CConstaterende datblaricum
Koppel je AI →
Document · PDF

Verordening behandeling bezwaarschriften Blaricum 2023 Was-wordt-tabel

Gemeenteraad 28 maart 2023, gemeente blaricumBij agendapunt: Vaststellen Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften Blaricum 20233.943 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

A

Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen; b commissie: commissie voor de bezwaarschriften; c secretariaat: secretaris commissie bezwaarschriften en administratief medewerker bezwaarschriften.

Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: - Awb: Algemene wet bestuursrecht; - bestuursorgaan: gemeentelijk orgaan dat het bestreden besluit heeft genomen. Dat kan zijn: de raad, burgemeester en wethouders, de burgemeester; - bezwaarmaker: indiener van een bezwaarschrift; - commissie: adviescommissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Awb; - voorzitter: voorzitter van de commissie.

B

Artikel 2 Inleidende bepaling commissie 1 Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester. 2 De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van een wettelijk voorschrift inzake belastingen (met inbegrip van rechtenheffingen) en de Wet waardering onroerende zaken. 3 De voorzitter en de leden van de commissie ontvangen een vergoeding die door het college wordt vastgesteld.

Artikel 4. Horen en adviseren door de commissie 1. Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaarschriften. 2. De commissie is belast met het horen en adviseren over de volledige heroverweging van bestreden besluiten.

Toelichting

In het artikel 4 van de Verordening 2023 is niet opgenomen dat de commissie niet bevoegd is t.a.v. besluiten zoals genoemd in artikel 2, tweede lid, van de Verordening 2021. Belastingzaken en WOZ-zaken hoeven hier niet te worden uitgezonderd omdat de heffingsambtenaar niet in de definitie van bestuursorgaan is opgenomen, zie artikel 1 van de Verordening 2023. De Algemene wet inzake rijksbelastingen en de Wet waardering onroerende zaken bevatten afwijkende of aanvullende bepalingen over beslistermijnen, het horen en de geheimhouding. Artikel 2, derde lid, van de Verordening 2021 is niet opgenomen omdat de vergoeding voor de voorzitter en de leden van de commissie is geregeld in de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden en fractievertegenwoordigers 2017.

1

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

C

Artikel 3 Samenstelling van de commissie 1 De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden, die door het college worden benoemd, geschorst en ontslagen. 2 De voorzitter regelt in samenspraak met de commissie een aantal plaatsvervangende voorzitters. 3 Indien de voorzitter of plaatsvervangende voorzitters onverhoopt verhinderd zijn, kan één van de commissieleden deze vervangen. 4 De voorzitter en de leden kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder de verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan van Blaricum, Laren en Eemnes of van de BEL Combinatie.

Artikel 5. Samenstelling van de commissie 1. De commissie bestaat uit een voorzitter en tenminste twee leden. 2. Burgemeester en wethouders benoemen, schorsen en ontslaan de voorzitter en de leden. 3. De voorzitter regelt in samenspraak met de commissie een aantal plaatsvervangende voorzitters. 4. Als de voorzitter of plaatsvervangend voorzitters onverhoopt verhinderd zijn tijdens een hoorzitting, kan één van de commissieleden deze vervangen. 5. De voorzitter en de leden kunnen geen deel uitmaken of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan van Blaricum, Laren en Eemnes of van de BEL Combinatie.

D

Artikel 4 Secretaris 1 De commissie wordt ondersteund door het secretariaat. 2 De secretaris commissie bezwaarschriften is een door of namens het college aangewezen ambtenaar. 3 Door of namens het college worden tevens een of meer plaatsvervangers van de secretaris aangewezen.

Artikel 6. Secretaris 1. Burgemeester en wethouders wijzen de secretaris aan. 2. Burgemeester en wethouders wijzen ook een of meer plaatsvervangers van de secretaris aan.

Artikel 5 Zittingsduur 1 De voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een termijn van vier jaar. Het is mogelijk herbenoemd te worden. 2 De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij

Artikel 7. Zittingsduur 1. De voorzitter en leden worden benoemd voor een termijn van vier jaar. Het is mogelijk om herbenoemd te worden. 2. De voorzitter en de leden kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan

E

Toelichting

Hoewel in de Awb nergens over een secretaris wordt gesproken, is het gebruikelijk dat een commissie beschikt over een secretaris (en plaatsvervangers) ter ondersteuning van de werkzaamheden.

2

F

G

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college. 3 De aftredende of ontslag nemende voorzitter of leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. Artikel 6 Ingediend bezwaarschrift 1 Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst geregistreerd. 2 Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld.

schriftelijk mededeling aan burgemeester en wethouders. 3. De aftredende of ontslagnemende voorzitter of leden blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.

Artikel 7 Bemiddeling Het secretariaat onderzoekt of de zaak door informeel overleg kan worden opgelost alvorens de zaak in behandeling wordt genomen. Het secretariaat verricht daartoe de nodige handelingen.

Artikel 3. Vooronderzoek en informele behandeling 1. Het bestuursorgaan onderzoekt of het bezwaarschrift informeel kan worden afgehandeld alvorens het verder in behandeling te nemen. 2. De informele aanpak start door kort na ontvangst van het bezwaarschrift contact op te nemen met de bezwaarmaker en de voorbereider van het besluit waarover bezwaar is ingediend en/of de ambtenaren die zich bezig

Artikel 2. Ingediend bezwaarschrift 1. Het bestuursorgaan registreert het ingediende bezwaarschrift met de datum van ontvangst. 2. Daarna neemt het bestuursorgaan zo spoedig mogelijk contact op met de bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden. Het bestuursorgaan geeft daarbij uitleg over het vervolg van de procedure en de duur van de behandeling van het bezwaarschrift.

Toelichting

Het zo spoedig mogelijk na de ontvangst van het bezwaarschift contact leggen met de bezwaarmaker is zeer zinvol. Er kan dan aan bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden inzicht in en uitleg over de vervolgprocedure worden gegeven. Op welke wijze contact wordt opgenomen wordt niet in de Awb geregeld. Dit is aan het bestuursorgaan zelf. Conform de huidige praktijk wordt na ontvangst van een bezwaarschrift een ontvangstbevestiging verzonden met daarin de informatie over de verdere gang van zaken. Daarnaast bevat de ontvangstbevestiging een folder met uitleg over de procedure, informatie over het horen door de adviescommissie en er wordt gewezen op de (eventuele) mogelijkheid van informele behandeling van het bezwaarschrift.

De modelverordening uit 2010 focuste op behandeling van bezwaren door een formele adviescommissie. Hierdoor was er minder aandacht voor het onderzoek of een geschil ook anders kon worden opgelost. De VNG wil met deze nieuwe modelverordening bevorderen dat bezwaarschriften informeel worden behandeld. Binnen de BEL Combinatie wordt al geruime tijd onderzocht of een bezwaarzaak door informeel overleg kan worden opgelost. De huidige gemeentelijke praktijk wordt

3

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

Toelichting

houden met informele behandeling. 3. Als het bezwaar zonder verdere juridische procedure wordt afgehandeld, legt het bestuursorgaan de gemaakte afspraken schriftelijk vast en neemt zo nodig een nieuw besluit.

vastgelegd in de verordening. Bij bezwaren binnen het sociaal domein wordt de mogelijkheid tot informele afhandeling onderzocht door de collega’s van de Afdeling maatschappelijke zaken HBEL. Binnen de BEL Combinatie zijn er momenteel twee medewerkers die een opleiding hebben gevolgd tot mediator. Ook kan de ambtenaar die het bestreden besluit heeft voorbereid een rol spelen bij de informele afhandeling. Indien de bezwaarmaker instemt met een informele aanpak zal vaak nadere informatie moeten worden ingewonnen over de achtergronden van het besluit en de reden waarom bezwaar is gemaakt. Hierbij wordt met zowel de bezwaarmaker als de voorbereider van het bestreden besluit contact opgenomen en wordt de mogelijkheid van een minnelijke oplossing van het bezwaar (verder) verkend. Het is van belang dat dit contact kort na binnenkomst van het bezwaarschrift wordt gelegd. Als een oplossing kan worden gevonden voor het probleem dat aanleiding was voor het bezwaarschrift dan hoeft het bezwaarschrift niet verder in behandeling te worden genomen en kan het informeel worden afgedaan. Indien er eventuele andere belanghebbenden zijn, dan wordt ook met hen in contact getreden als dit gewenst is voor de informele afhandeling.

H

Artikel 8 Uitoefening bevoegdheden De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Awb worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie: a artikel 2:1, tweede lid;

Artikel 8. Uitoefening bevoegdheden 1. De voorzitter oefent de volgende bevoegdheden van de onderstaande artikelen van de Awb zelfstandig uit: a. verzoeken om een schriftelijke machtiging aan een gemachtigde (artikel 2:1, tweede lid);

De bevoegdheden, genoemd in artikel 8, eerste lid, Verordening 2023 kan de voorzitter mandateren aan de secretaris of aan de administratief medewerker bezwaar. Hiervoor is een mandaatbesluit genomen. De voorzitter is verantwoordelijk voor de in mandaat

4

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

Toelichting

b

artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn; artikel 6:17, voorzover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; artikel 7:4, tweede lid; artikel 7:6, vierde lid.

b. stellen van een termijn aan de bezwaarmaker (artikel 6:6); c. verzenden van stukken tijdens de behandeling door de commissie (artikel 6:17); d. ter inzage leggen van het bezwaarschrift en de op de zaak betrekking hebbende stukken, dan wel toezenden daarvan aan een belanghebbende (artikel 7:4, tweede lid); e. al dan niet op verzoek van een belanghebbende afzien van het op de hoogte stellen van het verhandelde tijdens een hoorzitting van een andere belanghebbende, voor zover geheimhouding om gewichtige reden is geboden (artikel 7:6, vierde lid). 2. De voorzitter kan deze bevoegdheden mandateren.

verrichte handelingen en blijft ook bevoegd om deze bevoegdheden zelf uit te oefenen.

I

Artikel 9 Vooronderzoek 1 De voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. 2 De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij derden en/of deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist.

Artikel 9. Voorbereiding hoorzitting (…) 4. De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen om op de hoorzitting te verschijnen. Als daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van burgemeester en wethouders vereist.

J

Artikel 10 Hoorzitting 1 De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.

Artikel 9. Voorbereiding hoorzitting 1. De voorzitter bepaalt de plaats en het tijdstip van de hoorzitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden

c

d e

5

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

2

De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb. Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.

gesteld zich door de commissie te laten horen. (…) 5. De voorzitter beslist of van het horen van een belanghebbende kan worden afgezien op grond van artikel 7:3 van de Awb. 6. Indien de voorzitter op grond van het vijfde lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het bestuursorgaan.

Artikel 11 Uitnodiging zitting 1 De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit. 2 Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. 3 De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld. 4 De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid.

Artikel 9. Voorbereiding hoorzitting (…) 2. De voorzitter nodigt de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan ten minste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk uit. 3. De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijn genoemd in het tweede lid.

Artikel 12 Quorum Voor het houden van een zitting is vereist dat de meerderheid van het aantal leden, onder wie in elk geval de voorzitter aanwezig is.

-

3

K

L

Toelichting

In artikel 11, tweede en derde lid, van de Verordening 2021 is opgenomen dat belanghebbenden binnen 3 dagen kunnen vragen het tijdstip van de zitting te wijzigen. Omdat het verzoek om een zitting te verzetten altijd ter beoordeling aan de voorzitter wordt voorgelegd is dit artikellid niet opgenomen in de nieuwe verordening.

Artikel 12 van de Verordening 2021 komt niet terug in de Verordening 2023. Dit wordt ondervangen door artikel 14 van de Verordening 2023.

6

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

Artikel 13 Niet-deelneming aan de behandeling De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn.

Artikel 10. Onpartijdigheid leden De voorzitter en de leden nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift als daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen.

N

Artikel 14 Openbaarheid zitting 1 De zitting van de commissie is openbaar. 2 De deuren kunnen worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. 3 Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats met gesloten deuren.

Artikel 11. Openbaarheid hoorzitting 1. De hoorzitting van de commissie is openbaar. 2. De deuren kunnen worden gesloten als de voorzitter of een van de aanwezige leden het nodig vindt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. 3. Als de commissie naar aanleiding van het tweede lid beslist dat er gewichtige redenen zijn die zich tegen openbaarheid van de hoorzitting verzetten, vindt de hoorzitting plaats achter gesloten deuren.

O

Artikel 15 Schriftelijke verslaglegging 1 Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid. 2 Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen. 3 Indien de zitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding.

Artikel 12. Verslaglegging 1. Het verslag, bedoeld in artikel 7:7 van de Awb, bevat in ieder geval: a. namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid; b. zakelijke vermelding van wat over en weer is gezegd en wat verder op de hoorzitting is voorgevallen; c. vermelding als de hoorzitting geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren plaatsvond, of als belanghebbenden of hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord;

M

Toelichting Hoewel artikel 2:4 van de Awb een gebod van onpartijdigheid bevat voor bestuursorganen is in dit artikel nog uitdrukkelijk bepaald dat dit (ook) voor de commissie geldt. Dit biedt bijvoorbeeld duidelijkheid als de onafhankelijke voorzitter of een extern lid inhoudelijk niet onbevangen kan adviseren.

Artikel 7:7 van de Awb vereist dat van het horen een verslag wordt gemaakt. De vorm en de inhoudelijke vereisten van het verslag worden niet door de Awb geregeld. Het bepaalde in het eerste lid strekt niet zo ver dat van al het aanwezige publiek naam en hoedanigheid wordt opgenomen. Dit is ook niet wenselijk gelet op de bepalingen van de Algemene verordening gegevensbescherming. Enkel de noodzakelijk persoonsgegevens mogen in het verslag worden opgenomen. Noodzakelijk is in ieder geval dat uit het verslag duidelijk moeten blijken wie namens welke partij aanwezig was en wat door hen naar voren is gebracht.

7

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

4

d. verwijzing naar de op de hoorzitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht. 2. De voorzitter en de secretaris ondertekenen het verslag.

5

P

Q

Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag worden gehecht. Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de commissie.

Artikel 16 Nader onderzoek 1 Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek houden. 2 De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden. 3 De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op zo'n verzoek. 4 Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 13. Nader onderzoek 1. De commissie is bevoegd om nader onderzoek te doen als zij dit na afloop van de hoorzitting wenselijk acht. 2. De informatie die uit nader onderzoek is verkregen wordt in afschrift aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan gestuurd. 3. Binnen een week na verzending van de nadere informatie kunnen de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan schriftelijk reageren. Indien gewenst kunnen zij aan de voorzitter om een nieuwe hoorzitting vragen. De voorzitter beslist op dit verzoek. 4. Bij een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen uit deze verordening zo veel mogelijk overeenkomstig van toepassing.

Artikel 17 Beraadslaging en advies 1 De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het uit te brengen advies.

Artikel 14. Raadkamer en advies 1. De commissie overlegt en beslist achter gesloten deuren over het uit te brengen advies.

Toelichting

Na de hoorzitting kan de commissie constateren dat nader onderzoek nodig is alvorens een advies te kunnen opstellen. In het eerste lid is niet voorgeschreven hoe dit onderzoek moet plaatsvinden, het is aan commissie zelf hoe dit onderzoek vorm te geven. Een nader onderzoek kan feiten of omstandigheden aan het licht brengen die op het moment van de zitting nog niet bekend waren. Dit kan aanleiding zijn om de belanghebbenden en het bestuursorgaan opnieuw te horen. Deze bepaling voorziet naast de mogelijkheid om binnen nader te stellen termijn een schriftelijke reactie te geven, in de mogelijkheid de commissie te verzoeken daartoe een nieuwe zitting te houden. In artikel 7:9 van de Awb is bepaald dat als het feiten of omstandigheden betreft die voor de beslissing op bezwaar van aanmerkelijk belang kunnen zijn, dit aan belanghebbenden wordt meegedeeld en dat zij opnieuw in de gelegenheid worden gesteld te worden gehoord (rechtsbeginsel van hoor en wederhoor).

Omdat het van belang is dat de commissie in alle vrijheid kan beraadslagen en beslissen, is in het

8

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

Toelichting

2

Over het uit te brengen advies wordt bij meerderheid van stemmen besloten. b Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter. c Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien die minderheid dat verlangt. Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend.

2. De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. 3. Als bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter. 4. Bij een minderheidsstandpunt wordt er bij het advies een melding van gemaakt als de minderheid dat verlangt. 5. Het advies is gemotiveerd en bevat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 6. De voorzitter en de secretaris ondertekenen het advies.

eerste lid bepaald dat dit achter gesloten deuren zal plaatsvinden. Hoe het advies tot stand komt, wordt verder niet in de Awb voorgeschreven. In het vijfde lid is omwille van zorgvuldigheid bepaald dat het advies is gemotiveerd en een voorstel voor de te nemen beslissing bevat.

Artikel 18 Uitbrengen advies en verdaging 1 Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in artikel 15 en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. 2 Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van twaalf weken, als bedoeld in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing te verdagen. 3 Van een besluit tot verdaging ontvangen de belanghebbenden een afschrift.

Artikel 15. Uitbrengen advies en verdaging 1. De commissie brengt het advies met het verslag, eventueel met nadere informatie en nader verslag, tijdig uit aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift moet beslissen. 2. Als naar het oordeel van de voorzitter de termijn van twaalf weken (genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb) ontoereikend is voor het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, vraagt hij het bestuursorgaan tijdig de beslissing te verdagen. 3. De belanghebbenden ontvangen een afschrift van een besluit tot verdaging.

3

4

R

a

In de bezwaarschriftprocedure maakt het verslag van de hoorzitting deel uit van het advies van de commissie en wordt het schriftelijk uitgebracht (artikel 7:13, zesde lid, van de Awb). De termijn waarop op het bezwaarschrift moet zijn beslist, bedraagt twaalf weken gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken (artikel 7:10 van de Awb). Het tweede lid van artikel 15 van de Verordening 2023 schrijft voor dat de voorzitter tijdig het bestuursorgaan verzoekt de beslissing op het bezwaar te verdagen, als hij voorziet dat de termijn van twaalf weken niet wordt gehaald. Mocht de commissie ondanks de verdaging door het bestuursorgaan niet tijdig een advies (kunnen) uitbrengen en er geen verder uitstel mogelijk is, dan

9

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

Toelichting moet het bestuursorgaan beslissen zonder het advies van de commissie en alsnog zelf horen.

S

Artikel 19 Intrekking oude regeling De Verordening behandeling bezwaarschriften Blaricum 2008 wordt ingetrokken.

Artikel 17. Intrekking oude regeling De Verordening behandeling bezwaarschriften Blaricum 2021 wordt ingetrokken.

T

Artikel 20 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking de dag na die van de bekendmaking.

Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking de dag na die van de bekendmaking.

U

Artikel 21 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening behandeling bezwaarschriften Blaricum 2021.

Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel 2. Deze verordening krijgt de titel: Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften Blaricum 2023.

V

-

Artikel 16. Jaarverslag De commissie brengt jaarlijks aan de bestuursorganen verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.

De commissie dient jaarlijks verslag uit te brengen over haar werkzaamheden aan de betrokken bestuursorganen. De invulling van dit verslag is aan de commissie gelaten. Voor de hand ligt dat wordt aangegeven hoeveel bezwaren zijn ingediend, wat de werkvoorraad was bij aanvang van het kalenderjaar, hoeveel adviezen zijn uitgebracht, wat de adviezen inhielden (niet-ontvankelijk, (deels) gegrond, enz.), of het bestuursorgaan al dan niet overeenkomstig het advies heeft besloten, in welke gevallen beroep is ingediend en wat de uitkomst van dit beroep is. Het jaarverslag is ook een instrument voor de commissie om aan de bestuursorganen adviezen te geven over de verbeterpunten op het gebied van juridische kwaliteit. Artikel 16 van de Verordening 2023 was niet opgenomen in de Verordening 2021. Aangezien het

10

Verordening 2021

Voorgestelde wijziging

Toelichting artikel is opgenomen in de modelverordening zal het worden toegevoegd. Hiermee wordt de huidige gemeentelijke praktijk vastgelegd.

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12563473/1