01 Raadsvoorstel vaststellen APV Bloemendaal 2026 2026000240.pdf
Tekst van het document
Bloemendaal Aan de Gemeenteraad.
Raadsvergadering d.d. Commissie Portefeuillehouder Zaaknummer Productiedatum
21 mei 2026 Bestuur  Middelen de heer M. Rog (burgemeester) 1347054 4 maart 2026
Onderwerp Dit voorstel gaat over het vaststellen van de Algemene plaatselijke verordening Bloemendaal 2026.
De raad van de gemeente Bloemendaal; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 24 maart 2026; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet; gezien het advies van de commissie Bestuur S Middelen van 7 mei 2026;
besluit:
1. de Algemene plaatselijke verordening Bloemendaal 2026 vast te stellen conform bijlage 1 bij dit raadsvoorstel; 2. te bepalen dat voornoemde verordening in werking treedt op de eerstvolgende dag na die van publicatie van de verordening en; 3. de Algemene plaatselijke verordening Bloemendaal 2024-2 op voornoemd tijdstip in te trekken; De raad voornoemd, d.d.
de griffier,
de voorzitter,
2026000240
Voorgesteld besluit:
-2Voorgesteld besluit 1. de Algemene plaatselijke verordening Bloemendaal 2026 vastte stellen conform bijlage 1 bij dit raadsvoorstel; 2. te bepalen dat voornoemde verordening in werking treedt op de eerstvolgende dag na die van publicatie van de verordening en; 3. de Algemene plaatselijke verordening Bloemendaal 2024-2 op voornoemd tijdstip in te trekken; Aanleiding en beoogd effect Aanleiding De APV wordt periodiek geëvalueerd en aangepast. Er zijn voor een aantal artikelen in de APV aanpassingen gewenst. Een aantal artikelen moeten beter aansluiten bij de Omgevingswet of zijn niet meer van toepassing omdat ze in de Omgevingswet opgenomen zijn. Een aantal worden aangepast om ze beter te laten aansluiten bij de praktijk. In de was/wordtlijst (bijlage 2) is per artikel de reden van aanpassing toegelicht. Het gaat om het aanpassen van de volgende artikelen: - definities (art. 1:1 g) - het maken of veranderen van een uitrit (art. 2:12 lid 1 en 2) - vergunning evenement (art. 2:25 lid 8) - exploitatie openbare inrichting (art. 2:28 lid 2 en lid 6) - speelgelegenheden (art. 2:39 lid 3 en lid 4) - verboden drankgebruik (art. 2.48 lid 1) - bezigen van vuurwerk door professionele toepassers (art. 2.73c) - drugshandel op straat (art. 2:74) - openlijk drugsgebruik (art. 2:74a) - kennisgeving incidentele festiviteiten (art.
4:3 lid 8 c) - parkeren van voertuigen op de weg voor het herstellen, slopen, verhuren, verkopen of verhandelen (art. 5:2) - vaartuigen op het strand (art. 5:40 lid 2 en lid 7) - verbod op het strand te rijden (art. 5:45 lid 1) Het laten vervallen van de volgende artikelen - wijzigen gevelkleur en stuken gevel (art. 4:27a) Bij de volgende artikelen het lid laten vervallen waarin verwezen wordt naar de positieve beschikking bij niet tijdig beslissen: - artikel 2:6 beperking verspreiden geschreven of gedrukte stukken of afbeeldingen lid 5 - artikel 2:9 straatartiest lid 4 - artikel 2:10 voorwerpen op, aan of boven of ander gebruik van de openbare plaatsen lid 8 - artikel 2:64 bijen lid 6 - artikel 2:67 verplichtingen met betrekking tot het verkoopregister lid 3 - artikel 5:6 kampeermiddelen en andere voertuigen lid 5 - artikel 5:7 parkeren van reclamevoertuigen lid 3 - artikel 5:8 parkeren van grote voertuigen lid 6 - artikel 5:13 inzameling van geld of goederen of leden- of donateurwerving lid 4 Beoogd effect Het doel van de aanpassing is om de APV te laten voldoen aan de Omgevingswet. Daarnaast is het doel om de APV meer in lijn te brengen met de behoeften uit de praktijk en uniformiteit in de regio te creëren.
-3Politieke keuzeruimte Het vaststellen van de APV is een bevoegdheid van de raad. De raad bepaalt dan ook de ínhoud hiervan. Er kan ook voor worden gekozen om de huidige APV te handhaven. Gedachtegang Argumenten Het gaat om hét aanpassen van de volgende artikelen: - het maken of veranderen van een uitrit (art. 2:12) Dit artikel is niet in lijn met de terminologie van de Omgevingswet. De uitvoering vraagt om een meer werkbare regel. Dit maakt dat de regel is genoemd in de memo ‘Knelpunten uitvoering Omgevingswet’ waarvan het college van B&W besloten heeft deze knelpunten aan te pakken. Met dit voorstel tot wijziging is hier opvolging aan gegeven. - vergunning evenement (art. 2:25 lid 8), exploitatie openbare inrichting (art. 2:28 lid 2 en lid 6) en speelgelegenheden (art. 2:39 lid 3 en lid 4) Naar aanleiding van een aantal juridische procedures is de ervaring dat de huidige formulering tot discussie leidt. Daarom passen we de bepaling aan van 'kan' naar 'moet'. Dit levert een sterkere juridische positie bij motiveringen op en een betere handhavingspraktijk. - verboden drankgebruik (art. 2.48 lid 1) De leeftijdsgrens van 18 jaar wordt weggehaald zodat ook er gehandhaafd kan worden bij minderjarigen. - bezigen van vuurwerk door professionele toepassers (art.
2.73c) Deze bepaling wordt opgenomen om te voorkomen dat professioneel vuurwerk in de nachtelijke uren mag worden afgestoken. Professioneel vuurwerk wordt niet alleen afgestoken bij evenementen, maar soms ook bij besloten feesten zoals een verjaardag, een bruiloft of een examenfeest. - drugshandel op straat (art. 2:74) en openlijk drugsgebruik (art. 2:74a) Met ingang van 1 juli 2025 zijn artikel 2a en lijst la aan de Opiumwet toegevoegd. Daarin zijn nieuwe psychoactieve stoffen (zogenaamde designerdrugs) onder de werking van de Opiumwet gebracht. Het betreft enkele groepen stoffen die sterk lijken op middelen die op lijst I van de Opiumwet staan. De artikelen 2:74 en 2:74a van de APV zijn erop gericht hinder, overlast en gevoelens van onveiligheid door drugshandel en drugsgebruik op straat te voorkomen. Hoewel de designerdrugs kunnen worden aangemerkt als ‘daarop gelijkende waar’ in de APV-artikelen, is het wenselijk om hierin ook de substanties als bedoeld in artikel 2a van de Opiumwet expliciet te noemen. - kennisgeving incidentele festiviteiten (art. 4:3 lid 8 c) Het tijdstip onder lid 8 c was niet correct neergezet. Dit wordt hersteld. - parkeren van voertuigen op de weg voor het herstellen, slopen, verhuren, verkopen of verhandelen (art. 5:2) en definities (art.
1:1 g) Om het aanbieden van deelauto’s toe te staan in de gemeente Bloemendaal, worden deelauto’s in artikel 5:2 derde lid daarom uitgezonderd van het verbod. Dit geldt alleen voor personenauto’s zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen, die worden ingezet als deelauto en worden aangeboden vanaf een vaste parkeerplaats die met een verkeersbesluit is aangeduid met het verkeersbord E08 uit Bijlage 1 van het RW 1990 (parkeergelegenheid), voorzien van het onderbord ‘deelauto’ of ‘autodelen’.
-4- vaartuigen op het strand (art. 5:40) en verbod op het strand te rijden (art. 5:45) Om eenduidigheid in de regio te creëren wordt er aangesloten bij de formulering die de gemeente Zandvoort in de APV heeft opgenomen en worden jetski's en waterscooters specifiek benoemd. Tevens sluit deze formulering beter aan bij de handhaving van het verbod in de praktijk. Het laten vervallen van de volgende artikelen: - wijzigen gevelkleur en stuken gevel (art. 4:27a) Op grond van landelijke wet- en regelgeving valt schilderen niet onder bouwen. Daarom is deze activiteit niet vergunningplichtig. Het stuken van een woning valt wel onder bouwen, maar is in andere regelingen opgenomen waardoor artikel 4:27a in de APV kan komen te vervallen.
Bij de volgende artikelen het lid laten vervallen waarin verwezen wordt naar de positieve beschikking bij niet tijdig beslissen: - artikel 2:6 beperking verspreiden geschreven of gedrukte stukken of afbeeldingen lid 5 - artikel 2:9 straatartiest lid 4 - artikel 2:10 voorwerpen op, aan of boven of ander gebruik van de openbare plaatsen lid 8 - artikel 2:64 bijen lid 6 - artikel 2:67 verplichtingen met betrekking tot het verkoopregister lid 3 - artikel 5:6 kampeermiddelen en andere voertuigen lid 5 - artikel 5:7 parkeren van reclamevoertuigen lid 3 - artikel 5:8 parkeren van grote voertuigen lid 6 - artikel 5:13 inzameling van geld of goederen of leden- of donateurwerving lid 4 Deze bepalingen kunnen worden geschrapt omdat in het omgevingsrecht ook geen vergunning van rechtswege meer bestaat en een deel van de APV-bepalingen op den duur naar het omgevingsplan worden overgeheveld. Daarnaast zijn er andere middelen waarmee men kan afdwingen dat op tijd op een aanvraag wordt beslist, zoals een ingebrekestelling en een dwangsom bij niet tijdig beslissen. Kanttekeningen n.v.t. Risico's n.v.t. Overwegingen van het college Het college vindt het belangrijk dat de APV voldoet aan de wet- en regelgeving en actueel is. Middelen Financiële middelen Het besluit om de APV 2026 vast te stellen heeft geen financiële gevolgen. Personele middelen Er zijn geen extra personele middelen nodig.
Organisatorische middelen Er hoeven geen organisatorische maatregelen genomen te worden. Participatie Participatie met inwoners heeft niet plaatsgevonden. De impact van de aanpassing is niet dusdanig groot dat het gewenst is om inwoners bij de aanpassing te betrekken.
-5Communicatie De gebruikelijke procedure bij het vaststellen van verordeningen wordt in acht genomen.
-6Samenwerking (Heemstede) De wijziging voor het artikel vaartuigen op het strand, komt voort uit samenwerking in de regio. Vervolgproces/evaluatie Vervolgproces Als wordt besloten tot het vaststellen van de APV 2026, vindt publicatie hiervan plaats via overheid.nl. Evaluatie De APV wordt periodiek geëvalueerd en aangepast. Op den duur zullen de bepalingen uit de APV die zien op de fysieke leefomgeving overgaan naar het omgevingsplan. Hiervoor hebben gemeenten tot eind 2031 de tijd. Bijlagen Bijlage 1 - Algemene plaatselijke verordening Bloemendaal 2026 Bijlage 2 - Was/wordt-lijst APV Bloemendaal 2026 Bijlage 3 - Aanwijzingsbesluit APV Bloemendaal 2026 Bijlage 4 - Was/wordt-lijst Aanwijzingsbesluit Bloemendaal 2026 Achterliggende documenten Met het wijzigen van de APV is ook het Aanwijzingsbesluit APV aangepast. Dit betreft een bevoegdheid van het college. De stukken zijn als bijlagen toegevoegd.
Burgemeester en wethouders van Bloemendaal,
, gemeentesecretaris.