CConstaterende datblaricum
Koppel je AI →
Document · PDF

Printversie transcript

Gemeenteraad 23 maart 2021, gemeente blaricumBij agendapunt: Opening; berichten van verhindering23.697 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE BLARICUM d.d. 23 maart 2021

1.

Opening; berichten van verhindering De voorzitter: Ja? Goed. NotuBiz loopt. Dames en heren, welkom. Ik open de vergadering en we gaan de presentielijst nalopen met elkaar. Ik begin met de heer Pel, die is in mijn beeld, dus als u ook nog even geluiden laat horen heel kort, dan … De heer Pel: Ja, voorzitter. Dat zal ik doen met alle plezier. De voorzitter: Hartelijk dank. De heer Pel: Goede avond iedereen. De voorzitter: Goede avond. Mijnheer Landman, u bent ook in mijn beeld. De heer Landman: Ook vanuit de Blaricummer Meent iedereen van harte welkom en goede avond. De voorzitter: Mooi, hartelijk dank. De heer Eldert is ook in mijn beeld, alleen nog geluid bij nodig. De heer Eldert: Ja nou, hier is het geluid dus en ik ben aanwezig volgens mij. De voorzitter: Hartelijk dank. Mevrouw Bakker, u moet even iets langer doorpraten. Mevrouw Bakker: Ja, ik ben wel aanwezig ondanks dat er gezegd werd dat ik er niet zou zijn. De voorzitter: Ja, dat wisten we al, maar u moet nog even doorpraten. In ieder geval in mijn beeld zie ik alleen nog maar een foto. Mevrouw Bakker: Oh, goede avond. Ik ben aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Ik vraag even aan de griffie of zij iets anders zien dan een foto van mevrouw Bakker. Kan je nog even doorpraten? Mevrouw Bakker: Ja. Goedenavond. Ik ben aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Oké.

Niet in mijn beeld, maar de griffie heeft geconstateerd dat er ook live beeld bij zit gelukkig. De heer Wiegel zit voor mij rechtsboven in beeld. Mag daar ook nog even iets van geluid bij produceren. De heer Wiegel: Ja, dank u wel. Goede avond. Ik ben ook gewoon aanwezig. De voorzitter: Mooi, hartelijk dank daarvoor. Dan mevrouw Dobber graag iets langer doorpraten. Mevrouw Dobber-Spruijt: Ja, hier ook aanwezig vanuit de Bijvanck. De voorzitter: Ja. Een soort songfestival wordt dit als we niet oppassen. Mijnheer Hoijtink.

De heer Hoijtink: Ik ben er. De voorzitter: En mag u nog iets langer doorpraten. De heer Hoijtink: Ik ben hier. De voorzitter: Ja, dank u. Mevrouw Kukupessy heb ik in beeld. Gauw wat zeggen. Mevrouw Kukupessy-Rokebrand: Ik neem aan dat ik aan de beurt bent. Mijn geluid was weg. De voorzitter: Ja, mevrouw Kukupessy. Daar bent u. Ik heb u genoteerd. De heer Kemperman heb ik in beeld. De heer Kemperman: Goede avond allemaal. De voorzitter: Goede avond. Mevrouw Francken heb ik in beeld. Mevrouw Francken: Goede avond burgemeester. De voorzitter: Goede avond, mevrouw Francken. Mevrouw Lanphen. Mevrouw Lanphen: Goede avond allemaal. De voorzitter: Doorpraten graag. Mevrouw Lanphen: Goede avond allemaal. Ik ben een beeld nu? Ja. De voorzitter: Mijnheer Bruintjes. De heer Bruintjes: Goede avond. Ik hoop dat ik zichtbaar ben en ook hoorbaar. De voorzitter: Top, hartelijk dank. Mevrouw Claushuis is ook in beeld. Dank u wel, mijnheer Bruintjes. Mevrouw Claushuis: Ja, goede avond allemaal. Ik ben er ook. De voorzitter: Dan mevrouw Van Dijk, die mag iets langer doorpraten. Mevrouw Van Dijk-de Jong: Goede avond allemaal. Ik ben aanwezig. De voorzitter: Ja, dank jullie wel. En dan mevrouw Beemsterboer. Mevrouw Beemsterboer: Ja, goede avond allemaal. Ziet u mij en hoort u mij? De voorzitter: Ik zie een mooie foto, maar ik zie u nog niet live en ik hoor u wel.

Mevrouw Beemsterboer: U hoort mij wel? Dan ga ik even doorpraten hier vanuit het prachtige Bijvanck. De voorzitter: Oh, andere hebben u in beeld. Het werkt alleen bij mij niet, dus bij deze geconstateerd. We zijn compleet, mooi.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Vaststellen van de agenda is aan de orde. Agendapunt twee. Het presidium is al eerder akkoord gegaan om het raadsvoorstel besparing en sociaal domein, voortgang lokale maatregelen en zienswijze regionale maatregelen te verplaatsen naar de raad van 20 april aanstaande. Dat onderwerp is sowieso al van deze agenda afgevoerd. En we hebben nog een vraag bij de wijziging gemeenschappelijke regeling veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek, agendapunt, ik kijk even, onder zes staat die. Kan die door naar de hamerstukken? Mevrouw …: Ja, zal ik dat even zeggen? Want wij waren geloof ik de enige die er nog even goed naar wilde kijken en we zijn intussen akkoord, dus het kan volgens mij nu een hamerstuk worden. De voorzitter: Prima. Geldt dat ook voor de andere raadsleden? De heer …: Ja voorzitter. De voorzitter: Dan wordt agendapunt zes doorgeleid naar de hamerstukken en dat wordt dan agendapunt 9a onder de hamerstukken. Dan kijk ik even door. Verder nog bij het vaststellen van de agenda? Even nog punten afvoeren voor zover die er nog zijn. De heer Pel: Voorzitter? De voorzitter: Ja, mijnheer Pel? De heer Pel: Ik heb mijn hand opgestoken. In iBabs in het overzicht van de behandelde stukken staat bij het initiatiefvoorstel dat Hart voor Blaricum medeondertekenaar is samen met D66 en dat VVD de indiener is.

Maar het moet zijn, zoals het op het originele voorstel ook staat, dat zowel VVD en Hart voor Blaricum de indieners zijn. Dus zijn bij mijn weten niet ondertekenaars van dit document. Staat er ook niet zo vermeld. Als dat wel zou mogen, dan kan ik u verklappen dat de complete coalitie graag ook als ondertekenaars zou willen zien, dus vandaar. De voorzitter: Ondertekenaar of indiener? Want beide mag. De heer Pel: Hart voor Blaricum en VVD zijn de indieners en de ondertekenaars zouden dan in ieder geval de voltallige coalitie zijn en ik denk dus ook D66 als partij. Maar het staat op het document zelf, staan die namen niet. Anders dan die van René Wiegel, VVD en van Willem Pel, Hart voor Blaricum. De voorzitter: Helder. Dank voor deze toevoeging. Zullen we straks ook nog even benoemen als de agendapunten ook aan de orde zijn. Mevrouw Francken, wilde u daar nog wat aan toevoegen? Mevrouw Francken: Nou, ik weet niet of dat nog veel zin heeft, want de heer Pel heeft er al van alles over gezegd. Maar ik had vanochtend doorgegeven dat wij mee wilden indienen, dus waar de verwarring is ontstaan weet ik ook niet, maar ik wil het toch graag even gezegd hebben. En of we nu mede indienen of mede ondertekenen, dat is dan misschien ook niet zo heel erg belangrijk, maar worden vanochtend pas fractieoverleg om dit met elkaar te bespreken. De voorzitter: Helder.

Raadsleden omarming, zullen we maar vast even zeggen, van het initiatiefvoorstel en dan komt straks wel aan bod hoe het zit met de indieners en de ondertekenaars. Dank u wel daarvoor. Verder

nog bij dit onderdeel van het vaststellen van de agenda? Als dat niet het geval is dan gaan we de moties vreemd aan de orde indienen. Ja, ja. Mevrouw Beemsterboer, ga uw gang. Mevrouw Beemsterboer: Als we nu tot het punt moties zijn aangekomen, dan wil ik bij deze alvast de motie indienen namens mijzelf, fractie Beemsterboer. Dat is de motie VADO project Happy Blaricum, steun voor stichting Het Vergeten Kind. De voorzitter: Dank u wel. Dat is motie vreemd aan de orde nummer twee. En de moties vreemd aan de orde worden geagendeerd om naar agendapunt 6b kan ik alvast melden. Dan de heer Pel neem ik aan voor het … De heer Pel: Ja, dank u wel voorzitter. De motie die wij willen indienen, motie VADO, betreft de buslijn 200 en daar hebben wij een ander plan voor. Dus dat is motie VADO, buslijn 200. Zo heeft hij geloof ik ook. De voorzitter: Ja, en die krijgt motie nummer één mee. En dan heb ik er op mijn lijst nog een staan, die mag mevrouw Lanphen geloof ik indienen. Mevrouw Lanphen? Of mevrouw Francken, maakt me niet uit. Mevrouw Lanphen: Voorzitter, hartelijk dank. De voorzitter: Ja. Mevrouw Lanphen: Dat is de motie die gaat over informatie bowlen op het Stichtse strand. De voorzitter: Dank u wel. Dat is dan motie vreemd aan de orde nummer drie. Alle drie de moties vreemd aan de orde worden straks onder agendapunt 6b behandeld. 3.

Mededelingen De voorzitter: Dan zijn we aangekomen bij agendapunt drie, dat betreft de mededelingen. Vanuit het college zijn die er niet. Zijn er vanuit de raad nog mededelingen? Ook niet.

3.a Benoeming en beëdiging wethouder De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 3a. Dat betreft de benoeming en de verdediging van wethouder die gelukkig nog net op tijd binnengeloodst is hier. Het presidium heeft drie leden benoemd voor de onderzoekscommissie ten behoeve van het onderzoek geloofsbrieven wethouder. En er is ook een stembureau benoemd. En voor beide, dat is maar even pragmatisch geweest in corona tijd, zijn mevrouw Claushuis, de heer Pel en de heer Wiegel in functie getreden. En ik begin met de uitslag van onderzoekscommissie geloofsbrieven en daarvan zal de heer Pel mondeling en ook schriftelijk voor de archief, voor de ‘…’ voor het archief gesloten. Mijnheer Pel, u heeft het woord. De heer Pel: Ja, dank u wel voorzitter. De commissie uit de raad van de gemeente Blaricum in wier handen werden gesteld de bij de gemeentewet gevormde stukken, ingezonden door mevrouw M. S. M. Klingenberg, Maria, geboren op 29 oktober 1954, rapporteert de raad van de gemeente Blaricum dat zij boven benoemde bescheiden heeft onderzocht en in orde bevonden. Gebleken is dat de benoemde aan alle in de gemeentewet gestelde eisen voldoet. De commissie adviseert tot haar benoeming als wethouder van de gemeente Blaricum. Blaricum, dinsdag 23 maart. Ondertekend door René Wiegel, Ellewies Claushuis en Willem Pel.

De voorzitter: Hartelijk dank daarvoor. Dat is mooi. Vervolgens hebben we anders dan anders, maar nood breekt wet, een andere stemprocedure toegepast. Dat betekent dat alle vijftien raadsleden schriftelijk in verzegelde enveloppen hun stem hebben uitgebracht en dat we dat op een hele vernuftige manier ook hebben geturfd, zodat we anoniem konden zien dat iedereen ook daadwerkelijk zijn of haar stem had uitgebracht. Dezelfde commissie als net vernoemd heeft de stembriefjes onderzocht en geteld en mevrouw Claushuis zal daar verslag over uitbrengen. Ga uw gang. Mevrouw Claushuis: Ja, dank u wel. Het stembureau benoemd uiteraard van de gemeente Blaricum en wier handen werd gesteld de stembriefjes zoals uitgebracht door de raadsleden die volgens de gemeentewet hun stem kunnen uitbrengen, rapporteert de raad van de gemeente Blaricum dat zij de stembriefjes heeft onderzocht en in orde bevonden. Aan de stemming hebben deelgenomen vijftien raadsleden en ik geloof dat ik mag noemen wat de uitslag is. De voorzitter: Ja, heel graag. Mevrouw Claushuis: De wethouder is unaniem voorgedragen om de functie uitoefenen, dus dat is een hele mooie uitslag. En het is gedaan in Blaricum op dinsdag 23 maart. Ondertekend door de heer Pel, de heer Wiegel en ondergetekende, dus mijzelf. Dus een goede uitslag. De voorzitter: Hartelijk dank, mevrouw Claushuis. Dank voor uw mooie werk. U alle drie.

Dat betekent dat we het raadsvoorstel benoeming wethouder in stemming kunnen brengen. Dat is enerzijds het raadsvoorstel benoeming waarvan ik ervan uit mag gaan dat dat bij acclamatie na deze stemming gewoon wordt aangenomen. Maar in dat raadsbesluit wordt ook benoemd de ontheffing van de woonplaatsvereiste voor de duur van één jaar. En ik weet dat mevrouw Kukupessy daar sinds ik uw voorzitter ben altijd een opmerking bij heeft geplaatst. Ik weet niet of ze dat in dit geval ook wil doen, maar mocht dat zo zijn, dan stel ik haar daartoe in de gelegenheid. Mevrouw Kukupessy. Mevrouw Kukupessy-Rokebrand: In dit geval niet. Niet dat ik daarvan af ga, maar dit was voor mij een noodmaatregel om op korte termijn een goede wethouder te leveren die van de hoed en de hand wist. De voorzitter: Dank u wel. Iemand anders nog bij het onderwerp ontheffing woonplaatsvereiste? Dat is niet aan de orde. Dan gaan we over tot de beëdiging van mevrouw Klingenberg. Dat betekent dat u even allemaal uw camera’s en uw geluid mag uitzetten en mevrouw Klingenberg haar camera en haar geluid nog aanzetten. En ik verzoek u ook, zoals u inmiddels weet, allen te blijven zitten. Met camera’s uit is dat op zich, ik wou zeggen, anders geeft het rare plaatjes. Mevrouw Kukupessy zet ook haar camera huis.

En ik ga mevrouw Klingenberg, we hadden het er vanochtend even over, op zich is het heel bijzonder niet alleen om thuis beëdigd te worden, maar dat ook nog zittend te doen. Er is wel een fotograaf bij kan ik voelen. Duidelijk in mijn beeld. Ik ga u de tekst voorlezen. Het is voor u niet nieuw, zullen we maar zeggen. En helemaal aan het eind zeg ik u voor: zo waarlijk helpen mij God almachtig. U weet ook precies wat u met vingers dan moet doen. Ik doe het toch nog altijd even voor. Daarna mag u allemaal uw geluid en uw camera weer aanzetten en even in afwijking van het reglement van orde applaudisseren. En mevrouw Klingenberg heeft ook al, vermeld ik maar even voordat we ten onder gaan aan applaus, bloemen van ons allen ontvangen thuis, dus die zijn er ook al. Dan ga ik nu de eed bij u afnemen. Ik zweer dat ik om tot wethouder benoemd te worden rechtstreeks nog middellijk onder welke naam of welk voorwendsel dan ook enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer dat ik om iets in dit ambt te doen of te laten rechtstreeks nog middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer dat ik getrouw zal zijn aan de grondwet, dat ik de wetten zal

nakomen en dat ik mijn plichten als wethouder naar eer en geweten zal vervullen. Zegt u mij zo na, zo waarlijk helpen mij God almachtig. Mevrouw Klingenberg: Zo waarlijk helpen mij God almachtig. De voorzitter: Dan mag ik u als eerste feliciteren. De raadsleden mogen dat doen door een applaus. Van harte welkom in ons midden. Mevrouw Klingenberg: Dank jullie wel, dank u wel. De voorzitter: U mag heel kort nog iets zeggen. Ja, als de andere even de microfoons weer uitzetten. Dan is het woord aan onze nieuwe wethouder. Wethouder Klingenberg: Het is inderdaad heel vreemd om in je eigen, in onze eigen huiskamer de eed af te leggen. In ieder geval is het zo dat ik heb erg zin in de functie van wethouder. Ik vind het heel mooi werk, zeker in Blaricum. Ik voel me ook heel welkom in het college. Dat voelt erg fijn. En ook in de raad dat ik het vertrouwen krijg van alle raadsleden, daar ben ik heel gelukkig mee en ik zal mijn best doen in Blaricum. De voorzitter: Mooi. Het is nog een jaar, maar we gaan er met elkaar een heel mooi jaar van maken. Het leuke is ook, het is bijna niet moeilijk om je welkom te voelen in dit college, want op een of andere manier hebben we allemaal ergens met elkaar samengewerkt in het verleden en dat is fijn en vertrouwd. Zeker als je op zo’n korte termijn nog moet inwerken en ook nog moet presteren, zullen we maar zeggen. 4.

Besparingen sociaal domein: voortgang lokale maatregelen en zienswijze regionale maatregelen

5.

Kaders Transitievisie Warmte De voorzitter: Dan gaan wij zonder schorsing, want ja, zo gaat dat nu, over tot de orde van de dag en dat betekent in dit geval dat wij doorgaan naar agendapunt vijf. Agendapunt vijf behelst de kaders Transitievisie Warmte en dat is een onderwerp wat voor vanavond nog door wethouder Kennis behandeld zal worden. Wie mag ik daar als eerste het woord over geven? Ik denk dat het goed is om dat te geven aan de heer Uijldert. Mijnheer Uijldert. De heer Uijldert: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Even een paar woorden, even in verband met ook de mensen die ernaar luisteren en er naar kijken. Dat gaat over de transitievisie warmte. In de volksmond de vraag van, hoe gaan we van dat gas af? Daarover is veel onrust. Wordt het waterstof, warmtepompen, warmte uit geothermie, biogas? Wordt er een heel net van meerdere woningen aangelegd? Hiervoor worden voor de wijken van Blaricum wijkuitvoeringsplannen opgesteld onder voorbehoud van de rijksmiddelen en toegang tot potentiële warmtebronnen. Eigen gebruikers zullen de hoogste weging krijgen en ze zullen pas uitgevoerd worden als er een breed draagvlak is. Dat staat allemaal in dit raadsvoorstel. Het moet voor iedere eindgebruiker haalbaar en betaalbaar zijn om van het aardgas af te stappen. Voor ons dit besluit moet binnen vijf jaar gestart worden met het opstellen van één wijkuitvoeringsplan.

Gezien de snelle ontwikkelingen willen we echter die vijf jaar niet in beton gieten. Als je te hard van stapel loopt, kunnen diverse innovaties, die zeker de komende jaren zullen plaatsvinden, aan ons voorbijgaan. Denk bijvoorbeeld aan Larendel en Amersfoort, dat met een kleine geothermische centrale via een buizennet Gooi en Eemland op aardwarmte kan laten draaien, dus wie weet wordt er nog wat. Dat is een van de mogelijke ontwikkelingen. Volgens de wet van de remmende voorsprong kan je bij een te snel en enthousiast begin later een achterstand oplopen, vandaar dat

Hart voor Blaricum samen met de VVD een amendement indienen. Als volgt, om in het tweede besluit ‘de gemeente Blaricum binnen vijf jaar start’ te vervangen door ‘de gemeente Blaricum streeft ernaar om binnen vijf jaar te starten’. Dus daar is iets meer flexibiliteit in aangebracht. Zoals gezegd, heerst er onder bewoners onrust over hoe het een en ander gaat gebeuren. Om deze onrust zoveel mogelijk weg te nemen, vinden we regelmatig geactualiseerde voorlichting aan de bewoners erg belangrijk. Vandaar dat we nog een punt aan het raadsbesluit willen toevoegen. Het volgende: dat op korte termijn zal worden begonnen met het op regelmatige basis voorlichter van haar inwoners over alle relevante, technische en economische ontwikkelingen en verwachtingen met betrekking tot warmtetransitie. Het amendement is door alle partijen, met uitzondering van D66, ondertekend. Dat wou ik zeggen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dat is dan amendement nummer één. D66 is de enige niet-ondertekenaar. Ik denk dat het goed is dat ik hun het woord geef. Mevrouw Francken? Mevrouw Lanphen: Ik wil graag het woord voeren, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Lanphen. Mevrouw Lanphen: Lanphen.

Kunt u mij horen? De voorzitter: Ik kan u horen, maar voordat u verder het woord, zou u uw partij-uiting achter u willen vermijden? Mevrouw Lanphen: Het is eigenlijk voor de duidelijkheid, want de inwoners weten eigenlijk niet wie van welke partij het. Het is geen campagnetijd meer. De voorzitter: Nee, maar dan nog is het niet de bedoeling. Mevrouw Lanphen: Nou, dan haal ik het weg. Ik zie je namelijk in veel andere gemeenten wel of iets achter de naam en dat zou voor de kijkers wel duidelijk zijn denk ik. De voorzitter: Dan zullen we dat in het presidium verder bespreken. Mevrouw Lanphen: Goed. De voorzitter: Ja, dank u wel. Mevrouw Lanphen: Dan, zoals het raadsvoorstel stelt is het voor belang voor de gemeentelijke organisatie en voor de inwoners en bedrijven en de organisaties in onze gemeente dat we ons voorbereiden op financiële … Iemand heeft nog de microfoon openstaan. Ja, de heer Hoijtink. Ja. Dat we ons voorbereiden op de financiële en organisatorische gevolgen van de warmtetransitie. D66 vindt de kadernotitie een zeer goed stuk waarin een duidelijke kernboodschap staat op pagina 25. Wij hopen dat iedere inwoner daarvan in de loop van dit jaar op de hoogte zal zijn, want wanneer een gemeente afwacht, wordt de opgave in de toekomst steeds groter. Ons college kiest daarom nadrukkelijk niet voor een uitstel tijdpad.

Het niet opstarten van een wijkuitvoeringsplan voor 2026 past bij de afwachtende regisseur en voor die afwachtende rol kiest ons college niet. Daar is D66 heel enthousiast over. En bovendien, deze notitie is slechts een stap in de voorbereiding van de definitieve transitievisie warmte die we eind 2021 gaan opstellen. Het is nog niet de notitie zelf, het is een kader waarin die definitieve transitievisie vorm krijgt. D66 lijkt binnen Blaricum de enige progressieve partij en stelt de beheersing van de klimaatcrisis als een van de hoogste prioriteiten naast de huidige coronacrisis en de

wooncrisis. Hoewel gemeenten zelf mogen bepalen wanneer en hoe wijken of buurten aardgasvrij worden gemaakt, kunnen we niet wegkijken van de actuele klimaatverandering, merendeels veroorzaakt door menselijk handelen, en de urgentie van de stappen die wij moeten zetten. Wij waarderen daarom de keuze van het college om niet af te wachten, maar binnen de komende vijf jaar te starten met de voorbereiding van een WUP. En daarom zijn we dus ook niet gelukkig met de aanpassing van punt twee in het raadsbesluit. Het is een verkeerd signaal naar onze inwoners en het draagt bij aan hun onzekerheid, zeker wanneer mensen bijvoorbeeld over moeten op een nieuwe CV ketel of een ander alternatief moeten kiezen, maar geen besluit kunnen nemen, omdat zij niet overzien in welk toekomstbeeld zij leven. Het opstellen onder voorbehoud van het aantal rijksmiddelen en toegang tot een potentiële warmtebron, zoals in het raadsbesluit wordt, is onzes inziens al voldoende reserve om niet tot onverantwoorde inzet van mensen en middelen te geraken. Er staat daarnaast ook nog dat de betaalbaarheid een van de hoogste prioriteiten is bij het maken van afwegingen voor de keuzes, dus er zijn allerhande garanties om te zorgen dat het pas gedaan wordt wanneer er bijvoorbeeld inderdaad een potentiële warmtebron bekend is.

We zijn verheugd dat het college stelt dat het zich blijft inzetten voor het aanvragen voor de diverse subsidies voor de warmtetransitie. Het lijkt ons dan ook wel erg moeilijk als ze daarnaast geen activiteiten plannen, dus wij zouden het raadsbesluit bij voorkeur laten zoals het nu is. We stemmen wel in met de toevoeging van punt zes die door de VVD is voorgesteld, dat het heel belangrijk is om de inwoners mee te nemen in de overwegingen en de mogelijkheden die er zijn. En daarover staat ook in deze kadernotitie het een en ander. De eerste opgave waar wij voor staan en deze week horen we het opnieuw, is dat het zelfs is opgehoogd tot 55% CO2-uitstoot verminderen voor 2030. Het gaat in deze transitievisie warmte en eerste instantie misschien naar het lijkt over de verwarming een van de woningen, maar het gaat vooral en bovenal over het verminderen van de CO2-uitstoot. En doordat de naam meer de transitievisie warmte, dus het woord warmte benadrukt, staan wij misschien op een verkeerd been. Maar het gaat erom dat wij die 55% CO2-uitstoot moeten realiseren en daar zijn wij nog lang niet. Dus we hebben eigenlijk in onze ogen geen aanleiding om te zeggen dat we gaan wachten tot er misschien en dat we streven naar, maar wij vinden het juist heel erg te waarderen dat ons college zegt: we gaan dit doen, voor 2026 maken we een start. Dus wij zijn blij met de kadernotitie.

We zijn blij met dit zesde punt in het amendement, maar we zijn niet blij met de afwachtende houding die lijkt te worden ingenomen door de aanpassing van het amendement op punt twee en stemmen daarom met het amendement niet in. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even, want verder is … Overige leden van de raad hebben allemaal amendement nummer één ondertekend. Is er nog iemand van u die daarover het woord wenst te voeren in eerste instantie? Nee, dat is niet het geval? Dan kijk ik even of wethouder Kennis de behoefte heeft om het woord te voeren. Wethouder Kennis: Heel kort, voorzitter. Ik denk dat alle partijen ervan overtuigd kunnen zijn dat dit amendement niet inhoudt dat ervan af nu niks meer gedaan wordt, want het streven is nog steeds om daar voor die datum met iets te gaan starten, alleen er zal zorgvuldig gekeken worden naar mogelijkheden die zich voordoen in de tussentijd. En punt zes van de notitie, daarvan kunt u overtuigd zijn dat wij dat doen, want daar staat al een heel programma communicatie voor in de planning en ook de inwonersparticipatie en het burgerpanel zullen worden ingezet met een enquêtelijst hiervoor. Dus u hoeft niet bang te zijn dat door het amendement het college stil gaat zitten. Dat is zeker niet de bedoeling. De voorzitter: Dank u wel. Dan zie ik inmiddels handjes van de heer Hoijtink en mevrouw Claushuis. Mijnheer Hoijtink.

De heer Hoijtink: Ja, misschien mag ik even reageren op wat mevrouw Lanphen zegt. Kijk, we hebben natuurlijk al een grote voorsprong op allerlei andere gemeentes. Nu weet ik wel dat het niet een soort wedstrijd tussen gemeentes is, maar 20%, ik heb er tijdens de RTG ook op gewezen, 20% van het aantal huizen in Blaricum is gewoon al gasvrij, want zo zijn ze namelijk omgezet in de Blaricummer Meent. Dus een enigszins, laat ik zeggen, afwachtende houding dat kan natuurlijk helemaal niet kwaad. En de heer Uijldert heeft ook kort aangegeven dat er op dit moment nog een grote berg onzekerheden is over technieken, energiedragers, rijksbijdragen. Wat gaan de kosten voor een inwoner worden, enzovoorts. Laat ik zeggen, een plan maken nu, maar dat staat nog niet ter discussie, dat heeft geen zin. Je kunt nu niet beginnen met een plan maken. Maar het is in ieder geval voor de VVD ook zeer de vraag of we een plan kunnen maken en beginnen met een plan te maken in 2025-2026. Dat is gewoon niet te voorspellen en daarom zeggen we, laten we nou geen beloftes doen die we mogelijk niet kunnen waarmaken en waar we op terug moeten komen. Laten we inderdaad zeggen, we gaan serieus, we streven serieus naar 2025-2026, maar beloven kunnen we niks.

Ja, en dat is eigenlijk te kwintessens van dit amendement, dus ja, ik vind het jammer dat D66 dat kennelijk anders ziet en ik zou het mooi hebben gevonden als we echter raad breed hier ja hadden tegen kunnen zeggen, want dat komt niet heel vaak voor. Zeker niet bij een belangrijk onderwerp. En ja, ik had het mooi gevonden als het raad breed zou zijn aangenomen. De voorzitter: Helder, dank u wel. Ik hoor een enorme echo. Die is nu weg, gelukkig. Mevrouw Lanphen. Mevrouw Lanphen: Ja, ik wil je graag op reageren, want het is zo dat het gaat om de CO2-uitstoot ten opzichte van 1990. Dan zou je kunnen denken van nou, we hebben toch zo’n mooie aardgasvrije wijk, maar die was er nog niet in 1990. Dus waar het op neerkomt is dat toevoeging is van de CO2-uitstoot. Weliswaar minder dan met een volledig aardgas gerichte wijk, maar het is meer CO2-uitstoot door in ieder geval de huizen die er allemaal staan. Dus het idee van wij doen al zoveel, dat gaat hier niet op, want het gaat om de reductie van de CO2-uitstoot en daarnaast ons voorbereiden op een toekomst, een verre toekomst, waarin er geen aardgas meer is. Maar die verre toekomst, die ligt nog ver van ons en in die voorbereiding gaat het om die CO2uitstoot. En dat vind ik het moeilijke aan dit onderwerp. Mensen denken over warmte en het mag niet koud worden in het huis, maar daar gaat het in essentie niet om.

Het gaat om de CO2-uitstoot en de opwarming van de aarde. En wat ik tegen veel mensen om mij heen zeg, er zijn allerlei oorzaken voor de opwarming op dit moment. Daar kunnen we iets aan doen, maar als we er niet tijdig iets aan doen zou ik niet weten hoe wij over tien, twintig, dertig jaar de aarde kunnen gaan afkoelen en zorgen dat het ijs weg gaat bevriezen en dat het water weer terugtrekt. Dus we kunnen ons niet permitteren om dit uit te stellen. En ik begrijp heel goed dat iedereen zegt ja, we streven ernaar en we zullen het toch doen, maar dat geeft wel de ruimte om het ook niets te doen. En we vinden het juist zo goed dat het college dat juist wel wil, dus wij zouden het zeer waarderen als we het raadsbesluit kunnen laten staan zoals het staat, want als het blijft dat het een streven blijft, daar gaan we gewoon niet mee instemmen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Lanphen. U heeft dit punt denk ik helder gemaakt. Mevrouw Claushuis. Mevrouw Claushuis: Ja, dank u wel voorzitter. Ik wil allereerst benadrukken dat CDA het ook zeer belangrijk vindt dat we hiermee bezig gaan. Daarom ook punt zes, het informeren van de bewoners en hoe ze op verschillende manieren daaraan zouden kunnen bijdragen.

En ik denk dat er inmiddels zoveel discussie is geweest in de media en zo’n voorlichting dat heel veel mensen wel ongeveer weten waar ze de klok hebben horen luiden, maar nog niet helemaal weten waar de klepel hangt en wat ze daar zelf aan kunnen doen. En er staat ook in het rapport en dat denk ik ook een belangrijk punt is, dat het concrete handelingsperspectief, dus de mensen meenemen in hoe je klein kunnen beginnen en toch een bijdrage kunnen leveren, dat dat heel

belangrijk is. Maar ik wil ook nog opmerken, mevrouw Lanphen, u noemde 55%, maar we hebben het over streven, maar volgens mij is dat nog steeds het streven en geen vastgesteld punt, hoor. Het zou leuk zijn, begrijp ik in uw visie, dat dat wel zo was, maar het staat nog steeds op 49%. Dat is nog steeds een hele grote opdracht. Maar ik denk dat we ook in de gaten moeten houden dat we het middel niet belangrijker maken dan het doel. Dus het doel is CO2 vermindering en niet gewoon iedereen van het aardgas af, want als je de kranten erop naleest dan is er vooralsnog, zijn er nog maar 209 huizen concreet van het aardgas af. En dat wekt bij de mens natuurlijk ook een hoop angst en koudwatervrees, om dit maar eens in dit verband te noemen, van hoe moeten we dit zelf gaan aanpakken? Dus ik denk dat het belangrijk is dat we de mensen meenemen, laten horen wat de mogelijkheden zijn en ook zelf ideeën aan laten kunnen brengen. Dus dat wilde ik er nog bij opmerken. De voorzitter: Nou, volgens mij wil mevrouw Lanphen ook op reageren en … Mevrouw Lanphen: Als dat mag, voorzitter. Heel graag. De voorzitter: Ja, maar houdt u het wel kort, want met meer herhalingen gaat het niet overtuigender worden, dus gaat uw gang. Mevrouw Lanphen: Nee. Die 55% is deze week in beeld gekomen, dat we om het te halen omhoog moesten.

En het is gewoon een vastgesteld doel waar wij, omdat onze overheid dit heeft onderschreven en wij een mede overheid zijn, ook aan toe moeten komen. Dat wordt nog een hele uitdaging. En ik ben mevrouw Claushuis eens dat er voldoende in die kadernotitie staat om die inwoners te informeren. Dat ben ik ook met mevrouw Kennis eens. En allerlei middelen die we daarvoor gaan gebruiken, dus daar vertrouw ik zeker op. Maar ik vond het wel een leuke toevoeging in het amendement, maar hij is inderdaad wordt dat onderwerp heel erg benadrukt in de kadernotitie. Maar ik stel met veel plezier de kadernotitie vast, maar als dat niet anders kan dan via dit geamendeerde voorstel dan spijt me dat als D66 dat ik dat moet doen. De voorzitter: Dank u wel, helder. Mevrouw Kukupessy en dan de heer Bruintjes. Mevrouw Kukupessy. Mevrouw Kukupessy-Rokebrand: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Ik zal de herhalingen achterwege laten. Wij staan ook achter de transitievisie warmte. Daarnaast vindt de Blaricumse Partij dat wij een grote verantwoording voor de toekomst hebben. Voor de inwoners wordt gekeken naar het kostenplaatje. Wij hopen ook dat te zijner tijd het Rijk met een subsidie over de brug komt. Wij gaan met het amendement mee, dat is nog een probleem geweest, maar we gaan er een mee, omdat het een streven binnen vijf jaar is en daar kunnen wij meeleven, omdat daar geen bloed mee vloeit.

En verder staan wij gewoon 100% achter de warmtevisie. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Bruintjes. Mijnheer Bruintjes? Mijnheer Bruintjes, u heeft een hand opgestoken, want u zou heel graag … De heer Bruintjes: Excuus. Ja, ik ben inmiddels ‘…’, want er gebeuren hier allerlei dingen die ik voor wil laten gaan, dus ik laat het even nog niet zo belangrijk voor bijval. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kukupessy, was uw handje … Had u nog een nabrander? Of ging die per ongeluk wil ik weer omhoog?

Mevrouw Kukupessy-Rokebrand: Ging per ongeluk. Ik dacht dat ik hem eraf haalde, maar ik haal hem er nu weer af. De voorzitter: Prima. Heeft iedereen die in tweede instantie nog wat wilde delen dat kunnen doen? Wethouder neem ik aan geen behoefte meer om in tweede instantie nog te reageren. Wethouder Kennis: Nee, behalve dat ik iedereen goed gehoord heb en dat de kadernotitie goed gelezen is. En dat iedereen heeft gezien dat was het college, waar het college naar streeft. Dus dat we dat ook zeker zullen uitvoeren. De voorzitter: Dat maakt volgens mij dat wij overgaan tot stemming en ik probeer even heel pragmatisch te kijken. Amendement één wordt als eerste in stemming gebracht. Als ik goed heb gehoord wat u zegt, zijn dertien leden van uw Raad voor amendement nummer één en de twee leden van D66 tegen. En dan kunnen we wel het hele rijtje af, maar als dit de correcte samenvatting is en ik geen handjes of anderszins zie dan concludeer ik dat amendement één is aangenomen met dertien stemmen voor en twee stemmen tegen. Breng ik het geamendeerde voorstel in stemming en dat ga ik wel hoofdelijk doen, want ik neem aan dat daar nog stemverklaringen bij zijn. Ik begin bij de heer Pel voor het geamendeerde voorstel onder agendapunt vijf. De heer Pel: Ja, dank u wel voorzitter. Ik stem voor het geamendeerde voorstel. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Landman.

De heer Landman: Ook ik stem voor het geamendeerde voorstel. Dus ja. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Uijldert. De heer Uijldert: Ook voor het geamendeerde voorstel, zoals u waarschijnlijk had verwacht. De voorzitter: Jazeker, maar ik ga u toch even allemaal af. Mevrouw Bakker. Mevrouw Bakker: Ik stem voor, voorzitter. De voorzitter: Dank u. Mijnheer Wiegel. De heer Wiegel: Ik stem eveneens voor, voorzitter. De voorzitter: U mag nog heel … Ja, ik heb u een beeld. Dank u wel. Mevrouw Dobber. Mevrouw Dobber-Spruijt: Ik stem voor het geamendeerde voorstel. De voorzitter: Ja. Mijnheer Hoijtink. De heer Hoijtink: Voor, voorzitter. De voorzitter: Bij u werkt het altijd … De heer Hoijtink: Stem … Oh, oké. De voorzitter: Zo’n duidelijke stem dat u eigenlijk altijd snel in beeld komt. Mevrouw Kukupessy.

Mevrouw Kukupessy-Rokebrand: Ik stem voor. De voorzitter: Mijnheer Kemperman. De heer Kemperman: Ik stem voor, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Francken. Mevrouw Francken: Ja voorzitter, ik stem niet voor het geamendeerde voorstel helaas. De voorzitter: Geen stemverklaring? Mevrouw Lanphen doet de stemverklaring? Mevrouw Lanphen: Ja graag, voorzitter. De voorzitter: Ja. Mevrouw Lanphen: D66 kan de kadernotitie zeer waarderen en ook de inzet van het college zeer waarderen, maar stemt niet voor het geamendeerde raadsvoorstel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Bruintjes. De heer Bruintjes: Ja voorzitter, ik stem voor. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bruintjes: U hoort mij? De voorzitter: Ja, en dan mag de microfoon onmiddellijk weer uit. Dank u wel. Want ik hoor nog meer. Mevrouw Claushuis. Mevrouw Claushuis: Ik stem ook voor het geamendeerde voorstel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Dijk. Mevrouw Van Dijk-de Jong: Ik stem voor het geamendeerde voorstel. De voorzitter: Dank u. En mevrouw Beemsterboer. Mevrouw Beemsterboer: Ook ik stem voor het geamendeerde voorstel. De voorzitter: Even doorpraten, tenzij een van de leden van het griffie u een beeld heeft. Ja? Dan … Ja, dank u wel. Dan is het voorstel ook aangenomen met dertien stemmen voor en twee stemmen tegen.

6.a Initiatiefvoorstel inzake de realisatie van een Corona Crisis herstel platform De voorzitter: Dat betekent dat wij doorgaan naar agendapunt 6a en dat betreft het initiatiefvoorstel inzake de realisatie van het Corona Crisis herstel platform. Mag ik mevrouw Dobber als eerste het woord daarover geven? En dan de heer Pel?

Mevrouw Dobber-Spruijt: Heel graag, voorzitter. Waar een klein dorp groot in kan zijn. Dat gevoel werd opgeroepen toen de VVD eind februari een motie aan het voorbereiden was voor de oprichting van een lokaal crisis herstel platform. Wij zagen dat inwoners van alle leeftijdscategorieën zwaar getroffen werden en in een sociaal isolement waren geraakt met vaak depressiviteit en erg tot gevolg. Ondernemers die nauwelijks nog een toekomst zagen en verenigingen die hun ledental zagen wegzakken. De problematiek is zo veelomvattend en complex dat de multidisciplinaire aanpak en een wellicht tijdelijk op maat gesneden aanpassing van bestaande regels en verordeningen bespreekbaar zouden moeten zijn. Voor een extra raadsvergadering om deze motie te bespreken kregen we onvoldoende handen op elkaar en de motie werd daarom aangehouden tot vandaag. In de tussentijd hebben wij niet stilgezeten en hebben wij gesprekken gevoerd met verschillende inwoners en belanghebbenden, zoals de Blaricumse ondernemersvereniging, buurthuizen en horeca ondernemers om hun mening te peilen over de oprichting van zo’n lokaal herstel platform. Draagvlak is namelijk essentieel voor een succes. En allen waren unaniem in hun oordeel. Dit geeft perspectief, goed voor de saamhorigheid in ons dorp en goed voor het algemeen vertrouwen.

En dat heeft ons ook gesterkt om ermee door te gaan, want zoals we allemaal weten heeft de gemeenteraad sinds maart 2020 weinig kunnen bijdragen, omdat het beheersen van de virusuitbraak een taak van het college was. Het bestuurbaar houden van ons dorp heeft afgelopen jaar een enorme inspanning gevergd van ons college en alle ambtenaren van de bel. En wij zijn hun daar ook zeer erkentelijk voor. Maar nu het vaccineren op gang komt en er massaal getest wordt, breekt er een nieuwe fase aan. De cijfers zien er weliswaar nog niet bemoedigend uit op dit moment, maar er is wel een tijd aangebroken om te denken aan een hersteloperatie. De roep op perspectief klinkt intussen hard door en de raad mocht er niet aan voorbij gaan. In de fase die nu aanbreekt, ziet de VVD mogelijkheden om de initiërende rol van de raad te gebruiken om oplossingen al dan niet tijdelijk te faciliteren en mee te denken over eventuele verruimingen van bestaande maatregelen en mogelijkheden. Out of the box denken, wellicht maatregelen tijdelijk verruimen en coördineren. Daarbij moeten we geen valse verwachtingen scheppen, want wij kunnen als raad niet alle problemen oplossen die er in het afgelopen jaar zijn ontstaan. Zo’n procesvraag bij uitstek om een collectieve inspanning van alle Blaricumse belanghebbenden, van ondernemers tot sportverenigingen, van buurthuizen tot de Oranjevereniging.

Maar ook van onze inwoners om mee te denken. Een beroep op saamhorigheid en gemeenschapszin is juist in onze dorpsgemeenschap op zijn plaats. Met elkaar werken aan mogelijkheden om maatregelen te kunnen versoepelen, kritisch te bekijken wat wel en niet meer hoeft zou moeten resulteren in een snellere terugkeer naar normale omstandigheden. Tot nu toe horen we alleen wat er allemaal niet mag en wij zien graag dat we met elkaar een stappenplan gaan maken, zodat we klaar zijn als er verruimingen van de bestaande maatregelen mogelijk zijn. En wellicht kunnen we aanvullend op de al in gang gezette activiteiten binnen de bestaande maatregelen extra zaken organiseren die mensen gewoon lucht geven. Het siert onze burgemeester dat zij het signaal dat is afgegeven met de aangekondigde motie direct heeft omgezet in een notitie, waaruit het initiatiefvoorstel is voorgekomen. Hierdoor kunnen we vandaag een besluit nemen in plaats van komende maand. Dit is niet de formele route, maar wel een pragmatische. En dat geeft ook meteen het juiste signaal af aan onze inwoners. Morgen aan de slag met de uitvoering van het voorliggende gezamenlijke besluit. Het opzetten van een coronacrisis herstelplatform in overleg met alle belanghebbenden en de gemeenteraad daarbij actief betrekken.

Tot slot voorzitter, op 24 maart 2020 heeft de gemeenteraad van Blaricum een brief gestuurd aan alle inwoners van ons dorp. Deze brief eindigde met de zin … De voorzitter: Oh, u valt weg mevrouw Dobber. Mevrouw Dobber-Spruijt: Wat zegt u? De voorzitter: U viel weg. Uw microfoon …

Mevrouw Dobber-Spruijt: Val ik weg? De voorzitter: Ja, u bent er weer. De brief. Mevrouw Dobber-Spruijt: Oh, oké. Tot slot, op 24 maart 2020 heeft de gemeenteraad van Blaricum een brief gestuurd aan alle inwoners van ons dorp en deze brief eindigde met de zin: hou elkaar vast ons dorp, maar op gepaste afstand. De VVD zou willen afsluiten met: de schouders eronder, maar voorlopig nog op gepaste afstand. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik vervolgens het woord aan de heer Pel als mede-indiener. Ga uw gang. De heer Pel: Ja, dank u wel voorzitter en collega raadsleden. Nou, Christien Dobber heeft al het nodige gezegd, maar laat ik dit er nog even aan toevoegen. Toen wij op het presidium van 1 maart jongstleden de eerste contouren van het initiatief om dat corona herstelplatform ‘denken in perspectief’ op tafel kwam, waar alle fractievoorzitters het er over eens, we moeten ermee aan de slag. De raad had al te lang noodgedwongen en begrijpelijk op de reservebank plaats moeten nemen. Maar hoe nu uitvoering te geven aan zoiets? Ook vanuit het college waren er al gedachten over en eerste aanzetten voor.

Nu ligt er een voorstel met als inzet, hoe bereiden we ons voor om het sociale, culturele en maatschappelijke leven in Blaricum weer uit de corona slaap te wekken? Want wie is het niet beu? Maar besmettingscijfers zijn nog niet geruststellend en dan toch met zo’n anticyclisch voorstel komen. Je moet het maar durven. Het initiatiefvoorstel is compact en allerminst reiken we geïllustreerd met cijfers of tabellen, maar wel vastbesloten in de doelstelling om in gezamenlijkheid met stakeholders alvast stappen te maken om de samenleving van Blaricum te ontdooien. Uiteraard doen we dat binnen de kaders van de nationale en regionale coronamaatregelen. We zien in de landen vergelijkbare ontwikkelingen voor herstel bij gemeenten, zoals Zandvoort, Zevenaar, Den Haag en allemaal met serieuze investeringen. Daarbij is het voor ons natuurlijk als Blaricum wel goed vast te stellen om welk soort van herstel het dan gaat. Dat moeten we met elkaar vaststellen. En welke maatvoering daarbij wordt gehanteerd. Of dat voor Blaricum in al die geledingen opgaat, dat valt nog te bezien, maar dat gaan we ook zien. Het ligt zeker niet in de bedoeling dat de raad nu even het stuur van het college gaat overnemen, die dat overigens tot op heden zeer vakkundig heeft gedaan.

Maar desalniettemin zal de raad aan het stuur staan waar het gaat om budgettaire besluiten en actief deel te nemen aan de planvorming en de stappen. Met het toenemend aantal vaccinaties breekt er eindelijk een fase aan van perspectief. We gaan aan de slag om dat perspectief concreet invulling te geven. Binnen de partijen, en zeker binnen de coalitiepartijen, werd dan ook nadrukkelijk de wens uitgesproken om zich als mede-indiener van dit initiatiefvoorstel te beschouwen. Mijn ondertekening als mede-indiener van het initiatiefvoorstel moet dan ook als zodanig gezien worden. Hoe meer vaccins uit de diepvries, des te sneller ontdooid onze samenleving. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan denk ik dat ik nu even overstap naar … Niet naar de VVD, sorry, maar naar D66, want de heer Pel gaf wel aan dat alle coalitieleden zich ook nu als medeondertekenaar opstellen. Ik geef hun zo ook nog de gelegenheid, maar ik geef in ieder geval even D66 de gelegenheid om ook hun standpunt toe te lichten. Mevrouw Francken? Mevrouw Francken: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, er is natuurlijk al een boel gezegd en herhalen is vervelend dus dat zal ik proberen niet te doen.

Ik ben heel blij dat we van de VADO die er lag overgegaan zijn naar dit initiatiefvoorstel en ik dank de burgemeester zeer voor de suggestie en dit aanleveren ook van voorstellen en inhoud om die te maken en we hebben dat met plezier gelezen. En we hebben wel erg nog wat vragen over in opzet, omdat we zeggen, nou ja, er zijn natuurlijk al een heleboel maatregelen genomen en vanuit hoe we tot nu toe gelopen is, is dat natuurlijk helemaal aan het college geweest hoe dat allemaal uitgevoerd wordt en

hoe het beleid steeds per week ook aan ons werd gerapporteerd was ook duidelijk dat er nog geen moment was om een dergelijk initiatief te nemen en ik denk dat het nu wel de goede timing is om het te doen. Dus daar zijn we heel blij mee, maar we willen wel graag aangesloten blijven op wat er al is, hoe dat werkt en wat er dan nog beter kan in samenspraak met inwoners van ons dorp. En we verheugen ons erop om daar mee in gesprek te gaan over, en het college ook vooral daarmee in gesprek gaat over wat er aan schort, wat er nog moet gebeuren en hoe we dat gezamenlijk kunnen oplossen met inwoners en maatschappelijke organisaties en ondernemers en alle mogelijke inwoners van Blaricum om te kijken of we met elkaar goede sier kunnen maken om er allemaal zo goed mogelijk weer uit te komen. Los van dat we liefst allemaal niet ziek worden, maar vooral ook dat we ons leven weer goed kunnen oppakken en ons weer senang gaan voelen, zoals we dat noemen. Dat is wat ik er nog over wilde zeggen. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik nog even rond of er nog andere uit uw raad zijn die ook nog een inbreng willen leveren. Dat zie ik niet direct. Ik zal mezelf permitteren dat nog heel kort te doen, want ik denk dat de heer Pel in die zin heel mooi aangaf dat is wel een anticyclisch voorstel is. Dat is echt wel een mooie.

Zeker op dit moment, waarbij we helaas heel erg geconfronteerd worden met de volgende golf. We weten soms niet eens welk nummer we hem moeten geven. Het is op dit moment de derde golf, maar we hebben feitelijk al meer pieken gehad. En het feit dat weliswaar de vaccinatiesnelheid wordt opgevoerd, maar dat dat tempo denk ik in de ogen van velen nog wat hoger zou mogen liggen. Daar zijn allerlei oorzaken voor. Die gaan we hier natuurlijk niet met elkaar doornemen, maar dat maakt wel de belangen dan we gehoopt en gedacht hadden nog in de situatie blijven zitten waarin we nu terecht zijn gekomen. Maar dat anticyclische voorstel, daar zit denk ik ook het belang in van het initiatiefvoorstel wat nu voorligt. Maakt ook dat we het moment waarin we nu inzetten, de waan van de dag noem ik het ook wel eens, maar het is wel een serieuze waan, met elkaar kunnen gaan ontstijgen hopelijk en ook weer gaan kijken naar de fase die daarna komt, omdat het vreselijke woord ‘perspectief’, wat we bijna niet meer mogen noemen, omdat dat te pas en te onpas uit de kast gehaald wordt, maar het is wel waar we met elkaar enorme behoefte aan hebben om weer ook naar het perspectief te kijken. En we kunnen verdwijnen in de situatie waarin we nu zitten.

We kunnen ook zeggen, laten we gewoon met een groep mensen die daar goede ideeën over heeft om tafel gaan en kijken hoe we dat toekomstbeeld ook bij elkaar weer kunnen gaan schaatsen en dan ontstaat hopelijk vanzelf ook weer die positieve flow die we ook zo heel hard nodig hebben met elkaar. Er wordt ook gevraagd, in het voorstel zitten een paar duidelijke beslispunten in om een stappenplan ook op te zetten, communicatieplan op te zetten, ook te kijken naar welke vormen van participatie we zullen gaan hanteren. De raad wil daar ook nauw bij betrokken zijn. We hebben aanstaande maandag presidium en fractievoorzittersoverleg en ik stel u voor dat we dan ook inhoudelijk op deze punten met elkaar alvast een start gaan maken ten aanzien van hoe kunnen we daar vorm en inhoud aan gaan geven, zodat het tempo, hangt of staat niet met een week of twee weken, maar dat we wel tempo er in ieder geval met elkaar erin gaan houden. Dat was hem wat mij betreft. Ik weet niet of er nog behoefte is aan een tweede instantie. Ik zie dat iedereen schudt. Dat betekent dat ik het … Nee schudt, moet ik daarbij zeggen als u het beeld niet goed bij u heeft. Dat betekent dat ik het initiatiefvoorstel in stemming gaat brengen en ik mag ervan uitgaan dat het raad breed ondersteund wordt en dat u gezien het feit dat u de tweede instantie ook niet heeft gebruikt, er ook geen stemverklaringen zullen zijn.

Heb ik dat correct begrepen? Volgens mij heb ik dat correct begrepen. Dan is het initiatiefvoorstel inzake de realisatie van een coronacrisis herstelplatform hiermee raadsbreed aangenomen.

6.b Moties VADO De voorzitter: Gaan we door naar agendapunt 6b. Dat zijn de moties vreemd aan de orde. Ik geef bij motie vreemd aan de orde nummer één, roept de buslijn 200 A27 Huizen, de heer Pel als eerste het woord. Gaat uw gang. De heer Pel: Ja, dank u wel voorzitter. Zoals al eerder aangekondigd in een eerder RTG dienen we een motie in om de nieuwe spitslijn bus 200 tussen Huizen en Utrecht Uithof via de randweg Merklaan te laten verlopen, zoals het ook aanvankelijk bedoeld was door de concessiehouder Transdev. Ja, de nieuwe spitslijn, die zou gezien kunnen worden als de vervanger van de in 2016 opgedoekte lijn 150. Deze laatste hebben wij ook in ons coalitieakkoord terug gewenst. Je zou dus denken dat Hart voor Blaricum tevreden is met de terugkeer van de spitslijn naar Utrecht Uithof. Nou, het antwoord daarop is ja. Maar niet in deze voor iedereen verrassende route met dit effect. De lijn 200 is niet de oude lijn 150. De lijn 150 was de spitsbus die vanaf Almere hanteerde op de carpoolplaats en aldaar de opstappers oppikte om vervolgens via de snelweg snel via de A27 bestemming Uithof aan te doen. Bijzonder populair vanwege de gratis wifi en bij file kon de bus passeren over de vluchtstrook. De nieuwe lijn 200 is ook een spuitbus tussen Huizen centrum in dit geval en Utrecht Uithof.

De concessiehouder Transdev, voorheen overigens nog steeds Connexxion, beschreef op 15 juni 2020, dus bijna een jaar geleden in het implementatieplan Gooi en Vechtstreek de route voor de bus 200. Vanaf Huizen via Merkrandweg en de A27 met nog een stop op Eemnes Laren aan de A27 en dan vervolgens richting Uithof en vice versa. Dat is ook niet verbazingwekkend, die route, want die route Merkrandweg laat nu ook de kortste route zijn. Hij is 700 meter korter dan de Meentwegroute. Recentelijk kregen we bericht via de klankbordgroep dat deze route gewijzigd was op verzoek van Blaricum. De 200 hanteert een die gewijzigde opstelling bij de Stichtseweg, dus aan die nieuwe halte, rijdt dan via de stroomzijde gezellig met de vele HOV320 bussen mee naar Huizen en vice versa. Oei, dat wist de klankbordgroep niet en evenmin de raad van Blaricum. De raad informatiebrief van die strekking had ons nooit bereikt. Laat ik vooropstellen dat Hart voor Blaricum nooit een voorstander is geweest van het Meent tracé, maar nu het er zo uitziet dat de belasting van de stroom zei de met de vele HOV-bussen daar bovenop nog eens een extra lijn 200 te verwerken krijgt al helemaal niet. Wij hebben met de vaststelling van het Meent tracé als raad een aantal knooppunten benoemd, knelpunten benoemd en een van de belangrijkste daarvan is de veiligheid van de oversteken aan de stroomzijde.

Dat is nog niet opgelost en dat wordt met een toevoeging van nog meer bussen van lijn 200 er niet eenvoudiger op. De afweging of op Blaricums grondgebied de spitslijn 200 moet halteren versus de veiligheid is voor ons eenvoudig te maken. Wij ontzeggen de Blaricumse reizigers die vijf jaar lang die lijn 150 hebben gemist niet het gemak van een openbare voorziening, openbaar vervoer voorziening. Er zijn immers voldoende opstappunten en aansluitingen nabij. Denk even aan de Oostermeent en aan het Mer. Onze afweging is simpel en luidt: geen extra buslijnen over de stroomzijde en kies de kortste route. Dat is de reden waarom we deze motie ingediend hebben en dank u wel zover. De voorzitter: Even voor mijn helderheid, mijnheer Pel. Ik zie als mede-indieners, ondertekenaars, fractie Beemsterboer, DAB en fractie Van Dijk. Klopt dat, of zijn er nog andere mede-indieners? De heer …: Ja, worden eerst nog een andere mede-indiener uit de coalitie, maar die heeft zich afgemeld. De voorzitter: Prima. De heer …: Die laat waarschijnlijk bij de stemming wel op zich afwachten. De voorzitter: Prima. Dan geef ik het woord aan mevrouw Claushuis.

Mevrouw Claushuis: Ja, dank u wel voorzitter. Vooropgesteld dat ik de inspraak die geweest is op de RTG door de heer Van den Akker, dat zijn hartenkreet ook bij ons is aangekomen dat veiligheid een ontzettend belangrijk punt is en dat we daarvoor moeten staan dat dat goed geregeld wordt. Dat gezegd hebbende vind ik toch dat, zoals de heer Pel stelt, dat veiligheid ten opzichte van halteren op Blaricums grondgebied, dat dat tegenover elkaar staat. Daar ben ik het niet mee eens. Wij hebben in Blaricum geen station, dus wij hebben er ooit voor gekozen en of je er nu wel of niet voor bent, dat er een HOV-lijn, of dat is tenminste, dat is beslist dat die over ons grondgebied gaat lopen. Daar wordt in de toekomst aan de Stichtseweg wordt daar, het zijn de werkzaamheden die gaan plaatsvinden. Daar komt een station, daar komen parkeerplaatsen en daar zal de bus gaan stoppen. En met name ook het aantal parkeerplaatsen wat daar is en wat straks niet zo is op Huizens grondgebied, daar kan je bij de Regentesse toch veel minder makkelijk parkeren voor de mensen die daar gebruik van zullen maken. Maar ook nog even noemen dat we eigenlijk er niet onderuit komen dat er ook voor Blaricum, zeker met de uitbreiding van de Blaricummer Meent, toch voor zorgen dat de mogelijkheid om met openbaar vervoer te reizen belangrijk is.

Ik merk ook op dat het aantal passeer je wat door de 320 gaat plaatsvinden, dat dat erg hoog is. Ben ik het absoluut mee eens dat dat voor de bewoners een belasting zal geven. De vraag is, als je die 320 kijkt, als die langs komt rijden, zit er voor de helft van de tijd maar twee of drie mensen in, dus ik denk niet dat het stand houdt dat het zoveel keer per uur in de spits gaat plaatsvinden, want die bussen komen nooit vol. Maar goed, dat is een voor veronderstelling. Is het toch belangrijk om te zorgen dat Blaricum op openbaar vervoergebied het maximale kan bieden, dan is het zo dat je vanuit de Blaricummer Meent, ben je veel langer onderweg naar de Regentesse waar dan de volgende halte zou zijn in plaats van dat je naar de Stichtseweg gaat, dus dat is een behoorlijk verschil. Er zijn natuurlijk straks meer jonge gezinnen waarvan de kinderen ook gaan studeren in Utrecht. Die zullen misschien ook niet allemaal meer op kamers kunnen gaan wonen. Is het toch een hele goede toevoeging? En ja, het is ook nog zo dat stopt het niet op Blaricums grondgebied, en dat hebben we natuurlijk ook in ons coalitieprogramma staan, dat die 150, dat we die terug willen halen wat nu de 200 is geworden, dan vind ik het ook niet heel terecht dat je zegt van, dan laten we hem maar wel over Huizen rijden en niet laten stoppen in Blaricum. Dan hebben we er straks ook niks meer over te zeggen.

Dus in dat opzicht, ik ben het ermee eens dat het voor de bewoners en voor de kinderen die naar school gaan straks een grote opgave is om dat veilig te maken, maar ik sta er ook zo in dat ik wel vind dat die lijn gewoon toch over de straks te aan te leggen carpoolplaats moet gaan rijden, omdat daar ook de voorzieningen voor zijn. Ik hoop dat het een beetje duidelijk is, maar daarom zal ik ook niet die VADO mee ondertekenen. De voorzitter: Ik zie een handje van de heer Pel en ik vraag alleen even of dat ter interruptie bedoeld is, want anders ga ik even … De heer Pel: Nee, als reactie, maar ik wil wel even wachten tot de andere insprekers ook, of andere … De voorzitter: Ja, laten we dat dan even. Mevrouw Dobber. Mevrouw Dobber-Spruijt: Ja, dank u wel voorzitter. We hebben de heer Van den Akker natuurlijk gesproken tijdens de afgelopen RTG en de VVD begrijpt heel goed zijn zorgen en die hebben wij ook. Ik denk dat alle raadsleden dat hier hebben. En dat heeft natuurlijk met name te maken met de oversteek op de stroom zijn, maar ook met de drukte die daar gaat komen, want dat is nogal wat. We weten natuurlijk dat daar geluid ‘…’ komt. We weten dat daar van alles gedaan wordt om daar de veiligheid te garanderen, maar dan toch.

Tegelijkertijd hebben wij er wel om gevraagd als Blaricum, en ik weet dat de vorige wethouder Van Boersen daar heel druk mee bezig is geweest, om die lijn 150 destijds terug te halen naar Blaricum, omdat daar heel veel gebruik van werd gemaakt. Uiteindelijk bleek het een verliesgevende lijn, maar niet vanwege het feit dat

die bussen leeg rondgereden, want die werden gebruikt door zowel forenzen als ook zoveel studenten en ook uit Blaricum. Dan moeten we ons even goed voorstellen welke afwegingen wij moeten maken als raad. Uiteraard moeten wij rekening houden met de belangen van de mensen die aan de stroomzijde wonen en dat weegt voor ons heel zwaar, laat dat duidelijk zijn. En wij zijn ook niet tegen die motie, maar we willen wel een duidelijk afwegingskanalen maken, want tegelijkertijd weten we ook dat er veel mensen uit Blaricum gebruik willen maken van deze lijn en die zijn dan aangewezen niet op de Regentesse, maar op de halte bij de Gemeenlandslaan, want zo staat hij namelijk ingetekend op het kaartje. Dat betekent dus dat mensen uit Blaricummer Meent, mensen uit het oude dorp, mensen uit de Bijvanck, want we praten hier over het Blaricumse belang. Die zijn aangewezen op een bushalte van de Gemeenlandslaan als zij naar Utrecht willen en weer terug willen. En dat zijn forenzen, studenten. Je kunt je voorstellen als forens dat je met de auto komen als het sloop van de regen dat je niet van plan bent om uit het oude dorp met de fiets naar de Gemeenlandslaan te reizen. Dat betekent dus dat een vermindering van mogelijkheden voor het openbaar vervoer. Die afweging moeten wij kunnen maken en die kunnen we nu niet maken, want we hebben daar helemaal geen informatie over.

Wat zijn de verwachte hoeveelheden mensen die gaan instappen? We weten uit het HOV proces dat dat allemaal bekend is en dat we daar rekening mee moeten houden. Het algemeen belang wat wij als raadslid mee moeten pakken met zo’n beslissing dat kunnen wij op dit moment niet. Wij kunnen moeilijk zeggen vanuit de RTG: oh, het is vreselijk voor de mensen langs de stroomzijde. Dat is het ook, maar er zijn ook nog andere belangen. En ik zou de heer Pel heel graag willen vragen of hij die motie eventueel even aan wil houden, zodat we het college kunnen vragen om een voorstel te maken. Een voorstel waarbij we werkelijk een keuze hebben. En om zo’n belangrijk besluit te nemen op basis van een motie maar eigenlijk niets in staat wat betreft afweging. Als ik tijdens de RTG hoor, volgens mij is het haalbaar om de 200 het Merk te laten rijden, dan moet ik u zeggen, ja, ik ben geen verkeersdeskundige, ook geen bus deskundige en ik zou heel graag dit soort beslissingen willen maken aan de hand van gegevens, van inhoud. En dan kan ik pas zeggen, ja, dit is de goede beslissing. Dus wat dat betreft, die motie prima, maar wij kunnen op dit moment en op deze manier niet ondersteunen. Daarbij horen we in mei meer over die verkeersovergang op de stroomzijde en de wijze waarop dat is ingevuld.

We hebben van het college intussen gehoord dat alleen maar als dat in veilige manier is gaan akkoord met die HOV. De VVD wil toch ook heel graag zien hoe dat ingevuld gaat worden en met die kennis, dan kunnen wij pas een beslissing nemen hierover. En dit is een belangrijke beslissing voor alle Blaricummers die ook de gelegenheid moeten hebben om gebruik te maken van deze belangrijke lijn. Dus het verzoek aan de heer Pel of hij daarmee eventueel akkoord kan gaan. Dank u wel. De voorzitter: Ik wou toch voorstellen om dit rondje even af te maken, zodat iedereen die inmiddels zijn handje heeft opgestoken, dat is van iedere fractie één, in ieder geval nog zijn of haar zegje kan doen. Mevrouw Francken. Mevrouw Francken: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik wil er graag iets over zeggen, want ik heb vandaag ook met de heer Pel er over gebeld. En het is natuurlijk fantastisch dat het nu toch lijkt te gaan lukken dat er een directe bus komt van Huizen naar Utrecht en terug in de spits. Het is voor een heleboel mensen denk ik van groot plezier om binnen een half uur in Utrecht te zijn en weer terug, want dat is wat het is als die bus gaat rijden.

Wij vinden het heel belangrijk om daar even gelijk de knuppel in het hondenhok te gooien dat die bus niet alleen voor alle Blaricummers is, maar ook voor onze buren in Huizen, want wij zijn een groot voorstander van dat zoveel mogelijk mensen van het OV gebruik kunnen maken. En niet alleen vanwege dat ze daar lekker kunnen internetten in de bus, want ik heb begrepen dat dat heel vaak niet ging, want die bus was overvol, maar ook omdat het gewoon veel beter is voor het milieu. Wij wachten graag nog even of de uitslag inderdaad van die oversteek bij de stroom zei de nadat we daar van de inwoners namens de heer Van den Akker hebben gehoord wat hun zorgen zijn. En die nemen we zeker heel serieus, ondanks dat die voorzieningen goed

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10036284/2