen en opvang. Het vervolg op dit onderzoek is het realisatieplan. In de huidige Regiovisie staat dat gemeenten voor een passend ondersteuningsaanbod zorgen. Cliënten die zelfstandig blijven wonen of vanuit een intramurale setting gaan wonen moeten voldoende continuïteit in nabijheid van hulpverleners ervaren. Dit verkleint het risico op terugval en onveiligheid. We leggen de verbinding tussen de lokale Wmo en beschermd wonen en maatschappelijke opvang. We blijven daarom inzetten op een breed Wmo-palet in de gemeenten. Van lichte vorm van begeleiding tot zware vorm van zorg. Daarbij kijken we ook naar de overgang van 18-/18+, zodat jongeren na hun 18e verjaardag de

2

https://aedes.nl/media/document/samenvatting-wet-versterking-regie-op-de-volkshuisvesting-februari-2023 Pagina 6 van 9

Addendum 2026-2030 Regiovisie beschermd wonen en opvang 2022-2025

benodigde ondersteuning blijven ontvangen. In Zeeland zijn de gemeenten aangesloten bij de methode IPS (Individuele Plaatsing en Steun). Mensen met een ernstige psychiatrische aandoening die behandeling en/of begeleiding krijgen vanuit de GGZ en aan het werk willen, kunnen hiervoor begeleiding krijgen door middel van de methode IPS. Een IPS-trajectbegeleider helpt hen met het zoeken, vinden en behouden van werk. Professionals uit sociaal ontwikkelbedrijven en gemeenten volgen de opleiding tot IPS-trajectbegeleider. Wat moet er nog gebeuren? 1. We werken het realisatieplan verder uit in samenwerking met aanbieders en cliënten en hun naasten. 2. Het toepassen van de IPS-methode wordt door gemeenten gestimuleerd. 3. We dragen bij aan continuïteit van zorg, met name tijdens de overgang van 18-/18+.

Product beschermd wonen We blijven samenwerken met zorgaanbieders, beleidsambtenaren en medewerkers van de gemeentelijke toegangen aan de ontwikkeling van de producten beschermd wonen, zodat deze blijven aansluiten bij de dagelijkse praktijk. We constateren dat het moeilijk is voor de toegangen om voor cliënten met een complexe begeleidingsvraag een passende locatie te vinden. Enerzijds kan dat te maken hebben met de samenstelling van de groep die op locatie woont, anderzijds kan het zijn dat het voor de cliënt zelf niet raadzaam is om in een groepsaccommodatie te gaan wonen. Om deze cliënten de juiste begeleiding te kunnen bieden wordt er in de nieuwe contracten meer ruimte gecreëerd om maatwerk oplossingen te kunnen bieden. Een goede samenwerking met aanbieders en andere relevante partijen is hierbij essentieel. Ook gaat de specifieke aandacht naar het door ontwikkelen van het product Beschermd Thuis in het licht van de gewenste ambulantisering. Hierbij valt te denken aan de inzet van digitale ondersteuning, waarbij met name voor jongeren dichter wordt aangesloten op hun belevingswereld. Deze aanpak sluit aan bij het realisatieplan en de ontwikkeling van wooncirkels, wat zowel voor de betrokken inwoners, de aanbieders als de gemeenten voordelen biedt.

Hierbij wordt ook ingezet op mogelijkheden voor dagbesteding, waar ook laagdrempelige steunpunten bij betrokken kunnen worden. Ook wordt nadrukkelijk gekeken naar de overgang vanuit de jeugdzorg. De gemeenten streven naar een meer integrale benadering met het jeugddomein om ervoor te zorgen dat jongeren een stabiele overgang hebben van de Jeugdwet naar de Wmo. We leggen de laatste hand aan een gezamenlijk uitvoeringskader voor PGB-beleid, waarin specifiek aandacht is voor de mogelijkheden tot handhaving in het kader van de bestrijding van zorgfraude. De Zeeuwse gemeenten streven naar kwalitatief hoogstaande zorg waarin betrouwbare aanbieders een plek krijgen. Wat moet er nog gebeuren? 1. We stellen het PGB uitvoeringskader vast. 2. De aanbestedingsprocedure voor beschermd wonen ZiN wordt doorlopen zodat er per 2026 een nieuw contract van kracht is. 3. De toezichthouders van het team Zorgfraude en naleving zetten we in om de gecontracteerde afspraken te borgen met betrekking tot beschermd wonen en PGB.

Product maatschappelijke opvang Het product maatschappelijke opvang gaat uit van het zo kort mogelijk bieden van dag- en nachtopvang aan dak- en thuisloze personen, en het zo spoedig mogelijk bieden van een passende vervolgstap op de maatschappelijke woonladder. De huidige ontwikkelingen in de maatschappelijke opvang zijn een continue groeiende vraag naar dag- en nachtopvang. Deze vraag beperkt zich niet alleen tot de gemeenten Vlissingen en Terneuzen waar deze voorzieningen zijn gehuisvest. Ook in de gemeenten Goes en Middelburg is er nadrukkelijk sprake van vraag naar vormen van opvang. Het beleid, aansluitend op het rijksbeleid, is erop gericht om per

Pagina 7 van 9 Addendum 2026-2030 Regiovisie beschermd wonen en opvang 2022-2025

2030 geen dak- of thuisloze burgers meer te hebben. Alleen met een gezamenlijke inspanning van gemeenten, zorgorganisaties en woningcorporaties is dit doel te bereiken. Naast de stijgende vraag naar opvang spelen ook de groei en vraag vanuit arbeidsmigranten naar opvang een rol. Het is zaak om de complete groep van deze personen in beeld te brengen, inclusief de jongvolwassen, zorgmijders en personen die in de buitengebieden van onze provincie een verblijfplaats hebben. Om het landelijke doel te bereiken, stellen we een Zeeuws actieplan dakloosheid op. Dit doen we op basis van de evaluatie van de Bouwstenennotitie. In overleg met de zorgaanbieders kijken we naar oplossingen om de grote vraag aan dag- en nachtvoorzieningen op te kunnen vangen. Ook wordt specifiek gekeken naar verslaving en bestaanszekerheid waarbij met zorgorganisaties gekeken wordt naar de inzet van preventiemiddelen. Wat moet er nog gebeuren? 1. We stellen de evaluatie van de Bouwstenennotitie vast 2. We stellen een Zeeuws actieplan dakloosheid op.

Product Vrouwenopvang/Veilige Opvang De vrouwenopvang wordt in Zeeland geboden door de Veilige Opvang van Emergis en het daar onder vallende ambulante GIA-team (GIA staat voor Geweld In Afhankelijkheidsrelatie). Onder de subsidie die hiervoor wordt verstrekt vallen de volgende onderdelen: Veilige opvang en begeleiding, centrum seksueel geweld, compensatie eigen bijdrage uitkeringsgerechtigden en opvang van slachtoffers zonder verblijfsvergunning. De ontwikkellijn vrouwenopvang haakt deels aan bij de ontwikkellijnen van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Met name de ontwikkellijnen ‘cliënt- en naastenperspectief’, preventie en vroegsignalering’ en ‘wonen’ hebben raakvlakken met de gewenste ontwikkeling voor de vrouwenopvang. Het voorkomen van de noodzaak van veilige opvang en het duurzaam doorbreken van onveiligheid wordt met name een ontwikkelopgave in het kader van de doorontwikkeling van de aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling in Zeeland. Dit wordt in het licht van het (landelijke) Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming op regionaal en lokaal niveau uitgewerkt. Een verandering in de aanpak van onveiligheid in afhankelijkheidsrelaties is noodzakelijk. Het huidige stelsel voldoet niet meer aan de behoeften van kinderen en gezinnen omdat er te versnipperd en te veel in een estafettemodel wordt gehandeld.

Eind 2025/begin 2026 zal hiertoe een nieuwe Regiovisie worden vastgesteld met een ontwikkelagenda of uitvoeringsplan voor de aanpak van huiselijk geweld c.q. onveiligheid in afhankelijkheidsrelaties. De vrouwenopvang is een onderdeel van deze brede aanpak. Tegelijkertijd zijn de 20 vrouwenopvang-organisaties in Nederland, waaronder de Veilige Opvang in Zeeland, onderdeel van een landelijk stelsel. Vrouwenopvang organisaties en centrumgemeenten werken als een landelijk dekkend netwerk van veilige opvang samen en vangen ‘elkaars’ cliënten uit solidariteit op. De in 2023 geactualiseerde risicoscreening zorgt ervoor dat de veiligheidsinschatting overal hetzelfde wordt uitgevoerd en dat de uitkomst (veiligheidsbeoordeling) niet op verschillende manier te interpreteren is. De toegang is hiermee geharmoniseerd in heel Nederland. In 2025 wordt door de VNG en Valente een eerste aanzet gegeven voor een landelijke monitor. De monitor veilige opvang geeft inzicht in de huidige capaciteit van alle vrouwenopvang organisaties. De informatie gaat helpen bij het goede gesprek over hoeveel capaciteit er landelijk en regionaal daadwerkelijk nodig is in de vrouwenopvang. Hierbij is aandacht voor zowel het aantal plaatsen als de huidige beperkte beschikbaarheid in verband met de verblijfsduur van cliënten op een opvangplaats.

Cliënten verblijven vaak langer dan nodig is voor de veiligheid omdat zij moeten wachten op een sociale huurwoning of wachten op een specialistische vervolghulp zoals gehandicapten- of psychiatrische zorg. In de loop van de jaren levert de monitor een steeds betrouwbaarder landelijk beeld op. Wat moet er nog gebeuren? 1.

Regiovisie en uitvoeringsprogramma aanpak huiselijk geweld/onveiligheid in afhankelijkheidsrelaties opstellen en vaststellen.

Pagina 8 van 9 Addendum 2026-2030 Regiovisie beschermd wonen en opvang 2022-2025

2.

3.

Afspraken maken over de basis van de lokale teams t.b.v. de aanpak van onveiligheid in afhankelijkheidsrelaties in het kader van het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming (als onderdeel van de Regiovisie en het uitvoeringsprogramma als genoemd bij 1). Gesprek voeren in de regio op basis van de (voorlopige) resultaten van de landelijke monitor VO van VNG en Valente met de vrouwenopvang Zeeland.

Ontwikkellijn bekostiging en partnerschap In 2023 hebben de Zeeuwse gemeenten voorgesorteerd op de doordecentralisatie en het invoeren van de wet Woonplaatsbeginsel door partnerschapsafspraken op te stellen. In deze afspraken staat beschreven hoe gemeenten omgaan met de middelen die de centrumgemeente Vlissingen ontvangt van de diverse uitkeringen van het Rijk. Verder hebben we met elkaar afgesproken dat we in Zeeland samen toewerken naar eenduidige beleid als het gaat om beschermd wonen en opvang. Om de samenwerking tussen de dertien Zeeuwse gemeenten vorm te geven, moet er een stevig fundament liggen. De governance omvat de afspraken die we als dertien gemeenten maken om deze samenwerking vorm te geven. Deze afspraken zijn een juridische basis. Het is de wens van bestuurders om te kijken om de samenwerking met jeugd te verstevigen. De partnerschapsafspraken van beschermd wonen, zullen geëvalueerd worden en meegenomen worden naar de nieuwe governance. Sinds 2024 ontvangen gemeenten een budget voor preventie van beschermd wonen en opvang. Dit budget kunnen gemeenten vrij besteden om de instroom in beschermd wonen te verminderen en de uitstroom te bevorderen. Het regiobudget wordt door een ambtelijke werkgroep Partnerschap gemonitord.

Per jaar wordt er een werkbegroting opgesteld en deze wordt afgestemd met de Zeeuwse gemeenten waarna gemeente Vlissingen in haar hoedanigheid van centrumgemeente en budgethoudende gemeente, de begroting vaststelt. In de begroting zijn ook posten opgenomen voor cliënt- en naastenperspectief en voor de doelgroep met een complexe zorg- en begeleidingsvraag. Wat moet er nog gebeuren? 1. We evalueren de partnerschapsafspraken in relatie tot de te ontwikkelen governance.

Ontwikkellijn monitoring De Zeeuwse gemeenten zien de ontwikkelingen op het gebied van beschermd wonen en opvang als een lerende omgeving. We ontwikkelen nog steeds door. Om de ontwikkelingen in kaart te brengen en om te kijken wat werkt en waar wij bij moeten sturen, is er een monitor ontwikkeld. Hiervoor hebben we niet alleen het iWmo-berichtenverkeer aangepast maar zijn er ook afspraken gemaakt over het aanleveren van gegevens voor beschermd wonen. We beogen een halfjaarlijkse rapportage voor beschermd wonen op te leveren. Aan de hand van de rapportage kijken we, voor zover mogelijk samen met de zorgaanbieders, of we beleidsmatige aanpassingen door moeten voeren. Wat moet er nog gebeuren? 1. We houden de monitor beschermd wonen up to date. Hier ligt een belangrijke taak voor gemeenten. Zij moeten de juiste data aanleveren. 2. We sluiten met de monitor aan op de landelijke monitors die er beschikbaar zijn. 3. Hier dient consensus te komen tussen gemeenten over de aanlevering van gegevens vanuit het iWMO berichtenverkeer. Dit betreft de gemeenten die niet via SWVO de gegevens aanleveren. Enerzijds is het nodig voor het verwerken van declaraties en te voldoen aan richtlijnen vanuit i-sociaaldomein, anderzijds is het van belang voor de monitoring.

Pagina 9 van 9 Addendum 2026-2030 Regiovisie beschermd wonen en opvang 2022-2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16122933/1