C17 Raadsbrief Camping Vogelenzang over adviezen bezwaarschriftencommissie 2026001092.pdf
Tekst van het document
Bloemendaal Gemeente Bloemendaal Postbus 201 Aan de Gemeenteraad 2050 ae overveen T 14 023 www.bloemendaal.nl Datum Zaaknummer Behandeld door Onderwerp Verzonden 11 augustus 2Ũ26 1390703 College van B&W Raadsbrief Camping Vogelenzang over adviezen bezwaarschriftencommissie Geachte leden van de gemeenteraad, Inleiding Op verzoek van Zelfstandig Bloemendaal, PRO en Liberaal Bloemendaal is een extra raadsvergadering uitgeschreven op 17 augustus over Camping Vogelenzang. Dit naar aanleiding van de adviezen van de bezwaarschriftencommissie over de bezwaren van het college van Gedeputeerde Staten en van de Vogelwerkgroep Zuid-Kennemerland op de besluiten tot afwijzing van de handhavingsverzoeken betreffende de camping Vogelenzang. Tevens hebben de partijen een motie ingediend. In de motie wordt het college verzocht om conform de adviezen van de onafhankelijke bezwaarschriftencommissie van Bloemendaal van 16 juli 2026 de bezwaren gegrond te verklaren en daarna over te gaan tot onmiddellijke handhaving voor wat betreft de niet- vergunningvrije bouw van vakantievilla’s voor zover die in strijd zijn met het omgevingsplan boven de toegestane 1.600 m2. Met deze raadsbrief willen wij u voorafgaand aan de raadsvergadering de eerder ingezette lijn en onze overwegingen toelichten. Achtergrond Camping Vogelenzang valt onder het bestemmingsplan "Landelijk Gebied 2013”.
Op Camping Vogelenzang rust, voorzover relevant, de bestemming Verblijfsrecreatie-4. In artikel 16.2.4 is bepaald dat het bebouwd grondoppervlak voor te bouwen gebouwen in totaal ten hoogste 1.600 m2 bedraagt. In artikel 16.2.5 onder b is bepaald dat ter plaatse van de aanduiding Verblijfsrecreatie-4 op 350 standplaatsen plaatsgebonden kampeermiddelen mogen worden geplaatst. Voorts merkt het college op dat zowel de bestaande stacaravans als de nieuwe recreatiewoningen vallen onder de definitie van het begrip "plaatsgebonden kampeermiddel” als bedoeld in het bestemmingsplan. De vraag die ons bezighoudt, is hoe deze twee artikelen zich tot elkaar verhouden. Gedeputeerde Staten en de Vogelwerkgroep zijn van mening dat het omgevingsplan zo gelezen moet worden dat het maximum van 1.600 m2 ook geldt voorde in artikel 16.2.5 onder b genoemde plaatsgebonden kampeermiddelen, zodat er (naast de bestaande gebouwen) slechts enkele chalets/vakantievilla’s passend zijn binnen het bestemmingsplan. Het college heeft tot dusverre geoordeeld dat beide artikelen op zichzelf staan, zodat het maximum van 1.600 m2niet geldt voor de in artikel 16.2.5 genoemde plaatsgebonden kampeermiddelen. BLOEMENDAAL OVERVEEN AERDENHOUT BENNEBROEK VOGELENZANG 2026001092
-2- De adviezen van de bezwaarschriftencommissie Volgens de bezwaarschriftencommissie bedraagt het bebouwd grondoppervlak in totaal ten hoogste 1.600 m2, inclusief ten hoogste 350 standplaatsen voor plaatsgebonden kampeermiddelen. Verder stelt de commissie dat de gemeenteraad bij de vaststelling van het toenmalige bestemmingsplan, met het aangenomen amendement, niet heeft beoogd de bouw/plaatsing van maximaal 350 plaatsgebonden kampeermiddelen met elk een maximaal bebouwd grondoppervlak van 60 m2 mogelijk te maken. Volgens de bezwaarschriftencommissie heeft de gemeenteraad enkel het type toegelaten bouwwerk willen wijzigen, waarbij het gaat om het vervangen van de reeds aanwezige bouwwerken (voornamelijk stacaravans) door moderne chalets. Het gaat hierbij niet om het toestaan van meer bebouwing. Dit blijkt volgens de bezwaarschriftencommissie ook uit het feit dat de gemeenteraad in het amendement heeft overwogen dat de hoeveelheid bebouwing niet of nauwelijks toeneemt. Nu met de vakantievilla’s het maximaal bebouwd grondoppervlak van 1.600 m2 wordt overschreden, zijn deze volgens de bezwaarschriftencommissie in strijd met het bestemmingsplan “Landelijk Gebied 2013”. Besluitvorming over de adviezen van de bezwaarschriftencommissie Het college heeft op 11 augustus - de eerste vergadering na het reces - oriënterend gesproken over de ontvangen adviezen van de bezwarencommissie.
Het nemen van een beslissing op bezwaar is een bevoegdheid van het college. Het college wil benadrukken dat er nog geen besluit is genomen over de adviezen, dit besluit zal het college nemen op 25 augustus, na de raadsvergadering van 17 augustus. Voorgenomen besluit conform de bestendige interpretatielijn Het college is op dit moment niet van plan om het advies van de bezwaarschriftencommissie te volgen. Op basis van het omgevingsplan blijft het college van mening dat voor het bouwen van gebouwen ter plaatse het totaal bebouwd grondoppervlak ten hoogste 1.600 m2 bedraagt als het gaat om ondersteunende horeca, ondersteunende detailhandel, recreatieruimtes, receptie, kantoren, sanitaire voorzieningen, wasserettes, beheergebouwen en opslagruimtes. Voor bebouwing bestaande uit plaatsgebonden kampeermiddelen geldt een maximum van 60 m2 per plek, inclusief berging. Het maximumaantal plaatsgebonden kampeermiddelen dat gerealiseerd kan worden, is 350. De oppervlakte van plaatsgebonden kampeermiddelen kan, volgens de eerder ingezette lijn, naast de oppervlakte van andere gebouwen (zoals ondersteunende horeca, receptie, e.d.) gerealiseerd worden. Het college is van mening dat het met deze interpretatielijn het bestemmingsplan “Landelijk Gebied 2013”, zoals vastgesteld door de gemeenteraad, en het daarin verwerkte amendement op een juiste wijze uitvoert.
Deze lezing van de systematiek van de planregels wordt bevestigd in de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 25 september 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:3251). Het geschil ging om de toegestane bebouwing op camping ’t Kromholt in Heerde. Aan de orde was de vraag of het maximum te bebouwen oppervlakte voor gebouwen, zoals genoemd in artikel 8.2.1 van het bestemmingsplan ook gold voor stacaravans die eigen bouwvoorschriften hadden in artikel 8.2.3. De Afdeling oordeelt in deze uitspraak dat in artikel 8.2 van de planvoorschriften van het bestemmingsplan van de betreffende gemeente per soort bouwwerk eigen bouwvoorschriften zijn opgenomen. Zo zijn onder artikel 8.2.1 bouwvoorschriften opgenomen die gelden voor "gebouwen" en bevat artikel 8.2.3 bouwvoorschriften specifiek voor "stacaravans". Uit deze systematiek vloeit voort dat voor stacaravans uitsluitend de bouwvoorschriften uit artikel 8.2.3 gelden en niet het maximum oppervlakte voor gebouwen uit artikel 8.2.1. Ons bestemmingsplan "Landelijk Gebied 2013” kent eenzelfde systematiek, waarbij in artikel 16.2.4 bouwvoorschriften zijn opgenomen die gelden voor "gebouwen” en artikel 16.2.5 bouwvoorschriften specifiek voor "plaatsgebonden kampeermiddelen". Het college voelt zich door deze uitspraak van
-3- de Afdeling gesterkt in de opvatting dat de oppervlakte van plaatsgebonden kampeermiddelen dus naast de oppervlakte van andere gebouwen gerealiseerd kan worden. Het college heeft kennisgenomen van de adviezen van de bezwaarschriftencommissie. Het college is van mening dat het advies van de bezwarencommissie niet noopt tot een andere lezing van het omgevingsplan. De bestendige interpretatielijn van het college is zorgvuldig tot stand gekomen en volgt een door de Afdeling Bestuursrechtspraak aanvaarde systematiek. Wanneer zou worden gekozen om van standpunt te wijzigen, heeft dit ook gevolgen voor andere campings waarbij in het omgevingsplan een vergelijkbare plansystematiek geldt. Het college wil hierbij benadrukken dat zij in het bijzonder waarde hecht aan een betrouwbare en consistent handelende overheid, voornamelijk wanneer geen aanleiding bestaat om af te wijken van de zorgvuldig tot stand gekomen bestendige lijn. Tot slot Het college geeft met deze brief de raad inzicht in het voorlopige standpunt van het college, zodat de gemeenteraad dit kan betrekken bij de voorbereiding van de gemeenteraad van 17 augustus a.s. burgemeester en wethouders van Bloemei