Tweede bestuursopdracht landschappelijk plan LeCoultredreef Bijlage Notitie bijeenkomst raad 16 september 2021
Tekst van het document
Notitie Project: Doelstelling: Van: Aan: Datum: Versie:
Burgemeester Le Coultredreef, Blaricum Wensen en uitgangspunten voor de verdere vormgeving van een landschappelijk plan voor een rustieke verbindingsweg OKRA Landschapsarchitecten, Wim Voogt College en Raad van gemeente Blaricum 14 september 2021 Definitief
De bestuursopdracht In de raadsvergadering van 15 december 2020 heeft de Raad van Blaricum de bestuursopdracht Burgemeester Le Coultredreef vastgesteld. De doelstelling van deze bestuursopdracht is het ophalen van wensen en uitgangspunten voor de verdere vormgeving van een landschappelijk plan voor een rustieke verbindingsweg. Het amendement en de motie geven aan dat de volgende aspecten bij dit vraagstuk ten minste aan de orde moeten komen: - De realisatie van een rustieke verbindingsweg voor autoverkeer, fietsers, wandelaars en ruiters tussen de dorpsdelen; - Het te ontwikkelen plan en de maatregelen uit het GVVP voor ‘Blaricum Dorp noord’ (met in acht neming van de op 2 juni 2020 door de raad vastgestelde wijzen van verdere uitwerking hiervan) moeten op elkaar aansluiten. De verschillende te nemen verkeersmaatregelen grijpen mede door de aard van hun uitwerking op elkaar in en kunnen onvoorziene consequenties hebben. - De Burg. Le Coultredreef vormt een sociale en fysieke verbinding tussen het oude dorp en de Bijvanck en Blaricummermeent en vormt tevens een verbindende schakel in het herinrichtingsplan Huizerweg-Bergweg-Meentzoom-Burg. Le Coultredreef-Randweg-Oost.
- Er dient sprake te zijn van een landweg/laan met een nog nader te bepalen statige uitstraling; - De uitstraling en het aanzicht van de verbindingsroute wordt medebepaald door onbelemmerd zicht op opstapeling van plastic en verwaaid plastic dat in prikkeldraad hangt; de prominente aanwezigheid van de lantaarnpalen; de inrichting en uitstraling van de parkeerplaats halverwege de Burg. Le Coultredreef; de wijze van ontsluiting (in/uitritten) van de naastgelegen agrarische percelen en de inrichting en de openheid van het direct omliggende landschap. Inhoud van deze notitie In deze notitie treft u het resultaat van stap 3A uit de bestuursopdracht, zijnde het inventariseren en kaderstellen en aandragen van oplossingen via een Dialooggroep. In het RondeTafelGesprek van 16 september 2021 aanstaande zullen de resultaten uit deze notitie met de Raad van Blaricum worden besproken. Leeswijzer 1. Procesverslag 2. Geschiedenis van de plek 3. Huidig profiel en huidige knelpunten 4. Wettelijke verplichtingen, afspraken, beleid en staat van de weg
5. Overzicht van wensen van de participatiegroep inzake functie van de weg, beeld van de weg en beeld van de grotere omgeving 6. Studiemodellen toekomstige situatie 7. Referenties
1
1. PROCESVERSLAG Procesverslag In de periode juni t/m augustus 2021 heeft OKRA in opdracht van gemeente Blaricum een viertal bijeenkomsten georganiseerd met de Participatiegroep Burgemeester Le Coultredreef. De participatiegroep bestond uit een vertegenwoordiging van de Werkgroep Verbinding, het Goois Natuurreservaat, de Agrarische Stichting Blaricum, de historische kring Blaricum, de Groencommissie Blaricum, de Fietsersbond en Stad en Lande Ruiters. Daarnaast heeft OKRA begin juni een tweetal gesprekken gevoerd met vertegenwoordigers van Brandweer, Politie en Ambulance. Zij hebben tevens deelgenomen aan de eerste bijeenkomst van de Participatiegroep en aangegeven geen meerwaarde te zien in het bijwonen van de opvolgende bijeenkomsten. Verder hebben een drietal bijeenkomsten plaatsgevonden met de ambtelijke projectgroep. De notitie die nu voor u ligt is het resultaat van een zorgvuldige samenwerking en co-creatie met deze participatiegroep.
2
2. GESCHIEDENIS VAN DE PLEK Korte geschiedenis van het Gooi, Blaricum en de Burgemeester Le Coultredreef De omgeving van Blaricum is prachtig. Het werd omstreeks 1790 door de Nederlandse staden dorpsbeschrijver al paradijselijk genoemd. Deze schoonheid is te danken aan de speciale landschappelijke ligging. Blaricum maakt onderdeel uit van Het Gooi. In deze streek ligt de noordelijke uitloper van de Utrechtse Heuvelrug. Het vormt een reliëfrijke zandgrond met heide en bosrijke gebieden. Op deze zandrug ligt het hoogste punt van het Gooi, de Tafelberg. Rondom de hoger gelegen gebieden liggen veenpolders. De overgangen van hoog naar laag en van droog naar nat zorgen voor een divers landschap. Een tochtje door de omgeving van Blaricum leidt door vlak weidegebied, heide, naaldbossen, loofbossen, rivieren, meertjes en uitgestrekte veenpolders. Blaricum wordt het eerst vermeld in 1343 en was oorspronkelijk een nederzetting van boeren. In 1815 heet Blaricum nog Blarikom en is gelegen aan de voet van de zandrug (zie afbeelding topotijdreis). De boeren gebruikten de omliggende bossen, heide, weidevelden/meenten als graasgebied voor hun vee en creëerden akkers voor rogge en graan. Eind 19e eeuw werd Blaricum en omgeving ontdekt door kunstenaars, schrijvers, dichters en rijke Amsterdammers die de stad ontvluchtten. Het boerendorp werd uitgebreid met villa’s en buitenplaatsen.
Om de identiteit van het oorspronkelijke dorp te behouden krijgt Blaricum in 1967 een beschermd dorpsgezicht. De omgeving wordt een mengeling van het originele agrarische karakter, de rijke natuur en de villa’s met buitenplaatsen. In 1973 komt hier een ingrijpende verandering bij. De woningbehoefte neemt toe en de wijk Bijvanck wordt gebouwd. Daarnaast trekt Blaricum nog steeds mensen elders uit het land die hier groots komen wonen en genieten van de rust en natuur. De villawijken groeien en nemen steeds meer ruimte in. Het oppervlak dat gebruikt wordt voor landbouw wordt daarentegen steeds kleiner. Toch is het boerenland nog altijd een sterk onderdeel van het landschap en de identiteit. Boerderijen met rieten daken en grazend vee in de weilanden blijven een bekend gezicht. De natuur wordt beschermd door de vele natuurreservaten zoals de Groeve Oostermeent of de Tafelbergheide. Het dorpse karakter, de natuur en rustieke boerderijen creëert een rust en vrijheid die Blaricum geliefd maakt om te wonen en te recreëren. De Burgemeester Le Coultredreef is uitgegroeid van kleine landweg naar doorgaande autoweg. De dreef is gelegen aan de voet van de zandrug en aan de rand van het veen tijdens het hoogtepunt van het veendek. Dat de dreef precies hier ligt is geen toeval, het was simpelweg de makkelijkst begaanbare ondergrond.
Boeren dreven hun vee over deze weg van het dorp naar de graasgebieden (de meenten) en terug. Dit is waar de naam dreef vandaan komt. Deze oude landweg is altijd in gebruik gebleven voor boeren. In 1931 is de huidige Burgemeester Le Coultredreef zichtbaar als grote verharde rechte weg op de kaart. Destijds leidde de weg enkel nog naar de weilanden. Later, na de bouw van Blaricum Bijvanck, Blaricum Oostermeent en Blaricummermeent is de dreef uitgegroeid tot een onmisbare verbindende weg. In de bestuursopdracht is de wens omschreven voor een nieuwe landschappelijke inpassing van de Burgemeester Le Coultredreef in Blaricum. Dit project is een verdere uitwerking van GVVP ‘oude dorp noord’. Het ontwerp en de aanpassingen zijn erop gericht om de verkeersveiligheid van alle weggebruikers te vergroten en de verbinding tussen de verschillende dorpsdelen van Blaricum te verbeteren. Het moet een rustieke verbindingsweg worden voor autoverkeer, fietsers, wandelaars en ruiters met het aangezicht van een landweg met een nog nader te bepalen statige uitstraling. Hiermee worden de dorpsdelen zowel in sociaal als in fysiek opzicht beter met elkaar verbonden.
3
3. HUIDIG PROFIEL EN HUIDIGE KNELPUNTEN Huidige profiel Het huidige wegprofiel van de Burgemeester Le Coultredreef bestaat uit een 5.5 meter brede hoofdrijbaan in zwart asfalt en een 3.5 meter breed vrijliggend tweerichtingenfietspad in rood asfalt. Het totale profiel heeft een gemiddelde breedte van ca. 14.0 meter.
Knelpunten De huidige inrichting kent op hoofdlijnen twee knelpunten: 1. Het huidige beeld (landingsbaan) sluit niet aan bij het rijke cultuurlandschap van Blaricum en omgeving. Een aantal voorbeelden die dit illustreren: - De weg is kaarsrecht en lijkt weinig ingepast in de context; - De drie chicanes in de weg geven de weg een sterk verkeerskundige uitstraling; - Hoge aantal lichtmasten welke zeer dicht op elkaar geplaatst zijn; - Brede rijbaan in asfalt. 2. Het ‘gevoel van’ verkeersveiligheid is nu onvoldoende. Een aantal voorbeelden die dit illustreren: - Afstand tussen fietspad en rijbaan te krap, waardoor gevoel van langs de weg fietsen ontstaat; - Conflict tussen in/uitrijdend landbouwverkeer en fietspad; - Breedte fietspad aan de krappe kant voor hoeveelheid langzaamverkeer; - Afwezigheid voetpad. - Saillant detail is dat de ‘feitelijke’ verkeersveiligheid best op orde is als je kijkt naar de gemeten snelheid op de weg en het aantal ongevallen in de voorbije jaren.
4
4. WETTELIJKE VERPLICHTINGEN, AFSPRAKEN, BELEID EN STAAT VAN DE WEG Wettelijke verplichtingen In de gesprekken met de ambtelijke werkgroep en de participatiegroep zijn de volgende wettelijke verplichtingen benoemd:
-
Natuurgebied met NNN (Natuur Netwerk Nederland) bescherming. Het natuurgebied ’t Harde en de Groeve Oostermeent ten westen van de Burgemeester Le Coultredreef is beschermd als NNNgebied. Het beheer hiervan is gericht op versterking van de natuur; extra recreatieve voorzieningen c.q. een recreatief pad en meer recreatiedruk past niet in deze visie. Het verkleinen van gebieden met NNNbescherming kan alleen mits er een groot maatschappelijk belang is, er geen alternatieven zijn en als er voldoende mogelijkheden zijn om de natuurwaarde van flora en fauna elders te compenseren. Belangrijk detail is dat, op kaartbeeld van de provincie, de aanwijzing als NNN-gebied niet tot het hekwerk van het natuurgebied, maar tot de rand van het asfalt van de weg staat ingetekend. Ook de bloemrijkeberm tussen rijbaan en fietspad is op de kaart aangewezen als NNN-gebied. Bron: www.geoapps.noord-holland.nl
-
Bestemmingsplan. Juridisch dient een weg ontworpen te worden binnen de ruimte die in het bestemmingsplan is aangeduid als gronden met een verkeersbestemming. Van de kaart afgemeten is de breedte die nu in het bestemmingsplan is opgenomen ongeveer 10-11 m. Wanneer we er met elkaar voor kiezen om het nieuwe wegprofiel breder te maken, dan is een bestemmingsplan-aanpassing noodzakelijk. Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl
5
-
Kadastraal eigendom. Slechts een beperkt deel van het gebied waar over gesproken wordt is in eigendom bij gemeente Blaricum. De weilanden ten oosten van de Burgemeester Le Coultredreef zijn in eigendom bij de Agrarische Stichting Blaricum. Deze gronden heeft zij via erf-pachtovereenkomsten uitgegeven aan derden. ASB heeft aangegeven aan haar maatschappelijke verplichtingen in het kader van veiligheid en het algemeen belang te zullen voldoen. Het natuurgebied ten westen van de Burgemeester Le Coultredreef is in eigendom van het Goois Natuur Reservaat. Opvallend is dat ook een groot deel van de weg zelf in eigendom is bij het Goois Natuur Reservaat.
De aanwezigheid van het natuurgebied met NNN-bescherming, de huidige afspraken in het bestemmingsplan en de beperkte grondpositie van gemeente Blaricum zijn drie belangrijke kaders bij het maken van nieuwe voorstellen voor de Burgemeester Le Coultredreef. Bestaande bindende afspraken In de gesprekken met de ambtelijke werkgroep en de participatiegroep zijn de volgende bindende afspraken benoemd: - De kuilvoerplaatsen liggen binnen de grenzen van het gebied wat is aangewezen als NNNgebied. Voor GNR is het aanzien van de kuilvoerplaatsen een doorn in het oog. Gemeente Blaricum heeft echter bij de overdracht van de gronden aan GNR in 2007 afspraken gemaakt met GNR inzake de aanwezigheid van kuilvoerplaatsen. In 2007 was er sprake van 20 verhuurde percelen. Op dit moment gaat het om 17 percelen die verhuurd zijn aan agrarische ondernemers in Blaricum. Wanneer gemeente Blaricum dit in de nabije toekomst anders wil hebben, dan ligt het initiatief hiertoe bij gemeente Blaricum. Gemeente Blaricum en Goois Natuur Reservaat zijn voornemens om op korte termijn met elkaar om tafel te gaan inzake dit onderwerp. - Op dit moment ligt de Burg. Le Coultredreef buiten de bebouwde kom en geldt een maximumsnelheid van 60 km/uur. Dit komt overeen met de criteria zoals de CROW die voorschrijft. Eventuele verlaging van de maximumsnelheid naar 50 km/uur is mogelijk.
Hiervoor is dan wel een wijziging van het komgrensbesluit nodig, want de weg dient dan binnen de bebouwde kom te liggen. - Gemeente Blaricum heeft met de nood- en hulpdiensten (Brandweer, Politie, Ambulance) bindende afspraken gemaakt ten aanzien van aanrijtijden bij calamiteiten. De nood- en hulpdiensten geven aan dat zij alleen aan de afgesproken aanrijtijden kunnen voldoen wanneer de toegestane snelheid op de rijbaan ten minste 50 km/uur is. Een tweede randvoorwaarde voor nood- en hulpdiensten is dat er geen drempels geplaatst worden in de weg. Gekoppeld aan deze afspraak is het mengen van fietsverkeer met het overige autoverkeer vooralsnog niet mogelijk. Immers, dit zou alleen een denkbare oplossing kunnen zijn wanneer de snelheid verlaagd wordt naar 30 km/uur. Los daarvan is het de vraag of mengen van fiets en autoverkeer gewenst is op een dergelijke lange rechte weg met veel schoolgaande jeugd op de fiets. - Gemeente Blaricum heeft nog niet zo lang geleden een vrachtwagenverbod op de Dreef ingesteld. Voor dit vrachtwagenverbod was destijds een zeer groot draagvlak. Binnen deze afspraak bestaat de mogelijkheid om ontheffing aan te vragen, wanneer hier goede argumenten bij worden vermeld. In de gesprekken met de participatiegroep heeft Stad- en Lande Ruiters aangegeven nu niet met paardenvrachtwagens bij de percelen langs de Burg. Le Coultredreef te kunnen komen.
In antwoord hierop is hen geadviseerd met gemeente Blaricum in gesprek te gaan over de mogelijkheid van een ontheffing. - In de raadsvergadering van 6 juli 2021 heeft de Raad van gemeente Blaricum het volgende besloten: Punt 4 van de jaarrekening aan te vullen met binnen het budget groot onderhoud het realiseren van een trapverbinding van bijvoorbeeld boomstammen tegenover de Le Coultredreef aan de andere zijde van de Randweg die uitkomt in het park aan de zuidwestzijde van Blaricum Bijvanck.
6
Gemeentelijke beleidsambities In de gesprekken met de ambtelijke werkgroep zijn de volgende gemeentelijke beleidsambities benoemd: - Vanuit wegbeheer worden de richtlijnen van de CROW genoemd. Hierbij is er onderscheid tussen wegen binnen de bebouwde kom en wegen buiten de bebouwde kom. Wegen buiten de bebouwde kom hebben een maximumsnelheid van ofwel 60 km/uur ofwel 80 km/uur. Wegen binnen de bebouwde kom hebben een maximumsnelheid van ofwel 30 km/uur ofwel 50 km/uur. Omdat er langs de Burgemeester Le Coultredreef geen bebouwing staat is het aannemelijk om de weg te zien als een weg buiten de bebouwde kom. - Wegen buiten de bebouwde kom zijn in Blaricum in principe in asfalt gematerialiseerd. - Vanuit verkeersveiligheid is er een sterke wens om het fietspad aan de oostzijde, de zijde van de weilanden te houden. Argument hiervoor is dat er dan veilige aansluitingen zijn bij de kruispunten aan zowel noord- als zuidzijde van de Burgemeester Le Coultredreef. In principe is de inrichting van deze twee kruispunten voorwaardelijk voor inrichting van de Burgemeester Le Coultredreef. - De weg dient af te wateren op de berm, er is geen riolering in de weg. - De BEL-gemeenten hanteren het uitgangspunt dat binnen de bebouwde kom de openbare wegen wordt verlicht.
Buiten de bebouwde kom wordt niet verlicht, tenzij de weg een ontsluitingsfunctie heeft (verbinding woonkern met rijksweg) of het een conflictsituatie betreft. Hiermee wordt een drukke kruising of een scherpe bocht bedoeld. - Ontwerp/inrichting en beheerbudget moeten met elkaar in overeenstemming zijn. - De speelwaarde van de speelweide nabij de Meentzoom en Burgemeester Le Coultredreef versterken, in overleg met Goois Natuurreservaat en binnen de kaders van het huidige bestemmingsplan en aanduiding als NNN-gebied en Landelijk gebied. Er wordt gestreefd naar natuurlijke en landelijke vormen van spelen en naar het toevoegen van impulsen voor spelen, sport, toegankelijkheid en groen. De speelweide ligt op kadastraal eigendom van GNR; de aanwezige speelvoorzieningen zijn in beheer van de gemeente. Staat van de openbare ruimte In de gesprekken met de ambtelijke werkgroep zijn de volgende aandachtspunten benoemd ten aanzien van de openbare ruimte: - Openbare verlichting is toe aan vervanging, aandachtspunt is de toepassing van vleermuisvriendelijke verlichting. - Deklaag van de rijbaan is einde levensduur. Keuze is nu om binnen een jaar de weg te voorzien van een nieuwe deklaag of te kiezen voor een volledige reconstructie. - Bloemrijke bermen langs de rijbaan zijn zeer waardevol. Hier dient voorzichtig mee omgegaan te worden bij eventuele aanpassingen aan de weg.
7
5. OVERZICHT VAN WENSEN VAN DE PARTICIPATIEGROEP INZAKE FUNCTIE VAN DE WEG, BEELD VAN DE WEG EN BEELD VAN DE GROTERE OMGEVING Functie van de weg In de gesprekken met de participatiegroep zijn de volgende wensen naar voren gebracht inzake de functionele indeling van de weg: -
Voetganger o De weg speelt een belangrijke rol als verbinding tussen Blaricum Dorp en Blaricum Bijvanck en Blaricum Blaricummermeent. o Wens om een volwaardige route voor voetganger in het profiel op te nemen, met een veilige afscherming naar overige weggebruikers. o Voor de positie van het voetpad zijn twee mogelijke oplossingsrichtingen: § Combinatie voet-/fietspad aan de oostzijde van het profiel (voor alle deelnemers aan de participatiegroep een acceptabele oplossing). § Voetpad aan de westzijde van het profiel. De Werkgroep Verbinding ziet hierin een meerwaarde (lopen aan de kant van het natuurgebied); GNR ziet hierin een nadeel en een risico (toename gebruiksdruk op kwetsbare natuur). o Wens om veilige oversteekplaatsen te creëren van voetpad naar aansluitende wandelpaden in het gebied.
-
Fietser o Wens om bestaande breedte van het fietspad te handhaven. o Wens om bestaande ligging van het fietspad aan oostzijde van de weg te handhaven, omdat aanpassingen in de voorgenomen reconstructies van de kruispunten dan veel logischer en verkeersveiliger zijn. Ook de aansluiting op de ventweg richting Eemnes is hierdoor eenvoudiger. o Als er extra ruimte beschikbaar is, dan overwegen om het fietspad te verbreden in verband met toenemend aantal fietsers met steeds grotere onderlinge snelheidsverschillen.
-
Automobilist o Wens om de weg onderdeel te laten zijn van de bebouwde kom en de maximum toegestane snelheid te verlagen naar 50 km/uur. De reden dat het model van 30 km/uur, waarbij fietser en auto gebruik maken van zelfde rijbaan niet verder is onderzocht is dat dit met de huidige afspraken ten aanzien van aanrijtijden voor nooden hulpdiensten geen realistische variant is. o Wens om de rijbaan te versmallen van ca. 5.5 m naar ca. 5.0 m wegbreedte. o Wens om de huidige chicanes in de weg te verwijderen. o Wens om geen drempels in de weg toe te passen.
-
In/uitritten van de weilanden o Wens om de verkeersveiligheid van de in/uitritten van de weilanden te vergroten. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het – ter plaatse van het toegangshek richting het weiland verplaatsen van de toegangshekken, zodat een voertuig voor het hek kan staan, zonder dat een conflictsituatie met overig verkeer op de weg (fietspad) optreedt. Zie hiervoor ook de referentiefoto van de Eemnesserweg op pagina 18 van deze notitie.
8
Beeld van de weg In de gesprekken met de participatiegroep zijn de volgende wensen naar voren gebracht inzake het beeld van de weg: -
Materiaalgebruik. o Wens om de rijbaan tonrond in gebakken klinkers uit te voeren. o Wens om het voetpad in waterdoorlatende halfverharding uit te voeren. o Wens om het fietspad te behouden in rood asfalt.
-
Verlichting. o Wens om verlichting te vervangen door verkeersveilige, duurzame en natuurvriendelijke verlichting. o Wens om verlichting zorgvuldig af te stemmen tot de aanwezige inritten tot de weilanden. o Wens om het gehele profiel vanuit één rij lichtmasten te verlichten, met hierbij het accent op het fiets- en wandelpad.
-
Beplanting. o Wens om het bestaande - cultuurhistorisch verantwoorde - open karakter van zowel de weilanden als het natuurgebied op de lange termijn te behouden. o Wens om de weg meer aan te kleden met bijvoorbeeld een eenvoudige haag van Spaanse Aak (Acer campestre) tussen fietspad en rijbaan. Consequentie is dan wel dat een deel van de bloemrijke berm zal verdwijnen. o Wens om de weg meer aan te kleden met een enkele solitaire boom langs het wegprofiel. Qua soorten kan gedacht worden aan bijvoorbeeld berk of krent aan de zijde van het natuurgebied en bijvoorbeeld ratelpopulier of zomereik aan de zijde van het weiland. o Wens om zorgvuldig aandacht te geven aan een voldoende grote groeiplaats en voldoende afstand van nieuwe bomen tot verharding en erfgrenzen.
9
Beeld van de omgeving van de weg In de gesprekken met de participatiegroep zijn de volgende wensen naar voren gebracht inzake het beeld van de grotere omgeving: -
Kuilvoerplaatsen. o De gronden ten westen van de Le Coultredreef zijn in 2007/2008 overgedragen aan GNR. De overdracht is gekoppeld aan enkele voorwaarden tot behoud van reeds aanwezige gebruiksaspecten: deze zijn daartoe vastgelegd in de koopovereenkomst. Als uitwerking daarvan is een beheervisie opgesteld. o GNR staat er voor open om weloverwogen en gezamenlijk in te zetten op een andere koers, bv. het beschikbaar stellen van een locatie elders of het toespitsen van het gebruik van de kuilvoederopslagplaatsen op louter Blaricumse boeren. Maar zij gaat dit niet alleen en niet op eigen initiatief doen. o Wens om het aantal kuilvoerplaatsen te verkleinen, de locatie van de kuilvoerplaatsen richting het dorp te verplaatsen en het zicht op de kuilvoerplaatsen te verkleinen middels het landschappelijk aankleden/inpassen en het toevoegen van bomen en struweel rondom de kuilvoerplaatsen. o Met de participatiegroep is de suggestie besproken om de kuilvoerplaatsen uit te plaatsen naar het gronddepot van de gemeente Blaricum en Laren aan de Gooyerweg. Voor de gemeente is dit geen optie, omdat dit depot eigenlijk al te klein is. Daarbij wordt dit gronddepot door de afdeling civiel gebruikt als gronddepot om reconstructies in gemeente Blaricum en Laren uit te voeren. Daarnaast wordt in de winterperiode een klein deel van het depot ingezet om blad op te slaan door cluster groen.
Hier is het depot ook volledig met vergunningen van provincie, waterschap en omgevingsdienst in 2016 gerealiseerd. Conclusie is dat uitplaatsing kuilvoerplaatsen naar het gronddepot geen optie is.
-
Schuilplaatsen voor dieren. o De gemeente ontvangt elke zomer (bij hitte) opnieuw meldingen omtrent afwezigheid van voldoende schaduw voor dieren (paarden) langs de Burgemeester Le Coultredreef. Ook de raad stelt hierover vragen aan het college. o ASB is van mening dat dit geen onderdeel behoort te zijn van deze participatie. Het betreft een private aangelegenheid, waarbij gemeente Blaricum ook geen bevoegd gezag is. ASB is van mening dat er voldoende schuilmogelijkheden zijn. Voor ASB zijn extra bomen geen gewenste oplossing, omdat dit de openheid aantast, omdat bomen onderhoud vergen en omdat bomen vanwege hun schaduw het rendement van het gras/hooiland verkleinen. o Niet de gemeente, maar het Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) kan toezien op een juiste omgang met dieren en indien nodig handhaven. o Bij extreme hitte dienen de eigenaren van paarden voldoende schuilmogelijkheden te bieden op grond van het ‘Protocol extreme weersomstandigheden voor paarden’ van de Sectorraad Paarden (let op; elk jaar is er een nieuwe versie). Ik weet niet wat de status is van de entiteit Sectorraad Paarden. o Gemeente Blaricum ziet natuurlijk graag dat paardeneigenaren een dergelijk protocol toepassen op hun paarden. Maar gemeente Blaricum ziet geen rol voor zichzelf om meldingen te beoordelen; zij zijn immers geen bevoegde instantie.
o Het bieden van schuilmogelijkheden is toegestaan in de vorm van een tijdelijk doek of parasol (of eventueel kan een tijdelijke ‘partytent’ bij extreme hitte&zon worden gedoogd), mits deze niet langer dan 31 aaneengesloten dagen wordt geplaatst. o Heel belangrijk is wel dat er geen schuilmogelijkheden worden geplaatst met een permanent karakter. Dus geen huisjes op wielen of sleepstal of zeecontainer of pipowagen o.i.d.
10
o o
Bomen als schaduwgevende objecten zijn een lastig punt in verband met het open willen houden van het landschap. De gemeenteraad heeft op 10 juli 2018 een motie aangenomen over ‘Tijdelijke schuilstallen’ (zie bijlage). In die motie heeft de raad een zinsnede overgenomen uit het ‘Protocol extreme weersomstandigheden voor paarden’ van de Sectorraad Paarden. Dit protocol is de afgelopen jaren elk jaar licht aangepast. In de versie van 2017 stond de zinsnede “'ln het kader van dierenwelzijn mogen paarden in Nederland alleen in de wei lopen als er sprake is van een beschuttingsmogelijkheid”. Deze zin is overgenomen in de raadsmotie van 2018. Maar deze door de raad overgenomen zin staat niet meer in de versie van 2020 en 2021. Het vermoeden bestaat dat deze zin anno nu niet meer zo stellig wordt gehanteerd door de Sectorraad Paarden, omdat daar nuances bij zullen bestaan.
-
Hekwerk langs weilanden. o Wens om het bestaande dubbele afrastering langs de weilanden te vervangen voor een hardhouten hek met een meer rustieke uitstraling.
-
Parkeerterrein en speelplek in natuurgebied. o GNR ziet graag de speelweide, de kuilvoederopslagplaatsen en het parkeerterrein in zijn totaal wat opschuiven richting de bebouwing. GNR ziet graag dat dit integraal wordt beschouwd en opgepakt.
11
6. STUDIEMODELLEN TOEKOMSTIGE SITUATIE In overleg met de participatiegroep zijn diverse principeprofielen met elkaar onderzocht. Onderstaande drie modellen zijn hierbij overgebleven als mogelijk interessant voor het totale profiel of voor delen van het profiel. Het eerste model kan op veel draagvlak in de participatiegroep rekenen en past ook binnen de huidige profielbreedte. Het is absoluut een verbetering van de bestaande situatie. Het tweede en derde model zijn chiquer dan het eerste model, echter zijn deze niet zonder medewerking van de Agrarische Stichting Blaricum uitvoerbaar.
Model 1. Voorstel binnen huidige profielbreedte
12
Model 2. Voorstel met 2 m extra profielmaat benodigd.
Model 3. Voorstel met 5 m extra profielmaat benodigd.
13
8. REFERENTIES
Terugliggende poort naar weiland aan Eemnesserweg in Blaricum.
14
Eemnesserweg Blaricum. Weg in baksteen, smalle berm met bomen en fietspad.
NB. Het aantal bomen zal langs de Burg. Le Coultredreef een stuk lager zijn om de kernkwaliteit van het open buitengebied te behouden.
15
Meentweg Eemnes. Weg in baksteen, smalle berm met bomen en fietspad.
NB. Het aantal bomen zal langs de Burg. Le Coultredreef een stuk lager zijn om de kernkwaliteit van het open buitengebied te behouden.
16
Voorbeeld hekwerk met rustieke uitstraling. Van Vliet Kastanjehout, Leersum.
17
Impressie van Burg. Le Coultredreef met rijbaan in gebakken klinker, bloemrijke berm met verspreid staande bomen en hagen en gecombineerd fiets- en wandelpad.
18
Impressie van Burg. Le Coultredreef met rijbaan in gebakken klinker, bloemrijke berm met verspreid staande bomen en hagen en gecombineerd fiets- en wandelpad.
19
Impressie van wandelpad en fietpad langs Burg. Le Coultredreef.
20
Impressie van rijbaan in gebakken klinker op de Burg. Le Coultredreef.
21