CConstaterende datblaricum
Koppel je AI →
Document · PDF

VVGB Aanpassen trailerhelling en aanleg nieuwe steiger Stichtseweg 99 Bijlage Stedenbouwkundige motivering

Rondetafelgesprek 19 september 2023, gemeente blaricumBij agendapunt: Verklaring Van Geen Bedenkingen aanpassen huidige trailerhelling en aanleg nieuwe steiger KNRM1.391 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stedenbouwkundige onderbouwing Steiger KNRM bij Sitchtseweg 99 Blaricum

Huidige situatie Nabij Stichtseweg 99 ligt de huidige trailerhelling voor de reddingsboot het KNRM reddingspost Blaricum. Dit reddingspost is per 1 april 2012 ontstaan vanuit de reddingsbrigade Blaricum. De reddingsbrigade Blaricum is nog steeds actief en levert de bemanning voor het KNRM station. Gezamenlijk heeft het station 3 reddingsboten in zijn bezit. In de rest van dit document wordt de locatie aangeduid als reddingspost. De trailerhelling is aangelegd in 1985. De huidige staat van de constructie is niet meer toereikend waardoor de veiligheid in gevaar komt. Toekomstige situatie De hoofdreddingsboot wordt vervangen door een nieuw model. De huidige trailerhelling voldoet qua afmeting en constructie niet voor deze nieuwe boot en eigenlijk ook de bestaande boten. Bovendien is de huidige helling bij lagere waterstand niet lang genoeg. Een nieuwe trailerhelling is noodzakelijk voor de inzetbaarheid van dit reddingsstation. De nieuwe trailerhelling wordt aan twee zijden voorzien van een looprooster. Dit is voor het bemannen van de boot en de snelheid wenselijk. De nieuwe steiger gaat dezelfde boten huisvesten als in de huidige situatie (1 reddingsvlet, 2 reddingsboten) maar dan verder van de kant af, vanwege de lage waterstand.

Beleid Structuurvisie Voorland Stichtsebrug Het plangebied kent een relatief korte historie: ten behoeve van de bouw van de Stichtse Brug is het gebied 'Voorland' medio jaren 70 van de vorige eeuw opgespoten. Het gebied is in gebruik als recreatie- en natuurgebied. De grens tussen het Gooimeer en het Voorland, wordt voor een groot deel gevormd door een strand in de eerste, zuidelijke, kom. Dit strand, en het recreatiegebied, bestaat uit een grasweide met een smalle strook zand en wordt gebruikt door zwemmers, surfers en andere recreanten. De parkeervoorzieningen voor dit recreatiegebied zijn ten zuidoosten van het strand gelegen. Direct ten noorden van het huidige strand beschikt de Reddingsbrigade Blaricum en de KNRM over een reddingspost. Deze reddingspost bestaat uit een loods met een oppervlak van circa 230 m². Het punt waarop de reddingspost gevestigd is, kan gezien worden als een scharnierpunt

tussen het meer publiektoegankelijke en open zuidwestelijke deel en het meer private / meer besloten noordoostelijker deel. Ten noordoosten van dit punt (het scharnierpunt), is een tweede kom gelegen. Hier is geen strand aanwezig. De landzone, die in deze kom grenst aan het water van het Gooimeer, is een waardevol natuurgebied met schrale graslanden en bos. De beide kommen worden van elkaar gescheiden door een met bomen begroeid gebied. Deze bosbegroeiing zet zich door naar het noorden, langs de A27. Deze ‘bosgebieden’ vormen - samen met de schrale graslanden in de tweede kom - een belangrijke drager voor de in het plangebied aanwezige ecologische waarden. Vanwege deze waarden is het plangebied aangewezen als ecologische hoofdstructuur (EHS) gebied. Dit noordelijke deel van het Voorland Stichtsebrug is vanuit ecologisch opzicht het meest waardevolle deel van het gebied en eveneens het meest gevoelig. Het beplantte gebied ten zuidwesten van de eerste kom, grenzend aan het woonwerkgebied Blaricummermeent heeft in vergelijking met het noordoostelijke deel (veel) beperktere waarden. Beheersverordening Voorland Stichtse brug Het vervangen en vernieuwen van de steiger bij Stichtseweg 99 valt zowel binnen het bestemmingsvlak Zone Recreatie, als in Zone Water. Het plan ligt ook in de besluitvlakken Waarde Archeologie lage verwachting en Waarde – EHS.

Binnen Zone dagrecreatie, ter plaatse van de het subbesluitvlak 'reddingspost' mag een reddingspost met loods met de daarbij behorende bouwwerken, erven en terreinen. Een steiger is een bijbehorend bouwwerk bij een reddingspost. Verder mogen de aanwezige bestaande bouwwerken op dezelfde locatie worden vervangen door bouwwerken van maximaal dezelfde bestaande afmetingen. Binnen de Zone Water zijn de bestaande steigers en botenhelling toegestaan. Uitsluitend de bestaande bebouwing in de vorm van twee steigers en een botenhelling, is toegestaan, zoals deze aanwezig is op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan. Voor Waarde archeologie geldt dat aanlegvergunning nodig is voor het afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage op een grotere diepte dan 50 cm en heiwerkzaamheden en het op een of andere wijze indrijven van voorwerpen én er sprake moet zijn van een bouwwerk groter dan 2500m2 (zie ook de toelichting bijhorende bij het bestemmingsplan). De aanvraag zelf gaat dieper dan 50 cm in de grond maar blijft onder de 2500m2. Hierbij wordt ook opgemerkt dat in de toelichting van het bestemmingsplan is opgenomen dat er voor de zone water, waar de werkzaamheden plaatsvinden, geen verwachtingswaarde op de kaart is opgenomen.

Dit blijkt echter niet overeen te komen met de kaart bij het bestemmingsplan waar ook voor ‘het besluitvlak water’ deze lage archeologische waarde is opgenomen. Voor 'Waarde - EHS' aangewezen gronden zijn mede bestemd voor het behoud, herstel en/of de ontwikkeling van natuurwetenschappelijke waarde en/of ecologische waarde en de instandhoudingsdoelstelling van de Ecologische Hoofd Structuur. De nieuwe steiger groter en anders zal zijn dan de bestaande en past daarom niet binnen het huidige bestemmingsplan. In de bestemmingsplanregels is expliciet opgenomen dat: “uitsluitend de bestaande bebouwing in de vorm van twee steigers en een botenhelling, is toegestaan, zoals deze aanwezig is op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan.” Als het college aan deze vergroting wil meewerken kan de kruimelafwijking in artikel 4.3 van bijlage II Bor toepassen voor een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk met hoogte van maximaal 10 m en een oppervlakte van maximaal 50 m²; Inpassing plan Voor het functioneren van de uitrukmogelijkheden is een trailerhelling met een andere maatvoering dan bestaand noodzakelijk. Met de huidige afmetingen van de helling zal de nieuwe boot niet te water kunnen. Net als de bestaande boten die nu al grote moeite hebben om met het lagere winterpeil te water te worden gelaten.

De afmetingen van de trailerhelling wijken niet zodanig af dat er hier een wezenlijk ander bouwwerk wordt gerealiseerd. De invloed op de omgeving en de aanwezige ruimtelijke kwaliteit is zeer beperkt te noemen. De steiger is evenzo noodzakelijk voor de aanleg van de boten. De nieuwe steiger wordt langer dan de bestaande steiger. Een steiger is een gebruikelijk element in de bestemming Water en ook met de nieuwe lengte is het een ondergeschikt element, passend in de omgeving en het gebruik van de locatie. De waarden Van de Ecologische Hoofd Structuur zijn beschreven in de Structuurvisie. Daarin is aangegeven dat de waarden met name liggen in de bossen en het schrale grasland. De nieuwe trailerhelling en steigers hebben geen invloed op de bossen danwel het grasland. Daarmee blijven de aanwezige ecologische waarden in stand.

Ondanks het feit dat het bouwwerk onder de 2500 m2 blijft is er vanwege de op de bestemmingsplankaart opgenomen waarde ‘archeologische lage verwachting’ hier aandacht aan gegeven bij het maken van het plan. Maar mochten er wel resten zitten dan is de aard en dichtheid van de te verwachten archeologische resten erg laag. Dit betekent ook dat er sprake is van een lage trefkans en dus ook een kleine kans dat er belangrijke archeologische resten verstoord worden met het aanbrengen van de geplande steigerpalen en de twee damwanden. Er is toch gekozen om de bodem zo minimaal te verstoren en de nieuwe steiger te plaatsen in de zone waar in het verleden de meeste bodem verstoring heeft plaats gevonden. Rondom de bestaande helling is in het verleden regelmatig de bodem tot enkele meters diepte weggegraven (dieper dan de opspuit laag tot in het oude Zuiderzeebodem) om verzanding van de huidige trailerhelling te voorkomen. Om deze verzanding én om extra verstoring door weggraven in de toekomst te voorkomen, wordt er een damwand aan weerszijden van de trailerhelling in de grond opgenomen. Deze gaat tevens dienen als drager van de steiger zodat in deze zone geen extra palen nodig zijn.

Door juist in de zone waar in het verleden de grootste en diepste verstoringen plaatsgevonden de damwanden op te nemen wordt de verdere verstoring van mogelijke archeologische resten tot het minimale beperkt. Bij het gedeelte van de nieuwe steiger die verder het water oploopt is ervoor gekozen de twee rijen steigerpalen meer dan 3,5 meter uiteen te plaatsen. Hiermee sluiten we aan bij de landelijke norm voor archeologie-vriendelijk bouwen (https://www.cultureelerfgoed.nl/binaries/cultureelerfgoed/documenten/publicaties/2016/01/01/h andreiking-archeologievriendelijk-bouwen/rce005brochure_archeologischvriendelijk_bouwen_0.pdf) en maken we het mogelijk om in de toekomst nog archeologisch onderzoek te doen tussen de steigerpalen (en door de afstand tussen de damwanden ook ter plaatse bij de trailerhelling).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13172681/1