Programmaplan Implementatie Omgevingswet Bijlage Verder Bouwen 15-12-2020
Tekst van het document
Verder Bouwen Programmaplan Implementatie Omgevingswet 2021, 2022 en 2023
Programma Implementatie Omgevingswet TRANCHE 2 Opdrachtgever: BELCombinatie Opdrachtnemer: Else Ruizeveld Contactpersoon: Marjolein van der Marel Datum: 15 december 2020 1
Inhoud Samenvatting .............................................................................................................................................................3 1.
Inleiding..............................................................................................................................................................6
2.
Doelen en Strategie............................................................................................................................................7
3.
4
2.1
Doelen ........................................................................................................................................................7
2.2
Ambitie .......................................................................................................................................................7
2.3
Strategie en Doelstelling voor de implementatie ......................................................................................8
2.4
Scope Tranche 2 .........................................................................................................................................9
Aanpak ............................................................................................................................................................ 10 3.1
Pijler 1: Keten Toegang, Vergunningverlening en Toezicht .................................................................... 10
3.2
Pijler 2: Regelgeving ................................................................................................................................ 13
3.3
Pijler 3: Omgevingsvisie .......................................................................................................................... 15
3.4
Pijler 4: Anders Werken .......................................................................................................................... 16
Fi a ië e Risi o s ....................................................................................................................................... 18 4.1
Nieuwe instrumenten ............................................................................................................................. 18
4.2
Begeleiding door externen...................................................................................................................... 18
4.3
Planning en externe kosten .................................................................................................................... 19
4.4
Risi o s..................................................................................................................................................... 19
Bijlagen .................................................................................................................................................................... 21 Bijlage 1: Resultaten 1e Tranche ......................................................................................................................... 22 Bijlage 2: Lijst met Minimale eisen VNG ............................................................................................................. 26 Bijlage 3: Roadmaps per pijler ............................................................................................................................ 27 Bijlage 4: Toelichting op te nemen besluiten door de raden .............................................................................. 33
2
Samenvatting Op 1-1-2022 treedt de Omgevingswet in werking. Dit programmaplan bevat activiteiten die in de jaren 2021, 2022 en 2023 worden uitgevoerd. Het plan is een mix tussen nieuw op te pakken zaken (verder bouwen) en activiteiten uit 2020 die worden afgerond. In onderstaande tabel is aangegeven welke activiteiten worden uitgevoerd. Activiteit Vormgeven wegwijzer
Snelservice invoeren
Flankerend beleid Omgevingstafel Verordening Fysieke Leefomgeving
Bodemplaat bestemmingsplannen Omgevingsvisie
Contourendocument omgevingsvisie Omgevingsplan
Beschrijving Via welk kanaal een initiatiefnemer ook start; alle initiatieven, plannen en ideeën moeten op één plek geregistreerd orde . I itiatief e ers orde ia de eg ijzer aar de registratie geleid. De snelserviceformule zorgt ervoor dat initiatiefnemers bij eenvoudige verbouwingen in en om het huis snel weten of er gebouwd mag worden met of zonder vergunning. De vergunning wordt binnen enkele dagen afgegeven. De beleidsmatige uitspraken van colleges over de rol van de wethouder bij initiatieven en raden over het adviesrecht en delegatie en de wijze waarop inwonerparticipatie wordt vormgegeven De regels in de gemeentelijke verordeningen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving gaan niet op in het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Deze blijven na 1 januari 2022 zelfstandig voortbestaan. We kiezen ervoor om deze verordeningen voordat de wet in werking treedt te bundelen in een Verordening Fysieke Leefomgeving. Een éénduidige basis waarin begrippen, de wijze van meten en andere omschrijvingen uniform zijn maakt de overgang naar het nieuwe stelsel eenvoudiger. Daarom bouwen we aan één gemeenschappelijke bodemplaat voor de bestemmingsplannen. Iedere gemeente in Nederland stelt een omgevingsvisie op: een strategische visie voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving.
Een omgevingsvisie gaat in op de samenhang tussen ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, infrastructuur en cultureel erfgoed. Als onderdeel van het proces opstellen omgevingsvisie worden in het Contourendocument the a s, ge iede e keuzes aa gereikt. Hiermee geven college en de raad richting aan de verdere ontwikkeling van het dorp. In een periode van 5 jaar wordt tegelijk met de andere gemeenten voor elke gemeente apart een omgevingsplan vormgeven. Er is ruimte om in relatieve rust, samen met bestuur en organisatie een doordacht plan te maken dat past bij de schaal en ambities van het dorp. Dat plan is voor elke gemeente gebaseerd op dezelfde uitgangspunten en heeft dezelfde opbouw en lay-out.
De producten en werkwijzen die nodig zijn om te kunnen werken conform de Omgevingswet worden veelal samen met externen binnen de BELCombinatie ontwikkeld. Daarbij is het doel om mensen uit de eigen organisatie op te leiden zodat zij projecten kunnen overnemen. Consequentie van deze manier van werken is dat de ambtelijke capaciteit voor een aantal andere producten in 2021 lager zal zijn dan in andere jaren. Dit treft vooral de teams Vergunningen, Ruimtelijke Ontwikkeling, Communicatie en Juridische zaken. Tot nu toe is de implementatie beleidsneutraal verlopen. Voordat we wet in werking treedt zal de gemeente de inhoudelijk ambitie ten aanzien van de nieuwe regelgeving en de beleidsvrijheid die de regelgeving biedt gaan invullen. Bijvoorbeeld bij het opstellen van de omgevingsvisie, bij 3
besluitvorming over het adviesrecht van de raden (bij ruimtelijke initiatieven), bij besluitvorming over de wijze waarop inwonerparticipatie wordt vormgegeven en bij het vaststellen van uitgangspunten voor het omgevingsplan. We stellen ons ten doel om voordat de wet op 1-1-2022 in werking treedt in ieder geval het volgende te realiseren: de trajecten intake, snelservice en (complexe)vergunningverlening operationeel; in elke gemeente is de regelgeving voorbereid op de overgang naar het tijdelijk omgevingsplan; voor de verkiezingen is een contourendocument omgevingsvisie door de raad vastgesteld; medewerkers zijn opgeleid en is een aanzet gegeven voor verdere organisatieontwikkeling. Nadat de wet in werking is getreden zal worden gewerkt aan het opstellen van nieuwe instrumenten die de Omgevingswet kent. In onderstaande tabel is de planning opgenomen van de in het programma verwoorde activiteiten en het hiervoor benodigde budget. Dit budget is het budget nodig voor de implementatie in Blaricum, Eemnes en Laren. Per gemeente zijn geraamde kosten in 2021 € . , e oor de i uit te oere a ti iteite is geraa d € . , . Jaar
Activiteit
2021
Flankerend Beleid Omgevingstafel vastgesteld: -Participatie -Delegatie -Adviesrecht -Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Bodemplaat Bestemmingsplannen vastgesteld Verordening Fysieke Leefomgeving vastgesteld Intake, snelservice en (complexe)vergunningverlening operationeel Leges aangepast Contourendocument Omgevingsvisies aanbesteed en opgesteld Pilot uitbreiden Bodemplaat Bestemmingsplannen Pilot inventarisatie regelgeving Bruidsschat Inhuur trainee in 2021 Leren, trainen BEL en voorlichten raden Communicatie extern Totaal externe kosten 2021
Uiterlijk Gereed Q2 2021
Urgentie
Externe kosten
Q3 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021
€ 42.000,-
Omgevingsvisies aanbesteden en opstellen Startnotitie Omgevingsplannen vastgesteld Omgevingsplannen aanbesteed Voorlichten raden Totaal externe kosten 2022
Q1 2022 Q1 2022 Q4 2022 Q4 2022
€
2023
Omgevingsvisies vastgesteld
Q4 2024
20232030
Opstellen Omgevingsplannen
Q4 2029
2022
€ 30.000,€ 10.000,€ .000,€ 15.000,€ . 00,€ 207.000,.
,-
€ 0.000,€ .500,€ 371.500,-
€ 578.500,-
Totaal externe kosten De kleuren geven de urgentie van activiteiten aan. Groen : kan worden uitgesteld. Oranje : kan vervallen als andere activiteiten worden uitgesteld. Rood : is bijna gereed of moet worden uitgevoerd om aan de minimale eisen van de VNG te voldoen.
4
De context waarin dit programma wordt uitgevoerd is uitdagend. Risi o s orde eheerst door: 1. Vanaf 1 januari 2021 maandelijks, zowel ambtelijk als bestuurlijk, de voortgang van projecten te rapporteren en bespreken. 2. Bestuurlijk commitment te vragen om de invoering prioriteit te geven. Cruciaal is dat in de organisatie voldoende uren worden vrijgemaakt. De ervaring uit 2020 leert ons dat dit geen vanzelfsprekendheid is. 3. De urgentie van activiteiten aan te geven zodat inzicht is in de mogelijkheden om activiteiten te faseren.
5
1. Inleiding Voor u ligt het programmaplan Implementatie Omgevingswet 2021-2023. Dit plan heeft de titel: Verder Bouwen gekregen. Het programmaplan bouwt voort op de eerste tranche die in 2019 en grote deels is afgero d. Grote deels, iet hele aal, a t…… Het jaar 2020 zou een cruciaal jaar worden voor de implementatie van de Omgevingswet die op 1-1-2021 in werking zou treden. Vanwege COVID-19 is de eerste helft van dit jaar echter anders gelopen dan gepland. De ambtelijke inzet was beperkt, noodzakelijkerwijs heeft het reguliere werk voorrang gekregen boven de implementatie. Belangrijke onderdelen, zoals oefenen en het onderdeel opleidingen, hebben geheel stilgelegen. Desondanks is er een heleboel wel gerealiseerd. In bijlage 1 worden de resultaten besproken. De minister heeft besloten dat de wet één jaar later (op 1-1-2022) in werking zal treden. Dat is plezierig, enerzijds omdat we de opgelopen vertraging kunnen opvangen en anderzijds omdat het de mogelijkheid biedt om de inwerkingtreding zorgvuldiger voor te bereiden. Ook de VNG vraagt dat van gemeenten. Bijvoorbeeld de Minimale Eisen voor de implementatie zijn ten opzichte van 2020 uitgebreid. In dit programmaplan wordt besproken wat er in de tweede tranche van de implementatie wordt opgepakt. Het plan is een mix tussen nieuw op te pakken zaken (verder bouwen) en activiteiten uit 2020 die worden afgerond.
Centraal daarin staan het behoud -en de uitbreiding van- de dienstverlening door de ontwikkeling van de snelservice formule voor vergunningverlening, het opstellen van de omgevingsvisies en de ontwikkeling van de omgevingsplannen. Het programmaplan bevat activiteiten die in de jaren 2021, 2022 en 2023 worden uitgevoerd. We stellen ons tot doel om de activiteiten die na 2023 doorlopen zover te hebben begeleid dat ze op dat moment verder in de lijn kunnen worden opgepakt. De derde tranche van het programma, zal dan ook alleen maar gericht zijn op monitoring, evaluatie en het verder begeleiden van de cultuuromslag die de Omgevingswet voorstaat.
6
2. Doelen en Strategie 2.1 Doelen De maatschappelijke doelen van de Omgevingswet zijn, met het oog op duurzame ontwikkeling, het in onderlinge samenhang: (a) bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit en (b) doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke functies. De wetgever heeft een aantal verbeterdoelen beschreven (zie figuur1).
Figuur 1: Doelen van de Omgevingswet
2.2 Ambitie In het programmaplan tranche 1 is als ambitie neergelegd dat de gemeenten Blaricum, Eemnes en Laren ten opzichte van andere gemeenten geen voorloper willen zijn. De focus was intern gericht, waarbij calculerend kon worden besloten om veranderingen in te voeren. In overeenstemming hiermee is de regelgeving beleidsneutraal overgezet in de Verordening Fysieke Leefomgeving en is ook de bundeling van bestemmingsplannen beleidsneutraal verlopen. Voordat de wet in werking treedt zullen de raden in 2021 de inhoudelijk ambitie ten aanzien van de nieuwe regelgeving en de beleidsvrijheid die de regelgeving biedt gaan invullen. Dit is bijvoorbeeld aan de orde bij het opstellen van de omgevingsvisie, bij besluitvorming over het adviesrecht van de raden (bij ruimtelijke initiatieven), bij besluitvorming over de wijze waarop inwonerparticipatie wordt vormgegeven en bij het vaststellen van uitgangspunten voor het omgevingsplan. De volgende vragen worden gesteld:
Wat wil/kan de gemeente loslaten en waar wil/moet de regie op worden gehouden? Welke werkwijze past bij de ambitie? Wil de gemeente gebruik maken van de nieuwe afwegingsruimte en op elke the a s/ge iede /opga e ?
7
Ook de in tranche 1 verwoorde ambitie ten aanzien van kosten en de personele capaciteit voor de implementatie is nog actueel: De gemeenten Blaricum, Eemnes en Laren zien de implementatie van de Omgevingswet als één van de vele ontwikkelingen waaraan invulling moet worden gegeven. De personele (en financiële) capaciteit is daardoor beperkt. In tranche 1 werd de snelserviceformule voor vergunningverlening geduid als een stip op de horizon die in 2021 (nadat de wet in werking trad) zou worden opgepakt. Nu de wet is uitgesteld wordt het mogelijk om dit voor die tijd op te pakken. Daarmee wordt de dienstverlening aan de inwoner en initiatiefnemer verhoogd en wordt de ambitie van de O ge i gs et o digitaal te erke aar ogelijk e aat erk te le ere aar odig i ge uld.
2.3 Strategie en Doelstelling voor de implementatie Voor de implementatie van de Omgevingswet worden uitgangspunten gehanteerd. Onderstaande uitgangspunten zijn overgenomen uit tranche 1.
Er wordt tijdens de implementatie zoveel mogelijk aangesloten bij bestaande initiatieven en ontwikkelingen in de gemeenten. Er wordt tenminste voldaan aan de Minimale Eisen en adviezen voor de implementatie die VNG ons stelt voor de implementatie op 1-1-2022. We implementeren het gedachtengoed dat ten grondslag ligt aan de Omgevingswet (Anders Werken). Onze dienstverlening is digitaal waar mogelijk, wij leveren aanvullend maatwerk waar nodig.
Er is één uitgangspunt aan toegevoegd: We vinden dat de implementatie van de Omgevingswet na afronding van tranche 2 zo ver moeten zijn dat de meeste activiteiten door de lijn zouden moeten kunnen worden overgenomen. Op grond van het bovenstaande zijn doelstellingen voor de implementatie geformuleerd.
Doelstellingen Pijler 1 Toegang, Vergunningverlening en Toezicht Conform de Minimale Eisen van de VNG zijn op 1-1-2022 de trajecten intake, snelservice en (complexe)vergunningverlening operationeel. Pijler 2 Regelgeving Op 1-1-2022 is in elke gemeente de regelgeving voorbereid op de overgang naar het tijdelijk omgevingsplan en is de aanbesteding gestart voor het opstellen van een omgevingsplan dat aan alle eisen van de Omgevingswet voldoet. Pijler 3 Omgevingsvisie Voor 1-1-2022 is in elke gemeente de derde stap in het proces opstellen omgevingsvisie afgerond. Het op te leveren product, een Koersdocument kan voor de verkiezingen worden vastgesteld. Pijler 4 Anders Werken Op 1-1-2022 zijn medewerkers opgeleid en is een aanzet gegeven voor verdere organisatieontwikkeling waarbij aandacht is voor procesgericht werken en nieuwe rollen.
8
2.4 Scope Tranche 2 De VNG heeft voor de implementatie van de wet Minimale Eisen gesteld waarop bij de inwerking treding van de wet aan voldaan zou moeten zijn. De VNG maakt daarin onderscheid in eisen die de wet stelt en eisen die vanuit bedrijfsmatige optie noodzakelijk geacht worden voor het uitvoeren van de wet. Deze eisen worden als randvoorwaarde meegenomen bij de implementatie. Een lijst met de eisen is opgenomen in bijlage 2. Als de wet in werking treedt is de implementatie nog niet afgerond. Dit programma loopt dan ook tot eind 2023 zodat ontwikkeling van de snelservice formule voor vergunningverlening kan worden uitgebouwd. Het ombouwen van het tijdelijk omgevingsplan tot een volwaardig omgevingsplan dat voldoet aan de letter en de geest van de wet zal binnen deze tranche worden opgepakt. Niet alle werkzaamheden die voortvloeien uit de door de VNG opgestelde voorwaarden zullen binnen het programma Implementatie Omgevingswet worden opgepakt. De implementatie van het Digitale Stelsel Omgevingswet valt bij de BELCombinatie onder het programma Informatie en ICT.
9
3. Aanpak Ook tranche 2 van het programma wordt uitgevoerd aan de hand van vier pijlers. In paragraaf 2.3 zijn de doelstellingen voor de pijlers geformuleerd. In de volgende paragrafen wordt per pijler de voorgestelde aanpak besproken.
3.1 Pijler 1: Keten Toegang, Vergunningverlening en Toezicht In tranche 1 is gewerkt aan het vormgeven van het werkproces van de complexe vergunningverlening, hierbij speelt het vooroverleg (de Omgevingstafel) een grote rol. Dit proces is gereed, totdat de wet in werking treedt wordt er mee geoefend. In tranche 2 wordt verder gebouwd aan: 1. De toegang; 2. De snelservice-formule voor vergunningverlening; 3. Flankerend beleid voor de Omgevingstafel. In figuur 3 is een infografic geplaatst die laat zien hoe de bovenstaande ontwikkelingen passen in de keten.
Figuur 2 Verdere ontwikkeling van de keten Toegang, Vergunningverlening en Toezicht
10
3.1.1 Vormgeven van de toegang Via diverse kanalen en connecties staat een gemeente dichtbij de inwoners en ondernemers. Via welk kanaal een initiatiefnemer ook start; alle initiatieven, plannen en ideeën moeten op één plek geregistreerd worden. Initiatiefnemers worden via de wegwijzer naar de registratie geleid. Wat gaan we doen? Met de wegwijzer achterhaalt de gemeente of een initiatief eenvoudig, regulier of complex is. In de wegwijzer worden eenvoudige vragen gesteld, bijvoorbeeld: Gaat u een kleine verbouwing doen aan uw huis, zoals een aanbouw, dakkapel, schuur, etc? Betreft het een eenvoudige of reguliere aanvraag dan wordt de aanvrager doorverwezen naar het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Bij het doorlopen van vragenbomen wordt duidelijk of een initiatief vergunningvrij, vergunningplichtig of meldingplichtig is. Betreft het een complexe aanvraag dan wordt op de website vervolgens een intakeformulier aangeboden waarmee de gemeente informatie verzamelt over het initiatief. Alle intakeformulieren worden ingebracht in het overleg aan de intaketafel. 3.1.2 De belofte van Snelservice Uit inventarisaties blijkt dat ongeveer 70% van de initiatieven een eenvoudige verbouwing (dakkapel, uitbouw, schuur, kappen) is. Het zijn initiatieven van veelal onervaren inwoners en ondernemers en voor hen ontbreekt op dit moment nog een simpele en snelle route.
Initiatiefnemers ervaren de huidige dienstverlening vaak als complex, niet transparant en langdurig. Het doel van de Omgevingswet is de dienstverlening sneller en eenvoudige te maken. De snelserviceformule zorgt ervoor dat initiatiefnemers bij eenvoudige verbouwingen in en om het huis snel weten of er gebouwd mag worden met of zonder vergunning. De vergunning wordt binnen een aantal dagen verleend. Het Digitaal Stelsel (DSO) ondersteunt deze snelservice door de mogelijkheid te bieden om vragenbomen te maken en door regelgeving via de kaart zichtbaar te maken. Voor de gemeente heeft deze werkwijze grote voordelen. Er vindt minder toetsing plaats van eenvoudige producten. Hierdoor wordt capaciteit vrij gespeeld voor ingewikkelde initiatieven en vooroverleg. De onder deze service vallende activiteiten kosten relatief veel tijd, maar de leges zijn laag. Door de nieuwe werkwijze kan de kostendekkendheid worden verhoogd. Bijkomend voordeel is dat er door de digitale wijze van aanvragen nog minder niet-ontvankelijke aanvragen binnenkomen. Voor de inwoner zijn de voordelen dat er minder of geen leges worden betaald, de regels simpeler zijn en de doorlooptijd korter. De regelgeving is zo ingericht dat de inwoner op kaart ziet wat wél kan.
11
We gaan werken aan: ✓ Simpele regels: het opstellen van een beperkte en begrijpelijke set algemene regels, en een beperkte en begrijpelijke set beoordelingsregels (en dus vergunningplicht) als er een menselijke beoordeling en afweging nodig is; ✓ Snelle processen: het inrichten van een snelle aanvraag en de afhandeling van vergunningsaanvragen binnen vijf werkdagen;
✓ Simpele interactie: het inrichten van begrijpelijke en toegankelijke contactmomenten zoals een goed vindbare en leesbare website en eenvoudig geformuleerde documenten.
Simpele regels Voor het opstellen van de simpele regels wordt gebruik gemaakt van de in de Verordening Fysieke Leefomgeving opgenomen regelgeving. De regelgeving wordt omgebouwd tot simpele (toepasbare) regelgeving. Op basis van die regels worden vragenbomen opgesteld. Snelle processen Voor de snelservice worden nieuwe werkprocessen opgesteld. Vragenbomen worden gemaakt en in het DSO opgenomen. Nieuw is dat, als na het doorlopen van een vragenboom blijkt dat voor een activiteit geen vergunning hoeft te worden gevraagd, de gemeente dit ook moet kunnen bevestigen met een verklaring. Simpelere interactie Het DSO faciliteert deels de interactie door een initiatiefnemer via vragenbomen te helpen. Maar ook de websites van de gemeente en het KCC krijgen hier een rol in. 3.1.3 Flankerend beleid voor de Omgevingstafel Voor complexe initiatieven (circa 15%) is in tranche 1 het werkproces voor de Omgevingstafel ingericht. Aan deze tafel komen (in één of meerdere sessies) de initiatiefnemer en alle betrokkenen bij elkaar. Het initiatief wordt besproken vanuit de gedachte om het mogelijk te maken. Dit levert de initiatiefnemer een integraal advies op, waarmee hij/zij de vergunningaanvraag kan opstellen en indienen. Daarna kan de vergunning in acht weken worden afgehandeld. In paragraaf 2.1.1 is aangegeven dat in tranche 1 al geoefend is met de Omgevingstafel.
De beleidsmatige uitspraken van colleges over de rol van de wethouder bij initiatieven en raden over het adviesrecht, de wijze waarop inwonerparticipatie wordt vormgegeven moet in tranche 2 nog verder worden ingevuld. Verder dienen de raden een delegatiebesluit te nemen. Door het werken met de snelserviceformule worden er op dit vlak minder leges geheven, daar staat tegenover dat de behandeling van initiatieven in de Omgevingstafel wel leges kunnen worden geheven. In Q4 2021 zal daarvoor de legesverordening worden aangepast. Verder moet vanwege de inwerking treding van de Omgevingswet een nieuw besluit worden genomen over de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. De manier waarop de huidige commissie werkt is Omgevingswetproof dus dit is een formaliteit. Een toelichting op de te nemen besluiten is gegeven in bijlage 4. De voor in pijler 1 nodige acties zijn bijlage 3 in de roadmap opgenomen.
12
3.2 Pijler 2: Regelgeving 3.2.1 De overgang van huidige regelgeving naar tijdelijk omgevingsplan en van tijdelijk omgevingsplan naar volwaardig omgevingsplan Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet krijgt elke gemeente via het overgangsrecht een tijdelijk omgevingsplan. Dit tijdelijk omgevingsplan is gevuld met onder meer de bestemmingsplannen en de bruidsschat (regels die het Rijk overdraagt aan gemeenten). De regels in de gemeentelijke verordeningen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving gaan niet op in het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Deze blijven na 1 januari 2022 zelfstandig voortbestaan. We kiezen ervoor om deze verordeningen voordat de wet in werking treedt te bundelen in een Verordening Fysieke Leefomgeving. Van een aantal verordeningen (bijvoorbeeld de APV) wordt slechts het deel dat betrekking op het fysieke domein in het omgevingsplan gepast. Dat wat overblijft wordt gebundeld in 6-7 nieuwe verordeningen. Gemeenten hebben tot 1 januari 2030 om deze om te zetten in het volwaardig omgevingsplan, dat aan alle wettelijke vereisten voldoet. Zie bijgevoegde infografic (figuur 3) waarin dit proces grafisch weergegeven is.
Figuur 3 Van Regelgeving en bestemmingsplannen naar Volwaardig Omgevingsplan Onder de huidige wet (Wro) moeten bestemmingsplannen soms worden gewijzigd om een initiatief mogelijk te maken. Na 1-1-2022 wordt in een dergelijk geval het omgevingsplan gewijzigd. De wijziging moet conform de nieuwe regelgeving worden opgepakt. Een éénduidige basis waarin begrippen, de wijze van meten en andere omschrijvingen uniform zijn maakt de overgang naar het nieuwe stelsel eenvoudiger. Daarom bouwen we aan één gemeenschappelijke bodemplaat voor de bestemmingsplannen. In 2020 is een beleidsarme (dunne) bodemplaat gemaakt. Samen met de raadsbrede werkgroep willen we in 2021 in de vorm van een pilot verkennen op welke onderwerpen het zinvol en haalbaar is om verder te harmoniseren. 13
3.2.2 Wat gaan we doen? Het omgevingsplan wordt voor alle drie de gemeenten tegelijk opgesteld. Voor het tempo aari dit ge eurt zij er eerdere s e ario s ogelijk. Risi o s
Scenario
Uitwerking
Kansen
Vernieuwend
In 2024 klaar
-We zijn voorloper; -Dienstverlening is organisatorisch gezien snel op niveau.
Consoliderend
In 2030 klaar
Onderscheidend
Eind 2027 klaar
-Ervaringen van andere gemeenten zijn beschikbaar; -Er kan ruim geoefend worden met pilots; -Ambtelijk is er capaciteit voor andere projecten. -Er is ruimte om samen met bestuur en organisatie een doordacht plan te maken; -Mogelijkheid om te oefenen met een enkele pilot.
-Het omgevingsplan wordt tegelijk met de omgevingsvisie opgesteld dus is er geen ambtelijke capaciteit voor andere projecten; -In den lande is weinig ervaring opgebouwd ; -Weinig mogelijkheid om intern en extern draagvlak te creëren. -Langdurig gebruik overgangsrecht maakt gemeenten kwetsbaar; -Energie zakt weg, niveau dienstverlening zakt.
-Te weinig aandacht voor dit traject zodat er niet genoeg ambtelijke capaciteit wordt vrijgemaakt.
We kiezen voor het Onderscheidend scenario . Dit scenario biedt vele voordelen. Er is ruimte om in relatieve rust, samen met bestuur en organisatie een doordacht plan te maken dat past bij de schaal en ambities van het dorp. In een periode van 5 jaar wordt tegelijk met de andere gemeenten voor elke gemeente apart een omgevingsplan vormgeven. Dat plan is voor elke gemeente gebaseerd op dezelfde uitgangspunten en heeft dezelfde opbouw en lay-out. Voor het opstellen van het Omgevingsplan wordt een Plan van Aanpak geschreven. Hierin worden vier stappen benoemd. Stap 1: Ambtelijke voorbereiding. Stap 2: Bestuurlijk vaststellen van: het Plan van Aanpak Opstellen Omgevingsplannen, Bodemplaat en Verordening Fysieke Leefomgeving. Stap 3: Europees aanbesteden van de Omgevingsplannen en Stap 4: Start van het opstellen Omgevingsplannen voor Blaricum, Eemnes en Laren. De voor in pijler 2 nodige acties zijn bijlage 3 in de roadmap opgenomen.
14
3.3 Pijler 3: Omgevingsvisie 3.3.1. Inhoudelijk Iedere gemeente in Nederland stelt een omgevingsvisie op: een strategische visie voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving. Een omgevingsvisie gaat in op de samenhang tussen ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, infrastructuur en cultureel erfgoed. In de omgevingsvisie komen allerlei vraagstukken samen die de overheid voorheen op sectoraal niveau aanvloog. We praten bijvoorbeeld niet meer over woningbouwopgave maar over transformatieopgave. We verbinden woningrealisatie dan aan andere doelstellingen zoals klimaatadaptatie en energietransitie. Met de nieuwe integrale ambities kan een gemeente of provincie niet meer uitblinken op alleen de aantallen woningen die ze heeft gebouwd. De omgevingsvisie bevat volgens de Omgevingswet: de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied, en de hoofdzaken van het beleid op alle relevante terreinen van de fysieke leefomgeving.
3.3.2 Wat gaan we doen? In 2021 zullen de colleges voor het fysieke domein: - voorafgaand aan de op te stellen omgevingsvisie, geen nieuw sectoraal beleid opstellen of herijken; -voorafgaand aan de op te stellen omgevingsvisie, geen nieuwe visies opstellen of herijken.
Het opstellen van de Omgevingsvisie gebeurt in een aantal stappen. Dit is schematisch in figuur 4 weergegeven. Twee stappen zijn al gezet. Stap 1, de inventarisatie van regelgeving en beleid is in 2019 afgerond. Eind 2020 en begin 2021 worden voor de gemeente Blaricum de herijkte Strategische visie, voor de gemeente Eemnes de Toekomstvisie en voor de gemeente Laren de strategische en financiële s e ario s astgesteld, dat is stap 2. Vanwege COVID-19 zijn deze documenten later klaar dan voorzien, dit heeft consequenties voor de planning en het proces gehad. Voorgesteld wordt om voor de verkiezingen stap 3 te zetten. Dit doen we door in 2021 alle opgehaalde informatie uit te werken tot een Contouren-document. In dit document wordt de informatie die is opgehaald in stap 1 en 2 uitgewerkt tot the a s, ge iede e keuzes. In het Contouren-document worden door het huidige ollege e raad the a s, ge iede e keuzes aangereikt die in de verkiezingen een rol kunnen spelen. Hiermee geven college en de raad richting aan de verdere ontwikkeling van het dorp, de uitwerking tot volwaardige omgevingsvisie (de laatste stap) zal onder leiding van het nieuwe college en de nieuwe raad worden gezet.
15
In de laatste fase (stap 4) wordt het document omgevingsvisie opgesteld. Samen met alle stakeholders (inwoners, maatschappelijk middenveld, ketenpartners en mede-overheden) worden voor het fysieke domein keuzes gemaakt voor de ontwikkelingen van het dorp in de komende 30 jaar. De voor in pijler 3 nodige acties zijn bijlage 3 in de roadmap opgenomen.
Figuur 4 Processtappen Omgevingsvisie
3.4 Pijler 4: Anders Werken 3.4.1 Advies VNG Voor het bereiken van onderliggende doelstellingen van de Omgevingswet is meer nodig dan invulling geven aan de minimumeisen. De gewenste ontwikkeling vraagt niet alleen het 'technisch' aanpassen van regels, processen en werkwijzen, maar (vooral) om een verdergaande ontwikkeling van o.a. cultuur, vaardigheden en gedrag. De VNG adviseert om op basis van de verdere veranderopgave die voortvloeit uit de bedoeling van de wet een aanpak te definiëren om de organisatie verder te laten groeien in de wijze waarop de Omgevingswet wordt uitgevoerd. Deze ontwikkeling vraagt duurzaam aandacht tot 2030 (en wellicht daarna). Om hiervoor een basis te leggen wordt in 2020 bij de BELCombinatie een analyse gemaakt van de financiële impact van de Omgevingswet op de organisatie. Op basis hiervan kan in 2021 invulling gegeven worden aan de wens van de VNG. 3.4.2 Leren, Veranderen, Aanpassen Om niet alleen het gedachtengoed van de Omgevingswet, maar ook de inhoud van de wet te leren kennen zullen ook in 2021 en verder opleidingen en workshops georganiseerd. Doelgroepen zijn medewerkers die niet direct bij de inhoud betrokken zijn, maar wel met veranderingen ten gevolge
16
van de implementatie van de wet te maken hebben (bv. KCC ), medewerkers die nieuwe rollen gaan vervullen en medewerkers die op bepaalde onderdelen de diepte in moeten. 3.4.3 Monitoring In tranche 2 van het programma zal een monitoringsplan worden ontwikkeld om de effecten van het omgevingsplan in beeld te brengen. Er zijn verschillende vormen van monitoring van (onderdelen van het omgevingsplan) denkbaar: • o itori g a o ge i gs aarde : i die i het o ge i gspla o ge i gs aarde orde opgenomen, zijn gemeenten verplicht om te monitoren of aan deze omgevingswaarden wordt voldaan, of; • o itori g a ge ruiksruimte: in het omgevingsplan kan bijvoorbeeld worden opgenomen dat in een gebied een maximaal aantal woningen gebouwd kunnen worden. Vervolgens dient gemonitord te worden hoeveel van deze woningen gebouwd en vergund zijn en hoeveel van deze gebruiksruimte nog beschikbaar is voor aanvragen om een omgevingsvergunning, of; • o itori g a a ities: i het o ge i gspla ku e a ities uit ij oor eeld de o ge i gs isie vertaald worden in juridische regels. Via monitoring kan informatie worden verzameld om te evalueren of de gestelde ambities ook gehaald worden. Daarmee vormt monitoring een belangrijk element in de beleidscyclus en geeft het college en de gemeenteraad belangrijke sturingsinformatie.
De opzet van de monitoring is daarmee afhankelijk van de keuzes die gemaakt worden in de omgevingsvisie en de wijze waarop de regels worden opgesteld. In 2020 en 2022 wordt verder onderzocht hoe monitoring vormgegeven zal worden.
De voor in pijler 4 nodige acties zijn bijlage 3 in de roadmap opgenomen
17
4 Financiën e Risi o s 4.1 Nieuwe instrumenten 4.1.1 Omgevingsvisie In tranche 1 was per gemeente voor de Omgevingsvisie budget opgevoerd. De werkzaamheden die hiervoor moeten worden verricht budget zijn in tranche 1 niet uitgevoerd. Daarom is in de begroting van tranche 2 dit budget wederom opgenomen. Het budget is gesplitst in twee delen: het opstellen van een koersdocument en het opstellen van de omgevingsvisie. 4.1.2.Omgevingsplan Nadat de Omgevingswet in werking is getreden wordt het tijdelijk omgevingsplan omgezet in een omgevingsplan dat aan alle voorwaarden van de wet voldoet. Dit is een majeure opgave (zie paragraaf 3.2.2).
4.2 Begeleiding door externen 4.2.1 Interne uren en begeleiding door externen De producten en werkwijzen die nodig zijn om te kunnen werken conform de Omgevingswet worden veelal samen met externen binnen de BELCombinatie ontwikkeld. Voor het jaar 2021 zijn de interne uren die nodig zijn voor de uitvoering van dit programmaplan geraamd. Deze uren worden in de DVO 2021 opgenomen. Voor een aantal activiteiten: het opstellen van de omgevingsvisie, het omgevingsplan en het vormgeven van de toegang en snelservice en het opzetten van pilots wordt expertise ingehuurd. Daarbij is het doel om mensen uit de eigen organisatie op te leiden zodat zij (uiterlijk per 1-1-2025) de genoemde projecten kunnen overnemen. Consequentie van deze manier van werken is dat de ambtelijke capaciteit voor een aantal andere producten in 2021, 2022 en 2023 lager zal zijn dan in andere jaren. Dit treft vooral de teams Vergunningen, Ruimtelijke Ontwikkeling, Communicatie en Juridische zaken. Er zal een trainee worden ingezet bij de cluster Ruimtelijke Ontwikkeling. De trainee gaat enerzijds assisteren bij de implementatie en anderzijds werk overnemen zodat medewerkers worden vrijgespeeld bijvoorbeeld om aan het contourendocument te werken, kennis te maken met nieuwe ICT toepassingen en om te oefenen met nieuwe rollen bijvoorbeeld i.h.k.v. de behandeling van initiatieven in de Omgevingstafel.
4.2.2 Bijeenkomsten verzorgd door derden In tranche 1 zijn er een aantal bijeenkomsten voor raadsleden door derden verzorgd. Bijvoorbeeld bijeenkomsten over de Omgevingsvisie, het Digitale Stelsel, Inwonerparticipatie en regelgeving. Zo veel mogelijk maken we hiervoor kosteloos gebruik van expertise van de VNG. Dat is niet voor alle onderwerpen mogelijk, daarom is hiervoor ook in tranche 2 budget geraamd. 4.2.3 Opleidingen
18
Voor 2021 wordt budget opgenomen vanuit het programma, daarna worden hiervoor de reguliere opleidingsbudgetten van de BELCombinatie benut.
4.3 Planning en externe kosten In de Roadmap (zie bijlage 3) is per pijler aangegeven welke activiteiten in 2021 worden uitgevoerd. De totale planning en het hiervoor benodigde budget is onderstaande tabel opgenomen. Dit budget is nodig voor de implementatie in Blaricum, Eemnes en Laren. Per gemeente zijn geraamde kosten in € . , e oor de i uit te oere a ti iteite is geraa d € . , . Jaar
Activiteit
2021
Flankerend Beleid Omgevingstafel vastgesteld: -Participatie -Delegatie -Adviesrecht -Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Bodemplaat Bestemmingsplannen vastgesteld Verordening Fysieke Leefomgeving vastgesteld Intake, snelservice en (complexe)vergunningverlening operationeel Leges aangepast Contourendocument Omgevingsvisies aanbesteed en opgesteld Pilot uitbreiden Bodemplaat Bestemmingsplannen Pilot inventarisatie regelgeving Bruidsschat Inhuur trainee in 2021 Leren, trainen BEL en voorlichten raden Communicatie extern Totaal externe kosten 2021
Uiterlijk Gereed Q2 2021
Urgentie
Externe kosten
Q3 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021 Q4 2021
€
.
,-
€ €
. .
,,-
Omgevingsvisies aanbesteden en opstellen Startnotitie Omgevingsplannen vastgesteld Omgevingsplannen aanbesteed Voorlichten raden Totaal externe kosten 2022
Q1 2022 Q1 2022 Q4 2022 Q4 2022
€
2023
Omgevingsvisies vastgesteld
Q4 2024
20232030
Opstellen Omgevingsplannen
Q4 2029
2022
€ .000,€ 15.000,€ . ,€ . ,.
,-
€ . ,€ .500,€ . ,-
€ 578.500,-
Totaal externe kosten De kleuren geven de urgentie van activiteiten aan. Groen : kan worden uitgesteld. Oranje : kan vervallen als andere activiteiten worden uitgesteld. Rood : is bijna gereed of moet worden uitgevoerd om aan de minimale eisen van de VNG te voldoen.
Tabel 1 Planning en Externe Kosten Tranche 2
4.4 Risico s De context waarin dit programma wordt uitgevoerd is uitdagend: 19
1. Doel van dit programma is om in overeenstemming met de in paragraaf 3.2 verwoorde ambities de implementatie te realiseren. Op 1-1-2022 treedt de Omgevingswet in werking, er moeten nog vele stappen gezet worden. Spe ifieke risi o s oor ee progra a dat etrekki g heeft op een veranderopgave zijn lastig te voorspellen. Wat we inmiddels wel weten is dat deze tijd, waarin Covid- de ereld op z kop zet, vraagt om flexibiliteit en het op tijd onderkennen van problemen. Beheersmaatregel: Vanaf 1 januari 2021 wordt maandelijks, zowel ambtelijk als bestuurlijk, de voortgang van projecten gerapporteerd en besproken. 2. In deze vorm van programmamanagement zijn de (formele) bevoegdheden van het programmateam beperkt; projecten en activiteiten worden in principe opgepakt en uitgevoerd door de lijnorganisatie. Hiervoor worden uren opgenomen in de DVO. Cruciaal is daarbij dat hiervoor in de organisatie voldoende uren worden vrijgemaakt. De ervaring uit 2020 leert ons dat geen vanzelfsprekendheid is. Beheersmaatregel: We vragen om bestuurlijk commitment om de invoering prioriteit te geven. 3. Dit programmaplan is tot stand gekomen in een tijd waarin zowel de gemeente Eemnes als de gemeente Laren aangaven substantiële bezuinigingen te moeten realiseren. Er is reëel begroot, maar niet ruim.
Beheersmaatregel: In de roadmaps is een kolom opgenomen waarin de urgentie van activiteiten door middel van de kleuren rood, oranje en groen zijn aangegeven. Dat geeft vooraf inzicht in de mogelijkheden om bij dreigende budgetoverschrijdingen te kunnen ingrijpen. Groene activiteiten kunnen bijvoorbeeld vervallen, op een later tijdstip worden voortgezet of op een andere manier worden uitgevoerd. Voor oranje activiteiten is al bestuurlijk commitment aangegeven, als hierop moet worden ingegrepen worden raden geconsulteerd. Bij het stoppen van rode activiteiten is de dienstverlening in het geding.
20
Bijlagen
21
Bijlage 1: Resultaten 1e Tranche 1. Inhoudelijk In dit hoofdstuk wordt een terugblik gegeven op de activiteiten die zijn uitgevoerd in de jaren 2019 en 2020. De activiteiten waren erop gericht om op 1-1-2021 klaar te zijn voor de Omgevingswet die dan zou ingaan. Per pijler worden de voorgestelde aanpak en de behaalde resultaten besproken. Pijler 1 Pijler 1 gaat over de keten Toegang (KCC) en Vergunningverlening. Dit deel van de implementatie richtte zich op datgene wat binnen de BELCombinatie gerealiseerd zou moeten zijn het om vergunningverleningsproces conform de vereisten van de Omgevingswet te kunnen doorlopen. Doelstelling Tranche 1: Voor 1-1-2021 zijn samen met de ketenpartners werkprocessen aangepast, zodanig dat het vergunning-verleningsproces aan de in de wet gestelde termijnen kan voldoen. Werkprocessen In het eerste half jaar 2020 zijn de door de VNG opgestelde modellen voor de 10 belangrijkste werkprocessen aangepast voor gebruik in de BEL-Combinatie. Voor het zomerreces waren de concepten klaar in november kunnen deze processen definitief worden vastgesteld. We hebben daarmee in beeld hoe initiatieven/ontwikkelingen in het fysieke domein onder de Omgevingswet bij de BELCombinatie behandeld gaan worden.
Omgevingstafel Bij complexe aanvragen en initiatieven komt de Omgevingstafel in beeld waarin initiatiefnemer, ketenpartners, belanghebbenden en medewerkers van de BELCombinatie zich samen zullen buigen over een initiatief. Hiermee is geoefend. Het gesprek over de rol die college en raden hierbij spelen, het adviesrecht van raden en de wijze waarop inwonerparticipatie wordt vormgegeven is gestart en moet nog verder worden ingevuld. De besluitvorming hierover zal niet, zoals gepland, op 1-1-2021 zijn afgerond, maar wel voor de in werking treding van de wet op 1-1-2022. Pijler 2 Pijler 2 richt zich op de regelgeving die door de komst van de Omgevingswet aan de nieuwe wet moet worden aangepast. Doelstelling Tranche 1: Voor 1-1-2021 zijn data en regelgeving gescreend, hierna wordt de regelgeving digitaal toegankelijk gemaakt en worden vraagbomen geïntroduceerd.
22
Voor het Omgevingsplan dat bij de invoering van de wet van rechtswege ontstaat is in 2020 binnen de pijler Regelgeving voor elke gemeente éé ge ee s happelijke ode plaat gemaakt. De bodemplaat bestaat twee onderdelen, bestemmingsplannen en de verordening Fysieke regelgeving. Het is de beleidsneutrale voorzet voor de uiteindelijke bundeling van alle gemeentelijke regels in de fysieke leefomgeving in het allesomvattende omgevingsplan. Verordening Fysieke Leefomgeving In 2019 is de lokale regelgeving (i.c. de gemeentelijke verordeningen) voor de fysieke leefomgeving geïnventariseerd. Het eerste half jaar van 2020 is de regelgeving gescreend zodat de consequenties van de invoering van de wet op dit onderdeel nauwkeuriger in beeld kwamen. Conform de eisen van de VNG zijn hierbij ook de effecten van de Wet Kwaliteitsborging Bouw (Wkb) in beeld gebracht. De verordening Fysieke Leefomgeving is naar verwachting eind 2020 in concept gereed. APV In overleg met de burgemeesters is een concept voor de nieuwe APV opgesteld waarin het deel van de regelgeving dat niet overgaat naar de Verordening Fysieke Leefomgeving wordt geplaatst. De nieuwe APV zal uiterlijk eind 2021 aan de raden worden aangeboden. Bestemmingsplannen In 2019 zijn alle bestemmingsplannen geïnventariseerd. Eén bestemmingsplan was nog niet digitaal beschikbaar, dat is gecorrigeerd.
Eind 2020 zijn zullen alle bestemmingsplannen zijn gescreend en begrippen en regels onderling afgestemd. Bovenstaande activiteiten zullen niet zoals gepland op 1-1-2021 zijn afgerond. De besluitvorming hierover is afgerond voordat de wet de op 1-1-2022 in werking treedt. Buiten het programma om is, in lijn met het advies van de VNG hierover, in Q3 van 2020, gestart met het opstellen van een Plan van Aanpak Omgevingsplan. Pijler 3 Pijler 3 is de pijler waarin de omgevingsvisie wordt ontwikkeld. Doelstelling Tranche 1: Voor 1-1-2022 is een BEL-brede Omgevingsvisie vastgesteld hierna wordt de Omgevingsvisie per gemeente definitief gemaakt voor 1-1-2030 moet deze visie zijn vertaald naar regels. In Blaricum wordt het opstellen van de omgevingsvisie voorafgegaan door de herijking van de strategische visie, in Eemnes wordt eerst de toekomstvisie opgesteld en in Laren zijn strategische- en fi a iële s e ario s ge aakt. Ze zulle de asis or e oor de o ge i gs isie en zij daarmee stap 1 in het proces. Vertraging Tijdens deze 1e stap zullen, in meerdere of mindere mate, inwoners, bedrijven en maatschappelijk middenveld worden bevraagd over hun wensen ten aanzien van de toekomst van het dorp. Door de 23
COVID-19 crisis zijn de gemeenten hier later mee begonnen. De start van het opstellen van de omgevingsvisie is daarmee ook vertraagd. Motie De motie om te komen tot één gemeenschappelijk proces voor de omgevingsvisie is losgelaten. Wel heeft de stuurgroep oorgesteld o te i e tarisere i elke the a s er ge ee s happelijk ka worden opgetrokken. In Q4 van 2020 wordt gewerkt aan de startnotitie met uitgangspunten en aan vaststelling hiervan door de raden en aanbesteding van de omgevingsvisies. Pijler 4 Pijler 4 Anders werken richt zich op de verandering in het werken met en denken over ontwikkelingen in het fysieke domein. Doelstelling Tranche 1: Op 1-1-2021 is een aanzet gegeven tot het in lijn met het geda hte goed a de O ge i gs et A ders erke
De grootste vertraging is in Q1 en Q2 opgelopen in Pijler 4 Anders Werken . Voordat de wet zou ingaan moest er nog veel gebeuren op het vlak van scholing van medewerkers en het oefenen met nieuwe werkprocessen. Het verplichte onderdeel, de informatievoorziening over de wet en over het nieuwe toegangsportaal, moest nog worden vormgegeven. Dit alles heeft stilgelegen en is in Q4 weer opgepakt.
Achterstand deels ingelopen Achteraf bezien was het een achterstand die op onderdelen kon worden weggewerkt: Een grote groep medewerkers hebben in Q3 cursus gevolgd over de wet- en regelgeving; Er is verder geoefend met de Omgevingstafel; Informatieavonden voor de raden vonden weer plaats; De interne communicatie is weer opgepakt. Door tijdgebrek heeft niet alle scholing in 2020 plaatsgevonden, het budget is afgeraamd. Hier ligt dus een opgave voor 2021. Ook de communicatieactiviteiten zijn doorgeschoven naar 2021. DSO De implementatie van de Omgevingswet omvat ook de implementatie van een nieuw digitaal stelsel. Via dit stelsel wordt informatie verstrekt en gedeeld met alle partijen die betrokken zijn bij de fysieke leefomgeving. De BELCombinatie is hier technisch gezien klaar voor.
24
2. Financieel Voor de uit oeri g a het Progra apla er budget voor de inhuur van externen.
are i de DVO s 2020 uren beschikbaar gesteld. Ook is
Ambtelijke uren Consequentie van het thuiswerken vanwege COVID-19 is dat de geraamde ambtelijke capaciteit voor de implementatie niet geleverd is. Deze uren waren weliswaar in de DVO 2020 opgenomen, maar andere activiteiten hebben prioriteit gekregen. Vooral leren over de wet, oefenen en het op andere wijze eigen maken van de nieuwe werkwijzen vormden een post waar het meeste tijd aan besteed zou worden. Een deel van deze activiteiten zijn doorgeschoven naar 2021 en zullen in de DVO terugkomen. Budget De producten en werkwijzen die nodig zijn om te kunnen werken conform de Omgevingswet zijn veelal samen met externen binnen de BELCombinatie ontwikkeld. Zo is er voor de pijlers 1 en 2 een externe projectleider aangetrokken en zijn de bestemmingsplannen door een externe gescreend. Hiermee zijn de voor pijler 1, 2 en 4 geraamde budgetten grotendeels besteed. De budgetten voor het opstellen van de omgevingsvisies (pijler 3) en voor voorlichting en communicatie (een deel van pijler 4) zijn in 2020 niet gebruikt. De oorlopige i s hatti g is dat ei d per ge ee te € . ,- zal zijn besteed aan externe kosten.
25
Bijlage 2: Lijst met Minimale eisen VNG Voor verdere informatie zie: https://vng.nl/sites/default/files/2020-02/minimale-actiesomgevingswet_v3.pdf
Eisen Wettelijk
Kunnen ontvangen aanvragen en meldingen Proces behandelen vergunningaanvragen en meldingen ingericht Kunnen beoordelen vergunningaanvragen Kunnen aanleveren indieningsvereisten Gemeentelijke adviescommissie ruimtelijke kwaliteit ingesteld Vergunningverlening aangepast op de Wkb Toezicht en Handhaving ingericht Toezicht en handhaving aangepast aan de Wkb Kunnen wijzigen omgevingsplan Programma luchtkwaliteit vastgesteld Kunnen toepassen procedures en regels voorkeursrecht en onteigenen Kunnen uitvoeren gedecentraliseerde bodemtaken
Eisen Bedrijfsmatig
Proces verkennen initiatief ingericht Participatie bij initiatieven ingericht Kunnen werken met tijdelijk omgevingsplan Kunnen toepassen procedures en regels kostenverhaal Legesmodel, mandaatregelingen en verordening planschade aangepast Financiële arrangementen met uitvoeringsdiensten herzien Verstrekken informatie over de Omgevingswet
Advies
Ambities, strategie, aanpak en financiën bepaald Kunnen opstellen en aanleveren vragenbomen vergunningcheck Snelle dienstverlening voor topactiviteiten ingericht Plan(ning) gemaakt voor een nieuw omgevingsplan Kennis vergaard over kerninstrument programma Omgevingsvisie in voorbereiding Monitoring en evaluatie ingericht Veranderopgave na 2021 bepaald
26
Bijlage 3: Roadmaps per pijler
27
Pijler
Toegang, Vergunningverlening en Toezicht
A cKlaar
Omschrijving
W i l l2021-4
Toegang
Informatie vormgeven informatie via KCC (o.a. VNG klantreizen) vormgeven informatie via website Wegwijzer vormgeven
P G 2021-3 P G P2021-3
tekst op website intakeformulieren digitaliseren beschrijven werkprocessen
G E2021-2 x2021-4 T h i o2021-4
uitrollen=oefenen Toegang, Vergunningverlening en Toezicht
Snelservice
Toepasbare regels
E xE2021-1 x2021-4
PvA Opstellen regels Vragenbomen
E xE2021-1
selecteren uit top 10 VNG verklaring vergunningvrij (formulier)
x tE2021-2
vragenbomen opstellen
x2021-3 E xE2021-3
besluitvorming aangepaste regels 3x uploaden DSO Toegang, Vergunningverlening en Toezicht
Samen met keten vergunningverlenen
Uitgangspunten samenwerking ondertekening SOK afstemming in regio GenV (OFGV)
a2021-2
Afstemming met ketenpartners 2x
B a B2021-2 a B2021-2
Waterschap Veiligheidsregio's GGD Digitaal ontsluiten via DSO
begeleiden van uitrol en oefenen
Toegang, Vergunningverlening en Toezicht
x2021-4 T h i o2021-3 B a2021-2 B a B2021-3
afstemming in regio Utrecht (RUD)
Toegang, Vergunningverlening en Toezicht
P G 12021-3 P G 2021-3
samenwerking ketenpartners inrichten Flankerend Beleid Vergunningen en specifiek Omgevingstafel Adviesrecht meedenken raadsbreed aan de O' tafel opstellen voorstel, raadsbehandeling 3x Delegatiebesluit
a2021-2 C a r E o x2021-4 T2021-4 K h a r i2021-2 H u2021-1 H u2021-2
meedenken raadsbreed
H u2021-1 H
opstellen voorstel, raadsbehandeling 3x
u2021-2
Inwonerparticipatie
opstellen voorstel, raadsbehandeling 3x
C o2021-1 C o 2021-2 H
Cie Ruimtelijke kwaliteit
u2021-2
meedenken raadsbreed
28
2020
2021
Pijler
Omschrijving
Klaar
Regelgeving Bodemplaat bestemmingsplannen meedenken raadsbreed opstellen voorstel, raadsbehandeling 3x
2021-3
Regelgeving Verordening Fysieke Leefomgeving meedenken raadsbreed opstellen voorstel, raadsbehandeling 3x
2021-3
Regelgeving Omgevingsplan
2029-4
Plan van Aanpak meedenken raadsbreed opstellen voorstel, raadsbehandeling 3x
2022-1 2022-1
Aanbesteding ( 3 Omgevingsplannen) opstellen Uitvraag beoordelingskader aanbesteding en Gunning uitvoering
2022-2 2022-2 2022-4 2023-1
Regelgeving Pilot Bruidsschat samen met RUD en sectie milieu + V&H uitvoeren (4 medewerkers0 terugkoppeling resultaten aan raden Regelgeving Pilot Uitbouw Bodemplaat
2020
2021-4
2021-4 2021-4
samen met van Kerkhoff bodemplaat uitbouwen meedenken raadsbreed
29
2021
2022
Pijler
Omschrijving
Klaar
Omgevingsvisie Inventarisatie Vastgestelde stukken NOVI,POVI,Regionale input beleidstukken
2020-4 2020-2
Wensen Inwoners toekomstvisie Eemnes strategische visie Blaricum scenario's en participatie Laren
2021
2021-1 2021-1 2021-1
Omgevingsvisie Opstellen 3x 2022-1 Contourendocument aanbesteden integratie wensen en beleid keuze thema's ambt. en best. uitwerking en verbeelding thema's uitwerking met raden rapportages, projectgroep Omgevingsvisie Aanbesteden instellen werkgroep short list bureaus presentatie v/d bureau's gunning Omgevingsvisie Terugleggen bij ketenpartners, participanten en mede-overheden inwonerparticipatie afstemmen met ketenpartners en overheden uitkomsten vaststellencolleges en raden
2022-2 3x 3x 3x 2022-4
3x 3x 3x
Omgevingsvisie Opstellen Omgevingsvisie opstellen visiedocument vaststellen document door colleges en raden
2023-4
Omgevingsvisie Verwerken naar on-line versie begeleiding digitaal toegankelijk maken beleidsstukken toevoegen leren over werkproces Omgevingsvisie uploaden
2024-2
30
2022
2023
2024
Pijler Omschrijving Anders Werken Leren Kennis verwerven over de Wet Cursus overgangsrecht, bruidsschat en actualiteit
Competenties Gesprekken rollen Omgevingstafel Procesdenken casemanagers Oefenen Werkprocessen
Klaar 2021-4
2021
2021-2
2021-4 2021-4
2021-4
DSO workshops Functioneel beheer Anders Werken Veranderde dienstverlening Extern opstellen folder, krant, social media, website Intern Begeleiden overdracht van taken naar KCC Anders Werken Info over Programma intern roadshow, intranet raadsbrede Anders Werken Sturing Stuurgroep 8x
2021-4
2021-4
2021-2 2021-3 2021-4
Begeleidingsgroep 8x
Anders Werken Voortgangsrapportage raden, colleges 4x
2021-4
directie en MT 4x
Anders Werken Monitoring Voorstel voor monitoring voortgang 2021-2023
2021-1
31
2022
2023
32
Bijlage 4: Toelichting op te nemen besluiten door de raden 1. Participatiegevallen aanwijzen Participatie is belangrijk in de Omgevingswet. Voor omgevingsvergunningen is de verantwoordelijkheid voor participatie bij de initiatiefnemer neergelegd. Via de Invoeringswet is het mogelijk gemaakt om bepaalde gevallen aan te wijzen waarin participatie verplicht is voor initiatiefnemers die een aanvraag indienen. Als een aanvrager niet aan deze participatie-eis voldoet, is de aanvraag niet compleet en kan het college besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen. Dit kan overigens alleen bij aanvragen die niet passen binnen het (tijdelijk) Omgevingsplan (de buitenplanse omgevingsplanactiviteit). Het aanwijzen van participatiegevallen is bij uitstek een thema voor de raadswerkgroep Omgevingswet om in 2020 nader uit te werken en tot een besluit te komen. 1. Adviesrechtgevallen aanwijzen Het vaststellen van het omgevingsplan is de bevoegdheid van de gemeenteraad. Besluiten over het al dan niet verlenen van een omgevingsvergunning is de bevoegdheid van het college. Het college heeft ook de bevoegdheid om bij het nemen van dergelijke besluiten af te wijken van de kaders van het omgevingsplan. Als in de huidige situatie een initiatief niet past binnen de kaders van een geldend bestemmingsplan worden meestal nieuwe (postzegel) bestemmingsplannen opgesteld.
De gemeenteraad besluit vervolgens of dit (postzegel)bestemmingsplan wordt vastgesteld. Conform de kaders van de Omgevingswet, waarmee de Tweede Kamer in 2015 heeft ingestemd, zou het college na 1 januari 2022 zonder tussenkomst van de gemeenteraad besluiten kunnen nemen om af te wijken van het omgevingsplan met een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Bij de parlementaire behandeling van de Invoeringswet Omgevingswet in 2019 was de Tweede Kamer echter van mening dat de rol van de gemeenteraad sterker in de Omgevingswet verankerd moet worden. Daarom is de Omgevingswet via de Invoeringswet gewijzigd en mag de gemeenteraad zelf vooraf situaties aanwijzen waarbij de raad een bindend advies uitbrengt aan het college bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Dit betekent dat het college na 1 januari 2022 dus niet in alle situaties zonder tussenkomst van de gemeenteraad kan besluiten om af te wijken van het omgevingsplan met een buitenplanse omgevingswetactiviteit.
2. Delegatiebesluit nemen De gemeenteraad kan de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan delegeren aan het college. Via een delegatiebesluit kan de raad bepalen binnen welke grenzen en onder welke voorwaarden het college delen van het omgevingsplan kan vaststellen. Deze bevoegdheid laat zich enigszins vergelijken met de huidige wijzigingsbevoegdheid in bestemmingsplannen. Via een delegatiebesluit kan de raad ervoor zorgen dat de uitvoering van het beleid ook bij het uitvoerende orgaan, het college, wordt neergelegd. Daarbij zijn bijvoorbeeld één of meerdere van de volgende varianten denkbaar: • het ertale a reeds o herroepelijke o ge i gs ergu i ge oor ee uite pla se omgevingsplanactiviteit: de Omgevingswet bepaalt dat deze binnen vijf jaar verwerkt moeten worden in het omgevingsplan. Het gaat hier in feite om een administratieve handeling, waar geen nieuwe beleidsafwegingen aan ten grondslag liggen, en/of; • het delegere a o t ikkelingsmogelijkheden aan het college, vergelijkbaar met de huidige wijzigingsbevoegdheid in bestemmingsplannen: behalve via een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit kunnen nieuwe ontwikkelingen ook mogelijk worden gemaakt via een wijziging van het
33
omgevingsplan. De gemeenteraad kan het college in het delegatiebesluit bepaalde kaders meegeven voor nieuwe ontwikkelingen, waarmee het college vervolgens het omgevingsplan kan wijzigen, en/of; • het ertale a dele a de o ge i gs isie in het omgevingsplan: de gemeenteraad geeft de kaders mee in de omgevingsvisie. Het college kan binnen deze kaders dit beleid verder uitwerken. Via een delegatiebesluit kan het college deze uitwerking vervolgens ook formaliseren in het omgevingsplan. 4. Aanpassen leges Door het in werking treden van de nieuwe Omgevingswet verandert er veel. Het principe van legesheffing verandert niet. Ook de wettelijke grondslag voor het heffen van leges verandert niet. Toch zijn er een aantal zaken die wel gaan veranderen:
Er zijn nieuwe activiteiten toegestaan om leges over te heffen (Mogelijk) minder vergunningplichten De k ip : het splitse a de ou te h is he e de rui telijke ergu Gemeentelijke kosten worden hoger of lager Gemeentelijke kosten verschuiven Meer integrale vergunningen (meerdere gezagen betrokken) Planactiviteiten worden minder complex (of juist complexer)
i g
Daarom zal, voor de inwerkingtreding van de wet aan elke raad een voorstel voor aanpassing van de leges worden aangeboden. 5. Commissie Ruimtelijke Kwaliteit De Omgevingswet biedt het bestuur meer ruimte om een eigen afweging van belangen te maken. Om die belangen, waaronder de kwaliteit van de bebouwing, goed te kunnen afwegen kan een onafhankelijk en deskundig advies behulpzaam zijn. De Omgevingswet vergroot de keuzes van gemeenten voor de inrichting van het adviesstelsel. Alle gemeenten met rijksmonumenten zijn verplicht om een adviescommissie in te stellen die minimaal over de rijksmonumenten adviseert, met uitzondering van archeologische monumenten. De wet voorziet niet in overgangsrecht, dus gemeenteraden wordt geadviseerd in elk geval voor het inwerkingtreden a de O ge i gs et zo o issie i te stelle . De ad ies o issie ko t oor op de i i u lijst et maatregelen van de VNG. De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit waar de gemeenten Blaricum, Eemnes en Laren mee werkt voldoet aan deze eisen. Voorgesteld wordt om de huidige Commissie opnieuw te benoemen de huidige werkwijze daarmee te voort te zetten.
34