Transcript Rondetafelgesprekken 19.03.2024
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE RONDETAFELGESPREK VAN GEMEENTE BLARICUM d.d. 19 maart 2024
Opening De voorzitter: Goedenavond, dames en heren. Welkom allemaal raadsleden, collegeleden, mensen op de publieke tribune. 1.
Niet geagendeerde onderwerpen De voorzitter: Ik heb een verzoek gekregen van de griffier. De vorige keer was de opname heel slecht. Wij gaan nu proberen, althans, de griffier gaat proberen om te kijken of het er een betere opname komt als je de microfoon echt kaarsrecht voor je zet en er niks tussen. En een eventuele iPad of een papier waarvan u wil lezen daarachter. Kijken of dat beter werkt.
2.
Beleidsplan Kapaanvragen Blaricum 2024 De voorzitter: We hebben vanavond geen insprekers dus we kunnen meteen beginnen met het tweede agendapunt, het derde agendapunt, want de eerste agendapunt was de opening. Het Beleidsplan Kapaanvragen Blaricum. Wie van u mag ik als eerste het woord geven? Ik zag mevrouw Dobber. Mevrouw Dobber-Spruijt: Dank u wel, voorzitter. Een uitgebreid stuk met het hele puntensysteem uitgelegd. Wij hadden twee vragen en het had met name te maken met het systeem dat aansluit op hetgeen wat Laren ook in gebruik heeft genomen, al een tijdje geleden. Wij vragen ons af, want dat staat in het stuk, op een aantal punten wijkt het af, Laren. Wij kunnen niet er precies uithalen wat dat precies is. Ik weet niet of in het kort even aangegeven kan worden waarom wij afwijken? In principe is de VVD niet echt voor dat wij als gemeentes allemaal drie verschillende dingen gaan aannemen. Het lijkt mij voor de ambtenaar een hele klus om allemaal uit elkaar te halen of iets voor Laren, Blaricum of Eemnes is. Dus de afwijkingen zien wij liefst minimaal, maar ik begrijp dat er een aantal afwijkingen zijn. De tweede vraag, ik mag neem aan dat ik meteen een tweede vraag mag stellen hierop aansluitend, hoe zijn de ervaringen in Laren met betrekking tot het puntensysteem? Want we gaan het over twee jaar gaan we dit evalueren.
De vraag is, daar is dacht ik al even mee bezig, hoe staan ze erin en komt het een beetje begrijpelijk over? Dat mensen ook inderdaad begrijpen wat ze moeten doen als ze een kapvergunning aan moeten vragen. Dat zijn twee vragen. Dank u wel. De voorzitter: Ik ben vergeten om mevrouw Rena Heilema voor te stellen. Zij is de ondersteuning van de heer Frans Cornelis, zij heeft het kapbeleid onder zich als ambtenaar. Welkom. Wethouder Cornelis, u het woord. Ik mag aanblijven, toch? Wethouder Cornelis: Mevrouw, de voorzitter. Eerste vraag, de twee afwijkingen zitten, en Rena zal mij aanvullen als ik het fout heb, zitten voornamelijk in de zonnepanelen waar wij een regeling hebben die gebaseerd, is tegelijk een antwoord op uw tweede vraag mevrouw Dobber, dat is gebaseerd op de ervaring in Laren dat wat ze daar geprobeerd hebben helemaal niet werkzaam was. En dat vonden wij niet in overeenstemming met onze duurzaamheidswensen. Het tweede is dat we aanzienlijk meer aandacht hebben Dat komt ook uit de evaluatie van Laren die nog niet helemaal af en officieel is, maar meer aandacht voor het begin van het proces bij met name bouwvergunningen. Want als je eenmaal een bouwvergunning vergund hebt, dan ben je daarna vaak wel gedwongen om de bomen op rondom die plek ook toe te staan, de kappen
dan. Dat willen we dus verder naar voren trekken. Dan heb je een subvraag gesteld, begrijpen mensen dat? Ja. De bedoeling is dat je in elk geval met een tabel uit de vaagheid komt, dat je heel goed kunt, veel beter dan vroeger kunt voorspellen. Dat je een probleem gaat hebben of niet. En daarvan hopen wij dat het een gunstig effect zal hebben op het grote aantal, voor de zekerheid, aanvragen wat we nu krijgen die voor niks worden gedaan. En aan de andere kant ook de onderbouwing voor de handhaving een stuk begrijpelijker zal maken van, ja maar je had toch kunnen weten dat dat niet ging? We hopen dat het dus ook een verbetering is in het proces intern om de vergunningen te verlenen. Hoop ik daarmee uw vraag beantwoord te hebben? Rena, goed gezegd? Nog een belangrijke afwijking. Dat gaat verder over het verhaal van de onnodige vergunningen. Er werden heel erg veel vergunningen aangevraagd voor bomen met een stamdiameter van iets meer dan 20 centimeter. In de praktijk zijn die bijna allemaal verleent, dus we hebben dat opgevoerd naar 30 centimeter. Het moet wel echt een stevige boom zijn voordat je dan een vergunning moet aanvragen. En dat is anders. Ik heb van de wethouder in Laren begrepen dat hij, kan niet zeggen waar het op uit zal draaien, maar hij vindt niet dat wij onverstandige aanpassingen doen.
De voorzitter: Voldoende? Wethouder Cornelis: De doorsnede, de omtrek is dan 95 centimeter. De voorzitter: Ik kijk even naar de andere kant. Mevrouw Beemsterboer. Mevrouw Beemsterboer: Dank u wel, voorzitter. Ik begin even met een vraag over de boomwaarde. Het overzicht met de bepaling van boomwaarde is duidelijk en volgens mij voor iedereen wel te begrijpen waarom er afwegingen worden gemaakt om te kappen. Toch kan Hart voor Blaricum zich wel voorstellen dat er vraagtekens zijn bij het onderdeel beeldbepalend, daar staat duidelijk, wordt gekenmerkt door waarden en punten. De boom valt op of springt in het oog, onderdeel van een beschermd dorpsgezicht, vormt een herkenningspunt, vestigt aandacht op iets dat typerend is voor Blaricum. Nou is de vraag, een aanleg van een HOV busbaan, die heeft gezorgd voor het kappen van een beeldbepalende houtwal aan de Stichtseweg. Houden we dit soort acties met dit Beleidsplan in de toekomst tegen? Dat is mijn eerste vraag. Mijn tweede vraag is, dat gaat een beetje over waar we het net over hadden, de bomenkap. Straks kunnen de bomen zonder vergunning gekapt worden tot 95 centimeter omtrek. We hebben begrepen dat wij als gemeente dit zelf kunnen bepalen en niet hoeven te staven aan de wettelijke normen.
Daar staat namelijk een alleenstaande boom waarvan de stam op een hoogte van 1 meter 30 boven de grond een stamomtrek heeft van 65 centimeter of minder. Hart voor Blaricum vindt de omtrek van 95 centimeter uit het Blaricumse Beleidsplan best wel veel. Waarom is er daarvoor gekozen? Dat is vraag twee. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Cornelis? Wethouder Cornelis: Mevrouw, de voorzitter. De eerste vraag, de ervaring was dus dat, het ging over de omtrek, dat er dus heel, heel, heel veel bomen wel vergund werden en we hebben blijkbaar veel van die bomen. Meer kan ik er niet van zeggen. Het is natuurlijk best wel een stevige boom, maar aan de andere kant we hebben daar heel erg veel. De meeste waar het geding over gaat, als je denkt van nou moeten we dat vergunnen of niet? Die zijn wel aanzienlijk dikker, dus het heeft met onze lokale omstandigheden te maken. Mevrouw Beemsterboer: Dat was vraag twee. Wethouder Cornelis: De boomwaarde natuurlijk. Zorgvol, de tweede, neem me niet kwalijk. Wat er gebeurd is, dat deze systematiek die gebruikt de beeldbepalendheid, zult u ook zien, eigenlijk als een achtervanger, want bij cultuurhistorie enzovoort kun je ook al punten krijgen. En als dat allemaal niet van toepassing is en hij toch beeldbepalend, zijn dat 10 punten. Maar omdat je dus een heel ander kader hebt en je een aantal van die
plekken moet sparen om te zeggen dat je mag kappen of niet mag kappen, is het verschil op dat ene element wordt veel kleiner, een veel kleiner percentage blijft daarop hangen. Dus de willekeur gaat het toch voor een groot deel uit. Vroeger was het echt heel moeilijk om te zeggen waarom iemand iets wil bepalen van of niet. Dan hebben we nu meer plekken en het gevolg is dat de voorspelbaarheid van of je daar een probleem gaat hebben of niet, toeneemt. En dat blijkt in Laren ook zo te werken. Dit is dan, je kan hem al op andere plekken gescoord hebben en je moet 10 punten is niet voldoende. Als het 50 waren, zou het maken of breken zijn. Maar doordat je een aantal van die stapjes hebt, kom je veel dichter in de buurt en heb je minder twijfelgevallen in totaal. Dat is de systematiek. Mevrouw Beemsterboer: Voorzitter, mag ik wat vragen? De voorzitter: Ja, gaat uw gang. Mevrouw Beemsterboer: Nou goed een vraag, het is meer … Ik snap het als je een boom hebt die in een prachtige bloei staat, die ieder jaar op een bepaald punt van een wijk beeldbepalend is, maar ik heb nu over Stichtseweg. Dit is geen 50 punten, dit zijn bijna 90 punten, bij wijze van spreken. Het is meer de vraag van, als we nog een keer zoiets omstreden krijgen, wat we mogen het alstublieft verhoeden, dan hoop ik wel dat daar echt wel op een andere manier naar wordt gekeken.
Is daar ook dan invloed op de provincie mogelijk daarin? Of dit beleid tenminste of ... De voorzitter: Wethouder Cornelis. Wethouder Cornelis: Gemeentelijke bomen zijn binnen onze bebouwde kom en als ze daarbuiten vallen, hebben we er weinig over te zeggen. Behalve, en dat kan het ook nog zo zijn, dat ze in beheer zijn bij bijvoorbeeld Staatsbosbeheer en dat is meestal buiten de balkon of bij zo'n instantie. Dan zijn we gewoon niet bevoegd. Het is wel zo dat het beleid wordt hier strenger van, niet losser is. Dat is de bedoeling. Wij hebben over twee jaar ook nog een gezamenlijk met de buren een evaluatiemoment beloofd om te kijken of het werkt zoals we dachten. Maar de bedoeling is dus, zoals we ook in de voorbereidende gesprekken hebben gehad, echt een stapje strenger en meer aandacht voor mogelijk handhaven en dan moet je niet al te veel vage dingen hebben, dus dit maakt het preciezer. De voorzitter: Voldoende? Aan de overkant, mevrouw Claushuis. Mevrouw Claushuis-Rademaker: Dank u wel, voorzitter.
We hebben aan een poosje geleden inderdaad een hele goede avond gehad over met alle voorlichting en iets wat is daar blijven hangen is dat er ook nu wegen zijn met waar één soort bomen staat vooral, dus de diversiteit van de bomen is daar … Dus het kan zijn, ik denk beuken hebben natuurlijk een lange levensduur, maar stel dat die levensduur op een gegeven moment afloopt of dat je de iepenzieke krijgt of weet ik veel wat, is er dan ook het beleid dat vanuit de gemeente dat ze dan aan de diversiteit gedacht worden en kunnen de inwoners daarover meedenken? En een andere vraag is, is de dikte van de stam altijd bepalend? Want je je hebt bijvoorbeeld ook prachtige haagbeuken of beukhagen, hoe je het ook noemt, die ook beeldbepalend kunnen zijn voor een dorpsgezicht? En ik denk met name omdat ik weet dat het in het pand van Pépé Grégoire in Laren heeft gespeeld, die ook een prachtige Haag had, daar discussies over is geweest. Is daar ook een of ander … Wordt het ook een punt systeem meegenomen? Of is daar ook aan gedacht, want het kan ook zo zijn als dat weggehaald wordt dat dat ook heel zonde zou zijn. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Cornelis. Wethouder Cornelis: Over de diversiteit, daar valt moeilijk een algemeen antwoord over te geven. Er zijn gevallen waar je tegenwoordig wil voorkomen dat je al te veel bomen op een rij hebt omdat ze als een soort
landje de één de ander aan kunnen steken en je kunt al die bomen tegelijk kwijtraken aan één of andere ziekte. We zijn zo heel veel kastanjes kwijtgeraakt. Dan is er de subvraag van, kijken we naar diversiteit. Ja dus. We willen niet per sé als het niet nodig is, hele mooie eikenlanen of zo om zeep helpen. Dus dat is het andere. Dan de inspraakvraag, dat zijn eigenlijk drie vragen. Die komt aan de orde als ze een weg gaan herstructureren, maar niet in het kader van deze regeling. Dan krijg je hetzelfde verhaal als wat we eerder hebben gedaan op sommige andere plekken zoals de Blaricummermeent waar we heel parkje opnieuw ingericht hebben en dan zijn aparte procedures voor. Dit is echt voor bomen. Dan de hagen, dat is lastig. We hebben wel nu gezorgd dat een loophole die er in de oude regeling zat, dat als je maar een hele dikke boom had, die kon je toch kappen als hij maar familie was van de heesters en die zijn er. Dat niet meer. Het gaat nu voor alle houtopstanden met meer dan 30 centimeter stamdikten, maar het gaat niet over hagen. Dat is ook normaal niet wat bij een kapbeleid hoort. Opnieuw dan, in extreme gevallen kom je dan bij welstand of bij inspraakprocedures voor de herinrichting van een straat. Maar er is een grens aan wat je met deze regeling kunt doen. De voorzitter: Voldoende? Ik zie dat mevrouw Heilema nog iets wil zeggen.
Mevrouw Heilema: Ik wil wel een haag houden in een beschermde dorpsgezicht kunnen vallen en via die weg beschermd kunnen zijn, maar niet in de kapvergunning, want het gaat echt om die dikte. En mag ik nog iets aanvullen over die diversiteit? We kijken wel als we bomen gaan vervangen, proberen we meerdere soorten te doen. En soms wil je in een laan een bepaald beeld hebben en dan kiezen we verschillende bomen, maar wel met dezelfde uitstraling. Dus dan heb je … het idee is dan alsof het een eikenlaan is, maar er zijn wel meerdere soorten. En soms wil je gewoon als iets van oudsher een beukenlaan is, dan zeg je van, we willen hier dan toch die beuken terug. Ondanks dan kiezen we er bewust voor om geen diversiteit toe te voegen omdat we die historische beukenlaan belangrijker vinden. Dus dat wegen we elke keer af van, afhankelijk van de situatie. De voorzitter: Voldoende. Mevrouw Kukupessy, ik laat even de beurt voorbijgaan aan de heer Hammouti, hij moet nog even acclimatiseren. Mevrouw Kukupessy: Ik had een vraagje over voetnoot 6 van 15, de maximale waarde die een boom kan krijgen, 70 punten. Bij een zeer geringe levensverwachting en bij boom op de engen zou de balans altijd om moeten slaan naar kappen.
Mijn vraag is, wat is de reden dat een boom op de engen automatisch wordt gekapt in Blaricum? We hebben juist een groenbeheer Beleidsplan vastgesteld in juni 2023, waaruit staat dat dit kenmerkend is. Kenmerkende groen, waaruit ook ons aan ontstaansgeschiedenis blijkt behouden. Denk daarbij vooral aan de brinken, de engen vele open plek en beeldbepalende bomen. Ons engen bestaan voornamelijk uit bomen. Dus mijn vraag is, waarom wordt dat gelijk gekapt in Blaricum? Kijk in Laren en Eemnes, dat is anders, want wij hebben akkers en bos. Dat was mijn eerste vraag. Mijn tweede vraag was de evaluatie na twee jaar en wordt besproken in Laren. Maar wordt dat met ambtenaren gedaan of met alle raadsleden? Dat zijn de twee vragen. De voorzitter: Dat zijn de twee vragen. Mevrouw Kukupessy: Ik heb er ook meer, maar dit zijn de … De voorzitter: Komt in tweede instantie. Wethouder Cornelis. Wethouder Cornelis: Over de één tot drie jaar, dat is een misverstand. Dat is een boom die een resterende levensduur van één tot drie jaar heeft. Dan weet je dat die ziek, gescheurd of op sterven na dood is. Die haal je dan weg. Dus het is niet de bedoeling dat een gezonde boom daarop sneuvelt. En de plafond en het aantal punten is bedoeld om bijvoorbeeld een boom die bijna doodgaat en in een eng staat, daar kom ik zo op, dan
zou die wel 100 punten kunnen krijgen, negatief in dit systeem. Er is ergens een grens gezet van, extremen wil je die afkappen en het is afhankelijk van het onderwerp is dat 64 of 70 punten, dat is allemaal details. Gelukkig is de lijst enigszins te automatiseren. Maar goed, de bedoeling is nadrukkelijk niet om dat te doen. En eng is wel degelijk gedefinieerd in de landschapscriteria als een lege ruimte en zonder bomen. Dus als er midden in een eng bomen beginnen te komen, dan mag je die gewoon weghalen en dat is gewoon de definitie van wat een eng is. Mevrouw Kukupessy: Maar waarom is het dan net vastgesteld in groenbeheer Beleidsplan juni 2023 door deze Raad, dat deze beschermd zijn? Wethouder Cornelis: Ik kan u zo snel niet verstaan. Mevrouw Kukupessy: Waarom is er dan vastgesteld bij het groenbeheerplan juni 2023 dat ze beschermd zijn de bomen? Op de engen? De voorzitter: Wethouder Cornelis, even het lampje uit. Wethouder Cornelis: Een eng is groen en dat groen wordt als eng beschermd. Meestal staan de bomen omheen, die horen er dan bij, maar bijvoorbeeld het stuk aan de andere kant van de Le Coultredreef of de eng die achter waar de Dag van het Werkpaard gehouden wordt, daar mag zomaar geen boom in. En nou ja we hebben nu drie beloofd aan de zijkant van de Le Coultredreef voor dierenschaduw. Maar dat vergt al enige flexibiliteit van de provincie.
Dat is een goed voorbeeld denk ik. En dan wordt het dorpsgezicht bestaat uit een eng en dan waarschijnlijk in alle gevallen ingekaderd door groen en door huizen. Dat wordt beschermd. Dat is het idee. De voorzitter: Is dat duidelijk? Mevrouw Kukupessy ? Mevrouw Kukupessy: Nee, want ik snap nog niet de reden waarom die dan automatisch wordt gekapt. De voorzitter: Wethouder Cornelis of mevrouw … Nee? Wethouder Cornelis: Maar als iemand wil kappen, zullen we daar niks aan doen. U had het over een combinatie van in een eng en minder dan drie jaar te leven. Maar daar gaat hij zeker weg. Daar gaan we niet twee keer over nadenken, dat ding is foetsie. Als iemand vraagt om mag die eruit, zeggen wij, ja hoor, hoort er niet en bijna dood. De voorzitter: We gaan dus geen actie ondernemen om de boom te kappen, maar als er een aanvraag komt, mag die gekapt worden. Dat is het antwoord. Mevrouw Kukupessy: Vandaar dat het parkeerplaats helemaal omgekapt is dan, in het bos. Dat terzijde. De voorzitter: Ik weet niet wat precies wat u bedoelt. Ik denk dat u maar in tweede instantie daarop terug moet komen. Mijnheer Meijer, ik had nog een vraagje over Laren, over de raadsleden, gekoppeld nog terug. Wethouder Cornelis. Wethouder Cornelis: In principe houden we rekening mee dat we als we belangrijke dingen willen wijzigen, in beide gemeentes naar de Raad zullen gaan.
Maar het begint natuurlijk altijd, ambtenaren die op vraag van college en hoe is het gegaan en zeggen van zouden iets kleins willen veranderen of iets groots, er zit een schema in over wat de Raad moet toestaan en wat we zelf kunnen, als er grote problemen zijn die we makkelijk kunnen oplossen. In een kleinigheidje met dan in onze procedure bijvoorbeeld, dan zullen we dat waarschijnlijk gewoon doen en de Raad informeren. Gaan we hier aan het echt aan het systeem knutselen?
Dan komt het terug en dat is in principe, kan ik niet voor Laren spreken, maar dat is dus de trits ambtenaren, college, Raad en dat doen we zoals het hoort. De voorzitter: Voldoende? Mijnheer Meijer, nu bent u wel aan de beurt. De heer Meijer: Dank u wel, voorzitter. Ik heb twee onderdelen in mijn vraagstelling. Eerste gaat, is naar aanleiding van de website, ik heb dus gekeken, was natuurlijk nieuwsgierig wat dat betekent als je een kapvergunning gaat aanvragen. Nou, het is geen zonder leuke ervaring. Je raakt verzeild in een groot aantal vragen met eventueel uitstapjes naar documenten die door andere overheidsinstanties worden geleverd. Onder andere het beesie document geloof ik, dat je wil weten welke beschermde diersoort heeft wel in jouw boom kunt aantreffen. Dit leidt ertoe voor mensen die niet echt die digitaal vaardig zijn of tekstueel vaardig zijn of misschien zelfs de taal niet willen spreken, dat je gauw zegt, dit is zo ingewikkeld, dat ga ik allemaal niet doen, ik ga maar vast aan de slag. Dus dat heeft een negatief effect op behoud van onze bomen. Vooral in de privésfeer, neem ik aan, maar kan natuurlijk ook in de openbare ruimte zijn. Wordt de gebruik van die site gemonitord en wordt ook dan kan gezien of er ook daadwerkelijk er uiteindelijk een kapaanvraag uit voorkomt? Want dat geeft dan aan of mensen het opgeven of niet. Dat is het eerste deel.
Het tweede deel gaat over de inventarisatie. Ik heb ook op die website gelezen dat er nu in Blaricum 6.170 bomen staan, dus een enorm aantal. Er staat niet bij of dat alleen een openbare ruimte is of ook in de privé, op eigen terrein. Dat zou ik graag willen weten. Dat is een klein tussenvraagje. Ieder jaar wordt een kwart van dat bomenbestand wordt door de gemeente doorgelicht en bekeken of daar onderhoud voor nodig is. Nou dat is prima natuurlijk. Ik neem aan dat … van waar al die bomen staan en dat er ook wordt bijgehouden of er inderdaad dat aantal bomen nog steeds aanwezig is. Wil natuurlijk niet dat er ondertussen eventjes hier en daar een boompje verdwijnt. Dus eigenlijk zijn er dan twee vragen. Is het streven om het pijl, het aantal bomen in Blaricum op dat constante niveau te houden? Behalve als je natuurlijk gaat bouwen, dan komen de bomen bij. Dat is alleen maar positief. En mochten de bomen gaan ontbreken, vindt er dan ook automatisch herplant plaats? Dat zijn mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Cornelis, zijn meer dan twee vragen. Wethouder Cornelis: Dat zijn eigenlijk drie vragen, minimaal. De voorzitter: Goed, we zien het door de vingers, deze keer. Wethouder Cornelis: De website. Welke website hebt u bekeken? Die van Blaricum of die van Laren? De heer Meijer: Blaricumse, het Blaricumse deel. Wethouder Cornelis: Die is nog niet aangepast, want ...
De heer Meijer: Ik ben gewoon naar de website gegaan van Blaricum. Ik heb het zoekargument kapvergunning ingetikt en dan kom ik op een onderdeel waar ik een grote vragenlijst vind en er staat alleen bij dat er iets gaat veranderen per, ik weet niet, 1 maart ofzo dit jaar, in verband met nieuwe Omgevingswet. Maar ik kan verder gewoon die hele procedure doorlopen, je wordt niet gestopt, gezegd van houdt er maar met mee op want het komt niet meer. Wethouder Cornelis: Het proces is als volgt, we moeten dit beleid vaststellen en daarna weten we precies hoe we de website kunnen gaan in regelen. Op dit moment vindt het, Laren heeft ook een systeem, al die websites gaan op de schop, er is nu overgangsrecht op dit moment. Als we dit beleid vaststellen dan moeten we op basis daarvan de Vfl, de vergunning voor de leefomgeving … En de Verordening fysieke leefomgeving, de Vfl, die moeten we dus, moet er nog aan wennen hoor, die moeten we compatibel maken met dit systeem en een
tweede element hebben de leges. Voorlopig hebben we één belangrijke wijziging gemaakt, namelijk achteraf legaliseren is twee keer zo duur als van tevoren aanvragen, dat is hetzelfde systeem als in Laren, maar daarna moeten we goed gaan rekenen met wat we denken dat er gebeurt, want je mag dus en niet te weinig en niet te veel rekenen voor kapvergunningen. Dus die twee dingen die komen nu langs de Raad, allebei een raadsbesluit voor nodig. En dat hele pakket dat hopen we op een nettere manier dan nu te automatiseren en dat valt weer in project met die websites waar u ook over bent voorgelicht. Heb ik dat nou goed gezegd? De voorzitter: Mevrouw Heilema. Mevrouw Heilema: In Laren is het nieuwe beleid aangepast en dan hebben we ... Er staan op de website staat in klare taal uitgelegd welke stappen je moet doorlopen. Met een beslisboom, hebben we daar toegevoegd. Die zegt van, is het een ja of nee, kan je zo beantwoorden en dan leid het je, je moet wel een kapaanvraag doen of niet. En aan het andere onderdeel als je hem echt aanvraagt, dan moet dat via het Omgevingsloket online. En dat is wel een moeilijkere route, maar daarom hebben we gewoon in klare taal op de website en dat geeft in ieder geval alvast meer houvast om het in te vullen. En in Blaricum is inderdaad is het nieuwe kapbeleid nog niet vastgesteld, dus staat het nog volgens het oude systeem op de website.
De voorzitter: U heeft nog een vervolgvraag hierop? Maar het is de eerste vraag. De heer Meijer: Het is een reactie eigenlijk op dat die mevrouw nu vertelt. De voorzitter: Mevrouw Heilema zegt eigenlijk, u heeft gelijk, het is niet goed, het is heel ondoorzichtig maar er komt verbetering. Het blijft lastig, maar er komt verbetering in, dat is in feite wat er gezegd wordt. Goed. Wethouder Cornelis, tweede vraag. Wethouder Cornelis: Dat is eigenlijk nog vraag 1a, dat is namelijk tegelijk ook het antwoord op ja, het blijft een systeem via een website waarvan je denkt van, nou gaat mijn oma dat ook nog makkelijk doen. Niet lachen, zo oud ben ik niet. Maar ze leeft niet meer, nee, maar het is wel het beste, het is een verbetering en het is het beste wat we nu kunnen doen. Het is ook uiteindelijk in het belang van de bomen van de inwoners enzovoort. De voorzitter: De volgende vraag. Wethouder Cornelis: De volgende vraag. De voorzitter: 6.170 bomen. Wethouder Cornelis: Dat zijn in principe onze bomen alleen ... Ik weet toevallig dat dat nog een oud getal is en we hebben de telling van Blaricum gemeente nog niet bij staan. Dat vroeg mevrouw Kukupessy ook al een jaar geleden en ik moet tot mijn schande bekennen dat niemand ze nog nageteld heeft. Ik kan alleen wel bij zeggen, dat er ook als voorbereiding hierop nu een systeem is, met allemaal puntjes, je zou kunnen tellen.
Moet nog gebeuren en we kunnen tegenwoordig een aantal jaren teruggaan, bijna per maand, via satellietbeelden om te kijken of er bomen die belangrijk waren ineens verdwenen zijn. Als dat zo is, dan kunnen we alsnog de handhaving opstarten. Maar moet wel zeggen dat ik bij het werk van onze ambtenaren een ander idee heb dan elke dag naar 10.000 bomen kijken om te kijken of er eentje verdwenen is. De voorzitter: U heeft alle vragen denk ik beantwoord. Mijnheer Hammouti. De heer Hammouti: Dank u, voorzitter. Ik had eigenlijk een vraag over de uitvoerbaarheid van dit beleid. Is het niet nodeloos ingewikkeld?
Wethouder Cornelis: Een heldere, eenvoudige vraag, dank u. Heb ik mij ook afgevraagd. De praktijk wijst dus uit dat de grote hoeveelheid subjectiviteit in het oude systeem heel erg veel extra tijd kosten. En de ervaring tot nog toe in Laren, ook op andere plekken is dat met de invuloefening, wordt de subjectiviteit een stuk minder en is het veel makkelijker ook voor handhaving om te zeggen, ja maar dat mag niet. Nu ben je afhankelijk, op dit moment nog, in onze huidige regeling van een persoon die komt kijken en die voor zijn gevoel moet beoordelen of het een probleem is of niet. En ja, die mensen zijn wel getraind maar ze worden ook wel eens vervangen. En de ene keer heb je er eentje van hier en dan heb je er eentje van daar en de marges waar je ruzie over kon maken, waren zo en die willen we zo. Is dat ideaal? Nee. Denken we dat het beter is? Jazeker. De voorzitter: Voldoende? Deze vraag? U heeft nog kans om een tweede vraag te stellen. Gaat uw gang. De heer Hammouti: Er zit nog wel subjectiviteit in, dat was eigenlijk het punt. Is niet minder door geworden als iemand zijn pet andersom heeft staan, krijg je andere punten zeg maar. Wethouder Cornelis: Ik heb een paar oefeningen gedaan. Zo weet ik dat je in theorie 100 punten kunt scoren voor de bijna dode ...
-100 punten kunt scoren voor de bijna dode boom op de eng en afhankelijk van wat het probleem is 64 of 70 punten voor een geweldige boom waar absoluut niet aangekomen mag worden. Maar meer dan de helft van de vragen perkt de subjectiviteit in. Het is een beschermde boom of niet? Hij heeft schaduw of niet? En er staat criteria bij en dat betekent dus dat in totaal de marge in het midden ... in het midden blijft die subjectief, dat is zo. Maar de marge wordt in totaal veel smaller. De voorzitter: Voldoende? Dan stel ik vast dat we de eerste ronde gehad hebben. Heeft u nog behoefte aan een tweede instantie? Mevrouw Dobber niet. Mevrouw Beemsterboer wel. Gaat uw gang. Mevrouw Beemsterboer: Meteen van start, dat is mooi. De heer Meijer had al stiekem in mijn papiertje gekeken, dus de helft is al gesteld. Dank u wel, dat scheelt een hoop gekletst. Het is al een beetje besproken, de ziektes heeft mevrouw van CDA ook al een net aangekaart. Onzorgvuldig maaien, dat kan zorgen voor boomziektes, plassen van de hond tegen de boom kan zorgen voor ziektes, klimaatveranderingen kunnen zorgen voor boomziektes. We hadden er net over, die 6.700 bomen zullen er inmiddels 7.500 zijn als ik het zo begrijp met de Blaricum gemeente bij.
Wie bepaalt nou welke bomen er wanneer worden controleert en wordt er dan rekening gehouden met de honderden verschillende boomziektes en aandoeningen waar we tegenwoordig mee te maken hebben en die kunnen ontstaan door de redenen die ik net heb genoemd? Die vraag had ik ... Wilt u ze allemaal meteen in één keer of zegt u van, ik ga ze één voor één behandelen. De voorzitter: Heeft u meerdere vragen ontdekt, wethouder Cornelis? Mevrouw Beemsterboer: Ik heb er nog meer hoor, dus vandaar. Wethouder Cornelis: Ik denk dat ik één antwoord kan geven. Er gaan boomdeskundigen langs bij onze eigen bomen, niet die van privé en niet die van Staatsbosbeheer et cetera, maar de bomen die bij ons in beheer zijn. Daar doen we een kwart en die zijn redelijk goed getraind in het spotten van eventuele ziektes. Dat wil niet zeggen dat we dan daarna bij een eikenprocessierups of zo niet onmiddellijk gaan kijken waar het brand. Maar in het algemeen hebben we vorig jaar nog een inhaalslag gemaakt, zoals u zich wellicht herinnert, dat was een beetje niet helemaal een kwart per keer gedaan een paar jaar, met corona en alles en personeelsschaarstes. Dat proces loopt vrij goed. Het is een beetje ... Daar kijken de mensen ernaar met een oog van, misschien moeten we deze boom volgend jaar nog een keer bekijken om te kijken of het erger geworden is, dan doen ze dat hoor.
Maar de bedoeling is dus dat je in vier jaar het hele bestand een keer gehad hebt en dat zonder dat je weer mensen betaald, want een boom ... Normaal gebeurt er niet zo heel veel mee in een jaar, dus het is
gewoon het vakwerk van de buitendienst en ze hebben daar getrainde mensen bij. Er komt dan echt een bomendeskundige die niks anders doet de hele dag. De voorzitter: Dank u wel. Nog een vraag? Mevrouw Beemsterboer: Nog twee mag dat? De voorzitter: Gaat uw gang. Mevrouw Beemsterboer: Met betrekking tot het kappen. Het moet mensen wat gaan afschrikken. Ze moeten wel bewust worden wat de risico's zijn en trekt tot sancties, dus dat sanctiebeleid, dat ziet er ook goed uit. Dat geeft ons iets meer rust. Vind hartverwarmend prettig. Maar kunt u met zekerheid aangeven dat met deze wijziging op dat Vfl, de afdeling handhaving misbruiken illegale praktijken sneller inzicht heeft en ook de manschappen heeft om meer direct op te reageren? Weet ook dat er best wel wat illegale kappen op de zaterdagen plaatsvindt. Is het een idee om bijvoorbeeld op de zaterdagen de handhavingsoren te spitsen op kettingzaag decibellen? Was niet mijn grap, die heb ik gepikt, maar goed. En dan heb ik nog een klein vraagje over de kapvergunningen, die worden natuurlijk aangegeven ook in het gemeente blaadje, Hei & Wei, je kan dat ook via de website over de, hoe heet dat, bericht over uw buurt. Overal kun je het terugvinden. Dat lijkt misschien wel voldoende communicatie, maar toch krijgen Hart voor Blaricum regelmatig vragen over bepaalde bosschages of bomen die worden dan gekapt nabij hun huis.
Als de bomen betreffen die invloed hebben op je uitzicht op het uiterlijk van de straat of de wijk, kan er dan een vermelding in de brievenbus komen van degenen die daar echt direct mee te maken hebben om in ieder geval te onderbouwen waarom er gekapt wordt? Dat is wat inwoners aangeven wat er aan informatie weleens ontbreekt. Dus dat wil ik meegeven. De voorzitter: Wethouder Cornelis, sanctiebeleid? Boa’s? Wethouder Cornelis: Dat ten eerste. Wij proberen in het midden te houden tussen achter elke struik een boa en aan de andere kant vrijheid, blijheid, doe maar, niemand pak je ooit. Dat laatste is een mengeling en dat moet ik aan de mensen over laten die daar verstand en ervaring van hebben van meer afschrikwekkend sanctiebeleid en dat is dus ingezet afgelopen jaar al, met in elk geval het verdubbelen van de legalisatie ten opzichte van eerst netjes aanvragen. En als we dit systeem invoeren komt er ook nog een financiële herplantplicht, wordt uitgelegd hoe dat gaat werken. En we hebben het IT systeem nu bijna helemaal gevuld is, wat we kunnen gebruiken om echte excessen goed aan te pakken. Maar we hopen wel op een zekere voorbeeldwerking. Dus het is een kwestie van een paar strenge gevallen. Stevig publiceren, zal ik maar zeggen.
Voordat de mensen zich realiseren dat het echt geen sinecure meer is omdat je duizenden euro's te veel kwijt kunt zijn als je denkt dat, je kapt zomaar eventjes een boom en aan de andere kant willen we dus ook niet dat ons hele systeem weer compleet verstopt raakt met mensen die voor de zekerheid maar aanvragen. Dat heb ik ook net uitgelegd. Dus het is een kwestie van, wat is nou verstandig? Wat is wijsheid? En de ervaringen met meer gedetailleerd systeem en beter dan met het open systeem dat we hadden. Dus we gaan die kant op. Ik kan niet garanderen dat er niemand meer ooit ergens een boom illegaal kan kappen. Het is wel zo dat we kunnen zien of er een boom verdwenen is en dat is nieuw. De voorzitter: Wilde u nog reageren? Dat is de volgende vraag. Wethouder Cornelis: Daarvoor geldt ook dat dat we liever ... De beruchte momenten zijn dat iemand mag bouwen en dat die bijvoorbeeld tien bomen mag kappen. Je komt een week later terug en er zijn er 16 weg, waarvan een paar heel mooie. Dat willen we dus niet. We hebben nu veel betere straks, nog niet, eind van het jaar, als we alle regelingen aangepast hebben we veel betere manieren om dat aan te constateren en als we dat willen, moeten wel opvallen, maar dat zal automatisch doen als een soort boom is die u daar beschrijft,
om daar ook gewoon te zorgen dat we het geld terughalen en dat we de mensen kunnen dwingen om die bomen terug te zetten of op een andere manier te zorgen voor evenveel bomen. Je kan nooit helemaal garanderen. Eigendom is ook een recht en als iemand een bouwplek heeft, dan moet hij kunnen bouwen. Je kan nooit helemaal garanderen dat er nooit ergens een boom zal verdwijnen waarvan de buurt zegt, die hadden we graag gehouden. Dat is nou eenmaal een deel van het eigendomsrecht. Iemand heeft een stuk land gekocht en dan mag die bepaalde dingen. Dat moet je als gemeente ook toelaten anders had je de gemeente, wordt ... Gaat de hele dynamiek eruit, bouwt niemand meer aan nieuw huis of kan niet meer niet de bedoeling. De voorzitter: En de zaterdag? Want daar werd heel specifiek naar gevraagd. Zaterdag om boa de dorp doorheen door te sturen om goed te luisteren? Wethouder Cornelis: Ik zal het doorgeven als idee maar ik wil horen wat ze te zeggen hebben voor ik daar een toezegging over doe. Ik weet niet of, bij mij in de buurt is toevallig een keer iets gepasseerd afgelopen maand, waar ik redelijk de pest over in heb en waar ik niet over zal uitbreiden. Maar dat gebeurde gewoon op een dag doordeweeks. De voorzitter: Goed.
Dat was de tweede vraag en de laatste vraag was, kunt u geen brief in de brievenbus doen bij mensen die uitkijken op een boom en dan ineens op een dag zien dat die boom weggaat, hoewel die in Hei & Wei gestaan heeft enzovoort. Wethouder Cornelis. Wethouder Cornelis: Vergunde bomen moeten gepubliceerd worden. Een systeem waar we iedereen brieven gaan sturen, daar zijn we niet op ingericht. Ik denk ook niet dat uw Raad tevreden zou zijn met de consequenties dat qua kosten hebben. Het zou echt, dat wordt ... dan moet je één of twee mensen extra voor aannemen. Dat gaat niet worden. De voorzitter: Heel duidelijk antwoord. Als u het mee eens met of niet, het hangt van u af, maar dank voor duidelijk antwoord. Dat waren de vraag van mevrouw Beemsterboer. Mevrouw Claushuis. Mevrouw Claushuis-Rademaker: Dank u wel. Over het sanctiebeleid. Ik vroeg me eigenlijk af wat het verschil, last onder dwangsom en last onder bestuursdwang, waarom daar een onderscheid in is gemaakt? Dat was mij niet helemaal duidelijk. Heb al wel proberen op te zoeken, maar dan werd het nog niet duidelijk. De voorzitter: Dat was uw vraag? Wethouder Cornelis. Wethouder Cornelis: Een last onder dwangsom is het eerste stadium en daarna heb je verschillende soorten van handhaving.
Bestuursdwang kan gewoon betekenen dat wij de boom terugzetten op zijn kosten of haar kosten en dat dan als iemand blijft weigeren iets te doen, je kan mensen niet fysiek dwingen, je krijgt ze er toch ook niet voor in de gevangenis, maar dan kun je wel zeggen, wij passen bestuursdwang toe. Er gebeurt dit en op uw kosten en kan je verzekeren dat dat normaal gesproken je daarna gaat wensen dat je je eigen tuinman gebeld hebt. De voorzitter: Korte metten dus. Ik ga naar de overkant. Mevrouw Kukupessy. Heeft u nog vragen? Mevrouw Kukupessy: Een vraag. Sommige vormen van overlast kunnen veel punten krijgen, maar wettelijk dient ook enige vorm van overlast geaccepteerd worden in het algemeen belang. Wat zijn criteria 's van wettelijk geaccepteerde overlast? Ik kon dat niet vinden. Ik neem niet aan een eikel die uit de boom valt of een kastanje of een blaadje. De voorzitter: Wethouder Cornelis.
Wethouder Cornelis: U hebt gelijk dat u die niet kunt vinden. Het is het omgekeerde van wat wel mag. Dus je kunt protesteren, maar anders wordt het een civiele zaak. Heeft de gemeente er niks meer mee te maken. Dus hier is een regeling die zegt van, hier moet je vergunningen voor hebben. Als dat niet zo is, kun je wanneer er geen reden is, als de boom niet vergund is en je hebt er toch last van en hij wordt niet omgehakt dan kunnen wij als gemeente relatief weinig doen. Dan kun je wel civiel je buurman aanspreken. Je zegt, die boom van jou, daar heb ik echt last van. Daar zijn ook regels voor. Met die regels, je ziet het voor een klein deel bijvoorbeeld, er is een algemene norm wortelopdruk van bijvoorbeeld drie centimeter voor weg enzovoort. Maar die komen uit de rechtspraak van het gewone burgerlijk recht. En daar gaan wij als gemeente ook weer helemaal niet over dus het is ... er blijft een gat over en wat hier dus staat is van, ja je zal dus niet alles ... Je zal een bepaalde vorm van overlast moeten dulden en je kunt alleen maar op basis nog van onrechtmatige daden naar de rechter, gewoon als buurman. Maar de gemeente, als wij een regeling maken van hier moet je vergunning voor hebben en daarvoor niet, ja, daarna zijn wij uitgepraat. We zijn geen dictators. Je maakt regels en wetten en daar moeten we onszelf als eerst aanhouden. De voorzitter: Voldoende? U doet het ermee.
De heer Meijer? Geen vragen, die waren ook ... Dan stel ik vast dat iedereen zijn vragen heeft kunnen stellen in twee instanties en zeker, dat vergeet ik niet. Is dit een onderwerp wat direct naar de besluitnemende Raad kan of wilt u het nog bespreken in de meningvormende Raad? Nou goed, dat is eigenlijk hetzelfde. Met andere woorden korter, is dit een bespreekstuk of een hamerstuk? Bespreekstuk? Als één al het een bespreekstuk vindt, dan is het een bespreekstuk. Neem aan dat de andere daar helemaal mee eens zijn want het is een belangrijk onderwerp. Dan kijk ik naar de tijd. Zullen we heel even een korte pauze houden? Het is kwart voor negen. Ik stel voor om vijf minuten pauze te houden en dan aan het volgende onderwerp te beginnen. 3.
Water- en Rioleringsprogramma (WRP) 2024-2028 De voorzitter: We zijn wel volop met elkaar in de discussie, maar we hebben nog een belangrijk agendapunt. Ik zou graag willen dat iedereen ging zitten en aandacht heeft voor de voorzitter. Dank u wel. Wij hebben aan tafel gekregen voor het Water- en Rioleringsprogramma de heer Ron van Nuss, al enige jaren werkzaam bij BEL organisatie. Het is een beleidsprogramma hoog over. U krijgt vanavond de gelegenheid om uw vragen te stellen. En ik wil eens een keer op een andere manier een rondje doen. Net was de heer Hammouti de laatste. Als u wil kunt u als eerst uw vragen stellen. De heer Hammouti: Ik heb gehoord dat de buurman ongeveer dezelfde vragen heeft, dus ik ben hartstikke blij. Ik had de vraag over de kosten of dat ... Daar kwam ik niet helemaal uit, of u dat misschien iets meer inzichtelijk kunt maken voor de komende jaar. En dat was de vraag. De voorzitter: Dat is uw eerste vraag? Uw enige vraag of doet u meteen een tweede? Wethouder Cornelis, kunt u iets duidelijker zijn over de kosten voor de komend jaar, jaren neem ik aan. Wethouder Cornelis: Op pagina 4 van de ... Moet zeggen het beslisvoorstel voor de Raad, vindt u een overzichtje wat gelijk laat zien waar de grote bub zit.
Er zijn eigenlijk een aantal categorieën die tot optellen tot de totaalbedragen waar ook kapitaallasten bij horen, waar we een heel verhaal over hebben geschreven, maar je moet zich voorstellen dat er dus om de twee jaar zijn er inspectiekosten, die zijn hoog, dan lopen de mensen rond die gaan kijken hoe doet het riool het, gaan er in kijken, stroomt het door, is die ingestort, hoe ziet de beton er uit, sommige kun je in lopen heb ik begrepen, ga ik niet proberen. En daarna heb je twee anderen die ook relatief nog lagere bedragen zijn, de gemalen en de drukunits die hebben een levensduur van 15 jaar. Dus die inspecties die moet je dan meenemen, maar het kan zijn dat je daar dus vaker aan moet repareren, vervangen enzovoort. Dat is dat werk. Dat zijn dus van die apparaten die met lage druk werken en dan zijn er de persleidingen en dat zijn veel grotere installaties, die grote hoeveelheden, met name rioolwater naar de afvalzuivering perst. Dan hou je over het Systeemoverzicht Stedelijk Water, de SSW, dat staat
daarvoor. Dat is de grote dure jongen. En dat is gewoon de voorspelling op een gemiddelde van wat we aan arsenaal hebben. U heeft allemaal mooie kaartjes gezien van eigenlijk, ook godsvermogen moet ik zeggen, aan spul onder de grond. U kunt zich voorstellen dat er in Blaricum toch zeker zo'n 10 procent van het boven de grond gebouw dat zit onder de grond, riolen, leidingen, alle riolen, dubbel tegenwoordig met waterafkoppeling enzovoort en die zijn duur om te vervangen en hoewel ze dus een aantal gevallen heel lang leven, zijn ze zodanig duur als je moet vervangen, dat dit een bedrag is wat ook al hetzelfde is, wat een gemiddelde is van wat je dus met al die acties van inspecties en vervanging en de ouwe en de nieuwe, wat je dan moet verwachten. Als je dan kijkt verder in het diepere rapport, dan zie je dat er een paar grote hobbels in zitten en dat komt doordat als de wijken aangelegd worden, dan komt er een heleboel tegelijk. Dus je krijgt 50 jaar later van die categorie en misschien 30 jaar later van sommige andere lichtere leidingen, krijg je ineens een bubs dat ze aan vervanging toe zijn. Het hele verhaal is dan ook verder op gebaseerd, op het proberen dat enigszins te egaliseren. En heb ik geprobeerd om een idee te geven van waar het geld nou in zit. De heer Hammouti: Ik heb een vervolg vraag. De voorzitter: Ja, tweede vraag, ja.
De heer Hammouti: Met het Bijvanck plan hebben we gezien, dat de kosten voor het vervangen van het riool, riool zag er nog goed uit, dus daar konden we op besparen. Is daar rekening mee gehouden in het hele plan? Wethouder Cornelis: In het hele plan. Het Bijvanck plan is een apart plan. Maar ja, in principe telt het allemaal op en ook voor de Bijvanck is een zelfstandig plan gemaakt. Misschien kun jij er nog iets van kunt zeggen wat erin zit. De heer Nuss : Klopt inderdaad, de Bijvanck is een apart project en daar is ook al die kosten daar in mee berekent. Alleen tot een aantal levensduur van jaren wordt het uiteindelijk wel meegenomen in het hele verhaal. In ieder geval de kosten van nu gemaakt worden, zit het gewoon in projectplan. De voorzitter: Heb ik het goed begrepen dat het Bijvanck plan dus hier geen deel van uitmaakt? De heer Nuss Correct. De voorzitter: Oké. De heer Pel ... De heer Pel: Misschien mag ik daar een opmerking van maken, want ik begrijp hier echt iets anders over. Het Bijvanck plan bestaat uit een grote investering waar ook riool bij zit. Die riolen die wordt vereffend naar de inwoner en dat komt hier samen. Dus zit er eigenlijk wel in. Dat is mijn opmerking. De voorzitter: Wethouder Cornelis. Kennis zit wel in de kosten maar niet in het plan. Dank u wel. Wethouder Cornelis: Het standaard rioolplan, dat bestaat uit wat ik net uitlegde.
De nu reconstructie zit er in en de kosten daarvan nemen we wel mee bij de rioollasten berekeningen. Die vindt u aan de onderkant van pagina 4. De voorzitter: Dank u wel. De heer Pel voor de interruptie. De heer Hammouti nog? De heer Hammouti: Ik heb even een algemene opmerking. Dat is op zich niet gericht tegen de betreffende ambtenaar, maar ik vind de staatjes over financiën en dan waar het over gaat, afgelopen ... Hoe lang zit ik hier? Twee jaar denk ik, best wel onduidelijk, van mij mag het wel wat duidelijker, geen grafieken te zijn of weet ik veel wat. Maar ik moet altijd erin duiken, spitten, wat wordt hier naar mee bedoeld? Ik ga er eerlijk
gezegd niet uit van een onwil of ik ga uit van tijdgebrek, maar misschien dat de wethouder zijn ambtenaren wat meer tijd kan geven om ons wat beter te informeren. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Cornelis daar een opmerking nog over? Wethouder Cornelis: Nou ik moet er ook op studeren, moet ik al eerlijk zeggen. Ik denk niet dat dit onderwerp er één is waar we moeten beginnen om het simpeler te maken, want dit is nou eenmaal echt een listige. Vooral lange termijnen en de schommelingen en de egalisatie en de reserve en hoe je dat allemaal proberen een beetje voor de burgers te dempen, voor de inwoners moet ik zeggen, pardon. De voorzitter: Nee, maar dan moet u ook niks zeggen, want nou denken de mensen thuis van wie zit daar achter de tafel een beetje te brommen? Komt u dan maar zeggen dat wat u wil zeggen. Wethouder Kennis: Wat ik eigenlijk wil zeggen is dat ik het vaak eens ben met u dat financiën heel ingewikkeld is, maar dat nou juist hier zowat een middag bezig geweest zijn met z’n allen om het zo op te schrijven, ik persoonlijk zelf ook, dus vandaar dat ik het me aantrek hoe we dat duidelijk moesten maken hoe we de financiën gaan berekenen en hoe we overgaan tot er voor zorgen dat de inwoner niet een ongelooflijke verhoging in één keer voor zijn kiezen krijgt.
Dus we hebben de bijvangsten speciaal uitgehaald en gezegd daar gaan we geen rentecomponent voor rekenen, want we hebben het eigen geld. En dat is dus allemaal in aparte staatjes neergezet, dus als jullie allemaal goed heeft gelezen dan had het als het volgens mij duidelijk moeten zijn. Dus vandaar dat ik dacht van, ja is nou net één van de keren dat de financiën volgens mij heel duidelijk is. Met andere woorden, wethouder Kennis had een compliment verwacht, maar niet deze opmerking van u. De heer Hammouti: Ik snap het als u in de materie zit. Ik heb dat ook heel vaak dan, maar ik zit niet in de materie. Ik kijk er nieuw naar. Bovendien is riolering nou niet mijn vakgebied moet ik eerlijk melden. Wethouder Kennis: Nee, maar het gevolg zou zijn geweest dat wij gewoon een enorme verhoging hadden gekregen van de riolering. En je probeert toch als gemeente en ik neem aan als gaat om de last voor de inwoner, zo laag mogelijk te omhoog te zetten in één jaar tijd in ieder geval. Vandaar ook dat we besloten hebben voor te stellen om de reserve en voorziening hiervoor te gaan gebruiken, om het per jaar ... En dat kan bij elke begroting opnieuw worden beoordeeld, dus op moment dat de nieuwe begroting aan de orde is en dat wordt gezegd door de Raad van, nu is het genoeg geweest, nu mag het wel wat meer verhoogd worden, dan kan dat.
Maar we zijn er hier in principe van uitgegaan dat alles wat we konden doen om het zo laag mogelijk te houden, dus en de inzet voorziening reserve en het inzet geen procent, geen twee procent rente en de Bijvanck, dus we hebben het echt heel zorgvuldig geprobeerd en dan nog gaat de inwoner gewoon gigahoog ... bijdrage krijgen. Dus als we dat allemaal niet hadden gedaan dan was het echt, dan hadden we waarschijnlijk de Telegraaf gehaald dit jaar. De voorzitter: Maar voor alle duidelijkheid dat komt natuurlijk omdat de Bijvanck plan ook hierin zit. Dank u wel, wethouder Kennis. U mag weer terug naar uw plek. Mijnheer Pel, ik denk dat u wel een vraag wil stellen nu. De heer Pel: Dank u wel, voorzitter. In eerste instantie wil ik iets zeggen over het plan. Het is een heel uitgebreid plan wat we zien. Gaat over het Wrp en extra bijzonder omdat de wetgever eigenlijk zegt, dat plan is niet meer nodig. De Omgevingswet zegt dat namelijk en toch hebben we nu de luxe van dit plan, dus maar goed, is even introductie erover. Ik wil me toch even op aansluiten bij hetgeen wat wethouder Kennis zei. Het valt te prijzen dat in ieder geval de verhoging van de riool bijdragen, dat die vereffend wordt en dat die gewenning er is.
Ik heb daar toch wel een vraag over, hoewel in het stuk staat dat wij over die verhoging van het tarief eigenlijk alleen maar kennis hoeven te nemen van de verwachte tariefsverhoging. Wij stellen het niet vast, dat is wat we besluiten. Het komt in een begroting. Toch heb ik er een vraag over, maar dat gaat
namelijk over een tweetal zaken. Wij gebruiken daar de reserve van de riolering voor en die zien we dan in een aantal jaren, zien we die teruglopen van 1,2 miljoen naar twee ton. Mijn vraag is en dat is allemaal om zeg maar die verhoging naar inwoners geleidelijk te maken, die verhoging is er wel, dus niet zo dat die helemaal niet er is, maar hij heeft in ieder geval een omvang die te behappen is. Daar zijn als Hart voor Blaricum mee eens natuurlijk. Maar de vraag is wel, zijn eigenlijk twee vragen die ik in dat opzicht heb is namelijk, er staat ook ergens vermeld dat wij de exploitatie van 111.000 euro voor het jaar 2024 uit diezelfde reserve halen. En nou vraag ik me af, is dat staatje waarin staat van 1,2 miljoen, 1,25 miljoen geloof ik, naar twee ton, is dat nou inclusief of exclusief die 111.000 euro die daar eigenlijk al af zou moeten zijn? Dus wij gaan het niet merken in de resultaat straks van 2024 want hij wordt uit de reserve genomen. Zo is het toch? En dan is de vraag eigenlijk over die reserve, is die twee ton die er dan straks ligt, wel voldoende om eventuele schokken en eventuele tegenvallers, want die kunnen in riolering best hoog zijn om die op te vangen. De voorzitter: Wethouder Cornelis. Wethouder Cornelis: Antwoord op de eerste vraag van uw vermoeden was dus, ja, u hebt gelijk. Tweede vraag, ik wou dat ik het wist. We moeten een stukje reserve overhouden.
We hebben voor- en nadelen hier. Aan de ene kant hebben we een situatie waar we toch eerder dan verwacht, grote hoeveelheden regen hebben gehad en dat was eerder dan de deskundigen ons er op voorbereid hadden en het afgelopen jaar was toch wel dramatisch. Nou regen is niet het enige, riool is de andere, maar regen heeft de neiging als het teveel is, in het riool terecht te komen, dan hebben we ook problemen. Krijg je overstort, milieuproblemen, mag allemaal niet. Ik denk dat we voorlopig veilig zijn, maar dat is ook, wat hier staat is dat een stukje reserve overhouden voor 2027-28 en we moeten goed de vinger aan de pols houden wat er werkelijk gebeurt. Aan de positieve kant, ik heb nu allemaal zwartgallige dingen geschetst, aan de positieve kant en die dingen willen nog wel eens langer meegaan dan we begroot hebben en dan lopen we misschien weer een stukje in. De voorzitter: Goed. Dank u wel. Ik zie dat wethouder Kennis weer popelt. Blijft dan aan tafel zitten, als er een financiële vraag is krijgt u het woord. Wethouder Kennis: Ik zit niet te popelen, maar om te verduidelijken wat gevraagd wordt door de heer Pel. De rioolheffing is 100 procent dekkend, dus op moment dat er extra geld uitgegeven moet worden om wat voor redenen ook, zal de rioolheffing op dat moment ook omhoog moeten gaan. Het hebben van zo'n grote voorziening en reserve is eigenlijk niet normaal.
Die hebben wij op een of andere manier gecreëerd, maar het is geld van de inwoner. Het is geld wat wij te veel hebben ontvangen. Het is bij een kostendekkend tijd die hoger was dan 100 procent. Ze hebben op een bepaald moment rioolheffing gekregen van bijvoorbeeld 110 procent en we hadden maar 100 procent nodig en die 10 procent die we dus te veel kregen mag je voor niks anders gebruiken dan voor de riool. Dat is een wettelijke verplichting, dus dan zeg je van nou wat moet ik met dat geld, stop maar in de reserve. En dat hebben ze steeds gedaan en dat hadden ze eigenlijk al veel eerder een keer kunnen gebruiken om dat de nivelleren bedrag. Het is dus niet zo dat je een reserve of zeker niet een voorziening moet hebben voor de riool. Riool is gewoon kostendekkend 100 procent en op moment dat je meer uitgeeft dan dat je hebt binnengekregen dan moet het omhoog op zo'n manier dat je weer 100 procent dekkend komt te zitten. Dat is gewoon elk jaar, wordt het dus ook opnieuw in de begroting aan u voorgelegd en gezegd van, we hebben een riool een plotseling iets gekregen dat heeft 100 euro gekost, rioolheffing moet voor het volgend jaar naar 100 euro duurder worden. Nou dan kunt u daarover besluiten en u kunt ook dan zeggen, ik ga dit weer als ik te veel heb, weer in een nieuw reserve stoppen. De voorzitter: Dank u wel. Ja, mijnheer Pel.
De heer Pel: Wethouder Cornelis zegt, ja wist ik het maar of beter gezegd, ik kan niet voorzien of die tegenvallers er komen. Maar dan heb ik toch wel een vraag hoe dat nou zit straks met de waterzuiveringsinstallatie, die verdwijnt vanaf 2026 of daaromtrent, dat valt binnen deze periode. Loop je
daar niet echt de risico's mee dat je daar, omdat er ergens iets misgaat, want dat wordt straks in huizen opgelost en moet een persleiding aangelegd worden, weet ik veel allemaal. Loop je daar geen groot risico dat daar misschien toch majeure kosten mee aan verbonden zijn voor Blaricum. De voorzitter: Wethouder Cornelis. Wethouder Cornelis: De termijn waarop dat gaat gebeuren zal toch tegen het einde van dit plan zijn. Dat moet een compleet plan worden, er zullen ook baten zijn. Je kan naast sanering wat met dat terrein doen. De kous is daar nog niet af. Als die op dit moment klaar lag, het plan, bijvoorbeeld huizen is akkoord en iedereen weet waar het tracé komt en zo en wat erin moet, dan hadden we hem opgenomen. Dat hebben we niet en we denken dat het pas tegen het einde van dit gebeuren zo zal zijn. In totaal zou de situatie er beter van moeten worden, niet slechter. En dat geldt dan nadrukkelijk niet voor onze eigen ondergrondse spullen, want het komt nu gewoon allemaal daar uit en dan komt er daar een dikke pijplijn de andere kant op. Maar de bedoeling van de waterschappen enzovoort is om een stabieler systeem te hebben en daar ben ik minder bang voor dan voor bijvoorbeeld regenwater consequenties, want daar is de afvoer best wel een dingetje. De voorzitter: Mijnheer Pel, is dat voldoende geantwoord? En dan heeft u nu twee vragen mogen stellen. Mevrouw Kukupessy.
Mevrouw Kukupessy: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Ik zit er anders in dan mijn buurman. Ik vind het een hele goede beschrijving deze keer van de stukken, vind ik van alle stukken deze maand. Mag ook wel een keer gezegd worden, we klagen altijd wel, maar deze vond ik heel goed. Mijn dank aan de ambtenaren. Wat me wel verontrust is dat we ook hier weer op deze afdeling een tekort aan personele capaciteit hebben. We huren nu ook een tijdelijk projectteam in en de ambtenaren kunnen we in de kadernota misschien weer verwachten. Staat ook niet duidelijk dat het wel of niet komt. Dat baart me zorgen en zou dat kunnen betekenen dat er nog veel meer financiën hierbij komen? Meer vragen heb ik niet, want dat is verder heel duidelijk. De voorzitter: Ik denk dat we naar wethouder Cornelis moeten kijken voor de antwoorden. Wethouder Cornelis, antwoord? Wethouder Cornelis: De bedoeling is om genoeg vast personeel te hebben om de kosten van de inzet van onnodige inzet van externe experts van voor het maken van zo’n rapport, dat gaan we niet zelf doen, hebben we onze spullen niet voor, maar om dus die kosten juist relatief snel geval beter te maken. De hele BEL organisatie die voor drie gemeentes werken, is er op dit moment op gericht om af te komen van een al te groot aantal mensen die allemaal extern zijn en dus relatief duur en die ook iedere keer opnieuw moeten worden ingewerkt.
Dus we delen die zorg en dat is een hele andere onderwerp, maar de BEL op zich doet het als je naar heel Nederland kijkt via waarstaatjegemeente enzovoort nog verrassend goed. De kosten zijn ook niet erg veel hoger. Sterker nog, ze zitten binnen een procent of twee van het gemiddelde voor een gemeente van onze omvang, maar het kan beter. Daar wordt hard aan gewerkt en we hebben de laatste maanden weer een flink aantal vaste krachten kunnen aannemen. En we hebben ook één of twee mensen waarvan ik hoop dat we ze aan boord konden krijgen, die daarover aarzelden ook over de streep te kunnen trekken. Dus we delen de zorg. Het heeft aandacht en het zal een project van een paar jaar worden, we moeten blijven bouwen. De voorzitter: Dank u voor deze beantwoording. Aan de andere kant, ik zie een vinger van de heer Uitendaal. De heer Uitendaal: Dank voorzitter. Ik heb een tweetal vragen en ik neem graag het voorbeeld van de heer Hammouti over om eerst de vraag te stellen, dan gelijk de wethouder de gelegenheid te geven om te beantwoorden en daarna pas de volgende vraag te doen, heeft ook nog andere voordelen. De eerste vraag wordt wat complex. Het is niet anders maar hij is wel heel erg belangrijk en de overkant van de plassen zeggen
the devil is in the detail en die details heeft te maken met de definitie van structurele grondwateroverlast. Impliciet verandert de definitie van de oude gemeentelijke rioleringsplan naar het nieuwe Water- en Rioolprogramma. Van wat het was, er is pas sprake van structureel grondwateroverlast als er voor een periode van een maand 30 dagen, 31 dagen, als daar het water hoger staat dan 70 centimeter onder het maaiveld of daaromtrent. Dat betekent dat er een aantal gevallen sprake van zal zijn en dan is er sprake van structureel grondwateroverlast en dan is de gemeente verplicht om daar iets aan te doen. Die definitie wordt nu aangepast en er moet niet voor een periode van een maand, maar voor een periode van twee maanden grondwateroverlast zijn die hoger zit dan 50 centimeter onder het maaiveld. Nou moet ik even beroep doen, inzicht in statistiek. Als je gaat kijken wat er nou gebeurt, is dat er dan de grote voorraad van kansen dat het bestaat dat dit voorkomt dat die met factoren drastisch kleiner wordt. Met als gevolg dat in veel meer gevallen de bewoner verantwoordelijk is voor de overlast en die ondervindt. Bovendien wil ik nog zeggen dat voor de grote van de Bijvanck, die hebben een kelder. Het is duidelijk dat de bewoners zelf verantwoordelijk zijn voor het waterdichthouden van de kelder.
Maar die bewoners hebben ook allemaal een luik verplicht voor de bouw volgens het bouwbesluit om toegang te krijgen tot de kruipruimte. En ik heb een centimeter bij me, 50 centimeter was de tijd zoals het nu is. De luik van de kruipruimte zit op 60 centimeter. De oude definitie was 70 centimeter. Dat betekent dat ook als er maar één dag grondwateroverlast is hoger dan 60 centimeter, dat heel veel bewoners al in de Bijvanck daar last van kunnen krijgen. Wat is de bedoeling, nu we weten dat door klimaatverandering de kans op hevige regenval alleen maar zal toenemen, niet zal afnemen. Waarom hebben we dan de definitie van structureel grondwateroverlast dusdanig niet scherper gemaakt, maar afgezwakt, zodat we in veel meer gevallen lasterlijk dat de bewoners zelf ze moeten opdraaien voor onderlopende kelders, et cetera. Dat was mijn eerste vraag. De voorzitter: Wethouder Cornelis. Wethouder Cornelis: Heel even overleggen. We volgen hier de normen van CROW, Sweco en eerst was het een aaneengesloten periode en nu zijn het 60 dagen in totaal. Klopt dat? Dus dat is niet hetzelfde. Dus wat u beschrijft, dat is gelukkig niet het geval. Tweede, de definitie van grondwater. Er zijn andere definities ook. De grondwaterstand staat er ook bij op pagina 16 en daarna in het dikke rapport, die variëren bijna niet.
Tenminste, als dat wel gebeurd zijn, kunnen we er als gemeente ook weinig aan doen. Dan hebben we het over het waterschap en dan hebben we het over structurele maatregelen. Weilanden met drainage, dat soort toestanden. We hebben wel zoiets, dat is dan het gemaal aan het eind van de Gooiergracht met de weilanden die daar natuur- en vogelgebied zijn en waar wij ons als college wel zorgen over maken. Is eerlijk gezegd niet grondwaterstand. Maar heel veel mensen roepen grondwater en ze bedoelen een overlast van regenwater. Dat is wel anders. Het rioleringsplan is op zich berekend op genoeg afvoer en dat is het structurele plan. En dan zijn er nog specifieke situaties waarvan ik denk dat u daarop doelt, met de centimeter en zo. Dat zijn aparte plannen en die vallen eigenlijk buiten de discussie van het Wrp en de definitie die u gebruikt voor grondwater, die heeft eigenlijk niets te maken met uw centimeterprobleem in de kruipruimten. De voorzitter: Lijkt mij helder antwoord. Mijnheer Uitendaal, tweede vraag. De heer Uitendaal: Dank u voor het antwoord, maar het betekent wel in de praktijk dat de erve... Kijk er zijn ook peilbuizen natuurlijk in de bijval aangebracht om het hele probleem beter in beeld te krijgen. Die kunnen geen verschil maken tussen regenwater en grondwater want het is gewoon één waterniveau wat je meet. En dat is ook het probleem waar bewoners last van hebben.